gereformeerd leven in nederland

21 januari 2020

Jezus is niet meer op aarde

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Arnold Karskens, oorlogsverslaggever, heeft Jezus ontmoet.
De bevlogen journalist zegt: “Nee, nee, ik ga het helemaal niet afzwakken: ik heb hem écht ontmoet. Hij zat vlak bij de poort van Kirjat Arba, waar ik overnachtte. Lange haren, lange baard: hij voldeed precies aan het beeld dat ik tijdens mijn licht katholieke opvoeding meekreeg. Op een dag gaf hij me een hand en het was net alsof ik een warme kruik vastpakte. Het eerste wat me opviel was dat hij, anders dan iedereen daar, begrip leek te hebben voor alle partijen. Heel genuanceerd, heel vriendelijk. Hij was erg geïnteresseerd in mijn werk. Ik heb hem het artikel opgestuurd en hij heeft nog gereageerd ook, heel positief, maar ik ben die brief helaas kwijtgeraakt. Doodzonde. Een brief van Jezus, wie heeft zoiets?”[1].

Is Jezus nog op aarde?
Nee.
In de Apostolische Geloofsbelijdenis belijden we: Jezus Christus is “opgevaren naar de hemel, en zit aan de rechterhand van God de Almachtige Vader; vandaar zal Hij komen om te oordelen de levenden en de doden”.
Arnold denkt Jezus ontmoet te hebben. Maar we moeten hem teleurstellen. Dat is niet zo.
Zeker, het zou best kunnen dat onze God in het hart van Arnold heeft gewerkt. Misschien heeft Hij het leven van Arnold wel veranderd. Maar nee, die man bij de poort van Kirjat-Arba was Jezus niet.

In de Heidelbergse Catechismus wordt duidelijk gemaakt wat Jezus Christus in de hemel doet.
“Ten eerste is Hij in de hemel voor het aangezicht van zijn Vader om voor ons te pleiten. Ten tweede hebben wij in Hem ons vlees in de hemel tot een onderpand, dat Hij als het Hoofd ons, zijn leden, ook tot Zich nemen zal. Ten derde zendt Hij ons zijn Geest als tegenpand; door zijn kracht zoeken wij wat boven is, waar Christus zit aan de rechterhand van God, en niet wat op de aarde is”[2].

Het is goed om, in verband hiermee, elkaar te wijzen op woorden uit 1 Johannes 2: “Mijn ​kinderen, ik schrijf u deze dingen, opdat u niet zondigt. En als iemand gezondigd heeft: wij hebben een Voorspraak bij de Vader, ​Jezus​ ​Christus, de Rechtvaardige. En Hij is een verzoening voor onze ​zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de ​zonden van de hele wereld”[3]. De kanttekenaars van de Statenvertaling vermelden daar nog bij: “Dat is, van alle mensen, die in de ganse wereld uit alle volken, nog in Hem zullen geloven”[4].

Het gaat erom dat wij geloven dat Jezus onze Redder is. Hij heeft voor onze zonden betaald. Dankzij Hem worden de beloften over vergeving van zonden en eeuwig leven waar.
In Johannes 11 maakt de Joodse hogepriester dat ongewild duidelijk. Leest u maar mee: “Maar een van hen, Kajafas, die de ​hogepriester​ van dat jaar was, zei tegen hen: U weet niets, en u overweegt niet dat het nuttig voor ons is dat één Mens sterft voor het volk, en niet heel het volk verloren gaat. Dit zei hij echter niet uit zichzelf, maar als ​hogepriester​ van dat jaar profeteerde hij dat ​Jezus​ sterven zou voor het volk, en niet alleen voor het volk, maar ook om de ​kinderen​ van God, overal verspreid, bijeen te brengen”[5].
Heel de wereld moet tot de erkenning komen dat Christus’ reddingswerk cruciaal is voor het leven. Hij is geslacht en heeft Zijn kinderen voor God gekocht met Zijn bloed, uit elke ​stam, taal, volk en natie[6].
Toen Arnold Karskens bij Kirjat-Arba ‘Jezus’ ontmoette was dat ongetwijfeld een mooie ervaring. Daar hoeven wij niets van af te doen.
Maar het is naïef om te denken dat Arnold nu op slag een gelovig man geworden is.

En wij?
Wij moeten ons niet laten misleiden.
Jezus is niet meer op aarde. De heilshistorie is verder gegaan. En dat is maar goed ook.
Wat is de les die Arnold Karskens ons ten langen leste geeft? Antwoord: wij moeten ons door Gods Woord laten stimuleren om achter de Heiland aan te gaan. Zoals  Psalm 2 het zegt:
“Kus de Zoon, opdat Hij niet toornig wordt en u onderweg omkomt,
wanneer Zijn toorn slechts even ontbrandt.
Welzalig allen die tot Hem de toevlucht nemen!”[7].

Noten:
[1] Geciteerd van https://www.trouw.nl/leven/ik-ga-het-niet-afzwakken-ik-heb-jezus-echt-ontmoet~b1f4983d/ ; geraadpleegd op dinsdag 14 januari 2020.
[2] Heidelbergse Catechismus – Zondag 18, antwoord 49.
[3] 1 Johannes 2:1 en 2.
[4] Geciteerd van https://www.statenvertaling.net/kanttekeningen/1Jh2.htm ; geraadpleegd op dinsdag 14 januari 2020.
[5] Johannes 11:49-52.
[6] Zie Openbaring 5:9: “En zij zongen een nieuw ​lied​ en zeiden: U bent het waard om de ​boekrol​ te nemen en zijn ​zegels​ te openen, want U bent geslacht en hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke ​stam, taal, volk en natie”.
[7] Psalm 2:12.

30 augustus 2019

“Opdat wij zouden léven”

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Er wordt tegenwoordig veel over God gefilosofeerd. Geloof, dat moet kunnen. Nee, leg het christelijk geloof vooral niet aan een ander op. Maar als u geloven wilt – ach, waarom niet?

Geloof – dat is er, zegt men, in soorten.
Er is bijvoorbeeld het Jodendom.
En het taoïsme: de leer dat alles in evenwicht en in harmonie is.
En het shintoïsme: de van oorsprong Japanse godsdienst waarin men veel eerbied voor de natuur heeft.
En het boeddhisme: een stroming waarin men geweld afwijst, zuiver van geest wil zijn en er diverse ethische gedragsregels op na houdt.
En het hindoeïsme: in feite een grote verzameling wetten en regels voor het dagelijks leven
En de islam: de bekende godsdienst waarin men Allah aanbidt.
En dan nog het christendom natuurlijk[1].

In die wereld lezen wij enkele woorden uit de eerste algemene brief van de apostel Johannes. Hij schrijft: “Hierin is de ​liefde​ van God aan ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem”[2].

Wie is Johannes?
We lezen over hem in Marcus 1: “En toen Hij vandaar wat verdergegaan was, zag Hij ​Jakobus, de zoon van Zebedeüs, en ​Johannes, zijn broer, die in het schip de netten aan het herstellen waren. En meteen riep Hij hen, en zij lieten hun vader Zebedeüs in het schip achter met de loonarbeiders en gingen weg, Hem achterna”[3].
Johannes is dus een leerling van Jezus. Wij moeten hem niet verwarren met de neef van Jezus, die ook Johannes heet en aangeduid wordt als Johannes de Doper.

Geloof niet iedereen, schrijft Johannes. Luister en analyseer goed; en trek daarna pas conclusies. Sommige mensen beweren dat zij woorden van God spreken. Maar soms is dat niet waar.
Hoe weten u en ik dat iemand werkelijk spreekt over de God van hemel en aarde? We komen al een heel eind in de goede richting als erkend wordt dat de Here Jezus Christus als mens op deze aarde gekomen is.
De vraag is vervolgens: hoort de spreker bij God, of niet?
Wie God kent, weet dat Hij een en al liefde is. God heeft Zijn kinderen lief. Zo komt het dat kerkmensen ook elkaar liefhebben.
God heeft Zijn Zoon, de Here Jezus Christus, naar de aarde gestuurd om ons te redden.
Die Goddelijke liefde moet, in de kerk en daar buiten, het uitgangspunt zijn.

Mensen zijn maar al te vaak liefdeloos.
Over die liefdeloosheid doen allerlei verhalen de ronde.
Twee voorbeelden:
a.
Een paar jaar geleden schreef iemand: “Als ik met een cliënt aan de lijn ben, ervaar ik zelf heel veel liefde uit zo’n persoon. En tegelijkertijd merk ik dat dezelfde persoon het in zich heeft om iemand te kleineren, te breken, te benauwen. Doelbewust. Waarom? Omdat er een gewoonte is ontstaan om een bepaald negatief tot destructief gedrag te vertonen. Waarom? Omdat het een keuze is. Een vastgeroeste keuze!”[4].
b.
Iemand anders noteerde: “De strijd die wij ervaren in de vorm van pijn, verdriet, angst in ons eigen leven en het geweld en de liefdeloosheid in de wereld komt omdat we vergeten zijn wie we werkelijk zijn (….). We hebben keuzes gemaakt in vorige levens, en in dit leven, die ons steeds verder hebben afgedreven van onze Goddelijkheid. En nu zijn we op de weg terug. We herinneren ons dat we inderdaad allemaal gelijk zijn, dat we allemaal Goddelijk zijn, dat we inderdaad als individu beschikken over de Goddelijke kenmerken. En we gaan snappen dat we keuzes hebben gemaakt die niet in ons belang waren en waarvan we de gevolgen vaak nu nog ervaren in de vorm van problemen en belemmeringen. Dat is karma. Karma op aarde ontstaan, wordt ook op aarde weer opgeruimd. We zijn aan het opruimen”[5].

Welnu –
Gereformeerde mensen zullen de Schriftuurlijke werkelijkheid onder ogen moeten zien. Zij moeten erkennen dat zij altijd en overal met de erfzonde te maken hebben. Om met de Nederlandse Geloofsbelijdenis te spreken: de mens “heeft zich, door gehoor te geven aan het woord van de duivel, willens en wetens aan de zonde onderworpen en daarmee aan de dood en de vervloeking. Want het gebod ten leven dat hij ontvangen had, heeft hij overtreden en door zijn zonde heeft hij de gemeenschap met God, die zijn ware leven was, verbroken. Zo heeft hij zijn hele natuur verdorven en daarmee de lichamelijke en geestelijke dood verdiend. Doordat hij in al zijn doen en laten goddeloos, verkeerd en ontaard is geworden, heeft hij alle voortreffelijke gaven die hij van God had ontvangen, verloren. Hij heeft daarvan niets overgehouden dan geringe sporen, die niettemin voldoende zijn om de mens iedere verontschuldiging te ontnemen”[6].

Als wij dit alles tot ons door laten dringen, beseffen wij eens te meer hoe groot het wonder van Gods reddingsoperatie is.
Als het aan de mensheid ligt, eindigen alle wereldburgers ten langen leste op de vuilnisbelt. Maar God grijpt in: “Hierin is de ​liefde​ van God aan ons geopenbaard, dat God Zijn eniggeboren Zoon in de wereld gezonden heeft, opdat wij zouden leven door Hem”.
Met andere woorden: de liefde van God voor heel Zijn schepping is en blijft intens!

Het christendom is uniek[7].
Waarom?
1.
Reeds bij de schepping van de aarde blijkt de God van hemel en aarde volop actief te zijn.
2.
Het Koninkrijk van God is niet van deze wereld. Het toppunt van macht en kracht wordt niet op déze wereld bereikt.
3.
Men schrijft: “De gedetailleerde geschriften maken het mogelijk om tijden, plaatsen en mensen te verifiëren en worden door seculaire geschiedenis en archeologie bevestigd”.
4.
De Bijbelboeken zijn door verschillende auteurs geschreven. Jezus Christus schreef Zelf nota bene geen enkel boek!
5.
“Wij belijden dat dit Woord van God niet is voortgekomen uit de wil van een mens, maar dat mensen, door de Heilige Geest gedreven, van Godswege gesproken hebben, zoals de apostel Petrus zegt”[8].
6.
In de Bijbel wordt het verlossingsplan van God gepresenteerd. Dat is onvergelijkelijk! Men schrijft: “Het Hindoeïsme en het Boeddhisme maken aanspraak op ‘verbetering’ door middel van kringlopen van incarnatie en wedergeboorten, maar niet met de zekerheid van wanneer het doel van Moksha of Nirvana bereikt zal zijn. De Moslims denken dat ze zullen worden beoordeeld naar de balans van goede en slechte daden, maar ze hebben er geen idee van of ze de hemel in zullen gaan of niet”.
7.
Mensen kunnen hun redding niet verdienen. In alle andere religies wordt eigen actie gevraagd.

Vandaag de dag worden heel wat zelfhulpprogramma’s aangeboden. Dit programma is bewezen effectief, zegt men erbij. Of: dit programma heeft een wetenschappelijke basis. Jawel.
Laten Gereformeerden van 2019 de inzet van 1 Johannes 4 maar blijven repeteren: “Geliefden, geloof niet elke geest, maar beproef de geesten of zij uit God zijn; want er zijn veel valse profeten in de wereld uitgegaan”[9].
En laten zij maar eenvoudigweg genieten van Gods liefde!

Noten:
[1] Zie voor het bovenstaande bijvoorbeeld https://www.alletop10lijstjes.nl/top-10-grootste-religies/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019.
[2] 1 Johannes 4:9.
[3] Marcus 1:19 en 20.
[4] Zie https://www.oprechtemediums.nl/liefdeloosheid-een-keuze/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019.
[5] Zie https://www.nieuwetijdskind.com/wat-is-de-zin-van-het-leven/ ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019.
[6] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 14.
[7] In het onderstaande gebruik ik http://www.gefundeerdgeloof.org/ja,-christendom-is-uniek.html ; geraadpleegd op vrijdag 23 augustus 2019. Ook de citaten onder punt 3 en punt 6 komen van die website.
[8] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 3.
[9] 1 Johannes 4:1.

17 januari 2019

1 Johannes 3 over mantelzorg

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

De Bijbel is een boek dat heel actueel is.
Het gaat bijvoorbeeld over mantelzorg. Mantelzorg in en vanuit de kerk, bedoel ik.

Dat zien we als we een ogenblik kijken naar de eerste algemene brief van Johannes.
In hoofdstuk 1 komt het woord ‘gemeenschap’ vier keer voor[1]. Dat woord gemeenschap betekent daar: broederschap, gezamenlijkheid in geloof, verbonden aan Jezus Christus.

De Heiland heeft laten zien wat het toppunt van liefde is.
In 1 Johannes 3 staat het zo: “Hieraan leerden wij de ​liefde​ kennen, dat Hij voor ons Zijn leven heeft gegeven”[2].

Mensen die aan de Heiland verbonden zijn, hebben veel – zo niet alles – voor hun broeders en zusters over.
“Ook wij moeten voor de broeders het leven geven. Wie dan de goederen van de wereld heeft, en zijn broeder gebrek ziet lijden, maar zijn ​hart voor hem toesluit, hoe kan de ​liefde​ van God in hem blijven?”[3].
Vergelijkt u het maar met liefde tussen twee mensen. Je helpt elkaar waar je kunt. Met het beste materiaal waarmee dat kan. Op de tijdstippen dat het moet.

Wij moeten elkaar in de kerk verder helpen.
Mantelzorg dat is niet zelden een kwestie van lange adem. Met name oudere mensen zijn niet zelden hulpbehoevend. Zeker in een tijd als de onze gebeurt het nogal eens dat bepaalde klussen blijven liggen. Beroepszorgers doen vaak wel hun best, maar de realiteit is dat zij niet overal tijd voor hebben. De bloemen in de vensterbank, de vuilniszak in de prullenmand, het opruimen van een kamer in huis – ach, het blijft er zomaar bij. Bij ouderen ontbreekt nogal eens de energie om er wat aan te doen.
Wat kunnen mantelzorgers in zulke situaties reuze waardevol zijn!
Het is, ook vandaag, van het hoogste belang om elkaar in de praktijk van het leven te ondersteunen.

Een exegeet schrijft: “Wanneer geloof vrucht draagt, blijkt het echt te zijn. Op grond van het daadwerkelijk liefhebben van hun medechristenen weten de lezers dat het goed zit tussen God en hen (…). Op basis van deze zekerheid kunnen ze hun geweten kalmeren wanneer geloofstwijfel de kop mocht opsteken. En als dat niet lukt, mogen ze weten dat God alles weet”[4].
Wie met God leeft, ontvangt rust.

Dat klinkt prachtig.
Ideaal.
Paradijselijk bijna.

Maar ach – soms blijven we steken in formules[5].
Soms zijn we er met ons hart niet bij. Wij beloven dat we de Here met al onze krachten zullen dienen en nu ja – wat brengen we er van terecht? Niet zo heel veel. En dan staat in 1 Johannes 3 ook nog: “Mijn lieve ​kinderen, laten wij niet ​liefhebben​ met het woord of met de tong, maar met de daad en in waarheid”[6].
En je vraagt je in gemoede af: walst Johannes hier niet met overigens bewonderenswaardige soepelheid over onze problemen heen? Immers – een dag heeft maar vierentwintig uur. Ons leven is hectisch. En we kunnen niet alles tegelijk – zegt u nu zelf. Bovendien – u weet vast wel wat het probleem van mantelzorgers is: balanceren tussen zorgen, gezin, school, werk, sporten van de kinderen…

Toch heeft Johannes heeft wel degelijk oog voor de realiteit van het leven.
Want er staat wat bij.
“En hieraan weten wij dat wij uit de waarheid zijn, en zo zullen wij ons ​hart​ voor Hem geruststellen. Want als ons ​hart​ ons veroordeelt, God is meer dan ons ​hart, en Hij weet alle dingen”[7].
Jazeker, er gaat in ons leven heel veel fout. Tekortkomingen zijn telkens aan de orde van de dag.
Maar we weten vast en zeker: Jezus Christus is voor onze zonden gestorven. En we willen elkaar werkelijk liefhebben. En waarom? Omdat God het zegt. Punt. Zulke belijders zijn en blijven welkom bij Gods troon.
Om met Johannes te spreken: “Geliefden! Als ons ​hart​ ons niet veroordeelt, hebben wij vrijmoedigheid om tot God te gaan; en wat wij ook maar ​bidden, ontvangen wij van Hem, omdat wij Zijn geboden in acht nemen en doen wat Hem welgevallig is. En dit is Zijn gebod: dat wij geloven in de Naam van Zijn Zoon, ​Jezus​ ​Christus, en dat wij elkaar ​liefhebben, zoals Hij ons een gebod gegeven heeft. En wie Zijn geboden in acht neemt, blijft in Hem en Hij in hem. En hieraan weten wij dat Hij in ons blijft, namelijk aan de Geest, Die Hij ons gegeven heeft”[8].

Ja, er is altijd veel werk in de kerk.
En dan gaat het in eerste instantie niet over managing, of over leiderschap, of over diverse bestuursconcepten.
Er is onderwijzing nodig.
En vertroosting, vooral.
En hulp, heel vaak.
Maar wij mogen weten: de Heilige Geest woont in ons hart. En daarom beschikken wij over voldoende Geestelijke spankracht.

Laten wij daarom het advies van de Prediker maar opvolgen: “Alles wat uw hand vindt om te doen, doe dat naar uw vermogen”[9].

Noten:
[1] Namelijk in vers 3 (2 keer), en in de verzen 6 en 7.
[2] 1 Johannes 3:16 a.
[3] 1 Johannes 3:16 b en 17.
[4] Pieter J. Lalleman, “1, 2 en 3 Johannes; brieven van een kroongetuige”. – Kampen: Uitgeverij Kok, 2005; tweede druk 2008. – p. 181.
[5] In het onderstaande gebruik ik onder meer mijn artikel ‘Waarheid’; dat artikel is gedateerd op vrijdag 14 oktober 2005.
[6] 1 Johannes 3:18.
[7] 1 Johannes 3:19 en 20.
[8] 1 Johannes 3:21-24.
[9] Prediker 9:10 a.

28 november 2018

Leven in schitterend kader

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

In deze wereld koersen velen op gelijkheid. Je moet vooral niet met je hoofd boven het maaiveld uitsteken. Dat is dood-gevaarlijk.
Bovendien moet je een beetje lief zijn voor elkaar. Een beetje respect kan geen kwaad. In een wereld die steeds harder wordt is dat een must.

Welnu – in zo’n wereld spreekt Gods Woord over volmaakte liefde.
Leest u maar mee in 1 Johannes 4: “Er is in de ​liefde​ geen vrees, maar de volmaakte liefde drijft de vrees uit. De vrees houdt immers straf in, en wie vreest, is niet volmaakt in de ​liefde”[1].

Dat klinkt prachtig.
Maar liefde kan in deze wereld toch niet volmaakt wezen?
Hoe moet dat?
Dat wordt toch nooit wat?

In 1 Johannes 4 wordt dat uitgelegd.
“Hierin is de liefde bij ons volmaakt geworden, dat wij vrijmoedigheid mogen hebben op de dag van het oordeel. Want zoals Hij is, zijn ook wij in deze wereld”[2].
Volmaakte liefde, dat betekent dat u en ik niet bang hoeven zijn voor het eindoordeel dat de Here geven zal. Kinderen van God hoeven niet bevreesd te zijn voor het vonnis dat de grote God vellen zal. Natuurlijk – hun leven is bevlekt met zonden. Maar zij kennen hun zorgzame Here:
“daar is vergeving bij U altijd geweest,
opdat U in ons leven eerbiedig wordt gevreesd”[3].

Met vrees en beven werken aan uw zaligheid, noemt Philippenzen 2 dat. Niet dat die eerbied uit ons zelf komt. Nee, het is God die zulk ontzag in ons leven legt[4].
Dat wonder wordt in 1 Petrus 1 toegelicht: “…wandel dan in de vreze des Heeren, gedurende de tijd van uw ​vreemdelingschap, in de wetenschap dat u niet met vergankelijke dingen, zilver of goud, vrijgekocht bent van uw zinloze levenswandel, die u door de vaderen overgeleverd is, maar met het kostbaar bloed van ​Christus, als van een smetteloos en onbevlekt Lam”[5].

Conclusie: volmaakte liefde is een geschenk van God. Onze volmaakte liefde komt voort uit de onbaatzuchtige en voorbeeldige liefde van de Heiland. We ontdekken steeds vaker dat de geboden van God heilzaam zijn voor ons aardse leven.

Liefde betekent vandaag de dag onder meer dat je onafhankelijk bent. Op een internetpagina over liefde valt te lezen: “Natuurlijk mag je elkaar om hulp vragen. Maar wanneer de afhankelijkheid doorslaat, zie je de ander als jouw bron van liefde. Je kunt dan voor je gevoel niet zonder je partner en dat is niet goed voor je eigenwaarde”.
Dat klinkt goed. Maar het is niet waar.
Want het bijzondere is dat we geheel afhankelijk zijn van de God van hemel en aarde; niettemin geeft Hij ons heel veel eigenwaarde. Wij zijn kinderen van de Koning, dat is de kwestie. Koningskinderen, jazeker!
Op diezelfde pagina staat ook geschreven: “Je kunt niet tegelijkertijd van iemand houden en hem of haar willen veranderen”[6].
Ook dat klinkt goed. Maar het is alweer niet waar.
Want de Here God kan dat wel. Ook dat blijkt in 1 Johannes 4.
Leest u maar mee: “Al wie belijdt dat ​Jezus​ de ​Zoon van God​ is, God blijft in hem, en hij in God. En wij hebben de ​liefde​ die God tot ons heeft, gekend en geloofd. God is ​liefde​ en wie in de ​liefde​ blijft, blijft in God, en God in hem”[7].
Jezus Christus, de Redder van deze wereld, verandert het leven van door Hem gekochte kinderen. Zijn kinderen ervaren dat iedere dag. En Zijn kinderen doen niks liever dan: de liefde van de Heiland doorgeven. In woord en in daad.

Liefde is in deze tijd één van de trefwoorden van onze maatschappij. Die liefde gaat heel ver. Soms doorbreekt men blijmoedig door God gestelde grenzen. Waarom? Omdat het goed voelt…
Een voorbeeld.
Mensen met een homoseksuele geaardheid kunnen liefhebben – natuurlijk. Maar daar horen niet zelden ook seksuele relaties bij. Dat de hemelse God zulke relaties verboden heeft, dat doet er voor velen niet toe.
Het hoeft op deze plaats geen betoog dat dat een ernstige misvatting is.

Het moge helder wezen: in Gods Woord is volmaakte liefde een zaak van lange adem. Van volharding. Van diep geloof: “wij hebben Hem lief, omdat Hij ons eerst liefgehad heeft”[8].
Onze volmaakte liefde drijft de vrees uit, lezen wij in 1 Johannes 4. ‘Werpt’, staat er in het Grieks[9]. Sinds de zondeval is de mens van nature bang voor Gods macht. Voor Gods kinderen is dat echter niet meer nodig. Die vrees moet er uit gegooid worden – zo ver mogelijk weg. Hup, ruim op die angst!

Volmaakte liefde geeft het leven van gelovige mensen een gouden rand – een schitterend kader.
Zo krijgt ook deze dag een fraaie decoratie.

Noten:
[1] 1 Johannes 4:18.
[2] 1 Johannes 4:17.
[3] Psalm 130:2 – berijmd, Gereformeerd Kerkboek-1986.
[4] Philippenzen 2:12 en 13: “Daarom, mijn geliefden, zoals u altijd gehoorzaam geweest bent, niet alleen zoals in mijn aanwezigheid, maar nu veelmeer in mijn afwezigheid, werk aan uw eigen zaligheid met vrees en beven, want het is God, Die in u werkt zowel het willen als het werken, naar Zijn welbehagen”.
[5] 1 Petrus 1:17 b, 18 en 19.
[6] Beide citaten in deze alinea komen van https://www.happinez.nl/liefde-relaties/checklist-zo-weet-ware-liefde-is/ ; geraadpleegd op donderdag 22 november 2018.
[7] 1 Johannes 4:15 en 16.
[8] 1 Johannes 4:19.
[9] Zie https://www.statenvertaling.net/kanttekeningen/1Jh4.htm ; aantekening 64 bij 1 Johannes 4:18.

19 april 2018

Beschermende kleding nodig

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Wees gewapend tegen de listen van de duivel!

Dat is een boodschap die, om het zo maar te zeggen, in ons leven voortdurend moet resoneren. In het dagelijks leven moet je van die boodschap steeds de echo horen.

De vraag is: geef ik in mijn leven alle eer aan God, of heeft de tegenstander van God mij eigenlijk in zijn greep?
Natuurlijk: u werkt voor uw bedrijf. En/of voor uw leidinggevende. Want u wilt graag dat de bazen van ‘uw’ bedrijf tevreden zijn.
Maar dat, beste lezer, is slechts een oppervlakkige taxatie van het bestaan. Er is meer dan het zoveelste klusje op een duffe donderdag.

Laat ik vandaag wijzen op 1 Johannes 3: “Hieraan zijn de ​kinderen​ van God en de ​kinderen​ van de ​duivel​ te herkennen. Ieder die de ​rechtvaardigheid​ niet doet, is niet uit God, evenmin als hij die zijn broeder niet liefheeft”[1].

De eerste brief van Johannes lijkt te zijn ontstaan “aan het eind van de eerste eeuw, of het begin van de tweede eeuw, in ieder geval later dan het Johannesevangelie. Waarschijnlijk is de tekst ontstaan in Klein-Azië, meer in het bijzonder in Efeze”.

In de brief benadrukt de schrijver vooral dat de menswording van Christus geen fabeltje is.
‘Wandel in het licht’, schrijft de bejaard geworden Johannes.
‘Blijf altijd in de sfeer van Gods liefde’ noteert hij erbij. Want dat is een zeker teken dat de God van hemel en aarde het in uw leven voor het zeggen heeft[2].

Kinderen van God zijn rechtvaardig.
Kinderen van God hebben elkaar lief.
Het is niet moeilijk om te bepalen aan welke kant zij staan.
Jezus maakt in Mattheüs 7 de vergelijking met een boom. Ik citeer: “Aan hun vruchten zult u hen herkennen. Men plukt toch geen druif van doornstruiken of ​vijgen​ van distels? Zo brengt iedere goede boom goede vruchten voort en een slechte boom brengt slechte vruchten voort. Een goede boom kan geen slechte vruchten voortbrengen en een slechte boom kan geen goede vruchten voortbrengen. Iedere boom die geen goede vrucht voortbrengt, wordt omgehakt en in het vuur geworpen. Zo zult u hen dus aan hun vruchten herkennen”[3].

In feite zijn alle mensen op deze wereld te verdelen in twee massa’s mensen.
Denk in dit verband maar aan een stuk bouwland.
Mattheüs 13 brengt ons naar zo’n akker toe. Dat gaat als volgt: “De ​akker​ is de wereld, het goede ​zaad​ zijn de ​kinderen​ van het Koninkrijk en het onkruid zijn de ​kinderen​ van de boze. De vijand die het ​gezaaid​ heeft, is de ​duivel; de oogst is de voleinding van de wereld en de maaiers zijn ​engelen”[4].

Waar leef je uit?
Wat is de oorsprong van uw gedachten?
Welk doel wil je met uw gedachten bereiken?
Waar moet het met u naar toe?
Het is belangrijk om dat helder voor ogen te hebben!
Johannes beschrijft in zijn evangelie hoe Jezus laat zien dat menselijke gedachten zomaar kunnen inspelen op duivelse bedoelingen.
De Joden behoren vanouds bij het volk van God. Maar in Johannes 8 blijkt dat diezelfde Joden niet geloven dat Jezus Christus hun Zaligmaker is. Zij geloven niet dat Jezus uit de hemel komt. De conclusie is hard en duidelijk: die Joden horen dus bij de duivel. “Als God uw Vader was, zou u Mij ​liefhebben; want Ik ben van God uitgegaan en gekomen. Want Ik ben ook niet uit Mijzelf gekomen, maar Hij heeft Mij gezonden. Waarom begrijpt u niet wat Ik zeg? Omdat u Mijn woord niet kunt horen. U bent uit uw vader de ​duivel, en wilt de begeerten van uw vader doen; die was een mensenmoordenaar van het begin af, en staat niet in de waarheid, want er is in hem geen waarheid”[5].
Dus:
zonder dat zij het helemaal beseffen behoren de Joden bij het kamp van de duivel.
Dus:
als we met z’n allen niet steeds voor ogen houden dat Jezus Christus onze Redder is, staan wij in een oogwenk in de divisie van de duivel.
Wij worden ertoe opgeroepen om een duidelijke keuze te maken. Als wij dat niet doen, zet satanische trekkracht ons zonder pardon in de verkeerde sectie.

Er zijn momenten waarop alle maskers bij de duivel af gaan.
Dan moet je heel duidelijk maken waar je staat.
Dat moet Paulus doen in Handelingen 13.
Leest u maar even mee: “En toen zij het eiland doorgegaan waren tot ​Pafos​ toe, troffen zij een zekere ​tovenaar​ aan, een valse ​profeet, een ​Jood​ van wie de naam Barjezus was. Hij hoorde bij de stadhouder Sergius ​Paulus, een verstandig man. Die riep ​Barnabas​ en ​Saulus​ bij zich en verlangde ernaar het Woord van God te horen.
Maar Elymas, de ​tovenaar​ (want zo wordt zijn naam vertaald), ging tegen hen in en probeerde de stadhouder van het geloof af te houden. Maar ​Saulus​ (die ook ​Paulus​ genoemd wordt), vervuld met de ​Heilige​ Geest, keek hem doordringend aan, en zei: O duivelskind, vol van alle bedrog en van alle sluwheid, vijand van alle ​gerechtigheid, zult u er niet mee ophouden de rechte ​wegen​ van de Heere te verdraaien?”[6].
Het moet altijd duidelijk zijn dat je bij de militia Christi – de krijgsmacht van God – behoort!

De duivel is volop actief.
Wie Gods Woord leest en daarna in de wereld rondkijkt, ziet dat al heel gauw. Soms is de intentie van de duivel duidelijk. Op andere momenten opereert de satan, de duivel dus, veel geniepiger. Maar voordat je ’t weet word je aangevallen. In de rug, ook nog.
Doe dus vooral de beschermende kleding van Gods Woord aan!

Noten:
[1] 1 Johannes 3:10.
[2] Zie voor het bovenstaande https://nl.wikipedia.org/wiki/Eerste_brief_van_Johannes en https://christipedia.miraheze.org/wiki/Eerste_brief_van_Johannes ; geraadpleegd op donderdag 12 april 2018.
[3] Mattheüs 7:16-20.
[4] Mattheüs 13:38 en 39.
[5] Johannes 8:42, 43 en 44 a.
[6] Handelingen 13:6-10.

12 oktober 2017

Tolerantie als norm?

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Het regeerakkoord dat op dinsdag 10 oktober 2017 werd gepresenteerd straalt een rotsvast vertrouwen in de toekomst uit. Dat is ook het motto van het akkoord: ‘Vertrouwen in de toekomst’.
Het trefwoord in dat akkoord is: ambitie.

In het regeerakkoord kunnen wij lezen: “In Nederland is iedereen gelijkwaardig, ongeacht geslacht, seksuele geaardheid of geloof. Tolerantie naar andersdenkenden is de norm en kerk en staat zijn gescheiden. In Nederland kun je kiezen welk geloof je wilt belijden, of om niet te geloven. Dit zijn waarden waar we trots op zijn en die ons maken tot wie we zijn. Het is van groot belang dat we die historie en waarden actief uitdragen. Het zijn ankers van de Nederlandse identiteit in tijden van globalisering en onzekerheid”[1].

“Tolerantie naar andersdenkenden is de norm”, zo wordt gesteld.
Dat klinkt goed. Maar dat betekent vandaag meestal dat je alle levensstijlen goed moet vinden. Tegen homoseksuele relaties moet je vooral geen bezwaar hebben. Samenwonen moet je aanvaarden.
En zo is er nog veel meer.

Nu zijn Gereformeerde mensen best tolerant. En wel in die zin dat zij begrijpen dat zij hun levensovertuiging niet aan anderen op kunnen leggen.

Maar die tolerantie is, als u het mij vraagt, niet de norm. Nee, het Woord van God is de maatstaf.
Daarbij denk ik aan 1 Johannes 2: “Heb de wereld niet lief en ook niet wat in de wereld is. Als iemand de wereld liefheeft, is de ​liefde​ van de Vader niet in hem. Want al wat in de wereld is: de begeerte van het vlees, de begeerte van de ogen en de hoogmoed van het leven, is niet uit de Vader, maar is uit de wereld. En de wereld gaat voorbij met haar begeerte; maar wie de wil van God doet, blijft tot in eeuwigheid”[2].
Gereformeerden hebben de ambitie de liefde van Vader uit te stralen.
Gereformeerden hebben de ambitie om te doen wat de Here welbehaaglijk is.
Gereformeerden hebben de ambitie om anderen daarin mee te nemen, omdat zij beseffen dat het doen van Gods wil tot heil is van iedereen. Dat geldt niet alleen voor het hier en nu. Dat heeft alles te maken met de toekomst. De hemelse toekomst, wel te verstaan.

Natuurlijk moeten er bij het regeren ook allerlei praktische besluiten genomen worden. Meningsverschillen zijn ook dan vaak aan de orde van de dag. Dat geeft niet. Gereformeerden gaan daar ook niet moeilijk over doen.
Maar laten we niet net doen alsof tolerantie het hoogste goed is.

Tolerantie, dat betekent: de bereidheid om andere mensen afwijkend te laten denken en handelen.
Tolerantie, dat betekent: bereidheid om dingen te verdragen die ergernis kunnen oproepen.
Tolerantie, dat woord duidt op verdraagzaamheid[3].

Gereformeerden, en alle andere rechtgeaarde christenen, willen volgens Gods geboden leven. Omdat God – de enige God die er in de hemel en op de aarde bestaat! – heilig is, zullen zij er alles voor doen om in dat leven te volharden.
Daarom zullen christenen er, bijvoorbeeld, wat van blijven zeggen als er in hun omgeving veel gevloekt wordt.
Daarom zullen zij, bijvoorbeeld, het gezin als basis van de samenleving blijven zien.
Daarom zullen zij, bijvoorbeeld, de zondagsrust altijd blijven praktiseren, en blijven bevorderen[4].

Nee, dat is niet modern.
Maar het is wel Schriftuurlijk, dat wel.

Is deze weblogschrijver nu een spelbederver?
Ach, het was net zo mooi. Vier partijen – VVD, CDA, D66 en ChristenUnie – die 208 dagen heen weer gepraat hebben, en er uiteindelijk toch in slaagden om bij elkaar te komen. Tjonge!
Is deze weblogschrijver een zwartkijker? Een dwarsligger? De topper onder de vaderlandse pessimisten? Welnee.

Deze weblogschrijver is een Gereformeerde lezer van het regeerakkoord. Op de voorpagina prijkt het motto ‘Vertrouwen in de toekomst’.
Zeg, waar kennen we dat van? Misschien weet u het nog. Iets dergelijks stond ook in het vorige regeerakkoord. Kijkt u maar even mee. “VVD en PvdA delen een onverwoestbaar geloof in de toekomst, een rotsvast vertrouwen in wat Nederlanders samen voor elkaar kunnen krijgen en de diepe overtuiging dat ons land de komende jaren een stabiel en daadkrachtig kabinet nodig heeft om hiervoor kracht en energie vrij te maken”[5].

‘Vertrouwen in de toekomst’? Het spijt me, maar dat zegt mij niets. Ik bedoel maar: het zegt niets over de inhoud van het akkoord.
Bovendien: als het over de toekomst gaat, zullen we verder moeten kijken dan 2017 of 2021.
Laat voor ons allen een woord uit Spreuken 23 mogen gelden:
“Laat je ​hart​ niet jaloers zijn op de zondaars,
maar heel de dag blijven in de vreze des HEEREN.
Want juist dan is er toekomst,
en wordt je hoop niet afgesneden”[6].

Daar kunnen de regeerders van vandaag niet aan tippen.
Echt niet.

Noten:
[1] Regeerakkoord 2017-2021, p. 19. Te vinden via https://nos.nl/artikel/2197308-dit-is-wat-je-moet-weten-over-het-regeerakkoord.html ; geraadpleegd op woensdag 11 oktober 2017.
[2] 1 Johannes 2:15, 16 en 17.
[3] Zie http://www.encyclo.nl/begrip/tolerantie ; geraadpleegd op woensdag 11 oktober 2017.
[4] Zie hiervoor bijvoorbeeld Exodus 20:1-17.
[5] Geciteerd uit mijn artikel ‘Bewaring vereist’, hier gepubliceerd op donderdag 1 november 2012. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2012/11/01/bewaring-vereist/  .
[6] Spreuken 23:17 en 18.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.