gereformeerd leven in nederland

25 augustus 2014

Met dankzegging

Vorige week hoorde ik een preek over een tekst uit Philippenzen 4. De bedoelde tekst luidt: “Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God. En de vrede Gods, die alle verstand te boven gaat, zal uw harten en uw gedachten behoeden in Christus Jezus”[1].
Over die tekst schreef ik zelf al eens: “Gebed is een christelijke manier om bezorgdheid een goede plaats te geven. Niet voor niets schrijft Paulus aan de Philippenzen dat zij niet bezorgd moeten zijn, maar eventuele wensen in het gebed de troonzaal van God mogen binnendragen. Wie allerlei zaken van kerk en wereld aan zijn ogen voorbij ziet trekken, hoeft niet te wanhopen. Paulus’ dringende advies is duidelijk: leg al die dingen maar op een hóger niveau neer”[2].
Welnu – in die preek, die tijdens een trouwdienst gehouden werd, kwam van alles langs[3]. Een befaamde tekst uit Genesis 2: “Daarom zal een man zijn vader en zijn moeder verlaten en zijn vrouw aanhangen, en zij zullen tot één vlees zijn”[4]. En een tekst uit Efeziërs 5: “Vrouwen, weest aan uw man onderdanig…”[5]. En het feit dat de predikant zelf reeds 36 jaar getrouwd is. En nog veel meer.

Nu wordt die tekst uit Philippenzen 4 in een bepaald verband gebruikt.
In die preek hoorde ik daar niet zoveel van.
Alleen daarom al wil ik daarover op deze plaats iets schrijven. Immers, een Bijbeltekst zegt veel meer als wij het tekstverband kennen.

Philippenzen 4 begint met het woord ‘daarom’.
Daarmee wordt teruggegrepen op Philippenzen 3. Paulus betoogt daar dat zijn afkomst in het geloofsleven niet zo van belang is. Waar het om gaat is, schrijft hij, de “kennis van Christus”. Ik citeer: “Om zijnentwil heb ik dit alles prijsgegeven en houd het voor vuilnis, opdat ik Christus moge winnen, en in Hem moge blijken niet een eigen gerechtigheid, uit de wet, te bezitten, maar de gerechtigheid door het geloof in Christus, welke uit God is op de grond van het geloof”[6]. Christus heeft voor onze zonden betaald. Wie een geloofsrelatie met Hem heeft, een Verbondsrelatie, is vrijgesproken van schuld door de zonden.
Die vrijspraak verandert de levensinstelling van Gods uitverkorenen radicaal. Wie een Verbondsrelatie met de God van hemel en aarde heeft, gaat leven naar de Verbondseis. Hij gaat leven als een door God geroepene.
Om weer met Philippenzen 3 te spreken: “…één ding doe ik: vergetende hetgeen achter mij ligt en mij uitstrekkende naar hetgeen vóór mij ligt, jaag ik naar het doel, om de prijs der roeping Gods, die van boven is, in Christus Jezus”[7]. Wat is de precieze bedoeling van die woorden? Wordt Paulus door de scheidsrechter de tribune op geroepen om de erekrans in ontvangst te nemen? Is de prijs het eeuwige leven zelf? Helemaal duidelijk is dat niet. Intussen kan niemand er omheen: Paulus wil Christus steeds beter leren kennen. Paulus wil niets liever dan Christus’ verheerlijkte leven ontvangen[8].
Die wens, zo noteert de apostel met grote nadruk, moet bij ons allen leven. Wij moeten met z’n allen verder komen, op weg naar de hemelse toekomst.

Daarom, zo gaat de Godsgezant in Philippenzen 4 voort, is standvastigheid in het geloof een groot goed. Eendracht en eenstemmigheid zijn in de kerk reuze belangrijk. Want voordat je ’t weet, raak je elkaar kwijt[9].

Wie het betoog in Philippenzen 3 tot zich door heeft laten dringen beseft ook dat er in het aardse leven van ware gelovigen altijd reden is om blij te zijn. Niet omdat het in het leven altijd zo goed gaat, welnee. Maar omdat we altijd weten: onze hemelse situatie wordt, vergeleken met onze aardse omstandigheden, honderdduizend keer beter[10]!

“Uw vriendelijkheid zij alle mensen bekend. De Here is nabij”[11].
Denk om uw reputatie!, zo lijkt de apostel te betogen. Dat woord ‘vriendelijkheid’ heeft hier echter vooral de kleur van: niet op je strepen staan. Die vriendelijkheid heeft dus alles te maken met verdraagzaamheid en lankmoedigheid.
De terugkomst van Christus is namelijk al heel dichtbij.
En bovendien: de Heilige Geest woont nu al in de harten van Zijn kinderen. Denkt u in dit verband maar even aan Romeinen 8: “En indien de Geest van Hem, die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, dan zal Hij, die Christus Jezus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest, die in u woont”[12].

Kijk, en dan schrijft Paulus over bezorgdheid.
Bezorgd zijn – dat is niet goed, schrijft Paulus.
Maar hij kent zijn lezers.
En wat meer is: hij wordt gedreven, geïnspireerd, door de Heilige Geest van God.
Jazeker, Paulus weet het wel: soms zijn wij heel bezorgd. Over
* onze toekomst
* onze gezondheid
* onze echtgenoten, onze kinderen en onze overige familieleden
* de economie in ons land
* de kerk.
U kunt dat rijtje waarschijnlijk zelf zonder enige moeite aanvullen.
Hoe kan men die bezorgdheid het hoofd bieden? Door dank te zeggen, noteert Paulus.
Is dat geen dooddoener? Moet u zich voorstellen: u maakt zich druk over van alles en nog wat. De problemen worden steeds groter. De vragen stapelen zich op. Er zijn momenten dat u en ik geen kant meer op lijken te kunnen. En waar komt Paulus mee aan? Met dankzegging, notabene. Wat helpt dat nou? Wat schiet je daar nou mee op?… Toegegeven: die redenering is heel passend als we Philippenzen 4:6 als een losse tekst bezien. “Weest in geen ding bezorgd, maar laten bij alles uw wensen door gebed en smeking met dankzegging bekend worden bij God” – voor we ’t weten wordt dat een totaal nietszeggend argument. Een basis van niks, zeg maar.
Echter: als wij de bovenstaande tekst in haar verband bezien, dan breekt het licht door.
Immers, Philippenzen 3 gaat over de Verbondsrelatie met Christus. Over onze schuld, die betaald is. Over ons verheerlijkt leven en onze hemelse toekomst. Als we naar het verleden kijken is er alle reden om God te danken. En als we naar de toekomst kijken, wordt het allemaal nog mooier. De dankzegging krijgt een nog hogere toon.
Zo ontdekken wij weer wat ons nu te doen staat!

En zo ervaren wij ook de vrede van God.
Die vrede kunnen we niet precies uitleggen; die gaat ons boven de pet.
Die vrede is echter meer waard dan alle menselijke kennis, al onze intelligente redeneringen en al onze goed bedoelde spitsvondigheden.
Met die vrede kunnen wij het aardse leven aan!

Noten:
[1] Philippenzen 4:6 en 7.
[2] Dit citaat komt uit mijn artikel “Romeinen 12 ontstijgt buurthuisfilosofie”; hier gepubliceerd op woensdag 8 februari 2012. Ook te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2012/02/08/romeinen-12/ .
[3] De dienst werd te Winsum Gn. gehouden op vrijdag 22 augustus 2014. Het betrof de kerkelijke bevestiging van het huwelijk van Wouter Gombert en mijn nicht Jenny de Roos.
[4] Genesis 2:24.
[5] Efeziërs 5:22 a.
[6] Philippenzen 3:8 b en 9.
[7] Philippenzen 3:14.
[8] Zie hierover ook de webversie van de Studiebijbel; commentaar bij Philippenzen 3. In het onderstaande gebruik ik overigens ook het commentaar bij Philippenzen 4.
[9] Paulus schrijft in Philippenzen 4:2 en 3: “Euodia vermaan ik en Syntyche vermaan ik, eensgezind te zijn in de Here. Ja, ik vraag ook u, mijn trouwe metgezel: wees haar behulpzaam. Want zij hebben tezamen met mij in de prediking van het evangelie gestreden, naast Clemens en mijn overige medearbeiders, wier namen staan in het boek des levens”.
[10] Philippenzen 4:4: “Verblijdt u in de Here te allen tijde! Wederom zal ik zeggen: Verblijdt u!”.
[11] Philippenzen 4:5.
[12] Romeinen 8:11.

Geef een reactie »

Nog geen reacties.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: