gereformeerd leven in nederland

30 augustus 2019

“Opdat wij zouden léven”

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Er wordt tegenwoordig veel over God gefilosofeerd. Geloof, dat moet kunnen. Nee, leg het christelijk geloof vooral niet aan een ander op. Maar als u geloven wilt – ach, waarom niet?

Geloof – dat is er, zegt men, in soorten.
Er is bijvoorbeeld het Jodendom.
En het taoïsme: de leer dat alles in evenwicht en in harmonie is.
En het shintoïsme: de van oorsprong Japanse godsdienst waarin men veel eerbied voor de natuur heeft.
En het boeddhisme: een stroming waarin men geweld afwijst, zuiver van geest wil zijn en er diverse ethische gedragsregels op na houdt.
En het hindoeïsme: in feite een grote verzameling wetten en regels voor het dagelijks leven
En de islam: de bekende godsdienst waarin men Allah aanbidt.
En dan nog het christendom natuurlijk[1].

In die wereld lezen wij enkele woorden uit de eerste algemene brief van de apostel Johannes. Hij schrijft: “Hierin is de ​liefde​ van God aan ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem”[2].

Wie is Johannes?
We lezen over hem in Marcus 1: “En toen Hij vandaar wat verdergegaan was, zag Hij ​Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en ​Johannes, zijn broer, die in het schip de netten aan het herstellen waren. En meteen riep Hij hen, en zij lieten hun vader Zebedeüs in het schip achter met de loonarbeiders en gingen weg, Hem achterna”[3].
Johannes is dus een leerling van Jezus. Wij moeten hem niet verwarren met de neef van Jezus, die ook Johannes heet en aangeduid wordt als Johannes de Doper.

Geloof niet iedereen, schrijft Johannes. Luister en analyseer goed; en trek daarna pas conclusies. Sommige mensen beweren dat zij woorden van God spreken. Maar soms is dat niet waar.
Hoe weten u en ik dat iemand werkelijk spreekt over de God van hemel en aarde? We komen al een heel eind in de goede richting als erkend wordt dat de Here Jezus Christus als mens op deze aarde gekomen is.
De vraag is vervolgens: hoort de spreker bij God, of niet?
Wie God kent, weet dat Hij een en al liefde is. God heeft Zijn kinderen lief. Zo komt het dat kerkmensen ook elkaar liefhebben.
God heeft Zijn Zoon, de Here Jezus Christus, naar de aarde gestuurd om ons te redden.
Die Goddelijke liefde moet, in de kerk en daar buiten, het uitgangspunt zijn.

Mensen zijn maar al te vaak liefdeloos.
Over die liefdeloosheid doen allerlei verhalen de ronde.
Twee voorbeelden:
a.
Een paar jaar geleden schreef iemand: “Als ik met een cliënt aan de lijn ben, ervaar ik zelf heel veel liefde uit zo’n persoon. En tegelijkertijd merk ik dat dezelfde persoon het in zich heeft om iemand te kleineren, te breken, te benauwen. Doelbewust. Waarom? Omdat er een gewoonte is ontstaan om een bepaald negatief tot destructief gedrag te vertonen. Waarom? Omdat het een keuze is. Een vastgeroeste keuze!”[4].
b.
Iemand anders noteerde: “De strijd die wij ervaren in de vorm van pijn, verdriet, angst in ons eigen leven en het geweld en de liefdeloosheid in de wereld komt omdat we vergeten zijn wie we werkelijk zijn (….). We hebben keuzes gemaakt in vorige levens, en in dit leven, die ons steeds verder hebben afgedreven van onze Goddelijkheid. En nu zijn we op de weg terug. We herinneren ons dat we inderdaad allemaal gelijk zijn, dat we allemaal Goddelijk zijn, dat we inderdaad als individu beschikken over de Goddelijke kenmerken. En we gaan snappen dat we keuzes hebben gemaakt die niet in ons belang waren en waarvan we de gevolgen vaak nu nog ervaren in de vorm van problemen en belemmeringen. Dat is karma. Karma op aarde ontstaan, wordt ook op aarde weer opgeruimd. We zijn aan het opruimen”[5].

Welnu –
Gereformeerde mensen zullen de Schriftuurlijke werkelijkheid onder ogen moeten zien. Zij moeten erkennen dat zij altijd en overal met de erfzonde te maken hebben. Om met de Nederlandse Geloofsbelijdenis te spreken: de mens “heeft zich, door gehoor te geven aan het woord van de duivel, willens en wetens aan de zonde onderworpen en daarmee aan de dood en de vervloeking. Want het gebod ten leven dat hij ontvangen had, heeft hij overtreden en door zijn zonde heeft hij de gemeenschap met God, die zijn ware leven was, verbroken. Zo heeft hij zijn hele natuur verdorven en daarmee de lichamelijke en geestelijke dood verdiend. Doordat hij in al zijn doen en laten goddeloos, verkeerd en ontaard is geworden, heeft hij alle voortreffelijke gaven die hij van God had ontvangen, verloren. Hij heeft daarvan niets overgehouden dan geringe sporen, die niettemin voldoende zijn om de mens iedere verontschuldiging te ontnemen”[6].

Als wij dit alles tot ons door laten dringen, beseffen wij eens te meer hoe groot het wonder van Gods reddingsoperatie is.
Als het aan de mensheid ligt, eindigen alle wereldburgers ten langen leste op de vuilnisbelt. Maar God grijpt in: “Hierin is de ​liefde​ van God aan ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem”.
Met andere woorden: de liefde van God voor heel Zijn schepping is en blijft intens!

Het christendom is uniek[7].
Waarom?
1.
Reeds bij de schepping van de aarde blijkt de God van hemel en aarde volop actief te zijn.
2.
Het Koninkrijk van God is niet van deze wereld. Het toppunt van macht en kracht wordt niet op déze wereld bereikt.
3.
Men schrijft: “De gedetailleerde geschriften maken het mogelijk om tijden, plaatsen en mensen te verifiëren en worden door seculaire geschiedenis en archeologie bevestigd”.
4.
De Bijbelboeken zijn door verschillende auteurs geschreven. Jezus Christus schreef Zelf nota bene geen enkel boek!
5.
“Wij belijden dat dit Woord van God niet is voortgekomen uit de wil van een mens, maar dat mensen, door de Heilige Geest gedreven, van Godswege gesproken hebben, zoals de apostel Petrus zegt”[8].
6.
In de Bijbel wordt het verlossingsplan van God gepresenteerd. Dat is onvergelijkelijk! Men schrijft: “Het Hindoeïsme en het Boeddhisme maken aanspraak op ‘verbetering’ door middel van kringlopen van incarnatie en wedergeboorten, maar niet met de zekerheid van wanneer het doel van Moksha of Nirvana bereikt zal zijn. De Moslims denken dat ze zullen worden beoordeeld naar de balans van goede en slechte daden, maar ze hebben er geen idee van of ze de hemel in zullen gaan of niet”.
7.
Mensen kunnen hun redding niet verdienen. In alle andere religies wordt eigen actie gevraagd.

Vandaag de dag worden heel wat zelfhulpprogramma’s aangeboden. Dit programma is bewezen effectief, zegt men erbij. Of: dit programma heeft een wetenschappelijke basis. Jawel.
Laten Gereformeerden van 2019 de inzet van 1 Johannes 4 maar blijven repeteren: “Geliefden, geloof niet elke geest, maar beproef de geesten of zij uit God zijn; want er zijn veel valse profeten in de wereld uitgegaan”[9].
En laten zij maar eenvoudigweg genieten van Gods liefde!

Noten:
[1] Zie voor het bovenstaande bijvoorbeeld https://www.alletop10lijstjes.nl/top-10-grootste-religies/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019.
[2] 1 Johannes 4:9.
[3] Marcus 1:19 en 20.
[4] Zie https://www.oprechtemediums.nl/liefdeloosheid-een-keuze/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019.
[5] Zie https://www.nieuwetijdskind.com/wat-is-de-zin-van-het-leven/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019.
[6] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 14.
[7] In het onderstaande gebruik ik http://www.gefundeerdgeloof.org/ja,-christendom-is-uniek.html ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019. Ook de citaten onder punt 3 en punt 6 komen van die website.
[8] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 3.
[9] 1 Johannes 4:1.

29 augustus 2019

Kerkelijke eenheid is logisch

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Christenen hebben het nogal eens druk met kerkelijke eenheid. Daar moet veel voor gebeuren. Er wordt diep nagedacht. Er vinden gesprekken plaats. Er worden artikelen over geschreven. Men publiceert rapporten en boeken met titels als ‘Kerkelijke eenheid: gave en opdracht’,  ‘Zoeken naar kerkelijke eenheid’ en ‘Kerkelijke verdeeldheid: waarheen?’[1].
Bij dit alles komt nog dat de ene oecumene nog spiritueler lijkt dan de andere.

Dit zo zijnde mogen we niet vergeten dat Jezus Christus in Johannes 17 heeft gezegd: “En Ik heb hun de heerlijkheid gegeven die U Mij gegeven hebt, opdat zij één zijn, zoals Wij Eén zijn; Ik in hen, en U in Mij, opdat zij volmaakt één zijn en opdat de wereld erkent dat U Mij gezonden hebt en hen liefgehad hebt, zoals U Mij hebt liefgehad”[2].

Dat betekent in ieder geval dat Jezus Zelf alles aan die eenheid doet. Ego staat er: Ik.
De één ijvert voor eenheid. Een ander staat er wat huiverig tegenover. Maar de Here leert ons af om over kerkelijke eenheid bezorgd te wezen. Als er eenheid komen moet, zal het Hoofd van de kerk – Jezus Christus – die Hoogstpersoonlijk geven!

Jezus Christus “heeft hun de heerlijkheid gegeven”.
Hun – dat zijn de mensen die Vader aan Zijn Zoon gegeven heeft[3]. Dat is goed te begrijpen.
Maar die heerlijkheid lijkt toch wel wat twijfelachtig. Zo glorieus zijn wij toch niet?

Die heerlijkheid grijpt onder meer op de vraag van Jezus: “verheerlijk Uw Zoon, opdat ook Uw Zoon U verheerlijkt”[4].
Met de verheerlijking van de Zoon wordt Zijn kruisiging aangeduid, en vervolgens ook het feit dat Jezus Christus Zijn plaats in de hemel weer in gaat nemen. Hij komt, nadat hij Zijn verlossingswerk heeft voltooid, weer naast Vader te zitten.
Ook kerkmensen van 2019 zijn naar die hemelse heerlijkheid op weg. Zij zijn samen op pad naar een glorieuze toekomst!
Dan lijkt het toch nergens op dat gelovige mensen die op weg zijn naar hetzelfde doel kerkelijk gescheiden zijn? Het Hoofd van de kerk heeft nota bene al heerlijkheid gegeven aan mensen die op Zijn naam staan!

Die heerlijkheid grijpt ook terug op Jezus’ woorden: “Ik heb U verheerlijkt op de aarde. Ik heb het werk volbracht dat U Mij gegeven hebt om te doen”[5]. In al het werk van Jezus op aarde weerspiegelt zich de luisterrijke kracht van de hemelse Vader. Hij heeft de macht om op aarde grootse veranderingen door te voeren. Dat heeft Jezus ook uitgebreid laten zien. In Gods Woord zijn tenminste vijfendertig wonderen beschreven[6]. In Johannes 21 staat trouwens ook nog: “En er zijn nog veel andere dingen die Jezus gedaan heeft. Als die ieder afzonderlijk beschreven zouden worden, dan zou, denk ik, de wereld zelf de geschreven boeken niet kunnen bevatten. ​Amen”[7].
Zou de hemelse Here in 2019 ook nog wonderen kunnen doen? De vraag stellen is haar beantwoorden – natuurlijk kan Hij dat! Hij kan dus ook kerkelijke eenheid geven als niemand dat verwacht. En in het geven kerkelijke eenheid schakelt hij mensen in.
Als het goed is, zien we in al dat spreken en schrijven over kerkelijke eenheid iets van de heerlijkheid die ons gegeven is.
Die heerlijkheid grijpt ook terug op Jezus’ dringende vraag aan Zijn Vader: “En nu verheerlijk Mij, U Vader, bij Uzelf, met de heerlijkheid die Ik bij U bezat voordat de wereld er was”[8]. Het Hoofd van de kerk wil Zijn oude glorie terug. Waarom? Omdat Hij Zijn kinderen in die glorie wil laten delen.
Paulus schrijft daarover in 2 Corinthiërs 3: “Wij allen nu, die met onbedekt gezicht de heerlijkheid van de Heere als in een spiegel aanschouwen, worden van gedaante veranderd naar hetzelfde beeld, van heerlijkheid tot heerlijkheid, zoals dit door de Geest van de Heere bewerkt wordt”[9].
Op die roemrijke heerlijkheid bereiden al Gods kinderen zich voor. En nee, dat doen ze niet in groepjes. Alleen daarom al is kerkelijke eenheid geboden!

Laten wij maar blijven bidden: Here, breng bij elkaar wat bij elkaar hoort.
En laten wij op Jezus Christus, het Hoofd van de kerk, blijven vertrouwen. Hij kan nog altijd wonderen doen. Jazeker – op Zijn tijd, en met Zijn eigen werkmethode.
Laten kerkmensen zich ook maar realiseren dat zij op weg zijn naar eeuwige glorie. Daar passen geen activiteiten in groepjes, kliekjes of andersoortige gezelschapjes bij.
Onze God heeft, blijkens 1 Johannes 4, heel de wereld op het oog: “Hierin is de ​liefde​ van God aan ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem”[10].
Zijn heerlijkheid is niet iets van de vierkante meter!

Kerkelijke eenheid is logisch – dat staat boven dit stuk.
Vanwege de hardheid der menselijke harten had er ook kunnen staan: kerkelijke eenheid zou logisch moeten zijn.
Want dat ligt vaak niet makkelijk.
Laten wij het daarom nog maar eens repeteren: “En Ik heb hun de heerlijkheid gegeven die U Mij gegeven hebt, opdat zij één zijn”. Kerkelijke eenheid heeft de volle aandacht van onze Heiland!

Noten:
[1] De gegevens van deze publicaties zijn: “Kerkelijke eenheid: gave en opdracht”. – Uitgeefmaatschappij Kok ten Have, 1996;  “Zoeken naar kerkelijke eenheid” – uitgave onder verantwoordelijkheid van het deputaatschap voor eenheid van de gereformeerde belijders in Nederland van de Christelijke Gereformeerde Kerken in Nederland –, Drukkerij en Uitgeversmaatschappij Buijten en Schipperheijn, 2003; J.J. Rietveld, “Kerkelijke verdeeldheid: waarheen?” – Uitgeverij Om Sions Wil, 2018.
[2] Johannes 17:22 en 23.
[3] Zie Johannes 17:2: “…zoals U Hem macht gegeven hebt over alle vlees, opdat Hij eeuwig leven geeft aan allen die U Hem gegeven hebt”.
[4] Johannes 17:1.
[5] Johannes 17:4.
[6] Zie https://www.allaboutjesuschrist.org/dutch/wonderen-van-jezus-2.htm ; geraadpleegd op donderdag 22 augustus 2019.
[7] Johannes 21:25.
[8] Johannes 17:5.
[9] 2 Corinthiërs 3:18.
[10] 1 Johannes 4:19.

28 augustus 2019

Vrouwen en spirituele oecumene

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Eind september verschijnt een boek over spirituele oecumene. Er is nu al gedoe over. Dat is goed voor de verkoopcijfers. Want dat gedoe functioneert als ongevraagde reclame.

Waar gaat dat gedoe over?
Het Reformatorisch Dagblad meldt ons: “Een aantal theologen heeft op het te verschijnen boek ‘Spirituele oecumene’ kritiek geuit omdat er te weinig vrouwen aan hebben meegewerkt.
Theologe dr. Margriet Gosker wees er vrijdag op Facebook op dat van de vijftig bijdragen aan de bundel er twee geschreven zijn door een vrouw. Het boek wordt op 28 september gepresenteerd op een symposium in Amersfoort, met allemaal mannelijke sprekers. Dit leidde tot veel kritische reacties op sociale media.
Theoloog Samuel Lee trok vrijdag zijn bijdrage in. Hij hoopt dat de publicatie van ‘Spirituele oecumene’ wordt uitgesteld en dat vrouwelijke theologen alsnog een artikel zullen schrijven. Theoloog Peter-Ben Smit riep de andere auteurs zaterdag op hun bijdragen ook in te trekken”.
En:
“De redactie van ‘Spirituele oecumene’ liet dinsdag weten geen officieel verzoek te hebben gehad om een bijdrage terug te trekken, behalve dat van Lee. Het boek ligt nu bij de drukker. Het symposium gaat ongewijzigd door”[1].

Het is toch wat met die mistroostige vrouwen!
Zijn zij meteen achtergesteld als zij niet in groten getale meewerken aan een boek?
Het wordt steeds gekker.
Er is niets tegen als de gedesillusioneerde dames ook een boek over spirituele oecumene schrijven. Dan hebben we er twee. Als de dames een beetje hun best doen wordt de beeldvorming daar alleen maar beter van.

De oecumene brengt ons bij Johannes 10.
Ik citeer:
“Ik heb nog andere schapen, die niet van deze ​schaapskooi​ zijn; ook die moet Ik binnenbrengen, en zij zullen Mijn stem horen en het zal worden één kudde en één Herder”[2].
Die tekst betekent: de verlossing van de zonden door Jezus Christus is niet alleen voor de Joden. Des Heilands beloften zijn niet alleen bedoeld; die zijn geadresseerd aan gelovigen overal ter wereld.
De beloften over vergeving van zonden en eeuwig leven zijn bedoeld voor alle gelovigen. Voor ouderen en jongeren. Voor mannen en… ja ook voor vrouwen.
Dat staat niet expliciet in bovenstaande tekst. Maar de Heiland spreekt over schapen. Daar zijn rammen, mannelijke schapen. Er zijn ook ooien, vrouwelijke schapen. En er zijn lammetjes, jonge schapen. Jezus maakt geen onderscheid. Alle gelovigen tellen mee. Dat is ware oecumene.

De oecumene brengt ons ook bij Johannes 17.
Ik citeer:
“En Ik ​bid​ niet alleen voor dezen, maar ook voor hen die door hun woord in Mij zullen geloven, opdat zij allen één zullen zijn, zoals U, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons één zullen zijn, opdat de wereld zal geloven dat U Mij gezonden hebt”[3].
Onze Here Jezus Christus bidt voor alle gelovigen.
Voor mannen.
En voor vrouwen.
En voor kinderen.
Wát bidt de Heiland precies? Dat staat er in het citaat niet bij. Jezus spreekt over het doel van Zijn gebed. Dat doel is: een eenheid van christenen die lijkt op de Drie-eenheid: Vader, Zoon en Heilige Geest. Als de gelovigen in de Vader, in de Zoon en in de Heilige Geest zijn, worden zij als vanzelf één. Terecht noteert een commentator erbij: “Zo gezien is gebrek aan eenheid onder christenen een teken van gemis aan gemeenschap met God”[4].
De Heiland bidt om ware oecumene!

Spirituele oecumene – wat is dat eigenlijk?
In het Rooms-katholieke decreet over de oecumene Unitatis redintegratio uit 1964 staat daarover: “Deze innerlijke omkeer en heiligheid van leven, tezamen met persoonlijke en openbare smeekbeden voor de eenheid van de christenen, moet men beschouwen als de ziel van de gehele oecumenische beweging. Men kan dit terecht een geestelijke oecumenische beweging noemen”[5].
Die beweging komt voor bij mannen en vrouwen.

Vrouwen tellen mee, ook al worden zij in Gods Woord niet altijd expliciet genoemd.
Laten wij daar niet teveel drukte over maken.
Straks gaan we nog denken dat vrouwen zielig zijn. En dat zijn zij niet. Echt niet.

Noten:
[1] “Kritiek op boek over spirituele oecumene”. In: Reformatorisch Dagblad, dinsdag 20 augustus 2019, p. 3.
[2] Johannes 10:16.
[3] Johannes 17:20 en 21.
[4] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Johannes 17:21.
[5] Geciteerd via: kardinaal Walter Kasper, “Een handboek voor de spirituele oecumene”. – serie: Kerkelijke Documentatie. – p. 9. Te vinden op https://www.rkkerk.nl/wp-content/uploads/2016/10/2007_KDspecial1_Handboek-voor-de-spirituele-oecumene-kardinaal-Walter-Kasper.pdf ; geraadpleegd op woensdag 21 augustus 2019.

27 augustus 2019

Brood voor de toekomst

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Er staan wonderlijke dingen in de Bijbel.

Neem nou het manna dat uit de hemel komt. Dat valt terwijl het volk Israël in de woestijn overnacht.
Wij lezen in Exodus 16:
“Toen de laag dauw opgetrokken was, zie, over de woestijn lag iets fijns, iets vlokkigs, fijn als de rijp op de aarde. Toen de Israëlieten dat zagen, zeiden zij tegen elkaar: Wat is dat? Want zij wisten niet wat het was. ​Mozes​ zei tegen hen: Dit is het brood dat de HEERE u te eten gegeven heeft.
Dit is het woord dat de HEERE geboden heeft: Ieder moet ervan verzamelen naar wat hij eten kan, een gomer per hoofd, naar het aantal van uw personen. Ieder moet het nemen voor hen die in zijn ​tent​ zijn. En zo deden de Israëlieten, zij verzamelden, de een veel en de ander weinig. Zij maten het met de gomer. Wie veel had verzameld, had niets over, en hem die weinig had verzameld, ontbrak niets. Ieder had zó veel verzameld als hij eten kon”[1].

Wat is dat manna precies?
Uit een bekende internetencyclopedie leren wij: “In de Bijbelwetenschap wordt over het algemeen aangenomen dat het gaat om de uitscheiding van bepaalde schildluizen -waarschijnlijk Najococcus serpentinus en Trabutina mannipura-. Volgens sommige mensen is manna echter een eetbare en geneeskrachtige hars afkomstig van de boom Boswellia thurifera. Kerkwierook is veelal op basis van deze hars samengesteld. Een andere mogelijkheid is de zoetige afscheiding van de kameeldoorn –Alhagi maurorum-, die ook vandaag de dag in Israël manna genoemd wordt”[2].
Andere deskundigen zeggen dat het eten van manna niets anders is “dan het nuttigen van hallucinogenische paddestoelen”. En ook: “Het manna uit de bijbel was volgens sommige historici Lecanora esculenta, een korstmos”[3].
Kortom – de geleerden zijn er niet uit.
Opvallend is dat. Blijkbaar vindt de Here het niet nodig dat wij precies weten wat dat manna geweest is. Wij hoeven alleen maar te geloven dat God voedsel geeft als dat nodig is!

Waarom komt het manna uit de hemel?
Dat staat er in Exodus 16 bij: “Ik heb het gemor van de Israëlieten gehoord. Spreek tot hen en zeg: Tegen het vallen van de avond zult u vlees eten, en in de morgen zult u met brood verzadigd worden. Dan zult u erkennen dat Ik de HEERE, uw God, ben”[4].
De laatste regel van het voorgaande citaat is opvallend.
Er staat niet: misschien zult u dan…
Nee, er staat: dan zult u…
De God van hemel en aarde weet van tevoren al wat er gebeuren gaat. Hij heeft de zaak in de hand.

De Here toont Zijn macht. Hij wil dat Zijn volk Hem de eer geeft die Hem toekomt. En daar zorgt Hij zelf voor!
Dat doet Hij niet als een dictator, die precieze voorschriften geeft. Zoals in China waar de machthebbers alle moeite doen om het volk te dwingen om de Chinese cultuur meer te eren. Sinds 2015 behoort het begrip ‘sinificatie’ tot het Chinese overheidsjargon. “Sinificatie betekent dat islamitische, boeddhistische en christelijke leiders hun religie in overeenstemming moeten brengen met het Chinese socialistische gedachtegoed”[5].
Het mag en moet duidelijk zijn – onze Here doet het anders. Heel anders. Hij is zorgzaam. Hij is een goede en gulle Gever!

In Zijn grote liefde geeft Hij zelfs Zichzelf.
Denkt u maar aan de Nederlandse Geloofsbelijdenis. In verband met het Heilig Avondmaal wordt in dat document onder meer gezegd: “Toch vergissen wij ons niet, als wij zeggen dat wat door ons gegeten en gedronken wordt, het eigen en natuurlijke lichaam en het eigen bloed van Christus is. Maar de wijze waarop wij deze nuttigen, is niet met de mond, maar geestelijk, door het geloof. Zo blijft Jezus Christus altijd gezeten aan de rechterhand van God, zijn Vader, in de hemel en deelt Hij Zichzelf toch aan ons mee door het geloof. Bij dit geestelijke feestmaal geeft Christus ons deel aan Zichzelf met al zijn schatten en gaven en doet Hij ons zowel Zichzelf als de verdiensten van zijn lijden en sterven genieten. Hij voedt, sterkt en troost onze arme, verslagen ziel door ons te eten te geven van zijn lichaam, en verkwikt en vernieuwt haar door ons te drinken te geven van zijn bloed”[6].

De Here is uiterst zorgzaam voor Zijn volk.
Hij is bereid om alles voor Israël te doen.
Niet alleen incidenteel, maar ook structureel.
Die manna is nog maar het begin!

Jezus zegt dat ook in Johannes 6.
“Want het brood van God is Hij Die uit de hemel neerdaalt en aan de wereld het leven geeft. Zij zeiden dan tegen Hem: Heere, geef ons altijd dat brood. En ​Jezus​ zei tegen hen: Ik ben het Brood des levens; wie tot Mij komt, zal beslist geen honger hebben, en wie in Mij gelooft, zal nooit meer dorst hebben”[7].
En:
“Uw vaderen hebben het manna gegeten in de woestijn en zij zijn gestorven. Dit is het brood dat uit de hemel neerdaalt, opdat de mens daarvan eet en niet sterft. Ik ben het levende brood, dat uit de hemel neergedaald is; als iemand van dit brood eet, zal hij leven in eeuwigheid. En het brood dat Ik geven zal, is Mijn vlees, dat Ik geven zal voor het leven van de wereld”[8].

Met dat manna kunnen we ook de toekomst in.
Openbaring 2 zegt daarover: “Wie oren heeft, laat hij horen wat de Geest tegen de ​gemeenten​ zegt. Aan wie overwint, zal Ik van het verborgen manna te eten geven…”[9].
Hoe kijkt Nederland naar de toekomst? Naar 2040 bijvoorbeeld?
De Nationale Toekomst Monitor zegt:
“29% denkt dat het milieu er beter voor staat dan nu.
17% denkt dat Nederland beter wordt bestuurd dan nu.
6% denkt dat er minder onrust en conflict in de wereld is dan nu.
69% verwacht dat in alle personenvervoer op de weg elektrisch is.
47% verwacht dat de meerderheid van de huishoudens een robot heeft die de huishoudelijke taken uitvoert.
1% denkt dat computers slimmer zijn dan mensen.
11% verwacht dat mensen een kolonie hebben gecreëerd op een andere planeet.
54% denkt dat digitalisering de maatschappij heeft verbeterd.
64% verwacht dat organen op maat gemaakt worden in een laboratorium. Donatie is verleden tijd.
18% verwacht dat huisdieren genetisch kunnen worden aangepast zodat mensen er niet meer allergisch voor zijn”[10].
Dat is allemaal prachtig.
Maar…
Een mooier milieu – worden we daar blijer van?
Beter bestuur – levert dat meer tevredenheid op?
Minder huishoudelijke taken – ontvangen we daardoor meer zielenrust?
Ach nee, uiteindelijk is dat niet het geval.
Het Brood van het leven, dat geeft ons pas toekomst. Dat Brood brengt geluk en vrede. Heilzame harmonie, die is te vinden bij onze Heiland: de Here Jezus Christus.

Manna – dat klinkt als de Hebreeuwse uitdrukking voor ‘Wat is dat?’.
De woestijn stond, om zo te zeggen, indertijd vol met vraagtekens.
Maar de kerk van 2019 mag haar Redder naspreken: “Zoals de levende Vader Mij gezonden heeft, en Ik leef door de Vader, zo zal ook wie Mij eet, leven door Mij. Dit is het brood dat uit de hemel neergedaald is; niet zoals uw vaderen het manna gegeten hebben en gestorven zijn. Wie dit brood eet, zal in eeuwigheid leven”[11].

Noten:
[1] Exodus 16:14-18.
[2] Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Manna ; geraadpleegd op dinsdag 20 augustus 2019.
[3] Zie voor de laatste twee suggesties: http://www.bijbelaantekeningen.nl/files/subject?576 ; geraadpleegd op dinsdag 20 augustus 2019.
[4] Exodus 16:12.
[5] Geciteerd van https://www.businessinsider.nl/xi-jinping-china-oorlog-religie/ ; geraadpleegd op dinsdag 20 augustus 2019.
[6] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 35.
[7] Johannes 6:33-35.
[8] Johannes 6:49, 50 en 51.
[9] Openbaring 2:17 a.
[10] Geciteerd van https://stt.nl/nieuws/ntm-2019-hoe-kijken-wij-naar-technologie-en-de-toekomst/ ; geraadpleegd op dinsdag 20 augustus 2019.
[11] Johannes 6:57 en 58.

26 augustus 2019

Bosbranden in Brazilië

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Bosbranden zijn in Brazilië aan de orde van de dag.
De NOS meldt ons: “Het aantal bosbranden in Brazilië is dit jaar opgelopen tot 71.497, het hoogste aantal sinds de telling begon in 2013. Volgens het Braziliaanse agentschap voor ruimteonderzoek (INPE) gaat het om een stijging van 83 procent ten opzicht van dezelfde periode vorig jaar.
Sinds afgelopen donderdag telde het INPE 9507 nieuwe brandhaarden in het land, voornamelijk in het Amazonebekken. Bosbranden komen in het droge seizoen van nature veel voor. Ze worden echter ook veroorzaakt door boeren die delen van het woud ontbossen om dit geschikt te maken voor veeteelt voor de productie van rundvlees. Ook wordt er veel soja geteeld, dat onder meer wordt verkocht als veevoer.
Beelden uit de noordelijkste deelstaat Roraima tonen een regenwoud dat onder een donkere rookwolk bedekt is. In het zuiden van de deelstaat Amazonas en in de hoofdstad daarvan, Manaus, is de noodtoestand afgekondigd. Ook de deelstaat Acre, bij de grens met Peru, is sinds vrijdag in opperste staat van paraatheid”[1].

Maar de NOS bericht ons ook: “Niet overal is de stijging zichtbaar: in de centraler gelegen staten Mato Grosso en Pará zou het aantal bosbranden zelfs gedaald zijn ten opzichte van vorig jaar. Volgens de NASA ligt het totale aantal bosbranden in Brazilië zelfs iets onder het gemiddelde”.
En:
VU-hoogleraar Van der Werf benadrukt wel dat er meer tijd nodig is om de grootte van het probleem echt in te schatten. ‘Zeker, sommige regio’s hebben meer branden dan normaal en iedere brand is er eentje te veel’. Hij denkt dat de gevolgen van de branden over een maand pas echt goed in te schatten zijn. ‘Het brandseizoen is immers pas twee weken bezig’”[2].

Bosbranden in Brazilië – in zekere zin is dat geen nieuws.
Op maandag 9 september 1963 kopte het Nieuwsblad van het Noorden: “Bosbranden in Brazilië breiden zich nog uit”. En een subkop vertelde: 250 doden, 500 vermisten, 60.000 daklozen[3].
Met enige overdrijving kan men zeggen: reeds decennialang zijn er in deze tijd van het jaar met de regelmaat van de klok branden in Brazilië.

Maar daarmee kunnen wij niet volstaan.
Immers – een Gereformeerd mens die de beelden op televisie en internet en in de kranten ziet, denkt aan het vuur in Gods Woord.

Neem nu bijvoorbeeld 2 Thessalonicenzen 1: “Het is immers ​rechtvaardig​ van God verdrukking te vergelden aan hen die u verdrukken, en aan u die verdrukt wordt, samen met ons verlichting te geven bij de openbaring van de Heere ​Jezus​ vanuit de hemel met de ​engelen​ van Zijn kracht, wanneer Hij met vlammend vuur wraak oefent over hen die God niet kennen, en over hen die het ​Evangelie​ van onze Heere ​Jezus​ ​Christus​ niet gehoorzaam zijn. Zij zullen als straf het eeuwig verderf ondergaan, weg van het aangezicht van de Heere en van de heerlijkheid van Zijn macht, wanneer Hij zal gekomen zijn om op die dag verheerlijkt te worden in Zijn ​heiligen​ en bewonderd te worden in allen die geloven -want bij u vond ons getuigenis geloof-”[4].

Nee, wij moeten ons niet overgeven aan zwartgalligheid. Maar wij zullen wel de realiteit onder ogen moeten zien. Wij moeten beseffen: zo ziet vuur eruit. Wij moeten ons realiseren dat het vuur van Gods oordeel nog feller is.

Het geloof van de christenen in Thessalonica wordt snel sterker, schrijft Paulus in 2 Thessalonicenzen 1. Dat de gelovigen in Thessalonica worden vervolgd doet daar niets aan af. Daarom is er alle reden om God te danken!
Het feit van dat sterker wordende geloof mag ook doorverteld worden aan christenen in andere plaatsen. Als een stimulans: geloven in moeilijke tijden? – ja, dat kan!
En het is ook duidelijk: de christenen in Thessalonica horen echt bij Jezus Christus. Jazeker, de Heiland heeft hen gekocht.
Het is zeker: er komt, ook voor de christenen in Thessalonica, een rustige tijd aan.
Dan zal het oordeel komen over de mensen die God genegeerd hebben.
De Heiland komt terug.
Dat is het moment van de definitieve splitsing. De Heiland neemt al Zijn kinderen bij Zich; mensen zonder God worden zover mogelijk bij Gods heerlijkheid weggehouden.

In dit licht bezien zijn de Braziliaanse bosbranden ook vandaag een proclamatie voor de wereld: onze God regeert de wereld; sluit u aan bij Hem aan!

RTL Nieuws meldt: “De branden zijn volgens critici uit binnen- en buitenland een uitvloeisel van het milieubeleid – of het gebrek daaraan – van de nieuwe Braziliaanse president Jair Bolsonaro, een klimaatscepticus die in januari aantrad”[5].
Natuurlijk zijn er voor de branden een paar rationele verklaringen. Die verklaringen hoeven wij niet te bestrijden.
Maar wij dienen, om zo te zeggen, wel door de laaiende vuren heen te kijken. Hopelijk helpt dit artikel daar een beetje bij.

Noten:
[1] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2298343-recordaantal-bosbranden-geteld-in-amazonegebied.html ; geraadpleegd op zaterdag 24 augustus 2019.
[2] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2298422-duizenden-branden-in-amazonegebied-wat-is-er-aan-de-hand.html ; geraadpleegd op zaterdag 24 augustus 2019.
[3] Nieuwsblad van het Noorden, maandag 9 september 1963, p. 1.
[4] 2 Thessalonicenzen 1:6-10.
[5] Geciteerd van https://www.rtlnieuws.nl/nieuws/buitenland/artikel/4821071/bolsonaro-bosbrand-amazone-milieu-klimaat-opwarming-aarde-natuur ; geraadpleegd op zaterdag 24 augustus 2019.

23 augustus 2019

Verwarrende tijd

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

‘Het is een verwarrende tijd’, zei een trouwe kerkgangster onlangs. Zij zei het in de wandelgangen, bij de koffie na de dienst op een zondagmorgen.
Een dergelijke verzuchting kan enigszins misleidend wezen. Alle jaren door, en op diverse momenten, zeggen mensen dat de tijden moeilijk zijn.
Maar het statement van de kerkgangster is wel te begrijpen.

Laten wij eens een paar zaken op een rij zetten.
1.
Via het internet worden wij gebombardeerd met allerlei informatie. En steeds vaker komt de vraag op ons af wat nu precies waar is. Het fenomeen ‘nepnieuws’ is in opkomst. Wie kun je nog geloven?
2.
Woord- en kerkverlating trekken hun sporen in de maatschappij. Wij worden geconfronteerd met allerlei stijlen, denkwijzen en levensovertuigingen. In de caleidoscoop van de kleurrijke samenleving worden de kleuren zwart en wit steeds minder gewaardeerd.
Men vraagt om nuanceringen. En om begrip voor elkaar.
3.
Dit verschijnsel wordt nog versterkt door de vele miljoenen vluchtelingen die er op deze aarde zijn. Vele, vele migranten komen ons land binnen. Zij komen uit allerlei delen van de wereld. Die vluchtelingen nemen hun eigen cultuur mee. En hun eigen taal. En hun eigen zeden.
4.
Op het terrein van kerken en kerkgenootschappen worden ook grenzen verlegd. Men stapt makkelijk over grenzen héén. Kerkverbanden verliezen steeds meer van hun betekenis.
Door de ontwikkelingen in de maatschappij worden kerkmensen mondiger. Hun mening steken ze niet onder stoelen of banken. Ook op kerkelijk terrein geldt: men vraagt om nuanceringen en om begrip voor elkaar.
5.
Het is makkelijk om aan informatie te komen. In ons dagelijks leven komen we bovendien heel veel mensen tegen. Vanwege al die drukte wordt ons levenstempo hoger.
Wij worden geacht met allerlei nieuws rekening te houden. De opinies van allerlei passerende mannen, vrouwen en kinderen moeten wij wellicht in onze eigen meningsvorming verwerken.
Maar misschien is dat, bij nader inzien, ook weer niet nodig. Dat is namelijk een kwestie van persoonlijke keuze.
6.
De mensen worden ouder. Door betere gezondheidszorg en goede medicijnen leven zij langer. Maar hoe ouder men wordt, hoe moeilijker de meningsvorming wordt.
Het lijkt wel of de tijden steeds verwarrender zijn.

In verband met het bovenstaande is het goed elkaar te wijzen op Ezechiël 36: “Dan zal Ik u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit uw lichaam wegenemen en u een hart van vlees geven. Ik zal Mijn Geest in uw binnenste geven. Ik zal maken dat u in Mijn verordeningen wandelt en dat u Mijn bepalingen in acht neemt en ze houdt”[1].

Die boodschap wordt ook doorgegeven aan de kerk van 2019. En dat bericht stelt gerust.
Wij hebben stapels informatie voor onze neus – figuurlijk dan. Wij worden geconfronteerd met honderd meningen per week – bij benadering althans.
Maar als wij het overzicht dreigen te verliezen, dan is daar de God van hemel en aarde.
Hij zegt: Ik zal u een nieuw hart geven; het harde hart gaat eruit, er komt een doordringbaar levenscentrum in.
Hij zegt: Ik geef u Mijn Geest; Ik ga met u mee, waar u ook bent.
Zijn wij de weg een beetje kwijt? De Heilige Geest van de Here is bij ons. Hij brengt ons altijd weer terug op de route naar Zijn toekomst!

Wat is de situatie in Ezechiël 36?

Daar moet de profeet Ezechiël aan het werk.
Hij moet profeteren tegen de bergen. Waarom? Vijanden van Israël hebben bezit genomen van die bergen. En dat voorspelt onheil. Want bergen kun je moeilijk innemen en bezetten. Je kunt beter een stad op de vlakte in bezit nemen. Dat is overzichtelijk. Maar een berg? Die is hoog. Een berg is lastig. Het beklimmen van een berg kan gevaarlijk zijn. Als zelfs de bergen al in bezit van de vijand zijn… – dan is alle hoop verloren.
De vijanden zeggen dat ook. We hébben ze!, zeggen ze. En ze verkneukelen zich. Israël is, figuurlijk gezien, een prooi voor de wolven.
Welnu – in die situatie komt er een proclamatie van God.
En iedereen moet luisteren. De natuur, de steden en iedereen die erin woont… – luisteren zullen zij![2]

Wat zegt God?
Hij heeft gesproken tegen de heidenvolken en tegen Edom. Dat zijn de vijanden van Israël.
Zeg dus niet: die heidenvolken hebben op eigen houtje gehandeld. Nee, de Verbondsgod van Israël heeft Zich laten horen. En toen gebeurde er wat!
Maar nu gaat de Verbondsgod tegen Israël spreken.
Die heidenvolken? Die hebben Gods volk aangepakt. En dat is, ten diepste, schandalig![3]

De zaken gaan veranderen.
Het land zal weer een goede oogst geven. Er komt bevolkingsgroei. De steden worden herbouwd. De puinhopen gaat men opruimen.
Ja, er komen weer mensen. Het onherbergzaam geworden land wordt opnieuw gecultiveerd.
God zegt: “Ik zal mensen over u doen lopen, namelijk Mijn volk Israël”[4].
De vijanden zeggen: wij hebben de macht. Zij zeggen: wij slokken de landen op, compleet met de bewoners ervan.
Maar de God van hemel en aarde spreekt dat krachtig tegen. De vijandelijke macht is eindig. Het is afgelopen! Er komt een totale ommekeer! Die heidenen zullen nog eens wat zien![5]

De God van het verbond zegt tegen Zijn woordvoerder Ezechiël: eertijds maakte Israël er, door de zondige levensstijl, een enorm vieze boel van. Afgoderij was aan de orde van de dag. Daarom kreeg het volk met Mijn toorn te maken. Woedend was Ik! Daarom gooide Ik het hele volk door elkaar. Sterker nog: Ik sloeg ze uit elkaar.
Dat was hun straf. En dat was hun eigen stomme schuld![6]

De Israëlieten kwamen bij de heidenen terecht.
Maar toen werd het nog erger.
Want die heidenen zeiden: ‘Die migranten uit Israël genoten toch speciale bescherming van hun God? Wat doen al die mensen dan hier?’[7].

Maar dat neemt God niet.
Zijn heilige naam dreigt te grabbel te worden gegooid. Zijn reputatie dreigt flink ingedeukt te worden.
Maar dat gaat niet gebeuren!
Dat is de reden dat de God van het verbond nu ingrijpt[8].

Er gaat een wonder gebeuren.
Het uit elkaar geslagen volk wordt weer bijeen gebracht.
Het volk wordt gereinigd. Alle viezigheid gaat eraf.
Van buiten en van binnen[9].
En daarom klinken die woorden: “Dan zal Ik u een nieuw hart geven en een nieuwe geest in uw binnenste geven. Ik zal het hart van steen uit uw lichaam wegenemen en u een hart van vlees geven. Ik zal Mijn Geest in uw binnenste geven. Ik zal maken dat u in Mijn verordeningen wandelt en dat u Mijn bepalingen in acht neemt en ze houdt”.

Zo wordt Gods reputatie weer volledig hersteld.
De God van het verbond houdt Zelf Zijn heilige naam hoog!

Laten wij, terwijl Ezechiël 36 op het computerscherm staat, nog eens op aarde rondkijken.

Wie kunnen wij in deze wereld nog geloven? Waar is de waarheid?
Onze God maakt het in de Bijbel duidelijk: Hij maakt zijn Woord waar; bij Hem moet je wezen!

Woord- en kerkverlating – dat zien we in de samenleving op grote schaal.
Maar in Ezechiël 36 roept de God van het verbond ons toe: mensen, doe dat toch niet! U kunt toch lezen waar je dan terecht komt? U ziet toch dat Ik alle macht heb, zowel in de hemel als op de aarde?

Er zijn miljoenen vluchtelingen op aarde. Waar moeten al die mensen heen? Waar moet je al die mensen toch opvangen?
Eén ding is honderd procent zeker: de kerk loopt geen gevaar. Want de Here is in staat om Zijn kinderen bij elkaar te brengen, op het tijdstip dat Hem belieft. Het maakt niet uit waar Zijn kinderen zwerven. De God van het verbond vindt hen echt wel.

Op het terrein van de kerk en allerlei andere genootschappen worden grenzen verlegd. Men delibereert en nuanceert.
In Ezechiël 36 roept de God van het verbond ons toe: mensen, hou daar toch mee op! Hij roept uit: leef met Mij en met Mijn wetten, dan kom je goed terecht. Oftewel: vertrouw niet altijd maar op je eigen theologische intelligentie, maar doe wat Ik zeg; misschien vindt u dat te eenvoudig, maar uiteindelijk is dat waar het om gaat.

Ons levenstempo wordt hoger. Daar komt bij dat wij tegen iedereen zeggen: uw mening télt! Of ook: u bent de moeite wáárd.
In zo’n wereld is het gevaar groot dat meningen van mensen belangrijker gaan worden dan wetten en regels van God.
In Ezechiël 36 roept de God van het verbond ons toe: rustig aan maar! En ook: Mijn heilige naam is van oneindig veel meer belang dan uw denklijnen, uw toekomstvisies en uw al of niet weloverwogen overtuigingen. Mensen, pas toch op!

De mensen worden ouder. Wij leven met z’n allen langer. Maar die ouderdom komt met gebreken. Met een gebrek aan overzicht bijvoorbeeld. Of met de vraag: ben ik, nu ik steeds minder kan, voor Hem nog wel de moeite waard?
In Ezechiël 36 roept de God van het verbond ons toe: Stil maar! Wacht maar! Ik zeg het u toch? Ik doe het Zelf! Wees niet bang: Ik maak mijn werk af; heus waar!

Het is een verwarrende tijd, zei die kerkgangster.
Welnu – de God van het verbond laat het ons in Ezechiël 36 weten: als u het niet meer weet, moet u zich realiseren dat Ikzelf zorg draag voor de heiliging van Mijn naam.
Dus kan de kerk hoopvol de toekomst tegemoet gaan.
Ook in 2019!

Noten:
[1] Ezechiël 36:26 en 27.
[2] Ezechiël 36:1, 2 en 3.
[3] Ezechiël 36:4, 5 en 6.
[4] Ezechiël 36:12 a.
[5] Ezechiël 36:7-15.
[6] Ezechiël 36:16-19.
[7] Ezechiël 36:20 en 21.
[8] Ezechiël 36:22 en 23.
[9] Ezechiël 36:24 en 25.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.