gereformeerd leven in nederland

5 juli 2019

Psalm 139 in 2019

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Psalm 139 behoort, in zekere zin, tot de tophits van de Gereformeerde wereld. U weet wel:
“Al is er nog geen woord op mijn tong,
zie, HEERE, U weet het alles.
U sluit mij in van achter en van voren,
U legt Uw hand op mij.
Dit kennen – het is mij te wonderlijk,
te hoog, ik kan er niet bij”[1].
De mens kent zijn plaats. Hij belijdt Zijn kleinheid tegenover de grote God.

Maar er is iets anders dat nog veel belangrijker is.
De hemelse God kent ons.
Het was de Gereformeerde predikant B. Holwerda (1909-1952) die in een preek over Psalm 139 eens opmerkte: “Nu moet ge vooral niet haastig zeggen: dat is nogal logisch. Als de HEERE dwars door je heenkijkt, dan weet Hij natuurlijk ook alles van je. Want daarmee hebt ge dat prachtige Bijbelse woord ‘kennen’ opeens verminkt. Natuurlijk, we kunnen hier gaan spreken over Gods alwetendheid. Doch alwetendheid zonder meer is een verschrikking. Weten is als zodanig nog zonder belangstelling en zonder liefde. Doch als ge in de bijbel van Gods ‘kennen’ leest, pas dan op. Dat betekent heus niet, dat Hij van alles op de hoogte is en dat Hem niets ontgaat. Maar het betekent voorál, dat Hij zich ervoor interesseert, dat Hij meeleeft, dat Hij bewógen is. Zo koud als ‘weten’ is, zo wárm is ‘kennen’”[2].

Dat is voor al Gods kinderen geweldig nieuws.
Soms heeft de sleur van het alledaagse ons te pakken.
Op andere momenten worden we opgeschrikt door een ongeluk, door ziekte, door het overlijden van een geliefde.
In al die situaties voelen we ons soms gekortwiekt. De Here God beperkt onze mogelijkheden, onze energie en ons zicht op de gebeurtenissen in de wereld.
Maar één ding moeten we goed onthouden: onze God staat paraat. Zijn mogelijkheden zijn onbeperkt, Zijn energieniveau is immer onverminderd hoog, Hij ziet scherp wat er in de wereld gebeurt!

Dat insluiten ziet er wat dreigend uit.
Is het dan toch waar wat de mensen zeggen? Is de kerk toch een woud van regeltjes en voorschriften?
Nee. Het Hebreeuwse woord dat hier staat – sartani – betekent: beveiliging aan alle kanten; Gods kinderen worden door Hem omhuld. Sartani betekent: de beste Lijfwacht die er is, is 24/7 voor u beschikbaar.
Het is in onze tijd belangrijk om dat alles te blijven belijden.

Waarom?
Omdat Psalm 139 vandaag de dag op verrassende momenten opduikt.

Een nieuw boek over transgender en geloof heet ‘Wondermooi, zoals u mij gemaakt hebt’[3].
“Seksuele diversiteit is zo door God bedoeld”, zo wordt gezegd.
En:
“Transpersonen hebben vaak veel moeite zichzelf te accepteren. Het biologische geslacht waarmee ze zijn geboren strijdt met de genderidentiteit zoals zij die zelf ervaren. Het kan een zaak van leven of dood zijn en in deze psalm ervaren transgenderpersonen de reddende hand van God”[4].

In het boek gaat het onder meer het verkleedverbod uit Deuteronomium 22, over de uitspraken van Jezus in Mattheüs 19 en over de doop van de eunuch door Filippus in Handelingen 8. Ook belangrijk is Galaten 3: in Christus zijn er geen Joden of Grieken, slaven of vrijen, mannen of vrouwen.

Wat zullen wij van deze dingen zeggen?
De Schepper van hemel en aarde heeft mensen geschapen. De mensen hebben gaven en talenten. Maar zij kennen hun strijd in het alledaagse leven. Zij hebben hun tekortkomingen. En hun handicaps.
Het is de bedoeling dat juist die strijd, die tekortkomingen, die handicaps, die beperkingen naar God wijzen. Immers – Hij neemt Zijn kinderen in bescherming en vernieuwt hen.
In Zijn genade neemt Hij de gevolgen van de zonde weg. Dat is mogelijk geworden door het werk dat Jezus Christus, de Heiland, volbracht heeft.
De volmaaktheid komt eraan!
Is seksuele diversiteit door God bedoeld?
Nee, dat is niet zo.
Als dat wel zo was, had Hij er ons in Zijn Woord toch reeds mee geconfronteerd?
De strijders, de mensen met een beperking mogen in koor getuigen: ooit worden wij perfect; ongelooflijk, maar waar!

Nu het om deze dingen gaat, is het goed om het Gereformeerde formulier voor de heilige doop te citeren: “…de doop bevestigt en verzegelt ons de afwassing van onze zonden door Jezus Christus. Wij worden immers volgens het bevel van Christus gedoopt in de naam van de Vader en de Zoon en de Heilige Geest.
Wanneer wij gedoopt worden in de naam van de Vader, verklaart en verzegelt ons God de Vader, dat Hij met ons een eeuwig verbond der genade sluit. Hij neemt ons tot zijn kinderen en erfgenamen aan en zal ons daarom van al het goede voorzien en al het kwade van ons weren of voor ons doen meewerken ten goede.
Wanneer wij gedoopt worden in de naam van de Zoon, verzekert de Zoon ons ervan, dat Hij ons in zijn bloed wast en reinigt van al onze zonden. Hij maakt ons één met Zichzelf in zijn dood en opstanding, zodat wij van onze zonden bevrijd en rechtvaardig voor God gerekend worden.
Wanneer wij gedoopt worden in de naam van de Heilige Geest, verzekert de Heilige Geest ons door dit sacrament ervan, dat Hij in ons wonen wil en ons tot levende leden van Christus wil maken. Want Hij eigent ons toe wat wij in Christus hebben, namelijk de afwassing van onze zonden en de dagelijkse vernieuwing van ons leven. Zo zullen wij tenslotte volkomen rein in het eeuwige leven een plaats ontvangen te midden van de gemeente der uitverkorenen”[5].
God neemt Zijn kinderen aan, met huid en haar. Zij hebben een eeuwig verbond met God!
God neemt hen niet aan zoals zij hier op aarde zijn. Er is vernieuwing nodig!
De apostel Paulus schrijft niet voor niets: “En evenzo komt ook de Geest onze zwakheden te hulp, want wij weten niet wat wij ​bidden​ zullen zoals het behoort. De Geest Zelf echter pleit voor ons met onuitsprekelijke verzuchtingen”[6].

Moeten we niet meevoelen met transgenders?
Jawel. Dat moet wel.
Maar het moet helder zijn dat wanneer de psychologische identiteit als man of vrouw in tegenspraak is met het door de Schepper ‘toegewezen’ biologische geslacht, daarin een oproep klinkt voor ieder die het horen wil: zoek uw identiteit in Christus!
Er is een ombuigingsoperatie nodig!

Weet u nog hoe Psalm 139 eindigt?
“Doorgrond mij, o God, en ken mijn ​hart,
beproef mij en ken mijn gedachten.
Zie of er bij mij een schadelijke weg is
en leid mij op de eeuwige weg”[7].
Al Gods kinderen moeten die eeuwige weg op. Hetero’s. Mensen met een seksuele geaardheid. En ja, ook transgenders. Samen op weg naar de volmaaktheid!

Noten:
[1] Psalm 139:4, 5 en 6.
[2] De preek dateert uit 1939. Thema en verdeling van de preek luiden als volgt:
“HEERE, Gij doorgrondt en kent mij.
David heeft:
1. beleden de rijkdom van die werkelijkheid;
2. geleden onder het verzet tegen die werkelijkheid;
3. gebeden om de vervulling van die werkelijkheid”.
[3] De gegevens van dit boek zijn: J. Molenaar en anderen (red.). “Wondermooi, zoals U mij gemaakt hebt – Handreiking voor gelovige transgender personen en werkers in de kerk”. – KokBoekencentrum, 2019. – 200 p.
[4] “Eerste boek over transgender en geloof”. In: Nederlands Dagblad, zaterdag 22 juni 2019, p. 20 en 21.
[5] Formulier voor de bediening van de heilige doop aan de kinderen van de gelovigen – Gereformeerd Kerkboek-1986. – citaat van p. 512 en 513.
[6] Romeinen 8:26.
[7] Psalm 139:23 en 24.

26 juni 2019

Gendergolf

De genderideologie verslaat haar tienduizenden. “Er waart een spook door Europa”, schreef iemand.
Welnee, wierp iemand anders tegen, “er bestaat helemaal geen gender-ideologie. Dat is een verzinsel van de kerk om haar eigen pedofilie-schandalen toe te dekken”[1].
Dat is wel heel kort door de bocht!

Hoe dat zij: Nederland staat bol van gender.
En zelfs ministers houden zich ermee bezig. Het volgende bericht in het Reformatorisch Dagblad getuigt ervan.
“Vier onderwijskoepels hebben een brandbrief geschreven naar minister Van Engelshoven van Onderwijs. Ze vinden dat de bewindsvrouw zich niet moet bemoeien met de inhoud van schoolboeken en van de historische canon van Nederland.
Aanleiding voor de brief, die woensdag werd verstuurd, is het onderzoek dat de bewindsvrouw momenteel laat verrichten naar stereotypen in lesmateriaal. Van Engelshoven vindt dat in leermiddelen teveel wordt uitgegaan van de gebruikelijke rolpatronen van vaders en moeders. In schoolboeken zouden ook paren van gelijk geslacht en andere samenlevingsvormen vaker een plaats moeten krijgen”[2].

Dat krijg je ervan als alle mensen zo nodig gelijk moeten zijn.
Dat krijg je ervan als verschillen in geslacht zo snel mogelijk onder het vloerkleed geveegd moeten worden.
Dat krijg je ervan als je de onderscheiden gaven die God aan mannen en vrouwen geeft hardnekkig blijft miskennen.

In De Waarheidsvriend werd in april 2018 geschreven: “Het is allemaal het resultaat van een agressieve en steeds meer succesvolle diversiteitsagenda in de westerse wereld. De genderideologie krijgt langzaam maar zeker handen en voeten in de samenleving. Weinig mensen realiseren zich dat het genderdenken top-down wordt aangestuurd door de Verenigde Naties, de Europese Unie en nationale regeringen, wereldwijd. De gevolgen daarvan zijn verstrekkend en nauwelijks te onderschatten. De kerngedachte is: we moeten af van het plaatje dat je als jongen of meisje wordt geboren, dat man en vrouw elkaar voor het leven trouw beloven en een gezin stichten. Dat mag dan al eeuwenlang normaal zijn, vandaag geldt het als een idéé: iets wat tussen je oren zit en hoort bij opvattingen van vroeger”.
En:
“De lhbti-beweging wil dat we gaan geloven dat je je geslacht zelf kiest (lhbti staat voor lesbiennes, homoseksuelen, biseksuelen, transgenders en intersekse personen (…). Niet biologische kenmerken maar gevoelens bepalen je sekse. Deze ontdek je dus gaandeweg en ze kan ook wisselen. Volgens deze ideologie is het discriminerend om te zeggen dat heteroseksualiteit de norm is – diversiteit is de standaard”.
Al met al wordt het leven er niet eenvoudiger op.
“De diversiteitsideologie zal hoe dan ook psychisch sporen trekken. Als je identiteit als jongen of meisje geen natuurlijk gegeven is, heb je als tiener een nauwelijks begaanbaar pad voor de boeg. De puberteit krijgt er twee vragen bij: voel ik me man – of toch vrouw? En: val ik op een vrouw – of toch op een man? Voor de crises die je als tiener wachten, kun je bang zijn. Het is bekend dat lhbt’ers meer zelfmoordpogingen ondernemen dan hetero’s.
Allerlei ingewikkelde relaties die alles met de seksuele revolutie van doen hebben, maken het leven niet eenvoudiger: echtscheiding, buitenechtelijk geboren kinderen, alleenstaande opvoeders, de afwezigheid van de vader – met de nodige gevolgen voor de prestaties van kinderen, criminaliteit en exploderende kosten van de staat. George Orwell had het in 1984 nog niet bedacht”[3].

Laat het duidelijk wezen: gender is – zeker in de politiek – geen kwestie van vandaag of gisteren.
In 1985 werd tijdens een grote wereldvrouwenconferentie de genderpolitiek ontwikkeld.
Tien jaar later – in 1995 – kwam er een actieplatform.
Ook in kerkelijke organisaties speelt gender al heel lang een rol.
In een verslag van een landelijke vergadering van de Evangelische Kerk van Westfalen van 2004 staat met verwijzing naar besluiten van de landelijke vergadering in 1993/1994 vermeld: “Het doel van gelijkstelling tussen man en vrouw moet in de toekomst in alle projecten, voorstellen en beslissingen geldend gemaakt worden”[4].
Gender is, wat je noemt, in de mode. Maar het is een zaak die al decennia lang aan de orde is.
Trouwens, in Nederland kenden wij reeds in de jaren ’70 van de vorige eeuw de dolle mina’s; zij maakten zich druk om gelijkberechtiging van man en vrouw[5].
De genderideologie komt heus niet uit de lucht vallen!

Hebben Gereformeerden een antwoord op de gendergolf?
Laten wij enkele Schriftgegevens memoreren.

In Genesis 1 lezen we: “En God schiep de mens naar Zijn beeld; naar het beeld van God schiep Hij hem; mannelijk en vrouwelijk schiep Hij hen”[6].
Mannelijk en vrouwelijk – zo staat het er. Zo ontwierp Hij dat. Mannen en vrouwen kunnen de almachtige God op deze aarde representeren. Meer geslachten heeft Hij blijkbaar niet nodig. Is het niet wonderlijk?
Mensen om ons heen noemen die verdeling in mannen en vrouwen de binaire opvatting[7]. Mensen in de kerk bewonderen Gods werk!

In Numeri 1 telt men het aantal mannen dat geschikt is voor de vervulling van militaire taken: “Neem het aantal op van heel de gemeenschap van de Israëlieten, ingedeeld naar hun geslachten en naar hun families, overeenkomstig het aantal namen, al wie mannelijk is, hoofd voor hoofd. Het gaat om ieder in Israël die met het ​leger​ uittrekt, van twintig jaar oud en daarboven. Die moet u tellen, ingedeeld naar hun legers, u en ​Aäron”[8].
De vrouwen blijven in het gezin. Zij hebben hun eigen zorgtaken.

In Numeri 3 blijkt dat het priesterambt aan mannen voorbehouden is: “Maar ​Aäron​ en zijn zonen moet u opdragen dat zij hun priesterambt waarnemen. En de onbevoegde die te dichtbij komt, moet ter dood gebracht worden”[9].

In Spreuken 4 en volgende blijkt dat de vader in een gezin een grote rol speelt in de opvoeding van kinderen:
“Luister, ​kinderen, naar de vermaning van je vader
en sla er acht op om inzicht te leren kennen,
want ik geef jullie een goede les:
verlaat mijn onderricht niet!”[10].

Ieder die, op basis van Gods Woord, meent te weten dat het enige recht van de vrouw het aanrecht is toont daarmee expliciet aan dat hij of zij achtereenvolgens onwelwillend, ondeskundig en tamelijk sullig is.
Natuurlijk – vrouwen hebben ook een taak in de opvoeding van hun zonen en dochters:
“Mijn zoon, neem het gebod van je vader in acht
en veronachtzaam het onderricht van je moeder niet”[11].
Maar in Spreuken 31 komen we een zakenvrouw tegen[12]. En in Handelingen 16 ontmoeten we nog een zakenvrouw[13][14].

Laten we ons niet vergissen: de gendergolf staat diametraal tegenover het christelijk geloof.
Minister Van Engelshoven vindt, als het hierom gaat, de christelijke wereld pal tegenover zich. Want de normen en waarden van Gods Woord worden door haar met voeten getreden.

Noten:
[1] Geciteerd van https://www.trouw.nl/home/nederland-gaat-ten-onder-aan-gender-ideologie-~ab3b66aa/ ; geraadpleegd op vrijdag 21 juni 2019.
[2] “Brandbrief onderwijskoepels over inhoud schoolboeken”. In: Reformatorisch Dagblad, donderdag 20 juni 2019, p. 7.
[3] Geciteerd uit: De Waarheidsvriend, 26 april 2018, p. 6-9. Ook te vinden via https://dewaarheidsvriend.nl/ .
[4] Geciteerd van https://bijbelenonderwijs.nl/bijbel-en-onderwijs/gender-mainstreaming/ ; geraadpleegd op vrijdag 21 juni 2019.
[5] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Dolle_Mina ; geraadpleegd op vrijdag 21 juni 2019.
[6] Genesis 1:27.
[7] Zie http://www.toetsalles.nl/htmldoc/gender.ha2.htm ; geraadpleegd op vrijdag 21 juni 2019.
[8] Numeri 1:2 en 3.
[9] Numeri 3:10.
[10] Spreuken 4:1.
[11] Spreuken 6:20.
[12] Spreuken 31:10 en volgende.
[13] Handelingen 16:14.
[14] In het bovenstaande gebruik ik onder meer https://mens-en-samenleving.infonu.nl/religie/177893-een-christelijke-kijk-op-alternatieve-genderidentiteiten.html ; geraadpleegd op vrijdag 21 juni 2019,

13 juni 2019

Schapen, slangen en duiven

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

De discipelen krijgen bij hun uitzending de volgende boodschap mee: “Zie, Ik zend u als schapen te midden van de wolven; wees dus bedachtzaam als de slangen en oprecht als de duiven”.
Dat is een opmerkelijk woord uit Mattheüs 10[1].

Schapen kunnen tegenover wolven niets beginnen. Zij zijn zo goed als weerloos. Een goed verdedigingsmechanisme hebben zij niet.
Welnu, de discipelen hebben de sterkste Verdediger die er is: de Heiland. Daarom kan de uitzending toch doorgang vinden. Daarom is het toch verantwoord dat zij met hun evangelisatiewerk beginnen[2].

Slangen zijn altijd voorzichtig en bedachtzaam voor zij een prooi aanvallen.
Bij het evangelisatiewerk is rustig nadenken ook belangrijk. Met de juiste aanpak staat of valt het werk.
Dominee G. van Meijeren (Protestantse Kerk; Gereformeerde Bond) schrijft: “Na Genesis 3 heeft de slang geen goede pers. Hier wordt echter aandacht gevraagd voor iets anders, voor zijn voorzichtigheid. Anderen vertalen met alert, wijs, slim, scherpzinnig, zelfs sluw. Mooi is ook het Duitse klug (Luther) en einsichtsvoll. Duidelijk is dat de slang op zijn hoede is. Paraat. Slagvaardig. En is dat vanwege het gemis aan oogleden?”

Duiven laten duidelijk blijken wat zij willen. Een verborgen agenda hebben zij niet.
Die duidelijkheid moet ook een kenmerk van het werk in kerk en maatschappij wezen. Draai er maar niet omheen, zegt Jezus. Zeg maar gewoon waar het op staat.
Wederom citeer ik dominee Van Meijeren.
“Duiven – zo schrijft Calvijn – zijn weliswaar schuw van aard maar vliegen in eenvoud ergens heen. Hoewel ze op ontelbare manieren aan leed bloot staan.
Het is van belang op je hoede te zijn, zegt Calvijn. Maar het moet je niet traag of angstig maken, zodat je in je schulp kruipt. Daarom heb je de eenvoud van de duif zo nodig. De duif die recht op zijn doel afvliegt”.

Van Meijeren noteert erbij: “Wanneer de leerlingen als schapen worden gezonden te midden van de wolven, dus in volstrekte weerloosheid, is de alertheid die slangen eigen is, onmisbaar. Jezus wekt ons op om scherp op te letten. Weet waarin je je beweegt. Ken de feiten. De tijdgeest. Probeer te doorgronden in welke context de gemeente zich bevindt. Hoe ziet de wereld eruit waarvan ik deel uitmaak. Waar liggen de weerstanden en de kansen voor het Evangelie? Waar komt het op aan?”[3].

Waar komt het vandaag op aan?

Laten wij elkaar eerst wijzen op het gevaar van de genderideologie. Middelbare scholieren worden verplicht relatief veel aandacht te besteden aan LHBTI-vraagstukken. Behalve dat de geaardheid van homoseksuelen geaccepteerd moet worden, wordt ook gevraagd om liefdesrelaties van homoseksuelen onbekommerd te aanvaarden.
Nu staat in 1 Petrus 2 te lezen: “Houd iedereen in ere; heb al uw broeders lief; vrees God; eer de koning”[4]. Daarom mag simpelweg worden genoteerd: een homoseksuele geaardheid kan zonder terughoudendheid worden erkend.
Maar Leviticus 18 windt er heus geen doekjes om: “U mag niet slapen met een mannelijk persoon, zoals u met een vrouw slaapt. Dat is een gruwel”[5].
Christenen – Gereformeerden inbegrepen – erkennen de homoseksuele geaardheid wel, maar het homohuwelijk niet![6]

Laten wij elkaar vervolgens attenderen op de sfeer van belediging en generalisering die gaandeweg in Nederland ontstaat.
De NOS meldt op donderdag 6 juni jongstleden: “Kamerlid Öztürk van Denk heeft opnieuw voor opschudding gezorgd in de Tweede Kamer. Vanmorgen haalde hij zich de woede van collega-parlementariërs en voorzitter Arib op de hals door SP-Kamerlid Karabulut te beschuldigen van steun aan een terroristische organisatie”[7]. Met bewijzen komt Öztürk niet.
Nu citeer ik uit een nieuwsbericht dat gedateerd is op 8 juni jongstleden.
“Toine Beukering, aanstaand senator voor Forum voor Democratie, stelt zaterdag in een interview met De Telegraaf dat de Joden tijdens de Holocaust weinig verzet tegen de Duitsers toonden en ‘als makke lammetjes’ in de gaskamers belandden.
De oud-brigadegeneraal van Defensie, die door FVD naar voren is geschoven als de volgende voorzitter van de Eerste Kamer, zegt dat hij gefascineerd is door de Holocaust omdat ‘de Joden – zo’n dapper strijdbaar volk – als makke lammetjes gewoon door de gaskamers werd gejaagd’.
Dat dat kon gebeuren, zou Beukering geïnspireerd hebben om het leger in te gaan.
De vergelijking met ‘makke lammetjes’ maakt Beukering vanwege het ‘weinige verzet’ dat er in zijn ogen bij de Joden is geweest. Hij zegt in het interview dat hij met zijn opmerkingen niemand beledigt”[8].
Later neemt hij, onder de druk van veel verontwaardiging in den lande, die woorden terug[9]. Intussen geeft de generaal wel een inkijkje in zijn gedachtewereld!
Hoe men dit ook wenden of keren wil – dit is onverenigbaar met Mattheüs 5: “U hebt gehoord dat tegen het voorgeslacht gezegd is: U zult niet doden; en: Wie doodt, zal door de rechtbank schuldig bevonden worden”[10].
En: “Stel u zo snel mogelijk welwillend op tegenover uw tegenpartij, terwijl u nog met hem onderweg bent; opdat de tegenpartij u niet misschien aan de rechter overlevert en de rechter u aan de gerechtsdienaar overlevert en u in de ​gevangenis​ geworpen wordt”[11].

Hoe bewaken wij de sfeer?
Hoe stellen we ons teweer?

Laten de schapen maar op de Herder vertrouwen.
Laat bedachtzaamheid een overheersend kenmerk van Gereformeerden wezen.
Laten wij, gewapend met Gods Woord, maar duidelijk zeggen waar het op staat!

Noten:
[1] Mattheüs 10:16.
[2] Zie hiervoor de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Mattheüs 10:16.
[3] G. van Meijeren, “Voorzichtig als slangen, oprecht als duiven”. In: Theologia Reformata, maandag 1 juni 2009, p. 105-108.
[4] 1 Petrus 2:17.
[5] Leviticus 18:22.
[6] Zie over dit alles ook https://www.jw.org/nl/wat-de-bijbel-leert/vragen/bijbel-over-homoseksualiteit/ ; geraadpleegd op zaterdag 8 juni 2019.
[7] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2287880-opnieuw-botst-ozturk-denk-met-de-kamer-en-voorzitter-arib.html ; geraadpleegd op zaterdag 8 juni 2019.
[8] Geciteerd van https://www.nu.nl/binnenland/5927949/aanstaand-fvd-senator-noemt-joden-makke-lammetjes-tijdens-holocaust.html ; geraadpleegd op zaterdag 8 juni 2019.
[9] Zie “FvD-senator neemt zijn woorden terug”. In: Nederlands Dagblad, woensdag 12 juni 2019, p. 5.
[10] Mattheüs 5:21.
[11] Mattheüs 5:25.

4 juli 2018

Jaël

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Over vrouwen is in kerk en maatschappij veel te doen.
Gelijke rechten, gelijke kansen, genderrechtvaardigheid voor iedereen: de halve wereld heeft er de mond vol van.

Vandaag publiceer ik een artikel over een dappere vrouw in de Bijbel.
Jaël heet ze.
Haar historie staat in Richteren 4.

Ik citeer:
“En Sisera vluchtte te voet naar de ​tent​ van Jaël, de vrouw van Heber, de ​Keniet. Er was namelijk ​vrede​ tussen Jabin, de ​koning​ van Hazor, en het ​huis​ van Heber, de ​Keniet. Jaël kwam naar buiten, Sisera tegemoet, en zei tegen hem: Wijk af van uw weg, mijn heer! Wijk af van uw weg en kom bij mij, wees niet bevreesd! En hij week naar haar af in de ​tent​ en zij dekte hem toe met een deken. Daarna zei hij tegen haar: Geef mij toch een beetje water te drinken, want ik heb dorst. Toen opende zij een leren melkzak en gaf hem te drinken en dekte hem weer toe. Ook zei hij tegen haar: Ga bij de ingang van de ​tent​ staan, en als er iemand komt en u vraagt en zegt: Is hier iemand, dan moet u zeggen: Niemand. Vervolgens nam Jaël, de vrouw van Heber, een tentpin, nam een hamer in haar hand, ging stilletjes naar hem toe en dreef de pin in zijn slaap, zodat hij aan de grond vastzat. Hij was namelijk in een diepe slaap gevallen, en uitgeput. En hij stierf”[1].

Laten wij bovenstaande tekst eens wat nader bekijken.

Sisera is een generaal. Hij is dus een hoge militair met, naar we mogen aannemen, veel krijgservaring. Ongetwijfeld is hij een slim strateeg. Bovendien is hij vast en zeker een moedig man.

Sisera is in dienst van Jabin, koning van Hazor.
Hazor is vooral bekend als vestingstad en bestuurscentrum in Kanaän. Een belangrijke plaats dus.
Jabin en Sisera zijn voorwaar geen onbetekenende figuren!

Jabin en Sisera onderdrukken de Israëlieten twintig jaar. Hoe komt dat?
Dat staat in het begin van Richteren 4.
“Toen Ehud gestorven was, deden de Israëlieten opnieuw wat slecht was in de ogen van de HEERE. Daarom leverde de HEERE hen over in de hand van Jabin, ​koning​ van Kanaän, die te Hazor regeerde. En zijn legerbevelhebber was Sisera”[2].
Dus: die onderdrukking is een straf die de Here geeft. Hij néémt het niet dat Israël Kanaänitische goden gaat dienen.
Maar die straf is eindig. Het is niet zo dat de Here altijd maar boos blijft!

De richter en profetes Debora trekt in Richteren 4 samen met Barak tegen de onderdrukkers ten strijde.
Barak staat er niet om te springen. Hij wil in geen geval alleen op de vijand af. Hij wil alleen soldaten mobiliseren als Debora hem vergezelt. Barak zal wellicht gedacht hebben: op m’n eentje ga ik een wisse dood tegemoet! En menselijk bezien is dat ook niet zo gek: na twintig jaar onverhoeds een vijand verjagen? dat lukt je niet zomaar…
In Richteren 4 staat het zo: “Toen zei ​Barak​ tegen haar: Als u met mij mee zult gaan, dan ga ik. Maar als u niet met mij mee zult gaan, dan ga ik niet. En zij zei: Ik zal wel met u meegaan. Maar er zal op de weg die u gaat voor u geen ​eer​ te behalen zijn, want de HEERE zal Sisera overleveren in de hand van een vrouw. Toen stond ​Debora​ op en ging met ​Barak​ naar Kedes”[3].

Wat is hier het belangrijkste?
Antwoord: de Here gaat mee. Debora zegt daarover: “Sta op, want dit is de dag waarop de HEERE Sisera in uw hand gegeven heeft. Is de HEERE niet uitgetrokken voor u uit?”[4].

Wat gebeurt hier?
Een vrouwelijke richter die profeteert over een vrouwelijke overwinnaar.
Dat is in de Oosterse wereld hoogst opmerkelijk!
Een exegeet schrijft terecht: “Binnen de cultuur van het oude Nabije Oosten, waarbij eer en schaamte een grote rol spelen, is het een schande en een teken van incompetentie wanneer een man – zeker in een naar toenmalige opvattingen typische mannelijke bezigheid als oorlogvoeren – wordt afgetroefd door een vrouw”[5].
Een vrouw die een man overwint? Dat is een schande!

En dan nu Jaël.
Jaël is de vrouw van Heber. Heber is een Keniet. Kenieten stammen af van Hobab, een zwager van Mozes. De schoonfamilie van Mozes kwam uit Midian. Jaël is dus geen Israëlitische vrouw.
En juist zij overwint Sisera.
Iemand beschrijft het zo: “‘Kom binnen, heer, kom binnen. Wees niet bevreesd’, zo spreekt Jaël. Beminnelijk, lokkend, moederlijk zorgend, dekt zij hem toe en geeft ze hem te drinken. De handen die zo even nog toedekten, te drinken gaven, diezelfde handen strekken zich nu uit naar de pin en de hamer. Zacht sluipt Jaël af op Israëls vijand, Gods vijand. Ze zet de pin tegen zijn slaap en met de hamer drijft ze die voort totdat Sisera aan de aarde is vastgeklonken”[6].

Een vrouw die een man overwint… dat is ongelooflijk.
Een vrouw die een slapende generaal overwint… dat kán toch haast niet, zou je zeggen. Zo’n man wordt toch, welhaast instinctief, wakker?
Een vrouw die van oorsprong niet uit Israël komt, overwint een militair strateeg die twintig jaar in het ganse land oppermachtig was.
Dat klinkt als een sprookje.
Een verzinsel.
Een volksverhaal, desnoods.
Maar de historie staat in Gods Woord. In Richteren 4 dus. Daarom moeten en mogen we zeggen: hier toont God Zijn macht. Zijn oneindige macht.

Maar we zien hier ook Gods genade.
Die genade is heus niet alleen voor mannen. Die genade is ook voor vrouwen!
In Richteren 4 gebruikt vrouwen om Israël te verlossen.
Laat niemand zeggen dat vrouwen in de Bijbel niet de moeite waard zijn. De hemelse God zet hen in als Hij dat nodig vindt.

Sisera was een onderdrukker. Iemand met veel aardse macht. Iemand die in staat was om een heel volk twintig jaar aan de leiband te houden.
Uiteindelijk wordt hij aan de aarde vastgespijkerd.
Vindt u dat ook zo’n luguber idee?
Ik zou zeggen: dat gun je niemand; zelfs je ergste vijand niet.

Sisera is een generaal. Een ervaren militair. Een goede krijgsman, die veel courage bezit. Dat zo’n man toch zo aan zijn eind moet komen…

Maar er is nog iemand die in de Bijbel vastgespijkerd wordt. Beter gezegd: Iemand – met een hoofdletter dus.
Petrus zegt in Handelingen 2 over Hem: “Israëlitische mannen, luister naar deze woorden: ​Jezus​ de Nazarener, een Man Die u van Godswege aangewezen is door krachten, wonderen en tekenen, die God in uw midden door Hem gedaan heeft, zoals u ook zelf weet, deze Jezus, Die overeenkomstig het vastgestelde raadsbesluit en de voorkennis van God overgegeven is, hebt u gevangengenomen en door de handen van onrechtvaardigen aan het ​kruis​ gespijkerd en gedood”[7].
Onze Heiland is onschuldig aan het kruis gespijkerd.
Voor onze zonden heeft Hij geleden.
Voor onze zonden is hij gestorven.
En uiteindelijk stond Hij op uit het graf!

En wat lezen we vervolgens in Mattheüs 28?
Dit:
“Laat na de ​sabbat, toen het licht begon te worden op de eerste dag van de ​week, kwamen ​Maria​ Magdalena​ en de andere ​Maria​ om naar het ​graf​ te kijken”[8].
En:
“En zij gingen haastig van het ​graf​ weg, met vrees en grote blijdschap, en zij snelden weg om het Zijn discipelen te berichten”[9].
Vrouwen verspreiden het bericht van Christus’ opstanding!

Nee, zo ver kan Jaël niet kijken.
Maar wij mogen constateren: Jaël, die vrouw van buitenlandse komaf, heeft een volwaardige plaats in de historie die uiteindelijk naar Gods heil voert.
Laat het eens en voor altijd gezegd zijn: vrouwen tellen volop mee in Gods koninkrijk!

Noten:
[1] Richteren 4:17-22.
[2] Richteren 4:1.
[3] Richteren 4:8 en 9.
[4] Richteren 4:14.
[5] Citaat uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Richteren 4:4-10.
[6] Geciteerd van https://www.karlbarth.nl/de-mik-meditatie-mannen-vrouwen-richteren/ ; geraadpleegd op zaterdag 23 juni 2018.
[7] Handelingen 2:22 en 23.
[8] Mattheüs 28:1.
[9] Mattheüs 28:8.

2 juli 2018

Genderneutraal in boekenland

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Er is herrie in boekenland.
U moet weten: van 23 tot en met 31 maart 2019 zal de Boekenweek worden gehouden. Volgend jaar is het thema ‘De moeder de vrouw’. Dat thema gaat terug op het gelijknamige gedicht van Martinus Nijhoff.

Dat is een gedicht in drie strofen. Het luidt als volgt:

“Ik ging naar Bommel om de brug te zien.
Ik zag de nieuwe brug. Twee overzijden
die elkaar vroeger schenen te vermijden,
worden weer buren. Een minuut of tien
dat ik daar lag, in ’t gras, mijn thee gedronken,
mijn hoofd vol van het landschap wijd en zijd –
laat mij daar midden uit de oneindigheid
een stem vernemen dat mijn oren klonken.

Het was een vrouw. Het schip dat zij bevoer
kwam langzaam stroomaf door de brug gevaren.
Zij was alleen aan dek, zij stond bij ’t roer,

en wat zij zong hoorde ik dat psalmen waren.
O, dacht ik, o, dat daar mijn moeder voer.
Prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren”[1].

De neerlandicus Gert Slings schrijft terecht: “De brug verbindt beide oevers, maar in het vers ook heden en verleden. De dichter verbindt de vrouw aan het roer met zijn overleden moeder. De moeder zingt psalmen.
Het is een prachtig vers, waard om door iedere Nederlander gekend te worden”[2].

Vanwaar de herrie op het grondgebied der auteurs en uitgevers?
Wel, zowel het Boekenweekessay als het Boekenweekgeschenk worden door een man geschreven.
Velen spreken er schande van.
Kan een vrouw dat niet doen?
Is zij alleen maar goed voor het aanrecht?
Ruikt dit niet een beetje naar seksisme?
Voor de zoveelste keer worden vrouwen aan de kant gezet! Gruwel!

De opwinding beziende, glimlach ik tersluiks.
Nu zijn er eindelijk mannen die zich om vrouwen bekommeren, en nu is het nog niet goed.
Zo is er altijd wat.
Natuurlijk – ook een vrouw kan schrijven. Maar als twee mannen op dit gebied actief zijn, draait de wereld niet meteen de andere kant op.

De afgod die hier gediend wordt heet ‘genderneutraliteit’: geen, of in ieder geval zo weinig mogelijk onderscheid tussen de beide seksen.
Op de website van het Reformatorisch Dagblad wordt opgemerkt: “Deze ophef past helemaal in de opgeklopte discussie over genderneutraliteit. Veel mensen reageren beledigd omdat ze De moeder, de vrouw associëren met ‘haar enig recht is het aanrecht’. Maar wie is er dan precies stigmatiserend bezig? Hebben de critici het gedicht van Martinus Nijhoff waaraan het thema is ontleend wel gelezen? Daarin gaat het over een moeder en vrouw die een schip bestuurt. Dat vind ik eerder stoer dan zielig!”.
En:
“Misschien ben je moeder, maar moet je je kroost al jong naar een internaat brengen. En ongetwijfeld ben je huisvrouw, maar je gaat ook aan het roer staan als het nodig is. Daar denk je niet al teveel over na. Je zegt niet tegen je man: ik ben maar een vrouw, dat kan ik niet. Je zegt ook niet: ik wil voortaan aan het roer, want ik ben niet minder dan jij. Je doet waartoe je geroepen wordt, op de plek waar je bent. Psalmen zingend sta je aan het roer, dat wil zeggen: het geloof op een volstrekt natuurlijke manier verwevend met je dagelijks leven”[3].
Waarvan akte.

Feitelijk is genderneutraliteit een fake-verhaal. Een schijnvertoning.
Iemand schreef: “Genderneutraliteit bestaat niet. Een man kan niet zomaar een vrouw worden door zichzelf uit te geven als vrouw, of andersom. Het onderscheid tussen man en vrouw is onveranderlijk vastgelegd in het erfelijk materiaal (DNA).
Dat blijkt uit onderzoek dat het gerenommeerde Weizmann Institute of Science in Rehovoth, Israël recent publiceerde in het tijdschrift BMC Biology. (…) Zeker 21 procent van het menselijk genoom – dat bestaat uit 30.000 genen – blijkt geslachtsafhankelijk. Zo’n 6500 genen van 20.000 onderzochte genen zijn verantwoordelijk voor de grote biologische verschillen tussen man en vrouw. Geslachtsveranderingsoperaties en hormoonkuren veranderen daar volgens de onderzoekers niets aan”[4].
Genderneutraliteit – dat is voor velen een interessante gedachte. Maar als het over die neutraliteit gaat, raakt de God van de Bijbel steeds meer uit beeld.

In verband met het bovenstaande is het de moeite waard om even de aandacht te vestigen op het gedachtegoed van de Duits-Amerikaanse filosoof en socioloog Herbert Marcuse (1898-1979)[5].

Onder de kop ‘Genderneutraal idioom verre van onschuldig’, schreef iemand in het Reformatorisch Dagblad het volgende.
“Geïnspireerd door Freud, Marx en Hegel construeerde Marcuse een filosofie die gebaseerd is op de vooronderstelling dat de mens in zijn ‘wezenlijk mens-zijn’ onderdrukt wordt. Dit wezenlijke mens-zijn bestaat dan (in aansluiting op de psychoanalyse van Freud) uit het door de seksuele drift gedreven onderbewuste.
Marcuse wil de mens bevrijden van dit opgelegde juk. Hij moet waarlijk mens kunnen zijn. Daarom moet het onderbewuste vrijgemaakt worden van het juk van de werkelijkheid. Een werkelijk vrij mens is een mens die zijn of haar niet-onderdrukte seksuele ‘wezensvorm’ overal op kan en mag projecteren.
Dit ‘vrijmakende’ proces is in alle kracht in onze samenleving doorgedrongen, getuige alleen al de vele perverse advertenties om ons heen. Onze maatschappij is doordrenkt van seksualiteit en er wordt alles aan gedaan om, zoals Godfried Bomans eens zei, ‘de seksuele geladenheid tot het uiterste voltage op te voeren’.
In dit door en door versekste klimaat moet alles mogelijk zijn. We mogen onze verwrongen seksuele fantasieën op alles projecteren, zelfs als die fantasieën niet passen bij wie we biologisch en psychologisch zijn. Dan wordt alles uit de kast getrokken, politiek en medisch, om iemand te laten zijn wie ‘hij’ of ‘zij’ denkt te zijn.
De invoering van een genderneutraal idioom in onze taal duidt dus niet het begin van de ‘genderrevolutie’ aan, maar eerder het begin van het einde. Het betreft géén onschuldig woordenspel, maar een proces dat grotendeels al heeft plaatsgevonden”[6].

In dat kader staat de genderneutraliteit.
In dat kader staat het kabaal over de auteurs van respectievelijk het Boekenweekessay en het Boekenweekgeschenk.
Het valt te vrezen dat heel wat van die druktemakers dat niet hebben bedacht voordat zij lawaai begonnen te maken.

De moeder in dat gedicht zingt over God: “prijs God, zong zij, Zijn hand zal u bewaren”.
Diezelfde troost klinkt, wat mij betreft, ook in 2018. Bijvoorbeeld in de woorden van Psalm 121:
“De HEER zal u steeds gadeslaan,
Hij maakt het kwade goed, Hij is het die u hoedt.
Hij zal uw komen en uw gaan,
wat u mag wedervaren, in eeuwigheid bewaren”[7].

Noten:
[1] Het gedicht is onder meer te vinden op http://cf.hum.uva.nl/dsp/ljc/nijhoff/moeder.htm ; geraadpleegd op dinsdag 19 juni 2018.
[2] Zie http://www.hogerhoning.nl/ ; geraadpleegd op maandag 18 juni 2018.
[3] Geciteerd van https://www.rd.nl/vandaag/binnenland/de-moeder-de-vrouw-een-zielig-thema-eerder-stoer-1.1495040 ; geraadpleegd op dinsdag 19 juni 2018.
[4] Geciteerd van http://www.oudesporen.nl/rechtstreeks/Rechtstreeks2018-02.pdf ; geraadpleegd op dinsdag 19 juni 2018.
[5] Zie voor meer informatie over hem https://nl.wikipedia.org/wiki/Herbert_Marcuse ; geraadpleegd op dinsdag 19 juni 2018.
[6] Yke Bauke Eisma, “Genderneutraal idioom verre van onschuldig’”. In: Puntkomma, bijlage bij het Reformatorisch Dagblad, woensdag 16 augustus 2017, p. 8 en 9.
[7] Psalm 121:4 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

Blog op WordPress.com.