gereformeerd leven in nederland

23 oktober 2019

De meeste van deze is de ​liefde

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

De liefde wordt alom besproken[1]. De liefde wordt in ontelbaar veel songs bezongen. Kortom – de liefde is een dankbaar onderwerp. Men kan er schier eindeloos over nadenken. En de gedachte aan liefde voor mensen tovert zomaar een glimlach op ons gezicht.

In dit artikel gaat het over de liefde zoals die in Gods Woord ter sprake komt. Meer precies: 1 Corinthiërs 13 staat centraal[2].
Ik citeer een paar verzen uit dat hoofdstuk.
“Al zou ik de talen van de mensen en van de ​engelen​ spreken, maar ik had de ​liefde​ niet, dan zou ik klinkend koper of een schallende ​cimbaal​ zijn geworden. En al zou ik de gave van de ​profetie​ hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de ​liefde​ niet, dan was ik niets. En al zou ik al mijn bezittingen uitdelen tot levensonderhoud van de armen, en al zou ik mijn lichaam overgeven om verbrand te worden, maar ik had de ​liefde​ niet, het baatte mij niets.
De ​liefde​ is geduldig,
zij is vriendelijk,
de ​liefde​ is niet jaloers,
de ​liefde​ pronkt niet,
zij doet niet gewichtig”[3].

Een lofzang op de liefde in de Bijbel: mooier kan het niet!

Eens bestudeerde een Gereformeerde predikant die lofzang. En hij vroeg: “Vaak klagen mensen die aan de rand van het kerkelijk leven verkeren over gebrek aan liefde in de kerk. Ze zeggen: We vinden hier geen gemeenschap der heiligen. Hebben ze daartoe het recht wel?”[4].

Eerst even over die gemeenschap van de heiligen.
De Heidelbergse Catechismus leert ons daarover:
“Wat verstaat u onder de gemeenschap der heiligen?
Antwoord:
Ten eerste dat de gelovigen allen samen en ieder persoonlijk als leden gemeenschap hebben met de Here Christus en deel hebben aan al zijn schatten en gaven. Ten tweede dat ieder verplicht is zijn gaven tot nut en heil van de andere leden gewillig en met vreugde te gebruiken”[5].
In de kerk is er dus een woongemeenschap. Een woongemeenschap met Jezus Christus. Alles wat Hij heeft aan vergevingsgezindheid en eeuwig leven is ook van ons.
Wilt u liefde vinden?
Ga naar de kerk!

In de kerk zijn heel wat mensen aan het werk. Zij doen wat ze kunnen om samen een vreedzame gemeenschap te vormen. In de kerk is de boel goed geregeld. In de kerk is begrip voor elkaar. In de kerk steken we elkaar een helpende hand toe.
Natuurlijk gaat er wel eens wat fout. Volmaakt wordt het niet. De ideale kerk bestaat hier op aarde niet. Maar talloze mensen doen hun best.

De kerk is ordelijk gegroepeerd. De organisatie is transparant. Aan de buitenkant van die groep mensen staan nog wel eens een paar klagers. Die zeggen: ‘er is te weinig liefde in de kerk’.
Hebben ze daar het recht toe?
Jawel. Het is namelijk de waarheid. Aardse liefde is nooit volmaakt. Ook mensen die midden in die vergadering staan moeten wel eens vaststellen dat er aan de liefde nogal wat mankeert.

Maar daarmee is het verhaal niet uit.
Die Gereformeerde predikant van hierboven schrijft in zijn studie:
“Het zal duidelijk zijn dat dit ’hooglied der liefde’ niet gaat over een soort algemeen-menselijke liefde, niet over ’mede-menselijkheid’ en dergelijke. Het gaat over de opbouw van het kerkelijke leven. Daarom moeten we het lezen tegen de achtergrond van de situatie in Corinthe”.
En:
“…het gaat om de opbouw van de gemeente. De liefde die hier wordt bedoeld is: liefde voor de kerk, voor Christus’ duurgekochte gemeente!”[6].
Wat betekent dat?
Dat betekent dat de liefde voor de mensen in de kerk gebaseerd is op de liefde voor de Heiland, en voor Zijn werk.
Die wetenschap kan ervoor zorgen dat wij, als wijzelf niet zo liefdevol behandeld worden, dat makkelijker kunnen relativeren. Immers – als kerkmensen niet zo vriendelijk tegen ons zijn, wil dat nog niet zeggen dat die kerkmensen geen liefde voor hun Heiland hebben.
Inderdaad – kerkmensen zijn soms niet zo vrolijk, aimabel en/of beminnelijk. Laten wij ons, als we daar eens het slachtoffer van zijn, niet meteen afgewezen voelen. Ook voor gelovigen geldt: niets menselijks is hen vreemd; maar de liefde voor Jezus Christus kan best bloeiend wezen!

En dan nog dit.
Paulus schrijft in 1 Corinthiërs 13: “En al zou ik de gave van de ​profetie​ hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de ​liefde​ niet, dan was ik niets”.
Dat doet sterk denken aan Jezus’ woorden in Mattheüs 17: “Als u een geloof had als een ​mosterdzaad, u zou tegen deze berg zeggen: Verplaats u van hier naar daar! En hij zou gaan, en niets zou voor u onmogelijk zijn”[7].
Een uitlegger schrijft bij Mattheüs 17: “Geloof als een mosterdzaad betekent (…) een geloof, dat niet door uiterlijk vertoon, grote woorden enz. indruk maakt op den toeschouwer, maar door zijn innerlijke kracht, zijn eenvoudige en kinderlijke gebondenheid aan God het geheim vormt van grote dingen”[8].
In eenvoudige en kinderlijke gebondenheid aan God leven gelovige mensen in liefde met God en mensen. Met alle tekortkomingen van dien – jazeker. Maar kinderen van God zijn op weg naar een heerlijke toekomst.
En zij weten het nu al zeker:
“Zoals een vader liefdevol zijn armen
slaat om zijn kind, omringt ons met erbarmen
God onze Vader, want wij zijn van Hem.
Hij die ons zelf uit aarde heeft genomen,
Hij weet, dat wij, uit stof aan ’t licht gekomen,
slechts leven op de adem van zijn stem”[9].

Noten:
[1] De titel van dit artikel is geciteerd uit 1 Corinthiërs 13:13.
[2] De keuze van het onderwerp van dit artikel staat in verband met het feit dat 1 Corinthiërs 13 vanavond besproken zal worden tijdens een vergadering van de mannenvereniging ‘Augustinus’ van De Gereformeerde Kerk Groningen.
[3] 1 Corinthiërs 13:1-4.
[4] Dat was dominee G. van Rongen (1918-2006). In: “Jaagt de liefde na – schetsen over de eerste brief van de apostel Paulus aan de gemeente te Korinthe”. – Nederlandse Bond van Gereformeerde Jeugdverenigingen, [ca. 1984]. – pagina 109.
[5] Heidelbergse Catechismus – Zondag 21, vraag en antwoord 55.
[6] Van Rongen, a.w., p. 105.
[7] Mattheüs 17:20.
[8] Geciteerd uit: Dr. Herman Ridderbos, “Het Evangelie naar Mattheüs opnieuw uit den grondtekst vertaald en verklaard” – tweede deel, hoofdstuk 16:13-28:20. – tweede druk. – Kampen: J.H. Kok N.V., 1954. – p. 33.
[9] Psalm 103:5; berijmd – Gereformeerd Kerkboek-1986.

22 oktober 2019

Het luistert nauw

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

De gelijkenis over het onkruid tussen de tarwe is waarschijnlijk wel bekend.

Voor allen die die gelijkenis niet onmiddellijk voor ogen hebben ter oriëntatie nog enkele citaten uit Mattheüs 13.
“Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan iemand die goed ​zaad​ ​zaaide​ in zijn ​akker. Maar toen de mensen sliepen, kwam zijn vijand en ​zaaide​ onkruid tussen de tarwe, en ging weg. Toen het gewas opkwam en vrucht voortbracht, kwam ook het onkruid tevoorschijn”[1].
En:
“Laat ze allebei – tarwe en onkruid – samen tot de ​oogst​ opgroeien, en in de oogsttijd zal ik tegen de maaiers zeggen: Verzamel eerst het onkruid en bind het in bossen om het te verbranden, maar breng de tarwe bijeen in mijn schuur”[2].
En:
“Toen ​Jezus​ de menigte had laten weggaan, ging Hij naar huis. En Zijn discipelen kwamen bij Hem en zeiden: Verklaar ons de ​gelijkenis​ van het onkruid op de ​akker. Hij antwoordde en zei tegen hen: Hij die het goede ​zaad​ ​zaait, is de Zoon des mensen. De ​akker​ is de wereld, het goede ​zaad​ zijn de ​kinderen​ van het Koninkrijk en het onkruid zijn de ​kinderen​ van de boze. De vijand die het ​gezaaid​ heeft, is de ​duivel; de oogst is de voleinding van de wereld en de maaiers zijn ​engelen. Zoals dan het onkruid verzameld en met vuur verbrand wordt, zo zal het ook zijn bij de voleinding van deze wereld: de Zoon des mensen zal Zijn ​engelen​ uitzenden, en zij zullen uit Zijn Koninkrijk verzamelen alle struikelblokken, en hen die de ​wetteloosheid​ doen, en zij zullen hen in de vurige oven werpen; daar zal gejammer zijn en tandengeknars. Dan zullen de rechtvaardigen stralen als de zon, in het Koninkrijk van hun Vader. Wie oren heeft om te horen, laat hij horen”[3].

Het leven gaat ook in 2019 gewoon nog door. Op de automatische piloot, naar het schijnt. Het lijkt erop dat de Here een gedoogbeleid voert: laat de duivel en zijn trawanten zijn gang maar gaan… Pas later, veel later zal het oordeel komen.
Mattheüs 13 toont ons echter dat de werkelijkheid is dat de Here het kwaad opzettelijk ‘volwassen’ laat worden.

Daarin zien we onder meer het geduld van de hemelse God. We zien Zijn lankmoedigheid.
En wij zien ook hoe Gods volk beproefd wordt
Hij geeft Zijn kinderen alle gelegenheid om het kwaad te ontmaskeren. De God van hemel en aarde zegt tegen Zijn gekochten: proclameer het Evangelie maar. God zegt: laat maar zien wat Ik wil, en op welke manier de satan voortdurend pogingen doet om tegenstand te bieden.
Aldus worden Gods kinderen ook getest. Onthullen zij nu ook werkelijk wat de satan aan het doen is? Zeggen ze er ook wat van? Tonen zij aan dat er twee kampen zijn: voor en tegen Jezus Christus, de Heiland?

De media vertellen ons over een dictator in Syrië, Bashar al-Assad.
En over een heerser in Turkije, Recep Tayyip Erdogan. Hij droeg ooit een gedicht voor: “Democratie is slechts de trein die wij nemen tot we op onze bestemming zijn aangekomen. Minaretten zijn onze bajonetten. Koepels onze helmen. Moskeeën onze kazernes en gelovigen onze soldaten”[4].
Laten wij beseffen dat zulke mensen instrumentarium van de duivel zijn!

Christenpolitici in Nederland hebben een verantwoordelijke taak. Zij behoren op hoog niveau te laten zien waar de scheidslijn van goed en kwaad loopt. Op die wijze mogen zij aantonen dat er een strijd op hoog niveau wordt uitgevochten.

In verband met Mattheüs 13 schrijft iemand: “De duivel heeft in ieder geval zijn werk goed gedaan. De verdeeldheid binnen de Christelijke gemeentes heeft een ongekende hoogte bereikt. Er zijn zoveel verschillende opvattingen tegenwoordig over doctrines, geloofsbelijdenissen, en ook het profetische woord dat je nauwelijks nog kan weten wat de echte waarheid is. Zelfs het bestaan van de duivel wordt tegenwoordig al in twijfel getrokken. De duivel wordt ook vaak opgevat als een symbolische term die het kwade of de leugen voorstelt, terwijl de Bijbel ons duidelijk leert dat de duivel een engel is die uit de hemel is gevallen. De grootste leugen van de duivel. Mensen laten geloven dat hij eigenlijk helemaal niet bestaat. De duivel is de vader van de leugen, alle leugens komen van hem. Hij is de zaaier van de verdeeldheid en van de verwarring”[5].
Die realiteit moeten wij vandaag blijven zien!

Er is nog iets.
Het woord dat in onze Bijbels met ‘onkruid’ is vertaald is zizania. Dat betekent eigenlijk: dolik.
Een christelijke internetencyclopedie leert ons: “Dolik is de volksnaam van verschillende gewassen, onder andere van het raaigras en van het bedwelmend raaigras of hondsdravik. De hondsdravik (Lat. Lolium temulentum; Eng. darnel of cockle, Duits Taumel-Dolch, Frans ivraie) behoort wetenschappelijk gesproken tot het geslacht Raaigras (Lat. Lolium). Hij komt overvloedig voor in Israël en Syrië. Hij schiet tussen het koren op en wordt beschouwd als onkruid. Hij lijkt zo sterk op de tarwe dat de plant in sommige streken ‘valse tarwe’ wordt genoemd”[6].
Tarwe en onkruid lijken heel vaak sterk op elkaar. Het is bijna niet van elkaar te onderscheiden. Met andere woorden: sommige opinies lijken reuze christelijk, maar eigenlijk zijn ze het niet.
Dat vraagt attentie van Gods kinderen. Laten wij maar bidden om de leiding van Gods Heilige Geest. Zoals de dichter van Psalm 143 ons dat voorzingt:
“Leer mij uw wil, reik mij uw hand.
Uw goede Geest zij mijn geleide;
voer mij in een geëffend land”[7].

Gewone kerkleden kunnen het gevoel hebben dat zij niet meetellen. De gebeurtenissen in de wereld gaan grotendeels ver boven hun denken uit. Zij bevatten het vaak niet. Wat moeten zij ermee?
Laten de kinderen van God maar beseffen dat de Here hen ziet. Zelfs de meest kleine tarwekorrel ziet Hij van bovenaf!

Denkt u in dit verband maar aan 1 Corinthiërs 15: “…als gij ​zaait, ​zaait​ gij niet het toekomstige lichaam, maar slechts een korrel, bijvoorbeeld van koren, of van iets anders. Maar God geeft er een lichaam aan, gelijk Hij dat gewild heeft, en wel aan elk ​zaad​ zijn eigen lichaam. Alle vlees is niet hetzelfde, maar dat van mensen is anders dan dat van beesten, en het vlees van vogels weer anders dan dat van vissen. Er zijn hemelse en aardse lichamen, maar de glans der hemelse is anders dan die der aardse. De glans der zon is anders dan die der maan en der sterren, want de ene ster verschilt van de andere in glans. Zo is het ook met de opstanding der doden. Er wordt ​gezaaid​ in vergankelijkheid, en opgewekt in onvergankelijkheid; er wordt ​gezaaid​ in oneer, en opgewekt in heerlijkheid; er wordt ​gezaaid​ in zwakheid, en opgewekt in kracht”[8].
Uit een kleine korrel schept de hemelse God iets groots; iets dat de eeuwigheid verduren kan.
De toekomst van de gelovigen is luisterrijk. Daniël profeteerde er al over: “En velen van hen die slapen in het stof van de aarde, zullen ontwaken, sommigen tot eeuwig leven, anderen tot smaad, tot eeuwig afgrijzen. De verstandigen zullen blinken als de glans van het hemelgewelf, en zij die er velen rechtvaardigen, als de sterren, voor eeuwig en altijd”[9].

Jazeker – er komt een moment dat de aarde gemaaid wordt.
Leest u maar mee in Openbaring 14: “En een andere ​engel​ kwam uit de ​tempel​ en riep met luider stem tot Hem, die op de wolk gezeten was: Zend uw ​sikkel​ uit en maai, want de ure om te maaien is gekomen, want de oogst der aarde is geheel rijp geworden. En Hij, die op de wolk gezeten was, zond zijn ​sikkel​ uit op de aarde, en de aarde werd gemaaid”[10].
Maar dat alles is voor gelovige kinderen van God geen reden om bibberend in een hoekje te gaan zitten. Want de Heiland draait er in Mattheüs 13 niet omheen: “Dan zullen de rechtvaardigen stralen als de zon, in het Koninkrijk van hun Vader. Wie oren heeft om te horen, laat hij horen”[11].

Met andere woorden – de kernactiviteit der Gereformeerden is in één woord samen te vatten: luisteren.

Noten:
[1] Mattheüs 13:24, 25 en 26.
[2] Mattheüs 13:30.
[3] Mattheüs 13:36-43.
[4] Geciteerd van https://npofocus.nl/artikel/7466/wie-is-erdogan ; geraadpleegd op dinsdag 15 oktober 2019.
[5] Geciteerd van https://bijbelenzo.wordpress.com/2012/10/30/het-onkruid-en-de-tarwe/ ; geraadpleegd op dinsdag 15 oktober 2019.
[6] Geciteerd van http://www.christipedia.nl/Artikelen/D/Dolik ; geraadpleegd op dinsdag 15 oktober 2019.
[7] Psalm 143:9; berijmd – Gereformeerd Kerkboek-1986.
[8] 1 Corinthiërs 15:37-43.
[9] Daniël 12:2 en 3.
[10] Openbaring 14:15 en 16.
[11] Mattheüs 13:43.

21 oktober 2019

Zout zonder toevoegingen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Waarom gaat het niet zo best met diverse kerkgenootschappen in Nederland?
Mattheüs 5 geeft het antwoord.
“U bent het zout van de aarde; maar als het zout zijn smaak verloren heeft, waarmee zal het gezouten worden? Het deugt nergens meer voor dan om weggeworpen en door de mensen vertrapt te worden”[1].
Als het zout smakeloos wordt, kan men het niet zo goed niet in het eten doen. Met andere woorden: dan is de kerk geen kerk meer.

Hoe wordt zout smakeloos?
Kijkend naar het verleden is het antwoord: “Het zout in die tijd was vermengd met allerlei stoffen, die het konden doen bederven. Flavius Josephus vermeldt dat Herodes een voorraad zout uit de tempelbewaarplaats, die bedorven was, in de voorhoven liet gooien en zo door de mensen liet vertrappen. Dat verklaard waarom zout smakeloos kon worden…”[2].
Het is dus zaak om het zout zuiver te houden. Oftewel: het is van het hoogste belang om het Woord helder te brengen, niets weg te moffelen en er niets bij te verzinnen.

Ergens werd geschreven: “Van de woorden van de HEERE wordt verder gezegd, dat zij zevenvoudig gelouterd zijn in een aarden smeltkroes. Als we letten op de talen die door mensen gesproken worden, zien we een smeltkroes. Sinds de Babylonische spraakverwarring hebben vele talen zich eeuwenlang aangepast, veranderd, vernieuwd; sommige zijn verdwenen. Maar het Woord van God is blijven bestaan, als een rots in de branding; het heeft niets van zijn glans verloren”.
En:
“Nu heeft God Zich in dat menselijke taalgebeuren gemengd: Hij heeft Zijn woorden gesproken, in het Hebreeuws en in het Grieks. Het zijn zuivere woorden, er zitten geen fouten in. Er is van Zijn bedoeling niets verloren gegaan in een vertaalslag. Maar hoe gaat de verdere communicatie naar de mensen toe, de ontvangers? Een eerste voorwaarde is dat de ontvanger wil luisteren. Als die wil er niet is, is er zelfs geen sprake van communicatie. Wil iemand wel luisteren naar Gods Woord, dan is het de vraag of hij Hebreeuws en Grieks kan verstaan. Meestal is dit niet het geval. Dus moeten de zuivere woorden van God vertaald worden om de ontvangende mens te kunnen bereiken. Wel, daar is inmiddels in ruime mate voor gezorgd. Het is echter wel een eerste vertaalslag. Een vertaling is nooit volmaakt; bovendien is er verschil in kwaliteit. Elke vertaling is in feite mensenwerk. Daarnaast veranderen talen, wat kan betekenen dat de boodschap minder goed overkomt.
Tenslotte komen we bij de ontvanger van Gods Woord zelf. Luistert hij/zij voor honderd procent, zich bewust van Degene, Die spreekt, van het gedegen zilver? Of gaat hij uit van zijn eigen denkbeelden, zijn eigen denkvermogen en selecteert hij alleen datgene wat daarmee overeenkomt of daarbij past? Hierdoor kan de boodschap van God niet volledig doorkomen. Er is sprake van filters, een soort selectieve doofheid”.
En:
“In feite heeft God het materiële bedacht en geschapen, door Zijn Woord – Johannes 1! We kunnen wel iets zeggen over het denkvermogen van God. Wat Hij geschapen heeft, heeft Hij eerst bedacht! Als wij dat dan vergelijken met wat wij bedenken en maken… Wij maken eigenlijk slechts gebruik van wat er al is, wat reeds in de materie verborgen is… De gedachten van de mens stellen dus niets voor in vergelijking met de gedachten van God”[3].

Dus:
* talen evolueren, maar Gods Woord verandert niet
* een goede vertaling die de blijde Boodschap in heldere taal overbrengt is van groot belang
* selectieve doofheid is een ramp voor de kerk
* Gods gedachten gaan ver, zeer ver, boven menselijk denkwerk uit.

Vooral die laatste twee aandachtspunten moeten vandaag de dag geaccentueerd worden.
De predikant moet laten staan wat er staat.
En de luisteraars mogen niet weglopen als het Evangelie hen niet welbehaaglijk is. Integendeel – zij moeten een Berea-houding hebben. U weet wel, die attitude van Handelingen 17: “… zij ontvingen het Woord met grote bereidwilligheid en onderzochten dagelijks de Schriften om te zien of die dingen zo waren”[4].

Het probleem is dat heel wat kerkmensen in onze tijd de grondhouding van Richteren 21 hebben: “…eenieder deed wat juist was in zijn ogen”[5]. Oftewel: ieder doet waar hij of zij, kerkelijk bezien, zin in heeft.

Bij dit alles komt nog dat wij tegenwoordig heel wat vervangers van zout ter beschikking hebben. Als daar zijn: basilicum, bieslook, dille, koriander, de maggiplant, munt, oregano, peterselie, rozemarijn, salie, selderij en tijm; of combinaties daarvan. En nog is het einde niet[6].
Een oude wijsheid zegt dat verandering van spijs doet eten. Maar dat geldt vandaag de dag ook in de kerk. Velen zijn niet zo gecharmeerd van het zout. Men kiest voor basilicum, voor bieslook – en wat daar verder volgt, zie boven.
Welnu – Gods Woord houdt het eenvoudig bij zout. En laten gelovige kerkmensen het zich maar realiseren: dat betreft zout zonder toevoegingen.

Noten:
[1] Mattheüs 5:13.
[2] Geciteerd van http://www.bijbelaantekeningen.nl/files/subject?515 ; geraadpleegd op maandag 14 oktober 2019.
[3] Geciteerd van https://www.amen.nl/artikel/1127/het-woord-van-god-is-rein-en-zuiver ; geraadpleegd op maandag 14 oktober 2019.
[4] Handelingen 17:11 b.
[5] Richteren 21:25.
[6] Zie https://www.voedingscentrum.nl/encyclopedie/kruiden-en-specerijen.aspx#blok13 ; geraadpleegd op maandag 14 oktober 2019.

18 oktober 2019

God zorgt voor de rest

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

De Bijbelboeken 1 en 2 Koningen zijn niet bepaald troostvol. Het is de trieste gang van zaken gedurende vele, vele jaren. Zonde en oorlog zijn aan de orde van de dag.

Laten we het rijtje van de koningen van Juda een ogenblik aanschouwen:

Rehabeam 903 voor Christus – 887 voor Christus
Abia (of: Abiam) 886 voor Christus – 884 voor Christus
Asa 884 voor Christus – 843 voor Christus
Josafat 843 voor Christus – 817 voor Christus
Joram 826 voor Christus – 815 voor Christus
Ahazia 814 voor Christus
Atalia 814 voor Christus – 807 voor Christus
Joas 807 voor Christus – 767 voor Christus
Amazia 767 voor Christus – 738 voor Christus
Uzzia 727 voor Christus – 679 voor Christus
Jotham 679 voor Christus – 660 voor Christus
Achaz 660 voor Christus – 643 voor Christus
Hizkia 645 voor Christus – 617 voor Christus
Manasse 617 voor Christus – 562 voor Christus
Amon 562 voor Christus – 560 voor Christus
Josia 560 voor Christus – 529 voor Christus
Joahaz 529 voor Christus
Jojakim 529 voor Christus – 518 voor Christus
Jojachin 518 voor Christus
Zedekia 518 voor Christus – 507 voor Christus[1].

Die lange rij verraadt al dat de stabiliteit in Juda heel vaak niet erg groot is. Het gaat maar door en er verandert bitter, bitter weinig.

Een tweetal citaten uit de geschiedenis van Abia:
“In het achttiende jaar nu van ​koning​ Jerobeam, de zoon van Nebat, werd ​Abia​ ​koning​ over Juda. Hij regeerde drie jaren in ​Jeruzalem​ en de naam van zijn moeder was Maächa, de dochter van Abisalom. Hij wandelde overeenkomstig alle ​zonden​ van zijn vader, die deze vóór hem gedaan had, en zijn ​hart​ was niet volkomen met de HEERE, zijn God, zoals het ​hart​ van zijn vader ​David”[2].
En:
“Er was ​oorlog​ geweest tussen Rehabeam en Jerobeam, al de dagen van zijn leven. Het overige nu van de geschiedenis van ​Abia, en al wat hij gedaan heeft, is dat niet beschreven in het ​boek​ van de kronieken van de koningen van Juda? Er was ook ​oorlog​ tussen ​Abia​ en Jerobeam. En ​Abia​ ging te ruste bij zijn vaderen, en zij ​begroeven​ hem in de stad van ​David. En Asa, zijn zoon, werd ​koning​ in zijn plaats”[3].
Dat is allemaal weinig luisterrijk!

Een internetencyclopedie vermeldt: “Aan het begin van zijn regeerperiode voerde Abia oorlog tegen koning Jerobeam van Israël in een poging beide landen weer te verenigen. Ondanks de overmacht van de Israëliers, wist Abia de slag te winnen en niet minder dan 500.000 soldaten van Israël kwamen om het leven. Abia veroverde de steden Betel, Jesana en Efron.
Abia had veertien vrouwen, bij wie hij tweeëntwintig zonen en zestien dochters verwekte”[4].
Abia is maar een paar jaar aan de macht geweest. Maar men krijgt de indruk dat het er in zijn leven oorlogszuchtig en wild aan toe ging!

Toegegeven – in onze tijd zijn regeerders meestentijds wat langer aan de macht.
Maar een paar zaken herkennen we zeker wel:
* “en zijn ​hart​ was niet volkomen met de HEERE”.
* “en er was oorlog”
* “En ​Abia​ ging te ruste bij zijn vaderen, en zij ​begroeven​ hem”.
Ten diepste lijkt er in 2019 weinig gewijzigd te zijn: er is nog veel ellende in de wereld en nu ja, de wereldgeschiedenis gaat verder…

Terug naar 1 Koningen 15.
Men zou zich kunnen afvragen: kan er aan die maatschappelijke janboel niet beter een eind gemaakt worden? Wat moet je met die chaos? Heeft het nog wel zin om die bende overeind te houden?
Ja, toch wel. Want 1 Koningen 15 meldt ook: “Maar omwille van ​David​ gaf de HEERE, zijn God, hem een ​lamp​ in ​Jeruzalem​ door na hem zijn zoon te doen opstaan en door ​Jeruzalem​ in stand te houden, omdat ​David​ gedaan had wat juist was in de ogen van de HEERE, en niet was afgeweken van alles wat Hij hem had geboden, alle dagen van zijn leven, behalve in de zaak van Uria, de ​Hethiet”[5].
Een uitlegger tekent hierbij aan: “Omwille van David maakt de HEERE geen eind aan zijn huis. Hij houdt in Jeruzalem een lamp voor David. Dat wil zeggen dat het licht niet uitgaat. De HEERE bewaart een getuigenis voor Zichzelf, naar het woord dat de profeet Ahia heeft gesproken (…). Gelukkig heeft God ook in onze dagen Iemand ter wille van Wie Hij niet definitief met ons afrekent”[6].

Welke profetie heeft Ahia uitgesproken? Dat weten we uit 1 Koningen 11. “En aan zijn zoon zal Ik één ​stam​ geven, zodat Mijn dienaar ​David​ alle dagen een ​lamp​ voor Mijn aangezicht zal hebben in ​Jeruzalem, de stad die Ik voor Mij heb ​verkozen​ om Mijn Naam daar te vestigen”[7].
De Here houdt Juda in stand. De Here houdt Jeruzalem in stand. En waarom? Omdat de Here God daar Zijn Naam vestigt.

Van daaruit gaat de Goddelijke victorie over de wereld. Gods licht blijft branden. Met Jezus Christus, de Heiland, komt er – om met Simeon in Lucas 2 te spreken – “licht om de heidenen te verlichten en om Uw volk Israël te verheerlijken”[8].

Laten we het vandaag zo zeggen: de God van hemel en aarde zorgt voor de rest. De rest – dat is Zijn kerk. Het is zoals het in Openbaring 3 staat, in verband met de kerk in Philadélphia: “Zie, Ik heb voor uw ogen een geopende deur gegeven en niemand kan die sluiten, want u hebt weinig kracht en toch hebt u Mijn Woord in acht genomen en Mijn Naam niet verloochend”[9].

Wij leven in een wereld waarin de mensheid bijna ongemerkt een elfde gebod heeft geformuleerd: gij zult zelfredzaam zijn.
Iemand gaf de volgende rake typering: “We leven in een cultuur waarin normaal gesproken voor ieder probleem een oplossing is. Een maakbare wereld die doorwerkt in onze benadering van de dokter, en in zijn benadering van ons. Wij denken alles te kunnen ‘fixen’. Ook de dokter zoekt naar allerlei manieren om een kwaal klein te krijgen. En als het niet opgelost kan worden, vinden we het oneerlijk”[10].
Zelfredzaamheid – dat is bij uitstek het product van de seculiere wereld. En laten wij ons niet vergissen: die seculiere wereld bevindt zich vlak naast de kerk van de Here. Wie de kerk uitloopt staat meteen midden in die wereld.
En u begrijpt: het lijkt 1 Koningen 15 wel!

Zeg niet dat Abia de Here niet kent. Want zo staat dat niet in 1 Koningen 15. Er staat: “zijn ​hart​ was niet volkomen met de HEERE, zijn God”[11]. Abia leeft wel een beetje met God, maar net niet helemaal.
En het kan in de kerk van 2019 zomaar net zo gaan.
Als dat gebeurt gaat het licht dat God ons geeft onzeker flakkeren.
Laten wij maar in de kerk blijven. En dicht bij het Woord. En laten wij het dan maar meezingen:
“Uw woord is als een lamp, een helder licht,
een schijnsel op mijn pad, een eeuwig baken
dat in de duisternis mijn schreden richt”[12].

Noten:
[1] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_koningen_van_Juda ; geraadpleegd op vrijdag 4 oktober 2019.
[2] 1 Koningen 15:1, 2 en 3.
[3] 1 Koningen 15:6, 7 en 8.
[4] Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Abia_van_Juda ; geraadpleegd op vrijdag 4 oktober 2019.
[5] 1 Koningen 15:4 en 5.
[6] Geciteerd van https://www.oudesporen.nl/Download/OS1663.pdf , p. 159; geraadpleegd op vrijdag 4 oktober 2019.
[7] 1 Koningen 11:36.
[8] Lucas 2:32.
[9] Openbaring 3:8.
[10] Geciteerd van http://archief.luisterpost.nl/ ; geraadpleegd op vrijdag 4 oktober 2019. Het betreft de introductie van een lezing van de Gereformeerd-vrijgemaakte predikant J. van Houwelingen over medische fix-it cultuur.
[11] 1 Koningen 15:3 b.
[12] Dit zijn de eerste drie regels van Psalm 119:40 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

17 oktober 2019

Wat is Gereformeerd?

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

De vraag die boven dit artikel staat wordt regelmatig beantwoord[1]. Want Gereformeerden zijn over het algemeen bezonnen mensen. Zij vragen zich met regelmaat af: waar zijn wij mee doende, en wat is ons doel?

Wat is Gereformeerd?
Vandaag vindt u op deze plaats enkele antwoorden op die vraag.
Voor de gelegenheid spelen we leentjebuur bij professor C. Trimp (1926-2012). Trimp is van 1970 tot 1993 hoogleraar homiletiek aan de Gereformeerd-vrijgemaakte Theologische Universiteit. Maar al in 1964 schrijft hij zeer behartenswaardige dingen over het Gereformeerd-zijn.

Gereformeerd – dat wil zeggen dat de Bijbel open gaat.
Misschien zijn wij geneigd om te wijzen op onze levensstijl. En op de Tien Geboden. En op de Heidelbergse Catechismus. En op de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Maar eerst en vooral gaat de Bijbel open. Niet omdat dat een boek met interessante levenslessen is. Of omdat de Bijbel literair gezien op een hoog niveau staat. Maar omdat de Here, de God van het verbond ons in dat Boek aanspreekt. Hij heeft een blijde Boodschap. Ook in 2019. Voor de wereld. En voor ons.

Gereformeerd – dat is alles wat Schriftuurlijk is.
Trimp schrijft daarover: “Terug naar het Woord van de enige Meester. Daarom is gereformeerd spreken en leven ident met schriftuurlijk spreken en leven. Wel is de confessie een afscherming van de kerk tegen velerlei boze aanslagen op Woord en kerk en in dit opzicht valt zij te vergelijken met een muur; wel is de confessie een bescherming tegen alle wind van leer – maar dan een bescherming, die uitzicht blijft bieden op de enige Meester”[2].
De kerk heeft belijdenisgeschriften. Die geschriften, die confessies fungeren als vangrails langs de weg. Als die vangrails ontbreken raakt men zomaar roemloos van de weg af. Uit zichzelf gaan mensen zelden alleen maar rechtuit. Er kunnen allerlei redenen zijn om te besluiten tot enig bochtenwerk. Mensen en situaties veranderen met grote regelmaat, en heus niet alleen ten goede. Men kan gelovig en blijmoedig een bocht nemen en pas veel later tot de ontdekking komen dat de afstand tot de levende God aanzienlijk groter geworden is. Laten we die vangrails dus maar recht overeind houden!

Gereformeerd – dat wil zeggen dat de kerk naar het Woord vraagt.
Trimp schrijft: “Het bewaren van de reformatie, het gereformeerd-blijven, zal (…) niet gelegen zijn in het bewaren van de concrete leer-inhouden, maar in het bewaren van de blik-richting, van de luisteraars-houding. De belijdenis geeft een geconcretiseerde handleiding voor mijn luisteren naar en vragen naar het Woord van God”[3].
Mozes zegt in Deuteronomium 4 tegen Gods volk: “Nu dan, Israël, luister naar de verordeningen en de bepalingen die ik u leer te doen; opdat u leeft en u het land dat de HEERE, de God van uw vaderen, u geeft, binnengaat en in bezit neemt. U mag aan het woord dat ik u gebied, niets toevoegen en er ook niets van afdoen, opdat u de geboden van de HEERE, uw God, die ik u gebied, in acht neemt”[4].
In Marcus 12 zegt Jezus: “Het eerste van alle geboden is: Luister, Israël! De Heere, onze God, de Heere is één”[5].
Luisteren, dat is aandachtig horen. Meer precies: aandacht schenken aan, gehoorzamen[6]. Het is dus niet: luisteren, en vervolgens de cultuur om ons heen peilen om ons daar enigszins bij aan te passen.

Gereformeerd – dat wil zeggen dat reformatie steeds door gaat.
Trimp noteert: “Doorgaande reformatie vindt haar inspiratie niet in de drift van de tijd, de stemming van haar eeuw, de windrichting van de modefilosofie, maar in het Woord van de Heere der kerk, de Werker der reformaties.
Zij wil wel uitbouwen, maar zij wil slechts het bestaande gebouw uitbouwen, onder bewaring van de stijl. Zonder beeldspraak gezegd: zij wil verder uit kracht van het in de confessie beleden Woord van Christus”[7].
Gereformeerden gooien geen gebouw tegen de vlakte, om op die plek iets heel nieuws neer te zetten dat meer voldoet aan de eisen van de tijd. Integendeel! Zij bouwen verder aan het gebouw dat er al is.
Zij handhaven, kortom, de stijl van Psalm 105:
“Loof de HEERE, roep Zijn Naam aan,
maak Zijn daden bekend onder de volken.
Zing voor Hem, zing psalmen voor Hem,
spreek aandachtig van al Zijn wonderen.
Beroem u in Zijn ​heilige​ Naam,
laat het ​hart​ van wie de HEERE zoeken, zich verblijden.
Vraag naar de HEERE en Zijn kracht,
zoek Zijn aangezicht voortdurend.
Denk aan Zijn wonderen, die Hij gedaan heeft”[8].

Gereformeerd – dat is niets nieuws.
Johannes Calvijn schrijft in zijn Institutie: “In de eerste plaats, dat ze het een nieuwe leer noemen, daarin zijn ze geweldig onrechtvaardig tegenover God, wiens Heilig Woord niet verdiende van nieuwigheid beschuldigd te worden. Ik twijfel er allerminst aan, dat ze voor hen nieuw is, voor wie ook Christus nieuw is en het evangelie nieuw is; maar zij, die weten, dat de prediking van Paulus, dat Jezus Christus gestorven is om onze zonden en opgewekt om onze rechtvaardigmaking (…) oud is, zullen bij ons niets nieuws aantreffen. Dat deze leer lange tijd onbekend en begraven geweest is, is de schuld der menselijke goddeloosheid; daar ze nu door Gods goedertierenheid ons weergegeven wordt, moest ze tenminste in eer hersteld worden en haar ouderdom terugkrijgen… Want wij smeden niet een of ander nieuw evangelie, maar wij behouden juist dat evangelie”[9].

Tenslotte nog dit.
De Gereformeerde dominee J.C. Aalders (1881-1966) – in 1936 werd hij overigens Nederlands Hervormd – formuleerde in zijn in 1916 verschenen brochure ‘Veruitwendigen onze Kerken?’ enkele oorzaken van alle inzinking, verflauwing en veruitwendiging. Eén oorzaak is: “het feit, dat de periode van strijd en druk ten einde is – gereformeerd zijn brengt geen smaad meer met zich mee”[10].
Die formulering is onderhand 103 jaar oud. Maar als het met zich Gereformeerd noemende mensen zóver komt, is ook vandaag waakzaamheid geboden!

Noten:
[1] In dit artikel gebruik ik vooral: Dr. C. Trimp, “Wat is Gereformeerd?”. – Goes: Oosterbaan & Le Cointre, [1964]. – 53 p.
[2] Trimp, p. 31.
[3] Trimp, p. 36.
[4] Deuteronomium 4:1 en 2.
[5] Marcus 12:29.
[6] Zie http://www.etymologiebank.nl/trefwoord/luisteren1 ; geraadpleegd op donderdag 10 oktober 2019.
[7] Trimp, p. 48.
[8] Psalm 105:1-5 a.
[9] Institutie, ed. Sizoo, 1931, deel I, XVIII. Geciteerd via Trimp, p. 31 en 32.
[10] Geciteerd via: André van Leeuwen, “Oude koeien uit de sloot?”. In: Nader Bekeken – jaargang 22, nr 7/8, juli/augustus 2015, p. 212 en 213. Citaat van p. 213.

16 oktober 2019

Stikstofpaniek

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

De Here leert ons dat wij zorgvuldig met de natuur moeten omgaan. Waarom? Ten diepste omdat de natuur de wijsheid van God weerspiegelt. Denkt u hierbij maar aan Psalm 104:
“Hoe groot zijn Uw werken, HEERE,
U hebt alles met wijsheid gemaakt,
de aarde is vol van Uw rijkdommen”[1].
Wie de schepping bekijkt, ziet iets van Gods wijsheid. Die is het bewonderen waard!

Dat wordt ook duidelijk in Deuteronomium 22.
Mensen moeten, zo leren wij daar, goed voor elkaar zorgen. Leest u maar even mee:
“U mag niet het rund of het schaap van uw broeder zien als ze afgedwaald zijn, en u vervolgens aan uw plicht onttrekken. U moet ze beslist naar uw broeder terugbrengen”[2].
En:
“Zo moet u ook doen met zijn ezel, zo moet u doen met zijn kleren, ja, zo moet u doen met elk verloren voorwerp van uw broeder, dat hij verloren heeft en u vindt; u mag zich niet aan uw plicht onttrekken. U mag niet de ezel van uw broeder of zijn rund zien als die onderweg gevallen is, en u vervolgens aan uw plicht onttrekken. U moet die beslist samen met hem overeind helpen”[3].
In het verlengde daarvan klinkt het ook: “Wanneer u onderweg een vogelnest tegenkomt, in welke boom dan ook of op de grond, met jongen of eieren, en de moeder zit op de jongen of op de eieren, dan mag u met de jongen niet ook de moeder meenemen. U moet de moeder zeker vrijlaten, maar de jongen mag u voor uzelf meenemen, opdat het u goed zal gaan en u uw dagen zult verlengen”[4].
Welnu – de schepping is het eigendom van de hoge God. Daar behoren wij goed voor te zorgen!

Vandaag de dag maakt men zich druk over stikstof.
Men schrijft: “Stikstof is een gas – zonder kleur, geur en smaak – en alom aanwezig. De stof wordt zo genoemd omdat mensen en dieren stikken als ze in een ruimte zijn met enkel deze stof. Toch bestaat zo’n 78 procent van de lucht uit stikstof. Dat we kunnen ademen, komt door de 20 procent zuurstof en waterstof in de lucht”.
(…)
Door toedoen van de mens komt er steeds meer stikstof in de natuur. (…) Daarnaast ontstaat veel stikstof in de landbouw, in 2017 veertig procent van het totaal. Ammoniak, een belangrijk onderdeel van kunstmest en veelvuldig voorkomend in gewone mest, is een verbinding van stikstof en waterstof. De stikstof in de (kunst)mest verdampt in de lucht en slaat dan neer in natuurgebieden of sijpelt via de bodem en het grondwater weg uit landbouwgebied. In vergelijking met andere landen stoot Nederland veel stikstof uit. Dat komt doordat we in een dichtbevolkt land leven met veel verkeer en veel intensieve landbouw. (…)
Als er veel stikstof in de bodem zit, groeien planten als bramenstruiken en brandnetels in hoog tempo. Ze verdrukken planten die juist gedijen op voedselarme grond. Schrale heide wordt bijvoorbeeld overgenomen door grasland. Sommige dieren kunnen daar nauwelijks voedsel vinden. Zij zullen verdwijnen.
De problemen door stikstof zijn dan ook vooral funest voor de zogeheten Natura2000-gebieden, natuurgebieden waarin bepaalde dieren en planten extra worden beschermd. (…) De overheid lanceerde in 2015 het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Daarbij werd aan de ene kant gewerkt aan het terugdringen van de uitstoot van stikstof, bijvoorbeeld met luchtwassers voor boerderijen, en anderzijds door subsidies te geven voor natuurherstel”[5].
De vraag is nu: hoe moet de extra uitstoot van stikstof worden gecompenseerd?

Er wordt druk gepuzzeld om op die laatste vraag een evenwichtig antwoord te vinden.
Er wordt gewikt.
Er wordt gewogen.
Er wordt heen en weer gepraat.
Waar moet het heen met Nederland?

Eén ding is volstrekt duidelijk: er moet ruimte zijn voor alle inwoners van Nederland.
Eerst en vooral moet er plaats zijn voor de mensen. Immers: mannen, vrouwen en kinderen kan men niet voor het gemak even weg-regelen.
Mensen gaan boven natuur uit. Misschien betekent dat we stukken natuur moeten inleveren. Dat is een beetje droevig. Maar het is evenzeer onontkoombaar.

Intussen leert David ons in Psalm 19:
“De hemel vertelt Gods eer,
het gewelf verkondigt het werk van Zijn handen”[6].
Het is van groot belang dat vast te houden.
Waarom?
Wie omhoog kijkt en de lucht beziet, moet het beseffen: daarboven wordt Gods eer geproclameerd. Luchtvervuiling zet die eer op de achtergrond.
Wie naar boven kijkt, kan zien welke grootse dingen onze God maakt.
Veel mensen zeggen: vervuiling van de nog aanwezige natuur moet worden tegengegaan. Dat is waar. Dat is goed voor mensen. Maar met het schoonhouden van de natuur eren wij – als het goed is – in de eerste plaats onze God, de Schepper van heel de kosmos.
De hemel vertelt een verhaal.
De wolken geven het door: God is actief aanwezig

Dat helpt ons ook van angst en vraagtekens af.
Men hoort het wel eens suggereren: als we zo doorgaan kunnen we de wereld niet goed overdragen aan onze kinderen en kleinkinderen. Daarachter proeft men angst. Diepe angst. Waar gaat het heen met de wereld?
Als men zulke vragen stelt mogen gelovige kinderen van God zeggen “dat Hij ons om het enige offer van Christus, aan het kruis volbracht, vergeving van zonden en eeuwig leven uit genade schenkt”[7].
Als wij in de kerk het Heilig Avondmaal vieren betekent dat “dat wij met een gelovig hart heel het lijden en sterven van Christus aannemen en daardoor vergeving van zonden en eeuwig leven verkrijgen. Verder ook, dat wij door de Heilige Geest, die tegelijk in Christus en in ons woont, steeds meer met zijn heilig lichaam verenigd worden, en wel zo, dat wij, hoewel Christus in de hemel is en wij op aarde zijn, toch vlees van zijn vlees en been van zijn gebeente zijn en ook zo, dat wij door één Geest eeuwig leven en geregeerd worden, zoals de leden van het lichaam door één ziel”[8].
Kijk, dan ebt de angst weg.
Kijk, dan komt er een nieuw begin.

Het lijkt wel alsof de stikstofproblematiek in snel tempo getransformeerd is tot stikstofpaniek.
Maar daar is ten principale geen reden voor.
Want de profeet Jesaja verkondigde het al namens zijn Opdrachtgever: “Want zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Aan de vorige dingen zal niet meer gedacht worden, ze zullen niet meer opkomen in het ​hart”[9].
Dwars door alles heen werkt de God van de kosmos aan een nieuw begin. En dat nieuwe begin kent geen einde!

Noten:
[1] Psalm 104:24.
[2] Deuteronomium 22:1.
[3] Deuteronomium 22:3 en 4.
[4] Deuteronomium 22:6 en 7.
[5] Geciteerd van https://www.dvhn.nl/groningen/Zes-vragen-over-stikstof-en-waarom-het-nu-zon-probleem-is-24860748.html ; geraadpleegd op woensdag 9 oktober 2019.
[6] Psalm 19:2.
[7] Heidelbergse Catechismus – Zondag 25, antwoord 66.
[8] Heidelbergse Catechismus – Zondag 28, antwoord 76.
[9] Jesaja 65:17.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.