gereformeerd leven in nederland

8 oktober 2019

De realiteit van het hemels Koninkrijk

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , , ,

Voor gelovige kinderen van God is het van het grootste belang om over de grens van het aardse leven heen te kijken.
Blijf de vernieuwing van het bestaan verwachten!
Dat blijkt zonneklaar in Lucas 16, in de geschiedenis van de rijke man en de arme Lazarus.
Lazarus – die naam zegt heel veel. Lazarus, dat betekent namelijk: God is mijn hulp, of ook: God heeft geholpen[1].

Lazarus, onder de zweren, ligt elke dag voor de voordeur van een grootgrondbezitter. Elke dag voedt de arme man daar de hoop op de restjes eten die overblijven na de overvloedige maaltijden die men in het grote huis genoten heeft.
Wat een toestand is dat voor die zwaar zieke armoedzaaier – elke dag maar voor de deur van het ruime huis van die rijke heer… Wat is eigenlijk nog de kwaliteit van zijn leven?
Wel – die kwaliteit is schitterend. Dat komt omdat Lazarus gelooft in het glorierijke eeuwige leven dat de God van hemel en aarde aan hem beloofd heeft.
Als de aardse levens van de rijke man en de arme Lazarus tot een einde gekomen zijn wordt dat alras duidelijk.
De tegenstelling wordt levendig getekend: “En ook de rijke man stierf en werd begraven. En toen hij in de hel zijn ogen opsloeg, waar hij in pijn verkeerde, zag hij ​Abraham​ van ver en ​Lazarus​ in zijn schoot. En hij riep en zei: Vader ​Abraham, ontferm u over mij en stuur ​Lazarus​ naar mij toe en laat hem de top van zijn vinger in het water dopen en mijn tong verkoelen, want ik lijd vreselijk pijn in deze vlam”[2].

De afstand tussen hemel en hel blijkt onoverbrugbaar.
Abraham geeft een heldere reactie: er is “tussen ons en u een grote kloof aangebracht, zodat zij die van hier naar u zouden willen gaan, dat niet kunnen en ook zij niet die vandaar naar ons zouden willen gaan”[3].
Het is opmerkelijk dat juist Abraham nu ten tonele verschijnt. Want juist hij is een sprekend voorbeeld van iemand die zijn leven zonder reserves in de handen van God gelegd heeft!

Hier komt de Goddelijke voorzienigheid in beeld. U kent wellicht de formulering van de aloude Heidelbergse Catechismus: “Wat gelooft u, wanneer u zegt: Ik geloof in God de Vader, de Almachtige, Schepper van de hemel en de aarde?
Antwoord:
Dat de eeuwige Vader van onze Here Jezus Christus, die hemel en aarde, met al wat erin is, uit niets geschapen heeft en ze nog door zijn eeuwige raad en voorzienigheid in stand houdt en regeert, om zijn Zoon Jezus Christus mijn God en mijn Vader is. Daarom vertrouw ik zo op Hem, dat ik er niet aan twijfel, of Hij zal mij voorzien van alles wat ik voor lichaam en ziel nodig heb, en ook elk kwaad, dat Hij mij in dit moeitevol leven toedeelt, voor mij doen meewerken ten goede. Want Hij kan dit doen als een almachtig God en wil het ook doen als een trouw Vader”[4].
En misschien kent u ook de woorden van de Nederlandse Geloofsbelijdenis: “Wij geloven dat de Vader door zijn Woord — dat is door zijn Zoon — de hemel, de aarde en alle schepselen uit niets heeft geschapen, toen het Hem goed dacht. Ook heeft Hij aan elk schepsel zijn wezen en gedaante gegeven en zijn eigen taak om zijn Schepper te dienen. Ook nu nog houdt Hij ze alle in stand en regeert ze overeenkomstig zijn eeuwige voorzienigheid en door zijn oneindige kracht, opdat zij de mens dienen, zodat de mens zijn God kan dienen”[5].

Het hoeft geen betoog dat deze geschiedenis alles te maken heeft met euthanasie en levenseinde!

Wij moeten, ook anno Domini 2019, geloven in de Goddelijke voorzienigheid. Nee, dat is niet altijd makkelijk. Immers, in dit leven is sprake van verval: hoe ouder men wordt, hoe meer beperkingen er komen.
Maar één ding is zeker – ouderen en anderen met een beperking hoeven niet per definitie “beklagenswaardige en zorgbehoeftige slachtoffers van uitsluiting” te zijn[6]. Integendeel! De kerk mag en moet proclameren: er is perspectief. Jazeker, geloof het maar: het hemels Koninkrijk, dat tot in eeuwigheid blijft bestaan is luisterrijke realiteit!

De rijke man en de arme Lazarus – dat is een geschiedenis die ons uitnodigt om naar onze naaste om te zien.
Jazeker.
Natuurlijk.
De Nederlands Gereformeerde predikant W. Smouter zei eens in een preek: “En zullen we dat nu eens laten gebeuren. Wat er in de gelijkenis gebeurde? Alles een beetje op z’n kop laten zetten. Al die dingen die we gewichtig vinden, tegenover je hart openen voor de mensen om je heen. Wil je dat nou eens proberen. Oog hebben voor wie er aan je poort is. Dat hoeft dan heus niet iemand met zweren te zijn. Maar het kan ook wel eens anders eruit zien. Het is ook een andere wereld waar wij in wonen. Hier kan die arme wel eens diegene zijn die één, twee of drie stoelen verder zit bij je in de kerk en die best wel inkomen heeft, maar die zo hunkert naar een beetje contact. Want in onze wereld is tijd, aandacht één van de kostbaarste dingen die er zijn. Misschien is het niet iemand in de kerk, maar zijn het je buren thuis. Of is het iemand die je op een andere manier tegen komt”[7].
Het valt niet moeilijk om de woorden van dominee Smouter te onderschrijven.
Maar in Lucas 16 is meer aan de hand.
In de Heidelbergse Catechismus belijden wij: “Welke troost geeft u de opstanding van het vlees?
Antwoord:
Dat niet alleen mijn ziel na dit leven terstond tot haar Hoofd Christus opgenomen zal worden”. Het eerste Schriftbewijs ónder dat antwoord brengt de rijke man en de arme Lazarus in beeld: “Het gebeurde nu dat de bedelaar stierf en door de ​engelen​ in de schoot van ​Abraham​ gedragen werd”[8].
Kijk, dat gebeurt er met gelovige kinderen van God – zij worden de hemel in gedragen.
Kijk, dat is pas verlichting van lijden.
Een humane dood? Die wordt ons door de God van het verbond aangeboden – gratis en voor niets.
Ziet u de diepe betekenis van Lucas 16?

Uitzichtloos lijden – dat kennen Gods kinderen niet. Want kijk, zij zien de hemel.
En Wie zien zij daar?
“Die in de hemel is gezeten lacht,
want Hij is God die eeuwig blijft regeren.
Hij spot met hen die spotten met zijn macht.
Hij kent zijn tijd, Hij is de Heer der heren”![9]

Noten:
[1] Zie hierover bijvoorbeeld https://nl.wikipedia.org/wiki/Lazarus_(Bijbel) ; geraadpleegd op dinsdag 1 oktober 2019.
[2] Lucas 16:22 en 23.
[3] Lucas 16:26.
[4] Heidelbergse Catechismus – Zondag 9, vraag en antwoord 26.
[5] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 12.
[6] De typering komt van https://www.nrc.nl/nieuws/2017/02/06/kijk-anders-naar-oude-mensen-ze-groeien-nog-6579613-a1544783 ; geraadpleegd op dinsdag 1 oktober 2019.
[7] Geciteerd van https://www.smouter.net/docs/de-rijke-man-en-de-arme-lazarus.htm ; geraadpleegd op dinsdag 1 oktober 2019.
[8] Lucas 16:22.
[9] Dit zijn de eerste regels van Psalm 2:2 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

2 oktober 2019

Excelsior

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

“Verneder u voor de Heere, en Hij zal u verhogen”. Dat schrijft Jacobus in hoofdstuk 4[1].

Kunnen wij vandaag de dag nog wel met zo’n Bijbeltekst aankomen?
Iemand schrijft: “Sommige emoties voelen we op een heel intense manier. Schuld, woede, verdriet en razernij zijn enkele van die emoties. Maar we hebben één emotie niet vermeld. Het is zo sterk dat het ons echt verscheurt. En dat is vernedering. Het is een aanval op onze identiteit”[2].
Een aanval op onze identiteit – toe maar!
Plotseling worden we heel iemand anders. We gaan anders doen. We gaan anders naar de dingen kijken. En mensen reageren waarschijnlijk anders op ons.
Worden wij daar nou blij van?

Toegegeven – soms zou het fijn kunnen zijn om iemand anders te kunnen worden. Stelt u zich voor dat u er dan financieel beter voor stond. Stelt u zich voor dat u dan meer invloed had. Stelt u zich voor dat u allerlei misstanden in de wereld ten goede kon keren. Wie wil dat nou niet?

Maar ach – stelt u zich ook eens voor dat u arm zou zijn. Stelt u zich voor dat u gedurende vijfenveertig jaar ongelukkig was in uw werk; met een slechte baas. Stelt u zich voor dat u dat u jarenlang ziek zou zijn. Dat wil toch niemand?

Neen – uiteindelijk willen wij meestal het liefst onze eigen identiteit houden. Dat is wel zo veilig. Want wij kennen onszelf. Het liefst willen wij gewoon onszelf zijn. Want wie zichzelf kwijtraakt, komt al snel in moeilijkheden.

Maar zo gaat het niet in Jacobus 4.
“Verneder u voor de Heere, en Hij zal u verhogen” – dat is de triomf van het geloof!
Hoe kan dat?
Dat komt omdat Jezus Christus de centrale Man is in de brief van Jacobus. Alles begint bij de Heiland.
De inzet van de brief luidt namelijk: “Jacobus, een dienstknecht van God en van de Heere Jezus Christus, aan de twaalf stammen die in de verstrooiing zijn: wees verheugd!”[3].
En in hoofdstuk 2 staat geschreven:
“Mijn broeders, heb het geloof in onze Heere Jezus Christus, de Heere der heerlijkheid, zonder aanzien des persoons”[4].
Jezus Christus is de Redder van de wereld. Hij staat in het leven op de voorgrond. Hij bepaalt wie wij zijn, en wie wij worden!

Jacobus schrijft in hoofdstuk 4 ook:
“Nader tot God, en Hij zal tot u naderen”[5]
en:
“Er is één Wetgever, namelijk Hij Die kan zalig maken én te gronde richten”[6]
en:
“Als de Heere wil en wij leven, dan zullen wij dit of dat doen”[7].
Jacobus wil maar zeggen: leg het leven maar in handen van de Here; dan komt u goed terecht.

Jacobus is een man van de praktijk.
Hij schrijft dat we hoorders en daders van Gods Woord moeten wezen[8].
Hij schrijft over het belang van de taal en over het juiste gebruik van onze woordenschat[9].
Hij schrijft over hebzucht. En over het toegeven aan allerlei driften[10].
Hij schrijft over het belang van het gebed[11].

Kortom – Jacobus roept op tot reformatie.
Stop met de slechte dingen, schrijft hij. Keer u naar God toe!
Als u zichzelf bent gaat de rem er bijna als vanzelfsprekend en gaandeweg af, suggereert de door de Heilige Geest geïnspireerde schrijver met nadruk. Dan komt er ruzie van. Dan raakt het leven in een spiraal naar beneden. Dat ga je in de kerk merken. Sterker nog: er komt, om zo te zeggen, een burgeroorlog in het Koninkrijk van God. Zo gaat dat als het bevredigen van eigen begeerten hoog op de to do-list staat.
Wie naar Christus gaat, mag en moet het zich realiseren: ikzelf ben niet zo belangrijk; toch gaat het in het leven excelsior – steeds hoger. Naar de Heiland toe, namelijk!

Dan zien wij een mechanisme dat vergelijkbaar is met dat uit de gelijkenis van de verloren zoon. U weet wel – die parabel uit Lucas 15.
Citaat: “En nadat hij [dat is de verloren zoon] tot zichzelf gekomen was, zei hij: Hoeveel dagloners van mijn vader hebben brood in overvloed en ik kom om van honger. Ik zal opstaan en naar mijn vader gaan en tegen hem zeggen: Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en tegenover u. En ik ben het niet meer waard uw zoon genoemd te worden. Maak mij als één van uw dagloners.
En hij stond op en ging naar zijn vader. En toen hij nog ver van hem verwijderd was, zag zijn vader hem en deze was met innerlijke ontferming bewogen en hij snelde hem tegemoet, viel hem om de hals en kuste hem.
En de zoon zei tegen hem: Vader, ik heb gezondigd tegen de hemel en tegenover u. Ik ben niet meer waard uw zoon genoemd te worden. Maar de vader zei tegen zijn dienaren: Haal het beste gewaad tevoorschijn en trek het hem aan en geef hem een ​ring​ aan zijn hand en ​sandalen​ aan zijn voeten”[12]. Mensen heten zelfredzaam te zijn. Zij hebben bijna overal goede oplossingen voor. En als die oplossingen er nog niet zijn, dan komen ze er binnenkort aan…
Welnu, zeggen Jacobus en Lucas, ga maar naar Vader toe. Want daar en dan krijgt u een nieuw zicht op de wereld.

Door de Heiland gekochte mensen krijgen steeds meer inzicht in en overzicht van kerk en wereld.
Die gekochte mensen kijken niet zo makkelijk meer weg als er sprake is van problemen op het kerkelijk terrein. Leiderschap, het vinden van geschikte ambtsdragers, kerkelijke verdeeldheid – u kunt het rijtje zonder twijfel nog wel langer maken.
Die gekochte mensen kijken niet zo makkelijk meer weg als er in onze samenleving, en elders in de wereld, allerlei moeilijke problemen langskomen: drugsbeleid, stikstofproblematiek, problemen op het gebied van de zorg en in het onderwijsveld –… och, wij weten er allemaal wel wat van.
Nee – vanuit de kerk zullen niet voortdurend pasklare oplossingen aangedragen worden.
Maar in de kerk is er wel de rust van mensen die, om met Psalm 2 te spreken, tot Hem de toevlucht nemen[13]. U weet wel:
“Kust toch de zoon, opdat gij niet te gronde
gaat op uw weg. Te licht wordt hij getart
en kan zijn gramschap tegen u ontbranden.
Maar zalig zijn die schuilen aan zijn hart”[14].

Iemand zei een paar jaar geleden: als je vernederd wordt, kun je verharden[15]. En dat is waar.
Maar bij de God van hemel en aarde werkt het anders. Hij zegt: kom hogerop, Mijn kind – excelsior!

Noten:
[1] Jacobus 4:10.
[2] Geciteerd van https://verkenjegeest.com/vernedering-is-een-aanval-op-onze-identiteit/ ; geraadpleegd op woensdag 25 september 2019.
[3] Jacobus 1:1.
[4] Jacobus 2:1.
[5] Jacobus 4:8 a.
[6] Jacobus 4:12 a.
[7] Jacobus 4:15 b.
[8] Jacobus 1 vanaf vers 22, en hoofdstuk 2.
[9] Jacobus 3.
[10] Jacobus 4:1-6.
[11] Jacobus 5.
[12] Lucas 15:17-22.
[13] Psalm 2:12 b.
[14] Dit zijn de laatste regels van Psalm 2:4 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek.
[15] Zie https://www.trouw.nl/nieuws/als-je-vernederd-wordt-kun-je-verharden~b79d70bc/ ; geraadpleegd op woensdag 25 september 2019.

6 augustus 2019

Rijk in God

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Veel geld hebben – dat is makkelijk.

Men kan dat anno 2019 bij elkaar spelen. Met gamen.
De NOS meldde onlangs: “Dave Jong (Rojo) heeft in New York de tweede plaats gepakt op het WK Fortnite. Samen met zijn Britse teamgenoot Wolfiez liet de 21-jarige gamer 48 andere teams achter zich. Ze wonnen 2,25 miljoen dollar”[1].
De twee moesten de prijs delen. Maar toch.

Een goed gevulde portemonnee – dat is handig.
Het Algemeen Dagblad meldt: “Een kwart van de Europeanen liegt bij sollicitaties over zijn of haar salaris. Vooral Duitsers kunnen er wat van: 42 procent noemt een hoger salaris dan wat ze daadwerkelijk op hun rekening krijgen bijgeschreven.
Dat blijkt uit cijfers van onderzoeksbureau Intelligence Group. Naast Duitsers overdrijven Slowaken (38 procent) en Oostenrijkers (37 procent) graag als het gaat over hun salaris. Engelsen zijn juist heel bescheiden, 9 procent noemt zelfs een láger salaris dan wat ze verdienen. ‘Een Nederlander noemt vaak het salaris dat hij wíl verdienen. Dat is een probleem als een Engelse recruiter aan een Nederlander vraagt wat zijn of haar salaris is. De Engelsman denkt dan dat het de waarheid is’, aldus Geert-Jan Waasdorp, directeur van Intelligence Group. ‘Het zijn kleine perceptieverschillen met aardige consequenties’”[2].

Je moet voor jezelf opkomen, zeggen de mensen. Daarbij moet je je kansen grijpen.

Jezus maant ons de realiteit in het oog te houden. In Lucas 12 zegt hij: “Kijk uit en wees op uw hoede voor de hebzucht. Immers, al heeft iemand overvloed, zijn leven behoort niet tot zijn bezit”[3].

Daar staat iets opmerkelijks.
Want wij zouden zeggen: wij zijn baas in eigen bestaan. Maar dat staat er dus niet.
Jezus vertelt ook de gelijkenis van een rijke man. De geachte ondernemer denkt: ‘Ik heb zoveel spullen dat ik meer opslagruimte nodig heb. Die laat ik bouwen. En daarna? Dan ga ik fijn rentenieren. Wat zál ik een heerlijk leven hebben!’.
U begrijpt – die man heeft in Lucas 12 al een Zwitserleven-gevoel. Zijn financiële toekomst is prettig geregeld[4].
In de volgende nacht overlijdt die man.
Zijn rijkdom is immens.
Maar die extra opslagruimte komt er niet[5].
Jezus zegt: “Zo is het met hem die voor zichzelf schatten verzamelt en niet rijk is in God”[6].

Daar staat alweer iets opmerkelijks.
Wij zouden zeggen: we zijn rijk met God. Maar dat staat er dus niet.
Wij moeten rijk zijn in God.

Een dergelijke formulering is in de Gereformeerde wereld wel bekend.
Denkt u maar aan het bekende formulier voor de doop van kleine kinderen: “Want Hij eigent ons toe wat wij in Christus hebben, namelijk de afwassing van onze zonden en de dagelijkse vernieuwing van ons leven”.
En: kinderen worden “zonder het te weten in Christus uit genade tot Gods kinderen aangenomen”.
Na de doop bidden wij: “Laat het kind door de doop in Christus’ dood begraven worden en ook met Hem opstaan in een nieuw leven”.
Doopouders belijden dat hun kinderen in Christus geheiligd zijn[7].
De God van hemel en aarde is als een cocon om Zijn kinderen heen.
Het klinkt weinig complimenteus als men heden ten dage tegen u zegt dat u in een bubbel leeft. Maar Gods kinderen leven wel in een bubbel, en dat is ook heel goed. U weet het wel – een bubbel is eigenlijk een naar de oppervlakte stijgende luchtbel of gasbel in een vloeistof. Zo is het ook als wij in God, in Christus zijn. Wij zijn één met Hem en dus onverbrekelijk met Hem verbonden. Leven in een Christelijke bubbel? Laat dat vooral zo blijven!

De media melden: “De lonen van werknemers lopen momenteel het hardst op sinds de financiële crisis in 2008. Dat valt op te maken uit de cijfers van de werkgeversvereniging AWVN op basis van de recent afgesloten cao’s. Werkgevers verwachten dat deze trend de komende tijd nog aanhoudt”[8].
Loonsverhoging is mooi. Het is prachtig dat dat kan.
Maar laten we vooral vasthouden wat Jezus in Lucas 12 zegt: “Let op de raven: zij ​zaaien​ niet en maaien niet, zij hebben geen voorraadkamer en geen schuur, en God voedt hen. Hoever gaat u de vogels te boven?”[9].

Noten:
[1] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2295428-nederlandse-gamer-rojo-21-tweede-op-wk-fortnite.html ; geraadpleegd op woensdag 31 juli 2019.
[2] Geciteerd van https://www.ad.nl/ad-werkt/kwart-van-europese-sollicitanten-liegt-over-salaris~a933540d/ ; geraadpleegd op woensdag 31 juli 2019.
[3] Lucas 12:15.
[4] Zie hiervoor https://www.zwitserleven.nl/ ; geraadpleegd op woensdag 31 juli 2019.
[5] Zie Lucas 12:16-20.
[6] Lucas 12:21.
[7] Het formulier voor de bediening van de heilige doop aan de kinderen van de gelovigen is onder meer te vinden op https://ridderkerk.gkv.nl/geloof/form/12-doop ; geraadpleegd op woensdag 31 juli 2019.
[8] Geciteerd van https://www.rd.nl/vandaag/economie/lonen-stijgen-het-hardst-sinds-crisis-1.1585191 ; geraadpleegd op woensdag 31 juli 2019.
[9] Lucas 12:24.

19 april 2019

De opstanding opent de toekomst

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Goede Vrijdag en Pasen – dat zijn dagen die de deur naar de toekomst openen. Want de opstanding van Jezus Christus is een feit!

De discipelen hadden van die opstanding kunnen weten. Dat suggereren de engelen in Lucas 24 nadrukkelijk: “En toen zij zeer bevreesd werden en het gezicht naar de grond bogen, zeiden die tegen hen: Waarom zoekt u de Levende bij de doden? Hij is hier niet, maar Hij is ​opgewekt. Herinner u hoe Hij tot u gesproken heeft, toen Hij nog in Galilea was: De Zoon des mensen moet overgeleverd worden in handen van zondige mensen en gekruisigd worden en op de derde dag opstaan”[1].
De engelen moeten dat nog eens flink benadrukken.

Inderdaad – Jezus heeft het in Lucas 9 duidelijk gezegd: “De Zoon des mensen moet veel lijden en verworpen worden door de oudsten, overpriesters en ​schriftgeleerden, en Hij moet gedood en op de derde dag opgewekt worden”[2].
De discipelen hebben dat natuurlijk wel gehoord.
Maar ach – hoe gaat dat als iemand aankondigt dat hij dingen gaat doen die, menselijk gesproken, onmogelijk zijn? Daarvan denk je: nou, dat zál wel…; en je besteedt er verder geen aandacht meer aan. Zo is dat misschien in Lucas 9 ook wel gegaan.
Zo werkt dat in deze wereld nog.
Massa’s mensen gaan voorbij aan Christus’ aankondiging dat Hij eens zal terugkeren, om de levenden en de doden te oordelen. Gelovigen weten het: dankzij Hem gaan wij de hemel binnen. En de vijanden van God? Zij gaan voor eeuwig ten onder[3].
Pasen is een attentiesein – vergeet het niet: Christus’ opstanding is nog maar het begin; al Gods kinderen zullen uit de dood opstaan!

In Openbaring 14 zegt een stem vanuit de hemel: “Schrijf, zalig de doden, die in de Here sterven, van nu aan. Ja, zegt de Geest, dat zij rusten van hun moeiten, want hun werken volgen hen na”[4].
Van al die mensen die in de Here gestorven zijn, mogen we weten: zij blijven niet voor eeuwig dood; er komt een moment dat zij weer springlevend zullen wezen! Godvrezende echtgenoten, kinderen, andere familieleden, vrienden, bekenden uit de kerk – voor al die mensen geldt dat er een schitterend vervolg is!
Pasen is het feest van het leven. En niet alleen omdat je eieren kunt zoeken in de tuin, of in bos en beemd!

“Herinner u hoe Hij tot u gesproken heeft”, zeggen de engelen in Lucas 24.
Dat betekent voor ons, anno Domini 2019, onder meer: houdt de kennis over het Oude Testament levend. Daarin hebben woordvoerders van God, de profeten, erop gewezen dat de Redder komen zou. Voortdurend zeiden ze: de Messias komt er aan!
Jesaja zei in hoofdstuk 53: “Als Zijn ziel Zich tot een schuldoffer gesteld zal hebben, zal Hij nageslacht zien, Hij zal de dagen verlengen; het welbehagen van de HEERE zal door Zijn hand voorspoedig zijn”[5]. Jesaja zei: de Messias zal ervoor zorgen dat gelovige kinderen van God verder kunnen in het leven. Jesaja zei ook: Gods Zoon zorgt voor verdere uitvoering van het Goddelijk heilsplan.
Mensen vieren Pasen. En als dat feest voorbij is, komt het gewone leven weer aan.
Mensen kijken naar The Passion, op televisie. En als dat spektakel voorbij is, landen zij weer in het gewone leven.
De zondag na Pasen wordt, met name in Rooms-katholieke kringen, wel Beloken Pasen genoemd. Beloken is het voltooid deelwoord van beluiken, het tegengestelde van ontluiken. Beloken Pasen wil zeggen: wij sluiten de Paasweek af[6]. De sleur van alledag doet weer zijn intrede.
Aldus is het bij Gereformeerden niet. Het Paasvuur blijft, als het goed is, bij hen altijd branden. Toegegeven, het is lang niet altijd een uitslaande brand. Maar bij Gereformeerde mensen is de weg naar morgen nooit helemaal dicht. Steeds weer blijkt er weer een mogelijkheid om de toekomst binnen te stappen. Want het is Pasen geweest!
Het Oude en Nieuwe Testament beschrijven de stappen die de God van hemel en aarde zet om Zijn heilsplan op glorieuze wijze te verwezenlijken. Hij houdt nimmer pauze. Het werk aan Zijn heilsplan vindt voortreffelijk voortgang!

Is dat chill?
Is dat reden voor algemene en permanente ontspanning?

Misschien zeggen sommigen: wat zijn dat voor vragen? Passen die wel bij Pasen?
Die vragen staan hier vandaag wel genoteerd.
Waarom?
U moet weten: de van oorsprong Gereformeerd-vrijgemaakte Theologische Universiteit organiseerde onlangs een speeddate. Kamper studenten en een aantal vacante gemeenten stelden zich in een kort gesprek aan elkaar voor. Eén van de studenten zei bij die gelegenheid: ‘preken vind ik ook super-chill’[7].
Dat klinkt prettig. Relaxed. Een beetje losjes bovendien.
Maar laten wij ons niet vergissen: op de eerste Paasdag valt de beslissing.
Want de boodschap van Paulus in 1 Corinthiërs 15 is nog altijd actueel: “Als nu van ​Christus​ gepredikt wordt dat Hij uit de doden is ​opgewekt, hoe kunnen sommigen onder u dan zeggen dat er geen opstanding van de doden is? En als er geen opstanding van de doden is, dan is ​Christus​ ook niet ​opgewekt. En als ​Christus​ niet is ​opgewekt, dan is onze prediking zonder inhoud, en zonder inhoud is ook uw geloof. En dan blijken wij ook valse getuigen van God te zijn. Wij hebben namelijk van God getuigd dat Hij ​Christus​ heeft opgewekt, terwijl Hij Die niet heeft opgewekt als inderdaad de doden niet opgewekt worden. Immers, als de doden niet ​opgewekt​ worden, is ook ​Christus​ niet ​opgewekt.En als ​Christus​ niet is ​opgewekt, is uw geloof zinloos; u bent dan nog in uw ​zonden. Dan zijn ook zij die in ​Christus​ ontslapen zijn, verloren. Als wij alleen voor dit leven op ​Christus​ onze hoop gevestigd hebben, zijn wij de meest beklagenswaardige van alle mensen. Maar nu, ​Christus​ ís ​opgewekt​ uit de doden en is de Eersteling geworden van hen die ontslapen zijn”[8].
De deur naar de toekomst gaat voor gelovige mensen open. Maar voor mensen die de waarde en de waarheid van Christus’ opstanding betwijfelen gaat diezelfde deur dicht. Voor sceptici en heidenen rest slechts het pad naar de eeuwige ondergang.
Dat is allesbehalve chill.
Het betreft namelijk een serieuze keuze. Een keuze die zondige mensen in hun leven voortdurend moeten vernieuwen. En nee, die keuze is geen kwestie van ‘effe doen’.

Het is hierboven, naar aanleiding van woorden uit Lucas 24, reeds genoteerd: Pasen is een attentiesein.
De boodschap is: vergeet het niet – Christus’ opstanding is nog maar het begin; al Gods kinderen zullen uit de dood opstaan!
Mensen die bestemd zijn voor het leven moeten we daarom niet bij de doden zoeken.
Jezus Christus ging ons voor
de hemel door.
En zo zal dat met al Zijn kinderen gaan.
Dat is een schitterend vooruitzicht. Zo worden het pas echt mooie Paasdagen!

Noten:
[1] Lucas 24:5, 6 en 7.
[2] Lucas 9:22.
[3] Zie hierover ook: Heidelbergse Catechismus – Zondag 19, vraag en antwoord 52.
[4] Openbaring 14:13.
[5] Jesaja 53:10 b.
[6] Zie hierover ook https://nl.wikipedia.org/wiki/Beloken_Pasen ; geraadpleegd op donderdag 18 april 2019.
[7] “Preken vind ik ook super-chill”. In: Nederlands Dagblad, donderdag 18 april 2019, p. 7.
[8] 1 Corinthiërs 15:12-20.

20 maart 2019

Een vraag op de verkiezingsdag

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Vandaag vinden er in ons land verkiezingen plaats voor Provinciale Staten.
Wij kiezen de mensen die beslissingen nemen over de indeling van de ruimte in Nederland.
Mensen die het beheer van de wegen regelen. Mensen die beleid maken omtrent natuur en milieu.
Mensen die veel te zeggen hebben waar het gaat om het beleid rond bus- en treinverbindingen.
Verder worden er verkiezingen voor de waterschappen gehouden. Eenvoudig gezegd: wij kiezen de mensen die zorgen dat het water schoon blijft en overstromingen worden voorkomen.
Kortom – wij kiezen de mensen die veel invloed hebben op het beheer van Gods schepping.

Het gaat om het beheer van de schepping van God. Daar hoor je in de verkiezingscampagne weinig over. Men ziet veel politici uit de Tweede Kamer op de tv. En dat gebeurt dan weer omdat de leden van de Eerste Kamer door leden van Provinciale Staten gekozen worden.
Stel je voor dat men aan invloed verliest…!
Gereformeerden mogen het echter nooit vergeten: schepping en schepselen zijn Gods eigendom.

Met het oog hierop vraag ik vandaag aandacht voor de geschiedenis van de storm op het meer. Ik citeer uit Lucas 8: “Het gebeurde op een van die dagen dat Hij met Zijn discipelen aan boord van een schip ging. En Hij zei tegen hen: Laten wij overvaren naar de overkant van het meer. En zij voeren weg. Toen zij voeren, viel Hij in slaap. En er viel een stormwind neer op het meer, en hun schip liep vol water en zij waren in nood. Zij gingen naar Hem toe, wekten Hem en zeiden: Meester, Meester, wij vergaan! Toen stond Hij op en bestrafte de wind en de golven. En ze gingen liggen en er kwam stilte. Hij zei tegen hen: Waar is uw geloof? Maar zij waren bevreesd en verwonderden zich, en zij zeiden tegen elkaar: Wie is Deze toch, dat Hij ook de winden en het water bevel geeft en ze Hem gehoorzaam zijn?”[1].

In Lucas 8 lijkt het wel alsof allerlei elementen van de natuur het op Jezus en zijn leerlingen hebben gemunt!
En Jezus?… Hij slaapt! Dwars door alles heen. Onvoorstelbaar is dat, maar zo staat het er. Als Hij wakker wordt bestraft Hij de wind en de zee. ‘Nu is het afgelopen!’.
En dan… dan treedt er een stilte in.

Wat gebeurt hier?
Antwoord: Jezus Christus bewijst dat Hij Goddelijke macht heeft.
In het Oude Testament werd het gezag over de wind vaak aan God toegeschreven.
Denkt u maar aan Psalm 107:
“Maar toen zij in hun benauwdheid tot de HEERE riepen,
leidde Hij hen uit hun angsten.
Hij brengt de storm tot stilte,
zodat hun golven zwijgen.
Dan zijn zij verblijd, omdat de wateren gestild zijn
en Hij hen naar de haven van hun wens leidde”[2].
Of bijvoorbeeld aan Amos 4: “Want, zie, Hij Die de bergen vormt, Die de wind schept en Die aan de mens bekendmaakt wat zijn gedachten zijn, Die de dageraad tot duisternis maakt, en Die op de hoogten van de aarde treedt; HEERE, God van de legermachten, is Zijn Naam”[3].

Er gebeurt nog iets opvallends in Lucas 8.
De storm op het meer – chaos buiten – wordt gevolgd door de geschiedenis van de bezetene in het land van de Gadarenen – chaos in het innerlijk. Blijkbaar hangen die verschillende ‘soorten’ chaos met elkaar samen. Hoe dan ook: de Heiland brengt er weer orde in[4].

Het indelen van de ruimte en – bijvoorbeeld – ook de verhoging van onze dijken staat, naar velen zeggen, in nauw verband met de klimaatverandering. En dat kan best zo wezen. Hoe dat zij: er moet op verantwoordelijke wijze worden gewerkt aan het beheer van het landschap in Nederland.
Er moet beleid worden gemaakt. Er moeten knopen worden doorgehakt. Er moeten goede en wijze beslissingen worden genomen.

Maar bij dat alles mag niemand vergeten: de Heiland brengt orde in de schepping.
Wij mogen nooit vergeten: Hij heeft de schepping in de hand.
Wij mogen nooit vergeten: Hij regeert de wereld zo “dat loof en gras, regen en droogte, vruchtbare en onvruchtbare jaren, eten en drinken, gezondheid en ziekte, rijkdom en armoede en alle dingen, niet bij toeval, maar uit zijn vaderhand ons ten deel vallen”[5].

Vandaag mogen we onze stempassen gebruiken.
En dat is mooi.
Maar we komen er niet met een gezamenlijk voornemen om de schepping netjes te beheren.
Wij komen er niet door om de andere zin het woord ‘biodiversiteit’ te bezigen.
Wij komen er niet met natuurinclusieve landbouw.
Wij komen er niet met de verbetering van de natuur- en waterkwaliteit.
Wij komen er niet met een ecologisch goede inpassing van water.
Wij komen er niet met afgewogen aandacht voor verduurzaming[6].

Het is goed dat dat er is. Daar niet van.
Maar alles begint en eindigt met gebed tot God.
Immers – wij moeten Hem vragen of Hij Zijn Goddelijke macht wil blijven gebruiken.
Dat, ja dat is de belangrijkste vraag op deze verkiezingsdag!

Met eindeloos geduld beschermt en verzorgt Hij de wereld. Ook de samenleving in Nederland.
Vrijwel alle politieke partijen verzwijgen dat. Ook bij de ChristenUnie moet men naar Gods naam zoeken. Dat is een misser. Een misser van formaat. Natuurlijk – in de politiek preekt men niet. Dat zal wel zo wezen. Maar juist in de verkiezingstijd mag en moet de Bijbel van de plank worden gehaald.

Dit artikel besluit ik met een nadrukkelijke wens. Die wens is niet origineel. Sterker, die wens is nog ouder dan de weg naar Rome.
Het is een wens uit het aloude Psalmboek. Het is een wens die actueler is dan ooit. Het is een wens die vandaag – op deze Neêrlandse verkiezingsdag – met nadruk uitgesproken dient te worden.
Het is deze:
“Dat alle volken, Heer, U prijzen,
uw naam bezingen in hun lied.
U wilt uw goedheid ons bewijzen,
nu ons het land zijn vruchten biedt.
God schenkt allerwegen
ons zijn rijke zegen.
Hij, die alles geeft,
Hij zij hoog geprezen,
Hem moet ieder vrezen
die op aarde leeft”[7].

Noten:
[1] Lucas 8:22-25.
[2] Psalm 107:28, 29 en 30.
[3] Amos 4:13.
[4] Zie hierover https://www.michanederland.nl/wp-content/uploads/2013/08/Themapakket-Dag-schepping.pdf ; geraadpleegd op maandag 18 maart 2019.
[5] Heidelbergse Catechismus – Zondag 10, antwoord 27.
[6] Zie voor het bovenstaande ook https://www.groenstepoliticus.nl/politicus/henk-staghouwer/ ; geraadpleegd op maandag 18 maart 2019.
[7] Psalm 67:3 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek.

13 maart 2019

Biddag 2019: de eetzaal wordt vol

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Op deze Biddag voor gewas en arbeid gaat het op deze weblog over een grote maaltijd.
Die maaltijd is het centrale punt in een gelijkenis die we vinden in Lucas 14. Trouwens – ook Mattheüs vermeldt ‘m; in hoofdstuk 22 namelijk.

Ik citeer het verhaal uit Lucas 14 in zijn geheel.
“Een zekere man bereidde een grote maaltijd en nodigde er velen. En hij stuurde zijn dienaar eropuit tegen de tijd van de maaltijd om de genodigden te zeggen: Kom, want alle dingen zijn nu gereed. En zij begonnen zich allen eensgezind te verontschuldigen. De eerste zei tegen hem: Ik heb een akker gekocht en ik moet er nodig op uit om die te bekijken. Ik vraag u: Houd mij voor verontschuldigd. En een ander zei: Ik heb vijf span ossen gekocht en ik ga erheen om ze te keuren. Ik vraag u: Houd mij voor verontschuldigd. En weer een ander zei: Ik heb een vrouw getrouwd en daarom kan ik niet komen. En die dienaar kwam terug en berichtte deze dingen aan zijn heer. Toen werd de heer des huizes boos en zei tegen zijn dienaar: Ga er snel op uit naar de straten en stegen van de stad en breng de armen en verminkten en kreupelen en blinden hier binnen. En de dienaar zei: Heer, het is gebeurd, zoals u bevolen hebt en nog is er plaats. En de heer zei tegen de dienaar: Ga eropuit naar de landwegen en heggen en dwing hen binnen te komen, opdat mijn huis vol wordt. Want ik zeg u dat niemand van die mannen die genodigd waren, mijn maaltijd proeven zal”[1].

Armen, verminkten, kreupelen, blinden en zwervers zijn bij de Here welkom aan tafel.

Kerkmensen die op eigen kracht leven worden door de Here afgewezen: Farizeeën, Schriftgeleerden en andere erudiete lieden die op basis van hun ijver en kennis een plaats in de hemel denken te verdienen, worden afgewezen.
Kerkmensen die met lege handen bij de Here komen, worden door de Here aan de dis genodigd.

In Lucas 14 wordt eerst een wonder beschreven. Iemand met waterzucht, iemand die klaarblijkelijk extreem veel vocht vasthoudt, wordt genezen.
Die genezing geschiedt niet op eigen kracht. Het is geen kwestie van een dieet. Het is geen kwestie van moed, of van schier onvoorstelbaar doorzettingsvermogen.
Jezus pakt de patiënt stevig vast. “En Hij greep hem vast, genas hem en liet hem gaan”[2].
Dat is alles.
God komt Zelf in actie. Hij vult onze lege handen.

Jezus roept in Lucas 14 vervolgens op tot nederigheid. “…Ieder die zichzelf verhoogt, zal vernederd worden en wie zichzelf vernedert, zal verhoogd worden”[3].

Nodig op uw feesten niet de kerkleiders uit, zegt Jezus. En ook niet de succesvolle zakenmensen. Niet de mensen die het in de wereld gemáákt hebben.
Kijk maar naar de mensen die niet zo gewaardeerd worden, zegt Jezus. Richt uw blik maar de mensen die wat mankeren. En benut die mensen als spiegel, merkt Jezus impliciet op[4].

De vraag is: hoe staan de allerwegen gerespecteerde kerkmensen in het leven?
En in 2019 zwerft de vraag in het zwerk: hoe komen nette gelovigen in de kerk?
Eén ding is zeker: een portie goed gedrag is geen betaalmiddel voor een toegangskaart voor de hemel; het is een uiting van dankbaarheid!

Dankbaarheid, ja – want Gods kinderen mogen weten dat God hen naar een toekomst brengt waar, om zo te zeggen, een permanent staatsbanket georganiseerd is.

Dat christelijke gedrag heeft te maken met de wetenschap dat de toekomst open is. Er gloort een prachtig licht aan de horizon. Het licht van de hemel, de plaats waar geluk en vrede het leven bepalen.

Die kant gaat het op, ook in het komende groeiseizoen. In dat licht bidden we om voedsel en om werkkracht.

U weet het wel – in Amsterdam gingen afgelopen zondag, 10 maart, veertigduizend mensen de straat op. Zij demonstreerden voor een goed en eerlijk klimaatbeleid.
Op een website van NRC Handelsblad staat geschreven: “De gemiddelde deelnemer aan de klimaatmars voelt zich weleens alleen, als een roepende in een oprukkende woestijn, maar deze zondag niet. Deze zondag zijn er 40.000 gelijkgestemden naar Amsterdam gekomen om het kabinet op te roepen meer te doen tegen klimaatverandering. Omdat je in je eentje nu eenmaal niet sterk staat. Voor echte verandering moet de regering wakker worden.
De gemiddelde deelnemer op de Dam is geen radicaal. Hij of zij zoekt geen confrontatie, breekt geen stoep open, laat nauwelijks afval achter. Maar hij maakt zich wel zorgen, vaak al lang en, naarmate de hete zomers en lauwe winters toenemen, steeds meer. Zoveel dat hij dat nu – bij uitzondering – een keer wil laten zien. Het is een meewerkende burger die zou willen dat er méér beleid was, zodat hij meer kan meewerken en anderen dat ook gaan doen. Hij hunkert naar schaalvergroting”[5].

Zeker, er is niets tegen om in de kerk de nodige klimaat-maatregelen te treffen. Het is niet verkeerd als het kerkgebouw goed geïsoleerd is en er bovendien nog zonnepanelen op het dak liggen.
Maar in de kerk kennen we niet de angst dat de wereld ten onder gaat. In de kerk weten dat de wereld niet geheel verwoest wordt. In de kerk weten we dat de wereld niet roemloos aan z’n einde komt. Nee – dat gaat allemaal niet gebeuren. Want in de kerk weten we dat hemel en aarde in Gods hand zijn.

Daarom kunnen we bidden.
Om eten. Om drinken. Om energie voor alle werk dat gedaan moet worden.
De kerk weet: het komt allemaal goed. En zelfs als ons aardse leven tot een einde komt, dan komt het nog in orde.

De maaltijd staat gereed.
Er is voedsel te over.
Te Zijner tijd is het in de hemel wat je noemt: volle bak. Oftewel – de hemelse eetzaal is tot de laatste plaats bezet. De Heiland zegt: “Ga eropuit naar de landwegen en heggen en dwing hen binnen te komen, opdat mijn huis vol wordt”.
Wat een feest zal dat wezen!

De kerk gaat vol vertrouwen het groeiseizoen in.
De wereld snapt daar weinig van.
Ach, laat maar.
Want wij weten op Wie wij vertrouwen!

Noten:
[1] Lucas 14:16-24.
[2] Lucas 14:4 b.
[3] Lucas 14:11.
[4] Lucas 14:12, 13 en 14.
[5] Geciteerd van https://www.nrc.nl/nieuws/2019/03/10/de-burger-die-popelt-om-meer-te-doen-staat-in-de-regen-op-de-dam-a3952777 ; geraadpleegd op maandag 11 maart 2019.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.