gereformeerd leven in nederland

22 september 2011

Bekering of missionaire bombarie?

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , ,

Kerksluiting is een drama, schreeuwde het Nederlands Dagblad ons op dinsdag 20 september toe.
Er is onlangs een handboek over het sluiten van kerken gepresenteerd. Het heet: “Meer dan hout en steen. Handboek voor sluiting en herbestemming van kerkgebouwen”. In het boek worden achtergronden van kerksluiting beschreven. Er is een stappenplan voor de besluitvorming. En natuurlijk komt ook de communicatie met de gemeente aan bod.

Eén van de auteurs van het handboek is professor dr. H.P. de Roest. Hij doceert praktische theologie aan de Protestantse Theologische Universiteit; zijn standplaats is Leiden. De hoogleraar wil zich niet bij die kerksluiting neerleggen. “In deze tijd van neergang is er voor gemeenten alle reden na te denken over wat het betekent getuige van Jezus te zijn. Kerken hebben de roeping wegen te vinden om het getuigenis te vernieuwen.
Daarom verbind ik het thema van kerksluiting ook uitdrukkelijk met de missionaire opdracht van de kerk. Je moet niet wachten tot het moment dat de laatste het licht uitdoet.
Al in een vroeg stadium, als de financiële middelen teruglopen en het potentieel aan leidinggevenden minder wordt, moet je als kerk nadenken over je toekomst. De opheffing van een kerk biedt missionaire kansen” [1].

Wij moeten, zo stelt hoogleraar De Roest, het getuigenis vernieuwen.
Van dat soort woordgebruik word ik meestentijds een beetje huiverig. Vernieuwen: dat betekent heden ten dage nogal eens dat de blijde Boodschap een beetje wordt ingekort. Je moet de mensen áánspreken, zegt men dan; daarom moet je het niet te moeilijk voor hen maken.

Het getuigenis moet vernieuwd worden.
Sterker nog: de kérk moet vernieuwd worden.
Die boodschap is niet zo nieuw als zij lijkt. In Ezechiël 18 lees ik: “Werpt alle overtredingen die gij begaan hebt, van u weg, en vernieuwt uw hart en uw geest. Waarom toch zoudt gij sterven, huis Israëls?”[2].

Ik wil maar zeggen: vernieuwing heeft te maken met bekering van de gelovigen.
Het gaat er niet in de eerste plaats om dat wij een modern idioom uitvinden dat bij de beleving van mensen aansluit. Alles begint bij het feit dat wij ons hart, om zo te zeggen, terugdraaien naar God.
De Here zegt in Ezechiël 18: jullie betichten Mij ervan dat ik onrechtvaardig ben; maar kijk vooral eens naar uzelf… Oppervlakkig luisterend klinkt dat als het oudste kinderspelletje ter wereld: ‘hij heeft het gedaan en ik weet nergens van’. Maar dat niet Gods bedoeling. Ieder mens is, zo wil de Here aan Israël leren, persóónlijk verantwoordelijk voor zijn daden. En het probleem is nu juist dat de volmaakte hemelse God alles weet van al die Israëlitische zonden. Voor Hem geldt geenszins: Ik weet nergens van. De Here kan nauwkeurig bepalen waar het in Israël fout gaat. Al dat onrecht, al die zelfverwerkelijking…, dat past niet bij Hem. Dat hóórt niet bij Hem.
Oftewel: bij de heilige God past enkel een Godgewijd volk[3].
Conclusie: alleen een heilig volk kan echt missionair zijn.

Bij de vermanende woorden uit Ezechiël 18 blijft het overigens niet.
In Ezechiël 36 blijkt dat de Here Zich niet terugtrekt. Hijzelf zal de reiniging voltrekken. Hij neemt Zelf het initiatief tot verwijdering van de afgoden uit het land. De Here zorgt dat het Pinksteren wordt: Gods Geest gaat in de harten van Zijn kinderen wonen[4].  In Ezechiël 36 zit de actie bij de Here.
Nee, Gods activiteit en onze gelovige bezigheid sluiten elkaar niet uit. Onze voorvaderen hebben in Dordrecht daarover onder meer beleden: “Waar eerst de hardnekkige tegenstand van het vlees de mens helemaal beheerste, begint nu door de Geest een gewillige en oprechte gehoorzaamheid de overhand te krijgen. Daarin bestaat de geestelijke vernieuwing en de ware vrijheid van onze wil”. En: “…hoe meer wij ons inzetten bij het volbrengen van onze roeping, des te heerlijker openbaart zich het heilzaam werk van God in ons en zo gaat zijn werk des te voorspoediger voort”[5].
God geeft ons, om zo te zeggen, Geestelijke ondernemingszin!

En nu komen wij bij de vreemde paradox.
Iedereen praat over missionaire activiteit; maar er is klaarblijkelijk een gebrek aan Geestelijke initiatieven.
Massa’s mensen hebben de mond vol over evangelisatie en zending; maar de Geestelijke ondersteuning ontbreekt schijnbaar.
Mijn conclusie: men wacht niet op de Here. Men wil te veel zelf doen.
Maar al te graag wil men fris en fruitig het Evangelie verkondigen.  Vervolgens zal het religieus gepeupel zelf vroom en vrolijk kerksluitingen voorkomen.
Ziet u dat er iets helemaal scheef gaat?

Er is nog iets.
Bij al die evangelisatiedrukte wordt vergeten dat de duivel druk doende is om, ware dat mogelijk, iedere verzameling van ware gelovigen uit elkaar te drijven.
Afgelopen zondag stond ik na de morgendienst met een vriend en mede-kerkganger te praten. Het ging over Gereformeerde levenswandel. Mijn vriend en broeder zei binnen vijf minuten wel drie keer: “De duivel gaat rónd”[6].  De ouderen onder ons kennen nog wel de Statenvertaling van 1 Petrus 5: “Zijt nuchteren, en waakt; want uw tegenpartij, de duivel, gaat om als een briesende leeuw, zoekende, wien hij zou mogen verslinden”[7]. In andere vertalingen briest de leeuw niet meer; hij brult[8]. Maar de bedoeling is duidelijk.
Om kort te gaan: mijn vriend heeft gelijk.

Wij moeten, denk ik, meer rekening houden met de duivel.
In Genesis 3 legde Eva aan de satan uit dat de Here haar, en haar man Adam, zou straffen als zij vruchten zouden eten van de boom midden in de hof. De reactie van de duivel was even misleidend als aanlokkelijk: “Gij zult geenszins sterven, maar God weet, dat ten dage, dat gij daarvan eet, uw ogen geopend zullen worden, en gij als God zult zijn, kennende goed en kwaad”[9].
Wat deed de duivel precies? Hij wees erop dat de omstandigheden vooralsnog prioriteit één waren. Hij wees erop hoe ondenkbaar het was dat er daar, in het paradijs, iets mis kon gaan.
Ik kan mij niet onttrekken aan het idee dat veel kerkmensen iets dergelijks vandaag óók doen. Men moet, zo zegt men, inlevingsvermogen tonen als men het Evangelie overbrengen wil. Men dient relaties aan te gaan. Men moet naar de mensen toe: naar het café, in de kroeg of op de markt. Kijk goed naar de verschillende omstandigheden van mensen – zegt men -, dan ben je al een heel eind verder.
Wat zal men van zulk een ijver zeggen?
Het komt mij voor dat het goed is om onze omstandigheden lager op de prioriteitenlijst te zetten. Onze positie in de wereld is niet het belangrijkste. De toestand in ons leven hoeft niet altijd voorrang te hebben.

De Here God gaat in Ezechiël 18 terug naar de kern: “Ik heb geen welgevallen aan de dood van wie sterven moet, luidt het woord van de Here HERE; daarom bekeert u, opdat gij leeft”[10]. Dat geldt voor de kerk. En vervolgens is het ook een proclamatie aan heel de Nederlandse natie.
Op de keper beschouwd ligt de zaak uiterst simpel: wij moeten ons terugdraaien naar de Here God. Met heel ons hebben en houden. Maar wel met lege handen.
Dán pas kan die vreemde paradox – veel missionaire bombarie zonder Geestelijke leiding – zo snel mogelijk uit de wereld worden geholpen.

Noten:
[1] “Kerksluiting is onderschat drama én missionaire kans”. In: Nederlands Dagblad, dinsdag 20 september 2011, p. 2.
[2] Ezechiël 18:31.
[3] Zie hierover ook http://gebedsbroeders.nl/blog/zonde .
[4] Ezechiël 36:25-27: “Ik zal rein water over u sprengen, en gij zult rein worden; van al uw onreinheden en van al uw afgoden zal Ik u reinigen; een nieuw hart zal Ik u geven en een nieuwe geest in uw binnenste; het hart van steen zal Ik uit uw lichaam verwijderen en Ik zal u een hart van vlees geven. Mijn Geest zal Ik in uw binnenste geven en maken, dat gij naar mijn inzettingen wandelt en naarstig mijn verordeningen onderhoudt”.
[5] Dordtse Leerregels, hoofdstuk III/IV. Ik citeer achtereenvolgens uit de artikelen 16 en 17.
[6] Dat werd gezegd door Jaap Doornbos uit Ten Boer.
[7] 1 Petrus 5:8.
[8] Zo is dat bijvoorbeeld in de Nieuwe Bijbelvertaling uit 2004 en de Herziene Statenvertaling uit 2010.
[9] Genesis 3:5.
[10] Ezechiël 18:32.

De gegevens van het bovengenoemde handboek zijn: Harry Bisseling, Henk de Roest & Peet Valstar (redactie), “Meer dan hout en steen. Handboek voor sluiting en herbestemming van kerkgebouwen”. – Zoetermeer: Boekencentrum, 2011. – 256 p. 

Geef een reactie »

Nog geen reacties.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.