gereformeerd leven in nederland

24 juni 2022

Aan alle rustzoekers

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

In dit artikel gaan we naar Gadara. Of, om met Lucas 8 te spreken: het land van de Gadarenen.
Wie zijn die Gadarenen? Dat zijn de inwoners van Gadara, een stad in het Overjordaanse, een kilometer of 9 ten zuidoosten van de kust van het meer van Galilea.
In de stad en het gebied eromheen loopt iemand die bezeten is. Zijn leven wordt door vele duivels ‘bewoond’. Zodoende gedraagt de man zich buitengewoon agressief. Met een ongelooflijke kracht verzet hij zich tegen alles en iedereen.
In reactie daarop laat Jezus Christus, de Heiland van deze wereld, Zijn macht zien. En die gaat ver boven satanische energieën uit. Wij lezen: “Jezus vroeg hem: Wat is uw naam? Hij zei: Legio; want er waren veel demonen in hem gegaan. En zij smeekten Hem dat Hij hun niet zou bevelen in de afgrond te gaan. En er was daar een grote kudde varkens aan het weiden op de berg. Zij smeekten Hem dat Hij hun zou toestaan daarin te gaan. En Hij stond het hun toe. En de demonen gingen uit de man weg en gingen in de varkens; en de kudde stortte van de steilte af het meer in, en verdronk”[1].

Een legioen soldaten – dat zijn in die tijd zo’n 6000 militairen. Het bestaan van deze man is dus geheel en al bezet gebied.
Het is bij de duivels van stonde aan duidelijk: tegen de hemelse energie van de Heiland kunnen zij echt niet op. Maar zij smeken om niet in de afgrond te hoeven gaan. Waarom is dat eigenlijk zo erg? Antwoord: die duivels weten dat zij daar moeten wachten op het eindoordeel van de Almachtige, die ook de afgrond regeert. Denkt u maar aan 2 Petrus 2. Daar wordt geschreven over de engelen die gezondigd hebben, in de hel geworpen zijn en overgegeven werden aan de ketenen van de duisternis om tot het oordeel bewaard te worden. De trawanten van de satan weten het zeker – zij zullen hun straf niet ontlopen; maar als zij de pijnigingen nog even kunnen uitstellen, dan graag… De varkens vragen nederig of zij in de varkens mogen gaan. Die varkens waren onreine dieren. Zie bijvoorbeeld Leviticus 11: ”… het varken, want dat heeft wel gespleten hoeven; de hoef is in tweeën gespleten, maar het herkauwt het gekauwde niet; dat is voor u onrein. Van hun vlees mag u niet eten en hun kadavers niet aanraken; ze zijn voor u onrein”.
In de varkens? – dat staat Jezus toe.
In een Studiebijbel staat bij deze passage geschreven: “Het aldus overeengekomen vonnis voltrekt zich: de demonen gaan uit van de man, zodat hij bevrijd wordt, en gaan in de varkens. Onmiddellijk is de uitwerking hiervan duidelijk zichtbaar voor allen die erbij zijn; even later blijkt dat de man niet meer agressief is en niet meer schreeuwt, voor de varkens daarentegen geldt het tegendeel. Op het moment dat zij bezeten worden door de onreine geesten, vertonen ze hetzelfde agressieve en ontembare karakter dat de man tot die tijd steeds vertoonde”[2].

Wat is er van al die dienaars van de satan geworden?
Dat staat er niet bij.
Voor Bijbellezers van 2022 is dat niet belangrijk. Zij zijn uit ons beeld verdwenen. Wij hoeven niet meer aan hen te denken.
Voor Gereformeerde mensen geldt: wie Jezus Christus volgt ontvangt rust.
De satan probeert op allerlei manieren om die rust te doorbreken. De zondag als rustdag staat onder druk. Als onze medemensen al rust zoeken, dan zoeken zij die niet in de kerk. Nee, zij zoeken ontspanning en rust op het sportveld. Of in de natuur.
Waar vinden wij nog meer rust? In de thuissituatie, als het goed is. Maar heel veel huwelijken lopen stuk. Op een website wordt geopperd dat we te maken krijgen met ‘uitgestelde scheidingen’. “Fysiek contact om de scheiding te regelen is (…) niet noodzakelijk in deze moderne tijd. Het is nu namelijk makkelijker dan ooit om de scheiding online te regelen.
Nog een mogelijke verklaring voor het uitstelgedrag van scheidingen anno 2021, is de huizenmarkt. Zoals nu al geruime tijd het geval is staat deze onder druk, en zijn de prijzen de afgelopen jaren sterk gestegen, wat het niet makkelijker maakt”. Het huwelijk is steeds vaker een min of meer zakelijke verbintenis, waarbij men er soms zelfs rekening mee houdt dat het huwelijk niet langer dan 10, 15 jaar stand houdt. En dan hebben wij nog met geen woord gerept over de genderideologie. Laten wij het zonder aarzeling benoemen: als het om deze dingen gaat heerst er een satanische geest in Nederland.
Welnu, daartegenover zet Jezus Christus, onze Heiland, Zijn trouw. Hij demonstreert Zijn macht. Zijn oproep luidt: volg Mij; dan wordt het, ondanks alle drukte in uw leven, veel rustiger in uw bestaan![3] 

Noten:
[1] In deze alinea, en ook in het onderstaande, gebruik ik de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Lucas 8:26-39. Uit Gods Woord citeer ik Lucas 8:30-33.
[2] In deze alinea gebruik ik 2 Petrus 2:4. Uit Gods Woord citeer ik Leviticus 11:7,8.
[3] In deze alinea gebruik ik https://www.judex.nl/rechtsgebied/familie-echtscheiding/columns/nationale-echtscheidingsmonitor-2021/ ; geraadpleegd op donderdag 16 juni 2022.

13 juni 2022

Eudokia

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Het is vandaag precies vijftig jaar geleden – op dinsdag 13 juni 1972 bericht het Nederlands Dagblad over de ingebruikname van de Eudokiakerk in Kampen. Heden ten dage is dat gebouw nog altijd het onderkomen van de Gereformeerde kerk (vrijgemaakt) te Kampen-Noord.
In 1972 is dominee P. Lok de predikant van de gemeente in Kampen. Op de dag van de ingebruikname, zaterdag 10 juni 1972, zegt hij onder meer: “Het moge dan een sieraad zijn voor de stad Kampen, dit fraaie kerkgebouw, het eerste en het belangrijkste is toch dat hier de Gereformeerde Kerk zal samenkomen in haar erediensten. Dat in dit kerkgebouw de ontmoeting en het samengaan van Christus en Zijn kerk zal plaatsvinden. In alles wat hier gebeurt – in het catechetisch onderwijs aan de jeugd, in de vergaderingen van allerlei verenigingen – zal Christus met Zijn genadeheerschappij centraal moeten staan. Hier zal de naam des Heeren openlijk worden aangeroepen. Tot lof en prijs van Gods Eudokia”[1].

Dat oude krantenbericht geeft te denken. Dat zal hieronder blijken.

Eudokia – dat betekent: degene die Gods liefde ontvangt. Of ook: degene waarin God welbehagen heeft.
Wie is Gods grootste eudokia? Antwoord: Jezus Christus. Zo lezen wij dat bijvoorbeeld in Mattheüs 3: “En zie, een stem uit de hemelen zei: Dit is Mijn geliefde Zoon, in Wie Ik Mijn welbehagen heb!”. Eudokesa staat daar, een vorm van dat woord eudokia dus.
Eudokia – dat woord bestaat uit twee delen. Eu: goed. En: dokia, een vorm van dokeoo: menen, besluiten. Jezus is de Zoon waarmee God de Vader bijzonder ingenomen is. Jezus is de Man naar Vaders hart.
Naar Hem moeten wij dus luisteren. Wij moeten Hem volgen. Zijn Woord staat in de kerk centraal[2].

Dat woord eudokia vinden wij ook in de engelenzang van Lucas 2: “Eer zij aan God in de hoogste hemelen, en vrede op aarde, in mensen een welbehagen”. Dat betekent daar: God heeft welgevallen aan de kinderen die Hij liefdevol heeft uitgekozen!
Lucas 2 brengt ons in de sfeer van Gods vrijgevige genade. Dat is ook de sfeer van Mattheüs 11: “In die tijd antwoordde Jezus en zei: Ik dank U, Vader, Heere van de hemel en van de aarde, dat U deze dingen voor wijzen en verstandigen verborgen hebt, en ze aan jonge kinderen hebt geopenbaard. Ja, Vader, want zo was het Uw welbehagen”. En van Lucas 12: “Maar zoek het Koninkrijk van God en al deze dingen zullen u erbij gegeven worden. Wees niet bevreesd, kleine kudde, want het heeft uw Vader behaagd u het Koninkrijk te geven”. Zowel in Mattheüs 11 als in Lucas 12 staat dat woord eudokia.
Door het werk van Jezus Christus is de kerk Gods eudokia![3]

Het Woord van de Heiland staat in de kerk dus in het centrum van de aandacht.
In juni 1972 is men zich daar te Kampen sterk van bewust. Dat blijkt wel uit het ND-bericht. Daarin lezen wij namelijk ook het volgende.
“De architect, de heer N. van der Stelt te Amersfoort, gaf een uitgebreide toelichting op het ontwerp van de Eudokia-kerk. Hij zei onder meer: ‘Toen ik de opdracht tot het bouwen van dit kerkgebouw ontving stond één ding tevoren vast: in dit gebouw zal de prediking centraal staan. Dat moest men ook buiten kunnen zien. Vandaar die grote wand bij de preekstoel, die allesbeheersend is in het complex. Alle andere muren en nevenruimten zijn ondergeschikt aan deze wand, die hoog en breed is, de gemeente als het ware omspannend. De overige elementen versterken dit. De Woordverkondiging is niet in het wilde weg, naar zeer bepaald tot de gemeente gericht. De vorm van het dak accentueert dit. En het antwoord van de gemeente — in dankbare lofzang en offers richt zich weer naar boven, tot de Koning der Kerk. Verkondiging en antwoord zijn zo de grondvormen van dit gebouw. De zitplaatsen zijn zo gesitueerd rondom de preekstoel dat ze als het ware uitbeelden hoe de gemeente zich laat vergaderen. Dan is er de hal, waar de gemeente wordt opgevangen en die deze ook zo maar weer niet laat gaan als de kerkdienst voorbij is. Evenals het kerkplein, dat dezelfde functie heeft. Dan zijn er de zalen, waar gewerkt wordt, duidelijk zichtbaar — kleiner — maar ondergeschikt aan de grote ruimte, waar het Woord verkondigd wordt’.
De toelichting van de architect maakt duidelijk hoezeer de eredienst van Gereformeerde mensen gericht moet wezen op Gods eudokia: de Heiland en Zijn kerk.

Eudokia duidt, welbeschouwd, op het grootste wonder in deze wereld. Dat is dit: het heeft de Here behaagd om een vast en groot aantal mensen in Christus tot het eeuwig heil te brengen.
Eudokia: dat woord duidt op Gods liefdevolle keuze.
Om met de Dordtse Leerregels te spreken: “Deze uitverkorenen zijn niet beter dan anderen en zij hebben evenmin enig recht op Gods liefde, omdat zij met alle mensen aan de ellende prijsgegeven zijn. Alleen uit genade zijn zij in Christus uitverkoren overeenkomstig het vrije welbehagen van Gods wil”.
“Ik ben niet gekomen om rechtvaardigen tot bekering te roepen, maar zondaars”, zegt Jezus in Mattheüs 9. Mensen die uit zichzelf bij God weglopen, vormen samen toch Gods eudokia. In een welhaast dolgedraaide wereld is dat de meest troostvolle boodschap die er is![4]

Noten:
[1] Geciteerd uit: “Eudokia-kerk te Kampen zaterdag officieel in gebruik genomen”. In: Nederlands Dagblad, dinsdag 13 juni 1972, p. 2.
[2] In deze alinea gebruik ik https://www.amen.nl/artikel/71/u-kent-meer-grieks-dan-u-denkt-deel-2-eudokia ; geraadpleegd op zaterdag 4 juni 2022.
[3] In deze alinea citeer ik achtereenvolgens Lucas 2:14, Mattheüs 11:25,26 en Lucas 12:31,32
[4] In deze alinea citeer ik woorden uit hoofdstuk I, artikel 7 van de Dordtse Leerregels. En uit Gods Woord Mattheüs 9:13 b.

25 mei 2022

Weemoed of verwachting?

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Morgen, donderdag 26 mei, zal het Hemelvaartsdag zijn. De troonsbestijging van onze Heiland, Jezus Christus, is een feit. Maar de kerk blijft niet alleen. Zeker niet! Leest u maar mee in Lucas 24: “En zie, Ik zend de belofte van Mijn Vader op u; maar blijft u in de stad Jeruzalem, totdat u met kracht uit de hoogte bekleed zult worden. Hij leidde hen naar buiten tot bij Bethanië. En Hij hief Zijn handen op en zegende hen. En het geschiedde, terwijl Hij hen zegende, dat Hij Zich van hen verwijderde. En Hij werd opgenomen in de hemel. En zij aanbaden Hem en keerden terug naar Jeruzalem met grote blijdschap. En zij waren voortdurend in de tempel, terwijl ze God loofden en dankten. Amen”[1].

De discipelen, die samen het fundament van de kerk gaan vormen, worden gezegend. Zij mogen rekenen op Gods goedertierenheid en trouw. Zij weten nu zeker: wij staan onder de speciale bescherming van onze God.

Jezus Christus wordt omhoog gedragen. De God van hemel en aarde draagt Zijn Zoon omhoog: de hemel in.
Men zou zeggen dat de discipelen nu verbijsterd zijn en dus tot weinig meer in staat. Maar niets is minder waar. Zij aanbidden Hem. Vol eerbied kijken ze Hem na. Gods zegen wordt beantwoord met de dankzegging van de discipelen.
En nee, zij voelen zich vervolgens niet alleen. Zij gaan naar de tempel. Naar de kerk dus.
Vanuit de tempel gaat het Evangelie van Christus’ troonsbestijging de wereld door.

Men kan mompelen: ‘Ja, dat klinkt allemaal prachtig – maar had Hij niet beter op aarde kunnen blijven? Kijk eens hoe de wereld zich ontwikkelt, zonder God of gebod!’.
Laten we die gedachte snel verwerpen.
Dominee G. Wisse (1873-1957), predikant in de Gereformeerde Kerken en later in de Christelijke Gereformeerde Kerken, noteerde eens: “Satan en zijn engelen, die met hun geweld in de hemel het onderspit moesten delven, zijn nu te vergelijken met een verslagen leger dat op zijn aftocht en vlucht dorpen en steden uitmoordt en plundert. Zo doet de hellemacht het nu hier op aarde. Hoe meer de tijden rijpen voor Christus’ wederkomst hoe beginsellozer de volkeren-oorlogen ook zullen worden”.
Natuurlijk, dat ziet er alarmerend uit.
We worden er verdrietig van.
En bij tijden wanhopig, wellicht.
Maar die beginselloosheid betekent dus ook: Jezus maakt Zich klaar voor de terugreis naar de aarde. Oftewel: Hij maakt Zich klaar voor Zijn wederkomst!
Laten wij daarbij niet vergeten wat er in Openbaring 5 staat: “En een van de ouderlingen zei tegen mij: Huil niet. Zie, de Leeuw Die uit de stam van Juda is, de Wortel van David, heeft overwonnen om de boekrol te openen en zijn zeven zegels te verbreken. En ik zag, en zie: te midden van de troon en van de vier dieren en te midden van de ouderlingen stond een Lam als geslacht, met zeven hoorns en zeven ogen. Dat zijn de zeven Geesten van God, die uitgezonden zijn over heel de aarde. En Het kwam, en heeft de boekrol genomen uit de rechterhand van Hem Die op de troon zat. En toen Het de boekrol genomen had, wierpen de vier dieren en de vierentwintig ouderlingen zich vóór het Lam neer. Zij hadden elk een citer en gouden schalen vol reukwerk. Dit zijn de gebeden van de heiligen. En zij zongen een nieuw lied en zeiden: U bent het waard om de boekrol te nemen en zijn zegels te openen, want U bent geslacht en hebt ons voor God gekocht met Uw bloed, uit elke stam, taal, volk en natie. En U hebt ons voor onze God gemaakt tot koningen en priesters, en wij zullen als koningen regeren over de aarde”. Wie dat Schriftwoord tot zich neemt, gaat beseffen: deze wereld vertoont steeds meer de trekken van een goddeloze bende, maar het gaat toch de goede kant op!
Psalm 121 is waar:
“De HEER zal u steeds gadeslaan,
Hij maakt het kwade goed,
Hij is het die u hoedt.
Hij zal uw komen en uw gaan,
wat u mag wedervaren,
in eeuwigheid bewaren”[2].

Het verhaal hierboven lijkt misschien te mooi om waar te zijn.
Gered uit een vuile wereld?
Vanuit een volkomen kapotte wereld op weg naar vrede in de hemel?
Hoe kan dat nou?
Als wij ons dat gaan afvragen wordt het tijd om Johannes 14 in ons geheugen te zetten. Jezus zegt: “Als u Mij liefhebt, neem dan Mijn geboden in acht. En Ik zal de Vader bidden, en Hij zal u een andere Trooster geven, opdat Hij bij u blijft tot in eeuwigheid, namelijk de Geest van de waarheid, Die de wereld niet kan ontvangen, want zij ziet Hem niet en kent Hem niet, maar u kent Hem, want Hij blijft bij u en zal in u zijn. Ik zal u niet als wezen achterlaten; Ik kom weer naar u toe”.
Hemelvaartsdag: dat is niet een dag van weemoed, maar van verwachting![3]

Noten:
[1] Lucas 24:49-53.
[2] Het citaat van ds. G. Wisse komt uit: Wim Kranendonk, “Voor een christen zijn oorlogen geen nieuws”. In: Accent, bijlage bij het Reformatorisch Dagblad, zaterdag 12 maart 2022, p. 5. Verder citeer ik Psalm 121:4 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.
[3] In deze alinea citeer ik Johannes 14:15-18.

4 mei 2022

Naar ’t licht geleid

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

De zogeheten dodenherdenking die vanavond plaatsvindt staat in een nogal merkwaardig licht. We herdenken de gevallenen in de Tweede Wereldoorlog. En ook de gevallenen tijdens andere militaire conflicten, zoals bij de politionele acties in de nadagen van Nederlands-Indië en bij VN-vredesoperaties in bijvoorbeeld Libanon, Bosnië en Afghanistan. En álle Nederlanders die vanaf de Tweede Wereldoorlog door oorlogshandelingen of bij VN-vredesmissies omgekomen zijn.
Sinds 1981 is de herdenking ook gericht tegen racisme en onverdraagzaamheid.
Met dat laatste hebben we in Nederland tegenwoordig wel enige ervaring.
En sinds de oorlog in Oekraïne staan de beelden die hiermee in verband staan heel helder op ons netvlies.
De Dodenherdenking staat feitelijk in vals licht: de zon schijnt terwijl donkere wolken zich boven ons samenpakken[1].

In Johannes 21 zien we een ander licht. Het vroege morgenlicht namelijk. Leest u maar even mee: “Simon Petrus zei tegen hen: Ik ga vissen. Zij zeiden tegen hem: Wij gaan met u mee. Zij gingen naar buiten, en gingen meteen aan boord van het schip; en in die nacht vingen zij niets. En toen het al ochtend geworden was, stond Jezus aan de oever, maar de discipelen wisten niet dat het Jezus was”.
Jezus laat zich zien aan Zijn discipelen.
En Hij heeft nog altijd geweldig veel macht.
Kijkt u maar: “En Hij zei tegen hen: Werp het net uit aan de rechterkant van het schip en u zult vinden. Dus wierpen zij het uit en zij konden het niet meer trekken vanwege de grote hoeveelheid vissen. De discipel dan die Jezus liefhad, zei tegen Petrus: Het is de Heere! Toen Simon Petrus dan hoorde dat het de Heere was, sloeg hij het bovenkleed om, want hij was ongekleed, en wierp zich in de zee. En de andere discipelen kwamen met het scheepje, want zij waren niet ver, slechts ongeveer tweehonderd el, van het land verwijderd, en sleepten het net met de vissen. Toen zij nu aan land gegaan waren, zagen zij een kolenvuur met vis daarop liggen, en brood. Jezus zei tegen hen: Breng wat van de vissen die u nu gevangen hebt. Simon Petrus ging ernaartoe en trok het net op het land, vol grote vissen, honderddrieënvijftig, en hoewel het er zoveel waren, scheurde het net niet”.
Wat gebeurt daar?
De discipelen moeten erkennen dat zij Jezus nodig hebben. Als zij zelfredzaam willen zijn, zal alras blijken dat het leven onmogelijk wordt.
En er is meer.
Op het kolenvuur ligt al vis. Op dat vuur ligt al brood. Daar zorgt de Here dus voor. De discipelen moeten het beseffen: wij moeten ons aan Gods leiding toevertrouwen[2].

Vertrouw u aan de Heiland toe; dan bent u voor altijd veilig – dat Evangelie moet de wereld door.
Dat blijkt heel duidelijk in Lucas 24.
In dat hoofdstuk verschijnt Jezus aan de elf apostelen. Die kunnen het niet geloven. Maar het is werkelijk waar. Jezus eet honing en vis. Hij is het dus echt!
En daarna komt meteen de instructie: broeders, ga aan uw werk; er moet geëvangeliseerd worden!
In de beschrijving van Lucas klinkt dat zo: “En Hij zei tegen hen: Dit zijn de woorden die Ik tot u sprak toen Ik nog bij u was, dat alles vervuld moest worden wat over Mij geschreven staat in de Wet van Mozes en in de Profeten en in de Psalmen. Toen opende Hij hun verstand zodat zij de Schriften begrepen. En Hij zei tegen hen: Zo staat er geschreven en zo moest de Christus lijden en uit de doden opstaan op de derde dag. En in Zijn Naam moet onder alle volken bekering en vergeving van zonden gepredikt worden, te beginnen bij Jeruzalem. En u bent van deze dingen getuigen”[3].

Racisme, onverdraagzaamheid en Oekraïne: de harde wereld zonder God lijkt dag bij dag dichterbij te komen.
Maar ook in deze wereld schijnt het vroege morgenlicht van Johannes 21: Jezus Christus, onze Heiland, heeft de wereld in de hand. Ook in 2022.
In dat licht kan het Evangelie van redding worden verkondigd: bekeer u; er is vergeving van zonden!
Die vergeving is er voor iedereen: van welke kleur of welk ras hij of zij ook is.

Aan de zee van Tiberias toont Jezus hoe groot Zijn macht is.
En er staat daar bij: “Dit nu was de derde keer dat Jezus Zich aan Zijn discipelen openbaarde, nadat Hij uit de doden opgewekt was”.
De Redder van de wereld laat de kerk aan de Boodschap wennen: Jezus leeft, want Hij is opgestaan! Christus moest lijden en opstaan op de derde dag.
En daarom kunnen wij Psalm 56 nu blij meezingen:
“Ik zal in ’t licht uws aanschijns mij verblijden,
zodat ik U mijn leven kan gaan wijden,
daar U mijn voet bewaarde tegen glijden,
naar ’t licht mij hebt geleid”.
Wij moeten ons niet in de war laten brengen door criminaliteit, oorlogen, racisme en wat daar verder aan ellende volgt. Ook vandaag schijnt nog dat vroege morgenlicht van Johannes 21.
Daarom zal het voor Gereformeerde mensen vanavond tijdens de dodenherdenking beslist niet donker wezen![4]

Noten:
[1] In deze alinea gebruik ik https://nl.wikipedia.org/wiki/Nationale_Dodenherdenking ; geraadpleegd op zaterdag 30 april 2022.
[2] In deze alinea citeer ik Johannes 21:3,4 en Johannes 21:6-9.
[3] In deze alinea citeer ik Lucas 24:44-48.
[4] In deze alinea citeer ik Johannes 21:14. Verder enkele regels uit Psalm 56:4 – berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986.

13 april 2022

Intocht in Jeruzalem

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

In ons leven zien wij, als wij nauwkeurig kijken, op vele plaatsen Gods goedheid. Zelfs in de meest deplorabele omstandigheden is er wel reden om optimistisch te blijven over het vervolg van ons leven. Want zelfs als wij het aardse leven plotsklaps los moeten laten is er een magnifiek vervolg: wij krijgen een definitieve woonplaats in de hemelse heerlijkheid.
Het is van groot belang om die blijde Boodschap scherp voor ogen te hebben.
Dat zal hieronder blijken[1].

Zonder het te weten wijzen Jezus’ discipelen in Lucas 19 op die hemelse glorie. Want zij roepen bij Jezus’ intocht in Jeruzalem: “Gezegend is de Koning, Die daar komt in de Naam van de Heere. Vrede in de hemel en heerlijkheid in de hoogste hemelen”. Dat roepen heeft een diepe betekenis. Want de discipelen proclameren niet zomaar wat. Zij grijpen terug op Psalm 118:
“Och Heere, breng toch heil;
och Heere, geef toch voorspoed.
Gezegend wie komt in de Naam van de Heere!
Wij zegenen u vanuit het huis van de Heere”.
In de Oudtestamentische tijd zong men de pelgrims met die woorden toe. Maar in Lucas 19 krijgt Psalm 118 een diepere betekenis. Hij is de Verlosser waarover eeuwenlang door profeten gesproken is. De profeet Maleachi was indertijd heel duidelijk geweest: “Plotseling zal naar Zijn tempel komen die Heere Die u aan het zoeken bent, de Engel van het verbond, in Wie u uw vreugde vindt. Zie, Hij komt, zegt de Heere van de legermachten”. Welnu, dat moment is in Lucas 19 aangebroken[2].

De discipelen nemen grote woorden in de mond.
Vrede in de hemel!
Heerlijkheid in de hóógste hemelen!
De discipelen beseffen niet precies wat zij zeggen. De betekenis van hun juichkreten overzien zij ongetwijfeld niet. Waarom zeggen zij die woorden dan? Omdat hen de woorden klaarblijkelijk in de mond gelegd worden. De intocht in Jeruzalem wordt op Goddelijke wijze geregisseerd.
Onze God is de God van hemel en aarde. Hij vangt heel de kosmos in Zijn blik. Tijdens die intocht in Jeruzalem wordt het duidelijk voor mensen die goed naar de inhoud van de juichkreten luisteren: Jezus wordt geen koning van een aards koninkrijk. Nee, Zijn greep is groter. Onze Heiland zegt het in Johannes 18 Zelf tegen Pilatus: “Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld. Als Mijn Koninkrijk van deze wereld was, zouden Mijn dienaars gestreden hebben, opdat Ik niet aan de Joden overgeleverd zou worden, maar nu is Mijn Koninkrijk niet van hier”.
Het is dus een hemels koninkrijk. Dat koninkrijk is hier op aarde niet zomaar te zien. Het is een kwestie van geloof.
De juichkreten van Jezus’ discipelen worden door veel toeschouwers overgenomen. Heel het omringende volk laat – zonder zich dat te realiseren – weten dat Christus’ koninkrijk een hemelse dimensie heeft!
Ook voor ons is het anno Domini 2022 belangrijk om die laatste gedachte vast te houden. Wij leven in een wereld vol misstanden en rampen. We horen over de opwarming van de aarde. Gods wet wordt met voeten getreden. Huwelijkstrouw is bijvoorbeeld vaak ver te zoeken. Er zijn veel internationale spanningen die bij tijd en wijle tot een oorlog leiden. In zo’n enerverende wereld kan zomaar de vraag rijzen: kan God hier nou niets aan doen?? Laten wij elkaar voorhouden: de hemelse God doet er wat aan; maar dat is niet altijd zichtbaar, want Hij sticht een hemels Koninkrijk. In dat Koninkrijk krijgen gelovige kinderen van God een schitterende woonplaats![3]

In Lucas 12 had de Here Jezus al tegen Zijn discipelen gezegd: “Wees niet bevreesd, kleine kudde, want het heeft uw Vader behaagd u het Koninkrijk te geven”. De kleine kudde van 2022, de kerk, mag dat feit ook op zichzelf toepassen. Die kant gaan wij op. In dat kader staat ook de intocht in Jeruzalem. Natuurlijk, het gaat in Lucas 19 over het aardse Jeruzalem. Maar dat is nog maar een klein begin.
Jesaja maakt het in Zijn tijd al veel grootser. Want Jesaja 60 begint zo: “Sta op, word verlicht, want uw licht komt en de heerlijkheid van de Heere gaat over u op. Want zie, de duisternis zal de aarde bedekken en donkere wolken de volken, maar over u zal de Heere opgaan en Zijn heerlijkheid zal over u gezien worden”. Ook Zacharia heeft in zijn tijd een brede blik: “Verheug u zeer, dochter van Sion! Juich, dochter van Jeruzalem! Zie, uw Koning zal tot u komen, rechtvaardig, en Hij is een Heiland, arm, en rijdend op een ezel, op een ezelsveulen, het jong van een ezelin. Ik zal de strijdwagens uit Efraïm wegnemen, en de paarden uit Jeruzalem. De strijdboog zal weggenomen worden. Hij zal vrede verkondigen aan de heidenvolken. Zijn heerschappij zal zijn van zee tot zee, van de rivier de Eufraat tot aan de einden der aarde”.
Onze God brengt in Openbaring 3 het hemelse Jeruzalem Zelf ter sprake: “Wie overwint, hem zal Ik tot een zuil in de tempel van Mijn God maken, en hij zal daaruit niet meer weggaan. En Ik zal de Naam van Mijn God op hem schrijven en de naam van de stad van Mijn God, het nieuwe Jeruzalem, dat neerdaalt uit de hemel, bij Mijn God vandaan, en Mijn nieuwe Naam”. In Openbaring 21 zien we hoe Jeruzalem Gods glorie gaat weerspiegelen: “En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan. En de zee was er niet meer. En ik, Johannes, zag de heilige stad, het nieuwe Jeruzalem, neerdalen van God uit de hemel, gereedgemaakt als een bruid die voor haar man sierlijk gemaakt is”. En even verder: “En hij voerde mij weg in de geest op een grote en hoge berg en liet mij de grote stad zien, het heilige Jeruzalem, dat neerdaalde uit de hemel, bij God vandaan”.
Jezus Christus deed intocht in het aardse Jeruzalem.
Al de uitverkorenen zullen intocht doen in het hemelse Jeruzalem.
En daarom mogen we zeggen: Lucas 19 is nog maar het begin![4]

Noten:
[1] Zie voor een uitwerking van het bovenstaande mijn artikel ‘Dopen, Pasen en Pinksteren’, hier gepubliceerd op maandag 11 april 2022. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2022/04/11/ .
[2] In deze alinea citeer ik achtereenvolgens Lucas 19:38, Psalm 118:25,26 en Maleachi 3:1 b.
[3] In deze alinea citeer ik Johannes 18:36.
[4] In deze alinea citeer ik achtereenvolgens Lucas 12:32, Jesaja 60:1,2, Zacharia 9:9,10, Openbaring 3:12, Openbaring 21:1,2 en Openbaring 21:10.

6 april 2022

Berekenende boeren

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Kent u de parabel van die berekenende boeren die uiteindelijk criminelen werden?
Die staat in Lucas 20.
Er staat ook wat uitleg bij. En de Schriftgeleerden begrijpen heel best dat zij die agressieve agrariërs zijn…  
Leest u maar mee.
“Iemand plantte een wijngaard en verhuurde die aan landbouwers en ging een tijd lang naar het buitenland. En toen het de tijd was, stuurde hij een dienaar naar de landbouwers, opdat zij hem een deel van de opbrengst van de wijngaard zouden geven. De landbouwers echter sloegen hem en stuurden hem met lege handen weg. En hij stuurde nog een andere dienaar, maar zij sloegen ook hem, behandelden hem schandelijk en stuurden hem met lege handen weg. Daarna stuurde hij nog een derde, maar zij verwondden ook deze en wierpen hem eruit. En de heer van de wijngaard zei: Wat zal ik doen? Ik zal mijn geliefde zoon sturen. Als zij deze zien, zullen zij mogelijk ontzag voor hem hebben. Maar toen de landbouwers hem zagen, overlegden zij onder elkaar en zeiden: Dit is de erfgenaam. Kom, laten we hem doden, opdat de erfenis van ons zal worden. En toen zij hem buiten de wijngaard geworpen hadden, doodden zij hem. Wat zal dan de heer van de wijngaard met hen doen? Hij zal komen en die landbouwers ombrengen en zal de wijngaard aan anderen geven. En toen zij dit hoorden, zeiden zij: Dat nooit. Maar Hij keek hen aan en zei: Wat betekent dan dit wat geschreven staat: De steen die de bouwers verworpen hebben, is tot een hoeksteen geworden? Ieder die op die steen valt, zal verpletterd worden en op wie hij valt, die zal hij vermorzelen. En de overpriesters en schriftgeleerden probeerden op datzelfde moment de hand aan Hem te slaan. Zij waren echter bevreesd voor het volk, want zij begrepen dat Hij deze gelijkenis met het oog op hen gesproken had”[1].

De moraal van het verhaal is deze.
Israël trok zich heel vaak niets van woordvoerders van God aan. Die profeten snoerden zij de mond. Ze stuurden ze weg. In 2 Kronieken 36 wordt die gang van zaken bondig omschreven: “De Heere, de God van hun vaderen, zond hun vroeg en laat waarschuwende woorden door de hand van Zijn boden, want Hij wilde Zijn volk en Zijn woning sparen. Maar zij spotten met de boden van God, verachtten Zijn woorden en maakten Zijn profeten belachelijk, tot de grimmigheid van de Heere tegen Zijn volk zo hoog opsteeg dat er geen genezing meer mogelijk was”.
Welnu – de Schriftgeleerden willen Jezus, Gods geliefde Zoon, ook graag de mond snoeren. Het adagium is: weg met die Man![2]

Goed beschouwd omspant die gelijkenis vele eeuwen. Wat een geduld heeft God met Zijn volk!
Iedere zondag wordt het Evangelie gepredikt. Zo nu en dan zien wij dat een klein kindje wordt gedoopt. Met een zekere regelmaat vieren wij het Heilig Avondmaal. De Heilige Geest gebruikt zowel ons gehoor en ons zicht om het er bij ons in te prenten: Jezus Christus redt u; sluit u bij Hem aan! In de woorden van de Heidelbergse Catechismus klinkt dat zo: “De Heilige Geest leert ons in het evangelie en bevestigt ons door de sacramenten, dat ons volkomen heil rust in het enige offer van Christus, dat voor ons aan het kruis gebracht is”.
Maar wat doen de mensen in onze tijd? Zoetjesaan verleggen ze her en der wat accenten. De achtergrond daarvan is: wij willen onszelf redden. Hoe dat kan werken zien we in de volgende alinea[3].

De mensen zeggen bijvoorbeeld: we leven in woke-tijden. Woke… wat is dat ook al weer? Een columniste van het Nederlands Dagblad omschrijft het als volgt.
“Woke gaat terug op de strijd van zwarte Amerikanen tegen wit racisme. En omdat die niet genoeg opleverde, was de conclusie dat de strijd dieper moet afsteken. Lang verhaal kort: iedereen die slachtoffer is van de geprivilegieerde witte man – ook vrouwen en minderheden (van gehandicapten tot immigranten) – moet zich verenigen. De strijd betreft daarmee niet alleen racisme, maar álle uitsluiting en onderdrukking in de westerse samenleving. En daarvoor moet álles onder kritiek worden gesteld: van de wetenschap (opgebouwd door witte mannen) tot de recepten in kookboeken (toe-eigening van gerechten uit niet-witte culturen). De woke mentaliteit levert strenge regels op voor ieders doen en laten. De witte man die bovenaan de pikorde staat, dient meestal zijn mond te houden; witte vrouwen moeten op hun tijd ook van zwijgen weten. Jouw identiteit – je huidskleur, culturele achtergrond of seksuele voorkeur – bepaalt wat jij mag zeggen”.
Conclusie: mensen moeten zelf onderdrukking bestrijden.
Oftewel: wij maken onze eigen regels.
O wee als u zich niet aan die regels aan houdt!
Als het een beetje meezit is God nog best de moeite waard. Maar Hij is iets voor de toekomst. Vooreerst moeten we onszelf redden…
Ook in 2022 zijn er talloze manieren en redeneringen om onder het evangelie van Jezus Christus uit te komen. Dit is er één van[4].

De kerkleiders in Lucas 20 hebben ook zo hun eigen regels. Die regels gaan als groepscode fungeren voor het ganse kerkvolk.
Ten diepste is er in al die eeuwen niet zoveel veranderd.
Hoe komt dat?
Sinds Genesis 3 zit de zonde in ons leven ingemetseld!   

Voor al die zonden gaat Jezus Christus betalen. Wat een genade! Wat een schitterende trouw!
Ziehier de betekenis van Psalm 118:
“De steen die de bouwers verworpen hadden,
is tot een hoeksteen geworden.
Dit is door de Heere geschied,
het is wonderlijk in onze ogen.
Dit is de dag die de Heere gemaakt heeft,
laten wij op deze dag ons verheugen en verblijd zijn”.
Inderdaad – dit is door de Heere geschied. Als het van mensen afhing was Gods geliefde Zoon al lang ‘uit de wereld weggeregeld’. Maar Jezus Christus blijft trouw. Hij gaat voor al onze zonden de dood in![5]

Wij hebben allemaal de neiging om onszelf te redden.
Wij hebben allemaal de neiging om ons op sommige punten aan te passen aan de cultuur om ons heen. Denkt u maar aan de plaats van de vrouw, LHBTIQ+, voor jezelf zorgen -een ander doet het niet-, veel en vaak genieten -een goede  aansluiting bij de wereld is nooit weg- en meer van dergelijke dingen.
Laten wij zulke neigingen maar onderdrukken.
Wij mogen met lege handen het evangelie van Jezus Christus en Zijn verlossingswerk verkondigen. Net zoals Christus’ leerlingen dat doen. In Lucas 22 vraagt Jezus aan zijn leerlingen: “Heeft het u aan iets ontbroken, toen Ik u uitzond zonder beurs, reiszak en sandalen? Zij zeiden: Aan niets”.
Jezus Christus is onze Redder!
Als wij dat evangelie vasthouden zal ons verder alles gegeven worden wat wij nodig hebben.
Als wij die Boodschap blijven geloven is er toekomst. Voor eeuwig![6]

Noten:
[1] Lucas 20:9-19.
[2] In deze alinea citeer ik 2 Kronieken 36:15,16.
[3] In deze alinea citeer ik uit de Heidelbergse Catechismus: Zondag 25, antwoord 67.
[4] In deze alinea citeer ik uit: Reina Wiskerke, “Fout, fouter, foutst” – column in: Nederlands Dagblad, woensdag 30 maart 2022, p. 2. Over de woke-beweging schreef ik ook in mijn artikel: ‘Recht, onrecht en ons perspectief’, hier gepubliceerd op maandag 13 december 2021. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2021/12/13/ .
[5] In deze alinea citeer ik Psalm 118:22,23,24.
[6] In deze alinea citeer ik Lucas 22:35.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.