gereformeerd leven in nederland

27 april 2012

De goede Herder draagt dwalende schapen naar huis

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , ,

“Wie van u, die honderd schapen heeft en er één van verliest, laat niet de negenennegentig in de wildernis achter en gaat het verlorene zoeken, totdat hij het vindt? En als hij het vindt, tilt hij het met blijdschap op zijn schouders, en thuisgekomen, roept hij zijn vrienden en buren bijeen en zegt tot hen: Verblijdt u met mij, want ik heb mijn schaap gevonden, dat verloren was. Ik zeg u, dat er alzo blijdschap zal zijn in de hemel over één zondaar, die zich bekeert, meer dan over negenennegentig rechtvaardigen, die geen bekering nodig hebben”.

Hierboven staat een prachtig Schriftwoord.
U kunt het in Lucas 15 vinden[1].
Maar is het eigenlijk niet ál te simpel?

In deze wereld zijn zoveel mensen zoekende.
Er zijn zelfs massa’s gelóvigen zoekende. Hun vraag is: waar is God?

Laten we maar eerlijk zijn: er zijn ook heel veel Gereformeerde mensen zoekende.
Natuurlijk kunnen we zeggen: die mensen moeten de ware kerk opzoeken.
Maar dat, geachte lezer, lijkt er in de wereld van 2012 voorwaar niet makkelijker op te worden.

Laten we de situatie nemen van een jong gezin.
Twintigers zijn het. Een paar jaar getrouwd. Ze zijn lid van een Gereformeerde Kerk (vrijgemaakt). En ze hebben zorgen over de koers van ‘hun’ kerkverband. Eigenlijk willen zij maar één ding: achter Jezus Christus aan.
De ouders van moeders kant zijn lid van een kerk binnen het verband van De Gereformeerde Kerken; zeg maar: hersteld[2]. De ouders van vaders kant zijn lid van een kerk die behoort tot het verband van de Gereformeerde Kerken Nederland[3].
De twintigers staan met beide (schoon)ouders op goede voet. En dat willen zij ook graag zo houden.
En die twintigers weten dat zij moeten kiezen.
Tja.
Wat zal ik over een situatie als deze schrijven?
Vooralsnog noteer ik slechts één ding: ik ben blij dat ik niet in de schoenen van dit jonge echtpaar sta[4].

Maar áls ik in de schoenen van dat echtpaar stond, wist ik één ding zeker.
En dat is: als wij naar Jezus Christus op zoek gaan is dat geen eenrichtingsverkeer. Want Hij zoekt verloren schapen op. Hij rust niet voor Hij die schapen gevonden heeft. En als Hij zulke verloren zoekers vindt, viert Hij feest!

Jezus vertelt de gelijkenis van het verloren schaap aan de Farizeeën.
Een pijnlijk verhaal, want die Farizeeën zijn de mening toegedaan dat herders nogal laag op de maatschappelijke ladder staan.
De praktijk in Jezus’ dagen is dat ronddolende schapen op de lange duur uitgeput ergens gaan liggen. De herder kan, als hij het beest terugvindt, niets anders doen dan het dier op zijn schouders nemen.
Mensen van het laagste allooi worden aan de Farizeeën ten voorbeeld als het gaat om de zorgzaamheid voor de kudde.

Nee, de kerkelijke academici voelen zich bij die gelijkenis waarschijnlijk niet zo gelukkig.
Impliciet verwijst Jezus ook nog naar een profetie uit het Oude Testament.
In Ezechiël 34 gaat het over kerkelijke leiders die goed voor zichzelf zorgen; hun kudde verkommert echter. Barmhartigheid is ver te zoeken. Er is hardheid. En er is geweld.
De kerkgangers vluchten alle kanten uit. In de tempel moet je niet wezen!
De Here zegt: daar maak Ik een eind aan. Ik zal Mijn kudde Zélf wel weiden. Ik zal Mijn schapen bijeenbrengen en hen naar goede weidegrond leiden. “Ik zelf zal mijn schapen weiden, Ik zelf zal ze doen neerliggen, luidt het woord van de Here HERE; de verlorene zal Ik zoeken en de afgedwaalde terughalen; de gewonde zal Ik verbinden en de zieke versterken, maar de vette en krachtige zal Ik verdelgen. Ik zal ze weiden zoals het behoort”[5].

In Lucas 15 laat de Here in een parabel zien dat Ezechiëls profetie in Jezus Christus vervuld wordt.
Jezus Christus legt vooral nadruk op de blijdschap van de Herder.
Wat ligt er aan die blijdschap ten grondslag? Ontdaan van metaforen komt dat op het volgende neer: het Evangelie is aan een kind van God verkondigd. En dat levert in de hemel een feest op. De Heer glorieert in Zijn woonplaats. Want de voltooiing van Zijn wereldomvattende werk is weer een stap dichterbij gekomen.

En er is meer.
Wie het Evangelie hoort, en dan gehoorzaam luistert, voelt de geloofsblijdschap in zijn leven trillen.
Laat ik het zó mogen zeggen: de herder is niet alleen blij dat het schaap weer terug is; maar het schaap voelt zich ook helemaal thuis bij die o zo bekende en betrouwbare Herder.
Die vreugde voelde Zacheüs ook toen hij door God als kind werd aangenomen; zie Lucas 19[6]. Die vreugde voelden Jezus’ leerlingen ook toen zij, aan de voet van de Olijfberg, Jezus’ lof zongen; dat is óók Lucas 19[7].

De Here vraagt van ons dat wij ons leven naar Hem toe draaien.
Als wij dat doen, brengt Hij ons naar de kudde. Dat is een grote troost.
Heel wat Gereformeerde mensen zijn zoekende. Massa’s Gereformeerden dolen rond. Waar moeten ze naar toe? Waar vinden zij de Here? Tegen kinderen van God mogen wij zeggen: de Herder rust niet voor Hij u gevonden heeft. Dat kán even duren. Soms duurt het zelfs heel lang. Maar Hij zal u gegarandeerd vinden.
En als Hij u ontdekt heeft, is het feest in de hemel nog groter dan ónze blijheid. Er ontstaat feestgedruis dat zijn weerga in heel de kosmos niet kent.

Nu keer ik weer terug naar dat jonge gezin dat hierboven beschreven werd.
Die jonge echtelieden weten het: kiezen is moeilijk. En het maken van een kerkelijke keuze is beslist niet gemakkelijk.
Hoe dat ook zij: kinderen van God mogen weten dat Hij hen vroeg of laat naar de kudde brengen zal.

Voor alle ouders en andere betrokkenen is dat, naar het mij voorkomt, ook een heerlijk bericht.
Dwalende schapen van de Here zullen door Hemzélf thuis worden gebracht. De grote herder der schapen, Die vanwege het bloed van een eeuwig verbond werd teruggebracht uit de doden, Hij garandeert het ons: Ik zal er Zelf voor zorgen dat u weidegrond vinden zult[8]!

Noten:
[1] Lucas 15:4-7.
[2] Zie over DGK http://www.gereformeerde-kerken-hersteld.nl/ .
[3] Zie over de GKN http://www.gereformeerdekerkennederland.nl/ .
[4] De beschreven situatie is tot op zekere hoogte fictief. Ik ken namelijk wel Gereformeerde broeders en zusters die met een probleem als dit te maken hebben.
[5] Ezechiël 34. Ik citeer vers 16.
[6] Lucas 19:5 en 6: “En toen Jezus bij die plaats kwam, keek Hij naar boven en zeide tot hem: Zacheüs, kom vlug naar beneden, want heden moet Ik in uw huis vertoeven. En hij kwam vlug naar beneden en ontving Hem met blijdschap”.
[7] Lucas 19:37: “Toen Hij reeds dichterbij kwam, aan de glooiing van de Olijfberg, begon de gehele menigte der discipelen vol blijdschap God te prijzen, met luider stem, om al de krachten, die zij gezien hadden”.
[8] De formulering met betrekking tot de grote herder is afkomstig uit Hebreeën 13:20 en 21: “De God nu des vredes, die onze Here Jezus, de grote herder der schapen door het bloed van een eeuwig verbond heeft teruggebracht uit de doden, bevestige u in alle goed, om zijn wil te doen, terwijl Hij aan ons doe, wat in zijn ogen welbehagelijk is door Jezus Christus. Hem zij de heerlijkheid in alle eeuwigheid. Amen”.

Geef een reactie »

Nog geen reacties

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.