gereformeerd leven in nederland

27 januari 2012

De beschietingen van Berkelaar

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , ,

De waarheid, en niets dan de waarheid.
Dat moet drs. W.J. Berkelaar gedacht hebben toen hij onlangs voorstelde een waarheidscommissie in te stellen voor de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt)[1].

Het ‘geweld’ van de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw moet in kaart gebracht worden. Er moet schoon schip worden gemaakt.

Uit het Reformatorisch Dagblad citeer ik het volgende.
“Volgens Berkelaar zijn de Gereformeerde Kerken vrijgemaakt (GKV) sedert enige tijd een betrekkelijk vreedzaam kerkgenootschap, maar is men decennialang verscheurd door religieus geweld. ‘Geweld? Er zijn toch geen doden bij gevallen, zoals bij de talloze islamitische aanslagen? Dat is waar, maar gewetensdwang en karaktermoord waren in deze kring lange tijd aan de orde van de dag. En dat is ook geweld’.
Hij gaat met name in op de rol van de onlangs overleden Kamper professor Jaap Kamphuis (1921-2011). Diens benoeming tot hoogleraar was zuiver politiek, meent Berkelaar, zelf opgegroeid in de Gereformeerde Kerken in Nederland. ‘Kamphuis had zich als predikant doen kennen als een geharnast verdediger van de leer dat de vrijgemaaktgereformeerde kerk de ‘ware kerk’ was. De ware misdaad van Kamphuis was dat hij gewetensdwang begon te beoefenen en anderen, die twijfelden aan de gedachte van de ‘ware kerk’ week in, week uit de maat nam in het weekblad De Reformatie”.
Kamphuis, zo vervolgt de VU-historicus, stierf op 13 december 2011 ‘zonder dat ooit een woord van excuus over zijn lippen kwam over het religieuze geweld dat hij in de jaren vijftig en zestig van de vorige eeuw uitoefende”[2].

Het lezen van dit krantenbericht was voor mij een leermoment.
Hieronder leg ik uit waarom.

Het lezen van dit bericht leerde mij weer eens dat ik, als ik zeer negatief commentaar heb op de werkwijze van een theoloog, dat commentaar bij voorkeur niet openbaar gemaakt moet worden als die theoloog pas overleden is. En als ik tóch besluit om mijn negatieve gevoelens naar buiten te brengen, dan moet ik dat heel voorzichtig doen. Er moet een zekere welwillendheid tegenover de overledene getoond worden.
Wij weten allen dat professor J.  Kamphuis een liefhebbende echtgenote op deze aarde achterliet. Mevrouw Kamphuis-Gijsbers heeft, zo weten we, altijd pal gestaan naast haar man.
Wij weten allen dat professor J. Kamphuis kinderen op deze aarde achterliet. Eén ervan is zelfs hoogleraar in de dogmatiek[3].
Zij allen, en daarbenevens vele anderen, zijn nog bezig met de gewenning aan de lege plek die de oude Kamphuis achterliet. De pijn is nog groot. De wond is nog vers.
De manier van verwerken die drs. Berkelaar ten toon spreidt, getuigt van een gevoelloosheid die de mijne niet zijn mag. Even kort door de bocht gezegd: intermenselijk bezien lijkt dit nergens op.

Het lezen van dit bericht leerde mij weer eens dat scribenten voorzichtig moeten zijn met vergelijkingen.
Berkelaar schrijft over religieus geweld en islam.
Om te beginnen is die agressie, bij mijn weten, afkomstig van extremistische moslims. Er zijn veel gematigde islamieten die die gewelddadigheid veroordelen.
Verder komen bij dat geweld burgers om het leven. Zij worden doodgeschoten. Zij worden begraven. En na verloop van tijd zijn zij door velen vergeten.
Professor Jaap Kamphuis heeft, zo neem ik zondermeer aan, nimmer mensen om het leven gebracht.
Ik vind daarom de vergelijking volstrekt disproportioneel. Het zit allemaal een beetje in de buurt van die bekende mug en de al even befaamde olifant.

Het lezen van dit bericht leerde mij weer eens dat schrijvers als ik goed moeten argumenteren.
De ironie wil dat J. Kamphuis één van de mensen is waarvan ik dat leerde. Ik heb heel wat pennenvruchten van de overleden hoogleraar in de kast staan. En telkenmale als ik zijn teksten las, dacht ik: wat wéét die man toch veel. Zijn artikelen werden, als ik dat zo zeggen mag, niet zelden beëindigd met een bataljon voetnoten.
Daarom vind ik dat men Kamphuis niet van gewetensdwang kan betichten.
Zeker, ik sluit niet uit dat andere Gereformeerd-vrijgemaakte mensen de zienswijze van Kamphuis soms op nogal dwingende toon hebben overgebracht.
Maar dan nóg: gewetensdwang is echt wat anders. Wie de berichtgeving over Noord-Korea in de media een beetje volgt, weet daar wel iets van.
Als ik drs. Berkelaar was zou ik dat woord ‘gewetensdwang’ in dit verband niet meer gebruiken.

Het lezen van dit bericht leerde mij weer eens dat in het openbaar spreken en schrijven voor hoorders en lezers heel karaktervormend werkt.
Dat wist de oude Kamphuis ook.
Ik vind het veel te ver gaan als men J. Kamphuis van karaktermoord beschuldigt. In dit verband citeer ik graag een herinnering van de Nederlands Gereformeerde predikant dr. L.G. Compagnie. “Een herinnering uit mijn studententijd kwam weer boven: in het laatste jaar preekte ik eens in Laag Zuthem, en een paar honderd meter verderop preekte professor Kamphuis in de Vrijgemaakte Kerk. De volgende dag fietste hij langs de Broederweg waar ik net liep. Hij sprong van zijn fiets en zei: ‘Amice, we hebben gisteren allebei in dezelfde plaats gepreekt; ik wil toch graag zeggen dat me dat pijn doet!’ en onmiddellijk stapte hij weer op en reed verder”[4].
Wil men zó’n man van niets minder dan karaktermoord beschuldigen? Kom nou toch!

Het lezen van dit bericht leerde mij weer eens dat het uitspreken van een algemeen excuus over de gang van zaken in een bepaalde episode van de kerkgeschiedenis vrijwel niemand verder helpt.
Waarom niet?
Alleen al niet omdat heel de kerkgeschiedenis met zonden bevlekt is. In feite kun je wel aan de gang blíjven met het maken van excuses.
Daaraan voeg ik nog iets toe.
Het was J. Kamphuis zelf die heeft gezegd: “Bij kerkgeschiedenis wordt vaak gedacht : kerkgeschiedenis is taai, niet interessant. Ja, als je bij de hoofdlijnen in een handboek blijft! Maar hoe meer in detail, hoe spannender! Je ontmoet ménsen van Gods kerk, mèt hun moeiten, aanvechtingen en overwinningen”.
Kamphuis kende op dat gebied zelf ook pijn. Hij zei: “Ds. Heres glipt weg, ds. Hoogendoorn heeft nog wat geprobeerd, ook weg, en ds. Van Gurp is weg. Toen Van Gurp, een oude studievriend, die stap zette, heb ik daar nachten van wakker gelegen”[5].
Nee, Kamphuis was geen koele kikker. Heus niet. Maar één ding wist hij zeker: als het gaat over de kerk, dan gaat het over de kerk van God.
Excuses maken in de kerk? Dat kan. Maar niet te algemeen graag; en aan het juiste adres.
En het allereerste wat wij moeten doen is: aan de Here onze zonden belijden!
Waarom hoor ik drs. Berkelaar dáár niet over?

Het lezen van dit bericht leerde mij weer eens dat wetenschappers óók maar mensen zijn, en dat ik hun schrijfsels kritisch moet lezen.
Drs. Berkelaar weet klaarblijkelijk net zo goed als ik dat je soms prikkelend moet schrijven om een boodschap duidelijk over te brengen. Dat kun je doen door mooie beelden te gebruiken. En fraaie formuleringen te bedenken.
Maar déze uiting van Berkelaar categoriseer ik onder de rubriek Schieten met Scherp.
Schieten met scherp: dat hoef je niet meer te doen als het slachtoffer reeds overleden ís.
Begrijpt u wel?

Drs. Berkelaar schiet met scherp.
Ik ben onaangenaam getroffen.

Noten:
[1] Zie over W.J. Berkelaar http://www.hdc.vu.nl/nl/over-het-hdc/medewerkers/berkelaar/index.asp .
[2] Zie: “Laten GKV jaren 60 en 70 onderzoeken”. In: Reformatorisch Dagblad, dinsdag 24 januari 2012, p. 2.
[3] Dat is professor dr. B. Kamphuis, die werkzaam is aan de Gereformeerd-vrijgemaakte Theologische Universiteit te Kampen. Zie http://www.tukampen.nl/medewerkers/BKamphuis .
[4] Zie http://josdouma.wordpress.com/2011/12/14/een-herinnering-aan-prof-j-kamphuis/ .
[5] Zie http://www.gereformeerdekerkblijven.nl/wp/?page_id=506 .

2 reacties »

  1. Beste Bastiaan,
    Hartelijk dank voor de reactie op “Berkelaar”.
    Volledig mee eens.
    De ‘wetenschappers’ aan de V.U. hebben een leven lang werk!
    Laten we maar eens bij vandaag beginnen!
    Áls wij dagelijks in zonden (ook verborgen zonden!) vallen moeten we maar niet aan Gods genade twijfelen, noch minder in de zonden blijven liggen!
    Het eeuwig verbond met God hebben wij, door Christus.
    Wie dat niet onderhoudt mist de liefde tot Christus! MARANATHA! Christus is komende!!!
    Zalig wie Hem, onder alle aanvechtingen, blijft verwachten!
    Met broedergroet, ook voor jouw vrouw,
    H.T. van Faassen

    Reactie door H.T. van Faassen — 27 januari 2012 @ 11:27 | Beantwoorden

  2. Beste Bas.
    Met veel belangstelling lees ik altijd je artikelen en vind ze erg goed
    Maar met schieten op scherp moet mij toch even iets van het hart
    Ik ben het met je eens het is ongevoelig tegenover de nabestaanden om zo te schrijven over iemand die net overleden is
    Daar moeten we inderdaad voorzichtiger mee omgaan
    Maar als ik terug denk aan die vreselijke jaren waarin de professor zelf in de Reformatie onze kerkenraad in Wormerveer betitelde met “wolven in schaapskleren” dan was dat ook schieten met scherp.Dat klonk toen erg hard
    Onze dominee is er aan onderdoor gegaan Ook dat was voor zijn vrouw en kinderen en de gemeente erg hard.
    Dus of er geen slachtoffers zijn gevallen?

    Vriendelijke groeten Coby van Rhijn

    Reactie door Coby van Rhijn Knollendammerstraat 100 Wormer — 27 januari 2012 @ 19:35 | Beantwoorden


RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: