gereformeerd leven in nederland

13 augustus 2013

Hoop in crisistijd

Christus’ dood aan het kruis: dat is een deprimerend onderwerp. Zou men denken. Niet dus. Want in Zondag 16 van de Heidelbergse Catechismus lees ik: “Door zijn kracht wordt onze oude mens met Hem gekruisigd, gedood en begraven, opdat de slechte begeerten van het vlees in ons niet meer regeren, maar opdat wij onszelf aan Christus offeren als een offer van dankbaarheid”[1].
Dankbaarheid – dat is nog ês wat anders dan een depri-stemming!

Tegenwoordig kan ik mij bij tijd en wijle maar moeilijk aan de gedachte onttrekken dat heel veel mensen te lang blijven staan bij het drama van Christus’ sterven. ‘O wat erg toch, dat het allemaal zo ging’, hoort men zeggen. Er wordt muziek over gemaakt: cantates en zo. In de Stille Week voor Pasen spoeden velen zich naar een kerk om na te denken over de impact van de gebeurtenissen op Golgotha.
Maar gaat men ook verder? Ik betwijfel het soms.

De Heidelbergse Catechismus doet ons beseffen dat heel ons leven een offer van dankbaarheid moet zijn.
We leven in de zomertijd. Dat is bij uitstek het seizoen van opwekkingsbijeenkomsten en zomerconferenties. Tijdens zo’n evenement kunnen wij zomaar de opmerking horen: “Deze week is een oppepper voor ons geloof”[2]. U hoort mij niet vertellen dat zulk een stimulans verkeerd is. Natuurlijk niet. Maar er moet meer zijn dan kickmomenten, oppeppers en stimulerende geloofsfeestjes. De Here God wil in het gewone leven dankbaar gediend worden.

Ware gelovigen offeren zich op. Heel hun leven is één grote demonstratie: wij horen bij God, in de hemel. Wij hebben hier op aarde wel een plaats, maar geen vaste. Onze plek op aarde heeft alle kenmerken van voortdurende voorlopigheid.
Voortdurend: tientallen jaren, ons hele aardse leven lang.
Maar toch ook voorlopig: onze vaste plek in de hemel hoeven wij namelijk nooit meer op te geven.
Wij bezitten dezelfde status als die mensen uit Hebreeën 11: wij belijden dat wij vreemdelingen en bijwoners zijn op aarde[3].

In onze tijd van economische crisis en financiële malaise is ‘consumentenvertrouwen’ een bekend woord geworden. De mensen durven niet zoveel geld uit te geven. Ze sparen veel, en zijn uiterst voorzichtig met het doen van grote uitgaven.
Dat is, menselijk gesproken, ook heel verstandig. Als de portemonnee leeg is, kun je geen geld meer spenderen.
Dat consumentenvertrouwen wordt, zo zeggen onze leidslieden, langzaamaan weer iets groter. ING-topman Hommen zei vorige week: “Wij zien de eerste tekenen van een beetje meer vertrouwen in Europa. Ook in Nederland begint het wat beter te gaan. Je ziet wat meer mensen die kijken: moet ik niet iets gaan doen. De daling die we gezien hebben in de huizenprijzen en de daling die we gezien hebben in de activiteit van de verkoop, is minder geworden. En dat is toch wel een eerste teken dat het beter gaat worden”[4].
Jazeker – ware gelovigen zijn óók voorzichtig. Maar vertrouwen hebben zij altijd.
En waarom? Antwoord: omdat hun dood geen betaling is voor hun zonden, maar alleen een afsterven van de zonden en een doorgang tot het eeuwige leven[5]. En dát komt weer omdat Jezus Christus, om zo te zeggen, de grootste uitgave van Zijn leven deed: Zichzelf. Zo maakte Hij ons tot Zijn eigendom.
Die uitgave is nooit aan inflatie onderhevig.
Sterker nog: ons leven wordt steeds meer waard. De slechte begeerten krijgen in ons leven gaandeweg minder te zeggen.
De Heilige Geest van de God van hemel en aarde is iedere dag druk doende om ons geschikt te maken voor een glorieus leven in ons tweede vaderland: de hemel.

In de kerk is sprake van vertrouwen.
Maar dat is geen consumentenvertrouwen.
Want wij zijn om Christus wil tot Gods kinderen aangenomen, leren we in Zondag 13 van de aloude Heidelberger[6]. En ergens verderop in datzelfde oude leerboekje gaat het over “kinderlijk ontzag en vertrouwen”[7].
Kinderen van God leggen hun leven in de hand van Vader.
Dan is alle tegenspoed niet opeens de wereld uit. U kent dat rijtje wel: ziekten, handicaps, eenzaamheid, werkloosheid, moeilijkheden met de kinderen… – zonder twijfel kunt u die opsomming nog veel langer maken.
Maar in het leven van Gereformeerde mensen gloort altijd hoop. Ergens in het soms gecompliceerde bestaan der Gereformeerden vonkt het vertrouwen. Er vlamt ontembare levensvreugde, met het oog op de toekomst.

Christus’ dood aan het kruis: dat is voorwaar geen deprimerend onderwerp!

Noten:
[1]
Heidelbergse Catechismus – Zondag 16, antwoord 43.
[2] Maurice Hoogendoorn, “Reveilweek ‘oppepper’ voor je geloof”. In: Nederlands Dagblad, donderdag 8 augustus 2013, p. 2.
[3] Zie Hebreeën 11:13-16: “In dat geloof zijn deze allen gestorven, zonder de beloften verkregen te hebben; slechts uit de verte hebben zij die gezien en begroet, en zij hebben beleden, dat zij vreemdelingen en bijwoners waren op aarde. Want wie zulke dingen zeggen, geven te kennen, dat zij een vaderland zoeken. En als zij gedachtig geweest waren aan het vaderland, dat zij verlaten hadden, zouden zij gelegenheid gehad hebben terug te keren; maar nu verlangen zij naar een beter, dat is een hemels, vaderland”.
[4] Zie http://nos.nl/artikel/537461-ingtopman-sentiment-wordt-beter.html .
[5] Ik citeer hier Heidelbergse Catechismus – Zondag 16, antwoord 42. Omwille van het zinsverband is de formulering licht gewijzigd.
[6] Heidelbergse Catechismus – Zondag 13, antwoord 33: “…wij zijn om Christus’ wil uit genade tot Gods kinderen aangenomen”.
[7] Heidelbergse Catechismus – Zondag 46, antwoord 120: Christus wil “in ons het kinderlijk ontzag en vertrouwen jegens God wekken”.

Geef een reactie »

Nog geen reacties.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: