gereformeerd leven in nederland

9 november 2016

Groei

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , , , ,

De kerk is, zoals bekend, de vergadering van Gods kinderen[1]. De activiteiten in de kerk moeten grotendeels voor en door kerkleden gebeuren. Natuurlijk heeft de kerk daarnaast ook aandacht voor de buitenstaanders. Maar de kern van het kerk-zijn ligt niet bij onkerkelijken.

Menselijkerwijs gesproken is dat ook wel logisch.
De kern van een appel zit binnenin, niet aan de buitenzijde.
Wie in een bepaalde zaak tot de kern wil komen blijft niet bij de details hangen. Hij zoekt naar het hart van de zaak.
Waarom zou in het geval van de kerk de kern wel aan de buitenkant zitten? Omdat de kerk een buitenissig instituut is? Een ieder voelt dat dergelijke vragen thuishoren in de afdeling doldwaze beuzelarijen.
Wie het wezen van de kerk wil kennen, moet naar binnen gaan. Hij moet kijken, luisteren, lezen en leven naar Gods Woord.

Een argeloze lezer denkt wellicht: vandaag ziet het er allemaal wel heel erg vanzelfsprekend uit. Is dit nou alles?

Toch lijkt het mij nuttig om het bovenstaande zonder omwegen vast te stellen.

Immers, heel wat mensen roepen dat de kerk naar buiten kijken moet. De deuren dienen geopend te worden.
En dan kan er zomaar van alles scheef gaan.

Ik weet het nog goed.
Het is bijna tien jaar geleden.
Het was in november 2007 dat in de krant stond: “De invloedrijke Amerikaanse megakerk Willow Creek Community Church, ook in Nederland bekend om zijn gemeentegroeimodellen, komt na drie jaar intern onderzoek tot de slotsom dat ze de verkeerde aanpak voorstaat. In plaats van gemeenteleden te helpen groeien in geloof, zijn deze juist passief en afhankelijk gemaakt omdat Willow Creek zijn activiteiten sterk afstemde op specifieke doelgroepen, en dan met name toetreders en geïnteresseerde buitenkerkelijken. ‘We hebben vergeten mensen die tot geloof zijn gekomen te wijzen op hun eigen verantwoordelijkheid zelf geestelijk voedsel te vergaren’, zei de bekende oprichter Bill Hybels in een verklaring. ‘Wij hebben een fout gemaakt’”.
Een eindje verder stond te lezen:”…de megakerk [wordt] steevast omschreven als de invloedrijkste kerk van de afgelopen dertig jaar. De aanpak van Willow Creek, nabij Chicago, zou de werkwijze van veel evangelische kerken in Amerika sterk hebben beïnvloed”.
En: “Hybels breekt nu een lans voor het stimuleren van gemeenteleden om zelf weer de Bijbel te leren lezen en te begrijpen en hen te leren hoe ze zelf aan geestelijke groei kunnen werken. Ook stelt hij ironisch vast dat datgene waar de kerk vele miljoenen dollars aan heeft gespendeerd, vaak niet die activiteiten opleverde die de (nieuwe) gemeenteleden juist nodig hadden voor verdere groei in het geloof”[2].

Beter laat dan nooit, dacht ik indertijd.
Eens te meer moet het ons duidelijk worden: een kerk mag haar eigen leden nimmer verwaarlozen.

Het is, denk ik, goed om vast te stellen dat Gods kinderen eerst en vooral voor elkaar dienen te zorgen.
Ook Gereformeerden zeggen tegenwoordig vaak: we moeten meer naar buiten kijken.
Maar daar moeten zij zich zeker niet toe beperken!

Een appel kan er van buiten mooi uitzien. Maar smaak en kwaliteit kunnen heel erg tegenvallen.
Een kerk kan, van buitenaf bekeken, een zekere aantrekkelijkheid bezitten. Maar uiteindelijk gaat het maar om één ding: de verkondiging van Gods Woord.

Er is nog wel wat meer te schrijven.
Want het begrip ‘geestelijke groei’ komt bij mijn weten niet in de Bijbel voor.

De term ‘groei’ komen we wel tegen in de brief aan de Efeziërs.
Paulus schrijft daar over de kerk. Het gaat niet over één individu. Paulus heeft het niet over een groepje mensen. Nee, hij noteert dat de binding die we met de kerk hebben, ontstaan is door het werk van Christus. Uiteindelijk zorgt Híj ervoor dat er een band tussen de kerkmensen. We zouden kunnen zeggen: onze Here Jezus Christus onderhoudt het kerkverband.
In de woorden van Paulus gaat dat als volgt. Volwassenen in het geloof zijn niet meer “onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd onder invloed van allerlei wind van leer, door het valse spel der mensen, in hun sluwheid, die tot dwaling verleidt, maar dan groeien wij, ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem toe, die het hoofd is, Christus. En aan Hem ontleent het gehele lichaam als een welsluitend geheel en bijeengehouden door de dienst van al zijn geledingen naar de kracht, die elk lid op zijn wijze oefent, deze groei des lichaams, om zichzelf op te bouwen in de liefde”[3].

De kracht om kerk te zijn wordt ontleend aan Jezus Christus.
Om eerlijk te zijn: ik ben onderhand een beetje allergisch voor die zogenaamde geestelijke groei.
In de kerk gaat het in laatste instantie namelijk niet om mij persoonlijk. De kerk is de vergadering van alle ware christenen.
En de Here Zelf draagt er zorg voor dat al die mensen bijeenkomen.
De voornaamste taak van de bijeen gebrachte menigte is: de God van het verbond loven en prijzen.
Daar gaat het om in de kerk.
Daarom sprak Jezus Christus in de Bergrede ook zo onomwonden uit dat Zijn kinderen niet gericht moeten zijn op hun eigen welzijn, maar op Gods Koninkrijk.
In dit verband citeer ik met graagte enkele verzen uit Mattheüs 6.
“Wie van u kan door bezorgd te zijn één el aan zijn lengte toevoegen? En wat zijt gij bezorgd over kleding? Let op de leliën des velds, hoe zij groeien: zij arbeiden niet en spinnen niet; en Ik zeg u, dat zelfs Salomo in al zijn heerlijkheid niet bekleed was als een van deze. Indien nu God het gras des velds, dat er heden is en morgen in de oven geworpen wordt, zó bekleedt, zal Hij u niet veel meer kleden, kleingelovigen?”[4].
“Maar zoekt eerst Zijn Koninkrijk en Zijn gerechtigheid en dit alles zal u bovendien geschonken worden”[5].
De Here geeft morele en materiële groei.

Ik houd het er graag op dat de Here mij alles geeft wat ik nodig heb om vandaag Zijn kind te zijn.
En ik weet het zeker: morgen en overmorgen zal dat ook zo wezen.

“Uw koninkrijk kome”, bidden we vaak. Weet u nog wat dat betekent?
“Dat wil zeggen:
Regeer ons zo door uw Woord en Geest, dat wij ons steeds meer aan U onderwerpen; bewaar en vermeerder uw kerk; verbreek de werken van de duivel en alle macht die tegen U opstaat; verijdel ook alle boze plannen die tegen uw heilig Woord bedacht worden; totdat de volmaaktheid van uw rijk komt, waarin U alles zult zijn in allen”[6].
Kijk, dat noem ik nou Geestelijke groei.
Met hoofdletter G, overigens.

Noten:
[1] Dit artikel is een bewerking van een stuk dat ik eerder schreef. Dat stuk is gedateerd op vrijdag 9 november 2007.
[2] Willow Creek erkent fouten”. In: Nederlands Dagblad, donderdag 8 november 2007, p. 2.
[3] Efeziërs 4:14, 15 en 16.
[4] Mattheüs 6:27-30.
[5] Mattheüs 6:33.
[6] Heidelbergse Catechismus – Zondag 48, vraag en antwoord 123.

1 reactie »

  1. Zondag 21 H.C. als aanvulling op de Artikelen 27 t.m. 30 van de NGB.

    Reactie door H. T. van Faassen — 9 november 2016 @ 12:20 | Beantwoorden


RSS feed for comments on this post. TrackBack URI

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.