gereformeerd leven in nederland

25 februari 2013

Sacramenteel

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , , ,

De preek moet sacramenteel zijn.
Dat heeft dr. A.J. Plaisier gezegd. Plaisier is, zoals bekend, scriba van de Protestantse Kerk in Nederland.
Met dat woord ‘sacramenteel’ wordt bedoeld: “het moment in de eredienst waarop het meest iets van de andere kant komt”.
“We roepen de naam van de Heere aan en dan beginnen we te spreken. Een preek is niet een min of meer acceptabel praatje voor mensen die het ook niet meer weten. We zijn in de kerk. We zijn hier samengeroepen door de Heere Zelf. Daarom is preken een heilige dienst”.
Veel preken zijn eigenlijk verhaaltjes, constateert de kerkleider. En dat is laakbaar. “Een preek heeft te maken met heil, omdat het in de preek gaat over God en over wie God voor ons is en wat God voor ons doet. Aldus dr. Plaisier. ‘Als een preek daar niet over gaat, wordt het gebabbel. De preek vertelt ons niet alleen over wie God is en wat Hij heeft gedaan, maar is daar zelf ook een stukje van. God verzoent Zich met ons, maar door de verkondiging gebeurt dat ook. We raken ervan overtuigd. We beginnen te begrijpen wat het betekent om een verzoend leven te leiden’”[1].

Preken zijn geen praatjes.
In preken wordt Gods Woord verkondigd. Preken, dat is een heilige dienst.
Dat spreekt mij aan.
Daar houd ik van.

Hierboven valt het woord ‘sacramenteel’.
Dat is een niet zo vaak gebruikt woord.
Als ik het goed weet wil men ermee zeggen dat het door God aangeboden heil door Zijn kracht ons leven binnen komt.
Gereformeerden weten het wel: de Geest van Christus kerft het Evangelie in hun leven in. Hun bestaan krijgt eeuwigheidswaarde door het schitterende ‘houtsnijwerk’ van Gods hand in hun hart.
“Hij dringt”, zeiden Gereformeerde geleerden in Dordrecht, “door tot in het diepst van de mens met de krachtige werking van diezelfde Geest, die wedergeboorte werkt; Hij opent het gesloten hart, Hij maakt het harde zacht, Hij besnijdt het onbesnedene, Hij vernieuwt de wil: van dood maakt Hij hem levend, van slecht goed, van onwillig gewillig, van weerbarstig gehoorzaam. Hij brengt de wil zover en geeft deze zoveel kracht, dat hij als een goede boom vruchten van goede werken kan voortbrengen”[2].

Laat ik maar eerlijk zeggen dat mij dat woord ‘sacramenteel’ toch een beetje tegen staat.

Waarom?
Sacramenteel betekent: door bemiddeling van Gods Geest.
Maar het woord ‘sacrament’ betekent in onze eeuw vaak óók: teken, signaal. Het betekent, in onze beleving, vaak óók: beeld.
Edoch, de preek is niet het téken van de werking van Gods Geest. En de preek is niet de áfbeelding van de manier waarop de Heilige Geest Zijn werkt doet. De verkondiging van het evangelie is het precisie-instrument waarmee de Heilige Geest het geloof in ons hart werkt. De predicatie is Zijn hoogwaardig geréédschap. De preek is Zijn wonderbaarlijk wérktuig.
De preek is geen symbool van Goddelijke activiteit.
De preek is het werkmateriaal zelf.
Laten wij niet te kort door de bocht gaan. Als het om deze zaak gaat, moeten wij nauwkeurig formuleren. Voor wij ´t weten, zitten er diverse misverstanden omheen!

Het is goed om in dit verband een accentverschil tussen Maarten Luther en Johannes Calvijn te benoemen. Iemand legde dat verschil eens op de volgende manier uit.
Bij Luther zijn Woord en Geest onverbrekelijk verbonden. “In, met en onder het mensenwoord van de prediker voltrekt zich Gods Woord, en het komt eropaan daarop te vertrouwen wanneer je in de kerk zit.
Bij Calvijn is er meer het besef dat de Geest er toch echt wel bij moet komen wil er werkelijk van heilsbemiddeling sprake zijn. De Geest werkt niet ‘per verbum’, Hij zit niet in het Woord opgesloten, maar ‘cum verbo’, Hij gebrúíkt het Woord; maar niet automatisch, want de Geest is soeverein, Hij waait waarheen Hij wil. Het gaat niet automatisch goed wanneer de Schriften opengaan en er gepreekt wordt, de Geest moet er echt wel bij komen”[3].

Van de noodzaak van die Geestelijke werkzaamheid moeten wij, dunkt mij, goed doordrongen zijn.
Vandaag de dag bestaat de tendens om veel gebeurtenissen in kerkdiensten als ons ritueel te zien. Dus: als onze manier van doen. Zeg maar: onze gewoonten bij het dienen van God.
Een voorbeeld daarvan is de handoplegging nadat jonge mensen belijdenis hebben gedaan. Zo’n handoplegging komt in veel kerken voor. Voordat je ’t weet wordt zo’n gebaar beschouwd als ons symbool van de gave van Gods Geest. En dat terwijl Gods zégen wordt doorgegeven. Calvijn zei al: laten we voorkomen dat het doen van belijdenis een sacrament wordt[4] .
Zo moeten wij er ook voor waken dat de préék ‘ons’ sacrament wordt. Een door ons bedacht ritueel. Een manier van doen in onze kerk.
In en door de preek is Gods Heilige Geest aan het werk. Er is, om zo te zeggen, sprake van koortsachtige activiteit.

Ik schreef het hierboven al: dat woord ‘sacramenteel’ staat mij een beetje tegen.
Dat komt ook omdat het woord, wat mij betreft, een beetje ruikt naar de theologie van Karl Barth.
Iemand typeerde de Barthiaanse leer over Jezus eens zó: Barth “zag de doop en het avondmaal niet als een sacrament of een mysterie. ‘Voor hem is er maar één sacrament of mysterie, namelijk Jezus Christus. De sacramenten van de kerk roepen niet een nieuw mysterie in het leven, ze geven slechts een antwoord op dat mysterie’”[5].
Verder redenerend kan men tot de conclusie komen dat in de preek een sacrament bij de kerkmensen komt. Dan wordt de preek sacramenteel omdat Jezus daar op d’een of and’re manier in present is; voor de luisteraars kan Hij, als het meezit, op allerhande manieren zichtbaar worden. Zo wordt de preek binnen de kortste keren een mysterieus ritueel. Zo wordt de preek heel gauw met allerlei raadseltjes omgeven.
Ziet u hoe dat alles de verkeerde gaat op gaat? Immers: wie zo spreekt, vergeet zomaar dat Jezus Christus een Persoon is. Hoogstpersoonlijk kwam Hij op aarde om te redden wie in Hem geloven.

Als er in de kerk wordt gepreekt, wordt daar Geestelijke arbeid verricht.
Om het met de Dordtse Leerregels te zeggen: “Nu heeft het God behaagd zijn genadewerk in ons te beginnen door de prediking van het evangelie. Evenzo wil Hij het instandhouden, voortzetten en voltooien door het laten horen, lezen en overdenken van het evangelie, door aansporingen, dreigementen, beloften en ook door het gebruik van de heilige sacramenten”.
Graag cursiveer ik uit bovenstaand citaat één lettergreep. De onderwijzers uit Dordt spreken over Goddelijk genadewerk.

Laat het duidelijk wezen: de Heilige Geest moet er hard aan trekken om Zijn grote werk in onze levens klaar te krijgen.
De preek is geen toverkunstje. En ook geen goocheltrucje.

Noten:
[1]
“Plaisier: preek moet sacramenteel zijn”. In: Reformatorisch Dagblad, donderdag 21 februari 2013, p. 2.
[2] Zie Dordtse Leerregels, hoofdstuk III/IV, artikel 11.
[3] “Prediking heeft een sacramenteel karakter”. In: Reformatorisch Dagblad, vrijdag 20 april 2007, p. 11. Ook te vinden op http://www.digibron.nl/search/detail/012dbfdc9beb2dcef39ff144/prediking-heeft-een-sacramenteel-karakter/0 . De exegeet is prof.dr. G. van den Brink.
[4] Zie: H. van den Belt, “Belijdenis van de waarheid vereist geloof”. In: Reformatorisch Dagblad, zaterdag 7 april 2012, p. 11.
[5] Zie “Vaak weinig kennis over Avondmaal”. In: Reformatorisch Dagblad, zaterdag 5 maart 2011, p. 2. Ook te vinden op http://www.digibron.nl/search/detail/0134b4545890093884b399ec/vaak-weinig-kennis-over-avondmaal/5 .

Geef een reactie »

Nog geen reacties.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.