gereformeerd leven in nederland

16 april 2020

De Lijfwacht bewaakt het brein

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Eigenlijk is het een wonder dat er nog christenen in deze wereld zijn, vindt u ook niet? “Wij zijn van onszelf zó zwak, dat wij zelfs geen ogenblik kunnen standhouden, en bovendien houden onze doodsvijanden – de duivel, de wereld en ons eigen vlees – niet op ons aan te vechten”[1]. Dat is de sfeer waarin wij leven.
Tenminste…

Daar lijkt het op.
Want de realiteit is anders.
“U wordt immers door de kracht van God bewaakt door het geloof tot de zaligheid, die gereedligt om geopenbaard te worden in de laatste tijd. Daarin verheugt u zich, ook al wordt u nu voor een korte tijd – als het nodig is – bedroefd door allerlei verzoekingen, opdat de beproeving van uw geloof – die van groter waarde is dan die van goud, dat vergaat en door het vuur beproefd wordt – mag blijken te zijn tot lof en eer en heerlijkheid, bij de openbaring van ​Jezus​ ​Christus”[2].
De lof en heerlijkheid van Jezus Christus – daar moet het in het leven om gaan.
Wij peuteren.
Wij kleuteren.
Vergeleken met het grote werk van God fröbelen Zijn kinderen maar wat. En toch mogen wij Zijn instrumenten zijn. In een schitterende samenklank vormen wij één grote symfonie van lof en vreugde in de Here. Dat is, op de keper beschouwd, een ondoorgrondelijk mirakel!

Wie teveel naar mensen kijkt, komt vast en zeker verkeerd terecht.
Bij het Apostolisch Genootschap bijvoorbeeld, een vrijzinnige religieus-humanistische beweging. In het Nederlands Dagblad stond er onlangs een verhaal over. Het ND sprak met Renske Doorenspleet.
Renske groeide in voornoemd genootschap op. Zij laat blijken dat negatief spreken over het Apostolisch Genootschap waarin zij en haar man in de jaren tachtig en negentig opgroeiden als verraad voelt. “Omdat we onze familie niet willen kwetsen. Dat maakt het moeilijk. En omdat het altijd allemaal zo fíjn moest zijn. Dat wil je ook graag: je wilt niet negatief overkomen, ook niet achteraf, maar dat is niet allemaal fijn. We waren als Apostelkinderen in de greep van iets ongrijpbaars”.
En:
“We waren geen Kerk, dat voelde als vloeken, we waren Ons Werk”.
En:
“Ook het religieuze gedachtegoed was een mengelmoes aan ideeën. Je kon niet goed uitleggen aan de buitenwereld waar het apostolische geloof voor stond. De omgangsvormen waren ook dubbel. Zag je een broeder of zuster bij de supermarkt, dan voelde dat ongemakkelijk. Zag je elkaar in het gebouw, dan waren er hartelijke begroetingen. Het moest altijd fijn zijn, maar dat bracht juist spanning. Mensen kunnen niet constant blij zijn”.
En:
“Het Apostolisch Genootschap (…) is in 1951 ontstaan in Nederland. De beweging komt voort uit het christendom, maar had toen haar christelijke wortels al losgetrokken. ‘Voor mijn boek heb ik geprobeerd onze “leer” te duiden door met rooms-katholieke en gereformeerde vrienden en experts te praten, maar zij snapten er niks van. Volgens hen was er theologisch geen touw aan vast te knopen, of was het flinterdun’, zegt Doorenspleet. De leidsman, die Apostel werd genoemd, trok al sinds 1910 alle macht naar zich toe. Sinds 1946 geloofden apostolischen dat God in alle mensen aanwezig was, maar in de jaren vijftig moesten ze hun Apostel als ‘Levende Norm’ gaan zien. Tijdens Doorenspleets jeugd vervulde Lambertus Slok deze apostelrol. Zijn zoon volgde hem in 1984 op en bleef tot 2001 de groep leiden. Maar de leden mochten de Apostel ook weer niet als God zien. Er waren veel benamingen voor de geestelijk leider en in liederen bezongen de volgelingen hem als pijler en houvast, zielenvriend, zielenhelper en goddelijke maatstaf. ‘Het was allemaal heel ingewikkeld. We voelden ons beter dan kerken, want wij hadden geen dogma’s. Maar ondertussen waren die er wél. Ze waren alleen niet te herleiden’, zegt Doorenspleet. De preken in verschillende gemeenten waren gebaseerd op een wekelijkse brief van de Apostel. ‘Hij beriep zich hiervoor op bijbelverhalen, Griekse mythologie, Etty Hillesum of Martin Luther King’, zegt Doorenspleet. ‘Overal werd inspiratie vandaan gehaald en alles werd door hem geherinterpreteerd’”[3].

Als mensen gaan heersen en óverheersen worden talloze mensen zwaar beschadigd.
Men zoekt naar vrijheid. Maar dat gaat altijd ten koste van anderen.
Hierboven wordt Etty Hillesum (1914-1943) genoemd. Deze telg uit een Nederlands-Joodse familie werd bekend door haar dagboek. Ze schreef over de dwaasheden van de holocaust. En over de anti-Joodse maatregelen en de deportaties[4].
De naam van Martin Luther King jr. (1929-1968) kennen velen. Deze baptistendominee en politiek leider was in Amerika de spreekbuis van de zwarte bevolking. Onvermoeibaar bestreed hij discriminatie en vocht hij voor burgerrechten[5].
O ironie – bij het Apostolisch Genootschap baseert men zich op mensen die voor vrijheden strijden; dat leidt echter tot beknotting en beperking!

Overigens worden wij er in 1 Corinthiërs 11 al op gewezen dat wij met deze verschijnselen rekening moeten houden: “Want ten eerste hoor ik dat er als u samenkomt in de ​gemeente​ verdeeldheid onder u is, en ten dele geloof ik dat. Want er moeten ook afwijkingen in de leer onder u zijn, opdat wie beproefd blijken te zijn, in uw midden openbaar komen”[6].

In dit verband is opvallend wat de Gereformeerd-vrijgemaakte dr. W.G. de Vries (1926-2006) indertijd over sekten schreef: “Nu zoveel kerkgenootschappen Schriftkritiek toelaten, kweken zij zelf dit sektarisme als protest-beweging. Iemand die zelf niet eens aan de woordelijke inspiratie van de bijbel gelooft schrijft dan toch maar: ‘Wie trouwens de geschiedenis van de theologie van de laatste twee eeuwen kent, weet, hoe de majesteit van de Schrift zich zelf steeds weer bewezen en gehandhaafd heeft – ook tegenover de meest scherpzinnige critici of de lawaaierige lieden van de “Bijbel-Babel’-stijl. God zorgt er zelf wel voor, dat zijn Woord niet zomaar geliquideerd en weggegooid kan worden. Hij heeft zijn Woord toevertrouwd aan de kerk. Maar is de kerk zich wel volkomen bewust van de heilige verantwoordelijkheid die zulks meebrengt? Immers, als zij slordig omgaat met de Schrift, is dat koren op de molen van de sekten!’”[7].

Moeten we nu bang worden? Zo van: voor we ’t weten gaan wij met z’n allen de verkeerde kant op?
Nee, dat niet.
Waarom niet?
U wordt door de kracht van God bewaakt, schrijft Petrus. Phrouroumenous staat daar. In 2 Corinthiërs 11 wordt dat woord gebruikt voor het bewaken van een stad: “In ​Damascus​ liet de stadhouder van ​koning​ Aretas de stad van de Damascenen bewaken, omdat hij mij gevangen wilde nemen”[8]. Alle in- en uitgaande personen worden gecontroleerd. In Philippenzen 4 komt dat woord ook in figuurlijke zin voor: “…de ​vrede​ van God, die alle begrip te boven gaat, zal uw ​harten​ en uw gedachten bewaken in ​Christus​ Jezus”[9]. De Heiland Zelf is, om zo te zeggen, de Phouros – de Schildwacht, de Bewaker.

Zo kunnen kerkmensen geconcentreerd zijn op het prijzen van hun God.
De Lijfwacht bewaakt het brein.
Zo kan de kerk blijmoedig de toekomst in gaan; ja, zelfs als een ziekmakend en dodelijk virus over de wereld snelt!

Noten:
[1] Heidelbergse Catechismus – Zondag 52, antwoord 127.
[2] 1 Petrus 1:5, 6 en 7.
[3] “Fantoompijn van het Apostolisch Genootschap”. In: Nederlands Dagblad, woensdag 8 april 2020, p. 4 en 5.
[4] De gegevens van deze publicatie zijn: Etty Hillesum, “Het verstoorde leven. Dagboek van Etty Hillesum 1941-1943”. – Uitgeverij Balans, 2014. – 272 p.
[5] Meer informatie over Martin Luther King is onder meer te vinden op https://historiek.net/martin-luther-king-1929-1968/6712/ ; geraadpleegd op woensdag 8 april 2020.
[6] 1 Corinthiërs 11:18 en 19.
[7] W.G. de Vries, “Het ene Woord en de vele sekten”. – Goes: Oosterbaan & Le Cointre, 1984 (tweede druk). – p. 17. De Vries citeert de befaamde West-Duitse theoloog Kurt Hutten (1901-1979). Deze was befaamd vanwege zijn kennis van sekten.
[8] 2 Corinthiërs 11:32.
[9] Philippenzen 4:7.

25 maart 2020

Onrecht verdragen, dat kán

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Er is veel onrecht in de wereld. Wij worden vaak verkeerd begrepen. Wij worden niet zelden het slachtoffer van anderen die ons, bijvoorbeeld vanwege onverschilligheid, lomp en onvriendelijk behandelen. Het gebeurt in de uitoefening van ons beroep. En in talloze dagelijkse situaties. Ook in crisistijd.
Dat alles behoeft weinig uitleg. U weet daar alles van.

In het Woord van God wordt daar niet aan voorbij gekeken. Petrus schrijft in zijn eerste algemene brief: “Huisslaven, wees uw meesters met alle ontzag onderdanig, niet alleen hun die goed en welwillend zijn, maar ook die verkeerd handelen. Want dat is ​genade, als iemand om het geweten voor God dingen verdraagt die hem pijn doen, en daarbij ten onrechte lijdt”[1].

Is Petrus voorstander van de slavernij? Nee. Hij sluit wel aan bij de intermenselijke verhoudingen van zijn tijd.
Iemand legt uit: “De omgang met elkaar binnen de gemeente als ‘vrije mensen’ (…) betekent weliswaar gelijkwaardigheid van allen (…), maar niet het einde van alle maatschappelijke verhoudingen”. En: “Omdat de gelovigen God vrezen (…) wordt van hen verlangd dat zij ook hun aardse meesters met vreze (…) zullen respecteren en onderdanig zijn (…). De ‘vreze Gods’ (…) is het grondmotief voor alle sociale verhoudingen”[2].

De vreze Gods, daar gaat het dus om. Daar draait het om in heel ons leven. Op de werkvloer. In de kerk. In de sociale contacten die we hebben; met de buurman, in de supermarkt – enzovoort.
Vreze Gods – dat is een oude term voor Godvrezendheid, vroomheid, godsvrucht. In Psalm 22 zegt David:
“U die de HEERE vreest, loof Hem;
alle nakomelingen van ​Jakob, vereer Hem;
wees bevreesd voor Hem, alle nakomelingen van Israël”[3].
Gelovige mensen vereren hun God. Dat doen zij individueel. Zij doen het ook samen, in de kerk. Geen wonder dat de dichter van Psalm 119 zegt:
“Ik ben een metgezel van allen die U vrezen
en die Uw bevelen in acht nemen”[4].

Er is heel wat onrecht in de wereld, schrijft Petrus. Op de werkvloer bijvoorbeeld. En het “is genade, als iemand om het geweten voor God dingen verdraagt die hem pijn doen”.
Door Gods genade kunnen kinderen van God onrecht verdragen. In de maatschappij. In de kerk. Ja, overal waar wij leven en werken. En daarbij geldt dan ook Mattheüs 5: “Zalig zijn de vredestichters, want zij zullen Gods ​kinderen​ genoemd worden. Zalig zijn zij die vervolgd worden om de ​gerechtigheid, want van hen is het Koninkrijk der hemelen. Zalig bent u als men u smaadt en vervolgt, en door te liegen allerlei kwaad tegen u spreekt, omwille van Mij. Verblijd en verheug u, want uw loon is groot in de hemelen, want zo hebben ze de profeten vervolgd die er vóór u geweest zijn”[5].
Hoe beantwoorden wij onrecht? Zeker – wij mogen daar best iets van zeggen. En ja, soms zullen er verhoudingen op scherp staan. Maar laten tegenstellingen in maatschappelijke relaties niet leiden tot haat of vijandschap! Altijd moet er de bereidheid om in vrede met elkaar te leven. Zoals Paulus aan de christenen in Philippi schrijft: “Uw welwillendheid zij alle mensen bekend. De Heere is nabij”[6].
Veel mensen vinden christenen, Gereformeerde mensen incluis, maar ‘vreemde vogels’. Die christenen niet heel vaak op voor hun rechten. Gereformeerden staken zelden. Soms lijkt het erop dat kerkmensen onrecht in de wereld maar een beetje laten voor wat het is. Merkwaardig vindt men dat. Zeer merkwaardig.
Niettemin is het allemaal heel verklaarbaar. Dat blijkt als we enkele woorden uit Philippenzen 3 citeren: “Ons burgerschap is echter in de hemelen, waaruit wij ook de Zaligmaker verwachten, namelijk de Heere ​Jezus​ ​Christus, Die ons vernederd lichaam veranderen zal, zodat het gelijkvormig wordt aan Zijn verheerlijkt lichaam”[7].
Christenen, Gereformeerden incluis, zijn in zekere zin wereldvreemd. Hun tweede vaderland, hun betere vaderland, is in zicht.
Daarom hoeven wij ook niet alles uit dit aardse leven te halen. Het hoeft niet allemaal tiptop te zijn. Wij weten: er komt iets heel moois aan. Het wordt nog veel beter!

Tenslotte – Petrus schrijft: “Want dat is ​genade, als iemand om het geweten voor God dingen verdraagt die hem pijn doen”.
Dat klinkt vreemd: de genade komt tot ons via pijn en verdriet. Hoe zit dat precies?
Petrus legt het in het slot van 1 Petrus 2 uit.
“Want wat voor roem is er als u het geduldig verdraagt wanneer u zondigt en daarvoor slagen ontvangt? Maar als u het geduldig verdraagt wanneer u goeddoet en daarvoor lijdt, is dat ​genade​ bij God. Want hiertoe bent u geroepen, omdat ook ​Christus​ voor ons geleden heeft; Hij laat ons zo een voorbeeld na, opdat u Zijn voetsporen zou navolgen; Hij, Die geen ​zonde​ gedaan heeft en in Wiens mond geen bedrog gevonden is; Die, toen Hij uitgescholden werd, niet terugschold, en toen Hij leed, niet dreigde, maar het overgaf aan Hem Die ​rechtvaardig​ oordeelt; Die Zelf onze ​zonden​ in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout, opdat wij, voor de ​zonden​ dood, voor de ​gerechtigheid​ zouden leven. Door Zijn striemen bent u genezen. Want u was als dwalende schapen; maar u bent nu bekeerd tot de ​Herder​ en ​Opziener​ van uw zielen”.
Laten wij maar onze Herder toegaan. En laten wij bidden:
“O herder, die uw volk wilt leiden,
als schapen Israël wilt weiden,
die Jozef als uw kudde hoedt,
verhoor ons, HERE, wees ons goed.
Gij, die uw troon op cherubs sticht,
verschijn ons in uw blinkend licht

Doe ons uw kracht ten leven blijken,
dan zullen Wij van U niet wijken.
Dan wordt uw naam door ons geëerd,
o HEER, die alle ding regeert.
Verlos ons, toon ons ’t lieflijk licht
van uw vertroostend aangezicht”[8].

Noten:
[1] 1 Petrus 2:18 en 19.
[2] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij 1 Petrus 2:18.
[3] Psalm 22:24.
[4] Psalm 119:63.
[5] Mattheüs 5:9-12.
[6] Philippenzen 4:5.
[7] Philippenzen 3:20.
[8] Psalm 80:1 en 10 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

13 maart 2020

Zicht op actievoerende vrouwen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Afgelopen zondag, 8 maart 2020, was het Internationale Vrouwendag.
Op een internetpagina die aan dat thema gewijd is, werd onder meer geschreven:
“Al jarenlang strijden vrouwen voor zelfbeschikking, individuele rechten en vrijheid.
Vrijheid van vrouwen dient niet onderhandelbaar te zijn maar een vanzelfsprekendheid.
Gebruik #vrijheid op al je media-uitingen.
Doe mee met de fotocampagne
Gebruik influencers om aandacht te geven aan dit thema”[1].
Een activiteit in de stad Groningen werd als volgt aangekondigd: “Kom tijdens Internationale Vrouwendag met ons eten, drinken, henna zetten en dansen! Er zal muziek zijn uit alle culturen. Ook zullen succesvolle vrouwen hun inspirerende verhaal delen.Trek je mooie kleren aan en geniet van deze onvergetelijke dag. Alle vrouwen zijn welkom!”[2].
Voor de goede orde: met ‘henna zetten’ wordt een tijdelijke tattoo bedoeld[3].

Dit alles staat in schril contrast met 1 Petrus 3: “Evenzo, vrouwen, wees uw eigen mannen onderdanig; opdat ook, als sommigen aan het Woord ​ongehoorzaam​ zijn, zij door de levenswandel van de vrouwen zonder woorden gewonnen mogen worden, doordat zij uw reine levenswandel in de vreze des Heeren waarnemen”[4].

Onderdanigheid – dat is in onze tijd een bijna onsmakelijk woord. Nederig! Onderworpen! Dat doet u toch niet, vandaag de dag? Stel je toch voor zeg – dan wordt u weggedrukt!

Toch gaat het daar in 1 Petrus 2 – het voorgaande hoofdstuk dus – wel over.
“Geliefden, ik roep u op als bijwoners en ​vreemdelingen​ u te onthouden van de vleselijke begeerten, die strijd voeren tegen de ziel. Houd uw levenswandel onder de heidenen goed; opdat zij die nu van u kwaadspreken als van kwaaddoeners, door de goede werken die zij in u waarnemen, God verheerlijken mogen op de dag dat er naar hen omgezien wordt. Onderwerp u dan omwille van de Heere aan alle menselijke orde, hetzij aan de koning, als hoogste machthebber, hetzij aan de stadhouders, als mensen die door hem gezonden worden tot straf van de kwaaddoeners, maar tot lof van hen die goeddoen. Want zo is het de wil van God, dat u door goed te doen het onverstand van de dwaze mensen de mond snoert; als vrije mensen, maar niet alsof u de vrijheid hebt als een dekmantel voor slechtheid, maar als dienstknechten van God”[5].
Hierboven staan zijn woorden die vrijwel naadloos passen in de actualiteit van 2020.
Vleselijke begeerten
Noteer daar ‘seksueel misbruik’ en ‘metoo’ bij, en dan staan wij midden in de eenentwintigste eeuw.
God verheerlijken op de dag dat er naar heidenen omgezien wordt
In het Grieks staat daar woord ‘episkope’. Dat betekent hier ‘bezoeking’. Dat woord verplaatst ons naar de dag van het laatste oordeel. Er komt een dag dat de Heer van de kosmos Zijn laatste vonnis vellen zal. Met het oog dáárop moeten Gods kinderen – ook die van 2020 – christelijk leven. Met het oog dáárop moeten Gereformeerden de juiste prioriteiten stellen[6].
Onderwerping omwille van de Heere
Het gaat blijkbaar niet in de eerste plaats om eigen rechten. Het gaat om de eer van de Here. Alles draait om Zijn glorie!
Vrijheid geen dekmantel voor slechtheid
Inderdaad, #vrijheid betekent niet dat u niet lekker doet waar u zelf zin in hebt. Altijd moeten wij bedenken dat wij in dienst zijn. In dienst van de God van hemel en aarde. Kerkmensen hebben dus een hoge positie!
Dit alles maakt ons wellicht onrustig. Want wie dit alles naar buiten brengt wordt wellicht meewarig bejegend. Of erger nog: wij ontmoeten ergernis. Of zelfs vijandschap.
Welnu, daar is in oude tijden reeds rekening mee gehouden.
“Want dat is ​genade, als iemand om het geweten voor God dingen verdraagt die hem pijn doen, en daarbij ten onrechte lijdt”[7].
En:
“Want hiertoe bent u geroepen, omdat ook ​Christus​ voor ons geleden heeft; Hij laat ons zo een voorbeeld na, opdat u Zijn voetsporen zou navolgen; Hij, Die geen ​zonde​ gedaan heeft en in Wiens mond geen bedrog gevonden is; Die, toen Hij uitgescholden werd, niet terugschold, en toen Hij leed, niet dreigde, maar het overgaf aan Hem Die ​rechtvaardig​ oordeelt; Die Zelf onze ​zonden​ in Zijn lichaam gedragen heeft op het hout, opdat wij, voor de ​zonden​ dood, voor de ​gerechtigheid​ zouden leven. Door Zijn striemen bent u genezen. Want u was als dwalende schapen; maar u bent nu bekeerd tot de ​Herder​ en ​Opziener​ van uw zielen”[8].

Nu komen wij opnieuw bij 1 Petrus 3: “Evenzo, vrouwen, wees uw eigen mannen onderdanig”.
Onderdanig – dat betekent daar niet: u bent het slaafje van uw man.
Onderdanig – dat betekent daar wel: leef als echtgenote in de stijl van Christus; voorbeeldig, waardig, rechtvaardig, in een hechte leefgemeenschap met de Heiland.

Alzo tekent zich de scherpe tegenstelling af tussen de actievoerende vrouwen in Nederland en de kerk in de lage landen.
Bij de actievoerende vrouwen gaat het om zelfbeschikking, individuele rechten en vrijheid. In de kerk gaat het om het dienen van God. Om het werken met en voor de Verbondsgod.
Er wordt een keuze gevraagd.
Zou dat keuzestress geven? Ach nee. “Want”, zo staat in 1 Petrus 3, “de ogen van de Heere rusten op de rechtvaardigen, en Zijn oren zijn gericht op hun ​gebed; maar het aangezicht van de Heere is tegen hen die kwaad doen”[9].

Noten:
[1] Geciteerd van https://www.internationale-vrouwendag.nl/thema-vrouwendag-2020/ ; geraadpleegd op dinsdag 10 maart 2020.
[2] Geciteerd van https://www.internationale-vrouwendag.nl/internationale-vrouwendag-stichting-femina-groningen/ ; geraadpleegd op dinsdag 10 maart 2020.
[3] Zie hierover bijvoorbeeld https://www.handoffatima.nl/pagina.php?id=18 ; geraadpleegd op dinsdag 10 maart 2020.
[4] 1 Petrus 3:1 en 2.
[5] 1 Petrus 2:11-16.
[6] Zie hierover onder meer de online versie van de Studiebijbel; commentaar bij 1 Petrus 2:12.
[7] 1 Petrus 2:19.
[8] 1 Petrus 2:21-25.
[9] 1 Petrus 3:12.

26 februari 2020

Kloof tussen moslims en Gereformeerden

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Worden moskeeën met giften beïnvloed vanuit Koeweit en Saoedi-Arabië? Dat zou een onderzoekscommissie van de Tweede Kamer wel eens willen weten. In het verlengde daarvan liggen daar de vragen: staan moslims met hun rug naar de Nederlandse samenleving? en: ondermijnen sommige imams de rechtsstaat?

De onderzoekscommissie van het parlement sprak onder meer “met prof. dr. Truus Pels van het Verwey-Jonker Instituut dat op verzoek van de gemeente Utrecht in 2016 en 2019 onderzoek naar Al Fitrah deed. De eerste studie, observerend van aard, resulteerde in plussen en minnen. De pedagogisch-didactische begeleiding van de (vrijwillige) leerkrachten is gedegen, maar inhoudelijk is de lesstof zeer dogmatisch. De ruimte voor kritische reflectie en eigen meningsvorming is beperkt. ‘De leerkracht, en uiteindelijk Allah, hebben het laatste woord’, concludeert het instituut.
Alarmerend was het rapport uit 2019. Het Verwey-Jonker sprak daarvoor met 50 buitenstaanders uit de kring rond de school: oud-leerlingen, ouders van oud-leerlingen, directeuren van Utrechtse scholen die onderwijs bieden aan kinderen uit de Al-Fitrah-gemeenschap en vertegenwoordigers van het Utrechtse welzijnswerk.
Al-Fitrah biedt geborgenheid, is één van de conclusies, maar die is vergelijkbaar met die van een sekte”[1].
Alle reden voor nader onderzoek dus!

Welnu, het verhoor van Suhayb Salam – imam van de alFitrah-moskee te Utrecht – liep woensdag 19 februari jl. op ruzie uit.
De imam noemde het verhoor zelfs een poppenkast.

Zaken als de bovenstaande voelen niet goed.
De minachting van de Utrechtse imam voor Nederlandse parlementariërs druipt er af. De impliciete boodschap van de imam lijkt te zijn: wij kunnen onze eigen boontjes doppen en wij hinderen niemand; bemoei je niet met ons!
Nu zijn niet alle moslims gelijk. En zij denken ook niet allemaal gelijk.
Maar hoe groot is het aantal fundamentalisten onder de moslims? Hoe verdraagzaam zijn die fundamentalisten tegenover christenen en joden? Niemand die dat precies weet. Men begrijpt: het antwoord op dergelijke vragen is belangrijk voor de samenleving. Immers – ons aller veiligheid is van het grootste belang.
Er wordt gezegd dat dat er nu méér islamitisch geweld is dan honderd jaar geleden. Er wordt bovendien gezegd dat de afstand tussen jihadisten en ‘mainstream islam’ nu kleiner is dan honderd jaar geleden. ChristenUnie-voorman Segers praatte eens met een imam uit Delft: “Ik vroeg hem: heeft een moslim in jouw ideale staat het recht om van zijn geloof af te vallen? Ja of nee. Hij draaide eromheen, maar na doorvragen, kwam dan toch het antwoord: ‘Nee, die moet dood’”[2].
Dat alles is niet bepaald rustgevend.
En eerlijk is eerlijk: de minachting van de Utrechtse imam Suhayb Salam maakt het beeld er niet mooier op.

Wat kan hierop het antwoord der Gereformeerden wezen?
Dat zal hieronder blijken.

Wij beginnen bij Fikret Böcek. Hij is ex-moslim en predikant in Turkije. De man werd enkele jaren geleden geïnterviewd door het Reformatorisch Dagblad.
Citaat: “‘In de islam gelooft men niet dat Jezus aan het kruis gestorven is. Men beweert dat het er de schíjn van had dat dit gebeurde. Ik ontdekte dat het historisch gewoon klopte: Jezus was werkelijk door de Romeinen gekruisigd. Ik verloor het respect voor de Koran en de islam. Jezus stierf aan het kruis voor onze zonden, zo vernam ik, iets wat de islam ook niet kent. Toen de Amerikanen mij zeiden dat ik een zondaar was, had ik dit nooit eerder gehoord. De mens wordt volgens de islam puur geboren. Hij begint pas te zondigen als tiener, als hij verantwoordelijk is voor zijn daden’.
De zonde komt bovendien nooit van binnenuit, maar altijd van buitenaf. ‘Vandaar dat je naar Mekka moet gaan en vijf keer per dag moet bidden om weer rein te worden van de zonden’”[3].
In het bovenstaande wordt duidelijk waar de scheidingslijn tussen Gereformeerden en moslims loopt.
Gereformeerden zeggen: de mens is van nature zondig; maar er is genade.
Moslims zeggen: een mens wordt puur geboren en wordt bedorven naarmate hij ouder wordt; ijver voor de islamitische wetten kan hem redden.

De houding van imam Suhayb Salam spreekt, wat schrijver dezes betreft, boekdelen. Zijn idee lijkt te zijn:
* Nederlanders snappen moslims niet, en het is onbegonnen werk om onze levensovertuiging uit te leggen
* laat die Nederlanders maar, ze weten toch niet beter
* wij doen ons best om in de hemel te komen; uiteindelijk zijn wij beter af dan die goddeloze Nederlanders. Fikret Böcek zegt: “De islam is een religie van werken, van regels en voorschriften”.

De Utrechtse imam laat ongewild de antithese tussen kerk en wereld zien. De scheidslijn wordt getrokken!
De moslim stelt: er moet gewerkt worden.
De Gereformeerde mens zegt: er moet geloofd worden. En er moet geprezen worden.

Zie voor dat laatste bijvoorbeeld 1 Petrus 1: “Geprezen zij de God en Vader van onze Heere ​Jezus​ ​Christus, Die ons, overeenkomstig Zijn grote ​barmhartigheid, opnieuw geboren deed worden tot een levende hoop, door de opstanding van ​Jezus​ ​Christus​ uit de doden”[4].
Er is sprake van een “onvergankelijke, onbevlekte en onverwelkbare ​erfenis, die in de hemelen bewaard wordt”[5]. Die erfenis is er al. Die erfenis ligt al in de hemel. Die erfenis is niet aan slijtage onderhevig. Die erfenis wordt bewaard; er is niemand die ‘m ons af kan nemen. Dat geeft zekerheid. Dat betekent tevens dat Gereformeerden zich in onze samenleving niet zo nodig hoeven te bewijzen. Zij hoeven zich niet zo nodig te manifesteren. Zij bezitten hun schat in de hemel reeds. Wat kan hen verder nog gebeuren?
Het antwoord op die vraag is eenvoudig: niets. Want in 1 Petrus 1 staat ook nog: “U wordt immers door de kracht van God bewaakt door het geloof tot de zaligheid, die gereedligt om geopenbaard te worden in de laatste tijd”[6].
Gereformeerden hebben altijd hun persoonlijke Lijfwacht bij zich!
Gereformeerden wandelen rustig met Hem naar de toekomst toe. Dat is een toekomst vol gegarandeerde vrede en volkomen geluk!

Wat zullen wij verder van deze dingen zeggen?
Eén ding nog slechts – gelet op het bovenstaande zou het wel eens kunnen zijn dat Suhayb Salam, de imam uit Utrecht, meer van zichzelf heeft laten zien dan hij wilde!

Noten:
[1] Geciteerd van https://www.rd.nl/gewiekste-imam-ontregelt-commissie-poppenkast-1.1633550 ; geraadpleegd op donderdag 20 februari 2020.
[2] Geciteerd van https://www.volkskrant.nl/columns-opinie/ruud-koopmans-en-gert-jan-segers-in-gesprek-over-islamitisch-fundamentalisme-jij-legt-de-grens-ergens-anders-dan-ik~bc60eec9/ ; geraadpleegd op donderdag 20 februari 2020.
[3] Geciteerd van https://www.rd.nl/kerk-religie/islam-kent-alleen-wet-geen-genade-1.550574 ; geraadpleegd op donderdag 20 februari 2020. De publicatie van het interview is gedateerd op donderdag 9 juni 2016.
[4] 1 Petrus 1:3.
[5] 1 Petrus 1:4.
[6] 1 Petrus 1:5.

27 december 2019

Opnieuw geboren

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Gedurende twee dagen vierden wij het Kerstfeest. De geboorte van Christus had volop onze aandacht.
Welnu – Petrus wijst ons er in zijn eerste algemene brief op dat er nog veel meer geboortes aan de orde zijn.
“Geprezen zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die ons, overeenkomstig Zijn grote barmhartigheid, opnieuw geboren deed worden tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden”[1].

Opnieuw geboren worden – dat is een groots werk van God.
Hij doet dat door Zijn Woord. Jacobus schrijft in zijn algemene brief: “Overeenkomstig Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord van de waarheid”[2].
Ook de Heilige Geest is volop actief. Leest u maar mee in Titus 3. Hij maakte ons zalig “niet op grond van de werken van ​rechtvaardigheid​ die wij gedaan hadden, maar vanwege Zijn ​barmhartigheid, door het bad van de wedergeboorte en de vernieuwing door de ​Heilige​ Geest”[3].

Wij, actieve mensen van 2019, vragen ons dan meteen af wat wij daarvoor moeten doen. Immers – wie heeft soms niet de gedachte dat het beter is om helemaal opnieuw te beginnen?
Welnu, dat hoeft niet. Er is ons namelijk een licht opgegaan.
Johannes schrijft: “En het licht schijnt in de duisternis, en de duisternis heeft het niet begrepen”[4]. Paulus noteert in 2 Corinthiërs 4: “Want God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is ook Degene Die in onze ​harten​ geschenen heeft”[5].
De God van hemel en aarde doet in ons leven het licht aan.
Het davert van de wantoestanden in de wereld. Een christenmens heeft heel vaak de neiging om te roepen: daar moeten wij wat aan doen! En nee, het is niet verkeerd om aan het werk te gaan. Maar het belangrijkste is dat in ons leven het licht schijnen gaat. En laten we het dan niet vergeten: het is God Zelf die de schakelaar omzet.

Waarom gaat het licht in ons leven aan?
Paulus zet het er in 2 Corinthiërs 4 bij: “Want God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is ook Degene Die in onze ​harten​ geschenen heeft tot verlichting met de kennis van de heerlijkheid van God…”[6].
Gelovige kinderen van God leren de glorie van God kennen. En iets van die glorie laten zij al in de wereld zien.
In deze tijd van het jaar hebben de mensen het druk met klimaatverandering. De NOS meldt ons op 18 december: “De rechtbank, het gerechtshof en vandaag ook de Hoge Raad. Allemaal hebben ze geoordeeld dat de Nederlandse Staat eind volgend jaar de CO2-uitstoot met 25 procent moet hebben verminderd ten opzichte van de uitstoot in 1990.
Al een tijd is duidelijk dat dit een erg lastige klus wordt voor het kabinet. In 2017 zat Nederland nog op 12,6 procent reductie en in 2018 op 15 procent. Het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) berekende onlangs dat de reductie in 2020 in het gunstige geval op 21 procent zal uitkomen.
‘Er ligt een hele grote taak’, is de reactie van minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat op de uitspraak vandaag”[7].
Hoe gewichtig dat alles ook zijn moge, het licht dat God laat schijnen is van veel meer betekenis. Want dat licht laat zien dat er na dit aardse leven een hemelse existentie komt: eeuwig leven voor wie Gods beloften gelooft!

Paulus schrijft in 2 Corinthiërs 4 nog meer: “Want God, Die gezegd heeft dat het licht uit de duisternis zou schijnen, is ook Degene Die in onze harten geschenen heeft tot verlichting met de kennis van de heerlijkheid van God in het aangezicht van Jezus Christus”[8].
Er komt een moment dat wij onze Heiland recht in het gezicht kunnen kijken. Maar dan moeten wij wel met het gezicht naar Hem toe gaan staan. Wij moeten ons, met andere woorden, bekeren!
Klimaatverandering? Het is best belangrijk om het nieuws daarover te volgen.
Maar wat meer is: er gaan levens veranderen!
De God van hemel en aarde zorgt ervoor dat wij helemaal opnieuw beginnen. Dat is een wonder. Een grandioze ommekeer! Een ommezwaai die aanzienlijk groter is dan de klimaatverandering waar een ieder over spreekt!

De NOS meldt ons: “De staat is verplicht om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen. De Hoge Raad heeft dat geoordeeld in de Urgenda-zaak. Daarmee is het vonnis in de zaak definitief. De uitspraak betekent dat de uitstoot van broeikasgassen voor het einde van 2020 met ten minste 25 procent moet verminderen ten opzichte van 1990”[9].
Dat ziet er reuze stoer uit. Echter – hierboven bleek al dat men dat zeer waarschijnlijk niet gaat halen. De lat ligt te hoog. Dit wordt ‘m niet.
Maar de wedergeboorte? Daarvoor geldt: jazeker, God zet Zijn werk door. En Hij komt tot geweldige dingen.
Petrus wijst het in 1 Petrus 1 aan: “Geprezen zij de God en Vader van onze Heere ​Jezus​ ​Christus, Die ons, overeenkomstig Zijn grote ​barmhartigheid, opnieuw geboren deed worden tot een levende hoop, door de opstanding van ​Jezus​ ​Christus​ uit de doden, tot een onvergankelijke, onbevlekte en onverwelkbare ​erfenis, die in de hemelen bewaard wordt voor u”[10].
Eeuwigdurend!
Smetteloos en puur!
Klimaatverandering of niet – die erfenis verloedert nooit!
Die levende hoop neemt niemand ons af. Want het licht schijnt in de wereld. Ook vandaag.

Noten:
[1] 1 Petrus 1:3.
[2] Jacobus 1:18.
[3] Titus 3:5.
[4] Johannes 1:5.
[5] 2 Corinthiërs 4:6 a.
[6] 2 Corinthiërs 4:6 a en b.
[7] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2315657-nederland-moet-co2-uitstoot-verlagen-maar-hoe-dan-en-wat-als-het-niet-lukt.html ; geraadpleegd op zaterdag 21 december 2019.
[8] 2 Corinthiërs 4:6.
[9] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2315562-hoge-raad-houdt-urgenda-vonnis-in-stand-kabinet-moet-uitstoot-terugdringen.html ; geraadpleegd op zaterdag 21 december 2019.
[10] 1 Petrus 1:3 en 4.

29 oktober 2019

Wij weten het wél

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Het Woord van God hamert het er bij ons in: de God van hemel en aarde wil u redden.
Vertrouw maar op Hem, dan komt het goed. Nee, dat is geen nepnieuws. Het is Evangelie – blijde Boodschap!
Het wordt gratis aangeboden: vergeving van de zonden, eeuwige gerechtigheid en eeuwig heil. Die aanbieding blijft voor altijd geldig!

Mensen die in de beklaagdenbank zitten worden daar weggehaald.
God zegt: ‘U bent niet meer schuldig. Door het werk van Mijn Zoon, uw Heiland, krijgt u gerechtigheid en rechtvaardigheid aangeboden. In Mijn verbond bent u rechtstreeks met Christus’ verlossingswerk verbonden. Leven met Christus – dat is uw kernactiviteit, daar leeft u voor. En dat kan ook: Ik geef u er de bekwaamheden en vaardigheden voor’.

In het Oude Testament wijzen profeten al op des Heilands werk.
Die profeten zijn woordvoerders van de Heer van hemel en aarde. Zij begrijpen zelf niet helemaal wat zij zeggen. Zij overzien niet precies wat de impact van het Evangelie is.
Maar één ding is voor al die profeten volkomen duidelijk: er zijn nog heel veel mensen die het Evangelie moeten horen. Heel veel mensen die in latere eeuwen leven worden ook door Jezus Christus gered.
En daarom is het nodig dat zij de Boodschap blijven verkondigen. Het mag en moet worden uitgebazuind: er is redding en eeuwig leven voor wie in Jezus Christus gelooft!

Die profeten zien het heil dat God aanbiedt van enige afstand. Zij kunnen hun Opdrachtgever niet recht in de ogen kijken.
In 2019 is dat niet anders.
Daarom geldt ook voor gelovigen van vandaag wat in 1 Petrus 1 staat: “Hoewel u Hem niet gezien hebt, hebt u Hem toch lief. Hoewel u Hem nu niet ziet, maar gelooft, verheugt u zich met een onuitsprekelijke en heerlijke vreugde, en verkrijgt u het einddoel van uw geloof, namelijk de zaligheid van uw zielen. Naar deze zaligheid hebben de profeten, die geprofeteerd hebben over de ​genade​ die aan u bewezen is, gezocht en gespeurd. Zij onderzochten op welke en wat voor tijd de Geest van ​Christus, Die in hen was, doelde, toen Hij tevoren getuigde van het lijden dat op ​Christus​ komen zou, en ook van de heerlijkheid daarna. Aan hen werd geopenbaard dat zij niet zichzelf, maar ons dienden in de dingen die u nu verkondigd zijn door hen die u het ​Evangelie​ verkondigd hebben door de ​Heilige​ Geest, Die vanuit de hemel gezonden is; dingen, waarin de ​engelen​ begerig zijn zich te verdiepen”[1].

Dat Evangelie geeft zekerheid in een samenleving waar, om zo te zeggen, een paraplu boven hangt met de woorden: ‘We weten het niet’.

Hoe moet het met de stikstofproblematiek?
Wat te doen?
Men weet het niet precies…

Er is vandaag de dag ook PFAS.
Daarover staat ergens geschreven: “De afkorting PFAS staat voor poly- en perfluoralkylstoffen. Dat zijn door de mens gemaakte chemische stoffen die van nature niet in het milieu voorkomen, maar door het wijdverbreide gebruik in de industrie op heel veel plaatsen in de bodem en het grondwater blijken te zitten.
Deze stoffen – het zijn er meer dan 6000 – zijn onverwoestbaar en daardoor populair in de industrie. Zo werd er onder andere bakpapier, blusschuim, make-up en verf van gemaakt. Nadeel is dat de stoffen nauwelijks afbreken en in het milieu achterblijven.
Al sinds 2012 is duidelijk dat PFAS schadelijk kunnen zijn voor de volksgezondheid. In dat jaar werd ook al een expertisecentrum opgericht. Regels over de maximale hoeveelheid PFAS per kilo grond waren er echter lange tijd niet. Een aanzet daarvoor kwam pas in maart van dit jaar toen het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) een onderzoek naar de risicogrenzen van deze stoffen publiceerde.
Duidelijke regels waren er echter ook toen nog niet. Nog steeds was het niet duidelijk in hoeverre en bij welke hoeveelheid PFAS schadelijk kan zijn. Staatssecretaris Stientje van Veldhoven kwam daarom in juli met een stelregel: iedere kilo grond mag niet meer dan 0,1 microgram PFAS bevatten. Het gaat dan wel om grond die in aanraking kan komen met oppervlakte water. Voor woon- en industriegrond gelden hogere normen.
De aangescherpte regels voor het verplaatsen van grond en bagger met daarin PFAS, stellen bouwers, baggeraars en bedrijven die grond verzetten voor grote problemen. Bij alle grond die ze willen verplaatsen om bijvoorbeeld een bouwterrein op te hogen moeten ze zich aan het PFAS-maximum van Veldhoven houden. De stoffen zijn echter zo alomtegenwoordig in het milieu dat ze in bijna elke schep grond zitten. ‘Ik sprak een ondernemer die vijftig grondanalyses uit heeft laten voeren. Slechts een van de grondmonsters kwam schoon terug’, vertelde beleidsmedewerker Gerben Zijlstra van brancheorganisatie voor de bouw Cumela onlangs in Trouw.
De vervuilde grond die ze opgraven kunnen ze vervolgens niet meer kwijt of alleen tegen hele hoge prijzen”[2].

Men heeft te maken met een woud van regels. Die zijn tegenwoordig zo gecompliceerd dat allerlei bedrijven er niet zelden op vastlopen.
Wat te doen?
Men weet het niet…
Steeds vaker krijgt men de indruk dat Meneer Besluiteloosheid allerlei beslissers en regeerders op de nek zit.

Wij wonen en werken in een samenleving waar een paraplu boven hangt met de woorden: ‘We weten het niet’.

Dat zeggen de profeten in het Oude Testament niet. Zij vertrouwen vast op God. Zij doen hun werk, omdat Hij dat vraagt.
Wij moeten het in 2019 ook niet zeggen. Natuurlijk – wij weten niet precies hoe de hemel eruit ziet. Maar wij weten wel dat Gods beloften altijd werkelijkheid worden. Dat weten wij zeker. Wij vertrouwen er vast op.
En daarom zingen wij in de kerk uit volle borst mee:
“Blijf aan de HEER uw wegen toevertrouwen,
verheug u in uw God, bewoon het land,
wees Hem getrouw, Hij zal uw toekomst bouwen.
Doe steeds wat goed is, want zijn trouw houdt stand!
Al wat uw hart begeert, zult u aanschouwen,
Hij zorgt voor u en leidt u door zijn hand”[3].

Noten:
[1] 1 Petrus 1:10, 11 en 12.
[2] Geciteerd van https://www.lc.nl/economie/Wat-is-PFAS-en-waarom-is-het-net-als-stikstof-een-probleem-voor-de-bouw-24943051.html ; geraadpleegd op dinsdag 22 oktober 2019.
[3] Psalm 37:2; berijmd – Gereformeerd Kerkboek-1986.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.