gereformeerd leven in nederland

22 maart 2013

Kerk op niveau

De kerk brengt mensen op een ander niveau[1]. Want in de kerk gaan de harten omhoog. U kent de formulering uit het Avondmaalsformulier wel: “om met het ware hemelse brood Christus gevoed te worden, moeten wij niet alleen op de tekenen van brood en wijn zien, maar – de harten omhoog! – op Jezus Christus zien, die in de hemel voor ons pleit aan de rechterhand van zijn Vader”[2].

Hanna geeft in 1 Samuël 2 al biddend eer aan de Here. Zij formuleert onder meer het volgende:
“Hij heft de geringe op uit het stof,
Hij heft de arme omhoog uit het slijk,
om hem te doen zitten bij edelen,
en een erezetel te doen verwerven.
Want de grondvesten der aarde zijn des HEREN;
Hij heeft daarop het aardrijk gesteld”[3].
De Here brengt mensen op een nieuw niveau. Want Hij geeft hen een ereplaats. En per slot van rekening heeft Hij de aarde geschapen.
De redenering is opmerkelijk: de Here brengt mensen hoger op, want Hij heeft de aarde geschapen. Wie goed kijkt, ziet op de achtergrond twee bekende begrippen staan: uitverkiezing en genade. Het is niet zo dat mensen zich zo gedragen dat zij, om zo te zeggen, promotie verdiend hebben. Welnee. De Here wijst mensen een hogere plek, want Hij is de almachtige Schepper van hemel en aarde. En dus maakt Hij uit waar onze plaats is, nu en in de toekomst.

De Here brengt de kerk op niveau[4].
En hoe gebeurt dat?
Dat gebeurt in het gebed. Dat gebeurt omdat mensen omhoog kijken. Mensen gaan het van de Here verwachten.
Dat kunnen wij mooi zien in 1 Koningen 18[5].
Daar komen wij aan het slot van de geschiedenis van Elia op de Karmel. Achab voelt de dringende behoefte om naar naar zijn paleis terug te gaan; hij is heel erg toe aan een copieus diner. Klaarblijkelijk maakt hij zich alvast gereed voor vertrek. Elia blijft echter met zijn knecht op de Karmel achter. En wat doet hij daar? Hij buigt zich neer, en doet zijn hoofd tussen zijn knieën: teken van eerbied en nederigheid. Daarna krijgt de knecht een paar keer de opdracht om omhoog te kijken. Eerst ziet de beste man niks bijzonders. Maar later ziet hij een wolkje. Een wolkje, zo groot als een vuist. Uit die kleine wolk valt al spoedig een enorme stortregen.
Zo bewijst de Here zich als de almachtige God, die over alle krachten van de natuur beschikken kan. Welnu, die God is onze God!
Tegenwoordig zeggen mensen om ons heen nogal eens dingen als: die God van u moet maar eens bewijzen dat Hij machtiger is dan andere goden of geesten. Maar de Here reageert niet op menselijke commando’s. De gebeurtenissen in 1 Koningen 18 zijn een hemels initiatief, dat Elia mag aankondigen.
Kinderen van God mogen in vertrouwen, en in nauw gebedscontact met de God van het verbond, wijzen op Zijn macht en op de voortgang van Zijn werk.

De kerk wordt op niveau gebracht.
Iets daarvan zien wij ook in de vierentwintigste Psalm. U kent die woorden wel:
“Heft, poorten, uw hoofden omhoog,
en verheft u, gij aloude ingangen,
opdat de Koning der ere inga.
Wie is toch de Koning der ere?
De HERE, sterk en geweldig,
de HERE, geweldig in de strijd.
Heft, poorten, uw hoofden omhoog,
en verheft ze, gij aloude ingangen,
opdat de Koning der ere inga”[6].
Een exegeet tekende eens bij die Schriftwoorden aan: “Na het instorten van woningen (al of niet door veroveringen) bouwde men vaak hier bovenop weer nieuwe gebouwen. Daardoor kwamen steden steeds hoger te liggen. Steden als Jeruzalem en Jericho hebben meer dan twintig bewoningslagen (‘strata’). Wanneer de huizen en straten hoger kwamen te liggen, werd de poort op den duur te laag om op een rijdier de stad binnen te trekken. Het kon na verloop van geruime tijd nodig zijn om de boog van de poort hoger te maken. Het bezoek van een koning was een goede aanleiding om dit te doen, als eerbewijs”[7].
Wij behoren tot “het geslacht van wie naar Hem vragen;
die uw aanschijn zoeken; dat is Jakob”[8].
De kerk zit zogezegd in het gevolg van de Koning. De kerk maakt, tot aller vreugde, deel uit van des Konings hofhouding. Zo wordt in de kerk een nieuwe, een hogere standaard geïntroduceerd.

Omdat Gods volk achter haar Heer aan gaat, heeft zij er – als het goed is – geen behoefte aan om ándere goden en geesten te raadplegen.
Jesaja wijst daar ook op in hoofdstuk 8: “En wanneer men tot u zegt: Vraagt de geesten van doden en de waarzeggende geesten, die daar piepen en mompelen – zal een volk niet zijn God vragen? Zal men voor de levenden de doden vragen? Tot de wet en tot de getuigenis! Voor wie niet spreekt naar dit woord, is er geen dageraad”[9].
Het hoge niveau van de kerk is eigenlijk alleen bij daglicht goed te zien. Dat niveau wordt bepaald door Gods Woord, en door Zijn wet.
Wie búiten de kaders van dat Woord en búiten de lijnen van die wet gaat lopen, verdwijnt roemloos in de nacht. En van zo’n nachtelijke tocht wordt in de regel niemand gelukkiger. Jesaja zegt daarom óók: “Dan trekt men rond, gedrukt en hongerig, en wanneer men hongert, zal men in woede uitbarsten, en zijn koning en zijn God vervloeken, en men zal de blik omhoog richten…”[10].
Wie de nacht van strijd en zorgen achter zich wil laten, moet zijn Heer volgen. Geconcentreerd en trouw.

Kerkmensen gaan samen op pad.
Zij zoeken niet hun éigen eer. Het gaat hen niet om persóónlijk prestige.
Nee, in al hun weg en werk willen zij dienstbaar zijn in de kerk. Iedereen moet meewandelen op de weg die de Here wijst. De weg naar de hemel. De weg naar een heerlijke toekomst met God.
Dat is de reden dat Paulus in 1 Corinthiërs 12 schrijft: “Streeft dan naar de hoogste gaven. En ik wijs u een weg, die nog veel verder omhoog voert”[11].
Alle kerkleden mogen zich, gesierd met door God gegeven gaven, maximaal inzetten in de kerk.
Zo brengt de God van het verbond zijn kerk op het door Hem gewenste niveau!

Noten:
[1]
De term ‘kerk op niveau’ gebruik ik ook in een lezing die ik, Deo Volente, vanavond houdt tijdens een gemeentevergadering van De Gereformeerde Kerk Groningen. De lezing is getiteld “Kerk op niveau: met het zicht op de wereld op weg naar een heerlijke toekomst”. In dit artikel wordt voornoemd motief nog wat nader uitgewerkt. Enkele gedachten uit dit artikel neem ik in mijn lezing mee.
Ook de overige voorbereidingen voor die lezing zijn op deze weblog terug te vinden. Zie https://bderoos.wordpress.com/tag/lezing-dgk-groningen-2013/ .
[2] Gereformeerd Kerkboek, Formulier voor de viering van het Heilig Avondmaal, p. 527.
[3] 1 Samuël 2:8.
[4] In dit artikel gebruik ik onder meer de webversie van de Studiebijbel.
[5] 1 Koningen 18:41-46: “Vervolgens zeide Elia tot Achab: Ga, eet en drink, want daar is het geruis van een stortregen. Toen ging Achab heen om te eten en te drinken. Elia echter klom naar de hoogte van de Karmel, boog zich ter aarde en legde zijn aangezicht tussen zijn knieën. Daarop zeide hij tot zijn knecht: Klim omhoog, zie uit naar de zeekant. Hij klom omhoog en zag uit, maar zeide: Er is niets. Daarop zeide hij: Ga weer. Tot zevenmaal toe. Bij de zevende maal nu zeide hij: Zie, een wolkje als eens mans hand stijgt op uit de zee. Toen zeide hij: Ga heen, zeg aan Achab: Span in en daal af, laat de stortregen u niet ophouden. Toen, in een oogwenk, werd de hemel zwart van wolken en wind, en viel er een zware stortregen. Daarop reed Achab weg en ging naar Jizreël. Maar de hand des HEREN was over Elia, zodat hij zijn lendenen gordde en vóór Achab uit snelde tot waar men de richting naar Jizreël inslaat”.
[6] Psalm 24:7, 8 en 9.
[7] Deze uitleg is te vinden in de webversie van de Studiebijbel; commentaar bij Psalm 24, noot 33.
[8] Psalm 24:6.
[9] Jesaja 8:19 en 20.
[10] Jesaja 8:21.
[11] 1 Corinthiërs 12:31.

Geef een reactie »

Nog geen reacties.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: