gereformeerd leven in nederland

30 april 2021

Doe de poorten open!

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Anton Stolwijk is schrijver1. Niet zo lang geleden kwam er een nieuw boek van hem uit. Het heet ‘Buiten dienst. Toen God kleiner moest gaan wonen en ik meekeek‘2. Het boek cirkelt rond de Rooms-katholieke Josephkerk te Alkmaar, een gebouw dat in juni 2019 aan de eredienst werd onttrokken. Er komen nu negen appartementen in.
Anton werd in het Nederlands Dagblad geïnterviewd3. Hij zei onder meer: “Mijn vader is voor weinig salaris altijd bij het bisdom blijven werken omdat hij de overtuiging had dat hij met al zijn projecten mensen in nood kon helpen. Ik kan niet anders dan daar grote bewondering voor hebben. Het is jammer dat ik daar pas achter kom nu hij er niet meer is. Tegelijk moet ik eerlijk zijn: het heeft me er niet toe gezet nu ook bij de kerk te gaan werken om goed te doen. Dat is waar ik nu wel mee zit. Uiteindelijk geldt dat ik het blijkbaar niet mooi en belangrijk genoeg vind, hoe pijnlijk dat ook klinkt“.
En:
“Er gaat veel verloren als een kerk sluit: spiritualiteit, gemeenschapszin, historie. Maar ook voor de samenleving is het een gemis. Realiseren mensen zich wel hoe leeg de samenleving wordt zonder kerken, als er straks alleen nog maar winkels en appartementen zijn? Het staat symbool voor het individualisme dat om zich heen grijpt, dat een kerk als de Josephkerk, die geen duidelijke marktfunctie heeft maar er voor de gemeenschap is, nu wordt omgebouwd naar enkele exclusieve en zeer dure appartementen. Die symboliek kan toch weinig mensen ontgaan. Ik vind het heel confronterend om nu langs de Josephkerk te fietsen en daar de verkoopborden van de makelaar te zien staan’.

Er gaat veel verloren als kerkdeuren dicht blijven. En Anton geeft het ronduit toe: voor mij hoeven ze ook niet meer open te gaan.

Het bovenstaande brengt ons vandaag bij Jesaja 26: “Doe de poorten open, zodat het rechtvaardige volk kan binnengaan, dat de trouw bewaart“4.

In Jesaja 26 horen wij een lang verlossingslied. De volken, inclusief Juda, waren vol zelfvertrouwen. Zij konden, zo meenden zij, hun eigen zaken wel regelen. Zij konden hun eigen boontjes wel doppen.
Welnu, verkondigt Jesaja, er is maar één manier om verlossing en vrede te krijgen. Vertrouw op God! Dan gaat het volk weer zingen. Gods volk gaat haar Here weer loven. Ze gaat zingen: bij de Here zijn wij veilig. Mensen die hun eigen veiligheid willen waarborgen – bijvoorbeeld door zich te verschansen in een hoog gelegen, moeilijk bereikbare burcht – komen bedrogen uit.
Is de weg met God voor mensen altijd makkelijker? Nee, dat niet. Maar de weg is in ieder geval begaanbaar. Mensen die dag en nacht met God leven weten zeker dat de uitkomst positief zal zijn. Ellende blijft hen zeker niet bespaard. En bij tijd en wijle zoekt Gods volk eigen oplossingen voor problemen die gerezen zijn. Maar uiteindelijk blijkt ook altijd weer dat de Here de Enige is die werkelijk vrede geven kan.

Kinderen van God hebben “een sterke stad“, Jeruzalem. Die stad is niet onneembaar vanwege hoge muren of uitgekiende verdedigingslinies. Gods verlossende kracht werkt in die stad. Daarom kan niemand anders daar de macht overnemen.
In Jesaja 26 wordt het duidelijk: in Jeruzalem komen alleen rechtvaardigen te wonen. Wie zijn dat? Dat zijn de mensen die door Christus‘ werk van schuld vrijgesproken zijn. De dichter van Psalm 118 heeft het er ook over:
“Doe de poorten van de gerechtigheid voor mij open,
daardoor zal ik binnengaan, ik zal de HEERE loven.
Dit is de poort van de HEERE,
daar zullen de rechtvaardigen door binnengaan“5.

Dat rechtvaardige volk bewaart de trouw. Heel veel godsdienstigen zijn niet zo trouw. Dat signaleert de Here bijvoorbeeld in Deuteronomium 32. In het lied van Mozes wordt gezongen:
“Hij zei: Ik zal Mijn aangezicht voor hen verbergen;
Ik zal zien wat hun einde is,
want zij zijn een totaal verdorven generatie,
kinderen in wie geen enkele trouw is“6.
Trouw en ontrouw staan in Gods Woord strak tegenover elkaar.

En nu komen we terug bij Anton Stolwijk. U weet wel: die schrijver uit het begin van dit artikel. Hij staat, om zo te zeggen, model voor velen die het christelijk geloof als achtergrond hebben, maar dat in de loop der tijd – onder invloed van allerlei gebeurtenissen en omstandigheden – loslieten. En ergens voelt hij een beetje spijt…
Laat het voor rechtgeaarde Gereformeerden een baken in zee wezen!
Jesaja 26 leert ons dat God trouw is. Dat Schriftgedeelte leert ons dat wij op Hem kunnen bouwen. Laten wij maar met Hem door het leven gaan. Dat doen wij misschien met vragen. Met twijfels. Met ellende. En met verdriet.
Maar laten wij dan ook Openbaring 21 maar gaan lezen, desnoods met tranen in onze ogen: “En ik hoorde een luide stem uit de hemel zeggen: Zie, de tent van God is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen, en zij zullen Zijn volk zijn, en God Zelf zal bij hen zijn en hun God zijn. En God zal alle tranen van hun ogen afwissen, en de dood zal er niet meer zijn; ook geen rouw, jammerklacht of moeite zal er meer zijn. Want de eerste dingen zijn voorbijgegaan. En Hij Die op de troon zit, zei: Zie, Ik maak alle dingen nieuw. En Hij zei tegen mij: Schrijf, want deze woorden zijn waarachtig en betrouwbaar“7.

Noten:
1  Meer informatie over Anton Stolwijk is te vinden op http://www.antonstolwijk.net/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 april 2021.
2  De gegevens van dat boek zijn: Anton Stolwijk, “Buiten dienst. Toen God kleiner moest gaan wonen en ik meekeek“. – Uitgeverij De Geus (Singel Uitgeverijen), 2021. – 272 p.
3  ‘Er gaat veel verloren als een kerk sluit‘. In: Gulliver, bijlage bij het Nederlands Dagblad, vrijdag 23 april 2021, p. 5.
4  Jesaja 26:2.
5  Psalm 118:20.
6  Deuteronomium 32:20.
7  Openbaring 21:3, 4 en 5.

29 april 2021

Wandelen met God

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

In het Nederlands Dagblad van donderdag 22 april jongstleden staat een verhaal over wandelaars die aandacht vragen voor de Heiland die aan het kruis hing. Een citaat: “Dwars door het Drentse landschap loopt een groepje mensen achter een elektrisch golfkarretje aan, waar een opvallend houten kruis op staat. ‘Avondvierdaagse?’, roept een jonge jongen op de fiets de groep toe. ‘Ja, een soort avondvierdaagse, achter het kruis van Jezus aan’, reageren de wandelaars ad rem. Ze zijn blij dat ze worden opgemerkt, want ze lopen hier om gezien te worden. Of beter: om het kruis te laten zien. De stichting Unite in Christ, actief in Noord-Nederland, maakt een soort pelgrimstocht door de drie noordelijke provincies: de dorpentocht316. Ze bidden voor de dorpen waar ze doorheen trekken, voor eenheid onder christenen en voor bloei van het dorp. ‘s Avonds laten ze het kruis achter bij contactpersonen om de volgende dag weer verder te trekken met een nieuwe groep wandelaars. Hun hoop: een geestelijke herleving in Noord-Nederland“1.

Op een andere internetpagina vinden we meer informatie over de dorpentocht: “Het doel van de tocht is om christenen in de woonplaatsen te verbinden en op te roepen tot gebed voor een geestelijke opwekking. Zodat er een mars voor eenheid in Christus ontstaat. Daarnaast is de tocht een oproep tot verootmoediging“2.

Op zichzelf is het een mooi initiatief, die wandeltocht.
Maar men kan er allerlei opmerkingen bij maken en vragen bij stellen. Hoe ver ga je in het streven naar eenheid? Komen de Schriftuurlijke prediking, het goede gebruik van doop en avondmaal, en de tucht in zicht? Of gaat men daar gemakshalve aan voorbij?
Laat het helder zijn – van de volgende mededeling gaan de haren meteen overeind staan: “De tocht begon op zondagavond, eerste paasdag. De groep vierde ‘s avonds buiten het avondmaal. Steenkoud was het, weet Rennie Riedstra (59) nog“. Daar is sprake van een open avondmaal van een volkomen misplaatst soort.
En ja, een Gereformeerd mens wordt daar onmiddellijk narrig van!

Hoe dat zij – deze evangelisten wandelen door Noord-Nederland. Er wordt geëvangeliseerd in een samenleving die soms met God en godsdienst spot. Maar er zijn in Nederland ook velen die het christelijk geloof eenvoudigweg respecteren. Voor al die mensen is het geloof één van de vele levensovertuigingen die er zijn. Men kan op allerlei manieren tegen deze wereld aankijken.
Die vrijheid ziet er aantrekkelijk uit. Maar Gods Woord steekt boven al die overtuigingen uit. Want daarin worden beloften gedaan over een nieuw en volmaakt bestaan in de hemel. Het verlangen naar dat nieuwe leven wordt gewekt door Gods Heilige Geest. Daar schrijft de apostel Judas in zijn brief over: “Maar u, geliefden, herinnert u zich de woorden die voorzegd zijn door de apostelen van onze Heere Jezus Christus, dat zij u gezegd hebben dat er in de laatste tijd spotters zullen zijn, die naar hun eigen goddeloze begeerten wandelen. Zij zijn het die scheuringen veroorzaken, natuurlijke mensen, die de Geest niet hebben. Maar u, geliefden, bouw uzelf op in uw allerheiligst geloof en bid in de Heilige Geest, bewaar uzelf in de liefde van God en verwacht de barmhartigheid van onze Heere Jezus Christus, tot het eeuwige leven“3.

Over deze brief werd op deze plaats al eens geschreven: “Waar gaat het in deze algemene brief om? Een bekende internetencyclopedie leert ons: ‘De brief is geadresseerd aan de christenen in het algemeen. Het hoofdthema van de brief vinden we in de verzen 20-23: een oproep om vast te houden aan het geloof zoals de apostelen dat doorgegeven hebben. De dwaalleraars in de gemeente die er een andere leer op nahouden, namelijk dat Gods genade zo groot is dat zij de redding van Jezus niet nodig hebben, zullen veroordeeld en gestraft worden. De auteur onderbouwt dit in vers 5-19 met verwijzingen naar onder andere Bileam, Sodom en Gomorra en een aantal gebeurtenissen uit buitenbijbelse Joodse geschriften…’4.
Op een andere plaats staat nog wat nadere uitleg: ‘Waarschijnlijk schreef Judas zijn brief tussen 40 en 46 na Christus, rond de tijd van Handelingen 9 tot en met 13. Dit was een turbulente periode waarin vele wonderen en tekenen gebeurden, maar waarin ook vervolging was. Het bevreemdt daarom niet dat Judas de gelovigen vermaant om vast te houden aan een godvruchtig leven en waarschuwt voor verkeerde invloeden. Daarnaast verkondigt hij het oordeel over de ongelovigen’5.
Geen wonder eigenlijk dat Judas voor een heel duidelijke aanpak kiest.
En het is ook goed als wij, in onze tijd, voor een duidelijke aanpak kiezen“6.

Wat missen natuurlijke mensen die de Geest niet hebben? Dat blijkt bijvoorbeeld in 1 Corinthiërs 2: “En wij hebben niet ontvangen de geest van de wereld, maar de Geest Die uit God is, opdat wij zouden weten de dingen die ons door God genadig geschonken zijn“7. Door Christus‘ dood en opstanding wordt de schuld voor onze zonden betaald. Wij worden met de Machthebber der wereld verzoend. Wij gaan de heerlijkheid van de hemel tegemoet!

Bid in de Heilige Geest, zegt Judas. Dat wil zeggen: bid onder leiding van de Heilige Geest.
Zorg dat je de liefde voor God levend houdt, schrijft Judas.
Reken maar op de barmhartigheid van Jezus Christus, noteert Judas.
De apostel wijst zijn lezers – dus ook ons – op de kern van het geloof. In alle drukte van de dag moeten wij bedenken dat het hier om gaat. Bij alle informatiebombardementen in onze maatschappij mogen we beseffen dat het hier om draait.

Een groepje mensen, van steeds wisselende samenstelling, loopt door Noord-Nederland. Wandelen met God is het, in de meest letterlijke zin van het woord. Men wil bewerkstelligen dat er meer eenheid tussen christenen komt. Wandelen met God: dat is mooi.
En toch schuurt er iets. Want men kan zich maar moeilijk aan de indruk onttrekken dat hier sprake is van oecumene van een verkeerde soort. De wandelgroep vierde het heilig avondmaal. Dat bleek hierboven al. En laten we ‘t maar kort door de bocht zeggen: het heilig avondmaal hoort in de kerk gevierd te worden. Het heilig avondmaal vieren we dus niet in de buitenlucht, met een groep wandelaars.
Bovenstaande opmerking wordt – wees daarvan verzekerd! – met veel tegenzin gemaakt. Want één ding is zeker: een Gereformeerd mens wil beslist niet zuur overkomen. Een Gereformeerd mens wil niet moeilijk doen als dat niet strikt noodzakelijk is. Maar met nep-oecumene is uiteindelijk niemand gediend.

In die situatie is het goed om de brief van de apostel Judas te lezen. Want in die brief worden we teruggebracht naar de kern van ons geloof: Goddelijke beloften over vergeving van onze zonden en een eeuwig leven.
Ook in onze tijd moeten wij, om zo te zeggen, zuinig zijn op ons geloof. De apostel Judas schrijft een slotwoord waar wij ons ook vandaag blijmoedig en ootmoedig bij aan kunnen sluiten: “Aan Hem nu Die bij machte is u voor struikelen te bewaren, en u smetteloos te stellen voor Zijn heerlijkheid, in grote vreugde, de alleenwijze God, onze Zaligmaker, zij heerlijkheid en majesteit, kracht en macht, nu en in alle eeuwigheid. Amen“8.
Alleen zo zullen wij tot een Geestelijke herleving komen!

Noten:
1  “Een houten kruis trekt door Noord-Nederland“. In: Nederlands Dagblad, donderdag 22 april 2021, p. 6 en 7.
2  Geciteerd van https://www.uniteinchrist.nl/dorpentocht-316/ ; geraadpleegd op donderdag 22 april 2021.
3  Judas vers 17-21.
4  Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Brief_van_Judas ; geraadpleegd op donderdag 22 april 2021.
5  Geciteerd van https://www.amen.nl/artikel/69/de-brief-van-judas ; geraadpleegd op donderdag 22 april 2021.
6  Geciteerd uit mijn artikel ‘Bezonnen begin‘, hier gepubliceerd op donderdag 11 juli 2019. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2019/07/11/ .
7  1 Corinthiërs 2:12.
8  Judas vers 24 en 25.

28 april 2021

God is onoverwinnelijk

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Is er wel een kerk waar het nooit stormt? Is er wel een kerk waar nimmer gedoe is? Nee, die is er niet.
Nadat te Corinthe het Evangelie was gebracht, ontstonden er groepjes: “Ik ben van Paulus, ík van Apollos, ík van Céphas, en ík van Christus“1. Toen was dat dus ook al zo!
Wij klampen ons zomaar aan mensen vast. Wij bekijken of wij met mensen door één deur kunnen.
Maar ten diepste gaat het daar in de kerk niet om. De kernkwestie moet zijn: “het woord van het kruis is voor hen die verloren gaan wel dwaasheid, maar voor ons die behouden worden, is het een kracht van God“2.

Jezus Christus vormt geen groeperingen. Mensen die gedoopt zijn, staan op naam van de Heiland. Niet op naam van dominee Jansen, of van dominee Klaassen of van dominee Pietersen.
Het gaat in de kerk niet om een groep mensen die het goed met elkaar kunnen vinden. Het gaat om Jezus Christus die voor hen aan het kruis gehangen heeft. In de kerk moeten wij dus niet alleen om ons heen kijken, maar vooral ook omhoog.

Wereldse wijsheid wordt niet door Gods licht beschenen.
Elifaz, een vriend van Job, zegt in Job 5:
“Hij verijdelt de plannen van de sluwen,
zodat hun handen niets wezenlijks kunnen uitrichten.
Hij vangt de wijzen in hun eigen sluwheid,
zodat de raad van hen die slinks zijn, mislukt.
Overdag ontmoeten zij duisternis,
op de middag tasten zij rond zoals in de nacht“3.
Welke situatie wordt hierboven beschreven? Deze: de schijnwerper van Gods Woord is niet aan. Het licht van God brandt niet. In die situatie is het leven vol donkere hoeken. Uit onverwachte hoek kan eensklaps onheil verschijnen.
Zoiets kan ook in de kerk gebeuren.
Dan dienen kerkmensen God voor de vorm. Omdat het zo hoort. Omdat zij zo zijn opgevoed. De woorden klinken vroom, maar onderwijl gaan mensen hun eigen gang. Wat moet er gebeuren om dat te veranderen? Antwoord: de God van hemel en aarde moet Hoogstpersoonlijk ingrijpen! Dat zien wij gebeuren in Jesaja 29: “De Heere zei: Omdat dit volk tot Mij nadert met zijn mond en zij Mij eren met hun lippen, maar hun hart ver van Mij houden, en hun vrees voor Mij slechts een aangeleerd gebod van mensen is, daarom, zie, ga Ik verder met wonderlijk te handelen met dit volk, wonderlijk en wonderbaar; want de wijsheid van zijn wijzen zal vergaan en het verstand van zijn verstandigen zal zich verbergen“4.
De kerk moet dus vertrouwen op God. Van mensen moet het niet komen.

We leven in een tijd waarin de onzekerheid u eensklaps kan bespringen.
Bijvoorbeeld omdat u niet zo communicatief bent en daarom niet goed begrepen wordt.
Bijvoorbeeld omdat uw huwelijk vele diepten en dalen kent.
Bijvoorbeeld omdat u arbeidsongeschikt geworden bent.
En als u dat alles gehad hebt blijkt het ook nog verre van rustig te zijn in kerkelijk Nederland.
Dan kan de vraag naar boven komen: hoe moet dit toch verder?

Het antwoord is: meldt u bij de Here, want Hij laat Zich makkelijk vinden!
Zoek de kerk waar het Woord verkondigd wordt. Het Woord over de gekruisigde Christus, de Man die eenmaal voor al onze zonden betaalde; Zijn eenmalige offer was genoeg. Het Woord over Christus, “de kracht van God en de wijsheid van God“5.
Zoek de kerk waar de heilige doop en het heilig avondmaal op een goede wijze worden bediend; dus zonder toevoeging van allerlei menselijke bedenksels.
Zoek de kerk waar mensen op zonden worden aangesproken; de kerk die daar niks aan doet, mag de naam ‘kerk‘ namelijk niet dragen6.

De wereld is vol onzekerheden. COVID-19 en alles wat daarmee annex is houdt de gemoederen druk bezig.
En wellicht bent u ook wel onzeker over uzelf.
Laten wij dan nog één keer in 1 Corinthiërs 1 gaan lezen. In dat hoofdstuk staat ook: “Let namelijk op uw roeping, broeders: er zijn onder u niet veel wijzen naar het vlees, niet veel machtigen, niet veel aanzienlijken. Maar het dwaze van de wereld heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen, en het zwakke van de wereld heeft God uitverkoren om het sterke te beschamen. En het onaanzienlijke van de wereld en het verachte heeft God uitverkoren, en wat niets is, om wat iets is teniet te doen, opdat geen vlees voor Hem zou roemen. Maar uit Hem bent u in Christus Jezus, Die voor ons is geworden wijsheid van God en gerechtigheid, heiliging en verlossing, opdat het zal zijn zoals geschreven staat: Wie roemt, laat hij roemen in de Heere“7.

Soms zijn we onzeker en bang. De wereld zegt: ’Wat moeten wij beginnen met twijfelmoedige, bevreesde mensen die ook nog onbelangrijk zijn? Die mensen vertrouwen op God, maar wat helpt dat?‘ De Heer van hemel en aarde zegt: ’Juist die mensen zijn Mijn instrumentarium. Het lijkt allemaal zo dwaas, maar het is wereld-veroverend!‘.
Laten wij het maar vasthouden: het woord van het kruis is voor ons een kracht van God. Tegen die kracht kan niemand op!

Noten:
1 1 Corinthiërs 1:12.
2 1 Corinthiërs 1:18.
3 Job 5:12, 13 en 14.
4 Jesaja 29:13 en 14.
5 1 Corinthiërs 1:24.
6 Zie Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 29.
7 1 Corinthiërs 1:26-31.

27 april 2021

Ten dienste van de Koning

In Nederland is het vandaag Koningsdag. Koning Willem-Alexander is 54 jaar geworden. We feliciteren hem van harte met zijn verjaardag en wensen hem graag Gods zegen toe voor de komende tijd. We hopen dat ook voor het staatshoofd de woorden van Psalm 27 gelden:
“De HEERE is mijn licht en mijn heil,
voor wie zou ik vrezen?
De HEERE is mijn levenskracht,
voor wie zou ik angst hebben?“1.

In Mattheüs 25 gaat het ook over een koning. Het gaat over de Koning: de Machthebber van hemel en aarde. Maar met die Machthebber is iets bijzonders aan de hand. Leest u maar mee: “Wanneer de Zoon des mensen komen zal in Zijn heerlijkheid en al de heilige engelen met Hem, dan zal Hij zitten op de troon van Zijn heerlijkheid. En vóór Hem zullen al de volken bijeengebracht worden, en Hij zal ze van elkaar scheiden zoals de herder de schapen van de bokken scheidt. En Hij zal de schapen aan Zijn rechterhand zetten, maar de bokken aan Zijn linkerhand. Dan zal de Koning zeggen tegen hen die aan Zijn rechterhand zijn: Kom, gezegenden van Mijn Vader, beërf het Koninkrijk dat voor u bestemd is vanaf de grondlegging van de wereld. Want Ik had honger en u hebt Mij te eten gegeven; Ik had dorst en u hebt Mij te drinken gegeven; Ik was een vreemdeling en u hebt Mij gastvrij onthaald. Ik was naakt en u hebt Mij gekleed; Ik ben ziek geweest en u hebt Mij bezocht; Ik was in de gevangenis en u bent bij Mij gekomen“2.

De komst van de Koning zal groots wezen. Hij wordt vergezeld van een enorme macht van engelen. Hij neemt, met andere woorden, een omvangrijke hofhouding mee. Ontelbaar veel hemelse dienaren staan tot Zijn dienst. Wat is de taak van al die engelen? Die taak wordt omschreven in Mattheüs 13: “Zoals dan het onkruid verzameld en met vuur verbrand wordt, zo zal het ook zijn bij de voleinding van deze wereld: de Zoon des mensen zal Zijn engelen uitzenden, en zij zullen uit Zijn Koninkrijk verzamelen alle struikelblokken, en hen die de wetteloosheid doen, en zij zullen hen in de vurige oven werpen; daar zal gejammer zijn en tandengeknars“3.
De engelen zijn dus de schoonmakers van de wereld. Gods legermachten houden niet maar een beetje voorjaarsschoonmaak. Nee, zij houden zich bezig met de definitieve reiniging van Gods schepping .

Wat voor bijzonders is er in Mattheüs 25 aan de orde? De Koning had honger en heeft te eten gekregen. De Koning had dorst en kreeg te drinken. Je zou toch zeggen: de Koning is rijk genoeg om daar zelf voor te zorgen… De bedoeling is deze: alles wat de schapen hebben gedaan, deden zij uit naam van de Koning. Zij zijn uit naam van Hem aan het werk geweest.
Hoe dan?
Dat staat een eindje verderop in dit hoofdstuk: “Voorwaar, Ik zeg u: voor zover u dit voor een van deze geringste broeders van Mij gedaan hebt, hebt u dat voor Mij gedaan“4.
De Koning let dus op de zwakken in de kerkelijke samenleving. Op de kwetsbaren. Op de mensen die wel wat extra hulp kunnen gebruiken. De zelfredzame mensen krijgen niet al te veel aandacht van Hem. Het gaat Hem om de broze broeders. Het gaat Hem om de van hulp verstoken zusters. Voor hen heeft Hij speciale aandacht. En Hij geeft Zijn kinderen in deze wereld opdracht om ook op die manier te werk te gaan.
Het meest bijzondere is dus: de Koning vraagt geen aandacht om enkel en alleen Zichzelf omhoog te steken. Zeker, Hij moet wel geëerd worden. Maar dat moet worden gedaan door te zorgen voor nooddruftige broeders en zusters in Zijn kerk. Iedereen moet mogelijkheden hebben om Hem te dienen. We moeten elkaar vooruit helpen, tot eer van de Koning van de kosmos!

Betekent dit alles nu dat kerkmensen zich, om zo te zeggen, totaal over de kop moeten werken? Nee, dat betekent het niet. De zaak ligt, op de keper beschouwd, tamelijk eenvoudig: we moeten de talenten gebruiken die ons gegeven zijn. Niet voor niets staat de gelijkenis van de talenten in ditzelfde hoofdstuk, in Mattheüs 255. En daar staat dan: “Want ieder die heeft, aan hem zal gegeven worden, en hij zal overvloedig hebben; maar van hem die niet heeft, van hem zal afgenomen worden ook wat hij heeft“6. Inderdaad – mensen die God negeren komen gaandeweg verder van Hem af te staan. Maar Zijn kinderen? Die krijgen steeds méér Geestelijke gaven. Zijn kerk? Die ontvangt steeds meer mogelijkheden om de Here God naar behoren te dienen!
Nee, daar lijkt het niet op. Soms lijkt het wel of de kerk in Nederland vooral dwarsgezeten wordt. Soms lijkt het wel of de kerk in Nederland minder mogelijkheden krijgt. Maar wij kennen dat woord uit Johannes 15 toch nog wel? “Ik ben de ware Wijnstok en Mijn Vader is de Wijngaardenier. Elke rank die in Mij geen vrucht draagt, neemt Hij weg; en elke rank die vrucht draagt, reinigt Hij, opdat zij meer vrucht draagt“7. Soms lijkt het erop dat de kerk minder armslag krijgt. Maar dat is dat gezichtsbedrog. Want door de Heilige Geest gedreven gaan kerkmensen hun Heer steeds ijveriger dienen.

Het is Koningsdag vandaag. De koning is jarig.
Maar de kerk heeft haar Koning, met een hoofdletter. Zij ontvangt de kracht om die Koning in eeuwigheid te dienen. Wat een feest zal dat wezen!

Noten:
1 Psalm 27:1.
2 Mattheüs 25:31-36.
3 Mattheüs 13:40, 41 en 42.
4 Mattheüs 25:40.
5 Mattheüs 25:14-30.
6 Mattheüs 25:29.
7 Johannes 15:1 en 2.

26 april 2021

Heb geduld; de bruiloft komt!

Veel mensen hebben behoefte aan een feest. Een festival mag ook. Als er maar gedanst mag worden. Als er maar sociaal contact is. En veel horeca: dat moet er voorál zijn.
Vorige week was er een hoop discussie en ander lawaai over de 538 Oranjedag te Breda. Er was een fieldlab-experiment gepland, waar 10.000 bezoekers welkom waren.
Een field lab: wat is dat? Dat is een locatie waar ondernemers en kennisinstituten elkaar ontmoeten om technologische oplossingen en nieuwe producten te ontwikkelen, te testen, te implementeren en toe te passen1. Zo zijn er vandaag de dag praktijkomgevingen om uit te proberen hoe men, met behulp van medische techniek, veilig bijeen komen kan.
De 538 Oranjedag zou ook zo’n field lab moeten zijn. Personeel van het Bredase Amphia Ziekenhuis sloeg echter alarm: dit kon de bedoeling toch niet wezen?? Een petitie tegen het feest werd bijna 400.000 keer ondertekend. Kortom: kabaal genoeg2. Uiteindelijk verleende de burgemeester van Breda, dr. P.F.G. Depla, geen vergunning voor de 538 Oranjedag. En dat was dat.

Het kabinet versoepelt deze week de coronaregels uiterst voorzichtig.
Intussen wacht het volk rusteloos op meer vrijheid. Men wil, als het even kan, naar buiten voor evenementen en andere festijnen.
Dit alles brengt kerkmensen bij het feest en de maaltijd die Jezus aanbiedt aan allen die Hem in hun leven van harte verwelkomen. Zie Openbaring 3: “Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop. Als iemand Mijn stem hoort en de deur opent, zal Ik bij hem binnenkomen en de maaltijd met hem gebruiken, en hij met Mij“3.

Ons heilig avondmaal is ten diepste ook een maaltijd. Door dat heilig avondmaal wordt ons eens te meer duidelijk gemaakt dat Jezus onze Redder is. Het is een maaltijd tot gedachtenis van Jezus Christus en Zijn verlossingswerk.
Even tussendoor: Gereformeerden hebben voortdurend de neiging om een eredienst waarin het heilig avondmaal wordt gevierd méér waard te achten dan een eredienst waarin ‘gewoon‘ wordt gepreekt. Laten we voor zo’n overwaardering oppassen!
Hoe dat zij – in Zondag 29 van de Heidelbergse Catechismus wordt uiteengezet welke garanties wij in het Avondmaal krijgen: “ten eerste dat wij door de werking van de Heilige Geest even werkelijk deel krijgen aan zijn echte lichaam en bloed, als wij deze heilige tekenen met de lichamelijke mond tot zijn gedachtenis ontvangen; ten tweede dat heel zijn lijden en gehoorzaamheid zo zeker ons deel zijn, alsof wij in eigen persoon voor onze zonden alles geleden en onze schuld aan God voldaan hadden“4.
De Heilige Geest van God is in het heilig avondmaal aan het werk.
De liefde en trouw van Jezus Christus zijn gegarandeerd.
Door Christus’ werk worden wij vrijgesproken van zondeschuld.

Het heilig avondmaal in de kerk is dus aanzienlijk meer waard dan de Bredase 538 Oranjedag en de heibel daaromheen.
Dat heilig avondmaal bereidt ons voor op onze plaats in de hemel, vlakbij onze Redder.

Maar dat heilig avondmaal leert ons ook geduld. Om met het korte formulier voor de viering van het heilig avondmaal in de Gereformeerde kerk te spreken: “Wij genieten aan zijn tafel een voorsmaak van de overvloed van vreugde, die Hij toegezegd heeft. Wij zien met groot verlangen uit naar zijn verschijning in heerlijkheid, naar de bruiloft van het Lam, als Hij de wijn met ons nieuw zal drinken in het koninkrijk van zijn Vader. Zo laat ons blij zijn en vreugde bedrijven en Hem de eer geven, want de bruiloft van het Lam komt“5.
Bij heel veel mensen in Nederland merken we ongeduld. De maatschappij moet weer op gang komen, zeggen ze. De samenleving moet weer van het slot, zeggen ze. Na anderhalf jaar zijn massa’s mensen ongedurig en wispelturig. Zij zijn eigenlijk niet meer bereid om langer af te wachten. Waar komt die jachtigheid vandaan? Wellicht ligt het antwoord op die vraag wel in het recente verleden. Iedereen was gewend om alles te krijgen wat gewenst was, en wel zo spoedig mogelijk. Natuurlijk was er ook ziekte en tegenspoed. Dat zette een rem op het leven. Natuurlijk – er waren jaren dat de koopkracht in Nederland niet heel sterk steeg. Maar over ‘t algemeen ging het prima.
Gedurende lange tijd was het algemene beeld dat de bomen zo ongeveer tot in de hemel groeiden. Het kon niet op. Echter – toen het virus COVID-19 in de wereld kwam stond de hele wereld bijkans stil. En stilstand is achteruitgang, zeggen ze. Dies werd het jaar 2020 alras allerwegen getypeerd als een verloren jaar. Horizontaal beschouwd is dat geen wonder. Als de maximale ontplooiing in deze wereld plaats moet vinden is er inderdaad sprake van droefenis en verlies.
Welnu – in deze situatie kan de kerk tot voorbeeld zijn: heb geduld, en wacht op betere tijden!
In deze situatie kan de kerk tot voorbeeld zijn: geef uw leven in de handen van God; dan komt het altijd goed.

In deze situatie moet de kerk het Evangelie ook blijven verkondigen: er is perspectief; de God van hemel en aarde breekt de toekomst open.
In deze situatie kan de kerk het Evangelie blijven verkondigen. God is overal. Zijn kracht is overal op aarde merkbaar. Met Zijn ontembare energie houdt Hij hemel en aarde, met alles wat erop en erin is, in stand. Zijn regeringskracht gaat ver. Heel ver. Hij is het die loof en gras geeft. En regen en droogte. En vruchtbare en onvruchtbare jaren. En eten en drinken. En gezondheid en ziekte. En rijkdom en armoede. Alles komt bij Hem vandaan6. En dat is nog maar het begin. Wij gaan namelijk een luisterrijk leven tegemoet. Met alle mogelijkheden die maar denkbaar zijn.
Jezus zegt het in Johannes 6 zo: “Wie Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, heeft eeuwig leven, en Ik zal hem doen opstaan op de laatste dag. Want Mijn vlees is het ware voedsel en Mijn bloed is de ware drank. Wie Mijn vlees eet en Mijn bloed drinkt, blijft in Mij en Ik in hem. Zoals de levende Vader Mij gezonden heeft, en Ik leef door de Vader, zo zal ook wie Mij eet, leven door Mij“7.
Nee, er is geen field lab nodig om te testen of dat eeuwig leven wel naar wens werkt.
Bij het heilig avondmaal wordt onze ziel gevoed. Het heilig avondmaal is een sacrament dat behoort bij het Goddelijke instrumentarium. Hij maakt ons, al etend en drinkend, gereed voor een hemelleven dat nimmer ophoudt.

Een 538 Oranjedag? Ach, dat is maar een dag. Een ademtocht vergeleken met de eeuwigheid die Gods kinderen beschoren is!

Noten:
1  Zie hiervoor https://www.ensie.nl/betekenis/field-lab ; geraadpleegd op maandag 19 april 2021.
2  Zie hierover bijvoorbeeld https://nos.nl/artikel/2377186-breda-vraagt-kabinet-of-538-oranjedag-kan-doorgaan-na-massale-ondertekening-petitie.html ; geraadpleegd op maandag 19 april 2021.
3  Openbaring 3:20.
4  Heidelbergse Catechismus – Zondag 29, antwoord 79.
5  Kort formulier voor de viering van het heilig avondmaal – Gereformeerd Kerkboek-1986, p. 530.
6  Zie: Heidelbergse Catechismus – Zondag 10, antwoord 27.
7  Johannes 6:54-57.

23 april 2021

Wijs door het Woord

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Is Gods Woord nog wel relevant vandaag? Kún je er nog wel wat mee in deze tijd? Jawel, zegt Alister McGrath. Dat is een internationaal bekende theoloog en apologeet uit Engeland. Onlangs gaf hij een webinar, een college via internet. Het Nederlands Dagblad deed er verslag van.
“‘Lewis zei: ik geloof niet in de zon omdat ik de zon zie, maar omdat ik in het licht van de zon zoveel andere dingen zie’. Zo is het met geloof, en daarom dus ook met theologie, in zekere zin ook, zegt McGrath. ‘Het geeft zicht op het complete plaatje, andere wetenschappen gaan maar over een deel van het geheel’.

Theologie gaat volgens McGrath niet over het oplossen van problemen maar het onderscheiden van mysteries’. De theologie heeft volgens de Brit drie doelen: laten zien dat het christendom logisch klinkt en een compleet beeld geeft van de werkelijkheid, vragen beantwoorden die in de maatschappij opkomen en laten zien dat het christendom superieur is aan andere wereldbeschouwingen, daarbij gaat het dus om apologetiek. Zelf gaat hij hierbij vaak te rade bij theologen uit het verleden, omdat deze als gids kunnen dienen. Theologie is er volgens McGrath daarom niet alleen om kennis op te doen, maar ook om wijzer te worden“1.

Gods Woord bestrijkt heel het leven.
De liberalen proclameren al jaren dat dat geloof een kwestie van achter-de-voordeur is. Die stelling moet men echter zoetjesaan verlaten.
Er zijn, om het zo uit te drukken, traditioneel-gelovigen. Daarnaast zijn er mensen die hun levensvisie samenstellen uit diverse levensbeschouwingen. Men spreekt zelfs wel van solo-religiositeit. Een jaar of acht geleden schreef iemand al: “Tegelijkertijd blijft de behoefte om religie te delen in gemeenschappelijke ruimten, kerken, kloosters, maar ook in musea, concerten en rond herdenkingen. De individuele wereld wordt collectief beleefd en grenzen tussen religieuze en publieke ruimten vervagen. Dus in tegenstelling tot wat de secularisatiethese ons wilde doen geloven, is religie niet verdwenen, – ook niet achter de voordeur – , maar getransformeerd en permanent aan verandering onderhevig“2.

Religie verandert dus voortdurend. En de maatschappij natuurlijk ook. In die samenleving is het belangrijk dat we elkaar onderwijzen. Wij moeten elkaar aanvuren. Wij behoren elkaar te attenderen op maatschappelijke ontwikkelingen.
In welke wereld leven wij? Theanne Boer, zelfstandig tekstschrijver, gaf er onlangs in een column een treffende karakterisering van: “Dat Godsvertrouwen, dat mis ik erg. Bij mijzelf, bij mensen om me heen, bij boeren, bedrijven, regeringen en gezondheidsraden. Angst regeert, met uitbuiting en uitputting van mensen, dieren en land tot gevolg. Het is tijd voor een jubeljaar en ik denk dat dat in ons eigen hart en leven moet beginnen. Daar is ontzettend veel moed voor nodig en ik bid daarvoor“3.
Wat staat de kerk te doen?
Vertrouwen op God – daar gaat het om in deze wereld.
Vertrouwen op God – dat moeten wij levend houden, ook anno Domini 2021.
Vertrouwen op God – dat geeft ons kracht om voort te gaan op de wegen die de God van hemel en aarde ons wijst.
Vertrouwen op God – dat betekent dat wij God op Zijn Woord geloven.

Dat laatste mogen wij er wel met enige nadruk bij zetten. Wij hebben immers allen de drang om er zo nu en dan wat bij te bedenken of van af te doen.
Zo ging dat in de tijd van de Bijbel ook al.
In de kerk te Colosse – een stad die in het westen van het huidige Turkije lag – had men te maken met judaïsme: de volkomen verlossing door het werk van Jezus Christus werd ontkend; mensen achten zich in staat om voor hun eigen gerechtigheid te zorgen. Men had daar ook te maken met gnosticisme: mensen beweren dat zij een hogere kennis hebben, niet gebaseerd op Gods Woord maar op het fundament van de mystiek. In Colosse kwam men ook ascese tegen: een sobere levenswijze waarin men zich onthoudt van aards genieten, om aldus een betere kwaliteit van leven te bewerken. Er was ook engelenverering: het vereren van de hemelse dienaren van God4. Natuurlijk – in 2021 laten we het judaïsme, de gnostiek, de ascese en de verering van engelen links liggen. Wij houden er meer subtiele vormen van eigenwillige godsdienst op na. Maar de ’geest van Colosse‘ zit ook in ons. Die zit namelijk in alle mensen.

Daarom is Colossenzen 3 ook vandaag nog actueel: “Laat het woord van Christus in rijke mate in u wonen, in alle wijsheid; onderwijs elkaar en wijs elkaar terecht, met psalmen, lofzangen en geestelijke liederen. Zing voor de Heere met dank in uw hart“5.
Het betaamt ons, noteert de apostel Paulus, om elkaar de weg te wijzen door middel van psalmen en geestelijke liederen. Psalmen zijn er tot Gods lof, jazeker. Met psalmen uiten we onze dank jegens de God van alle leven, inderdaad. Maar al zingend wijzen we elkaar ook de weg naar Jezus Christus en naar Zijn Woord. De Psalmen belichten het werk van Jezus Christus. Dat heeft Jezus ook Zelf tegen Zijn leerlingen gezegd: “Dit zijn de woorden die Ik tot u sprak toen Ik nog bij u was, dat alles vervuld moest worden wat over Mij geschreven staat in de Wet van Mozes en in de Profeten en in de Psalmen“6. Vervolgens laat Hij in de hoofden van de discipelen als het ware het licht aan gaan: “Toen opende Hij hun verstand zodat zij de Schriften begrepen. En Hij zei tegen hen: zo staat er geschreven en zo moest de Christus lijden en uit de doden opstaan op de derde dag“7. Ja, onze Heiland leeft eeuwig. En Zijn kinderen ook.
Dat zien we bijvoorbeeld in Psalm 9. Daarin gaat het over Gods gericht, over het behoud van Gods kinderen en over het eeuwig leven dat hen beschoren is:
“Psalmzingt de HEER, die eeuwig leeft
en Sion tot zijn woning heeft.
Laat ook voor aller volken oren
de grootheid van zijn daden horen!“

“De HEER heeft zich bekend gemaakt,
hun recht gehandhaafd en bewaakt.
De bozen richten zich te gronde;
dit is Gods antwoord op hun zonde“

“De armen zijn niet voor altijd
ten prooi aan de vergetelheid
Hun hoop gaat niet voorgoed verloren,
daar zij de HERE toebehoren“.

“Rechtvaardig God, sta op en richt
de volken voor uw aangezicht;
laat uw gerichten op hen dalen
en laat de mens niet zegepralen“8.

“Laat het woord van Christus in rijke mate in u wonen“, schrijft Paulus. Daar staat dus niet: onder u – zo wilde Maarten Luther dat lezen. En ook niet: in u als gemeente – er zijn wel theologen die dat zo hebben geïnterpreteerd. Nee, het woord van Christus moet in ons hart verblijven. De Gereformeerde professor P. Biesterveld schreef daar eens over: “Het moet niet maar nu en dan als gast worden ontvangen om dan misschien voor een oogenblik de eereplaats te hebben, het moet in de harten wonen, als in zijn huis, daar het zijn rechten doet gelden. Het woord van Christus is niet voor een enkelen dag der week, of voor eene enkele zielsuiting maar voor heel het leven bestemd. Voor hoofd en hart en hand, voor ons eigen leven en voor ons samenleven met anderen“910.
Inderdaad – Gods Woord bestrijkt heel het leven!

Noten:
1 “Theologie helpt om de hele werkelijkheid te begrijpen“. In: Nederlands Dagblad, vrijdag 16 april 2021, p. 6 en 7.
2 Geciteerd van https://www.nieuwwij.nl/actueel/moeten-w-j-geloven-achter-de-voordeur/ ; geraadpleegd op vrijdag 16 april 2021.
3 “Jubeljaar“ – column. In: Nederlands Dagblad, vrijdag 16 april 2021, p. 13.
4 Zie hiervoor https://www.christipedia.nl/wiki/Kolossenzenbrief , https://www.refoweb.nl/vragenrubriek/17028/judaisme/ , https://www.gotquestions.org/Nederlands/Christelijk-gnosticisme.html en http://www.internetbijbelschool.nl/transfer/basleng13.htm ; geraadpleegd op vrijdag 16 april 2021.
5 Colossenzen 3:16.
6 Lucas 24:44.
7 Lucas 24:45 en 46.
8 Psalm 9:8, 12, 14 en 15 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.
9 P. Biesterveld, “De brief van Paulus aan de Colossensen verklaard“. – Kampen: J.H. Bos, 1908. – p. 369.
10  Professor P. Biesterveld (1863-1908) was van 1894-1902 hoogleraar ambtelijke vakken aan de Theologische School te Kampen en vervolgens van 1902-1908 hoogleraar ambtelijke en Nieuwtestamentische vakken aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.