gereformeerd leven in nederland

1 november 2019

Kerk en wereld tegenover elkaar

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Wat is de belangrijkste boodschap van Gods Woord?
Antwoord: het centrale punt is dat Jezus Christus is. Dat wil zeggen: Christus leert ons wat God wil. Dat wil ook zeggen: Christus is voor ons gestorven, en heeft zo voor al onze zonden betaald. Dat wil ook zeggen: Christus beschermt ons; Hij zorgt ervoor dat wij onze verlossing steeds voor ogen houden.
Die boodschap biedt ons troost in het leven van alledag. Wij leven, als het goed is, niet zomaar wat voor ons uit – horizontaal, richting de horizon. Welnee. Dankzij Christus’ verlossingswerk slagen wij erin om boven onze problemen uit te kijken. Dankzij Christus’ verlossingswerk wordt onze horizon verbreed; de wolken aan de hemel zijn niet alleen maar donker en zwaar.

Die boodschap behoren predikanten door te geven.
Als de dominees dat doen, zijn zij in goed gezelschap. Apollos geeft die boodschap ook al door. Leest u maar mee in Handelingen 18: “En toen hij naar Achaje wilde ​reizen, bemoedigden de broeders hem en schreven aan de discipelen dat zij hem moesten ontvangen. En toen hij daar gekomen was, bood hij veel hulp aan hen die door de ​genade​ geloofden; want hij bestreed de ​Joden​ krachtig in het openbaar door uit de Schriften te bewijzen dat ​Jezus​ de ​Christus​ is”[1].

Apollos is van oorsprong een Egyptenaar; hij komt uit Alexandrië. Hij weet uitstekend de weg in het Oude Testament. En – niet onbelangrijk – hij is een prima spreker[2].
Juist daarom heeft hij heel wat aanhangers. Apollos trekt mensen. Het lijkt 2019 wel; vandaag de dag lopen wij ook graag achter goeie prekers aan. Niet voor niets schrijft Paulus in 1 Corinthiërs 3: “Wie is ​Paulus​ dan, en wie is Apollos, anders dan ​dienaren, door wie u tot geloof gekomen bent, en dat zoals de Heere aan ieder van hen gegeven heeft? Ik heb geplant, Apollos heeft begoten, maar God heeft laten groeien. Dus is dan noch hij die plant iets, noch hij die begiet, maar God, Die laat groeien”[3].

Apollos helpt hen die door genade geloven.
Net zoals, naar wij mogen hopen, hedendaagse dominees dat doen.
Ook anno Domini 2019 ontvangen wij de kracht om de wil van God in ons leven prioriteit één te geven. Als wij die geloofskracht gebruiken betekent dat dat onze eigen wensen en verlangens gaandeweg naar de achtergrond worden geduwd; die worden steeds onbelangrijker. Aldus wordt de situatie van Lucas 9 werkelijkheid. Daar zegt Jezus: “Als iemand achter Mij wil komen, moet hij zichzelf verloochenen, zijn ​kruis​ dagelijks opnemen en Mij volgen. Want wie zijn leven wil behouden, die zal het verliezen; maar wie zijn leven verliezen zal omwille van Mij, die zal het behouden”[4].
Het is belangrijk om het bovenstaande accent te geven. Want nog altijd zijn er mensen die zeggen dat de mens van nature niet zo slecht is.
Rutger Bregman – historicus en vaste schrijver voor het journalistieke online platform De Correspondent – schreef het boek ‘De meeste mensen deugen’[5]. Het boek wordt met bescheiden gejuich ontvangen. Men noteert: “De mens is een beest, zeiden de koningen. Een zondaar, zeiden de priesters. Een egoïst, zeiden de boekhouders. Al eeuwen is de westerse cultuur doordrongen van het geloof in de verdorvenheid van de mens. Maar wat als we het al die tijd mis hadden? In dit boek verweeft Rutger Bregman de jongste inzichten uit de psychologie, de economie, de biologie en de archeologie. Hij neemt ons mee op een reis door de geschiedenis en geeft nieuwe antwoorden op oude vragen. Waarom veroverde juist onze soort de aarde? Hoe verklaren we onze grootste misdaden? En zijn we diep vanbinnen geneigd tot het kwade of het goede? Adembenemend, weids en revolutionair”[6].
Bregman zegt: “De mens is niet zo’n talrijke diersoort geworden dankzij zijn hersencapaciteit of zijn fysieke vermogens, maar dankzij zijn sociale intelligentie. Die uit zich ook in ons fenotype want door onze grote ogen en beweeglijke wenkbrauwen, niet verborgen onder een vacht, kunnen we emoties tonen. We zijn zelfs zo empathisch dat we de enige diersoort zijn die bloost”[7].
Voor de uitverkorenen geldt: “God besloot hun het geloof in Christus te schenken, hen te rechtvaardigen en te heiligen en hen, nadat zij in de gemeenschap van zijn Zoon met kracht bewaard zijn, uiteindelijk te verheerlijken. In dit alles toont God zijn barmhartigheid tot lofprijzing van de schatten van zijn roemrijke genade”[8].
Laten wij er maar niet omheen draaien: kerk en wereld staan hier lijnrecht tegenover elkaar!

Apollos bestreed de ​Joden​ krachtig in het openbaar.
Alle mensen mochten zijn uitspraken horen.
Vandaag is godsdienst volgens velen een privézaak. Men zegt bijvoorbeeld: “Scholen moeten ‘bijzonder’ kunnen blijven – montessori, dalton, vrije scholen, dat draagt bij aan de rijkdom van het onderwijs –, maar niet op religieuze of politieke grondslag. Aan de christelijke minderheid die hecht aan onderwijs in religie kan tegemoet worden gekomen door de garantie dat in het algemene onderwijs aandacht zal worden geschonken aan godsdiensten”[9].
Iemand schrijft: “Al decennia geldt: als je het gezellig wilt houden, begin dan niet over politiek of religie. Zeker nu een meerderheid van de mensen geen religie aanhangt, lijkt dat motto nog meer op te gaan. Religie is een privézaak, geloof is een gevaar voor de rechtsstaat en moslims zijn gevaarlijk. Als je nog gelooft, ben je een beetje gek, of in ieder geval een tikje dom”[10].
Welnu – in de kerk geldt dat het Evangelie in het openbaar verkondigd wordt. En het woord dat de apostel Paulus aan Timotheüs schreef is nog altijd volop actueel: “Predik het Woord. Volhard daarin, gelegen of ongelegen. Weerleg, bestraf, vermaan, en dat met alle geduld en onderricht”[11]!

Noten:
[1] Handelingen 18:27 en 28.
[2] Zie Handelingen 18:24: “En een zekere ​Jood, van wie de naam Apollos was, een Alexandriër van afkomst, een welsprekend man, die kundig was op het gebied van de Schriften, kwam in ​Efeze​ aan”.
[3] 1 Corinthiërs 3:5, 6 en 7.
[4] Lucas 9:23 en 24.
[5] De gegevens van dit boek zijn: Rutger Bregman, “De meeste mensen deugen; een nieuwe geschiedenis van de mens”. – De Correspondent Uitgevers B.V., 2019. – 528 p.
[6] Geciteerd van https://www.libris.nl/boek/?authortitle=rutger-bregman/de-meeste-mensen-deugen–9789082942187/ ; geraadpleegd op vrijdag 25 oktober 2019.
[7] Geciteerd van https://www.nrc.nl/nieuws/2019/09/26/zijn-we-goed-a3974746 ; geraadpleegd op vrijdag 25 oktober 2019.
[8] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 7.
[9] Geciteerd van https://www.parool.nl/columns-opinie/geloof-is-een-privezaak-geen-overheidstaak~b0ece8be/ ; geraadpleegd op vrijdag 25 oktober 2019.
[10] Geciteerd van https://www.forumc.nl/nieuws/779-nationaal-religiedebat-2018-de-godspot ; geraadpleegd op vrijdag 25 oktober 2019.
[11] 2 Timotheüs 4:2.

30 juli 2019

Wij zijn van Gods geslacht

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

In Handelingen 17 verkondigt Paulus in Athene het Evangelie.
Hij zegt daar onder meer: “…in Hem leven wij, bewegen wij ons en bestaan wij; zoals ook enkelen van uw dichters gezegd hebben: Want wij zijn ook van Zijn geslacht”[1].
Paulus’ boodschap is duidelijk: God is onze Schepper; Hij leidt ons aan Zijn hand door de wereld.

Er zijn enkele dichters die gezegd hebben: want wij zijn ook van Zijn geslacht.
Een exegeet schrijft: “De woorden ‘in Hem leven we en bewegen we ons en zijn we’ zijn mogelijk ontleend aan de dichter Epimenides, terwijl ‘wij zijn immers ook van Zijn geslacht’ van de dichter Aratus afkomstig is”[2].

Wie is die Epimenides?
Epimenides van Knossos is een Griekse dichter en filosoof uit de zesde eeuw voor Christus. Epimenides is in de logica bekend door de naar hem genoemde paradox.
Over de paradox van Epimenides leert een bekende internetencyclopedie ons: “Een paradox is een ogenschijnlijke tegenspraak. Als we deze uitspraak letterlijk interpreteren, dus als: ‘alle uitspraken van alle Kretenzers zijn altijd gelogen’, dan is het inderdaad zo dat de uitspraak, die immers gedaan is door een Kretenzer, zichzelf tegenspreekt: de uitspraak zegt van zichzelf dat hij niet waar is, en kan dus niet waar zijn. De uitspraak kan alleen waar zijn als we hem niet letterlijk interpreteren, bijvoorbeeld als: Kretenzers liegen vaak (maar niet altijd). De tegenspraak verdwijnt”. Daarop zinspeelt Paulus in Titus 1: “Een van hen, hun eigen ​profeet, heeft gezegd: Kretenzen zijn altijd leugenaars, kwade beesten, luie buiken”[3].

Epimenides schreef het gedicht Cretica – over Kreta.
Enkele regels daaruit luiden als volgt:
“Ze hebben een tombe voor u opgericht, o heilige en hoge,
de Kretenzers, altijd leugenaars, gemene beesten, vadsige buiken dat het zijn!
Maar gij zijt niet dood: gij leeft altijd voort,
want in u leven en bewegen wij en hebben ons bestaan”[4].
Daar is dus die regel: ‘want in u leven en bewegen wij en hebben ons bestaan’. Bij Epimenides slaan de woorden op de Kretenzers. Maar Paulus brengt een correctie aan op de gedachten van de Griekse filosoof: de oorsprong van het leven ligt bij de Schepper van hemel en aarde!

En dan is er die dichter Aratus. Wie is dat?
Deze Griekse dichter (315-245 voor Christus) is vooral bekend van zijn leerdicht Phainomena, een wetenschappelijke verhandeling over hemellichamen en weersvoorspellingen.
Zijn verhaal begint als volgt.
“Laat ons beginnen bij Zeus. Zijn naam zij nimmer, o mensen door ons verzwegen. Van Zeus vol zijn alle de wegen en al de pleinen der mensen, vervuld van hem zijn de zee en ook de havens. Geen plaats waar wij Zeus kunnen missen. Want wij zijn ook van zijn geslacht. Vriendelijk is hij voor de mensen en goedgunstig gezind. De mannen wekt hij ten arbeid wijzend hen op hun taak. Hij zegt wanneer het de tijd is de grond te bewerken met ploegos en spade, wanneer de getijden gunstig zijn voor het planten en zaaien van alle gewassen. Want hij plaatste als bakens hoog aan de trans van de hemel ’t gesternte in rijke schakering en hij zocht uit voor de jaarkring sterren die bovenal duid’lijk aan zouden geven de mensen d’ eeuw’ge keer der seizoenen, opdat het al feilloos zou groeien. Daarom plegen zij hem steeds het eerst en het laatst te vereren”[5].
Aratus zegt: wij komen uit het geslacht van Zeus.
Nee, zegt Paulus. Dat is niet waar. Het is onzin. Want wij zijn onverbrekelijk verbonden met onze Heiland. Met Jezus Christus dus!

Paulus sluit aan bij de actualiteit van zijn tijd. Hij weet wat er te koop is in de wereld.
Aldus doet hij een impliciete oproep aan Bijbellezers van alle tijden: kijk rond in de wereld, verkondig en verdedig het Evangelie!

In het Athene van Handelingen 17 zeggen velen: dat Evangelie interesseert ons geen klap. Men vindt de apostel Paulus, op de keper beschouwd, een merkwaardig soort verhalenverteller: “Wat zou deze praatjesmaker toch willen zeggen?”[6].
Intussen vraagt Paulus om een keuze. Meer precies: de Redder van de wereld roept de mensen op om te kiezen: voor of tegen Christus!
Dominee M.J.C. Blok sr. (1914-1976) zei in een preek over Handelingen 17 eens: “De antithese is er, en blijft volkomen. Er zijn geen waarheidselementen in de heidense religie (…). Het is niet zo, dat deze dichters eigenlijk al op weg zijn naar de waarheid, en dat Paulus ze daarom nu maar rustig annexeert voor zijn eigen bedoelingen. Hier wordt geen waarheid beleden, hier wordt alleen maar gelogen”[7].
Kortom – de tegenstellingen liggen scherp.

Iemand vroeg eens: zijn alle godsdiensten niet ten diepste gelijk?
Op die existentiële vraag werd onder meer geantwoord: “Ja, het is één pot nat: alle religies hebben gemeen dat ze geloven in een persoonlijke oppermachtige god, die niet alleen alles geschapen zou hebben, maar zich ook nog eens persoonlijk iets aan elk mens gelegen zou laten liggen. Overigens geloven ze allemaal in één god en wijzen ze de overige 99% van de hand”[8].

Dat laatste kan best waar wezen.
Intussen vraagt de Here, ook anno Domini 2019, eenvoudig geloof.
Waarom?
Paulus legt het in Handelingen 17 uit: “Wij nu, die van Gods geslacht zijn, moeten niet denken dat de Godheid gelijk is aan goud, zilver of steen, een product van de kunstzinnigheid en gedachten van een mens. God dan verkondigt, met voorbijzien van de tijden van de onwetendheid, nu overal aan alle mensen dat zij zich moeten bekeren, en wel omdat Hij een dag vastgesteld heeft, waarop Hij de wereld ​rechtvaardig​ zal oordelen door een Man Die Hij daartoe aangesteld heeft. Daarvan heeft Hij aan allen het bewijs geleverd door Hem uit de doden te doen opstaan”[9].
Laten wij dat Evangelie maar vasthouden!

Noten:
[1] Handelingen 17:28.
[2] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Handelingen 17:28.
[3] Titus 1:12.
[4] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Epimenides en https://nl.wikipedia.org/wiki/Paradox_van_Epimenides ; geraadpleegd op woensdag 24 juli 2018.
[5] Deze vertaling is ontleend aan een preek van de Gereformeerd-vrijgemaakte predikant J.B.K. de Vries over Handelingen 17:22-34.
[6] Handelingen 17:18.
[7] De preek van dominee Blok heeft als tekst Handelingen 17:22-34.
[8] Geciteerd van https://www.startpagina.nl/v/religie-spiritualiteit/religie/vraag/94372/religies-ten-diepste-gelijk/ ; geraadpleegd op donderdag 25 juli 2019.
[9] Handelingen 17:29, 30 en 31.

28 juni 2019

Ikonium is niet iconisch

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

“En het Woord van de Heere verbreidde zich door heel het land”.
Zo staat dat in Handelingen 13[1].
Wie dat in Nederland leest, lacht wellicht stilletjes en schamper. Dat mochten we willen!
Nee, dit soort teksten is meer iets voor zendingsgebieden. En voor voormalige zendingsgebieden – Kalimantan Barat of zo[2].

Handelingen 13 brengt ons naar Klein-Azië, naar het huidige Turkije.
Naar Ikonium, om precies te zijn.
Een bekende internetencyclopedie leert ons: “Konya (Grieks: Ικόνιο; Latijn: Iconium) is een stad in het zuidwestelijk deel van Midden-Turkije. De stad ligt op ongeveer 250 kilometer van de Middellandse Zee, op een hoogte van ongeveer 1000 meter boven zeeniveau. Het is de hoofdstad van de gelijknamige provincie Konya. De agglomeratie Konya bestaat uit de districten Karatay, Meram en Selçuklu en telde in 2009 1.003.373 inwoners (830.796 in 2000, waarvan 742.690 in de stad zelf). Met dit inwonertal is Konya de op zes na grootste stad van Turkije”[3].

En wat voor bezienswaardigheden zijn er in Konya?
Antwoord: moskeeën.
Toegegeven – u kunt er ook andere mooie dingen bekijken. Maar er zijn toch aardig wat islamitische gebedshuizen[4].

Daar wordt het niet bepaald makkelijker van.
Want waar is nu toch de christelijke kerk gebleven?
Is het werk van God ganselijk teniet gedaan?
In Jesaja 49 staat het zo mooi: “Het is te gering dat U voor Mij een Knecht zou zijn om op te richten de stammen van ​Jakob en om hen die van Israël gespaard werden, terug te brengen. Ik heb U ook gegeven tot een Licht voor de heidenvolken, om Mijn heil te zijn tot aan het einde der aarde”[5].
Maar in Konya – het vroegere Ikonium – zie je er niets meer van.

Trouwens – hoe is het in Nederland?
Nederland was eertijds een christelijke natie. En er zijn nog heel wat christenen in ons land. De eerlijkheid gebiedt echter te zeggen dat de secularisatie haar tienduizenden verslaat.
Hoe zit het eigenlijk met het werk van God?

Laten we niet vergeten dat de profeet Jesaja nog meer zegt. In hoofdstuk 55 namelijk: “Want zoals regen of sneeuw neerdaalt van de hemel en daarheen niet terugkeert, maar de aarde doorvochtigt en maakt dat zij voortbrengt en doet opkomen, zaad​ geeft aan de ​zaaier​ en brood aan de eter, zo zal Mijn woord zijn dat uit Mijn mond uitgaat: het zal niet vruchteloos tot Mij terugkeren, maar het zal doen wat Mij behaagt, en het zal voorspoedig zijn in hetgeen waartoe Ik het zend”[6].
Er zijn momenten waarop het werk van God geheel verdwenen lijkt. Maar Zijn werk is nooit helemaal zonder vrucht. Wij zien die vruchten niet altijd. Maar ze zijn er wel.

In ‘De Wachter Sions’, het kerkelijk orgaan van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, schreef C. van Rijswijk vorig jaar: “Van het oude Ikonium is niets meer over, zoals dat ook het geval is met de steden Antiochië en de andere plaatsen In Lycaónië: Lystre en Derbe. Al die plaatsen met hun inwoners zijn van de aardbodem verdwenen, maar zij die een nieuw hart mochten ontvangen, juichen voor Gods troon.
Maarten Luther heeft gezegd dat we de verkondiging van Gods Woord kunnen vergelijken met een voorbijtrekkende plasregen. Hij zegt: ‘Gebruik Gods Woord en Gods genade, nu ze aanwezig zijn. Want dit moet u weten: Gods Woord en genade is als een voorbijgaande plasregen, die niet wederkeert, waar hij eenmaal geweest is”[7].
In Ikonium zijn christenen geweest. Dat waren echte kinderen van God. Wij zullen hen later in de hemel tegenkomen. Nee, Gods werk is niet vruchteloos geweest. Het werk in Ikonium heeft zin gehad.
Die plasregen van Luther is ook in Ikonium naar beneden gekomen. En ja, dat vocht is allang weer opgedroogd. Verdampt, zo u wilt. Maar die regen heeft de aarde daar bevochtigd. Gods werk is daar niet voor niets geweest! Gods Woord en werk heeft namelijk altijd en eeuwig effect!

Nee, Ikonium is niet iconisch
Sterker nog: de kerken in Klein-Azië lijken geheel verdwenen te zijn. En wat is er voor in de plaats gekomen? Antwoord: de islam.
Dat stemt een rechtgeaard Gereformeerd mens tamelijk droevig.
Als gezegd wordt “het Woord van de Heere verbreidde zich door heel het land” duidt dat in Handelingen 13 uiteindelijk maar op een tijdelijke toestand.

Maar daarin zit toch ook een stimulans voor Gereformeerden in 2019. Want wij worden gestimuleerd om in onze tijd en op onze plaats trouw te blijven.
Laten wij elkaar wijzen op Openbaring 22: “Wie ​onrecht​ doet, laat hij nog meer ​onrecht​ doen. En wie vuil is, laat hij nog vuiler worden. En wie ​rechtvaardig​ is, laat hij nog meer gerechtvaardigd worden. En wie ​heilig​ is, laat hij nog meer ​geheiligd​ worden. En zie, Ik kom spoedig en Mijn loon is bij Mij om aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn. Ik ben de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde, de Eerste en de Laatste”[8].
Het moet blijken wie er werkelijk trouw is.
Het moet duidelijk worden wie er, ten langen leste ontrouw is.
En wat is de conclusie van dat hele verhaal? Deze: er is er Eén die trouw is. Namelijk de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde, de Eerste en de Laatste.
Zijn werk beperkt zich niet tot Ikonium. En ook niet tot Nederland. Hoor maar wat de Heiland in Mattheüs 28 zegt: “En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld. ​Amen”![9]

Noten:
[1] Handelingen 13:49.
[2] Deze tekst werd op dinsdagavond 25 juni 2019 door broeder H.D. Hoving genoemd tijdens een presentatie in een vergadering van de kerkenraad met diakenen en de gemeente van De Gereformeerde Kerk Groningen over het werk van de Sekolah Tinggi Theologia Reformed (STTR) in Sentagi, Bengkayang (Kalimantan Barat, Indonesië). Aan de presentatie werd ook meegewerkt door broeder W.J. Heeringa.
[3] Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Konya_(stad) ; geraadpleegd op woensdag 26 juni 2019.
[4] Zie hiervoor bijvoorbeeld https://www.tripadvisor.nl/Attractions-g298014-Activities-c47-Konya.html ; geraadpleegd op woensdag 26 juni 2019.
[5] Jesaja 49:6.
[6] Jesaja 55:11.
[7] C. van Rijswijk, “Vervolg van de eerste zendingsreis: Lystre en Derbe”. In: De Wachter Sions, donderdag 8 november 2018, p. 2 en 3.
[8] Openbaring 22:11, 12 en 13.
[9] Mattheüs 28:20.

7 juni 2019

Pinksterperspectief

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

“En Ik zal wonderen geven in de hemel boven en tekenen op de aarde beneden: bloed, vuur en rookwalm. De zon zal veranderd worden in duisternis en de maan in bloed, voordat de grote en ontzagwekkende dag van de Heere komt”[1].

Dat zijn woorden van Petrus. Ze staan in Handelingen 2. Hij spreekt ze uit op de eerste Pinksterdag. Die woorden heeft hij trouwens niet van zichzelf. Hij citeert ze uit het tweede hoofdstuk van de profetie van Joël[2].

Ziet u het voor u?
De zon verdwijnt volledig. Het wordt nacht. Stikdonkere nacht.
Bloed – notabene, de maan wordt rood.
Grote kolommen rook stijgen op. En overal is vuur.
Het wordt vrijwel helemaal donker. Op dat flakkerend vuur na, dus.
Eigenlijk is het zicht op zo’n wereld beangstigend!

In de afgelopen dagen hebben we in Nederland een paar keer noodweer gehad. De NOS kopte: “Problemen op spoor door noodweer, code oranje in hele land ingetrokken” en: “Schade en lichtgewonden door zware onweersbuien en harde wind”[3].
Wateroverlast, omgevallen bomen, schade aan huizen en auto’s – het kwam allemaal langs. Maar het haalt het niet bij Handelingen 2!

Een niet-weter zou kunnen denken dat de God van hemel en aarde Zijn agressie botviert op een kapotte aarde.
Maar niets is minder waar. Want in Handelingen 2 preekt Petrus namelijk verder: “En het zal zo zijn dat ieder die de Naam van de Heere zal aanroepen, zalig zal worden[4].
Het is de moeite waard om die laatste zin cursief te zetten. Dat bloed, dat vuur, al die rook, die volstrekt ondoordringbare duisternis – die zijn bedoeld om ons ertoe te brengen dat wij de wijk nemen naar de Redder van deze wereld.
Er is, als het erop aankomt, maar één vluchtroute die ons naar veilig gebied brengt: het pad dat door de Here Zelf geplaveid is.

Zalig: dat woord wordt tegenwoordig nogal eens door televisiekoks gebruikt. Men spreekt dan over een zalige maaltijd. Maar één ding is zeker: die exquise smaak steekt schril af tegen de zaligheid van de hemel.
Dat geluk, die vrede, die heerlijke sfeer smaakt naar meer. En ja, dat gaat goed komen. Dat alles houdt namelijk nooit meer op. Het gaat door tot in verre eeuwigheden!

Die zaligheid wordt ons in Gods Woord voortdurend voorgehouden.
Denkt u bijvoorbeeld maar aan Mattheüs 1: “…en zij – dat is Maria – zal een Zoon baren, en u zult Hem de Naam Jezus geven, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden”[5].
Of bijvoorbeeld aan Mattheüs 5: “Zalig zijn de armen van geest, want van hen is het Koninkrijk der hemelen”[6]. Mensen die met lege handen bij hun Heiland komen, zijn van harte welkom in de oneindige wereld van de zaligheid.
Of bijvoorbeeld aan Mattheüs 10: “En u zult door allen gehaat worden omwille van Mijn Naam; maar wie volharden zal tot het einde, die zal zalig worden”[7]. Daar worden de discipelen aangesproken. Zij hebben in hun werk uithoudingsvermogen en doorzettingsvermogen nodig.
Of bijvoorbeeld aan Efeziërs 2: “Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God”[8]. Let erop dat Paulus schrijft: door God uitgekozen zijn al zalig!

Als wij kijken naar de wereld om ons heen, zien wij al snel hoe groot het verschil is tussen de puinhoop op aarde en de glorieuze heerlijkheid in de hemel.
Trouwens – Petrus heeft het er in Handelingen 2 ook al over.

Immers, tekenen op de aarde beneden – dat duidt op het bloed dat vloeit in allesvernietigende oorlogen.
Men hoort wel eens zeggen dat tot op heden de twintigste eeuw de meest verwoestende en bloedige eeuw was.

De vraag is of dat waar is. De psycholoog en geweldonderzoeker Johan M.G. van der Dennen schrijft: “De beide wereldoorlogen bezetten ons collectieve geheugen, maar de An Lushan Rebellie (China, 8ste eeuw), de Mongoolse veroveringen (Eurazië, 13de eeuw), de slavenhandel in het Middenoosten (7de tot de 19de eeuw), de val van de Ming dynastie (17de eeuw), de val van Rome (derde tot 5de eeuw), de veroveringen en massacres van Timur Lenk (of Tamerlane) (14de-15de eeuw), de uitroeiing en vernietiging van de Amerikaanse Indianen (15de-19de eeuw), en de Atlantische slavenhandel (15de-19de eeuw) scoren qua miljoenen slachtoffers boven de Tweede Wereldoorlog, en de Taiping Rebellie (19de eeuw) en de Dertigjarige Oorlog (17de eeuw) waren vernietigender dan de Eerste Wereldoorlog. De An Lushan Rebellie (feitelijk een burgeroorlog) zou, gecorrigeerd voor de wereldpopulatie, het ongelofelijke aantal van zo’n 429.000.000 slachtoffers hebben gemaakt. In de Oorlog van de Triple Alliantie in Zuid Amerika (1864-1870) werd tenminste 60% van de totale bevolking van Paraguay weggevaagd, hetgeen deze oorlog proportioneel de meest destructieve en bloedigste in de recente menselijke geschiedenis zou maken”[9].

Michiel van Herpen, historicus van professie, tekent op een andere plaats een tamelijk somber perspectief: “Toch blijft er een belangrijk internationaal veiligheidsdilemma bestaan waar wij de komende jaren onze handen vol aan hebben. De frequentie van oorlogen zijn aantoonbaar gehalveerd, maar de oorlogen die nog gevoerd worden zijn moeilijker te bestrijden. (…) Negen op de tien oorlogen zijn intra-statelijk (er heeft al vijf jaar geen interstatelijke oorlog meer gewoed). In deze intra-statelijke oorlogen, waar meerdere partijen betrokken bij zijn (met verschillende motieven en agenda’s), zijn de grenzen tussen soldaten, strijders, separatisten, opstandelingen en burgers steeds diffuser geworden”[10].
Het hoeft geen betoog dat de cyberoorlog – computersabotage en spionage via allerlei computernetwerken – het nog heel wat ingewikkelder maakt[11].

Conclusie: als God het niet zou verhoeden, zou de mens zichzelf binnen de kortste keren vernietigen!

Welnu – op de eerste Pinksterdag werd Gods Heilige Geest uitgestort.
En Zijn werk in onze harten, ja Zijn intensieve arbeid over de hele aarde – dat is nog maar het begin.
De contouren van onze heerlijke toekomst zijn al zichtbaar. In de kerk, vooral. Want daar wordt voortdurend verkondigd: “Zalig zijn zij die Zijn geboden doen, zodat zij recht mogen hebben op de Boom des levens, en opdat zij door de poorten de stad mogen binnengaan”[12].

Noten:
[1] Handelingen 2:19 en 20.
[2] Joël 2:28-31.
[3] Zie https://nos.nl/artikel/2287643-problemen-op-spoor-door-noodweer-code-oranje-in-hele-land-ingetrokken.html en https://nos.nl/artikel/2287806-schade-en-lichtgewonden-door-zware-onweersbuien-en-harde-wind.html .
[4] Handelingen 2:21.
[5] Mattheüs 1:21.
[6] Mattheüs 5:3.
[7] Mattheüs 10:22.
[8] Efeziërs 2:8.
[9] Geciteerd van http://rint.rechten.rug.nl/rth/dennen/pinker.htm ; geraadpleegd op donderdag 6 juni 2019.
[10] Geciteerd van https://historiek.net/100-jaar-oorlog-van-loopgraven-naar-labiele-vrede/45525/ ; geraadpleegd op donderdag 6 juni 2019.
[11] Zie over het fenomeen ‘cyberoorlog’ https://nl.wikipedia.org/wiki/Cyberoorlog ; geraadpleegd op donderdag 6 juni 2019.
[12] Openbaring 22:14.

31 mei 2019

Wij hebben Gods Geest nodig

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Het is Hemelvaartsdag geweest.
En wat gaan de discipelen doen?
Handelingen 1 vertelt het ons: “Dezen bleven allen eensgezind volharden in het ​bidden​ en smeken, met de vrouwen en ​Maria, de moeder van ​Jezus, en met Zijn broers”[1].
De apostelen gaan bidden. Ze gaan vragen om de Heilige Geest, Wiens komst aangekondigd is. Denkt u in dit verband maar aan Johannes 16: “Maar Ik zeg u de waarheid: Het is nuttig voor u dat Ik wegga, want als Ik niet wegga, zal de Trooster niet naar u toe komen; maar als Ik heenga, zal Ik Hem naar u toe zenden”[2].
Het is, daar in Handelingen 1, niet zomaar bidden.
Nee, het is bidden en smeken.
De aanwezigen dringen er bij de Here op aan: laat de Heilige Geest nu gauw komen!
De aanwezigen beseffen het terdege: zij kunnen echt niet zonder Hem.
De aanwezigen voelen zich in zekere zin alleen. Zonder de hulp van de Heilige Geest kunnen zij werkelijk niet verder.

Wij schrijven vrijdag 31 mei 2019.
Ook wij moeten ons realiseren dat we ’t zonder de Heilige Geest niet af kunnen. Profeten en apostelen die het Woord van God spraken werden aangestuurd door de Heilige Geest. Maar vandaag de dag is dat niet anders. Paulus maakt in 1 Corinthiërs 12 bekend “dat niemand die door de Geest van God spreekt, zegt: Jezus is een vervloekte. Ook kan niemand zeggen: Jezus is Heere, dan door de Heilige Geest”[3].
Wij hebben de wijsheid van Gods Heilige Geest nodig – ook in de eenentwintigste eeuw.

Onlangs zei Rikkert Zuiderveld – bekend van het duo Elly & Rikkert –: “Ik houd mijn hart vast voor de ontwikkelingen die de sociale media met zich meebrengen. Als ik hoor wat er wordt afgescholden, doodverklaard en bedreigd … Internet is een soort monster uit de zee: een entiteit op zich. Niemand is ook maar enigszins verantwoordelijk voor wat er zich afspeelt.
Dat, gecombineerd met de ontwikkelingen op het gebied van de kunstmatige intelligentie.
Albert Einstein zei: ‘Als de technologie het overneemt van de intermenselijke communicatie, dan hebben we een generatie van idioten’”[4].
Daar heeft Zuiderveld een punt.
En de vragen liggen voor de hand: vragen we nog om de wijsheid van de Heilige Geest? en: benutten wij die wijsheid ook?

Laat het helder wezen: men kan de Heilige Geest ook voor zijn karretje spannen.
Kent u ’t verhaal van die Amerikaanse televisiedominee die om een vliegtuig vroeg?
Een jaar geleden meldde de NOS: “Het is een opmerkelijke oproep van de Amerikaanse televisiepredikant Jesse Duplantis aan zijn trouwe volgelingen: geef alsjeblieft geld voor een Falcon 7X-vliegtuig ter waarde van 54 miljoen dollar. Een toestel dat dertien uur non-stop kan vliegen en is voorzien van een draadloos entertainmentcentrum en een douchecabine”.
Er stond in het bericht bij: “De Heilige Geest kan door gelovigen als macht worden ingezet voor elk willekeurig doel. Het geven van geld aan voorgangers – zeggen de leiders van het evangelie – is een soort investering”[5].
Ach nee, de Heilige Geest regelt niet op commando vliegtuigen voor hebberige televisiepredikanten. De Heilige Geest ontsteekt het vuur van het echte geloof. Door dat geloof klampen gelovigen zich vast aan hun Heiland.
De Heilige Geest maakt ons tot een nieuwe mens. Hij begint helemaal opnieuw met ons.
Dat is een permanent proces. Een onbegrijpelijke ontwikkeling, ook.
Zo worden wij voorbereid op een nieuwe toekomst. De hemelse heerlijkheid is ons voorland!

Laten wij elkaar nog eens wijzen op Handelingen 1: “Dezen bleven allen eensgezind volharden”.
Homothumadon staat daar. Het is als een welluidend muziekstuk. Alsof een groot orkest een schitterend concert geeft. Alle instrumenten werken samen in een prachtige symfonie. Ja, zo voegt de Heilige Geest de levens van leden van de kerk van Christus samen.
In een eensgezind gebed brengt de kerk de Heilige Geest alle lof die Hem toekomt![6]
Paulus schrijft er in de brief aan de christenen in Efeze ook over, in hoofdstuk 4: wij moeten ons beijveren “om de eenheid van de Geest te bewaren door de band van de ​vrede: één lichaam en één Geest, zoals u ook geroepen bent tot één hoop van uw roeping”.
Zo worden wij – tussen Hemelvaartsdag en de Pinksterdagen – opgeroepen om voor eenheid te zorgen.

En laten wij daarbij een hoogst belangrijk detail vooral niet over het hoofd zien: men bidt en smeekt “met de vrouwen en ​Maria, de moeder van ​Jezus”. De vrouwen doen dus volop mee! Zij hebben hun eigen plaats in de kerk, jazeker. Laat niemand vertellen dat vrouwen achtergesteld worden in de kerk; dat zijn sprookjes. Zij hebben hun eigen gaven. Laten we er maar gebruik van maken!
In de kerk is de Heilige Geest volop actief. Door Hem zijn al onze broeders en zusters verzegeld tot de dag van de verlossing.
Verzegeld, dat wil zeggen: niemand kan het werk van Gods Geest onderbreken.
Verzegeld, dat wil zeggen: niemand kan het werk van Gods Geest stoppen.
Gods Heilige Geest maakt Zijn re-creërende werk af. Desnoods door onwil en opstand heen. Wonderlijk maar waar!

Noten:
[1] Handelingen 1:14.
[2] Handelingen 16:7.
[3] 1 Corinthiërs 12:3.
[4] “Na 50 jaar: ‘We hebben onszelf nooit tot duo verklaard’”. In: Nederlands Dagblad, zaterdag 18 mei 2019, p. 10 en 11.
[5] Geciteerd van https://nos.nl/nieuwsuur/artikel/2234429-tv-dominee-wil-vierde-privejet-inhalig-jezus-reed-uit-nederigheid-op-een-ezel.html ; geraadpleegd op dinsdag 28 mei 2019.
[6] Zie hierover ook https://www.biblestudytools.com/lexicons/greek/nas/homothumadon.html ; geraadpleegd op dinsdag 28 mei 2019. De uitleg is Engelstalig.

2 april 2019

Weg met vage verhalen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

Wat zijn de behoeften van de jeugd?
Toegegeven – het is gevaarlijk om daar als scribent van middelbare leeftijd iets over te schrijven.
Eén ding is echter wel zeker: jongeren houden niet van vage verhalen[1].

De kerk moet concreet zijn. Er moet begrijpelijke taal worden gesproken. De boodschap die er wordt gebracht moet herkenbaar en inzichtelijk wezen.

Jongeren zijn de verlegenheid voorbij.
Zij pleiten voor duidelijkheid. Zij willen focus. Zij wensen dat de kerk de waarheid verkondigt. En niks anders dan dat.
Gedoe eromheen? Nee, dat is niet aan jongeren besteed.

Wat die duidelijkheid betreft is er overigens niets nieuws onder de zon.
Gods Woord geeft al aan hoezeer helderheid nodig is.

Als het volk Israël in Deuteronomium 27 wordt herinnerd aan Gods wetten en regels, wordt daar bij gezegd dat ze zorgvuldig gegraveerd moeten worden. Er mag geen misverstand over ontstaan. Ik citeer: “U moet op de stenen alle woorden van deze wet schrijven, duidelijk en goed”[2].
De Israëlieten moeten goed weten welke straffen er staan op overtreding van Gods geboden: “De ​Levieten​ moeten het woord nemen en tegen alle mannen van Israël zeggen met luide stem: Vervloekt is de man die een gesneden of ​gegoten beeld​ maakt, een gruwel voor de HEERE, het werk van de handen van een vakman, en dat op een verborgen plaats neerzet! En heel het volk moet antwoorden en zeggen: ​Amen”[3].
Heel Israël moet duidelijk horen wat er gezegd wordt. Al Gods kinderen behoren in hun leven te laten zien wat die leefregels betekenen.

Dat betekent ook: Gods Woord moet goed uitgelegd worden.
Dat wordt in Nehemia 8 ook gedaan. U weet het wellicht wel: in het Bijbelboek Nehemia gaat het over de herbouw van de muren van Jeruzalem.
Maar daar vindt ook geestelijke opbouw plaats. Echte gemeenteopbouw, zogezegd. Men luistert geconcentreerd. Leest u maar mee: “En ​Ezra​ loofde de HEERE, de grote God, en heel het volk antwoordde, onder het opheffen van hun handen: ​Amen, ​amen! Zij knielden en bogen zich neer voor de HEERE met het gezicht ter aarde. Jesua, Bani, Serebja, Jamin, Akkub, Sabbethai, Hodia, Maäseja, Kelita, Azaria, Jozabad, Hanan, Pelaja en de ​Levieten​ onderwezen het volk in de wet, en het volk stond op zijn plaats. Zij lazen uit het ​boek​ voor, uit de wet van God, gaven uitleg en verklaarden de betekenis, zodat men de voorlezing begreep”[4].
De leiders van de Israëlieten hebben, nu de ballingschap achter de rug is, heel goed door dat het kennen van en luisteren naar Gods wet veel consequenties heeft. Wandelen met God: dat moet te zien zijn.

Laten wij ook een ogenblik op Handelingen 4 letten.
In dat Schriftgedeelte lezen we dat apostelen gearresteerd worden.
Petrus en Johannes moeten zich voor een kerkelijke rechtbank verantwoorden.
De kerkelijke leiders zijn verlegen met de Evangelieverkondiging. Zij kunnen er echter niet omheen: “Wat zullen wij met deze mensen doen? Want dat er een alom bekend teken door hen is verricht, is duidelijk voor allen die in Jeruzalem wonen, en wij kunnen het niet ontkennen”[5].
Het is zonneklaar Wie in Handelingen 4 de macht in handen heeft. Heel de stad heeft er van gehoord. In Jeruzalem is er niemand meer die Hem negeren kan.

Wat kunnen wij van Deuteronomium 27, Nehemia 8 en Handelingen 4 leren?
In ieder geval dit: het Evangelie moet zo gebracht worden dat niemand het veronachtzamen kan. Dat is de stijl van onze God.

Vage verhalen komen voort uit de denkwereld van de mens.
Hoe ziet die wereld eruit? We praten dan over zaken als diep bederf, oproerigheid en koppigheid. Men zou kunnen zeggen dat mensen van nature met een enigszins vertroebelde blik naar Gods Woord kijken.

Denkt u vooral niet dat het bovenstaande aan het brein van schrijver dezes ontsproten is. Dat is namelijk niet het geval.
Het werd in 1618/’19 reeds te Dordrecht opgeschreven.
Volgens de zielzorgers uit Dordt beschikken wij over de volgende eigenschappen: “…wat zijn verstand betreft, blindheid, verschrikkelijke duisternis en een onbetrouwbaar en verdorven oordeel; wat zijn wil en hart aangaat, slechtheid, opstandigheid en hardnekkigheid; en bovendien in al zijn verlangens onzuiverheid”[6].
De waarnemingen die men in de zeventiende eeuw deed hebben, als u het mij vraagt, in de eenentwintigste eeuw nog niets van hun actualiteit verloren. In de grond van de zaak is er nog niks veranderd.

Dat zo zijnde moeten we in de kerk scherp blijven. En we moeten kerkgangers scherp houden.
Als we dat niet doen komen we zomaar terecht in de sfeer van mistige mystiek. Voor wij het weten wandelen we rond in een sfeer van narratieve nevels: vertellingen over de Bijbel die het treurige leven enigermate opleuken.

In de kerkelijke wereld voelt men momenteel weinig scherpte.
Zeker, preken klinken soms nog wel goed. Maar de praktijk is maar al te vaak mijlenver van zulke predicaties verwijderd.

Hoe zal dat zijn in, laten wij zeggen, het jaar 2029?
Professor dr. H.C. Stoffels, eertijds hoogleraar godsdienstsociologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam, sprak eens : “De kerk zal in 2029 een bescheiden maar wel aanwezige minderheid zijn. Er zal geen sprake zijn van een massale terugkeer naar religie, zeker niet van terugkeer naar de kerk”[7] .

Inderdaad: die befaamde socioloog sprak slechts woorden.
Maar intussen weten wij niet welke daden de hemelse God in de zin heeft.
Want zeg nu zelf: onze God kan wonderen doen.
En bovendien zou het best zo kunnen zijn dat de Here Jezus Christus vóór het jaar 2029 terugkeert op de wolken. Wie zal het zeggen?

Weet u wat de apostelen uit Handelingen 4 deden, toen ze weer vrijgelaten waren?
Ze gingen bidden.
Samen met andere volgelingen van Christus betraden zij in het gebed de troonzaal van God.
Leest u maar even mee. Zij “verhieven eensgezind hun stem tot God en zeiden: Heere! U bent de God Die de hemel en de aarde en de zee gemaakt hebt, en alle dingen die erin zijn, en Die bij monde van ​David, Uw knecht, gezegd hebt: Waarom woeden de heidenvolken en bedenken de volken wat inhoudsloos is? De koningen van de aarde stellen zich op en de vorsten spannen samen tegen de Heere en tegen Zijn ​Gezalfde”[8].
Ziet u dat? In Handelingen 4 gaat het over de strijd tussen God en Satan. En dat is een mondiaal gevecht. Het is een worsteling waar mensenlevens mee gemoeid zijn.
De apostelen en hun medestrijders in het geloof weten het: wij maken deel uit van een conflict dat zich bevindt op het niveau van Psalm 2.
Het is die strijd die uitgevochten wordt. En de veldslag zal pas eindigen als de Jongste Dag aangebroken is.

Op dat strijdtoneel groeperen óók Gereformeerden in Nederland zich.
En zij weten het – ook in 2019 is duidelijkheid geboden.
Ook vandaag is het gebruik van omfloerste woorden zo vaak uit den boze.
Want de strijd is in volle gang!
Ten diepste is dat de reden dat ook vandaag, in heel de wereld en op alle plaatsen, de oproep van Psalm 2 klinken moet:
“Nu dan, koningen, handel verstandig.
Laat u onderwijzen, rechters van de aarde.
Dien de HEERE met vreze,
verheug u met huiver.
Kus de Zoon, opdat Hij niet toornig wordt en u onderweg omkomt,
wanneer Zijn toorn slechts even ontbrandt.
Welzalig allen die tot Hem de toevlucht nemen!”[9].

Noten:
[1] Dit artikel is een bewerking van een stuk dat ik eerder schreef. Dat stuk is gedateerd op dinsdag 27 januari 2009.
[2] Deuteronomium 27:8.
[3] Deuteronomium 27:14 en 15.
[4] Nehemia 8:7, 8 en 9.
[5] Handelingen 4:16.
[6] Dordtse Leerregels, hoofdstuk III/IV, artikel 1.
[7] “Op weg naar apocalyptische tijden”. In: Reformatorisch Dagblad, maandag 26 januari 2009, p. 2.
[8] Handelingen 4:24, 25 en 26.
[9] Psalm 2:10, 11 en 12.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.