gereformeerd leven in nederland

30 september 2019

Beestachtig?

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

“We zijn gewoon beesten. Er zit een laagje beschaving overheen, maar we zijn beesten”. Aldus Halina Reijn. Zij is een bekende actrice en schrijfster. “We zijn beesten”, zegt Halina. Dat zegt zij op een website van het Parool, een krant die met name gericht is op de bewoners van Amsterdam[1].
Halina staat in haar mening niet alleen. Want: “Frans de Waal, een van ’s werelds beroemdste biologen, weet het zeker: mensen zijn beesten”[2]. Volgens hem moeten wij “het idee achter ons laten dat de mens het enige wezen is met een rijke emotionele belevingswereld”[3]. Dieren kunnen er ook wat van! Zeggen ze. De Waal schreef er tamelijk recent zelfs een boek over. De befaamde bioloog schrijft over lachende orang-oetans, gekietelde ratten, jaloerse aapjes, trotse olifanten en dankbare walvissen[4].
Kortom: mensen zijn dierlijk. Zegt men.

In zo’n wereld moet de kerk er goed op letten dat zij zonder reserves met de Heidelbergse Catechismus blijft belijden: “God heeft de mens goed en naar zijn beeld geschapen, dat wil zeggen: in ware gerechtigheid en heiligheid, opdat hij God, zijn Schepper, naar waarheid kennen, Hem van harte liefhebben en met Hem in de eeuwige heerlijkheid leven zou, om Hem te loven en te prijzen”[5].

Inderdaad – soms gedragen mensen zich beestachtig. En hoe komt dat? Omdat zij zich van God niets aantrekken. De God van hemel en aarde beïnvloedt het leven niet, suggereert men met nadruk. Wij moeten het leven zelf organiseren.
In de kerk moeten we ons realiseren dat het die kant opgaat als wij God links laten liggen.
Voor mensen die uitverkoren zijn geldt dat zij de nieuwe mens hebben aangetrokken. Die wordt vernieuwd “tot kennis, overeenkomstig het beeld van Hem Die hem geschapen heeft”. Zo schrijft de apostel Paulus dat aan de christenen in Colosse[6].

Wij mogen er niet overheen lezen: Gods kinderen worden vernieuwd.
Maar dat betekent dan ook dat God goddeloze mensen die vernieuwing niet aanbiedt. Het wordt – met andere woorden – steeds duidelijker wie er bij de Here hoort en wie bij het kamp van Zijn tegenstanders moet worden ingedeeld.
Met mensen die op afstand van God staan gaat het van kwaad tot erger. Zo komt het dat mensen soms op beesten gaan lijken.
Op die manier maakt de God van hemel en aarde het volstrekt duidelijk: als Ikzelf niet ingrijp gaat deze wereld kapot!

Des te dankbaarder moeten wij wezen dat de Machthebber van deze wereld ingegrepen heeft. Dat staat ook in de brief aan de Colossenzen. In hoofdstuk 1 namelijk. Citaat: “Daarbij danken wij de Vader, Die ons bekwaam heeft gemaakt om deel te hebben aan de ​erfenis​ van de ​heiligen​ in het licht. Hij heeft ons getrokken uit de macht van de duisternis en overgezet in het Koninkrijk van de Zoon van Zijn ​liefde. In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de ​vergeving​ van de ​zonden. Hij is het Beeld van de onzichtbare God, de ​Eerstgeborene​ van heel de schepping. Want door Hem zijn alle dingen geschapen die in de hemelen en die op de aarde zijn, die zichtbaar en die onzichtbaar zijn: tronen, heerschappijen, overheden of machten; alle dingen zijn door Hem en voor Hem geschapen. En Hij is vóór alle dingen, en alle dingen bestaan tezamen door Hem. En Hij is het hoofd van het lichaam, namelijk van de ​gemeente, Hij, Die het begin is, de ​Eerstgeborene​ uit de doden, opdat Hij in allen de Eerste zou zijn”[7].

Boven ons leven lichten, om zo te zeggen, voortdurend neonletters op: Wij danken de Here omdat Hij ons uitgekozen heeft!
Nee, die uitverkiezing ging niet zonder slag of stoot. Er was behoorlijk wat trekkracht voor nodig. Wij zijn overgezet. Ziet u ’t voor u? Wij zijn vastgepakt – hup, u hoort bij Mij! Nee, de liefhebbende God pakt het niet zachtzinnig aan. Om zondige en dwarse mensen op hun plaats te zetten is heel wat almachtige energie nodig!
Om met de Dordtse Leerregels te spreken: “Hij opent het gesloten hart, Hij maakt het harde zacht, Hij besnijdt het onbesnedene, Hij vernieuwt de wil: van dood maak Hij hem levend, van slecht goed, van onwillig gewillig, van weerbarstig gehoorzaam. Hij brengt de wil zover en geeft deze zoveel kracht, dat hij als een goede boom vruchten van goede werken kan voortbrengen”[8].
In onze wereld zijn twee gigantische ombuigingsoperaties aan de gang:
* de satan buigt mensen om, zodat zij loskomen van God en gebod
* de God van hemel en aarde buigt zich genadig naar ons over en geeft ons een plek in zijn luisterrijke Koninkrijk.

En waar worden Gods kinderen verzameld?
Precies – in de kerk!
Wie door Hem uitgekozen is moet daar wezen.
Tegenwoordig wordt over de kerk nog wel eens wat luchtigjes gedaan. Men zegt: ‘de kerk als instituut is niet zo belangrijk; wij zijn namelijk al één in Christus als we dezelfde Bijbel hebben’. Dat klinkt prachtig, maar het is niet logisch. De Here gebruikt toch geen tien kerkverbanden in één land om Zijn kinderen bijeen te brengen? Dat zou wel heel merkwaardig wezen!
Laten wij het die bekende woorden uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis maar weer eens repeteren: “Wij geloven en belijden één katholieke of algemene kerk. Zij is een heilige vergadering van de ware gelovigen, die al hun heil verwachten van Jezus Christus, gewassen zijn door zijn bloed, geheiligd en verzegeld door de Heilige Geest. Deze kerk is er geweest vanaf het begin van de wereld en zal er zijn tot het einde toe. Want Christus is een eeuwig Koning, die niet zonder onderdanen kan zijn. Deze heilige kerk wordt door God staande gehouden tegen het woeden van de hele wereld, hoewel zij soms een tijdlang zeer klein en ogenschijnlijk verdwenen is…”[9].
Die kerk is de schuilplaats van Gods kinderen!
Die kerk is de werkplaats van de Here!
En ja – leven en werken in Gods nabijheid, in die kerk, bewaart ons voor beestachtigheid!
Laten wij dus maar dankbaar onze plaats innemen.
En dan zingen wij Psalm 122 van harte mee:
“Ik was verheugd, toen men mij zei:
Laat ons naar ’t huis des HEREN gaan,
om voor Gods aangezicht te staan.
Kom ga, met ons en doe als wij”[10].
En:
“De stammen, naar Gods naam genoemd,
gaan daarheen op, naar zijn bevel.
Een voorschrift is voor Israël,
dat elk des HEREN naam daar roemt[11]!

Noten:
[1] Het citaat komt van https://www.parool.nl/ps/halina-reijn-we-zijn-beesten-met-een-laagje-beschaving~b0f5d6f4/ ; geraadpleegd op maandag 23 september 2019.
[2] Geciteerd van https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/mensen-zijn-beesten~b2c2bde9/ ; geraadpleegd op maandag 23 september 2019.
[3] Geciteerd van https://www.parool.nl/nederland/frans-de-waal-zo-speciaal-zijn-wij-mensen-niet~b1c736e9/; geraadpleegd op maandag 23 september 2019.
[4] De gegevens van dat boek zijn: Frans de Waal, “Mama’s laatste omhelzing; over emoties bij dieren en wat ze ons zeggen over onszelf”. – Uitgeverij Atlas Contact, 2019. – 368 p.
[5] Heidelbergse Catechismus – Zondag 3, antwoord 6.
[6] Colossenzen 3:10.
[7] Colossenzen 1:12-18.
[8] Dordtse Leerregels, hoofdstuk III/IV, artikel 11.
[9] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 27.
[10] Dit zijn regels uit Psalm 122:1 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.
[11] Dit zijn regels uit Psalm 122:2 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

15 augustus 2019

Gekleed als uitverkorenen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Door God uitgekozen mensen – zijn die herkenbaar? Zij hebben geen stempel op. Maar we zouden ze wel moeten kunnen herkennen.
Paulus schrijft namelijk in Colossenzen 3: “Kleedt u zich dan, als uitverkorenen van God, ​heiligen​ en geliefden, met innige gevoelens van ontferming, vriendelijkheid, nederigheid, zachtmoedigheid, geduld”[1].

Waarom is de brief aan de christen in Colosse geschreven?
Een internetencyclopedie leert ons: “Paulus heeft zorgen om het geestelijk welzijn van de gelovigen, vandaar dat hij uitgebreid aandacht besteed aan de positie van Christus. Paulus had van Epafras gehoord over ketterse opvattingen in Colosse. Welke dwaalleer is niet helemaal duidelijk, maar uitgaande van de inhoud van de brief moet het een mengeling geweest zijn van judaïsme, gnosticisme, ascese en engelenverering. De leerstellingen over God en de verlossing hadden blijkbaar een schaduw geworpen over de heerlijkheid van Christus. Paulus brengt door zijn schrijven Christus weer voor het voetlicht en benadrukt Diens soevereiniteit, Goddelijkheid en heerschappij. Christus’ hoofdschap over de gemeente wordt benadrukt, evenals het christelijke leven in de dagelijkse praktijk”[2].

In Colosse heeft men dus de neiging om de wetten van Mozes weer van stal te halen[3].

In Colosse heeft men de neiging om te zeggen dat de mens afkomstig is uit een goddelijke wereld en in zijn aardse situatie een goddelijke kern in zich heeft. ‘Terug naar die goddelijke wereld’ is het parool![4]

In Colosse heeft men de neiging om te streven naar een reine levenswandel door de eigen hartstochten en begeerten te beteugelen en zelftucht toe te passen[5].

En dan die engelenverering.
Iemand schrijft: “Schijnbaar worden deze teksten tegenwoordig niet meer gelezen want regelmatig hoor ik, vaak in een tv-programma van de EO, dat mensen ‘engelen’ hebben gezien. De meest wonderbare verhalen worden opgedist en de presentator maar knikken en glimlachen. Vraagt men zich niet af waar men mee bezig is? Houden dergelijke mensen zich wel vast aan het Hoofd, Jezus Christus? Wie heeft de verlossing nu volbracht, engelen of Jezus Christus?”[6].
In Colosse heeft men de neiging om te denken aan zuivere engelkens met vleugeltjes die permanent door ’t luchtruim zweven. Zij zingen zo blij, zo wonderzacht…

Welaan, zegt Paulus – zet beide benen maar weer op de grond. Doe maar gewoon uw kleren aan.
Paulus zet erbij wat de mensen in Colosse uit hun walk-in closet moeten halen: innige gevoelens van ontferming, vriendelijkheid, nederigheid, zachtmoedigheid, geduld.

Mensen van 2019 hebben de neiging om te protesteren. Want om die ontferming, vriendelijkheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld te kunnen praktiseren moet je wel een beetje boven de wereld zweven. Anders krijg je dat nooit voor elkaar.

Kleedt u zich maar aan, zegt Paulus.
U hoeft zich niet klaar te maken voor de catwalk.
Maar u moet wel laten zien dat u uitverkorenen bent. Uitgekozen dus. Uitgekozen door God, nog wel.
Over die uitverkorenen staat in de Heidelbergse Catechismus: “Dat ik in alle droefheid en vervolging met opgeheven hoofd juist Hem als Rechter uit de hemel verwacht, die Zich eerst om mij voor Gods rechterstoel gesteld en heel de vloek van mij weggenomen heeft. Hij zal dan al zijn en mijn vijanden aan de eeuwige ondergang overgeven, maar mij met alle uitverkorenen tot Zich nemen in de hemelse blijdschap en heerlijkheid[7].

Nee – die ontferming, vriendelijkheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld worden in dit leven nooit volmaakt.
Maar de houding van Gods kinderen verandert door de jaren heen wel. Dat komt omdat zij zich voorbereiden op het verblijf in een andere wereld: de hemelse heerlijkheid.

Die christenen in Colosse willen de reis naar die volmaaktheid zelf regelen.
Fout!, zegt de Catechismus.
Want God trekt ons naar Zich toe.

Die mensen doen geweldig hun best om een hogere status te bereiken. Via het judaïsme, het gnosticisme, de ascese en de engelenverering.
Niet meer doen, schrijft Paulus in Colossenzen 3.
Richt u zich gerust op de hemel. Maar uw eigen inspanningen helpen u niet verder. Want “uw leven is met ​Christus​ verborgen in God”[8].
Ja, zo staat het er: met Christus verborgen in God – kinderen van God hebben, om zo te zeggen, levenslang beschermende kleding aan.

Aldus gekleed moeten ook gelovigen van 2019 hun gedrag aanpassen. Weg met onchristelijke gewoontes! Weg met seculiere manieren van doen!
De nieuwe kleding geeft, kortom, een heel andere uitstraling.
De nieuwe situatie wordt: “​Christus​ is alles en in allen”[9].
Daar gaan we naar toe.
En dan zien we toch een begin van ontferming, vriendelijkheid, nederigheid, zachtmoedigheid en geduld.

In Colosse willen de mensen een hogere status bereiken.
In 2019 willen veel mensen dat ook. Maar dan anders.
Het Parool meldt ons op vrijdag 9 augustus: “Veel mensen willen beroemd worden. Kijk alleen al naar de wildgroei aan (wannabe) influencers die om likes bedelen op Instagram en de talentenjachten die mensen in sneltreinvaart het sterrendom in moeten slingeren. Vooral voor de jeugd blijft het fenomeen interessant. Onlangs kwam uit onderzoek in opdracht van Lego naar voren dat westerse kinderen het liefst youtuber of vlogger worden – ze willen dus dat zoveel mogelijk mensen naar ze kijken – terwijl jonge Chinezen het vaakst dromen van een carrière als astronaut.
Die hang naar roem is opmerkelijk, omdat ook de nadelen regelmatig benadrukt worden. Zo publiceerde een anonieme ex-BN’er onlangs het boek Anti-Fame, uitgegeven bij Das Mag, waarin haarfijn wordt besproken waarom je vooral géén bekendheid wilt vergaren. Ja, roem levert misschien -financiële- extraatjes, interessante nieuwe vrienden, knappe bedpartners en eeuwige erkenning op, maar daar staan (…) haatreacties, stalkers en de inperking van je privacy tegenover”[10].

Op aarde geldt nog altijd dat aloude gezegde: wie hoog klimt kan laag vallen.

Maar wij?
Wij bereiden ons voor op de heerlijkheid van de hemel.
En hoe doen we dat?
In Colossenzen 3 geeft Paulus ons, in de actualiteit van alledag, het volgende dringende advies: “En alles wat u doet met woorden of met daden, doe dat alles in de Naam van de Heere ​Jezus, terwijl u God en de Vader dankt door Hem”[11]!

Noten:
[1] Colossenzen 3:12.
[2] Geciteerd van http://christipedia.nl/Artikelen/K/Kolossenzen_(brief_van_Paulus) ; geraadpleegd op vrijdag 9 augustus 2019.
[3] Zie hierover onder meer https://christipedia.miraheze.org/wiki/Judaïsme ; geraadpleegd op vrijdag 9 augustus 2019.
[4] Zie hierover onder meer https://nl.wikipedia.org/wiki/Gnostiek ; geraadpleegd op vrijdag 9 augustus 2019.
[5] Zie hierover https://www.encyclo.nl/begrip/ascese ; geraadpleegd op vrijdag 9 augustus 2019.
[6] Geciteerd van http://www.bijbelarchief.nl/default.asp?id=217 ; geraadpleegd op vrijdag 9 augustus 2019.
[7] Geciteerd uit Heidelbergse Catechismus – Zondag 19, antwoord 52.
[8] Colossenzen 3:3.
[9] Colossenzen 3:11.
[10] Geciteerd van https://www.parool.nl/ps/beroemd-door-een-blunder-een-stomme-tweet-verpestte-haar-leven~b892c596/ ; geraadpleegd op vrijdag 9 augustus 2019.
[11] Colossenzen 3:17.

10 juli 2019

Ongeldige akte

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Tegenwoordig is, in het algemeen, ons handschrift niet zo belangrijk. Computervaardigheden staan meer op de voorgrond.

Welnu, de Bijbel wijst ons niettemin op het handschrift van God.
Dat lijkt in 2019 een beetje ouderwets. Archaïsch. Een beetje uit de tijd. Maar in het Woord van God gebeurt het wel. Met enige nadruk, ook nog. Leest u maar even mee in Colossenzen 2: “…Hij heeft u, toen u dood was in de overtredingen en het onbesneden zijn van uw vlees, samen met Hem levend gemaakt door u al uw overtredingen te ​vergeven, en het handschrift dat tegen ons getuigde, uit te wissen. Dit handschrift was met zijn bepalingen tegen ons gericht, en Hij heeft dat uit het midden weggenomen door het aan het kruis te nagelen[1].

Voor dat woord ‘handschrift’ staat in het Grieks cheirographon. Dat woord duidt op een handgeschreven akte.
Zo’n akte komen u en ik bijvoorbeeld ook in Deuteronomium 24 tegen. Daar betreft het officiële echtscheidingsbrieven[2].
Het woord cheirographon wordt tevens gebruikt voor een schuldbekentenis of een schuldigverklaring.
Een uitlegger noteert erbij: “Wanneer de schuld was afbetaald werd de cheirographon ongeldig gemaakt door deze met een scherp voorwerp te doorboren.
Maar de cheirographon werd ook gebruikt bij de kruisiging van een crimineel. Alle aanklachten (soms een hele waslijst) werden op een stuk perkament geschreven en aan het kruis van de misdadiger vastgenageld, zodat iedereen kon zien waarvoor hij was veroordeeld. In het Latijn werd de schriftelijke aanklacht een titlos genoemd. Johannes gebruikt het woord titlos voor de beschuldiging die op het kruis van Jezus hing (…). De aanklacht tegen Jezus was opmerkelijk: ‘koning der Joden’!”.
En:
“Paulus maakt aan de hand van dit voorbeeld duidelijk dat het document waarop al onze zonden staan geschreven, dat is ‘alles dat tegen ons getuigde’, met Jezus aan het kruis is genageld. Daardoor zijn wij vrij van iedere aanklacht. Jezus heeft dus niet met de Tora afgerekend, maar met onze schuld!”[3].

De schuldverklaring is aan het kruis genageld. En wel naast Degene die niet schuldig was. Aan dat kruis hing, om zo te zeggen, een hele waslijst van aanklachten. Aanklachten tegen Gods kinderen. Aanklachten waarin de Heiland niet schuldig was.
Die hele lange lijst heeft gehangen naast Jezus Christus, de Man die de straf voor onze zonden onderging.

Jezus Christus heeft heel de straf gedragen. Het kruis is weg. Het officiële document van de aanklacht is weggehaald. En dat document is nu niet meer geldig; er zitten immers gaten in!
Dat is een grote troost. Wij komen allen in ons leven grote moeilijkheden en kleine problemen tegen. Daar wordt het in het leven beslist niet makkelijker van.
Maar altijd mogen we het weten: wij zijn vrij van schuld! Dankzij onze Heiland!

Het is van enige importantie om het bovenstaande goed voor ogen te houden.
Vandaag de dag zijn we voorzichtig geworden met het aanwijzen van Gods hand in de geschiedenis.
De bekende ND-journalist Aad Kamsteeg schreef in maart jongstleden in een column over dit onderwerp: “Vraag je bij sommige gebeden af of een even oprecht christen als jij niet bezig is God precies het tegenovergestelde te vragen. Sluit voorts Gods hand niet op in alleen maar positieve gebeurtenissen. En, ten slotte, wees er niet te snel zeker van dat wij zouden weten wat Gods bedoeling met allerlei ontwikkelingen is”.
Terecht maant Kamsteeg tot enige voorzichtigheid.
Hij schrijft ook: “Maar is ons in de Bijbel beloofd dat Gods bedoelingen in de wereld van de feiten een open boek zijn voor ons? Zeker, we weten wat het effect kan zijn van bepaald gedrag. Bij volharding in het kwaad kan God mensen overgeven aan zichzelf. Maar dat is wat anders dan denken te weten waartoe er een Auschwitz was, er massaal vluchtelingen naar Europa komen, Hillary Clinton nipt van Donald Trump verloor. Wat we wel moeten weten? Hoe we naar Gods wil moeten omgaan met de situatie waarin Hij ons plaatst”[4].

Gods kinderen hebben relatief kleine denkramen. Zij kunnen, hier op aarde, nooit precies uitleggen waar en hoe God werkt. Maar zij weten wel dat Hij werkt. De hemel is, om zo te zeggen, vol bedrijvigheid!

Gods kinderen kunnen zich daarom toch vol overgave bij de God van hemel en aarde melden. En als zij zich bij hun God melden weten zij één ding volkomen zeker: er zit een gat in de akte van aanklachten; de akte is niet meer geldig! Jazeker, er was een waslijst van zonden en tekortkomingen. Maar daar worden wij niet meer op aangesproken. Want Jezus Christus, onze Heiland, heeft alle schulden afbetaald.

En anno Domini 2019 mogen we er zeker van zijn: de hand van God beschermt ons. Met zijn geweldige macht schermt God ons af; de wereld krijgt geen vat meer op ons.
Derhalve mogen wij met Psalm 3 zingen:
“Ik zal vol nieuwe moed,
daar mij zijn hand behoedt,
tienduizenden niet vrezen.
Al word ik opgejaagd,
van elke kant belaagd,
de HEER zal met mij wezen”[5].

Noten:
[1] Colossenzen 2:13 en 14.
[2] Deuteronomium 24:1-4.
[3] Geciteerd van https://petersteffens.nl/artikel/is-de-wet-aan-het-kruis-genageld/ ; geraadpleegd op maandag 8 juli 2019.
[4] Aad Kamsteeg, “De Hand van God” – column in: Nederlands Dagblad, maandag 4 maart 2019, p. 13.
[5] Dit is het tweede deel van Psalm 3:2 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

7 mei 2019

Tegen de polarisatie het Evangelie

Er zijn in het Woord van God teksten die zo groots en luisterrijk zijn dat je er als mens bij lijkt te verschrompelen.
Eén van die woorden staat in Colossenzen 1: “Want het heeft de Vader behaagd dat in Hem heel de volheid wonen zou, en dat Hij door Hem alle dingen met Zichzelf verzoenen zou, door ​vrede​ te maken door het bloed van Zijn ​kruis, ja door Hem, zowel de dingen die op de aarde zijn als de dingen die in de hemelen zijn”[1].

Heel de volheid – dat is God Zelf.
Voller kan niet; want hier raken wij aan onaardse perfectie.
Glansrijker kan niet; onze afwasmiddelen zijn daar maar kinderspel bij.
Stralender dan die volheid, dat is onmogelijk.

Die volheid heeft een woning.
Zij woont in “het hoofd van het lichaam, namelijk van de ​gemeente, Hij, Die het begin is, de ​Eerstgeborene​ uit de doden, opdat Hij in allen de Eerste zou zijn”. Zo staat dat in Colossenzen 1[2].
In dat hoofdstuk staat nog meer.
“Hij is het Beeld van de onzichtbare God, de ​Eerstgeborene​ van heel de schepping. Want door Hem zijn alle dingen geschapen die in de hemelen en die op de aarde zijn, die zichtbaar en die onzichtbaar zijn: tronen, heerschappijen, overheden of machten; alle dingen zijn door Hem en voor Hem geschapen. En Hij is vóór alle dingen, en alle dingen bestaan tezamen door Hem”[3].

En Wie is die Hem?
Dat is, schrijft Paulus aan de christenen in Colosse, “onze Heere ​Jezus​ ​Christus”[4].
Ja, het staat er werkelijk – Jezus Christus hoort bij ons.
Gods kinderen zijn met een onbreekbare band met Hem verbonden, ook anno 2019.
Hij overkoepelt ons bestaan.
In de kerk worden we bij en onder Hem verenigd.
Gelovigen van de eenentwintigste eeuw zijn maar kleine mensjes.
Maar in Colossenzen 1 worden zij toch groot gemaakt.
Want gelovige kinderen leven in en vanuit de kerk. Van die kerk is Jezus Christus het Hoofd. In de kerk is Hij de Eerste.
Hij is opgestaan uit de doden.
En het doel van die opstanding was en is duidelijk: bij alle gelovige kinderen van God staat Hij, als het goed is, op plek 1 van de prioriteitenlijst des levens.
Daarom is de kerk een eenheid.
Daarom trekken we in de kerk samen op.
Daarom werken we in de kerk steeds weer aan vrede.
Daarom zijn we in de kerk samen onderweg naar de toekomst!

In onze wereld is het belangrijk om die eenheid in onze Heere Jezus Christus vast te houden.
Er wordt nogal eens gesproken over polarisatie.
In een rapport van het Sociaal en Cultureel Planbureau staat te lezen: “Mensen uiten hun zorgen over groeiende tegenstellingen en polarisatie tussen bevolkingsgroepen. Ze denken dat media tegenstellingen vaak uitvergroten en ze missen de saamhorigheid”[5].
De meningsverschillen over maatschappelijke kwesties worden steeds groter.
Er is een sterke druk om stelling te nemen in allerlei discussies.
Mensen vragen zich en masse af: gaat het nog wel goed met Nederland?
In de kerk mogen en moeten we zeggen: het gaat goed; want wij wonen bij heel de volheid van onze Heere Jezus Christus!

Colosse was indertijd een oude stad in Phrygië, een streek in Klein-Azië, het huidige Turkije[6]. In die stad waren, toen Paulus deze brief schreef, diverse leidinggevenden die zeiden: u moet niet alleen God vereren, maar u moet ook de demonen hoogachten. Er werd gezegd: u moet niet alleen God vereren, u moet de engelen verheerlijken. Er werd gezegd: u moet zich aan allerlei voedselwetten houden[7].
Ziet u het?
U moet dit…
U moet dat…
Het lijkt wel een beetje op 2019: u moet iets vinden van dit en dat, u moet een mening hebben over het klimaatbeleid, over Zwarte Piet, over vul-maar-in. Welnu, in de kerk belijden wij: hier bevinden wij ons onder de koepel van het verlossingswerk van de Heiland; de rest is bijzaak.

Waar komt die polarisatie in Nederland toch vandaan? Hoe komt het dat de tegenstellingen in ons land steeds groter worden?
De mentaliteit van de burgers verandert, zegt de een. ’t Zit ‘m erin dat Nederland steeds multicultureler wordt, zegt een ander. De sociale media zijn er debet aan, zegt een derde.
En zo zoekt Nederland de oplossing voor de problemen bij en in zichzelf.

Paulus wijst in Colossenzen 1 een andere richting. Kijkt u maar: “En Hij heeft u, die voorheen vervreemd was en vijandig gezind, zoals bleek uit uw slechte daden, nu ook verzoend, in het lichaam van Zijn vlees, door de dood, om u ​heilig​ en smetteloos en onberispelijk voor Zich te plaatsen, als u tenminste in het geloof blijft, gefundeerd en vast, en u niet laat afbrengen van de hoop van het ​Evangelie, dat u gehoord hebt, dat gepredikt is in de hele schepping die onder de hemel is”[8].
In de kerk mogen we daarom proclameren: tegen de polarisatie het Evangelie!

Nee, daarmee zijn de problemen in Nederland niet in één klap opgelost.
Maar wie in de invloedssfeer van heel de volheid van onze Heere Jezus Christus blijft, mag getuigen van de genade​ en ​vrede​ van God, onze Vader, en van de Heere ​Jezus​ ​Christus.
Daar begint Paulus in Colossenzen 1 ook mee[9].
Wie steeds terugkomt bij die genade en die vrede van God, kiest het juiste startpunt om te demonstreren wat christelijke oplossingsgerichtheid inhoudt.

Noten:
[1] Colossenzen 1:19 en 20.
[2] Colossenzen 1:18.
[3] Colossenzen 1:15, 16 en 17.
[4] Colossenzen 1:3.
[5] Geciteerd via https://www.scp.nl/Publicaties/Alle_publicaties/Publicaties_2019/Burgerperspectieven_2019_1 ; geraadpleegd op vrijdag 3 mei 2019.
[6] Zie hierover bijvoorbeeld https://nl.wikipedia.org/wiki/Kolosse ; geraadpleegd op vrijdag 3 mei 2019.
[7] Zie hierover bijvoorbeeld https://bijbel.eo.nl/inleiding-bijbelboeken/de-brief-aan-de-kolossenzen ; geraadpleegd op vrijdag 3 mei 2019.
[8] Colossenzen 1:21, 22 en 23 a.
[9] Colossenzen 1:1 en 2: “Paulus, door de wil van God een ​apostel​ van ​Jezus​ ​Christus, en Timotheüs, de broeder, aan de ​heilige​ en gelovige broeders in ​Christus​ die in ​Colosse​ zijn: ​genade​ zij u en ​vrede​ van God, onze Vader, en van de Heere ​Jezus​ ​Christus”.

7 maart 2019

#Doeslief

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

In deze wereld hebben wij allen met zekere regelmaat met asociaal gedrag te maken. Dat valt natuurlijk niet alleen Gereformeerde mensen op. Driekwart van Nederland baalt ervan, en niet zo’n klein beetje ook.
Dies gaat men er wat aan doen.

De NOS meldt op maandag 4 maart: “Bumperkleven, het negeren van een caissière in de supermarkt, treiteren van OV-personeel, elkaar niet voor laten gaan in het verkeer, voordringen in de trein, geluidsoverlast, burenruzies, schelden en haatberichten op sociale media. Het neemt allemaal toe, blijkt uit onderzoek van SIRE (Stichting Ideële Reclame). De organisatie start vandaag de campagne #doeslief, om mensen bewust te maken van asociaal gedrag”.

In zo’n ruwe maatschappij ga je zomaar meedoen met zulk lomp gedrag. Al was het alleen maar om gehoord en gezien te worden.
Het is goed als Gereformeerden de Bijbel blijven lezen. Daar vinden zij een antwoord op de vraag: waar doen wij het allemaal voor?

Een antwoord op die vraag vinden we bijvoorbeeld in Colossenzen 3: “En alles wat u doet, doe dat van harte, als voor de Heere en niet voor mensen, in de wetenschap dat u van de Heere als vergelding de ​erfenis​ zult ontvangen, want u dient de Heere ​Christus”[1].

Aan wie schrijft Paulus dat?
Antwoord: dat schrijft hij aan slaven. Leest u maar mee in het voorgaande vers: “Slaven, wees in alles uw aardse heren gehoorzaam, niet met ogendienst als om mensen te behagen, maar oprecht van ​hart, in het vrezen van God”[2].
Nu is de slavernij in Nederland in 1863 afgeschaft.
Maar sociale misstanden blijven er altijd. In die omstandigheden roept de Here Zijn volk op tot een andere levensstandaard.

Zorg ervoor, zegt Paulus, dat u in al uw doen en laten ernaar verlangt om de Here te dienen!

Thans komt een complete divisie vraagtekens aan marcheren.
Immers – is dit niet wat al te idealistisch?
Immers – zweeft dit niet enigszins boven de wereld?
Kortom, is dit alles wel haalbaar?

Met die vragen ga ik eerst even naar Psalm 8[3].
David zingt in die Psalm:
“Als ik Uw hemel zie, het werk van Uw vingers,
de maan en de sterren, die U hun plaats gegeven hebt,
wat is dan de sterveling, dat U aan hem denkt,
en de ​mensenzoon, dat U naar hem omziet?
Toch hebt U hem weinig minder gemaakt dan de ​engelen
en hem met ​eer​ en ​glorie​ gekroond”[4].
De vraag lijkt voor de hand te liggen: wordt het in Psalm 8 ook tijd voor een haalbaarheidsonderzoek?
Toch niet.
Want wij moeten niet vergeten dat David, door de Heilige Geest geïnspireerd, dichter en profeet is geweest. De inhoud van Psalm 8 wordt veel beter belicht als we kijken naar het Nieuwe Testament.
Neem bijvoorbeeld Hebreeën 2. Daar wordt Psalm 8 geciteerd. De schrijver van de Hebreeënbrief zet daar dan bij: “… maar wij zien ​Jezus​ met heerlijkheid en eer gekroond, Die voor korte tijd minder dan de ​engelen​ geworden was, vanwege het lijden van de dood, opdat Hij door de ​genade​ van God voor allen de dood zou proeven”[5].

Dat gelezen hebbende krijgen die woorden uit Colossenzen 3 wat meer kleur.
Want het verlangen om de Here overal en altijd te dienen – juist ook in de gewone dingen van het leven – wordt versterkt als wij ons realiseren dat Jezus Christus Zijn verlossingswerk heeft volbracht.
Dan worden wij vanzelf wat kalmer. Dan zijn wij niet zo lichtgeraakt. Dan kunnen wij relativeren: ach, zo erg is het nou ook weer niet… Aldus blijven wij als vanzelf ver weg van hufterig gedrag.

Trouwens – de perikoop over de barmhartige Samaritaan in Lucas 10 zet niet voor niets in met de liefde tot God: “U zult de Heere, uw God, ​liefhebben​ met heel uw ​hart, met heel uw ziel, met heel uw kracht en met heel uw verstand, en uw naaste als uzelf”[6].

Moeder Teresa (1910-1997), de bekende Rooms-katholieke missiezuster die in het Indiase Calcutta werkte, heeft eens gezegd: “Ik ben niets; ik ben slechts een instrument, een dun potlood in de hand van de Heer waarmee Hij schrijft wat Hem aanstaat. Hoe onvolmaakt wij ook mogen zijn, Hij schrijft altijd mooi”[7].
Waarvan akte!

De Stichting Ideële Reclame gebruikt vandaag de dag de hashtag #doeslief. SIRE gaat uit van de menselijke moraal.
Laten wij in de kerk maar gewoon de Heere Christus blijven dienen.
Niet vanwege onze idealen, maar vanwege het perspectief op de hemelse toekomst. Om met de inzet van Colossenzen 3 te spreken: “Als u nu met ​Christus​ ​opgewekt​ bent, zoek dan de dingen die boven zijn, waar ​Christus​ is, Die aan de rechterhand van God zit”[8].

Noten:
[1] Colossenzen 3:23 en 24.
[2] Colossenzen 3:22.
[3] In het onderstaande gebruik ik onder meer een eerder door mij geschreven artikel, getiteld ‘Naar Gods beeld’. Dat artikel is gedateerd op woensdag 30 september 2009.
[4] Psalm 8:4, 5 en 6.
[5] Hebreeën 2:9.
[6] Lucas 10:27.
[7] Geciteerd van http://www.quotez.net/dutch/moeder_theresa.htm ; geraadpleegd op maandag 4 maart 2019.
[8] Colossenzen 3:1.

3 januari 2019

Draag Gods vrede mee!

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Wat staat de kerk te doen in het nieuwe kalenderjaar?
Het Evangelie moet verkondigd worden – dat is nogal logisch.
Maar waar mensen bij elkaar zijn ontstaan al snel meningsverschillen. Als het daarom gaat, geeft de apostel Paulus in Colossenzen 3 een goede raad: “En laat de ​vrede​ van God heersen in uw ​harten, waartoe u ook in één lichaam geroepen bent; en wees dankbaar”[1].

Een exegeet schrijft over die tekst: “Paulus roept de gelovigen op om deze harmonie door niets te laten verstoren. De vrede van God (…) moet ‘scheidsrechter’ zijn”.
Dat daar eensklaps een scheidsrechter in beeld komt is niet zo gek. In het Grieks staat er namelijk een vorm van het woord brabeuo.
De bovenbedoelde exegeet noteert daarbij: dat woord “is de omschrijving van de taak van de scheidsrechter in sportwedstrijden en houdt beslissen, bevelen, besturen en leiden in. Daar waar bitterheid of boosheid in de harten van de gelovigen opkomt, daar waar de eenheid in gevaar wordt gebracht, moet de vrede van de Heer bepalend zijn. De gelovigen zijn in het éne lichaam geroepen en moeten daar trachten in de vrede van God met elkaar te blijven leven”[2].

Er moet een sfeer van vrede om ons heen hangen.
En mét dat wij dat constateren, realiseren we ons ook hoe vaak die vrede nog ver te zoeken is. In ons persoonlijk leven, en in de kerk.
Vrede in het kerkelijk leven – zou dat een goed doel zijn voor het komende jaar? De vraag stellen is haar beantwoorden.
Ons handelen in de kerk moet erop gericht zijn dat we de vrede niet verstoren. Dat kan als wij met een zekere regelmaat benadrukken hoe dankbaar we zijn voor ons leven met de Here en hoe erkentelijk we zijn voor de liefde en attentie die wij in de kerk van elkaar ontvangen.

De term ‘vrede van God’ gebruikt Paulus trouwens vaak. En die term specificeert hij dan ook bijna altijd. En wel als volgt: “onze Vader, en van de Heere Jezus Christus”[3].

Onze Vader – die aanduiding gaat onder meer terug op Exodus 4. Mozes moet tegen de farao zeggen: “Zo zegt de HEERE: Mijn zoon, Mijn ​eerstgeborene, is Israël. Daarom zeg Ik tegen u: Laat Mijn zoon gaan, zodat hij Mij kan dienen”[4].
De term ‘Vader’ heeft dus te maken met de uittocht uit Egypte, en met bevrijding.
Jezus leert Zijn discipelen, en ook ons, om God aan te roepen als Vader. Gods kinderen worden definitief bevrijd. De sores van deze aarde mogen zij achter zich laten.

Maar voor die bevrijding moet het volk van God bevrijd worden van zonde en egoïsme. Daarvoor moest de Here Jezus Christus Zijn leven geven. Zo zou Hij betalen voor onze zonden, voor onze onvrede, voor onze oorlogszucht, voor onze harde hoofden en koude harten.
Jezus bidt in Johannes 17: “Ik heb U verheerlijkt op de aarde. Ik heb het werk volbracht dat U Mij gegeven hebt om te doen. En nu verheerlijk Mij, U Vader, bij Uzelf, met de heerlijkheid die Ik bij U bezat voordat de wereld er was”[5].

Vrede van God – die uitdrukking duidt op het feit dat er altijd perspectief is op de toekomst.
Met andere woorden: er is bevrijding uit Egypte, uit de ballingschap en uiteindelijk ook uit in aardse moeiten en zorgen; de hemel is ons tweede vaderland.

Vrede van God – die uitdrukking duidt op het feit dat kinderen van God op weg zijn naar een hemels glorieus leven. Daar zijn zij zondeloos, onberispelijk en volmaakt. Daar komt aan aards gefröbel en geklungel een definitief einde.

Mag je dan nooit eens boos of narrig zijn in 2019?
Zeker wel. Natuurlijk wel. Daar ontkomen wij trouwens ook niet aan.
Maar laten uitbarstingen van onze toorn nooit te lang duren. Immers – ten diepste weten wij: al dat gedoe in ons aardse leven heeft slechts een beperkte houdbaarheidsdatum.

In de maatschappij van 2019 is die geloofskennis ook van groot belang.
In een analyse van de Volkskrant, gedateerd op zondag 23 december 2018, staat te lezen: “Steeds meer gevoelige thema’s – groot en klein – worden op het bord van de samenleving geschoven. Omdat de overheid er geen raad mee weet”.
En: “Politici zien zich geconfronteerd met wisselende humeuren en maatschappelijke prioriteiten. Als partner van een ‘sociaal contract’ is het electoraat te grillig geworden. In dit krachtenspel is geen beleid te voeren dat gericht is op het welzijn van toekomstige generaties. Al helemaal niet als de huidige generatie daar nadeel van meent te ondervinden”[6].

In de samenleving van vandaag heerst, over het algemeen genomen, een diep gevoel van onvrede. Een groot misnoegen waart door Nederland. Conflicten zijn aan de orde van de dag. Trammelant en twist – de lage landen lijken er niet zonder te kunnen.
Gereformeerden mogen, middenin al die heibel, de vrede van God met zich mee dragen. Laat die vrede, ook dit jaar, tot vreugde van onze omgeving mogen wezen!

Noten:
[1] Colossenzen 3:15.
[2] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Colossenzen 3:15.
[3] Zie Romeinen 1:7, 1 Corinthiërs 1:3, 2 Corinthiërs 1:2, Galaten 1:3, Efeziërs 1:2, Philippenzen 1:2, Colossenzen 1:2, 1 Thessalonicenzen 1:1, 2 Thessalonicenzen 1:2 en Filemon vers 3.
[4] Exodus 4:22 en 23 a.
[5] Johannes 17:4 en 5.
[6] Geciteerd van https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/waarom-de-overheid-gevoelige-thema-s-op-het-bordje-van-de-samenleving-legt~bad445e6/?utm_source=VK&utm_medium=email&utm_campaign=20181228
|lunch&utm_content=Weer%20geen%20vuurwerkverbod:%20waarom%20de%20overheid%20gevoelige%20thema%27s%20op%20het%20bordje%20van%20de%20samenleving%20legt&utm_term=76735&utm_userid=&ctm_ctid=
4069b3b27239ca6103486f29ba52277a&ctm_ctid=4069b3b27239ca6103486f29ba52277a
; geraadpleegd op vrijdag 28 december 2018.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.