gereformeerd leven in nederland

31 december 2019

De wind waait waarheen hij wil

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Op deze Oudejaarsdag kijkt men terug. In jaaroverzichten houdt men ons de wederwaardigheden van het afgelopen jaar voor.
Als het een beetje wil blikt men ook vooruit. Wat zal het jaar 2020 ons brengen?
Hoe heeft de Here gewerkt in 2019? En wat gaat Hij in 2020 doen?
Aan de hand van Johannes 3 kunnen wij daar wel iets over zeggen.

De Here Jezus zegt in dat hoofdstuk tegen Nicodemus: “De wind waait waarheen hij wil en u hoort zijn geluid, maar u weet niet waar hij vandaan komt en waar hij heen gaat; zo is het met iedereen die uit de ​Geest​ geboren is”[1].
Dat betekent: de werking van de Geest is niet te zien, maar Hij is er wel degelijk!
Dat geeft troost.
We leven in een wereld waarin velen de weg kwijt lijken te zijn. Maar we mogen zeker weten dat de Heilige Geest Zijn werk heeft gedaan. De kerk bestaat nog steeds, ook al is daar in het openbare leven niet altijd veel van te zien.
Ja, dat geeft troost.
Want in Johannes 3 staat niet: de wind waait waarheen Hij wil, de Geest doet Zijn werk, maar in 2020 stopt Hij ermee. In Johannes 3 staat er niet bij: Gods Geest geeft er volgend jaar de brui aan. Dus: de Geest werkt nog altijd overal in de wereld!

Jezus zegt dat tegen Nicodemus, een Schriftgeleerde. De Gereformeerd-vrijgemaakte dominee M.J.C. Blok sr. (1914-1976) gaf van hem eens de volgende typering: “Deze Nicodemus is zeker niet de eerste de beste, Jezus noemt hem de leraar in Israël. We zouden hem kunnen noemen een professor in de godgeleerdheid”[2].
Welnu – eigenlijk had de Joodse professor dit alles al kunnen weten.
De Boodschap die de Heiland afgaf is namelijk ook in Prediker 11 te vinden: “Evenmin als u weet wat de richting van de wind is, of hoe het gaat met de beenderen in de buik van een zwangere vrouw, evenmin kent u het werk van God, Die alles maakt”[3].
Is het nu zo dat de Here in Prediker 11 de burgers van de wereld in welhaast wurgende onzekerheid achterlaat? Antwoord: zeker niet. Want de Prediker zegt ook: “Zaai uw zaad in de morgen en trek uw hand in de avond niet terug. U weet immers niet of dit zal slagen of dat, of dat het allebei goed zal zijn”[4]. Het advies is dus: ga nu maar aan het werk. Of, om met Prediker 9 te spreken: “Alles wat uw hand vindt om te doen, doe dat naar uw vermogen”[5].

De boodschap van de Heiland maakt diepe indruk op Nicodemus.
Later, in Johannes 7, zal de Schriftgeleerde het voor de Leraar van de kerk opnemen. In een vergadering zegt hij: “Veroordeelt soms onze wet de mens, als zij hem niet eerst hoort en kennis genomen heeft van wat hij doet?”[6].
En Nicodemus is één van de mensen die in Johannes 19 de gestorven Jezus ten grave draagt: “En daarna vroeg Jozef van Arimathea, die een discipel van ​Jezus​ was -maar in het geheim, uit vrees voor de ​Joden- aan ​Pilatus​ het lichaam van ​Jezus​ te mogen wegnemen; en ​Pilatus​ stond het toe. Hij dan ging en nam het lichaam van ​Jezus​ weg. En Nicodemus -die eerst ’s nachts naar ​Jezus​ toe gekomen was- kwam ook en bracht een mengsel van ​mirre​ en ​aloë​ mee, ongeveer honderd ​pond. Zij namen dan het lichaam van ​Jezus​ en wikkelden het in ​linnen​ doeken, met de specerijen, zoals het de gewoonte van de ​Joden​ is bij het begraven”[7].
Nicodemus begrijpt het: de Heilige Geest verandert mensen.
Nicodemus begrijpt het: de Geest van God verlegt de levenskoers van mensen die Hijzelf zorgvuldig uitkiest.
Nicodemus begrijpt het: de Geest van de God van hemel en aarde is hard aan het werk, ook al zie ik het niet.

Dat moet Nicodemus geloven.
En ook wij, in 2019, moeten het geloven.

Steeds weer is er die neiging tot zelfredzaamheid. Wij zijn tot veel dingen in staat. Wij kunnen geweldige reddingsoperaties opzetten. Maar als het er op aan komt…
Een eigenaar van een bouwbedrijf denkt terug aan de manier waarop de regelgeving in verband met de stikstofcrisis de Nederlandse bouwwereld op z’n kop zette: “De stikstofcrisis heeft iedereen met beide benen op de grond gezet. Het bleek maar weer hoe fragiel de economie is op zo’n moment”[8].
De voortdurende lage rentestand krijgt gaandeweg meer negatieve gevolgen. Klaas Knot, de directeur van de Nederlandse Bank, zegt: “De gemiddelde burger zal minder rendement op zijn spaargeld krijgen. Verzekeraars en banken zullen meer beleggingsrisico’s bij hun klanten neerleggen. Vroeger nam de levensverzekeraar of het pensioenfonds allerlei financiële risico’s van jou als individu over, bijvoorbeeld door de hoogte van de pensioenuitkering of de lijfrente te garanderen. Dit soort verplichtingen zijn door de lage rente onbetaalbaar geworden, dus die risico’s worden nu in feite teruggelegd bij de deelnemers van het pensioenfonds en bij de verzekerden”[9].
Wat zijn wij mensen uiteindelijk maar klein!

In het afgelopen jaar gold: “Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft”[10]. En in 2020 zal het blijven gelden: “Want God heeft Zijn Zoon niet in de wereld gezonden opdat Hij de wereld zou veroordelen, maar opdat de wereld door Hem behouden zou worden. Wie in Hem gelooft, wordt niet veroordeeld, maar wie niet gelooft, is al veroordeeld, omdat hij niet geloofd heeft in de Naam van de eniggeboren ​Zoon van God”[11].

De wind waait waarheen hij wil.
De Heilige Geest is volop aan het werk.
Dat zien wij niet. Maar Zijn energie is onuitsprekelijk krachtig.
Dat was zo in 2019.
Het zal in 2020 net zo zijn. Tot onze Heiland terugkomt!

Noten:
[1] Johannes 3:8.
[2] Dat deed hij in een preek over Johannes 3:5-8.
[3] Prediker 11:5.
[4] Prediker 11:6.
[5] Prediker 9:10 a.
[6] Johannes 7:51.
[7] Johannes 19:38, 39 en 40.
[8] Geciteerd uit: “Stikstof heeft bouw op zijn kop gezet”. In: Reformatorisch Dagblad, dinsdag 24 december 2019, p. 5.
[9] Geciteerd uit: “Nu ontstaat het idee dat geld en schulden gratis zijn”. In: Nederlands Dagblad, dinsdag 24 december 2019, p. 20 en 21.
[10] Johannes 3:16.
[11] Johannes 3:17 en 18.

30 december 2019

De nauwkeurigheid van Efeziërs 5

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

“Zolang je in de kerk ruimte krijgt, blijf je”.
Aldus een grote kop in het Nederlands Dagblad van maandag 23 december 2019. Daaronder staat een vraaggesprek met de historicus Harm Veldman. De in de gereformeerde wereld bekende geschiedkundige schreef het boek ‘De Vrijmaking van 1944. Hoe de start in Den Haag doorwerkte in Noord-Nederland’[1].
In het artikel zegt Veldman: “Ik zou mezelf nu omschrijven als een verontruste vrijgemaakte. Maar ik stap er toch niet uit, juist met de geschiedenis van de Vrijmaking in gedachten. Beter is het op je post te blijven, en je stem te laten horen. Mijn motto is: als je gedwongen wordt, moet je wel. Maar zolang men je ruimte laat, blijf je. Daarin sluit ik me aan bij Schilder en mijn andere favoriet, Hendrik de Cock”.
En:
“Zolang er geen vrijzinnigheid is, moet er een zekere elastische ruimte zijn om niet allemaal hetzelfde te laten denken. Door Gods Geest heeft de kerk ook zoiets als een zelfherstellend vermogen: samen kerk zijn, met alle zwakheden. Maar ik wil met dit kerkgeschiedenisboek tegelijk een signaal afgeven: mensen, vergeet het niet, dáár ging het toen om voluit kerk-zijn binnen de elastische bandbreedte van de confessie’”[2].

Dit alles geeft te denken.
Zijn al die mensen die de Gereformeerde kerken (vrijgemaakt) in de afgelopen jaren hebben verlaten te kortaangebonden geweest? Waren zij te kort voor de kop? Te kortzichtig?
Nee.
Waarom niet?
Omdat de satan, de tegenstander van God, in onze tijd een andere verleiding aanbiedt als eerder in de geschiedenis. Het gaat in onze tijd niet om binding, maar om vrijheid. Iedereen krijgt de ruimte. Die ruimte is zo groot dat men in alle rust en met het grootste gemak bij Gods Woord kan wegdwalen. Vrijheid blijheid nietwaar?

In verband met het bovenstaande kunnen wij elkaar wijzen op Efeziërs 5. Meer precies op deze woorden: “Daarom zegt Hij: Ontwaak, u die slaapt, en sta op uit de doden, en ​Christus​ zal over u lichten. Let er dan op dat u nauwgezet wandelt, niet als dwazen, maar als wijzen, en buit de geschikte tijd uit, omdat de dagen vol kwaad zijn. Wees daarom niet onverstandig, maar begrijp wat de wil van de Heere is”[3].
Paulus zegt tegen de christenen in Efeze: val niet terug in allerlei gewoontes en filosofietjes, maar wandel nauwkeurig als kinderen van het licht. Akribos staat er. Dat betekent: precies, zorgvuldig, op nauwgezette wijze, met aandacht voor of inachtneming van details.
Dat woord geldt ook aan het eind van 2019. En dus zwabberen wij niet zomaar overal heen. Nee, wij blijven zo dicht mogelijk bij het Woord van God. Dat is toch logisch?

Wij leven in het laatste deel van de wereldgeschiedenis. In deze tijd zet de satan alle middelen in die hij ter beschikking heeft. En hij pakt natuurlijk de mensen aan waar hij steeds minder grip op heeft.
Denkt u maar aan Colossenzen 1: “Hij heeft ons getrokken uit de macht van de duisternis en overgezet in het Koninkrijk van de Zoon van Zijn ​liefde”[4].
En aan 1 Petrus 5: “Wees nuchter en waakzaam; want uw tegenpartij, de ​duivel, gaat rond als een brullende leeuw, op zoek naar wie hij zou kunnen verslinden”[5].
Doe het goede, zegt Paulus. Leef als wijze mensen[6]!

Veldman stelt: ‘zolang je in de kerk ruimte krijgt, blijf je’.
Daartegenover stelt schrijver dezes: dan blijf je dus ook als de kerk ver van Gods Woord afdwaalt; en alle kerkleden bivakkeren daar dan ook.
Laten wij er niet omheen draaien: dat valt maar moeilijk te rijmen met Efeziërs 5.

Noten:
[1] De gegevens van dit boek zijn: H. Veldman, “De Vrijmaking van 1944. Hoe de start in Den Haag doorwerkte in Noord-Nederland”. Bedum: Uitgeverij Profiel, 2019. – 240 p.
[2] “Zolang je in de kerk ruimte krijgt, blijf je”. In: Nederlands Dagblad, maandag 23 december 2019, p. 14 en 15.
[3] Efeziërs 5:14, 15 en 16.
[4] Colossenzen 1:13.
[5] 1 Petrus 5:8.
[6] In het onderstaande gebruik ik onder meer de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Efeziërs 5:14-16.

27 december 2019

Opnieuw geboren

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Gedurende twee dagen vierden wij het Kerstfeest. De geboorte van Christus had volop onze aandacht.
Welnu – Petrus wijst ons er in zijn eerste algemene brief op dat er nog veel meer geboortes aan de orde zijn.
“Geprezen zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die ons, overeenkomstig Zijn grote barmhartigheid, opnieuw geboren deed worden tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden”[1].

Opnieuw geboren worden – dat is een groots werk van God.
Hij doet dat door Zijn Woord. Jacobus schrijft in zijn algemene brief: “Overeenkomstig Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord van de waarheid”[2].
Ook de Heilige Geest is volop actief. Leest u maar mee in Titus 3. Hij maakte ons zalig “niet op grond van de werken van ​rechtvaardigheid​ die wij gedaan hadden, maar vanwege Zijn ​barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwing door de ​Heilige​ Geest”[3].

Wij, actieve mensen van 2019, vragen ons dan meteen af wat wij daarvoor moeten doen. Immers – wie heeft soms niet de gedachte dat het beter is om helemaal opnieuw te beginnen?
Welnu, dat hoeft niet. Er is ons namelijk een licht opgegaan.
Johannes schrijft: “En het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft het niet begrepen”[4]. Paulus noteert in 2 Corinthiërs 4: “Want God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is ook Degene Die in onze ​harten​ geschenen heeft”[5].
De God van hemel en aarde doet in ons leven het licht aan.
Het davert van de wantoestanden in de wereld. Een christenmens heeft heel vaak de neiging om te roepen: daar moeten wij wat aan doen! En nee, het is niet verkeerd om aan het werk te gaan. Maar het belangrijkste is dat in ons leven het licht schijnen gaat. En laten we het dan niet vergeten: het is God Zelf die de schakelaar omzet.

Waarom gaat het licht in ons leven aan?
Paulus zet het er in 2 Corinthiërs 4 bij: “Want God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is ook Degene Die in onze ​harten​ geschenen heeft tot verlichting met de kennis van de heerlijkheid van God…”[6].
Gelovige kinderen van God leren de glorie van God kennen. En iets van die glorie laten zij al in de wereld zien.
In deze tijd van het jaar hebben de mensen het druk met klimaatverandering. De NOS meldt ons op 18 december: “De rechtbank, het gerechtshof en vandaag ook de Hoge Raad. Allemaal hebben ze geoordeeld dat de Nederlandse Staat eind volgend jaar de CO2-uitstoot met 25 procent moet hebben verminderd ten opzichte van de uitstoot in 1990.
Al een tijd is duidelijk dat dit een erg lastige klus wordt voor het kabinet. In 2017 zat Nederland nog op 12,6 procent reductie en in 2018 op 15 procent. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) berekende onlangs dat de reductie in 2020 in het gunstige geval op 21 procent zal uitkomen.
‘Er ligt een hele grote taak’, is de reactie van minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat op de uitspraak vandaag”[7].
Hoe gewichtig dat alles ook zijn moge, het licht dat God laat schijnen is van veel meer betekenis. Want dat licht laat zien dat er na dit aardse leven een hemelse existentie komt: eeuwig leven voor wie Gods beloften gelooft!

Paulus schrijft in 2 Corinthiërs 4 nog meer: “Want God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is ook Degene Die in onze harten geschenen heeft tot verlichting met de kennis van de heerlijkheid van God in het aangezicht van Jezus Christus”[8].
Er komt een moment dat wij onze Heiland recht in het gezicht kunnen kijken. Maar dan moeten wij wel met het gezicht naar Hem toe gaan staan. Wij moeten ons, met andere woorden, bekeren!
Klimaatverandering? Het is best belangrijk om het nieuws daarover te volgen.
Maar wat meer is: er gaan levens veranderen!
De God van hemel en aarde zorgt ervoor dat wij helemaal opnieuw beginnen. Dat is een wonder. Een grandioze ommekeer! Een ommezwaai die aanzienlijk groter is dan de klimaatverandering waar een ieder over spreekt!

De NOS meldt ons: “De staat is verplicht om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. De Hoge Raad heeft dat geoordeeld in de Urgenda-zaak. Daarmee is het vonnis in de zaak definitief. De uitspraak betekent dat de uitstoot van broeikasgassen voor het einde van 2020 met ten minste 25 procent moet verminderen ten opzichte van 1990”[9].
Dat ziet er reuze stoer uit. Echter – hierboven bleek al dat men dat zeer waarschijnlijk niet gaat halen. De lat ligt te hoog. Dit wordt ‘m niet.
Maar de wedergeboorte? Daarvoor geldt: jazeker, God zet Zijn werk door. En Hij komt tot geweldige dingen.
Petrus wijst het in 1 Petrus 1 aan: “Geprezen zij de God en Vader van onze Heere ​Jezus​ ​Christus, Die ons, overeenkomstig Zijn grote ​barmhartigheid, opnieuw geboren deed worden tot een levende hoop, door de opstanding van ​Jezus​ ​Christus​ uit de doden, tot een onvergankelijke, onbevlekte en onverwelkbare ​erfenis, die in de hemelen bewaard wordt voor u”[10].
Eeuwigdurend!
Smetteloos en puur!
Klimaatverandering of niet – die erfenis verloedert nooit!
Die levende hoop neemt niemand ons af. Want het licht schijnt in de wereld. Ook vandaag.

Noten:
[1] 1 Petrus 1:3.
[2] Jacobus 1:18.
[3] Titus 3:5.
[4] Johannes 1:5.
[5] 2 Corinthiërs 4:6 a.
[6] 2 Corinthiërs 4:6 a en b.
[7] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2315657-nederland-moet-co2-uitstoot-verlagen-maar-hoe-dan-en-wat-als-het-niet-lukt.html ; geraadpleegd op zaterdag 21 december 2019.
[8] 2 Corinthiërs 4:6.
[9] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2315562-hoge-raad-houdt-urgenda-vonnis-in-stand-kabinet-moet-uitstoot-terugdringen.html ; geraadpleegd op zaterdag 21 december 2019.
[10] 1 Petrus 1:3 en 4.

24 december 2019

Boodschap voor onhandelbare kinderen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Er zijn tegenwoordig heel wat kinderen met een rugzakje.
Er zijn kinderen met een onverwerkt verleden. Niet zelden worden zij op school onhandelbaar. Als het nog een beetje tegenzit praten de ouders, de school, de psycholoog en de therapeut tegen elkaar in. Gescheiden ouders hebben het dan niet zelden nog wat moeilijker. Met zoveel experts om hen heen wordt hun stem soms bijna niet meer gehoord.

Omstanders voelen zich machteloos. Wat zullen zij van al die dingen zeggen? Die omstanders hebben vaak ook nog hun eigen verhaal. Immers – misstanden zijn overal. Onbarmhartigheid komen u en ik overal tegen.

In die wereld komt het Evangelie van Mattheüs 1 tot ons: “…en zij zal een Zoon baren, en u zult Hem de Naam ​Jezus​ geven, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun ​zonden”[1].

Zij – dat is Maria. Zij is het die in Lucas 1 zingt: “Hij Die machtig is, heeft grote dingen aan mij gedaan en ​heilig​ is Zijn Naam. En Zijn ​barmhartigheid​ is van geslacht tot geslacht over hen die Hem vrezen”[2].
En:
“Hij heeft het opgenomen voor Israël, Zijn knecht, door aan Zijn ​barmhartigheid​ te denken, zoals Hij gesproken heeft tot onze vaderen, tot ​Abraham​ en zijn nageslacht, tot in eeuwigheid”[3].
Barmhartig – dat is een overheersende eigenschap van het Redder van het leven!

Die Zoon – dat is dus Jezus. ‘Verlosser’, betekent dat. Waarom heet Hij zo? Laten wij het de Heidelbergse Catechismus maar nazeggen: “Omdat Hij ons verlost van al onze zonden, en omdat er bij niemand anders enig behoud te zoeken en te vinden is”[4].

Zalig – gelukkig te prijzen! Dat zijn de mensen die arm van geest zijn; de mensen die als een bedelaar voor God staan. De mensen die niet meer weten hoe het hier op aarde verder moet en die hun hand ophouden bij God.
Dat zijn de mensen die treuren over de macht van Gods tegenstander, de satan. De mensen die het hier, vanwege die satanische macht, soms op aarde diep treurig vinden en die er misschien om moeten huilen.
Dat zijn de mensen die zachtmoedig zijn en veel onrecht verdragen.
Dat zijn de mensen die de aarde zullen beërven. Een door Gods ingrijpen volledig vernieuwde aarde.
Dat zijn de mensen die verlangen naar een Goddelijke orde. Een hemelse orde. Laten we de term ‘nieuwe orde’ hier vermijden. Bejaarde broeders en zusters kennen die term ongetwijfeld nog uit de tijd van de Tweede Wereldoorlog; ‘nieuwe orde’: de staatsindeling die de nazi’s overal in het door hun veroverde gebied wilden introduceren. Nee, hier gaat het over de hemelse orde: de orde die domineert wordt door Gods glorie. Een orde die van bovenaf gegeven wordt!
Dat zijn de mensen die op aarde liefdevolle hulp bieden aan hen die dat nodig hebben. Mensen die medelijden hebben op plekken waar anderen dat nodig hebben.
Dat zijn de mensen die goed oprecht dienen. Het zijn zij bij wie het leven met God geen hapsnap-actie is. Het zijn godsdienstigen die de grote lijn van hun leven door het geloof doortrekken naar de eeuwigheid. Het zijn de mensen die Zijn aangezicht zullen zien, “en Zijn Naam zal op hun voorhoofd zijn”[5].
Dat zijn de mensen die in vrede willen leven met hun vijanden en zich zo snel mogelijk met hen willen verzoenen.
Dat zijn de mensen die vervolgd worden omdat zij het christelijk geloof belijden en praktiseren. Zij die worden weggehoond omdat zij de Bijbel de eerste plaats in hun leven blijven geven.
Herkent u de motieven van Mattheüs 5?[6]

Terug nu naar de kinderen met een rugzakje. En naar de onhandelbare kinderen. En naar hun ouders. Er zijn momenten waarop zij het uitstrálen: het leven is geen doen meer!
Er zijn momenten waarop zij zich vertwijfeld afvragen: wat moeten wij hier nou toch aan doen?
Al die mensen mogen naar de kerk komen.
Nee, dan zijn niet onmiddellijk alle problemen opgelost. Maar in de kerk leer je wel om volhardend verder te kijken dan de horizon van de rampzaligheid. De God van het verbond zegt, juist ook met het oog op het naderende Kerstfeest: schuif de problemen maar aan de kant en concentreer u maar op Immanuel – God met ons!

Er is echter meer dan die onhandelbare kinderen.
Want eigenlijk is heel Gods volk onhandelbaar. En dat is al van den beginne zo geweest. Laten wij elkaar wijzen op Exodus 32: “Ook zei de HEERE tegen ​Mozes: Ik heb dit volk gezien, en zie, het is een halsstarrig volk”[7].
Denkt u ook maar aan Mozes die in Exodus 34 zegt: “Heere, als ik nu ​genade​ in Uw ogen gevonden heb, laat de Heere dan toch in ons midden meegaan. Zeker, het is een halsstarrig volk, maar ​vergeef​ onze ongerechtigheid en onze ​zonde, en neem ons aan als Uw erfelijk bezit”[8].
Of aan Deuteronomium 9 waar de Here zegt: “Ik heb dit volk gezien en zie, het is een halsstarrig volk”[9].
Of aan Jesaja 30: “Wee de opstandige ​kinderen, spreekt de HEERE, om een plan te maken, maar niet van Mij uit; om een ​verdrag​ te sluiten, maar niet vanuit Mijn Geest; het is om ​zonde​ op ​zonde te hopen”[10].
En: “Want het is een ​opstandig​ volk, het zijn leugenachtige ​kinderen, kinderen​ die niet willen luisteren naar de wet van de HEERE”[11].
Om kort te gaan – wij hebben allemaal een rugzakje. Oftewel: wij zijn allemaal onhandelbaar.

Welnu, de Here Jezus Christus onze Heiland, redt ons uit die impasse. Hij is het die tegen Zijn Vader zegt: “En nadat Hij iets verder gegaan was, wierp Hij Zich met het gezicht ter aarde en bad: Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan. Maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt”[12].

Onze Heiland zegt: lieve kinderen, geef dat rugzakje nou maar aan mij; “want Mijn juk is zacht en Mijn last is licht”[13].

Voor alle onhandelbare kinderen van God – en wie is dat van nature niet? – klinkt ook anno Domini 2019 het Kerstevangelie: “…en zij zal een Zoon baren, en u zult Hem de Naam ​Jezus​ geven, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun ​zonden”.

Noten:
[1] Mattheüs 1:21.
[2] Lucas 1:49 en 50.
[3] Lucas 1:54 en 55.
[4] Heidelbergse Catechismus – Zondag 11, antwoord 29.
[5] Openbaring 22:4.
[6] Zie voor het bovenstaande Mattheüs 5:1-12.
[7] Exodus 32:9.
[8] Exodus 34:9.
[9] Deuteronomium 9:13.
[10] Jesaja 30:1.
[11] Jesaja 30:9.
[12] Mattheüs 26:39.
[13] Mattheüs 11:30.

23 december 2019

Recht op de eeuwigheid af

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

“Want zoals de nieuwe hemel en de nieuwe aarde die Ik ga maken, voor Mijn aangezicht zullen blijven staan, spreekt de HEERE, zo zullen ook uw nageslacht en uw naam blijven staan. En het zal geschieden dat van nieuwe maan tot nieuwe maan en van ​sabbat​ tot ​sabbat alle vlees zal komen om zich neer te buigen voor Mijn aangezicht, zegt de HEERE. En zij zullen de stad uit gaan en zien de dode lichamen van de mannen die tegen Mij in opstand zijn gekomen; want hun worm zal niet sterven en hun vuur zal niet uitgeblust worden, en zij zullen voor alle vlees een afgrijzen zijn”.

Bovenstaande woorden zijn een citaat uit Jesaja 66[1]. En wij zien een harde tegenstelling. Wij zien het schrille contrast tussen het eeuwige leven van Gods kinderen en de dood van Zijn tegenstanders. Die antithese is het slot van de profetie van Jesaja. Daar loopt het op uit.
Wat zegt ons dat, twee dagen voor Kerst?

Jesaja 66 begint met de manier waarop de Here gediend wil worden.
Je kunt Hem niet een beetje dienen. Hij dwingt ontzag af.
De God van hemel en aarde is wars van elke vorm van menselijke dikdoenerij.
Hij luistert niet naar mensen die wel iets aan religie willen doen, maar vanuit een misplaatst soort nonchalance mensen offeren in plaats van dieren. En honden; terwijl dat in Israël onreine dieren waren!
Eigenlijk komt het erop neer dat men doet wat men zelf wil.
Men laat God praten. Men negeert Hem. Er wordt niet nagedacht over wat Hij zegt.
‘En daarom’, zegt God, ‘krijgen ze hun verdiende loon. Straf – dat is het enige wat hier past!’.
Met de kerkstad, Jeruzalem, gaat het een stuk beter. Dat wordt een stad van vrede. Heel wat rijkdommen uit heel de wereld komen in Jeruzalem terecht. De inwoners worden vertroeteld, ja tot in de puntjes verzorgd.
Alle heidenvolken worden bij elkaar gebracht. En daarna worden er koeriers naar veraf gelegen landen gestuurd. Die ijlbodes zullen rondbazuinen dat God de macht heeft, in hemel en op aarde.
Alle nog levende mensen zullen God de eer brengen die Hem toekomt.
Maar iedereen die God negeert wordt vernietigd. Er blijft niets van hen over.

Iemand vat Jesaja 66 als volgt samen:
“Vers 1-4: Verwerpelijke tempeldienst
Vers 5,6: Spotters zullen beschaamd staan
Vers 7-9: De HERE brengt zijn volk door een korte verdrukking tot nieuw leven
Vers 10,11: Vreugde met en over Jeruzalem en voeding door Jeruzalem
Vers 12-14: Jeruzalem als bron van troost en groei
Vers 15-17: De HERE komt om te oordelen alles wat gruwelijk is
Vers 18,19: De heerlijkheid van de HERE onder de volken
Vers 20: Israëlieten als een offer voor de HERE
Vers 21: Priesters en Levieten voor de HERE
Vers 22: Nageslacht en naam van Israël blijven bestaan tot in eeuwigheid
Vers 23: Al wat leeft buigt zich voor de HERE
Vers 24: Het eeuwig lot van de afvalligen”[2].
In dit hoofdstuk gebeurt, naar het lijkt, alles tegelijk. Het lijkt een caleidoscoop van de wereldgeschiedenis.
U weet wellicht wat een caleidoscoop is. Voor alle niet-weters: “Een caleidoscoop is een spiegelende veelhoekige buis of koker die aan het ene einde een compartiment met gekleurde kralen of andere kleurige voorwerpen bevat. Dit compartiment is aan de binnenzijde afgesloten met doorzichtig materiaal en aan de buitenzijde met doorschijnend materiaal. Het andere uiteinde van de buis bevat een kijkopening. Twee spiegels, meestal onder een hoek van 30 graden ten opzichte van elkaar, lopen onder een flauwe hoek ten opzichte van de as van de koker over de gehele lengte ervan in de lengterichting. Het uiteinde met het compartiment wordt naar het licht toe gekeerd.
De gebruiker kijkt erin van de ene kant en het licht zorgt via de andere kant voor reflecties in de spiegels. Door deze reflecties ontstaat een als mooi ervaren, symmetrisch mandala-achtig patroon, dat dan door het schudden met de buis kan veranderen”[3].
Wij zien dus stukjes wereldgeschiedenis. Die stukjes komen soms anders te liggen. En dan kijken we weer op een andere manier tegen een deel van de geschiedenis aan.

Alles draait om de macht van de God van hemel en aarde[4].
Jesaja zegt: “Wie heeft ooit zoiets gehoord? Wie heeft iets dergelijks gezien? Zou een land geboren kunnen worden op één dag? Zou een volk geboren kunnen worden in één keer? Maar ​Sion​ heeft nauwelijks weeën gekregen, of zij heeft haar zonen al gebaard. Zou Ík ontsluiting geven en niet doen baren? zegt de HEERE. Of zou Ik, Die doe baren, toesluiten? zegt uw God”[5].
Gods Zoon, de Redder van de wereld, komt naar de aarde. Daarom wordt, om het zo uit te drukken, Gods volk in één keer opnieuw geboren. Er komt een totaal nieuw begin. Voor heel Gods volk. Een nieuwe tijd, voor de hele wereld.
In Johannes 3 wordt die nieuwe start, het keerpunt van de geschiedenis, gemarkeerd: “Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft”[6].

Jesaja proclameert:
* weg met de afgoden!
* onze God is de Machthebber van heel de aarde en de complete kosmos
* wie Gods geboden serieus neemt, krijgt een leven vol welvaart en welzijn
en vooral
* de Knecht van de Here komt eraan; dat is Jezus Christus, de Heiland!

Wat zegt ons dit alles, twee dagen voor Kerst?
Onder meer dit.
Wij leven in een maatschappij die ons, met een ijver een betere zaak waardig, aanleert om van dag tot dag te leven. Kortzichtigheid is troef. Denkt u maar aan:
* de problemen in de zorg
* de vragen rond pensioenen
* de stikstofcrisis
* het trage gedoe met betrekking tot de klimaatverandering[7]
enzovoort.
Jazeker, de Verbondsgod leert ons ook om niet te ver vooruit te kijken. Denkt u maar aan Psalm 68:
“Geloofd zij de Heere;
dag aan dag overlaadt Hij ons.
Die God is onze zaligheid”[8].
of aan Mattheüs 6: “Daarom zeg Ik u: Wees niet bezorgd over uw leven, over wat u eten en wat u drinken zult; ook niet over uw lichaam, namelijk waarmee u zich kleden zult. Is het leven niet meer dan het voedsel en het lichaam meer dan de ​kleding?”[9].
Echter –
* de wereld is kortzichtig omdat er na dit aardse leven niets meer rest dan de dood
* de kerk leeft eerbiedig en blijmoedig omdat na dit aardse leven eeuwig leven vol geluk en vrede volgt.
Jesaja 66 roept ons ertoe op het geloof in Gods beloften levend te houden. Dat geloof belijden wij in een dynamische wereld waarin allerlei panelen voortdurend schuiven.
Maar de kerk ziet de grote lijn. Want zij gaat rechttoe-rechtaan op de eeuwigheid af!

Noten:
[1] Jesaja 66:22, 23 en 24.
[2] Geciteerd van https://www.oudesporen.nl/Download/OS1119.pdf , p. 300; geraadpleegd op woensdag 18 december 2019.
[3] Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Caleidoscoop ; geraadpleegd op woensdag 18 december 2019.
[4] In het onderstaande gebruik ik onder meer https://holyhome.nl/dhs-023.html ; geraadpleegd op woensdag 18 december 2019.
[5] Jesaja 66:8 en 9.
[6] Johannes 3:16.
[7] Zie hierover bijvoorbeeld het overzicht op https://www.nu.nl/klimaat/6018647/wat-heeft-25-jaar-aan-klimaattoppen-opgeleverd.html ; geraadpleegd op woensdag 18 december 2019.
[8] Psalm 68:20.
[9] Mattheüs 6:25.

20 december 2019

De twee kanten van Advent en Kerst

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

“Zie, de hand van de HEERE is niet te kort dat ze niet zou kunnen verlossen, en Zijn oor is niet toegestopt dat het niet zou kunnen horen. Maar uw ongerechtigheden maken scheiding tussen u en uw God, uw ​zonden​ doen Zijn aangezicht voor u verborgen zijn, zodat Hij u niet hoort”.

Dit zijn woorden uit Jesaja 59[1]. En het zijn woorden met een zekere dreiging. Het zijn woorden die, voor het besef van velen, niet zo bij Advent passen. Kerst is immers bijna synoniem met vrede. Maar wat doet Jesaja in hoofdstuk 59? Hij roept tegen zijn volksgenoten: als u zo doorgaat wordt de kloof tussen God en Zijn volk alleen maar groter; bekeer u!
Dat is, om zo te zeggen, de echo van Jesaja 50: “Is Mijn hand ten enenmale te kort om te verlossen? Of is er in Mij geen kracht om te redden? Zie, door Mijn bestraffing maak Ik de zee droog. Ik maak rivieren tot een woestijn. Hun vissen stinken, omdat er geen water is, en ze sterven van dorst”[2].

Is dat nu de boodschap van de kerk? Is dat niet te zwart? Te dreigend? Nee, toch niet.
Wij moeten onze ogen niet sluiten voor de werkelijkheid van 2019. Die realiteit is dat massa’s mensen zich van het christendom afkeren.

Een voorbeeld.
Iemand die zich tot de Islam bekeerd heeft, zegt: “Ik leer mijn kinderen dat kerst hoort bij het katholieke geloof. Helaas past het kerstverhaal niet bij het verhaal over Jezus in de Islam. Maar toch kies ik er bewust voor dat de kinderen van de versie uit de bijbel af weten en vertel natuurlijk onze eigen islamitische kijk er direct achteraan. Omdat die anders is. Op school krijgen ze dit niet mee. Daar hebben we bewust voor gekozen”.
En:
“Islam en kerst kan gewoon niet, klaar! Zo dacht ik erover. Mijn man is moslim, ik ben moslim en al mijn kinderen worden opgevoed met als doel ze te laten opgroeien tot vrome moslims. Waar ik toen niet bij stil stond, was dat ik mijn familie teleurstelde met mijn afwezigheid. Zo erg dat voor een aantal jaren hun Kerst niet compleet was. Mijn ouders vieren kerst niet in de kerk. Kerst betekent voor hen vooral gezellig samen zijn met familie. Vanuit islamitisch oogpunt kun je dan denken ‘dat kan op alle dagen, waarom persé op die dagen?’ Maar traditie en cultuur doorbreek je niet. Na een paar jaar van het boycotten van kerst besloot ik daarom toch weer te gaan”.
En:
“Voor mij voelt dit goed. Ik heb begrip voor mijn ouders en hun cultuur en traditie en daar krijg ik veel moois voor terug en dat is begrip voor mij en mijn gezin. Het kerstmenu is namelijk geheel halal. Mijn ouders kiezen eigenlijk voor iedere gelegenheid waar ik aanwezig ben voor halal eten, zodat de kleinkinderen gewoon alles kunnen eten zonder vragen of iets halal is of niet. Opvoed-technisch ideaal want de kinderen leren hiermee dat wanneer men de ander respecteert je ook respect terug mag verwachten en krijgen. Het is geven en nemen of was het in dit geval nemen en geven”[3].

In het bovenstaande draait alles om respect. En om het liefdevol omgaan met andersdenkenden.
Laten wij maar eerlijk zijn: die andersdenkenden ontmoeten wij zodra we één voet buiten de kerk zetten. En soms komen we hen zelfs in onze eigen familie tegen.
In deze wereld zullen we ’t met elkaar moeten doen.
Bij dit alles komt nog dat het in onze wereld ‘not done’ is om tijdens officiële diners over het geloof te beginnen. Iemand zegt: “Als iemand er wel over begint, zeg je gewoon dat we het er beter niet over kunnen hebben. Het is nu kerstmis”[4].

Het Kerstfeest is, om zo te zeggen, het feest van Gods liefde.
Daarom is liefde tot elkaar, zeker op een Kerstdag, aan de orde van de dag.

Toch kan dat begrip van hierboven gelovige kerkmensen zomaar bij een valkuil brengen.
Wij zeggen: wij hebben begrip voor de Islam; dat wil zeggen: wij begrijpen dat men de Islam aanhangt. Maar dat wil niet zeggen dat wij dat goed moeten vinden!
Voordat wij het weten wordt het christendom een ‘zacht aangedraaide’ godsdienst. We worden voorzichtig. Het Evangelie brengen we een beetje omsluierd. En we houden ’t bij de kern: God is liefde.
Maar in de kerk mogen we ’t nooit vergeten: Advent en Kerst hebben twee kanten.
Nee, dat betekent niet dat we in de periode van Advent en Kerst ruzie over geloof en ongeloof moeten gaan zitten maken. Maar wij moeten wel beseffen dat zondige mensen – ja, ook die uit 2019 – de kloof tussen God en mensen dagelijks groter maken!

Laten wij het in de kerk maar blijven belijden: “Want onze ​overtredingen​ zijn talrijk voor U en onze ​zonden​ getuigen tegen ons. Want onze ​overtredingen​ zijn bij ons, onze ongerechtigheden, wij kennen ze: het overtreden en het liegen tegen de HEERE en het zich afkeren bij onze God vandaan, het spreken van onderdrukking en afvalligheid, het zwanger zijn en melding maken van leugenachtige woorden vanuit het ​hart”[5].

Dan, ja dan is ook dat slotvers van Jesaja 59 voluit geldig: “Wat Mij betreft, dit is Mijn ​verbond​ met hen, zegt de HEERE: Mijn Geest, Die op U is, en Mijn woorden die Ik U in de mond gelegd heb, zullen uit Uw mond niet wijken, ook niet uit de mond van Uw nakomelingen, evenmin uit de mond van de nakomelingen van Uw nakomelingen, zegt de HEERE, van nu aan tot in eeuwigheid”[6].
De kerk mag er dus zeker van zijn: het Evangelie van verkiezing en verlossing zal blijven klinken!

Noten:
[1] Jesaja 59:1 en 2.
[2] Jesaja 50:2 b.
[3] Geciteerd van https://www.cjg043.nl/2017/11/02/kerstmis-en-bekeerd-gaat-dit-samen-ervaringsverhaal/ ; geraadpleegd op dinsdag 17 december 2019.
[4] Zie https://cip.nl/76984-mijd-praten-over-geloof-tijdens-kerstdiner ; geraadpleegd op dinsdag 17 december 2019.
[5] Jesaja 59:12 en 13.
[6] Jesaja 59:21.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.