gereformeerd leven in nederland

19 juli 2019

Dwalend en ziek

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Wat is de ware kerk?
Dat is een heilige vergadering waar Jezus Christus het voor het zeggen heeft. Christus schrijft daar de wet voor.
De Nederlandse Geloofsbelijdenis leert het ons zo: “De kenmerken waaraan men de ware kerk kan kennen, zijn deze: dat de kerk de zuivere prediking van het evangelie onderhoudt; dat zij de zuivere bediening van de sacramenten onderhoudt, zoals Christus die heeft ingesteld; dat de kerkelijke tucht geoefend wordt om de zonden te bestraffen. Kortom, dat men zich richt naar het zuivere Woord van God, alles wat daarmee in strijd is verwerpt en Jezus Christus erkent als het enige Hoofd. Hieraan kan men met zekerheid de ware kerk kennen en niemand heeft het recht zich van haar af te scheiden. Zij die bij de kerk horen, zijn te kennen aan de kenmerken van de christenen, namelijk aan het geloof en hieraan dat zij, na de enige Heiland Christus aangenomen te hebben, de zonde ontvluchten en de gerechtigheid najagen, de ware God en hun naaste liefhebben, niet naar rechts of naar links afwijken en hun oude mens met zijn werken kruisigen. Dat wil echter niet zeggen dat er geen grote zwakheid meer in hen zou zijn, maar door de Geest strijden zij daar elke dag tegen, hun leven lang. Zij nemen voortdurend hun toevlucht tot het bloed, de dood, het lijden en de gehoorzaamheid van de Heer Jezus, in wie zij vergeving van hun zonden hebben door het geloof in Hem”.
Dat is dus de echte kerk.

Wat is de valse kerk?
De Nederlandse Geloofsbelijdenis omschrijft dat als volgt: “Wat de valse kerk betreft, deze schrijft aan zichzelf en haar verordeningen meer gezag toe dan aan Gods Woord en wil zich niet aan het juk van Christus onderwerpen. Zij bedient de sacramenten niet zoals Christus in zijn Woord geboden heeft, maar naar eigen goedvinden voegt zij eraan toe en laat zij eruit weg. Zij grondt zich meer op mensen dan op Christus. Zij vervolgt hen die heilig leven naar Gods Woord en die haar bestraffen over haar zonden, hebzucht en afgoderij”[1].
Dat is dus de onechte kerk.

Hierboven staan bekende formuleringen.
Wij moeten erop letten dat in die volzinnen maar twee ‘soorten’ kerken benoemd worden. Waar en vals. Meer smaken zijn er niet.

De Gereformeerd-vrijgemaakte dr. A.N. Hendriks kent meer onderscheidingen. Namelijk:
* de dwalende kerk
en
* de zieke kerk.
Uit het Reformatorisch Dagblad citeer ik: “Zolang het Woord en de sacramenten recht worden bediend, stelde Calvijn, is er sprake van een kerk van Christus. Een dwalende of zieke kerk is nog geen valse kerk. Wat een valse kerk is, zegt artikel 29 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. In de Afscheiding van 1834 en de Vrijmaking van 1944 verlieten mensen pas de kerk toen ze er niet meer welkom waren. Voor trouwe dienaren was geen plaats”[2].
“Een dwalende of zieke kerk is nog geen valse kerk”. Zo zegt dr. Hendriks dat.
Dwalen, dat is: op een verkeerde weg zijn. En ook: zonder doel rondlopen.
Ziek, dat is: lichamelijk of geestelijk niet in orde zijn.
Kennelijk redeneert dr. Hendriks als volgt: als de kerk op een verkeerde weg zit, kun je altijd terugkeren; en een zieke kerk kan nog beter worden.

Die onderscheidingen ‘dwalend’ en ‘ziek’ zijn door de jaren heen veel gebruikt. Men kan ze in preken en boeken nog vaak tegenkomen.
Maar hoe spreekt Gods Woord over de kerk?

In Johannes 16 zegt Jezus zelf: “Ze zullen u uit de ​synagoge​ werpen; ja, de tijd komt dat ieder die u doodt, denkt God een dienst te bewijzen”[3].
Er komt een tijd dat de mensen zeggen zullen: eruit met die Evangelieverkondigers! In die tijd wordt er niet meer rustig gediscussieerd. Dat zijn geen momenten waarop men aandacht vraagt voor allerlei nuanceringen.

Laten we elkaar wijzen op Handelingen 4. Daar wordt een bevel gegeven: “En na hen – dat zijn de apostelen – geroepen te hebben, gaven zij – dat zijn de Schriftgeleerden – hun het bevel helemaal niet meer te spreken of te onderwijzen in de Naam van Jezus”[4].
De leiders in Jeruzalem zeggen niet: doe het een beetje rustig aan met die Evangelieverkondiging. Ze zeggen eenvoudig: stop daarmee!

Laten wij elkaar meenemen naar 2 Timotheüs 4. Daar staat: “Want er zal een tijd komen dat zij de gezonde leer niet zullen verdragen, maar dat zij zullen zoeken wat het gehoor streelt, en voor zichzelf leraars zullen verzamelen overeenkomstig hun eigen begeerten. Ze zullen hun gehoor van de waarheid afkeren en zich keren tot verzinsels”[5].
Dat ziet er zwart-wit uit. Grijstinten zien wij niet.

In de tweede algemene brief van de apostel Johannes is genoteerd: “Ieder die overtreedt en niet blijft in de leer van ​Christus, die heeft God niet; wie in de leer van ​Christus​ blijft, die heeft zowel de Vader als de Zoon”[6].
Het is wel of niet. Het is alles of niets.

De hierboven geciteerde teksten zijn niet willekeurig gekozen. We vinden ze als Schriftbewijs in de Nederlandse Geloofsbelijdenis bij het begrip ‘valse kerk’.

We kunnen eigenlijk niet om de conclusie heen dat kwesties van ware en valse kerk zwart-wit zijn. Het is ja of nee. Het is nooit ‘misschien’. Of ‘een beetje’. Of ‘min of meer’.

Is het nu zo dat we bij de eerste de beste onschriftuurlijke beslissing de kerk moeten verlaten?
Nee, dat niet.
De vraag is: kan er in de kerk nog van gedachten gewisseld worden op basis van het Woord van God? Als dat niet meer het geval is, wordt het tijd om weg te wezen.

Zonder twijfel is dr. Hendriks een man die door zijn Heer met grote gaven gesierd is.
Maar de stellingen die hij in het Reformatorisch Dagblad inneemt zijn op z’n minst opmerkelijk.
En met de kwalificaties ‘dwalende kerk’ en ‘zieke kerk’ kan een rechtgeaard Gereformeerd mens meestentijds niet zoveel aanvangen.
Het is goed om elkaar op dit punt scherp te houden.

Noten:
[1] De citaten over de kerk komen uit: Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 29.
[2] “Verlaat de GKV niet te vlug”. In: Reformatorisch Dagblad, maandag 15 juli 2019, p. 2 en 3.
[3] Johannes 16:2.
[4] Handelingen 4:18.
[5] 2 Timotheüs 4:3 en 4.
[6] 2 Johannes, vers 9.

28 juni 2019

Ikonium is niet iconisch

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

“En het Woord van de Heere verbreidde zich door heel het land”.
Zo staat dat in Handelingen 13[1].
Wie dat in Nederland leest, lacht wellicht stilletjes en schamper. Dat mochten we willen!
Nee, dit soort teksten is meer iets voor zendingsgebieden. En voor voormalige zendingsgebieden – Kalimantan Barat of zo[2].

Handelingen 13 brengt ons naar Klein-Azië, naar het huidige Turkije.
Naar Ikonium, om precies te zijn.
Een bekende internetencyclopedie leert ons: “Konya (Grieks: Ικόνιο; Latijn: Iconium) is een stad in het zuidwestelijk deel van Midden-Turkije. De stad ligt op ongeveer 250 kilometer van de Middellandse Zee, op een hoogte van ongeveer 1000 meter boven zeeniveau. Het is de hoofdstad van de gelijknamige provincie Konya. De agglomeratie Konya bestaat uit de districten Karatay, Meram en Selçuklu en telde in 2009 1.003.373 inwoners (830.796 in 2000, waarvan 742.690 in de stad zelf). Met dit inwonertal is Konya de op zes na grootste stad van Turkije”[3].

En wat voor bezienswaardigheden zijn er in Konya?
Antwoord: moskeeën.
Toegegeven – u kunt er ook andere mooie dingen bekijken. Maar er zijn toch aardig wat islamitische gebedshuizen[4].

Daar wordt het niet bepaald makkelijker van.
Want waar is nu toch de christelijke kerk gebleven?
Is het werk van God ganselijk teniet gedaan?
In Jesaja 49 staat het zo mooi: “Het is te gering dat U voor Mij een Knecht zou zijn om op te richten de stammen van ​Jakob en om hen die van Israël gespaard werden, terug te brengen. Ik heb U ook gegeven tot een Licht voor de heidenvolken, om Mijn heil te zijn tot aan het einde der aarde”[5].
Maar in Konya – het vroegere Ikonium – zie je er niets meer van.

Trouwens – hoe is het in Nederland?
Nederland was eertijds een christelijke natie. En er zijn nog heel wat christenen in ons land. De eerlijkheid gebiedt echter te zeggen dat de secularisatie haar tienduizenden verslaat.
Hoe zit het eigenlijk met het werk van God?

Laten we niet vergeten dat de profeet Jesaja nog meer zegt. In hoofdstuk 55 namelijk: “Want zoals regen of sneeuw neerdaalt van de hemel en daarheen niet terugkeert, maar de aarde doorvochtigt en maakt dat zij voortbrengt en doet opkomen, zaad​ geeft aan de ​zaaier​ en brood aan de eter, zo zal Mijn woord zijn dat uit Mijn mond uitgaat: het zal niet vruchteloos tot Mij terugkeren, maar het zal doen wat Mij behaagt, en het zal voorspoedig zijn in hetgeen waartoe Ik het zend”[6].
Er zijn momenten waarop het werk van God geheel verdwenen lijkt. Maar Zijn werk is nooit helemaal zonder vrucht. Wij zien die vruchten niet altijd. Maar ze zijn er wel.

In ‘De Wachter Sions’, het kerkelijk orgaan van de Gereformeerde Gemeenten in Nederland, schreef C. van Rijswijk vorig jaar: “Van het oude Ikonium is niets meer over, zoals dat ook het geval is met de steden Antiochië en de andere plaatsen In Lycaónië: Lystre en Derbe. Al die plaatsen met hun inwoners zijn van de aardbodem verdwenen, maar zij die een nieuw hart mochten ontvangen, juichen voor Gods troon.
Maarten Luther heeft gezegd dat we de verkondiging van Gods Woord kunnen vergelijken met een voorbijtrekkende plasregen. Hij zegt: ‘Gebruik Gods Woord en Gods genade, nu ze aanwezig zijn. Want dit moet u weten: Gods Woord en genade is als een voorbijgaande plasregen, die niet wederkeert, waar hij eenmaal geweest is”[7].
In Ikonium zijn christenen geweest. Dat waren echte kinderen van God. Wij zullen hen later in de hemel tegenkomen. Nee, Gods werk is niet vruchteloos geweest. Het werk in Ikonium heeft zin gehad.
Die plasregen van Luther is ook in Ikonium naar beneden gekomen. En ja, dat vocht is allang weer opgedroogd. Verdampt, zo u wilt. Maar die regen heeft de aarde daar bevochtigd. Gods werk is daar niet voor niets geweest! Gods Woord en werk heeft namelijk altijd en eeuwig effect!

Nee, Ikonium is niet iconisch
Sterker nog: de kerken in Klein-Azië lijken geheel verdwenen te zijn. En wat is er voor in de plaats gekomen? Antwoord: de islam.
Dat stemt een rechtgeaard Gereformeerd mens tamelijk droevig.
Als gezegd wordt “het Woord van de Heere verbreidde zich door heel het land” duidt dat in Handelingen 13 uiteindelijk maar op een tijdelijke toestand.

Maar daarin zit toch ook een stimulans voor Gereformeerden in 2019. Want wij worden gestimuleerd om in onze tijd en op onze plaats trouw te blijven.
Laten wij elkaar wijzen op Openbaring 22: “Wie ​onrecht​ doet, laat hij nog meer ​onrecht​ doen. En wie vuil is, laat hij nog vuiler worden. En wie ​rechtvaardig​ is, laat hij nog meer gerechtvaardigd worden. En wie ​heilig​ is, laat hij nog meer ​geheiligd​ worden. En zie, Ik kom spoedig en Mijn loon is bij Mij om aan ieder te vergelden zoals zijn werk zal zijn. Ik ben de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde, de Eerste en de Laatste”[8].
Het moet blijken wie er werkelijk trouw is.
Het moet duidelijk worden wie er, ten langen leste ontrouw is.
En wat is de conclusie van dat hele verhaal? Deze: er is er Eén die trouw is. Namelijk de Alfa, en de Omega, het Begin en het Einde, de Eerste en de Laatste.
Zijn werk beperkt zich niet tot Ikonium. En ook niet tot Nederland. Hoor maar wat de Heiland in Mattheüs 28 zegt: “En zie, Ik ben met u al de dagen, tot de voleinding van de wereld. ​Amen”![9]

Noten:
[1] Handelingen 13:49.
[2] Deze tekst werd op dinsdagavond 25 juni 2019 door broeder H.D. Hoving genoemd tijdens een presentatie in een vergadering van de kerkenraad met diakenen en de gemeente van De Gereformeerde Kerk Groningen over het werk van de Sekolah Tinggi Theologia Reformed (STTR) in Sentagi, Bengkayang (Kalimantan Barat, Indonesië). Aan de presentatie werd ook meegewerkt door broeder W.J. Heeringa.
[3] Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Konya_(stad) ; geraadpleegd op woensdag 26 juni 2019.
[4] Zie hiervoor bijvoorbeeld https://www.tripadvisor.nl/Attractions-g298014-Activities-c47-Konya.html ; geraadpleegd op woensdag 26 juni 2019.
[5] Jesaja 49:6.
[6] Jesaja 55:11.
[7] C. van Rijswijk, “Vervolg van de eerste zendingsreis: Lystre en Derbe”. In: De Wachter Sions, donderdag 8 november 2018, p. 2 en 3.
[8] Openbaring 22:11, 12 en 13.
[9] Mattheüs 28:20.

19 juni 2019

De moeite waard

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

De kerk is de moeite waard. Waarom? Omdat Jezus Christus, de Heiland, Zijn kinderen bij Zich houdt.
En dat is nodig ook. Want als wij naar onze omgeving kijken gaan wij al heel snel twijfelen.
Zitten wij wel goed?
Houden wij er niet ongewild een tunnelvisie op na?

Zo’n vijftigduizend mensen gingen tijdens de Pinksterdagen naar de Pinksterconferentie van stichting Opwekking. Wat was er zo aantrekkelijk aan die conferentie? Antwoord: de kerkmuren waren even weg. ‘Hier zien we dat we niet alleen zijn’, zeiden de mensen opgewekt.
En misschien denken wij wel: ‘Die evangelische muziek is mijn stijl niet. Gereformeerd-zijn is mooi. Maar het is allemaal zo klein. Zo kneuterig. Die massaliteit is voor een poosje prachtig. Dan zie je tenminste dat God enorm veel kinderen heeft’.

Het zou, in dat kader, goed zijn als wij wat vaker aan de Rechabieten denken.
Hun geschiedenis staat in Jeremia 35.
Die Rechabieten zijn geheelonthouders. Lusten zij geen alcohol? Jawel.
Die Rechabieten gebruiken nooit wijn omdat hun voorvader Jonadab dat verboden heeft. En daar houden zij zich aan. Jeremia zet ze in opdracht van de Here in Gods huis wijn voor. Maar zelfs dan weigeren zij die heerlijke drank consequent.
De Rechabieten zeggen: “Wij hebben in ​tenten​ gewoond, en hebben geluisterd en gedaan overeenkomstig alles wat onze voorvader Jonadab ons geboden heeft. Maar het gebeurde, toen Nebukadrezar, de ​koning​ van ​Babel, naar dit land optrok, dat wij zeiden: Kom, laten wij ​Jeruzalem​ binnengaan, vanwege het ​leger​ van de ​Chaldeeën​ en vanwege het ​leger​ van de Syriërs. Daarom wonen wij nu in ​Jeruzalem”[1].
Dus: de Rechabieten wonen in Jeruzalem omdat het niet anders kan: Nebukadnezar zit voortdurend achter hen aan. Maar zij blijven bij hun principe: geen wijn, geen sterke drank.
De Rechabieten worden aan de Israëlieten ten voorbeeld gesteld. Het nageslacht van Rechab en Jonadab houdt zich keurig aan menselijke regels. En wat doen Israëlieten met Goddelijke regels en wetten? Die lappen ze ijskoud aan hun laars[2].
Goddelijke wetten en regels horen ook ons bij voor alles te gaan!
En: Gods Woord moet verkondigd worden. Duidelijk. Helder. Zonder allerlei dingen weg te laten, omdat dat in de gegeven omstandigheden beter uit komt.
De Bijbel is geen boek met eenzijdige accenten, zoals een doktersroman die als treinlectuur dienen kan!

Asaf gaat in Psalm 73 trouwens nog heel wat stappen verder. Hij bekijkt de zaak op macroniveau:
“Want zie, wie zich ver van U houden, zullen omkomen;
U verdelgt allen die als in ​hoererij​ U verlaten.
Maar wat mij betreft, het is voor mij goed dicht bij God te zijn.
Ik neem mijn toevlucht tot de Heere HEERE,
om al Uw werken te vertellen”[3].
Asaf spreekt over mensen die bij God weglopen. Die mensen kennen Hem nog wel, maar ze eten, om het zo uit te drukken, van twee walletjes. Of misschien zelfs van nog meer walletjes. Hier een beetje Godsdienst. Daar wat entertainment. En zo komt men van stap tot stap verder. Eigenlijk gaat het met de goddelozen prima.
Wat…?
Verdelging? Uitroeiing?
Dat klinkt als iemand die langs komt om het spel te bederven. Maar het staat er echt. Asaf heeft een brede blik. Hier op aarde lijkt het allemaal goed af te lopen. Maar de toekomst is of hemel of hel. Daar zouden alle wereldburgers zich bewust van moeten wezen.
Asaf leert ons dat christen-zijn nauw steekt.
U en ik zijn niet zomaar een béétje Gereformeerd. Wij nemen ons ernstig voor dat wij “niet slechts naar sommige, maar naar alle geboden van God beginnen te leven”[4]!

Laten wij nog even teruggaan naar die Pinksterconferentie van Opwekking.
Daar waren zo’n vijftigduizend mensen bij elkaar.
Maar daar waren ook veel mensen die eenzijdige accenten leggen. Op muziek. Op wonderen. Op blijdschap in het geloof. En op nog veel meer ándere dingen. Maar bij die eenzijdige accentuering gaat er iets heel erg fout. Want de Bijbel is geen doorsnee treinlectuur!
Er is nog iets.
De kerkmuren waren even weg. Zo werd de suggestie gewekt dat iedereen vrij en blij de kerk in en uit kan lopen. Niets is minder waar. Het is onzin. Gebeuzel. Want de kerk is een heilige vergadering. Die vergadering lijkt soms heel klein. Er zijn momenten dat u en ik denken: de kerk gaat geheel en al verdwijnen. Maar ’t is niet waar. Want de almachtige God heeft altijd onderdanen. Tot in eeuwigheid!

De kerk is de moeite waard.
Natuurlijk – soms denken u en ik dat de kerk enkel en alleen uit punt- en komma-types bestaat.
Natuurlijk – soms denken u en ik: laat die man of vrouw nu eindelijk eens ophouden om zich steeds met anderen te bemoeien; laat hij/zij maar eens goed naar zichzelf kijken…
Laten we in zulke situaties bedenken dat onze Here vreemde kostgangers heeft – mensen waarvan we ons afvragen: wat doen die hier nou?
Weet u nog wat Johannes zag, in Openbaring 7?
“Hierna zag ik en zie, een grote menigte, die niemand tellen kon, uit alle naties, ​stammen, volken en talen, stond vóór de troon en vóór het Lam, bekleed met witte gewaden en palmtakken in hun hand”[5].
Een ouderling merkt op: “Dezen zijn het die uit de grote verdrukking komen; en zij hebben hun gewaden gewassen en ze hebben hun gewaden wit gemaakt in het bloed van het Lam. Daarom zijn zij vóór de troon van God, en dienen Hem dag en nacht in Zijn ​tempel. En Hij Die op de troon zit, zal Zijn ​tent​ over hen uitspreiden. Zij zullen geen honger of dorst meer hebben, en geen zonnesteek of enige hitte zal hen treffen. Want het Lam, Dat in het midden van de troon is, zal hen weiden en zal hen geleiden naar de levende ​waterbronnen. En God zal alle tranen van hun ogen afwissen”[6].
In de hemel – daar komen al Gods kinderen bij elkaar. En let er maar op: dat zijn er meer dan vijftigduizend. Veel meer!

Noten:
[1] Jeremia 35:10 en 11.
[2] In het bovenstaande gebruikte ik onder meer mijn artikel “Jeremia leert ons om trouw te zijn”, hier gepubliceerd op 17 december 2015. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2015/12/17/jeremia-leert-trouw-te-zijn/ .
[3] Psalm 73:27 en 28.
[4] De formulering komt uit de Heidelbergse Catechismus – Zondag 44, antwoord 115.
[5] Openbaring 7:9.
[6] Openbaring 7:14-17.

12 juni 2019

Opgewekt

Tijdens de afgelopen Pinksterdagen werd te Biddinghuizen de pinksterconferentie Opwekking gehouden. Vijftigduizend mensen bezochten op Eerste Pinksterdag de sing-in.

In het Nederlands Dagblad van 11 juni 2019 staat er een groot verhaal over[1].

Het is mooi dat God aanbeden wordt. Stel je voor dat velen vloekend en tierend door de straten van Nederlandse steden lopen! Dat wil toch niemand? Dit is tenminste nog iets.

Toch wordt de schrijver van deze weblog niet bepaald gelukkiger van die grote conferentie.
Waarom niet?

Op één der internetpagina’s van Opwekking staat te lezen: “In de loop der jaren is deze gezinsconferentie uitgegroeid tot een ontmoetingsplaats waar duizenden christenen uit verschillende kerken en gemeenten met elkaar het pinksterfeest vieren”[2].
Eenmaal per jaar doorbreekt men alle kerkmuren. Dan is men gedurende een dag of wat één. Goed, er gebeurt wel eens iets wat je als bezoeker niet zint. Maar ach, een kniesoor die daarop let… Het voelt zo goed. Het zingt zo fijn. Heerlijk dat er even geen kerkelijke regeltjes zijn!
Lijkt dat alles niet bedrieglijk veel op namaak? Voelt het niet een beetje nep?
Want vandaag is alles weer gewoon. De kerk blijkt er nog te staan. Er zijn, bij wijze van spreken, geen vijftigduizend opzeggingen van kerklidmaatschappen.
Dat is, op de keper beschouwd, merkwaardig. Hoogst merkwaardig.

Over het thema van de Pinksterconferentie werd geschreven: “Tijdens de Pinksterconferentie willen we mensen bemoedigen en aansporen om dieper gaan – door en met de Heilige Geest. Alleen als we dieper gaan zullen we meer ontdekken van Gods koninkrijk en van het levensveranderende werk van de Heilige Geest. Dat besef geeft hoop, niet alleen voor de toekomst, maar ook voor ons leven nu.
De klemtoon ligt deze conferentie op ‘met’ de Heilige Geest. Hiervoor is gekozen omdat we zelf een aandeel hebben in het werk van de Heilige Geest. De Bijbel maakt duidelijk dat we stappen moeten zetten in het leven met God, niet eenmalig, maar ons leven lang. Het is elke dag opnieuw onze keuze om onszelf over te geven en toe te wijden aan Christus, en daar vloeien concrete besluiten en acties uit voort.
Als we vol van de Heilige Geest leven en samen met Hem dieper durven te gaan, zullen we door Hem geleid worden in alle aspecten van ons leven. Dan zullen we in staat zijn om licht te brengen, om smaak te geven”[3].
Ziet u dat?
* Wij moeten dieper gaan – maar: dieper dan wát, eigenlijk?
* Wij moeten stappen zetten in het leven met God – maar dat doen wij dan wel in de kerk die we tijdens de Pinksterdagen links hebben laten liggen. Want de Pinksterconferentie is na enkele dagen ten einde.
* “Het is”, zo stelt men bij Opwekking, “elke dag opnieuw onze keuze om onszelf over te geven en toe te wijden aan Christus”. Zeker, we moeten Gods Geest in ons laten werken[4]. Alleen maar – daar begint het niet. In de Dordtse Leerregels staat te lezen: “…om hen [dat zijn de uitverkorenen] door Christus te behouden, besloot God tegelijk deze uitverkorenen aan Hem te geven en met kracht tot de gemeenschap met Christus te roepen en te trekken door zijn Woord en Geest. Of met andere woorden: God besloot hun het geloof in Christus te schenken, hen te rechtvaardigen en te heiligen en hen, nadat zij in de gemeenschap van zijn Zoon met kracht bewaard zijn, uiteindelijk te verheerlijken”[5]. Alles begint met een Goddelijk besluit, met Goddelijke genade!

Het ND meldt: “Op zondagavond vindt het tweede kenmerkende hoogtepunt van Opwekking plaats: de avonddienst waarin het heilig avondmaal wordt gevierd en voorganger Martin Koornstra samen met de bezoekers bidt voor de genezing van zieken”.
En: “Het heilig avondmaal is een feest van eenheid, zegt Ruben Flach, directeur van Stichting Opwekking”.
Alleen maar – het betreft hier een nep-eenheid.
Derhalve is dit, wat schrijver dezes betreft, regelrechte ontheiliging van het Heilig Avondmaal.

Tenslotte nog dit.
Het was in 2010 dat schrijver dezes naar aanleiding van een pinksterconferentie van Opwekking noteerde: “Het lijkt er (…) op dat de filosofie van stichting Opwekking ongeveer als volgt is: wij moeten iets doen. En ook: als wij ons maar voldoende aan elkaar aanpassen, dan komt het met de christelijke kerk wel goed.
Echter: de Heilige Geest doet, als ik dat zo zeggen mag, Zijn best om ons aan te passen aan het beeld van God. (…) Dat is heel wat anders”.
En:
“Het is niet:
* samen staan we sterk; we doen ons best en nu gaan we met z’n allen naar de hemel
maar:
* de Heilige Geest is aan het werk; Hij maakt Zijn kinderen geschikt om bij God te wonen”[6].
Dat is in 2019 nog altijd waar.

Noten:
[1] “De wind en Geest waaien bij Opwekking”. In: Nederlands Dagblad, dinsdag 11 juni 2019, p. 2 en 3.
[2] Geciteerd van https://www.opwekking.nl/conferenties/pinksterconferentie/275-over-de-conferentie/511-pinksterconferentie-2017 ; geraadpleegd op dinsdag 11 juni 2019.
[3] Geciteerd van https://www.opwekking.nl/conferenties/pinksterconferentie/158-programma/1291-thema-pinksterconferentie-2019 ; geraadpleegd op dinsdag 11 juni 2019.
[4] Zie: Heidelbergse Catechismus; Zondag 38, antwoord 103.
[5] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 7.
[6] Dit citaat komt uit mijn artikel “Oecumenische opwinding”, dat gedateerd is op woensdag 26 mei 2010.

29 mei 2019

Onze troon staat klaar

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

Op Hemelvaartsdag verkondigt de kerk een magnifiek heilsfeit: met het heerlijke betoog van de Heiland zorgt Hij in de hemel voor de vrijspraak van Zijn kinderen![1]
In Romeinen 8 staat het zo: “Christus​ is het Die gestorven is, ja wat meer is, Die ook ​opgewekt​ is, Die ook aan de rechterhand van God is, Die ook voor ons pleit”[2].
Jezus Christus, de Zoon van God, heeft voor ons geleden. Dat belooft wat. Sterker nog: dat belooft alles! Paulus schrijft: “Hoe zal Hij, Die zelfs Zijn eigen Zoon niet gespaard maar voor ons allen overgegeven heeft, ons ook met Hem niet alle dingen schenken?”[3]
De Heiland voert het pleit voor ons. Nu krijgen we alles. Bill Gates – van Microsoft – en Jeff Bezos – van Amazon – zijn er niets bij!

Paulus schrijft aan mensen die geroepen zijn.
Dat blijkt al in Romeinen 1: “Door Hem hebben wij ​genade​ en het apostelschap ontvangen tot geloofsgehoorzaamheid onder alle heidenen, ter wille van Zijn Naam, waartoe ook u behoort, geroepenen van Jezus Christus[4].
En het komt ook in Romeinen 8 naar voren: “En wij weten dat voor hen die God ​liefhebben, alle dingen meewerken ten goede, voor hen namelijk die overeenkomstig Zijn voornemen geroepen zijn. Want hen die Hij van tevoren gekend heeft, heeft Hij er ook van tevoren toe bestemd om aan het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig te zijn, opdat Hij de ​Eerstgeborene​ zou zijn onder vele broeders. En hen die Hij er van tevoren toe bestemd heeft, die heeft Hij ook geroepen, en hen die Hij geroepen heeft, die heeft Hij ook gerechtvaardigd, en hen die Hij gerechtvaardigd heeft, die heeft Hij ook verheerlijkt”[5].

Gods kinderen zijn geroepen!
‘Kom maar hier’, zegt Vader. ‘Dan geef ik u alles wat u nodig hebt’.
Alles – dat is eerst en vooral: verzoening door voldoening.
Paulus omschrijft het in Romeinen 5 zo: “Veel meer dan zullen wij, nu wij gerechtvaardigd zijn door Zijn bloed, door Hem behouden worden van de toorn. Want als wij, toen wij vijanden waren, met God verzoend zijn door de dood van Zijn Zoon, hoeveel te meer zullen wij, nu wij verzoend zijn, behouden worden door Zijn leven”[6].
Of, om met de Nederlandse geloofsbelijdenis te spreken: “Wij vinden al onze troost in zijn wonden en behoeven geen enkel ander middel te zoeken of uit te denken om ons met God te verzoenen naast dit ene, eens voor altijd gebrachte offer, dat de gelovigen voor eeuwig tot volmaaktheid brengt”[7].
Hemelvaartsdag is een dag waarop wij mogen bedenken: het eeuwige leven komt er aan; wij betreden te Zijner tijd het Koningshuis van de hemelse Majesteit!
De kerk zit vol met kroonprinsen.
In de kerk lopen heel veel kroonprinsessen rond.
De kroonprins van Engeland, u weet wel – de inmiddels 70-jarige Charles, prins van Wales, wacht al lang op het moment dat hij koningin Elisabeth mag opvolgen. Wanneer zou zijn moment komen? Wel, zo’n vraag mogen we ons allemaal stellen: wanneer zou mijn moment komen? Op de Hemelvaartsdag mogen we het zeggen: dat moment komt met rasse schreden nader!

Vader schenkt zijn uitverkorenen alles.
Het is, in de actualiteit van vandaag, belangrijk om dat nog eens met nadruk vast te stellen.

De Gereformeerd-vrijgemaakte predikant C. van Dijk schreef onlangs in het blad Nader Bekeken over zijn verlangen naar kerkelijke ruilverkaveling. Het Nederlands Dagblad citeerde hem onder meer als volgt: “‘Herstelde kerk, dat klinkt als een prachtige belofte, meer dan als een feit.’ Toch kun je daar soms naar verlangen, biecht hij op. ‘Een kerk waar eensgezindheid heerst. Een puur en rustig luisteren naar de stem van de Herder van de kerk’. En: ‘Ik zou willen dat de Here eens in de kerkelijke verhoudingen in ons Nederland zou blazen en die zou herschikken. Een soort van kerkelijke ruilverkaveling’”[8].
In de kerk en op het kerkplein mogen en moeten we ons realiseren dat de God van hemel en aarde voor Zijn kinderen pleit. Ook als die kinderen niet meer weten hoe het kerkelijk precies moet.
En er is meer. Want kinderen van God moeten wel trouw zijn in de dienst aan God. Ja, dat betekent dat er soms moeilijke keuzes gemaakt moeten worden. Maar wie denkt aan die trouwe Pleiter in de hemel, beseft eens te meer dat die moeilijke keuzes met het oog op de toekomst zeer de moeite waard zijn!

Als we in Europa rondkijken zien we een diepe verdeeldheid. Naar aanleiding van de Europese verkiezingen schreef het Nederlands Dagblad: “De rode draad in de Europese verkiezingen is het verlies voor de middenpartijen in nagenoeg alle 28 EU-lidstaten en de daarbij behorende versplintering”[9].
Verdeeldheid dus. De mensen bovendien extremer. Zij hangen niet meer in het politieke midden rond. Zij zijn nadrukkelijk links. Zij zijn misschien heel erg rechts. Echter – aan welke kant men zich ook bevindt, men wordt ijverig en fanatiek. Men ergert zich aan de slapte van veel politici.
Welnu – de Heiland zit niet in het midden. Hij zit niet links. En ook niet rechts. Hij zit er boven.
Jezus Christus heeft geen beloften gedaan die hij niet waarmaakt. Hij schenkt Zijn kinderen alles wat voor hun heil nodig is!

Hemelvaartsdag – dat is de dag waarop de Heiland Zijn troon in de hemel bestijgt.
En dat is pas het begin.
Uiteindelijk komen al Zijn kinderen om Hem heen zitten. Wij leren het in 2 Timotheüs 2: “Als wij volharden, zullen wij ook met Hem regeren”[10].

Hemelvaartsdag – dat is de dag waarop wij uitzien naar onze hemelse zetel bij de Heiland.
Om het met de Dordtse Leerregels te zeggen: “De gelovigen kunnen voor zichzelf zeker zijn van deze bewaring der uitverkorenen tot behoud en van de volharding der ware gelovigen in het geloof. En zij hebben die zekerheid ook, naarmate zij vast geloven dat zij ware, levende leden van de kerk zijn en altijd zullen blijven, en dat zij vergeving van de zonden en een eeuwig leven hebben”[11].

Hemelvaartsdag maakt Gods kinderen zeker van hun zaak.
Preciezer: Hemelvaartsdag maakt Gods kinderen zeker van hun geloofszaak!

Noten:
[1] Dit artikel is geschreven met het oog op Hemelvaartsdag – donderdag 30 mei 2019.
[2] Romeinen 8:34 b.
[3] Romeinen 8:32.
[4] Romeinen 1:5 en 6.
[5] Romeinen 8:28, 29 en 30.
[6] Romeinen 5:9 en 10.
[7] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 21.
[8] ‘Dromen van kerkelijke ruilverkaveling’. Paragraaf in rubriek Blogs en bladen. In: Nederlands Dagblad, maandag 27 mei 2019, p. 7.
[9] “De Groenen winnen en stellen eisen”. In: Nederlands Dagblad, maandag 27 mei 2019, p. 1.
[10] 2 Timotheüs 2:12 a.
[11] Dordtse Leerregels, hoofdstuk V, artikel 9.

28 mei 2019

Kerk en kerkverband genegeerd

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Er komt een nieuw verbond. Van achtendertig kerken protestantse kerken in Nederland namelijk. Zij vinden elkaar in Jezus Christus.

Het Nederlands Dagblad meldt: “De ondertekening van de ‘Verklaring van Verbondenheid’ gebeurt woensdag tijdens de slotzitting van de Nationale Synode in de Grote Kerk in Dordrecht.
Tot de kerken die tekenen behoren de Protestantse Kerk in Nederland, de drie kleinere gereformeerde kerken en verder baptisten, evangelische en pinksterkerken, remonstranten en migrantenkerken. Grote afwezigen vormen reformatorische kerken, zoals de Gereformeerde Gemeenten en de Hersteld Hervormde Kerk. Binnen het verbond beloven de 38 kerken en geloofsgemeenschappen elkaar de komende vijf jaar te erkennen en te helpen, van elkaar te leren en samen te getuigen naar de samenleving”.
En:
“Christenen die er woensdag in Dor­drecht bij zijn, mogen op persoonlijke titel de Verklaring van Verbondenheid ondertekenen, in een apart register. Op die manier verwacht de stuurgroep persoonlijke steun uit kerken die officieel niet meedoen”[1].

Dat klinkt prachtig.
Niettemin is het niet allemaal rozengeur en maneschijn.
Want: “…aan de institutionele vorming van één protestantse koepelkerk zijn de meeste kerken nog echt niet toe”.
En:
“Het moet niet alleen gaan over persoonlijk geloof, maar ook over de bereidheid om je eigen kerkelijke traditie te willen opgeven”.
En dat ligt niet zo makkelijk. De Gereformeerd-vrijgemaakte dominee T. Dijkema zegt: “‘De weidse perspectieven en mooie dromen over één kerk, dat is op dit moment niet realistisch. Al vind ik wel dat je die droom moet hebben. Als we elkaar de komende vijf jaar geregeld ontmoeten en aan de basis het geloofsgesprek voeren, vind ik dat al heel wat’.”[2].

In een samenleving die bijkans geheel geseculariseerd is, mogen we blij zijn dat de naam van Jezus Christus nog beleden wordt.

Maar moeten wij juichend achter de dranghekken staan?
De apostel Paulus schrijft aan de christenen in Corinthe: “Maar ik roep u ertoe op, broeders, door de Naam van onze Heere Jezus Christus, dat u allen eensgezind bent in uw spreken, en dat er onder u geen scheuringen zijn, maar dat u hecht aaneengesmeed bent, één van denken en één van gevoelen”[3].
En aan Gods kinderen in Philippi schrijft hij: “…maak dan mijn blijdschap volkomen, doordat u eensgezind bent, dezelfde liefde hebt, één van ziel bent en één van gevoelen”[4].
Dat noteert de apostel in brieven aan mensen die, respectievelijk in Corinthe en in Philippi, in één kerk zitten!
Het is wel erg makkelijk om daar overheen te lezen.

Die achtendertig kerkgenootschappen zeggen: “onze eenheid gaat boven organisatorische of institutionele eenheid uit. Tegelijk roept deze eenheid in Christus ons op om zo veel mogelijk concreet onze verbondenheid vorm te geven”.
Dat kunnen we lezen als: we zitten niet in één kerk, maar eigenlijk moet dat wel. Men zegt: we zitten in een proces, dat komt allemaal wel goed.
Wat schrijver dezes betreft klinkt dat niet erg overtuigend.

Kerkelijk samenleven – dat kan men karakteriseren als ‘saamhorigheid’.
De Gereformeerd-vrijgemaakte hoogleraar J. Kamphuis (1921-2011) schreef in verband daarmee eens: “Nu heeft het werkwoord ‘horen’, dat in het zelfstandig naamwoord ‘saamhorigheid’ zit de betekenis van: be-horen. Maar het bij elkaar be-horen, de saamhorigheid, moet nu ook uitkomen in het feit, dat de kerken sámen willen horen en sámen willen gehoorzaam zijn, zoals het daar ook op gegrond is. Iedere gemeente, één voor één, moet willen horen naar evangelische vertroosting en vermaan, maar omdat we allen samen door één Woord geroepen zijn, moet aan het samen horen ons ook veel gelegen zijn, opdat de saamhorigheid geen farce, geen lege vertoning zal worden.
Daarom zien wij bij de apostel Paulus, dat hij juist tegenover de kerk van Korinthe, die de saamhorigheid in een valse vrijheidswaan zo gauw vergat, aparte nadruk op de noodzaak van het samen horen legt en daarvan zelfs een drangreden maakt om de gemeente aldaar haar vrijheid te doen beleven in heuse gemeenschap met de zusterkerken”[5].

Niet voor niets schrijft Paulus in 1 Corinthiërs 4: “Ik roep u er dus toe op: word mijn navolgers. Daarom heb ik Timotheüs naar u toe gestuurd, die mijn geliefde en trouwe zoon is in de Heere. Hij zal u in herinnering brengen mijn wegen, die in ​Christus​ zijn, zoals ik overal in elke gemeente onderwijs[6].
Een paar hoofdstukken verder, in hoofdstuk 7, schrijft hij: “Maar zoals God aan ieder heeft toebedeeld, zoals de Heere ieder geroepen heeft, zó moet hij wandelen. En zo schrijf ik het in alle gemeenten voor[7].
En in hoofdstuk 14 zet de Godsgezant de zaak echt op scherp: “Of is het Woord van God van ú uitgegaan? Of heeft het alleen ú bereikt?[8].
Vanaf het begin van de Nieuwtestamentische kerk doet het kerkverband er wel degelijk toe!

Achtendertig kerken protestantse kerken in Nederland sluiten een verdrag. Zij zijn verdragzaam, pardon: verdraagzaam. Oftewel: over de bandbreedte doen zij niet kinderachtig.
Even zo goed schrijft Paulus in 1 Corinthiërs 11: “Want er moeten ook afwijkingen in de leer onder u zijn, opdat wie beproefd blijken te zijn, in uw midden openbaar komen”[9].
Het kerkverbond wordt prominent op het schouwtoneel gezet; het kerkverband wordt zachtkens in de vrieskist gelegd.
Afwijkingen in de leer worden in het protestantse verbond weggemoffeld.
Van Paulus leren we: dat is nadrukkelijk niet de bedoeling!

Achtendertig genootschappen die zich als kerk presenteren gaan samenwerken en samen getuigen. Samen voelen zij zich sterk.
Maar wij kunnen niet zondermeer zeggen dat dit alles tot eer van de Heer in de hemel is. Zeker niet.

Noten:
[1] Protestants ‘verbond’ voor eenheid van 38 kerken”. In: Nederlands Dagblad, zaterdag 25 mei 2019, p. 1.
[2] “Tien jaar Nationale Synode: zoeken naar tastbare eenheid”. In: Nederlands Dagblad, zaterdag 25 mei 2019, p. 6 en 7.
[3] 1 Corinthiërs 1:10.
[4] Philippenzen 2:2.
[5] Geciteerd uit: J. Kamphuis, “Verkenningen III: Opstellen over Kerk en Kerkrecht”. – Goes: Oosterbaan & Le Cointre, 1966. – p. 123 en 124.
[6] 1 Corinthiërs 4:16 en 17.
[7] 1 Corinthiërs 7:17.
[8] 1 Corinthiërs 14:36.
[9] 1 Corinthiërs 11:19.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.