gereformeerd leven in nederland

3 september 2019

Onze Here is Koning

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Het wordt overal op aarde erkend: de God van hemel en aarde is Koning! Van de afgoden ziet niemand iets meer. Men komt ze nergens meer tegen. Ze hebben voor niemand betekenis meer. Zij zijn nu voor iedereen van nul en generlei waarde!
Die conclusie kan men trekken uit profetische woorden van Zacharia. De betreffende profetie staat opgetekend in Zacharia 14. Zacharia zegt: “De HEERE zal ​Koning​ worden over heel de aarde. Op die dag zal de HEERE de Enige zijn en Zijn Naam de enige”[1].

Zacharia doet zijn profetenwerk in de jaren 520 tot 518 voor Christus[2].
Hij zegt: God is de enige echte Koning. Zacharia blijkt daarin geen eenling te wezen. In feite zegt hij hetzelfde wat Jesaja in vroeger eeuwen reeds proclameerde. Leest u maar mee in Jesaja 45: “Ik ben de HEERE, en niemand anders, buiten Mij is er geen God. Ik zal u omgorden, hoewel u Mij niet kende, opdat men zal weten, vanwaar de zon opkomt tot waar hij ondergaat, dat er buiten Mij niets is. Ik ben de HEERE, en niemand anders”[3].
Tussen 750 en 700 voor Christus klinkt de boodschap al: de enige echte Machthebber in de hemel en op de aarde is God![4]
Door de eeuwen heen wordt het beleden: onze God is uniek!

Het tweede deel van de profetieën van Jesaja – vanaf hoofdstuk 40 – omvat een drietal boodschappen van de Here:
* Babel zal ten onder gaan
* de Knecht van de Here, Jezus Christus zal komen
* Israël zal worden hersteld. De kracht van Gods volk keert terug. De kerk zal triomferen!

De tijd van Jesaja is die van de ballingschap. De kerk stelt niets voor. Echte dienst aan God is een zeldzaamheid geworden.
Assyrië is de overheersende macht in het oude Nabije Oosten. De Assyriërs trekken door de wereld – agressief, bijna dictatoriaal; Assyrië bepaalt de gang van zaken.
Jesaja verkondigt:
* mensen, vertrouw op God
* mensen, kijk verder dan de ellende; de kerk blijft bestaan, daar zorgt God Zelf voor!
Dat is een belangrijke boodschap, ook voor de kerk van 2019.

In Jesaja’s tijd lijkt de kerk aan de zijlijn te staan.
De tijd van de ballingschap gaat uiteindelijk voorbij, jazeker. Maar de politieke en economische situatie daarná is nogal wankel. Bovendien ligt de tempel te Jeruzalem in puin.
’t Is allemaal weinig opwekkend.
In 2019 lijken de omstandigheden niet echt beter. De kerk is klein. Hier een clubje, daar een groepje. Kerkmensen zijn, in het algemeen gesproken, allesbehalve invloedrijk. Wat stellen zij nog voor?
Alle eeuwen dóór lijkt de kerk klein. Onbetekenend. Onbeduidend. En net als je denkt dat de kerk wat voor gaat stellen, komt zij weer in een situatie van onderwerping en verdrukking.
Maar juist die omstandigheden dringen ons tot geloof. De Hebreeënschrijver leert ons: “Het geloof nu is een vaste grond van de dingen die men hoopt, en een bewijs van de zaken die men niet ziet”[5].

Is het, in dat verband, niet zeer opmerkelijk dat God soms mensen uit de wereld in dienst neemt teneinde de kerk nieuwe mogelijkheden te geven?
In Jesaja 45 neemt de Here koning Kores – de hoogste man in Perzië – bij de hand. God grijpt Kores vast: ‘Kom maar mee…’. De Here loopt, om zo te zeggen, samen op met Kores. Het is God die er ten langen leste voor zorgt dat koningen hun oorlogstuig opbergen. Het is God die ervoor zorgt dat geblokkeerde wegen weer vrij gemaakt worden. En ja – Kores zal er achter komen dat de God van hemel en aarde hem inschakelt bij Zijn werk. Ja – Kores zal gaan begrijpen dat Hij behoort tot het geavanceerde instrumentarium van de hemelse God.
En waarom?
Omdat Israël, het door God uitgekozen volk, uit de ballingschap moet worden gehaald. Omdat God de straf van de ballingschap Hoogstpersoonlijk wil beëindigen. En dat regelt Hij niet via een achterdeurtje. Welnee. Integendeel. Heel de wereld mag en moet het weten dat God ingrijpt. Alle heersers en overheersers moeten zich gezamenlijk terdege realiseren: de God van de kosmos staat boven ons!

Hoe moeten wij naar nieuwsfeiten kijken? Hoe dienen we de wereldgeschiedenis te bezien?
Antwoord: wij moeten proberen te ontdekken hoe het met de kerk gaat.
Nee, het is lang niet makkelijk om door de bergen informatie van nieuws en entertainment heen te kijken.
Maar wie – door de eeuwen heen – de kerk en haar geschiedenis in de gaten houdt, komt te weten wat de werkelijke zin van het leven is.

Noten:
[1] Zacharia 14:9. Naar aanleiding van deze woorden schreef ik mijn artikel ‘Wij weten waar het naar toe gaat’, hier gepubliceerd op maandag 2 september 2019. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2019/09/02/wij-weten-waar-het-naar-toe-gaat/ .
[2] Zie voor de datering https://nl.wikipedia.org/wiki/Zacharia_(profeet) ; geraadpleegd op dinsdag 27 augustus 2019.
[3] Jesaja 45:5 en 6.
[4] Zie voor de datering https://nl.wikipedia.org/wiki/Jesaja_(profeet) ; geraadpleegd op dinsdag 27 augustus 2019.
[5] Hebreeën 11:1.

26 april 2018

De Eerste en de Laatste

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

“Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde”. Het zijn bekende woorden uit Openbaring 21[1].

Woorden van gelijke strekking komen wel vaker in de Bijbel voor.
Bijvoorbeeld in Jesaja 41: “Wie heeft dit bewerkt en gedaan? Hij Die de generaties riep vanaf het begin! Ik, de HEERE, Die de Eerste ben, en bij de laatsten ben Ik Dezelfde”[2].
Die woorden uit Openbaring 21 zijn, om zo te zeggen, niet origineel.

Jesaja was een profeet in Israël. Hij leefde en werkte in de achtste eeuw voor Christus. Hij werd zo rond 740 voor Christus tot zijn ambt geroepen[3].

In Jesaja 41 roept de Here, bij monde van Zijn woordvoerder Jesaja, de volken op om eens indringend gesprek met Hem te voeren. Een twistgesprek, eigenlijk. Een fel debat.

De Here wijst op Kores. Dat is de Bijbelse naam voor koning Cyrus II de Grote. Hij is de stichter van het Perzische Rijk[4]. Hij verovert Medië, Lydië, Babylon…: dat zijn, als ik het goed weet, gebieden in het huidige Azië.
Op de zogenaamde Cyruscilinder, een cilinder van klei maakt koning Kores/Cyrus II reclame voor zichzelf: “Ik ben Cyrus, koning van de wereld, de grote koning, de machtige koning, de koning van Babylon, de koning van de vier werelduiteinden. […] Van Babylon tot Aëëur en Sousa, van Akkad, Eënunna, Zamban, Me Turnu en Der tot aan gebied van het land Gutium, heilige steden aan de overzijde van de Tigris, die daar van oudsher opgegeven waren – de goden die er wonen deed ik naar hun plaats terugkeren en een eeuwige woonplaats vestigde ik voor hen”[5]. En zo gaat dat nog wat verder.
Dat klinkt allemaal heel stoer.
Sterk.
Dominant.
Maar waar heeft die koning Kores zijn kracht eigenlijk vandaan? Hoe komt het dat hij zoveel overwinningen boekt? Niemand kan hem aanpakken. Hij gaat Zijn gang en lijdt weinig schade. Hoe kan dat toch?

Het antwoord op die vraag is is hierboven al geciteerd.
Het is de Here die Kores zoveel macht geeft.
Hij roept de generaties.
In welke tijd je ook leeft, altijd heb je met God te maken. Hij was er bij het eerste begin, toen Adam werd geschapen. Hij zal er nog zijn als de laatste minuut van deze wereld is aangebroken. Dat is het moment dat de God van hemel en aarde de wereld totaal vernieuwt. Het wordt een nieuwe wereld waarop alleen maar gerechtigheid woont.

Jesaja 41 draait de profeet er niet omheen: in feite werden de volken bang voor de macht van de Here. Ze bibberden van vrees. Ze kwamen maar heel langzaam dichterbij bij God. Ze durfden amper te lopen. Met trillende stemmen zeiden ze tegen elkaar: hou vol[6]!

Dit alles ziet er weinig hoopgevend uit. Waar gaat het heen met de wereld als de machtige God Zijn toorn de vrije loop laat? Dan valt iedereen om. Dan is het einde nabij!

Maar in Jesaja 41 staat meer.
De kerk hoeft namelijk niet bang te zijn. Want wat zegt de Here?
“Maar u, Israël, Mijn dienaar, u, ​Jakob, die Ik heb ​verkozen, het nageslacht van ​Abraham, die Mij liefhad, u, die Ik gegrepen heb van de einden der aarde, geroepen uit haar uithoeken, en tegen wie Ik zei: U bent Mijn dienaar, Ik heb u ​verkozen, Ik heb u niet verworpen. Wees niet bevreesd, want Ik ben met u, wees niet verschrikt, want Ik ben uw God. Ik sterk u, ook help Ik u, ook ondersteun Ik u met Mijn rechterhand, die ​gerechtigheid​ werkt”[7].

In Jesaja 41 wordt gezegd: “Ik, de HEERE, Die de Eerste ben, en bij de laatsten ben Ik Dezelfde”.
Daar zit dreiging in die woorden. Mensen die zichzelf willen redden komen bedrogen uit. Het bestaan van mensen die zonder God leven wordt uiteindelijk niet veel meer dan een puinhoop.
Maar er zit ook troost in die zin. De Here brengt alle gelovigen uiteindelijk bij elkaar. Hij grijpt ze vast, waar zij ook wonen en werken. Of het nu in Groningen is, of in Heerlen, in Canada of Suriname. Hij zegt:
* u heb ik niet afgewezen
* u heb ik niet afgekeurd
* u heb ik niet afgedankt.
Gods volk kan altijd en overal op Zijn bijstand rekenen!

Dat geldt in alle tijden.
Ook in 2018.

Vandaag staan de woorden in de Bijbel.
Ook in onze tijd staan de goddelozen en de mensen die met God leven tegen over elkaar.
En kinderen van God mogen het tegen elkaar zeggen: laten we ons maar groeperen rond het Woord van onze God!
Dat is, om het zo maar uit te drukken, een oproep die voortdurend door de wereld galmt.

Zijn kinderen van God vandaag de dag dan nooit bang?
Zeker wel.
Misschien denken zij wel terug aan moeilijke periodes in hun verleden. Misschien denken zij achteraf: had ik maar dit of dat gedaan. Of: had ik indertijd maar duidelijker gezegd dat dit of dat had moeten gebeuren.
U kent dergelijke situaties vast wel. Dergelijke vragen zijn er bij ouderen. Maar heel vaak óók bij jongeren. Want de wereld is hard. Daar word je zomaar afgepoeierd.
Kinderen van God mogen het echter tegen elkaar zeggen: de Here is erbij!
Gelovigen mogen het tegen elkaar zeggen: de machtigste Man van heel de kosmos neemt ons in bescherming!
Zij mogen elkaar geruststellen: ons kan niets gebeuren!

Onze God was er.
Hij is er nog steeds.
Hij zal er altijd zijn.
Koning Kores – oftewel Cyrus II de Grote – is inmiddels reeds lang overleden. Zijn macht is gebroken.
Maar de troostvolle autoriteit van de God van hemel en aarde blijft altijd bestaan.
Dat geeft rust in een wereld die soms dol lijkt te draaien.

Noten:
[1] Openbaring 21:6.
[2] Jesaja 41:4.
[3] Zie http://christipedia.nl/Artikelen/J/Jesaja ; geraadpleegd op woensdag 18 april 2018.
[4] Zie over hem http://christipedia.nl/Artikelen/C/Cyrus_II_de_Grote ; geraadpleegd op woensdag 18 april 2018.
[5] Geciteerd van https://historiek.net/cyrus-de-grote-stichter-perzische-rijk/2817/ ; geraadpleegd op woensdag 18 april 2018.
[6] Het staat in Jesaja 41:5 en 6 zo: “De kustlanden zagen het en werden bevreesd, de einden der aarde beefden; ze kwamen naderbij en traden toe. De een hielp de ander, tegen zijn broeder zei hij: Wees sterk!”.
[7] Jesaja 41:8, 9 en 10.

11 september 2015

Niets bij toeval

In de kerk wordt het geloof, als het goed is, overgedragen door vorige generaties. Wij kijken naar hen. Hoe leven zij? Stralen zij uit dat zij vertrouwen hebben in de toekomst?

In de kerk leren wij wat een christelijke stijl van leven is.
Maar geleidelijk valt de vorige generatie weg. De krachten van vaders, moeders, ooms en tantes nemen af. Zij worden oud. Bejaard. Onontkoombaar nadert het moment van hun sterven. Er komen dagen waarop wij aan een graf staan.

Zo gaat het in mensenlevens. Leiders vallen weg. Wij gaan zelf verantwoordelijkheid dragen.
En misschien vragen wij ons af: was het vroeger ook zo moeilijk om wijze beslissingen te nemen?

Graag neem ik, in verband met het bovenstaande, vandaag een oude krant ter hand.
Het is een editie van het Nederlands Dagblad.

Wij gaan terug in de tijd.
Het is zaterdag 29 maart 1969.

Onder de kop ‘Een vaste burcht’ staat op pagina 1 van het ND: “Herhaaldelijk verschenen deze week berichten in de pers omtrent de toestand van Eisenhower, die nu al vele maanden in het Walter Reed-hospital wordt verpleegd. Uit de communiqués van de hem verplegende artsen viel af te leiden dat de generaal en ex-president stervende is. Het is mogelijk dat het einde al is gekomen, wanneer de lezer deze regels onder de ogen krijgt. Het kan ook zijn dat het sterke gestel van Eisenhower de zich telkens herhalende hartaanvallen nog enige tijd weerstaat, maar lang zal dat vermoedelijk toch niet zijn.
De grote mannen uit de tijd van de Tweede Wereldoorlog vallen weg. Churchill stierf op 24 januari 1965. President Roosevelt heeft zelfs het einde van de bloedige worsteling niet meer mogen beleven. Hij bezweek op 12 april 1945.
Een nieuw geslacht is inmiddels opgestaan, dat de verschrikkingen van de grote oorlog en de ontzaglijke vreugde van de bevrijding in 1945 niet meer uit eigen ervaringen kent. De dingen van toen beginnen alweer te vervagen. Dat is een onvermijdelijk proces, dat zelfs door onderwijs en lectuur, hoezeer deze nuttig kunnen zijn, niet is tegen te gaan”[1].

Zo gaat het in mensenlevens. Leiders vallen weg. Wij moeten zelf verantwoordelijkheid dragen.
Dat is natuurlijk geen probleem van vandaag of gisteren.
Alleen daarom al mogen wij best naar het verleden kijken. In Gods Woord gebeurt dat ook.
Maar als wij naar het verleden kijken, zien wij vooral kerkgeschiedenis. Wij ontdekken, als het goed is, hoe de Here aan het werk is.
Ik wijs u op Jesaja 8: “Doch er zal geen donkerheid wezen voor het land dat in benauwdheid was. Zoals Hij in het verleden smaad bracht over het land van Zebulon en over het land van Naftali, zo brengt Hij in de toekomst eer over de weg der zee, de overzijde van de Jordaan, de landstreek der heidenen”[2].
En op Jesaja 25: “O Here, Gij zijt mijn God, U zal ik verheffen, uw naam loven, want Gij hebt wonderen gedaan, raadsbesluiten uit een ver verleden in waarheid en trouw volvoerd”[3]. De Here geeft troost aan verdrukten. En de verlossing heeft een schier onvoorstelbare reikwijdte!
En op Jesaja 43: “Alle volken zijn samen vergaderd en de natiën hebben zich verzameld. Wie onder hen kondigt dit aan en doet ons het verleden horen? Laten zij hun getuigen voorbrengen, opdat zij in het gelijk gesteld mogen worden en men het hore en zegge: Het is waarheid. Gij zijt, luidt het woord des Heren, mijn getuigen, en mijn knecht, die Ik verkoren heb, opdat gij het weet en in Mij gelooft en inziet, dat Ik dezelfde ben; vóór Mij is er geen God geformeerd en na Mij zal er geen zijn. Ik, Ik ben de Here, en buiten Mij is er geen Verlosser”[4].

Er wordt onder historici en wijsgeren nog wel eens gediscussieerd over de vraag: zijn het de machthebbers die de geschiedenis maken, of wordt de historie vorm gegeven onder invloed van omstandigheden en wetmatigheden?
De scribent in het ND noteerde: “…bovenal: zowel de grote mannen en leidersfiguren als de omstandigheden, de ideeën en drijvende machten in de wereld worden door God in het aanschijn geroepen. Hij maakt de geschiedenis”.

Daarbij krijgen mensen soms veel verantwoordelijkheid.
Mensen als Maarten Luther en Johannes Calvijn hebben belangrijk werk gedaan als het gaat over de reformatie van de kerk.
Prins Willem van Oranje – u weet wel: de vader des vaderlands – pleitte in zijn befaamde oudejaarsrede op 31 december 1564 voor godsdienstvrijheid: “Ik kan niet goedkeuren dat vorsten over het geweten van hun onderdanen willen heersen en hun de vrijheid van geloof en godsdienst ontnemen”[5]. En wij begrijpen allemaal dat het van eminent belang is dat een machthebber de godsdienstvrijheid in zijn regeergebied metterdaad bevordert!
Onze God leidt mensen door de wereld, om hen de door Hem opgedragen taak te laten verrichten.
Nee, dat is niet overdreven. En het is ook geen nieuws. Het gebeurt in de Bijbel ook al.
Leest u Jesaja 45 maar: “Zo zegt de Here tot zijn gezalfde, tot Kores, wiens rechterhand Ik gevat heb om volken vóór hem neer te werpen: de lendenen van koningen ontgord Ik; om deuren vóór hem te openen, geen poorten blijven gesloten. Ik zelf zal vóór u uitgaan en de oneffenheden effenen; koperen deuren zal Ik verbreken en ijzeren grendels verbrijzelen. En Ik zal u geven de schatten der duisternis en de rijkdommen der verborgen plaatsen, opdat gij weet, dat Ik, de Here, het ben, die u bij uw naam riep, de God van Israël. Ter wille van mijn knecht Jakob en van Israël, mijn uitverkorene, riep Ik u bij uw naam, gaf u een erenaam, hoewel gij Mij niet kendet”[6].
De God van het verbond pakt de hand van een wereldse koning vast om Zijn kerk vooruit te helpen.

Als wij naar onze eigen tijd kijken, hoeven wij ons niet zozeer bezig te houden met de zielenroerselen van koning Willem-Alexander, minister-president Rutte of – om nog maar eens iemand te noemen – de heer Aboutaleb, burgervader van Rotterdam.
Wij moeten ons realiseren dat de Here bezig is om Zijn plan uit te voeren. Ja, ook in Nederland.

Kent u nog die woorden uit Openbaring 12: “En de aarde kwam de vrouw te hulp”[7]?
Met die Schriftwoorden voor ogen gaan we nog even terug naar zaterdag 29 maart 1969.

Op de voorpagina van de hierboven geciteerde editie van het Nederlands Dagblad worden die woorden uit Openbaring 12 ook aangehaald. En de scribent noteert erbij: “Grote, gevaarlijke wereldmachten worden vernietigd door coalities van andere mogendheden, waardoor Gods verdrukte Kerk weer ruimte krijgt”.
Ziet u Wie in al die dynamiek de regie heeft?

Laat ik de slotalinea van dit artikel formuleren met woorden uit de Nederlandse Geloofsbelijdenis.
Wij mogen er vast van overtuigd zijn dat onze Here Zijn werk getrouw en rechtvaardig doet.
In dat geloof belijden wij “…dat ons niets bij toeval kan gebeuren, maar dat alles ons alleen overkomt door de beschikking van onze goedertieren hemelse Vader. Hij waakt over ons met een vaderlijke zorg, terwijl Hij zó over alle schepselen heerst, dat niet één haar van ons hoofd — want die zijn alle geteld — en niet één musje ter aarde zal vallen zonder de wil van onze Vader (…). Hierop stellen wij ons vertrouwen, omdat wij weten dat Hij de duivelen en al onze vijanden in toom houdt en zij ons zonder zijn toelating en wil niet kunnen schaden”[8].

Noten:
[1] “Een vaste burcht” – commentaar in: Nederlands Dagblad, zaterdag 29 maart 1969, p. 1. Ook te vinden op www.delpher.nl . Geraadpleegd op vrijdag 21 augustus 2015. Ook in het onderstaande gebruik ik dat commentaar.
[2] Jesaja 8:23.
[3] Jesaja 25:1.
[4] Jesaja 43:9, 10 en 11.
[5] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Willem_van_Oranje . Geraadpleegd op vrijdag 21 augustus 2015.
[6] Jesaja 45:1-4.
[7] Openbaring 12:16 b.
[8] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 13.

10 mei 2012

De Here staat nooit aan de zijlijn

De Here heeft de macht in heel de wereld. Ook búiten de kerk laat Hij Zijn invloed gelden.

Die conclusie mogen wij, denk ik, trekken als we Ezra 1 lezen. Ik citeer: “Zo zegt Kores, de koning van Perzië: alle koninkrijken der aarde heeft de HERE, de God des hemels, mij gegeven en Hij heeft mij opgedragen Hem een huis te bouwen in Jeruzalem, in Juda. Wie nu onder u tot enig deel van zijn volk behoort – zijn God zij met hem, hij trekke op naar Jeruzalem, in Juda, en bouwe het huis van de HERE, de God van Israël, dat is de God, die in Jeruzalem woont”[1].

U heeft het gezien: hierboven gaat het over bouwen. Meer precies: de inzet van Ezra 1 is de bouw van de kerk.
Het is goed om over het bouwen van de kerk na te denken[2].
Het komt mij voor dat Ezra 1 ook ons wel wat te zeggen heeft.

Wie is die Ezra eigenlijk?
Ezra komt uit een geslacht van hogepriesters. Hij is een Schriftgeleerde in de goede zin van het woord. Hij weet alles van de Mozaïsche wetten. En wat meer is: hij geniet speciale bescherming van de Here. Dat blijkt onder meer in de manier waarop de koning met hem omgaat. Zo staat dat in Ezra 7[3].
In 458 voor Christus brengt hij Judese ballingen vanuit Babylon terug naar Jeruzalem[4].

De geschiedenis zet dus in met Kores[5]. Deze man staat in de wereldgeschiedenis bekend als Cyrus II de Grote. Hij komt uit een geslacht dat vermoedelijk al heel wat jaren over de Perzen geregeerd heeft. Hij is een vazal van de koning der Meden. Na een geslaagde opstand wordt Kores in 550 voor Christus koning van de Meden en Perzen.
Kores is klaarblijkelijk een goede militair: hij heeft heel wat overwinningen op zijn naam staan. Zijn rijk breidt zich gaandeweg uit. Toch is Kores geen harde kerel. In de internet-encyclopedie Wikipedia staat vermeld: “Cyrus heeft aan verschillende vijanden genade geschonken. Een van de koningen die hij versloeg, zou zelfs nog vijftien jaar zijn staatssecretaris zijn geweest”. Er staat bij: “De figuur van Cyrus ‘de Grote’ sprak levendig tot de verbeelding van latere geslachten. Zijn uitzonderlijke bekwaamheid als legeraanvoerder én zijn veronderstelde religieuze tolerantie gaven aanleiding tot het ontstaan van een rijke legendencyclus rond zijn persoon”. Iemand omschrijft hem zelfs als de ”meest liberale vorst uit de Oudheid”[6].
Kores heeft specifieke opvattingen over een ideaal bestuur. Hij is een prima organisator. En dus ook een succesvol veroveraar.

De bovenstaande historische feiten geven te denken.
Immers: ook vandaag hebben we maar al te vaak met religieuze tolerantie te maken. Allerlei godsdiensten, stromingen en sekten kunnen en mogen naast elkaar bestaan.
In die situatie voelen Gereformeerde mensen voortdurend de neiging om te protesteren.
Men kan de Here God niet zondermeer naast de afgoden zetten. Dat heeft Hij Zelf ook verboden. Zo zeggen we dat. En terecht. In Gods Woord worden er geen doekjes om gewonden: Hij staat boven alle goden; Hij is de almachtige Koning, die niemand naast Zich duldt.
Maar mét dat al geeft een tolerante omgeving ons wel veel kansen om met en naar het Evangelie te leven.
En laten we ons niet vergissen: de Here kan harten zacht maken. Als Hij Zijn macht laat gelden gebeuren er heel verrassende dingen in de wereld. Vaak zien mensen dat niet goed als zij in een achtbaan van gebeurtenissen en emoties zitten. Maar wie van een afstandje naar historische voorvallen kijkt, ziet soms opeens de hand van de Here.
Dat kan ook in 2012 gebeuren.
Laatst nog was er iemand die in het Nederlands Dagblad het ‘wandelgangenakkoord’- sinds kort ook wel Lenteakkoord geheten – een Godswonder noemde[7]. U weet wel: het bezuinigingsakkoord dat op donderdag 26 april jongstleden gesloten werd nadat het overleg in het Catshuis was mislukt en het kabinet-Rutte was gevallen; die overeenkomst werd gesloten tussen VVD, CDA, D66, GroenLinks en ChristenUnie. Het lijkt mij dat men met de aanduiding ‘Godswonder’ in dit verband een beetje voorzichtig moet zijn. Maar één ding is zeker: bij dit soort plotselinge wendingen van de geschiedenis staat de Here zeker niet aan de zijlijn!

Nu het om Gods ingrijpen en Kores’ macht gaat, attendeer ik u graag op Daniël 1[8].
De Here geeft Zijn volk in de macht van Babel. Koning Nebukadnezar neemt allerlei voorwerpen uit de tempel mee om daarmee de goden van Babel te eren. De koning is slim: hij kiest intelligente jongelui uit; die jonge mensen moeten in Babel worden opgeleid. Aldus raakt Israëls God uit het zicht. Denkt Nebukadnezar. Niet dus. Want de Here God geeft Zijn dienaar Daniël allerlei bekwaamheden om een profeet van de hemelse Heer te zijn. Daniël mag, zo schrijft iemand, “drager van Gods Woord zijn in dat heidense wereldrijk”. Jeruzalem ligt plat. De tempeldienst ligt stil. Maar het profetenwerk gaat door. Want:
* Jeremia profeteert onder de achterblijvers
* Ezechiël profeteert onder de ballingen
* Daniël profeteert aan het Babylonische hof.
Maar waarom breng ik nu Daniël ter sprake? Omdat het laatste vers van Daniël 1 als volgt luidt: “Daniël bleef daar tot het eerste jaar van koning Kores”[9]. Kijk, daar is Kores weer!
Nebukadnezar denkt dat hij de tempelschatten zonder problemen kan afvoeren. En die God van Israël? – die zullen de mensen wel vergeten. Ziehier, dáár is de grootste misrekening aller tijden! Midden in de woelige wereldpolitiek van die tijd blijkt het onderkomen van een Babylonische afgod een veilige bewaarplaats voor de schatten uit Israëls Godshuis. Te Zijner tijd, op het moment dat de Here God dat nodig vindt, komt het tempelgerei onbeschadigd te voorschijn…

Nu keer ik weer terug naar Ezra 1.

Het komt mij voor dat dat Schriftgedeelte ons wel wat te zeggen heeft.
Wij leven in een tijd waarin de kerk klein geworden is. We hebben maar weinig invloed meer, mompelen wij teleurgesteld. En we trekken ons schielijk terug. Wij kruipen in onze schulp.
Wat valt er verder nog te doen?
In de kerk zorgen we voor interne consolidatie. We houden de kerk in stand. We passen netjes op de winkel. Als niemand àl te moeilijk doet, dan houden we ‘t wel vol. Denken wij.
Maar wij vallen in zonde zodra wij vergeten dat de Here nog druk aan het werk is. Dat zien we misschien niet. Het valt ons wellicht niet op. We merken er niks van. Intussen is de Here echter volop actief!
We hebben in de kerk soms de neiging om te klagen dat wij zo weinig van ’s Heren werk zien. En als wij dan een hemelse ingreep ontdekken, halen we opgelucht adem: de Here is eindelijk tussenbeide gekomen, zeggen wij dan. Alsof de Here een oplossing uit de hoge hoed heeft getoverd…
Laat het duidelijk zijn: de Here is alle dagen aan het werk.
Wij mogen dus niet slachtofferig doen, alsof de Here ons simpelweg aan ons lot overlaat. Niets is minder waar!

Jesaja profeteert in hoofdstuk 45 óók over Kores. Door de mond van Jesaja zegt de Here daar: “Ik ben de HERE en er is geen ander; buiten Mij is er geen God. Ik gordde u, hoewel gij Mij niet kendet, opdat men het wete waar de zon opgaat en waar zij ondergaat, dat er buiten Mij niemand is; Ik ben de HERE, en er is geen ander…”[10].

In de ogen van koning Kores is Israël waarschijnlijk maar een pion op het schaakbord van de wereldpolitiek geweest.
De werkelijkheid bleek echter anders. Héél anders.
Israël was het middelpunt van Gods liefde. Het was het centrum van Gods zorg[11].
Vandaag zorgt de Here voor heel Zijn kerk, waar die ter wereld ook vergadert. Wij merken dat lang niet altijd. Toch is het zo.
De Here werkt door. Hij voert Zijn plannen uit.

En dus kunnen we met een gerust hart verder bouwen aan de kerk.
De Here is present. Tot in eeuwigheid!

Noten:
[1] Ezra 1:2 en 3.
[2] In de afgelopen tijd is daar op deze internetpagina regelmatig aandacht aan besteed. Zie bijvoorbeeld https://bderoos.wordpress.com/2012/05/03/rust-tijdens-bouwactiviteit/ .
[3] Ezra 7:6: “Hij was een schriftgeleerde, bekwaam in de wet van Mozes, welke de HERE, de God van Israël, gegeven had; en daar de hand van de HERE, zijn God, over hem was, had de koning hem alles gegeven wat hij verlangd had”.
[4] Zie http://nl.wikipedia.org/wiki/Ezra_(priester) .
[5] In het onderstaande maak ik onder meer gebruik van http://nl.wikipedia.org/wiki/Kores .
[6] Zie http://home.kpn.nl/ligteneigen1/klassiek/geschiedenis/babylon/babylon1.html .
[7] Zie http://www.nd.nl/artikelen/2012/mei/07/wandelgangenakkoord-als-godswonder .
[8] In het onderstaande maak ik onder meer gebruik van http://members.chello.nl/gslings/bs06.htm .
[9] Daniël 1:21.
[10] Jesaja 45:5 en 6.
[11] Zie hierover ook http://www.wiskerkevandooren.nl/artikelen/volk-van-gods-keuze-over-uitverkiezing-isral-en-de-kerk-/hoofdstuk-1—kiezen/ .

Blog op WordPress.com.