gereformeerd leven in nederland

23 december 2014

Het schilderij en de omlijsting

De doop is geen rituele wassing.
Het is een teken.
De doop laat zien dat onze zonden worden afgewassen door het bloed en de Geest van Jezus Christus. Die zekerheid geldt voor iedereen in de kerk; voor mannen, vrouwen en kinderen.
De doop is een garantiebewijs. Het laat zien dat wij geestelijk gewassen zijn. De viezigheid is weggeveegd. Er heeft een interne schoonmaak plaatsgevonden.

Dat laat de doop zien.
Zo staat het in Zondag 27 van de Heidelbergse Catechismus.

Wij zouden Zondag 27 best een Adventszondag kunnen noemen. We verwachten het immers helemaal van Jezus Christus. Van Zijn lijden, sterven en opstanding. We verwachten het van Zijn Heilige Geest.
“Alleen het bloed van Jezus Christus en de Heilige Geest reinigen ons van alle zonden”, belijden wij[1].
Daarin horen wij, om zo te zeggen, onder meer de echo van Lucas 1. Daar wordt over Johannes en Jezus gezegd:
“En gij, kind, zult een profeet des Allerhoogsten heten; want gij zult uitgaan voor het aangezicht des Heren, om zijn wegen te bereiden, om aan zijn volk te geven kennis van heil in de vergeving hunner zonden”[2] .
Dus: Johannes wordt een profeet van God genoemd. Johannes gaat de weg voor de Here Jezus Christus klaarmaken. De profeet van God moet aan het volk bekend maken dat er redding is. Want God schenkt vergeving.
Met andere woorden: Johannes moet aan de wereld proclameren dat Jezus Christus de zonden weg gaat wassen.
Ziet u dat Zondag 27 intussen in ons blikveld blijft?

De God van hemel en aarde geeft ons bestaan een nieuw perspectief. Ons leven krijgt een nieuw aanzicht.
Wij krijgen meer kennis van heil. Oftewel: we kijken verder dan het aardse leven. We slaan, om het zo uit te drukken, nu al een blik in de eeuwigheid. Ons bestaan krijgt meer diepte.

Kennis van heil in de vergeving van hun zonden: dat is een opmerkelijke formulering, daar in Lucas 1.
Denkt u, nu het hierom gaat, maar even aan een schilderij. Aan het schilderij van ons leven.
Laten we ons maar even verbeelden dat we ons eigen leven kunnen schilderen.
Welnu, het schilderij van ons leven heeft geweldige diepte. Er zit perspectief in.
Dat prachtige kunstwerk wordt namelijk omlijst door de vergeving van onze zonden. De vergeving is het kader van ons zicht op het eeuwige leven.
Het beeld dat ons aardse bestaan te zien geeft, heeft de mooiste omlijsting die maar denkbaar is.
Er zijn dus twee prachtige aandachtspunten in ons bestaan:
* in ons leven hebben we uitzicht op de eeuwigheid; er zit perspectief in ons leven
* het schilderij van ons aardse leven wordt door de Here Zelf voorzien van een kostbare lijst; die omlijsting laat het schilderij pas goed uitkomen. Sterker nog: zonder die omlijsting heeft het schilderij maar weinig betekenis.

De Gereformeerd-vrijgemaakte theoloog Koert van Bekkum schreef onlangs: “De vrijgemaakte geloofsbeleving bestaat in de kern vaak meer uit het leven voor het aangezicht van God dan uit de omgang met God”[3].
Persoonlijk zie ik een verband met Advent. En met Zondag 27 van de Heidelbergse Catechismus.
Want wat betekent de conclusie van Van Bekkum?
Laat ik nog even bij de metafoor van dat schilderij blijven. Dan kan ik uitleggen hoe ik tegen de conclusie van de TUK-theoloog aankijk.

Het schilderij is mooi. Het tijdsbeeld is prachtig. Maar er zit niet al te veel diepte in het schilderij.
Bovendien blijkt de omlijsting van het schilderij niet meer in al te beste conditie. Er zitten scheurtjes in. De glans is er af. De lijst is dof.
In gewoon Nederlands komt het op het volgende neer.
1.
In het leven van veel vrijgemaakten is er weinig zicht meer op de eeuwigheid. De daden van vandaag lijken geen rechtstreekse verbinding met het hemelse leven te hebben. Geleidelijk verdwijnt het perspectief uit het aardse leven.
2.
Het geschenk van de Goddelijke vergeving der zonden functioneert onvoldoende. Het versterkt het geloofsleven niet meer. Het leven glanst niet meer. Zodoende verliest het levensschilderij aan betekenis; het is lang niet meer zo mooi als vroeger.
Volledigheidshalve maak ik een aantekening bij het bovenstaande.
Het beeld dat ik schets is gechargeerd. Dat weet ik best. Wie goed kijkt kan nog mooie details ontwaren. Maar het algemene beeld is:
* het perspectief is weg
* dofheid en dufheid zijn in het vrijgemaakte leven aan de orde van de dag.

Wat zegt Zondag 27?
“Hij wil ons (…) leren, dat onze zonden door het bloed en de Geest van Jezus Christus weggenomen worden, evenals de onreinheid van het lichaam door het water. Maar vooral wil Hij ons door dit goddelijk pand en teken ervan verzekeren, dat wij even werkelijk van onze zonden geestelijk gewassen zijn, als ons lichaam met het water gewassen wordt”[4].
Dat wil, als u het mij vraagt, onder meer zeggen:
1.
Ware gelovigen mogen weten dat hun leven weer glanst als nooit tevoren. Want de Restaurateur van het leven heeft heerlijk ingegrepen. Nu wordt ons bestaan op magnifieke wijze vernieuwd.
2.
Ware gelovigen mogen zich troosten met de wetenschap dat God hun zonden vergeven wil. Dat doet Hij op grond van het door Jezus Christus volbrachte werk. Als dat in het leven functioneren gaat, wordt het leven glanzend.
Met andere woorden: als Zondag 27 onze belijdenis is, beseffen we hoe groot het werk van onze Verbondsgod is.

In het leven van veel vrijgemaakten zien we wat er gebeurt als het perspectief uit het leven verdwijnt.
In het leven van veel vrijgemaakten zien we wat er gebeurt als de omlijsting van het bestaan zijn uitstraling en glorie verliest.
Dan wordt het leven dof en duf.
Dan wordt het leven tamelijk zondig en ietwat sullig.
Het is van groot belang om de kennis van heil in de vergeving der zonden paraat te houden!

In het leven van door God uitverkoren en vernieuwde mensen komt een enorme ommekeer “door de innerlijke barmhartigheid van onze God, waarmede de Opgang uit de hoogte naar ons zal omzien, om hen te beschijnen, die gezeten zijn in duisternis en schaduw des doods, om onze voeten te richten op de weg des vredes”[5].

Ook die woorden komen uit Lucas 1. Wie ze beaamt, ziet opeens weer het perspectief in zijn bestaan.
Dan ziet u ook de betekenis van Zondag 27.
Dan is het werkelijk Advent.

Noten:
[1] Heidelbergse Catechismus – Zondag 27, antwoord 72.
[2] Lucas 1:76 en 77.
[3] Zie: Gerard ter Horst, “Stevige woorden, spiritueel tekort”. In: Nederlands Dagblad (dinsdag 9 december 2014), p. 7. En ook: http://www.nd.nl/artikelen/2014/december/08/stevige-woorden-spiritueel-tekort .
[4] Heidelbergse Catechismus – Zondag 27, antwoord 73.
[5] Lucas 1:78 en 79.

Geef een reactie »

Nog geen reacties.

RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: