gereformeerd leven in nederland

13 mei 2019

Door Gods Geest gedragen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Afgelopen donderdag, 9 mei, zijn op veel middelbare scholen de examens begonnen. Een spannende tijd breekt aan. Juist in deze tijd moet je een topprestatie leveren, of je nu in topvorm bent of niet. Het moet nu gebeuren!

Zou het allemaal goed gaan?
Hebben onze jonge broeders en zusters geen black-out als zij in die stille zaal zitten?
Komt de kennis op het goede moment naar boven?

Laten we elkaar, in verband met het bovenstaande, vandaag eerst wijzen op Exodus 36.
Twee begaafde vormgevers, Bezaleël en Aholiab, maken daar allerlei voorwerpen voor de tent van ontmoeting. Allerlei vakmensen helpen mee.
En bij het volk leeft dat nieuwe project. Ja, het golft door de natie: er moet materiaal komen, en niet zo weinig ook.
Het staat er rechttoe-rechtaan: “Men bracht elke morgen nog vrijwillige gaven bij hem”[1].

Dat is allemaal mooi en aardig. Maar de ijver van het volk wordt de vakmensen toch wat te dol. De materialen stapelen zich op. De noeste werkers kunnen niet meer boven de stapel uitkijken.
‘Stop!’ roepen ze. Oftewel: “Het volk brengt veel, meer dan toereikend is ten dienste van het werk dat de HEERE geboden heeft te doen”[2].

Een wonder is het!
Het hele volk komt, om het maar eens modern te zeggen, in een flow. Een nieuwe energie vaart door het volk. Het enthousiasme is grenzeloos. De samenwerking is optimaal.
Maar we begrijpen het allemaal wel – die Geestdrift is door de Here gegeven. Uiteindelijk is Hij het Zelf die een plek creëert waar het volk Hem ontmoeten kan. Hij buigt de harten om. Hij schenkt vrijgevigheid.
“Uw volk is zeer gewillig om te strijden”, zingen we in Psalm 110[3]. Ten aanzien van Exodus 36 kunnen we rustig zeggen: Uw volk is zeer gewillig om te geven!

Nu ziet het bovenstaande er ideaal uit.
Als de kerk van vandaag er toch eens als Exodus 36 uitzag, wat zou dat een rust geven!
En – als je nu eens van te voren wist dat alle proefwerken, toetsen en examens een 10 opleverden…, dat zou toch prachtig wezen?

Maar ach, wij weten allemaal wel beter. Trouwens, niet voor niets bidt Jezus in Johannes 17: “Ik ​bid​ niet dat U hen uit de wereld wegneemt, maar dat U hen bewaart voor de boze”[4].
Toetsen en examens maak je midden in de wereld van vandaag.
En je wilt wel vrijgevig zijn in het geven van goede antwoorden, maar soms lukt dat gewoon niet. Hoe je ook je hersens pijnigt, het antwoord is er niet. Geef in een dergelijk geval jouw leven in handen van God. Geef de duivel geen kans om er met jouw gedachten vandoor te gaan!
De apostel Paulus schrijft in Romeinen 12: “En word niet aan deze wereld gelijkvormig, maar word veranderd door de vernieuwing van uw gezindheid om te kunnen onderscheiden wat de goede, welbehaaglijke en volmaakte wil van God is”[5].
Ook als het gaat om tentamens en examens moeten we zeggen: Uw wil geschiede!

Terug nu naar het Bijbelboek Exodus[6].
Bij herhaling wordt daar duidelijk gemaakt dat intelligentie en inzicht van God komen.
Zie Exodus 28: “En ú moet spreken tot allen die wijs van ​hart​ zijn, die Ik met een geest van wijsheid vervuld heb, dat zij de kleding van ​Aäron​ moeten maken om hem te ​heiligen, zodat hij Mij als ​priester​ kan dienen”[7].
En Exodus 31: “En Ik, zie, Ik heb Aholiab, de zoon van Ahisamach, uit de ​stam Dan, aan hem toegevoegd. En in het ​hart​ van ieder die wijs van ​hart​ is, heb Ik wijsheid gegeven zodat zij alles kunnen maken wat Ik u geboden heb”[8].
En Exodus 36: “Mozes​ had namelijk Bezaleël en Aholiab geroepen, en ieder die wijs van ​hart​ was, aan wie de HEERE wijsheid in zijn ​hart​ gegeven had, iedereen wiens ​hart​ hem ertoe bewoog om naar voren te komen om het werk te verrichten”[9].
De Heilige Geest is daar actief. Hij geeft activiteit. Hij geeft creativiteit. Hij geeft doorzicht. Met andere woorden – wie kennis wil verwerven en visie wil ontwikkelen moet steun en leiding zoeken bij de Heilige Geest van God.

Elihu, een vriend van Job, zegt in Job 32 dan ook: “Voorwaar, het is de ​Geest van God​ in de sterveling, en de adem van de Almachtige, die hen verstandig maakt”[10].
En dat geldt heus niet alleen voor wetenschappers. Lees maar eens mee in Jesaja 28. Daar wordt over de boer gezegd: “Zijn God onderwijst hem over de juiste wijze. Hij onderwijst hem”[11].
Paulus leert ons in 1 Timotheüs 4: “Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets is verwerpelijk, wanneer het onder dankzegging aanvaard wordt. Want het wordt ​geheiligd​ door het Woord van God en door het ​gebed”[12].

De examens zijn begonnen.
Voor scholieren is dat, om het maar zachtjes te zeggen, niet de makkelijkste tijd van hun leven.
Laten we, als het op school spannend is, het elkaar maar voorhouden: we mogen bescherming zoeken bij Gods Heilige Geest; Hij draagt ons door het leven heen!

Noten:
[1] Exodus 36:3.
[2] Exodus 36:5.
[3] Dit is de eerste regel van Psalm 110:3, berijmd – Gereformeerd Kerkboek-1986.
[4] Johannes 17:15.
[5] Romeinen 12:2.
[6] In het onderstaande gebruik ik onder meer: Dr. A.N. Hendriks, “Die Here is en levend maakt; Schriftstudies over de Heilige Geest en zijn werk”. – Kampen: Uitgeverij Van den Berg, 1984. – p. 14-17.
[7] Exodus 28:3.
[8] Exodus 31:6.
[9] Exodus 36:2.
[10] Job 32:8.
[11] Jesaja 28:26.
[12] 1 Timotheüs 4:4 en 5.

10 mei 2019

Kijk verder dan het nieuws

In dit artikel gaan we eerst terug naar het begin van de wereld.

Laten we elkaar wijzen op drie Schriftwoorden waarin het over dat begin gaat.
Genesis 1:
“In het begin schiep God de hemel en de aarde”[1].
Genesis 10:
“Het begin van zijn koninkrijk bestond uit Babel, Erech, Akkad en Kalne in het land Sinear”[2].
Genesis 11:
“…en de HEERE zei: Zie, zij vormen één volk en hebben allen één taal. Dit is het begin van wat zij gaan doen, en nu zal niets van wat zij zich voornemen te doen, voor hen onmogelijk zijn”[3].

Voor een goed begrip: in Genesis 10 lezen we over Nimrod, “een geweldig jager voor het aangezicht van de HEERE”[4].Nimrod wil koning wezen, hij stoort zich aan God noch gebod.
In Genesis 11 zien we hoe de Machthebber van de wereld heel dat menselijke bolwerk met een paar maatregelen afbreekt.
Nimrod – die naam betekent: “wij willen weerspannig zijn, wij nemen het niet langer, wij willen de bestaande orde omkeren”.
Dat is het levensprogramma van goddeloze mensen.
Zulke mensen menen zelf voor de verlossing van het leven te moeten zorgen.
Nimrod wordt later spreekwoordelijk. De profeet Micha spreekt over hem: “Zij zullen het land van Assur weiden met het ​zwaard, het land van Nimrod met getrokken ​zwaarden. Zo zal Hij ons redden van Assur, wanneer die in ons land zal komen en wanneer die ons gebied zal betreden”[5].
De jagerscapaciteiten van Nimrod staan tegenover Gods levensgarantie. Nee, Nimrod heeft niets met God.

En wat gebeurt er in Genesis 11?
De Gereformeerd-vrijgemaakte dominee T. Dekker (1930-1993) zei daarover eens: de Here zet het mes “in die eenheid van taal en spraak; als het mes van een chirurg, die precies de plek vindt: daar moet ik wezen om de ziekte tot staan te brengen. Laat ons nederdalen, zegt de HERE, en daar hun spraak verwarren, zodat ze elkaars taal niet verstaan. En dat is inderdaad de maatregel die afdoende is voor dat moment. Want nu kunnen ze niet meer verder. Als de communicatie weg is, dan loopt alles in het honderd en je krijgt alleen maar ruzie en ellende. En zo wordt het werk gestaakt”[6].

De lijnen van de volkengeschiedenis worden uit elkaar gebogen. De Here maakt ruimte voor Zijn eigen volk. Hij zet, om zo te zeggen, de Oudtestamentische burgers van Zijn Koninkrijk apart. Dat volk draagt, door de eeuwen heen, een belofte mee!

Hoe dat alles zij – meteen vanaf het begin is het duidelijk dat Gods macht en menselijke kracht scherp tegenover elkaar staan.
De Gereformeerd-vrijgemaakte predikant B. van Zuijlekom sr. (1931-2003) zei in een preek eens: “…de Geest der profetie bindt het ons vanuit Genesis 10 op het hart vandaag: dit ene is slechts belangrijk: wij zullen zien, niet op de geweldige prestaties van Nimrod eertijds, van de revolutie-bouwers vandaag, maar wij zullen ons oog en ons hart richten op Christus Jezus”[7].
De reeds genoemde dominee Dekker zei: die belofte is “de komende Christus zelf, als in een moederschoot geborgen, totdat de tijden vervuld worden en Hij in de wereld komt, om te lijden, te sterven, op te staan. Dit bereikt God, dat Hij een weg opent en baant naar Bethlehem en naar Golgotha”.
En wij weten het: de Heiland heeft betaald voor al onze zonden. Hij heeft het perspectief op de toekomst geopend!

Steeds weer zien wij hoe mensen de macht in eigen hand willen nemen.
Recente voorbeelden zijn de moorden op “een vrouw van 63 en een man van 68 uit Heerlen. Volgens de politie zijn zij allebei door geweld om het leven gekomen. De politie zegt dat er nog wordt onderzocht of er een relatie was tussen de twee”[8].
En de moord op de Belgische studente Julie van Espen: “De man die vastzit op verdenking van moord op de Belgische studente Julie van Espen heeft bekend. Dat heeft het parket Antwerpen bevestigd. Tv-zender VTM meldt dat de man, de 39-jarige Steve B., heeft geprobeerd haar te verkrachten. De vrouw zou zich hevig hebben verzet, waarna hij haar heeft gedood”[9].

Het nieuws is vol van geweld, van criminaliteit, van dood en verderf.

Maar daar moeten Gereformeerde mensen zich niet op verkijken.
Zij moeten niet alleen maar letten op Heerlen. Of op Antwerpen.

Zij dienen zich, als het puntje bij het paaltje komt, te concentreren op een andere stad. Die stad in Openbaring 21: “En hij voerde mij weg in de geest op een grote en hoge berg en liet mij de grote stad zien, het ​heilige​ ​Jeruzalem, dat neerdaalde uit de hemel, bij God vandaan. Zij had de heerlijkheid van God, en haar uitstraling was als een zeer kostbare edelsteen, als een kristalheldere steen ​jaspis. Zij had een grote en hoge ​muur​ met twaalf ​poorten, en bij die ​poorten​ twaalf ​engelen. Ook waren er namen op geschreven, namelijk van de ​twaalf stammen​ van de Israëlieten. Drie ​poorten​ op het oosten, drie ​poorten​ op het noorden, drie ​poorten​ op het zuiden, en drie ​poorten​ op het westen. En de ​muur​ van de stad had twaalf fundamenten met daarop de twaalf namen van de twaalf ​apostelen​ van het Lam”[10].

Wij moeten, kortom, niet bij het begin blijven staan. Wees vooral ook attent op het einde van de wereld.
Want dan komt er een nieuwe eenheid. Een eenheid die niemand meer verbreken kan.

En waar zien wij vandaag het begin van die eenheid?
Antwoord: in de kerk.
De wereld is vol verderf. Verdorvenheid vreet zich een weg tot in de uithoeken van de aarde. En soms komt dat verderf dichtbij. Dan wordt de verdorvenheid uitvergroot.
Bijvoorbeeld in Heerlen.
Of in Antwerpen.
We kijken er naar. En we mompelen: de wereld hólt achteruit…
Fout!
Paulus schrijft in Romeinen 10: “Want de Schrift zegt: Ieder die in Hem gelooft, zal niet beschaamd worden. Er is immers geen enkel onderscheid tussen ​Jood​ en Griek. Want Een en dezelfde is Heere van allen en Hij is rijk voor allen die Hem aanroepen. Want ieder die de Naam van de Heere zal aanroepen, zal zalig worden”[11].
De Here brengt Zijn kinderen bij elkaar.
Nee, dat staat niet in De Telegraaf.
Er komt geen reportage in het NOS-journaal.
Kijk verder dan het nieuws!
Ook al schieten misdadigers mensen overhoop… – Gods werk gaat door.
Ook al worden jonge mensen zomaar gedood… – God blijft bezig om Zijn woonplaats vol te maken, met al Zijn kinderen.
Zo verzinkt Nimrod in het niet.
Zo wordt Babel een machteloos gedoetje.
En Christus prent het ons in Openbaring 22 in: “Ik ben de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde, de Eerste en de Laatste”[12].
Hij is het Begin.
En Hij is het einde.
Tot in eeuwigheid!

Noten:
[1] Genesis 1:1.
[2] Genesis 10:10.
[3] Genesis 11:6.
[4] Genesis 10:9.
[5] Micha 5:5.
[6] Dit citaat komt uit een preek over Genesis 11:1-9. De preek werd in 1965 geschreven.
[7] Dit citaat komt uit een preek over Genesis 10:8-12. De preek is gedateerd op 12 december 1970.
[8] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2283714-lichamen-brunssummerheide-van-zestigers-uit-heerlen.html ; geraadpleegd op woensdag 8 mei 2019.
[9] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2283541-verdachte-bekent-moord-op-belgische-studente-julie.html ; geraadpleegd op woensdag 8 mei 2019.
[10] Openbaring 21:10-14.
[11] Romeinen 10:11, 12 en 13.
[12] Openbaring 22:13.

9 mei 2019

Geen beeld beschikbaar

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Mijn smartphone heeft geen beeld, hoe los ik dat op?
Dat is een hedendaagse vraag waaruit achtereenvolgens een grote mate van korzeligheid en een gestadig toenemende wanhoop spreekt.

Intussen is onze God in geen enkele afbeelding te vangen.
Hoe sfeervol het plaatje ook is –
Hoe fraai een beeld ook gebeeldhouwd is –
altijd is God nog mooier, nog groter, nog machtiger.

Men zegt wel: een beeld zegt meer dan duizend woorden. En heel vaak kan men dat beamen.
Niettemin zegt de Heidelbergse Catechismus, dat oude leerboek van de kerk: “God kan en mag op geen enkele manier afgebeeld worden. De schepselen mogen wel afgebeeld worden, maar God verbiedt dat wij een afbeelding van hen maken of hebben om die te vereren of God daardoor te dienen”[1].

En bij nader inzien is dat zo gek nog niet.

Een paar jaar geleden promoveerde de heer Tom Powell op een studie naar de effecten van tekst en beeld in het nieuws.
Uit het Reformatorisch Dagblad citeer ik: “Een van de beelden waarmee de communicatiewetenschapper werkte, was de beroemde foto van de verdronken peuter Aylan uit Syrië die op het strand van het Turkse Bodrum lag. Het beeld schokte de wereld. Maar zorgde het beeld daarvoor, of was het voornamelijk de tekst bij de foto die mensen roerde?
Voor zijn onderzoek liet Powell de foto aan Nederlandse en Amerikaanse proefpersonen zien. Het beeld stond expres bij een bericht over een strenger vluchtelingenbeleid. Achteraf stelde Powell vragen als: wil je de petitie tekenen om meer vluchtelingen op te vangen in Nederland? Steun je de militaire interventie in Syrië?
Wat bleek? Het beeld van de verdronken peuter zet aan tot acties zoals doneren aan een hulporganisatie, maar de tekst zorgt uiteindelijk voor verandering van politieke standpunten”.
In het bericht stond ook te lezen: “Een tekst lezen kost meer tijd, maar laat je wel de exacte betekenis weten”[2].

Dus:
* tekst zorgt voor nuancering van meningen
* tekst zorgt voor verandering van opinies
* met tekst komt de precieze boodschap die men brengen wil beter over.

Aldus bezien komt Exodus 34 helder in het licht te staan: “U mag u geen gegoten ​goden​ maken”[3].
Dat verbod blijkt in het Nederland van 2019 reuze modern te zijn. Immers – wie een beeld aanbidt, loopt het reële gevaar om heel ongenuanceerd te worden. Hij let slechts op de grote lijn. Hij veronachtzaamt allerlei gegevens uit Gods Woord, die belangrijk zijn om meer over God te weten te komen.
De Here laat ons in Zijn werk de exacte betekenis van Zijn geboden en verboden weten. Het blijkt in de praktijk volstrekt onvoldoende om de grote lijn van Gods werk een beetje te volgen. Voordat je ’t weet ga je eigen betekenissen geven aan de woorden die God zegt.

Exodus 34 is een tekst die ook in 2019 heel goed past!

Het was de christelijke gereformeerde hoogleraar M.J. Kater die een paar jaar geleden schreef: “Misschien moeten we eerst eens met elkaar eens afspreken in de kerk dat we niet achter de feiten aan gaan lopen. In de samenleving is al weer duidelijk het verlangen aanwezig naar ‘ont-beamering’ en een informatiedieet en verschijnen boeken over de grote nadelen van een leven in flitsende beelden en one-liners. Evenmin is het juist te denken dat we vandaag voor het eerst in een visueel ingestelde maatschappij leven. Er zijn studies in overvloed die erop wijzen dat de ontwikkeling van het modernisme sinds de 17e eeuw gepaard ging met zien als hoogste zintuigelijke waarneming”[4].
Verbeelding en fantasie – dat zijn gaven van God. Dat is zeker!
Maar in de dienst aan God wordt niets aan de verbeelding overgelaten.
Laten we elkaar in dit verband wijzen op woorden uit 2 Koningen 18: “Hij – dat is Hizkia – nam de offerhoogten weg, sloeg de ​gewijde stenen​ in stukken en hakte de gewijde palen om. Hij verbrijzelde ook de ​koperen slang, die ​Mozes​ gemaakt had, omdat de Israëlieten er tot die tijd toe ​reukoffers​ aan gebracht hadden; men noemde hem Nehustan”[5]. Nehustan – dat wil zeggen: ‘ding van koper’. En de maatregel is duidelijk: weg met dat ding!

Van de God van hemel en aarde bestaan geen goed gelijkende tekeningen.
Geen schilderijen.
Geen foto’s.
Geen beeldjes.
Geen hologrammen.
Geen powerpointpresentaties.
Niets van dat alles.
God zegt: ‘Ik ben oneindig veel groter dan uw animatietechniek en uw beeldmedia. Ik ben niet in een breedbeeld te vangen’.
God zegt: ‘lees Mijn Woord, en aanbidt Mij’.
God zegt: ‘weg met plaatjes, prentjes en poppetjes’.
God zegt: ‘Mijn Woord zegt genoeg. Meer dan genoeg. In dat Woord, daar leert u Mij kennen!’.

Noten:
[1] Heidelbergse Catechismus – Zondag 35, antwoord 97.
[2] “Beelden zeggen niet altijd meer dan duizend woorden”. In: Reformatorisch Dagblad, donderdag 21 september 2017, p. 10.
[3] Exodus 34:17.
[4] M.J. Kater, “Het Woord verkondigen in een visuele maatschappij”. In: De Wekker, vrijdag 1 september 2017, p. 6-9.
[5] 2 Koningen 18:4.

8 mei 2019

Harde maatregelen in Psalm 94

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

“Toen ik zei: Mijn voet wankelt,
ondersteunde Uw goedertierenheid mij, HEERE.
Toen mijn gedachten binnen in mij zich vermenigvuldigden,
verkwikten Uw vertroostingen mijn ziel”[1].

Dit artikel begint met woorden uit Psalm 94.
De dichter van dat kerklied is vol dankbaarheid. De Here greep net op tijd in. Net toen hij overweldigd werd door een beangstigende kluwen van gedachten bood de God van hemel en aarde troost.
Wat een timing!
Wat een precisie!
Ja, de Schepper van alle dingen heeft nog aandacht voor Zijn werk. Anno Domini 2019 zegt Hij niet: ‘laat dat stelletje losbollen op aarde het maar uitzoeken, Ik houd Mij er verre van’.
Nog altijd is het zo dat loof en gras, regen en droogte, vruchtbare en onvruchtbare jaren, eten en drinken, gezondheid en ziekte, rijkdom en armoede en alle dingen ons uit Zijn Vaderhand worden gegeven[2].
Daar kan geen klimaatbeleid tegenop!

Over klimaat gesproken: het geestelijk klimaat van de omgeving waarin de dichter zich bevindt is ernstig vervuild. Een paar trefwoorden maken dat snel duidelijk:
* machtsmisbruik
* verregaande arrogantie
* doden van weduwen, wezen en vreemdelingen.
De dichter waarschuwt: ‘Mensen, zo moet het niet. En doe niet net alsof de Here er niets van merkt en er niks aan doet. God is notabene Schepper van alle dingen; Hij is best in staat om misstanden aan te pakken!’.
Wie luistert naar God vindt, zo betoogt de psalmschrijver, rust in een slechte tijd.
En het is zeker: de hemelse Heer laat Zijn volk niet in de steek!
De dichter kan daar zelf van getuigen.
Als de Here niet tussenbeide was gekomen had hij het niet meer kunnen navertellen!

Wat moeten wij, vandaag de dag, met Psalm 94 beginnen?
Ons leven loopt geen gevaar als wij ons geloof belijden.
Toegegeven – er zijn terreinen waar christenen en hun opinies worden weggedrukt. Denkt u bijvoorbeeld maar aan homoseksualiteit, en alles wat daar omheen zit. Wie, vanwege Gods wetten en regels, het ten diepste niet verantwoord vindt dat dat homo’s en lesbiennes een homoseksuele relatie praktiseren, wordt boos aangekeken. Daar kun je in 2019 niet meer mee aankomen.
Het is echter duidelijk: in Nederland is de godsdienstvrijheid nog relatief groot.

Intussen moeten wij verder kijken dan onze neus lang is.
Wie in de wereld rondkijkt, ontdekt dat er ten aanzien van de vrijheid van godsdienst slecht nieuws is.
In de afgelopen dagen werd gemeld: “De godsdienstvrijheid wereldwijd is in het jaar 2018 verder verslechterd. Dat meldt de Duitse nieuwsdienst Idea, op basis van het jaarverslag van de Amerikaanse commissie voor internationale religievrijheid te Washington.
Het rapport noemt een aantal ‘landen van bijzondere zorg’. De lijst van deze landen is niet gewijzigd in vergelijking met een jaar eerder. Godsdienstvrijheid wordt nog steeds het meest genegeerd in zestien landen, te weten: China, Eritrea, Iran, Myanmar, Noord-Korea, Saudi-Arabië, Sudan, Turkmenistan, Tadzjikistan, Oezbekistan, de Centraal-Afrikaanse Republiek, Nigeria, Pakistan, Rusland, Syrië en Vietnam.
In nog eens twaalf landen komen schendingen van de godsdienstvrijheid voor, maar niet in die mate dat deze landen voorkomen op de lijst met ‘landen van bijzondere zorg’. Die twaalf landen zijn: Afghanistan, Azerbeidzjan, Egypte, Bahrein, Cuba, India, Indonesië, Kazachstan, Laos, Maleisië, Irak en Turkije.
Het Amerikaanse rapport wijst expliciet nog op een land als Iran, waar de vervolging van christenen in 2018 aanzienlijk is toegenomen”[3].

Natuurlijk kunnen we zeggen: komaan, er zijn momenteel 196 internationaal erkende onafhankelijke staten[4]. Als zo’n dertig daarvan niet deugen, dan valt het nog mee.
Echter – die opsomming van een kleine dertig landen is, om het zo maar te zeggen, de lijst van de ergste gevallen. De realiteit van alledag is ongetwijfeld nog vele malen goddelozer!

Wij moeten beseffen dat revolutie tegen de God van hemel en aarde wijd verbreid is.
De Schepper wordt miskend.
De Creator van deze wereld krijgt niet de eer die Hem toekomt.
En dat is in de meest letterlijke zin van het woord doodzonde!

Er is, zo signaleert de dichter van Psalm 94, in de wereld een strijd gaande. Een fel gevecht.
Goddelozen die op de “zetel van het verderf” zitten
“spannen samen tegen de ziel van de rechtvaardige,
onschuldig ​bloed​ verklaren zij schuldig”[5].
Hier staan goddelozen staan tegenover Godvrezenden.
Hier staat geloof staat tegenover ongeloof.
Hier staan eigenwijze mensen staan tegenover kerkmensen die van genade leven.
De wereld blijkt in twee kampen verdeeld, en de scheidslijn is scherp afgetekend!
Maar hoor wat de psalmist zegt: “Maar de HEERE is mij een veilige vesting geweest”[6].
Als de dichter nog eens terugkijkt, kan hij het ronduit zeggen: bij de Here vond en vind ik bescherming!
De psalmist gaat verder: “mijn God is mij tot een rots, mijn toevlucht”[7].
Zeg niet dat die dichter oude taal bezigt, waarmee je vandaag niet meer aan kunt komen. Zeg al helemaal niet dat die dichter volstrekt ouderwets is. Want in het Nieuwe Testament vinden we een echo van Psalm 94. In Hebreeën 6 namelijk. Het is de bedoeling, zegt de Hebreeënschrijver, dat gelovige Bijbellezers een sterke troost ontvangen. Gods beloften stáán nog steeds. Gods eed is nog altijd geldig. Wij mogen ons getroost weten – zegt Hebreeën 6 – “wij die bij Hem de toevlucht genomen hebben om de hoop die voor ons ligt, vast te houden”[8].
Onze toevlucht nemen tot God – nee, dat is niet uit de mode. Dat is niet achterhaald. Dat is niet antiek. Integendeel!

Psalm 94 eindigt met de dood.
Met een roemloos einde.
Misdadigers worden uit de weg geruimd. Leest u maar mee:
“Hij zal hen in hun slechtheid ombrengen,
de HEERE, onze God, zal hen ombrengen”[9].
Nee, dat is geen vergissing.
In Openbaring 2 wordt gedreigd met een zelfde straf als bekering uitblijft. Ik citeer: “En Ik heb haar tijd gegeven, opdat zij zich van haar ​hoererij​ zou bekeren, maar zij heeft zich niet bekeerd. Zie, Ik werp haar te ​bed, en breng hen die ​overspel​ met haar plegen, in grote verdrukking, als zij zich niet bekeren van hun werken. En haar ​kinderen​ zal Ik door de dood ombrengen, en alle ​gemeenten​ zullen weten dat Ik het ben Die nieren en ​harten​ doorzoekt, en Ik zal u geven eenieder naar uw werken. Maar Ik zeg tegen u, en tegen de overigen in Thyatira, voor zover zij deze leer niet hebben en zij, zoals zij dat noemen, de diepten van de ​satan​ niet hebben leren kennen: Ik zal u geen andere last opleggen dan deze: Houd vast aan wat u hebt totdat Ik kom. En wie overwint en wie Mijn werken tot het einde toe in acht neemt, hem zal Ik macht geven over de heidenvolken”[10].

Als Beschermer van Zijn kerk neemt de Machthebber in hemel en op aarde harde maatregelen!

De wereld is vol machtsmisbruik. Vol arrogantie. Vol ten hemel schreiend onrecht. Vol dood en verderf.
En met de godsdienstvrijheid is het ook al niet best gesteld.
Maar voor de kerk geldt: houdt vast wat u hebt!
Want uiteindelijk zullen we kunnen zeggen:
“Toen mijn gedachten binnen in mij zich vermenigvuldigden,
verkwikten Uw vertroostingen mijn ziel”!

Noten:
[1] Psalm 94:18 en 19.
[2] Zie: Heidelbergse Catechismus – Zondag 10, antwoord 27.
[3] “Vrijheid van godsdienst gaat verder achteruit”. In: Reformatorisch Dagblad, donderdag 2 mei 2019, p. 2.
[4] Zie voor de lijst van die internationaal erkende staten https://nl.wikipedia.org/wiki/Lijst_van_landen_in_2019 ; geraadpleegd op zaterdag 4 mei 2019.
[5] Psalm 94:21.
[6] Psalm 94:22 a.
[7] Psalm 94:22 b.
[8] Hebreeën 6:18.
[9] Psalm 94:23 b.
[10] Openbaring 2:22-26.

7 mei 2019

Tegen de polarisatie het Evangelie

Er zijn in het Woord van God teksten die zo groots en luisterrijk zijn dat je er als mens bij lijkt te verschrompelen.
Eén van die woorden staat in Colossenzen 1: “Want het heeft de Vader behaagd dat in Hem heel de volheid wonen zou, en dat Hij door Hem alle dingen met Zichzelf verzoenen zou, door ​vrede​ te maken door het bloed van Zijn ​kruis, ja door Hem, zowel de dingen die op de aarde zijn als de dingen die in de hemelen zijn”[1].

Heel de volheid – dat is God Zelf.
Voller kan niet; want hier raken wij aan onaardse perfectie.
Glansrijker kan niet; onze afwasmiddelen zijn daar maar kinderspel bij.
Stralender dan die volheid, dat is onmogelijk.

Die volheid heeft een woning.
Zij woont in “het hoofd van het lichaam, namelijk van de ​gemeente, Hij, Die het begin is, de ​Eerstgeborene​ uit de doden, opdat Hij in allen de Eerste zou zijn”. Zo staat dat in Colossenzen 1[2].
In dat hoofdstuk staat nog meer.
“Hij is het Beeld van de onzichtbare God, de ​Eerstgeborene​ van heel de schepping. Want door Hem zijn alle dingen geschapen die in de hemelen en die op de aarde zijn, die zichtbaar en die onzichtbaar zijn: tronen, heerschappijen, overheden of machten; alle dingen zijn door Hem en voor Hem geschapen. En Hij is vóór alle dingen, en alle dingen bestaan tezamen door Hem”[3].

En Wie is die Hem?
Dat is, schrijft Paulus aan de christenen in Colosse, “onze Heere ​Jezus​ ​Christus”[4].
Ja, het staat er werkelijk – Jezus Christus hoort bij ons.
Gods kinderen zijn met een onbreekbare band met Hem verbonden, ook anno 2019.
Hij overkoepelt ons bestaan.
In de kerk worden we bij en onder Hem verenigd.
Gelovigen van de eenentwintigste eeuw zijn maar kleine mensjes.
Maar in Colossenzen 1 worden zij toch groot gemaakt.
Want gelovige kinderen leven in en vanuit de kerk. Van die kerk is Jezus Christus het Hoofd. In de kerk is Hij de Eerste.
Hij is opgestaan uit de doden.
En het doel van die opstanding was en is duidelijk: bij alle gelovige kinderen van God staat Hij, als het goed is, op plek 1 van de prioriteitenlijst des levens.
Daarom is de kerk een eenheid.
Daarom trekken we in de kerk samen op.
Daarom werken we in de kerk steeds weer aan vrede.
Daarom zijn we in de kerk samen onderweg naar de toekomst!

In onze wereld is het belangrijk om die eenheid in onze Heere Jezus Christus vast te houden.
Er wordt nogal eens gesproken over polarisatie.
In een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau staat te lezen: “Mensen uiten hun zorgen over groeiende tegenstellingen en polarisatie tussen bevolkingsgroepen. Ze denken dat media tegenstellingen vaak uitvergroten en ze missen de saamhorigheid”[5].
De meningsverschillen over maatschappelijke kwesties worden steeds groter.
Er is een sterke druk om stelling te nemen in allerlei discussies.
Mensen vragen zich en masse af: gaat het nog wel goed met Nederland?
In de kerk mogen en moeten we zeggen: het gaat goed; want wij wonen bij heel de volheid van onze Heere Jezus Christus!

Colosse was indertijd een oude stad in Phrygië, een streek in Klein-Azië, het huidige Turkije[6]. In die stad waren, toen Paulus deze brief schreef, diverse leidinggevenden die zeiden: u moet niet alleen God vereren, maar u moet ook de demonen hoogachten. Er werd gezegd: u moet niet alleen God vereren, u moet de engelen verheerlijken. Er werd gezegd: u moet zich aan allerlei voedselwetten houden[7].
Ziet u het?
U moet dit…
U moet dat…
Het lijkt wel een beetje op 2019: u moet iets vinden van dit en dat, u moet een mening hebben over het klimaatbeleid, over Zwarte Piet, over vul-maar-in. Welnu, in de kerk belijden wij: hier bevinden wij ons onder de koepel van het verlossingswerk van de Heiland; de rest is bijzaak.

Waar komt die polarisatie in Nederland toch vandaan? Hoe komt het dat de tegenstellingen in ons land steeds groter worden?
De mentaliteit van de burgers verandert, zegt de een. ’t Zit ‘m erin dat Nederland steeds multicultureler wordt, zegt een ander. De sociale media zijn er debet aan, zegt een derde.
En zo zoekt Nederland de oplossing voor de problemen bij en in zichzelf.

Paulus wijst in Colossenzen 1 een andere richting. Kijkt u maar: “En Hij heeft u, die voorheen vervreemd was en vijandig gezind, zoals bleek uit uw slechte daden, nu ook verzoend, in het lichaam van Zijn vlees, door de dood, om u ​heilig​ en smetteloos en onberispelijk voor Zich te plaatsen, als u tenminste in het geloof blijft, gefundeerd en vast, en u niet laat afbrengen van de hoop van het ​Evangelie, dat u gehoord hebt, dat gepredikt is in de hele schepping die onder de hemel is”[8].
In de kerk mogen we daarom proclameren: tegen de polarisatie het Evangelie!

Nee, daarmee zijn de problemen in Nederland niet in één klap opgelost.
Maar wie in de invloedssfeer van heel de volheid van onze Heere Jezus Christus blijft, mag getuigen van de genade​ en ​vrede​ van God, onze Vader, en van de Heere ​Jezus​ ​Christus.
Daar begint Paulus in Colossenzen 1 ook mee[9].
Wie steeds terugkomt bij die genade en die vrede van God, kiest het juiste startpunt om te demonstreren wat christelijke oplossingsgerichtheid inhoudt.

Noten:
[1] Colossenzen 1:19 en 20.
[2] Colossenzen 1:18.
[3] Colossenzen 1:15, 16 en 17.
[4] Colossenzen 1:3.
[5] Geciteerd via https://www.scp.nl/Publicaties/Alle_publicaties/Publicaties_2019/Burgerperspectieven_2019_1 ; geraadpleegd op vrijdag 3 mei 2019.
[6] Zie hierover bijvoorbeeld https://nl.wikipedia.org/wiki/Kolosse ; geraadpleegd op vrijdag 3 mei 2019.
[7] Zie hierover bijvoorbeeld https://bijbel.eo.nl/inleiding-bijbelboeken/de-brief-aan-de-kolossenzen ; geraadpleegd op vrijdag 3 mei 2019.
[8] Colossenzen 1:21, 22 en 23 a.
[9] Colossenzen 1:1 en 2: “Paulus, door de wil van God een ​apostel​ van ​Jezus​ ​Christus, en Timotheüs, de broeder, aan de ​heilige​ en gelovige broeders in ​Christus​ die in ​Colosse​ zijn: ​genade​ zij u en ​vrede​ van God, onze Vader, en van de Heere ​Jezus​ ​Christus”.

6 mei 2019

Proces van splitsing en splijting

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

De kerk wordt vaak gezien als conservatief.
In de kerk vertelt men nog dezelfde dingen als – pak ‘m beet – vijftig jaar geleden.
Als je in de kerk steeds dezelfde dingen hoort, is het niet nuttig om daar te zijn.
Dat lijkt de redenering van heel wat medemensen.

Wie met die medemensen praat, lijkt niet zelden tegen een muur op te botsen.
Mensen die opgroeiden in gelovige gezinnen zijn nu niet meer bereikbaar.
In het beste geval zijn zij, in naam, nog lid van een kerk. Maar aan alles merk je: het geloof speelt in het gewone leven maar een beperkte rol.
En kerkgang? Nou ja… wat levert dat op? Is dat de tijdsinvestering waard?

Laten we maar eerlijk zijn: zulke situaties komen we bijna allemaal tegen in de kring van familie en vrienden.
U en ik worden daar verdrietig van.
U en ik zouden ’t zo graag anders willen zien!
U en ik voelen ons machteloos. Wij weten het allen wel: genade is geen erfgoed. Maar de teleurstelling, diep-weg in ons hart, blijft: die en die komen we waarschijnlijk niet in de hemel tegen…

Wij zijn niet de eersten die dit soort dingen beleven.
Sterker: deze dingen komen ook al in Gods Woord voor.
Jezus liep in Zijn tijd op aarde ook wel eens tegen een muur op.
In Mattheüs 13 bijvoorbeeld: “En Hij deed daar niet veel krachten vanwege hun ongeloof”[1].

Dat ongeloof vond Hij in… Nazareth!
Dat is, zoals bekend, de geboorteplaats van Jezus. En uitgerekend daar zijn de mensen afwijzend.
De mensen denken klaarblijkelijk: deze Jezus hebben wij nog als jongetje gekend. En Hij zou nu opeens de grote geleerde zijn, die ons wel even zegt hoe het moet? Kom nou toch!
Niettemin vragen de mensen zich af: waar heeft die Man Zijn wijsheid toch vandaan?
Conclusie –
dat zogenaamd moderne patroon waarmee dit artikel begint, blijkt al heel oud. Immers, in Jezus’ tijd reageren de inwoners van Nazareth negatief; maar nieuwsgierig zijn zij wel.

In Mattheüs 13 lezen we ook: “En Zijn zusters, zijn zij niet allen onder ons? Waar heeft Deze dan dit alles vandaan?”[2].
Een exegeet noteert hierbij: “De zusters van Jezus worden alleen hier en in de paralleltekst bij Marcus genoemd. We kennen hun namen niet. Omdat er over ‘allen’ wordt gesproken, moeten het er minstens drie zijn geweest. Moeten we uit het feit dat we in het Nieuwe Testament niet meer over de zusters horen, opmaken dat ze geen christen zijn geworden?”[3].
De tegenstellingen lopen dwars door families en vriendenkringen heen!

Eigenlijk is dat geen nieuws.
Jezus heeft het net gezegd: “Het Koninkrijk der hemelen is ook gelijk aan een ​net, uitgeworpen in de zee, dat allerlei soorten vissen bijeenbrengt. Als het vol geworden is, trekken de ​vissers het op de oever. Ze gaan zitten en verzamelen de goede vissen in ​vaten, maar de slechte gooien zij weg. Zo zal het bij de voleinding van de wereld zijn: de ​engelen​ zullen uitgaan en de slechten uit het midden van de rechtvaardigen afzonderen”. Ja, dat is ook Mattheüs 13[4].
Om het maar modern te zeggen: er is een proces van splitsing en splijting aan de gang. Daar wordt niemand vrolijk van. Maar het is wel de realiteit, ook in 2019.
Nee, de vraag is niet: wie is er star, en wie niet?
De vraag is: wie hoort er bij de Heiland, en wie niet?

Gelovige kinderen van God kunnen verbaasd kijken naar de wereld om zich heen.
En wellicht vragen zij zich, wellicht hoofdschuddend, af: waar is iedereen nu toch mee bezig?
Vergeet het niet – die realiteit is voorspelde werkelijkheid. Laten wij elkaar wijzen op Mattheüs 24: “Want zoals ze bezig waren in de dagen voor de zondvloed met eten, drinken, trouwen en ten ​huwelijk​ geven, tot op de dag waarop ​Noach​ de ark binnenging, en het niet merkten, totdat de zondvloed kwam en hen allen wegnam, zo zal ook de komst van de Zoon des mensen zijn. Dan zullen er twee op de akker zijn; de één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Er zullen twee vrouwen ​malen​ met de ​molen; de één zal aangenomen en de ander zal achtergelaten worden. Wees dan waakzaam, want u weet niet op welk moment uw Heere komen zal”[5].

Zelfs als je jong bent, kun je soms denken: de wereld is een beetje gek geworden.
En jazeker, dat is waar.
Weet je hoe dat komt?
Omdat massa’s mensen zich weinig of niets van God en Zijn Woord aantrekken.

Dat Bijbellezen en die kerkgang, dat geloof en dat vertrouwen – wat levert dat alles op?
Laten we ’t maar voor ogen houden: dat alles betekent dat je leeft binnen de kaders van Zijn Verbondswet; zo ben je op weg naar de hemel.
Overal ter wereld zijn Gods kinderen op pad.
Zij zijn op weg naar de meest gelukkige toekomst die maar denkbaar is.
En wie wil dat nou niet?

Noten:
[1] Mattheüs 13:58.
[2] Mattheüs 13:56.
[3] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Mattheüs 13:56.
[4] Mattheüs 13:47, 48 en 49.
[5] Mattheüs 24:38-42.

« Vorige paginaVolgende pagina »

Blog op WordPress.com.