gereformeerd leven in nederland

19 november 2019

Liefde in een ge-regel-d leven

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Heb elkaar lief! Dat is in Johannes 15 het dienstbevel van Jezus voor Zijn leerlingen.
Menselijke genegenheid staat bij Gods kinderen echter niet op zichzelf. Die is niet de bron van die liefde.
God de Vader heeft Zijn Zoon lief. En van daaruit kunnen Jezus’ leerlingen ook elkaar liefhebben.

Liefde voor elkaar – dat klinkt een beetje soft. In onze wereld zijn u en ik al snel de onderliggende partij als wij te lief en te zacht zijn.
Maar nee – dat is in Johannes 15 de bedoeling niet.
Want Jezus zegt: “Als u Mijn geboden in acht neemt, zult u in Mijn ​liefde​ blijven, zoals Ik de geboden van Mijn Vader in acht genomen heb en in Zijn ​liefde​ blijf”[1].
Jawel – de wet van God komt er aan te pas. Liefde is niet zweverig. Liefde is niet: glimlachend boven de wereld hangen, om van een afstandje te kijken wat het gewoel en gekrioel der mensen zoal oplevert. Echte liefde blijkt uit een ge-regel-d leven: een leven naar Gods wet.
Dat maakt de Here blij. En dat stemt ook de discipelen verheugd. Het gaat erom dat die blijdschap volkomen wordt. Plerothei staat er. Dat wil zeggen: helemaal vol worden. Of ook: vervuld zijn ván.

Men kan vragen: is dit niet een ideaalbeeld?
Men kan zeggen: dit is prachtige theorie, maar in de praktijk kun je er niets mee.
Maar Jezus zegt er nog iets bij. Dat is dit: “Niet u hebt Mij ​uitverkoren, maar Ik heb u ​uitverkoren, en Ik heb u ertoe bestemd dat u zou heengaan en vrucht dragen, en dat uw vrucht zou blijven, opdat wat u ook maar van de Vader vraagt in Mijn Naam, Hij u dat geeft”[2].
Uitverkorenen hebben God en elkaar lief. Dat is het levensdoel van door God uitgekozen mensen. Het is hun bestemming. Het is de missie van Gods kinderen.
Jezus zegt: bidt maar – alles wat u voor het geven van die liefde nodig heeft, ontvangt u uit Gods hand. Geheid. Vast en zeker.
Dus: de liefde die u in de christelijke kerk proeft, werd eerst van Hogerhand ontvangen.

Als alles goed gaat is de kerk een bolwerk van liefde op deze aarde.
Toegegeven – het Neêrlandse kerkelijk terrein van 2019 laat maar al te vaak iets anders zien.
Maar Johannes 15 draait er niet omheen: uitverkorenen hebben God en elkaar lief. Dat liefdevolle optreden staat vaak in fel contrast met het gedruis in de wereld.
Het Nederlands Dagblad van maandag 18 november 2019 meldt: “In zuidelijk Afrika dreigen 45 miljoen mensen het komende half jaar slachtoffer te worden van voedselonzekerheid. Ook in Jemen en de Centraal-Afrikaanse Republiek is de nood hoog. De ramp is te voorkomen als de wereld snel in actie komt, meldt het Rode Kruis.
Door het jarenlange gewapende conflict in Jemen lijden volgens de hulporganisatie 3,2 miljoen inwoners aan acute ondervoeding. Ook in de Centraal-Afrikaanse Republiek hebben veel inwoners door een burgeroorlog nauwelijks te eten.
In zuidelijk Afrika is de voedselzekerheid van 45 miljoen inwoners van landen als Zimbabwe, Zambia, Angola en Lesotho in het geding. Droogte en overstromingen vormen hier de oorzaak. Veel oogsten zijn mislukt en reserves raken op”[3].
Een gewapend conflict
Een burgeroorlog
Daar hebt u het. Op deze aarde is op heel veel plekken de liefde ver te zoeken. Het is bijten of gegeten worden. In heel veel situaties pakken de mensen elkaar keihard aan.
Droogte…
Overstromingen…
Waar komen die vandaan? Wat is de diepste oorzaak van die natuurrampen?
Als de mensen God links laten liggen, komt God met Zijn attentieseinen. Hij proclameert dag en nacht de liefde die Hijzelf uitstraalt. Hij roept de mensen op: ‘Mensen, heb Mij lief. Toon van daaruit liefde voor elkaar!’.

Ziet u hoe de dagelijkse actualiteit samenhangt met de uitverkiezing?
Als de God van hemel en aarde niet wordt geëerbiedigd, gaat het met de wereld zomaar de verkeerde kant op. Natuurlijk, soms lijkt het aardig goed te gaan. En dan zeggen de mensen: de mensen hebben nog altijd een goede kern in zich…

Mensen vertellen allerlei verhalen rond het bestaan van de mens.
Een jaar of zes geleden schreef professor Ivan Wolffers bijvoorbeeld: “Zijn we van nature goed of slecht? En hoe kom je er achter? Om dit soort dingen te onderzoeken wordt de speltheorie gebruikt. Je laat mensen eindeloos vaak spelletjes doen en analyseert of de bully’s winnen of de samenwerkers. Vorig jaar leken in die spelonderzoeken de gemeneriken en egoïsten nog te winnen. Weg illusies dat het nog goed komt met de wereld.
Dit jaar keken onderzoekers Adami en Hintze er nog eens naar. Ze konden zich niet voorstellen dat egoïsten altijd winnen, dat samenwerking verdwijnt en de sluwe en slechte individuen overblijven. Gezellig. Ze lieten de computer honderdduizenden spelletjes doen met twee soorten spelers, egoïsten en samenwerkers. De ZD-theorie blijkt nooit te kunnen kloppen voor de evolutie. Die blijkt alleen op te gaan als de egoïst de andere spelers kent. Dan past hij zijn strategie namelijk snel aan. Hij wint van de samenwerkers, maar niet van de andere egoïsten. Daar komt nog iets bij: de niet-egoïsten leren er op den duur door en veranderen hun strategie ten opzichte van de egoïsten. De conclusie moet volgens de onderzoekers daarom luiden dat samenwerking de basis vormt voor de evolutie en niet egoïsme”[4][5].
Is samenwerking de basis van het aardse bestaan?
Is evolutie het fundament van het leven op aarde?
Johannes 15 leert ons heel wat anders: God is de Schepper en Onderhouder van deze aarde. En: God geeft Zijn kinderen ruim voldoende mogelijkheden om in deze wereld iets van Gods liefde te laten zien.

Heb elkaar lief!
Dat is een dringende boodschap in Johannes 15. Die boodschap is, om zo te zeggen, de echo van Johannes 13: “Een nieuw gebod geef Ik u, namelijk dat u elkaar liefhebt; zoals Ik u liefgehad heb, moet u ook elkaar ​liefhebben. Hierdoor zullen allen inzien dat u Mijn discipelen bent: als u ​liefde​ onder elkaar hebt”[6].
Jezus is in Johannes 15 heel duidelijk: “Dit gebied Ik u: dat u elkaar liefhebt”[7].
De kerk mag het aan de wereld laten zien: in onze leefomgeving zindert Gods liefde door het zwerk!

Noten:
[1] Johannes 15:10.
[2] Johannes 15:16.
[3] “Voedselonzekerheid dreigt voor miljoenen mensen”. In: Nederlands Dagblad, maandag 18 november 2019, p. 1.
[4] Geciteerd van https://joop.bnnvara.nl/opinies/zijn-we-van-nature-goed-of-slecht ; geraadpleegd op maandag 18 november 2019.
[5] Zie voor meer informatie over Ivan Wolffers https://www.ivanwolffers.nl/over-ivan/ ; geraadpleegd op maandag 18 november 2019.
[6] Johannes 13:34 en 35.
[7] Johannes 15:17.

16 oktober 2019

Stikstofpaniek

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

De Here leert ons dat wij zorgvuldig met de natuur moeten omgaan. Waarom? Ten diepste omdat de natuur de wijsheid van God weerspiegelt. Denkt u hierbij maar aan Psalm 104:
“Hoe groot zijn Uw werken, HEERE,
U hebt alles met wijsheid gemaakt,
de aarde is vol van Uw rijkdommen”[1].
Wie de schepping bekijkt, ziet iets van Gods wijsheid. Die is het bewonderen waard!

Dat wordt ook duidelijk in Deuteronomium 22.
Mensen moeten, zo leren wij daar, goed voor elkaar zorgen. Leest u maar even mee:
“U mag niet het rund of het schaap van uw broeder zien als ze afgedwaald zijn, en u vervolgens aan uw plicht onttrekken. U moet ze beslist naar uw broeder terugbrengen”[2].
En:
“Zo moet u ook doen met zijn ezel, zo moet u doen met zijn kleren, ja, zo moet u doen met elk verloren voorwerp van uw broeder, dat hij verloren heeft en u vindt; u mag zich niet aan uw plicht onttrekken. U mag niet de ezel van uw broeder of zijn rund zien als die onderweg gevallen is, en u vervolgens aan uw plicht onttrekken. U moet die beslist samen met hem overeind helpen”[3].
In het verlengde daarvan klinkt het ook: “Wanneer u onderweg een vogelnest tegenkomt, in welke boom dan ook of op de grond, met jongen of eieren, en de moeder zit op de jongen of op de eieren, dan mag u met de jongen niet ook de moeder meenemen. U moet de moeder zeker vrijlaten, maar de jongen mag u voor uzelf meenemen, opdat het u goed zal gaan en u uw dagen zult verlengen”[4].
Welnu – de schepping is het eigendom van de hoge God. Daar behoren wij goed voor te zorgen!

Vandaag de dag maakt men zich druk over stikstof.
Men schrijft: “Stikstof is een gas – zonder kleur, geur en smaak – en alom aanwezig. De stof wordt zo genoemd omdat mensen en dieren stikken als ze in een ruimte zijn met enkel deze stof. Toch bestaat zo’n 78 procent van de lucht uit stikstof. Dat we kunnen ademen, komt door de 20 procent zuurstof en waterstof in de lucht”.
(…)
Door toedoen van de mens komt er steeds meer stikstof in de natuur. (…) Daarnaast ontstaat veel stikstof in de landbouw, in 2017 veertig procent van het totaal. Ammoniak, een belangrijk onderdeel van kunstmest en veelvuldig voorkomend in gewone mest, is een verbinding van stikstof en waterstof. De stikstof in de (kunst)mest verdampt in de lucht en slaat dan neer in natuurgebieden of sijpelt via de bodem en het grondwater weg uit landbouwgebied. In vergelijking met andere landen stoot Nederland veel stikstof uit. Dat komt doordat we in een dichtbevolkt land leven met veel verkeer en veel intensieve landbouw. (…)
Als er veel stikstof in de bodem zit, groeien planten als bramenstruiken en brandnetels in hoog tempo. Ze verdrukken planten die juist gedijen op voedselarme grond. Schrale heide wordt bijvoorbeeld overgenomen door grasland. Sommige dieren kunnen daar nauwelijks voedsel vinden. Zij zullen verdwijnen.
De problemen door stikstof zijn dan ook vooral funest voor de zogeheten Natura2000-gebieden, natuurgebieden waarin bepaalde dieren en planten extra worden beschermd. (…) De overheid lanceerde in 2015 het Programma Aanpak Stikstof (PAS). Daarbij werd aan de ene kant gewerkt aan het terugdringen van de uitstoot van stikstof, bijvoorbeeld met luchtwassers voor boerderijen, en anderzijds door subsidies te geven voor natuurherstel”[5].
De vraag is nu: hoe moet de extra uitstoot van stikstof worden gecompenseerd?

Er wordt druk gepuzzeld om op die laatste vraag een evenwichtig antwoord te vinden.
Er wordt gewikt.
Er wordt gewogen.
Er wordt heen en weer gepraat.
Waar moet het heen met Nederland?

Eén ding is volstrekt duidelijk: er moet ruimte zijn voor alle inwoners van Nederland.
Eerst en vooral moet er plaats zijn voor de mensen. Immers: mannen, vrouwen en kinderen kan men niet voor het gemak even weg-regelen.
Mensen gaan boven natuur uit. Misschien betekent dat we stukken natuur moeten inleveren. Dat is een beetje droevig. Maar het is evenzeer onontkoombaar.

Intussen leert David ons in Psalm 19:
“De hemel vertelt Gods eer,
het gewelf verkondigt het werk van Zijn handen”[6].
Het is van groot belang dat vast te houden.
Waarom?
Wie omhoog kijkt en de lucht beziet, moet het beseffen: daarboven wordt Gods eer geproclameerd. Luchtvervuiling zet die eer op de achtergrond.
Wie naar boven kijkt, kan zien welke grootse dingen onze God maakt.
Veel mensen zeggen: vervuiling van de nog aanwezige natuur moet worden tegengegaan. Dat is waar. Dat is goed voor mensen. Maar met het schoonhouden van de natuur eren wij – als het goed is – in de eerste plaats onze God, de Schepper van heel de kosmos.
De hemel vertelt een verhaal.
De wolken geven het door: God is actief aanwezig

Dat helpt ons ook van angst en vraagtekens af.
Men hoort het wel eens suggereren: als we zo doorgaan kunnen we de wereld niet goed overdragen aan onze kinderen en kleinkinderen. Daarachter proeft men angst. Diepe angst. Waar gaat het heen met de wereld?
Als men zulke vragen stelt mogen gelovige kinderen van God zeggen “dat Hij ons om het enige offer van Christus, aan het kruis volbracht, vergeving van zonden en eeuwig leven uit genade schenkt”[7].
Als wij in de kerk het Heilig Avondmaal vieren betekent dat “dat wij met een gelovig hart heel het lijden en sterven van Christus aannemen en daardoor vergeving van zonden en eeuwig leven verkrijgen. Verder ook, dat wij door de Heilige Geest, die tegelijk in Christus en in ons woont, steeds meer met zijn heilig lichaam verenigd worden, en wel zo, dat wij, hoewel Christus in de hemel is en wij op aarde zijn, toch vlees van zijn vlees en been van zijn gebeente zijn en ook zo, dat wij door één Geest eeuwig leven en geregeerd worden, zoals de leden van het lichaam door één ziel”[8].
Kijk, dan ebt de angst weg.
Kijk, dan komt er een nieuw begin.

Het lijkt wel alsof de stikstofproblematiek in snel tempo getransformeerd is tot stikstofpaniek.
Maar daar is ten principale geen reden voor.
Want de profeet Jesaja verkondigde het al namens zijn Opdrachtgever: “Want zie, Ik schep een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Aan de vorige dingen zal niet meer gedacht worden, ze zullen niet meer opkomen in het ​hart”[9].
Dwars door alles heen werkt de God van de kosmos aan een nieuw begin. En dat nieuwe begin kent geen einde!

Noten:
[1] Psalm 104:24.
[2] Deuteronomium 22:1.
[3] Deuteronomium 22:3 en 4.
[4] Deuteronomium 22:6 en 7.
[5] Geciteerd van https://www.dvhn.nl/groningen/Zes-vragen-over-stikstof-en-waarom-het-nu-zon-probleem-is-24860748.html ; geraadpleegd op woensdag 9 oktober 2019.
[6] Psalm 19:2.
[7] Heidelbergse Catechismus – Zondag 25, antwoord 66.
[8] Heidelbergse Catechismus – Zondag 28, antwoord 76.
[9] Jesaja 65:17.

29 juli 2019

Oproep in de hitte

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

In de afgelopen week was het heet. Bloedheet. Er kwam een nieuw hitterecord: 40,7 graden. Zo warm is het in Nederland nog nooit geweest.
Heel Nederland had het er druk mee.
Nynke de Jong, columniste in het Algemeen Dagblad, werd een beetje moe van al die drukdoenerij.
Zij noteerde: “De hijgerige berichtgeving rond de hitte-hysterie stoorde me een beetje”.
En:
“De live-uitzending van de Tour werd onderbroken door een hitterecord. In Deelen, in Gelderland, zou een temperatuur van 41,7 graden Celsius gemeten zijn. De microfoons van Herbert en Maarten werden dichtgeschoven om stante pede naar de journaalstudio in Hilversum te schakelen.
Dionne Stax noemde het getal 41,7. Gerrit Hiemstra zei dat ze het nog aan het onderzoeken waren. Vlak daarvoor was het in Deelen nog maar 35 graden. Hoe kon de temperatuur zó snel oplopen? Ik gokte op een frituurpan vol frikandellen naast de thermometer.
De hitte-hysterie was compleet. De wedstrijd over wáár het hitterecord verbroken zou worden, werd verslagen alsof het de eerste marathon op natuurijs betrof”[1].

Even voor ons beeld: dat getal 41,7 bleek niet te kloppen. In werkelijkheid was het 40,7 graden.

In een situatie als deze komen er allerlei verhalen los over de klimaatverandering.
Het Koninklijk Nederlands Meteorologisch Instituut (KNMI) stelt: “Door menselijk toedoen is het in de afgelopen 130 jaar 0,9 °C warmer geworden op aarde. De zeespiegel is sinds die tijd met 20 centimeter gestegen”[2].

Echter – vrijwel niemand spreekt over de proclamatie van de God van hemel en aarde.
Gods kinderen mogen niet vergeten wat David hen in Psalm 24 leert:
“De aarde is van de HEERE en al wat zij bevat,
de wereld en wie er wonen”[3].

Dat woord ‘bevat’ klinkt wellicht een beetje technisch.
In de Statenvertaling lezen we: “De aarde is des HEEREN, mitsgaders haar volheid”.
Alle mensen, dieren en andere schepselen hebben een eigendomsstempel op: gecreëerd door de Schepper der wereld.
En uit al die op aarde krioelende schepselen kiest Hij bepaalde mensen uit om in te lijven bij Zijn volk.
Laten wij elkaar wijzen op Exodus 19: “Nu dan, als u nauwgezet Mijn stem gehoorzaamt en Mijn ​verbond​ in acht neemt, dan zult u uit alle volken Mijn persoonlijk eigendom zijn, want heel de aarde is van Mij”[4].
En op Deuteronomium 10: “Nu dan, Israël, wat vraagt de HEERE, uw God, van u dan de HEERE, uw God, te vrezen, in al Zijn wegen te gaan, Hem lief te hebben en de HEERE, uw God, te dienen, met heel uw ​hart​ en met heel uw ziel, en de geboden van de HEERE en Zijn verordeningen, die ik u heden gebied, in acht te nemen, u ten goede? Zie, van de HEERE, uw God, is de hemel, ja, de allerhoogste hemel, de aarde en alles wat erop is”[5].
De Here heeft mensen uitgekozen.
“Deze uitverkiezing”, zo leren in Dordrecht vergaderde geleerden uit voorbije eeuwen ons, “is een onveranderlijk voornemen van God, waardoor Hij voor de grondlegging van de wereld uit het hele menselijke geslacht – dat door eigen schuld de oorspronkelijke gerechtigheid verloren en zich in zonde en ondergang gestort heeft – een vast en groot aantal mensen in Christus tot het heil heeft uitgekozen”[6].
Psalm 24 is een kerklied dat gezongen wordt tegen de achtergrond van de uitverkiezing.

In de kerk zingen wij:
“De aarde is, met al wat leeft,
met al wat zij aan schatten heeft,
het wettig eigendom des HEREN”[7].
En dan mogen kerkmensen er blijmoedig bij denken:
“Van alle goeden en bozen
heeft de Here ons uitgekozen!”.
Dan wordt Psalm 24 een lied van vreugde, dat kerkmensen graag aanheffen. De militia Christi, de keurtroepen van de hemelse Heer, vormen al zingend een erewacht voor de Creator van deze wereld!

Het gaat er om dat de Here Zelf op de aarde wonen wil. En Hij wenst Zijn kinderen om Zich heen te hebben.
“Wie zal de berg van de HEERE beklimmen?
Wie zal staan in Zijn ​heilige​ plaats?
Wie ​rein​ is van handen en zuiver van ​hart,
wie zijn ziel niet opheft tot wat vals is, en niet bedrieglijk zweert”[8].
De Schepper van heel de kosmos roept heel de wereld, de kerk incluis, op heilig te leven. Tot eer van God. Ter meerdere glorie van Hem!

De aarde is door God geschapen. Hij is de Maker van de woonplaats der mensen. Door de jaren heen pleegt Hij onderhoud aan Zijn creatie. Ook in de zomer van 2019. Ook op de heetste dagen van het jaar.
Wie goed luistert, hoort de oproep: mensen, luister naar Mij en leef voor Mij!

Welnu, in de kerk doen we niets liever!
In de kerk kunnen we daarom met recht verder zingen in Psalm 24:
“De HERE heeft hem heil bereid,
Hij schenkt aan hem gerechtigheid,
zijn zegen doet Hij hem ontvangen.
Dit is ’t geslacht dat naar Hem vraagt,
’t is Jakobs volk dat God behaagt.
Uw aanschijn zoekt het met verlangen”[9].

Zo wordt hitte-hysterie glorieus gezang!

Noten:
[1] Geciteerd van https://www.ad.nl/binnenland/de-hijgerige-berichtgeving-rond-de-hitte-hysterie-stoorde-me-een-beetje~a3119054/ ; geraadpleegd op vrijdag 26 juli 2019.
[2] Geciteerd van https://www.knmi.nl/producten-en-diensten/klimaatverandering ; geraadpleegd op vrijdag 26 juli 2019.
[3] Psalm 24:1 b.
[4] Exodus 19:5.
[5] Deuteronomium 10:12, 13 en 14.
[6] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 7.
[7] Dit zijn de eerste regels van Psalm 24:1 in de berijming van het Gereformeerd Kerkboek-1986.
[8] Psalm 24:3 en 4.
[9] Psalm 24:3 – berijmd, Gereformeerd Kerkboek-1986.

24 mei 2019

Dóórpakken!

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

In de vroege morgen van woensdag 22 mei 2019 vindt er in de Nederlandse provincie Groningen weer eens een aardbeving plaats.
Iemand schrijft: “Sinds de jaren negentig hebben meer dan duizend aardbevingen in het noorden plaatsgevonden. Dit komt, kort gezegd, doordat de zandsteenlaag in elkaar wordt gedrukt als gas uit de bodem wordt gehaald. Dit heeft een bodemdaling tot gevolg. Als dit schoksgewijs gebeurt, spreken we van een aardbeving”[1].
Welnu, het is zonneklaar dat Groningen onderhand wel met aardbevingen en aardbevingsschade vertrouwd is!

Hoe dat zij – de Groningse commissaris van de koning, de heer Paas, geeft een reactie waar geen woord Frans bij is: “De gaswinning in Groningen moet zo snel mogelijk stoppen en de afhandeling van aardbevingsschade moet ruimhartig worden opgepakt. Dat zegt de Groningse commissaris van de koning René Paas na de aardbeving van vanochtend in de gemeente Loppersum.
‘Deze beving maakt in een klap duidelijk dat Groningen nog niet veilig is’, zegt Paas tegen het ANP. ‘Een aardbeving komt altijd als een verrassing, maar het was ons bekend dat er nog zo’n grote klap kon komen’.
Volgens Paas is nu wel duidelijk dat zo snel mogelijk moet worden gestopt met gaswinning. ‘Meer gas terug is altijd beter’.
Verder wil de commissaris van de koning dat er haast wordt gemaakt met de versterkingsoperatie in het aardbevingsgebied. ‘Ik wil gewoon dat er nog dit jaar feitelijk wordt versterkt. De Groningers willen resultaten zien, ze willen een gevoel van veiligheid’, zegt Paas. Hij praat vandaag met de verantwoordelijke ministers over de beving van vanochtend”[2].
Het moet een beetje opschieten, zegt Paas. We moeten doorpakken.

Doorpakken, daar zijn we in Nederland – over het algemeen gesproken – niet zo goed in. Bureaucratie en vertragingstactieken spelen ons parten.
Problemen worden niet zelden gedurende vele jaren onderzocht. Politioneel recherchewerk is nogal eens een kwestie van jaren.
Problemen worden behandeld door veel mensen en meerdere instanties. Er wordt over vergaderd. Er worden al of niet officiële uitspraken gedaan; en op die statements moet men vaak een flinke tijd wachten.
Het bewerken van een cultuuromslag binnen allerlei organisaties kost jarenlange inspanning.

Zou het kunnen zijn dat de Here door die aardbeving een waarschuwing geeft: ‘mensen in Nederland, wordt niet te slap’? Oftewel: ‘pak dóór, eindelijk eens een keer’?
Laten we wel wezen: de afhandeling van schademeldingen en het herstel van de schade zijn niet bepaald een voorbeeld van doortastendheid.

Dergelijke slapte bedreigt trouwens ook de kerk van alle tijden.
Niet voor niets schrijft Paulus in Romeinen 12: “Laat de ​liefde​ ongeveinsd zijn. Heb een afkeer van het kwade en houd vast aan het goede. Heb elkaar hartelijk lief met broederlijke ​liefde. Ga elkaar voor in eerbetoon. Wees niet traag wat uw inzet betreft. Wees vurig van geest. Dien de Heere. Verblijd u in de hoop. Wees geduldig in de verdrukking. Volhard in het ​gebed”[3].

Kortom –
* weg met opgelegde vriendelijkheid
* behandel elkaar met respect
* wees ijverig
* behoudt uw enthousiasme, uw Geestdrift
* wees vurig van geest
* besef dat u in dienst bent van uw Heiland
* realiseer u dat u op weg bent naar de hemelse heerlijkheid
* wees geduldig als u vanwege uw levensovertuiging in de kantlijn van de samenleving wordt geduwd
* hou voortdurend contact met God, in het gebed.

Doorpakken – dat moeten we in de kerk vooral niet verleren.
Dat geldt in ons persoonlijk leven met God.
Dat geldt in het onderling samenleven, in de kerk en in het kerkverband.
Dat geldt tijdens samensprekingen tussen Gereformeerden die zich in verschillende kerkgenootschappen bevinden.
Laten we het maar met 2 Timotheüs 2 zeggen: “Toch blijft het vaste fundament van God staan, met dit ​zegel: De Heere kent wie van Hem zijn, en: Ieder die de Naam van ​Christus​ noemt, moet zich ver houden van de ongerechtigheid”[4].

Doorpakken – ten diepste is dat voor ons mogelijk dat omdat Jezus Christus, onze Heiland, Zijn lijden helemaal heeft volbracht. U kent allen vast wel die dringende bede die Christus in Mattheüs 26 uitspreekt: “Mijn Vader, als het mogelijk is, laat deze drinkbeker aan Mij voorbijgaan. Maar niet zoals Ik wil, maar zoals U wilt”[5].
Wij weten het: die drinkbeker is niet aan Hem voorbij gegaan. Hij heeft Zijn verlossingswerk voltooid. Om met de Nederlandse Geloofsbelijdenis te spreken: “Zijn goedheid en barmhartigheid heeft Hij uitgestort over ons, die schuldig waren en verdienden veroordeeld te worden. Want in volkomen liefde heeft Hij zijn Zoon voor ons in de dood overgegeven en Hem opgewekt tot onze rechtvaardiging, opdat wij door Hem onsterfelijkheid en eeuwig leven zouden hebben”[6].

Als we in dat geloof doorpakken in de kerk, kunnen gelovige kinderen van God uiteindelijk ook een voorbeeld voor de wereld wezen.

Er moet, zegt de heer Paas, haast worden gemaakt met de versterkingsoperatie. En gelijk heeft hij.
Maar voor kerk en wereld is het slotwoord van Romeinen 12 vele malen belangrijker: “Word niet overwonnen door het kwade, maar overwin het kwade door het goede”[7]!

Noten:
[1] Geciteerd van https://www.nu.nl/gaswinning-groningen/5903262/waarom-groningen-nog-steeds-met-aardbevingen-kampt.html ; geraadpleegd op woensdag 22 mei 2019.
[2] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2285782-cvdk-groningen-we-zijn-nog-niet-veilig-huizen-eerder-versterken.html ; geraadpleegd op woensdag 22 mei 2019.
[3] Romeinen 12:9-12.
[4] 2 Timotheüs 2:19.
[5] Mattheüs 26:39.
[6] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 20.
[7] Romeinen 12:21.

31 december 2018

Op het goede pad

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

De dingen die ons in deze wereld ten dienste staan, kunnen we tot Gods eer gebruiken.
We kunnen ze ook benutten vanwege ons eigen gerief. In het laatste geval komt onze God zomaar op de tweede plaats te staan. En misschien willen wij God soms wel het liefst even helemaal wegdenken.

Vlak voor de drempel van 2019 lijkt het, alleen daarom al, goed om wat beter te kijken naar een statement dat Paulus in 1 Timotheüs 4 noteert: “Want alles wat God geschapen heeft, is goed en niets is verwerpelijk, wanneer het onder dankzegging aanvaard wordt. Want het wordt ​geheiligd​ door het Woord van God en door het ​gebed”[1].

In welk verband staan die woorden?

De Heilige Geest van God maakt ons duidelijk dat er in de eindtijd heel wat mensen zijn die zich van het geloof gaan afkeren. Zij gaan op zoek naar andere vormen van zingeving.
Wanneer begint die eindtijd?
Die is al begonnen.
Dat blijkt bijvoorbeeld uit 1 Johannes 2: “Kinderen, het is het laatste uur; en zoals u gehoord hebt dat de ​antichrist​ eraan komt, zijn er ook nu al veel antichristen gekomen, waaruit wij weten dat het het laatste uur is”[2].
En ook uit 2 Johannes 1:7: “Want er zijn veel misleiders in de wereld gekomen, die niet belijden dat ​Jezus​ ​Christus​ in het vlees gekomen is. Dat is de misleider en de ​antichrist”[3].
Ja, de eindtijd is al begonnen.

In 1 Timotheüs 4 gaat het, zo laat de apostel Paulus blijken, over mensen waarvan het geweten als het ware met vuur is dichtgeschroeid.
Wij zouden zeggen: het lijkt wel of er een lasapparaat is gebruikt. Alles is dichtgelast; je kunt niet meer bij de kern.
Paulus schrijft over “leugenaars, die hun eigen geweten als met een brandijzer hebben toegeschroeid”[4].

In Paulus’ tijd wordt het huwelijk door sommigen afgewezen.
Bovendien zijn er mensen die zeggen: dit of dat kun je beter niet eten of drinken.
En seksualiteit? – daar kun je je maar beter niet mee bezig houden.
Paulus formuleert: “Zij verbieden te trouwen en gebieden zich te onthouden van voedsel, dat God geschapen heeft voor de gelovigen en voor hen die de waarheid hebben leren kennen, om onder dankzegging aanvaard te worden”[5].

Kortom:
* mensen zoeken naar zingeving die henzelf aanspreekt
* mensen laten hun geweten niet meer spreken
* mensen zeggen dat bepaald eten of drinken niet goed is

Wie om zich heen kijkt, herkent ook vandaag al snel iets van het bovenstaande.
Mensen speuren naar hun eigen religieuze uitingen. Dat is, zeggen zij, een spannende zoektocht.
Mensen hebben hun hart toegesloten. En met hun geweten hebben zij hetzelfde gedaan. Waarom? Ach – er is zoveel aan de hand in de wereld. Je moet, zegt men, je eigen ding doen. Je hebt genoeg aan jezelf en aan je eigen, al of niet samengestelde, gezin.
Je kunt, stellen nogal wat mensen, maar beter geen vlees meer eten. Bovendien: je krijgt kanker van dit, en suikerziekte van dat. Als het een beetje wil wordt een dergelijke bewering zo snel mogelijk door een officiële instelling tegengesproken.
Het vreemde is dat men heden ten dage, als het over seksualiteit gaat, in een oogwenk de andere kant op schiet. Van terughoudendheid en ascese is anno 2018 geen sprake meer. Alle seksuele grenzen lijken voor eens en voor altijd afgeschaft te zijn. De metoo-discussie bewijst hoe ver sommigen daarin gaan.
Het algemene beeld is dat veel mensen vandaag worden geregeerd door angst. Of door individualisme. Of door losbandigheid. Of door combinaties van die drie.

In het bovenstaande ligt de actualiteit voor Paulus’ uitspraak.
En het is duidelijk dat wij moeten waken voor vrees, egoïsme en zedeloosheid!

Wat zullen wij verder van deze dingen zeggen?

Het jaar 2018 is een jaar waarin zonde, verderf en onheil nog altijd diep in de schepping verankerd blijken.
Wie alleen al het werelddeel Azië beschouwt schudt zijn hoofd. Gaat u maar na:
* de aardbeving op Lombok, begin augustus
* de aardbeving in Palu, een stad in het centrum van het eiland Sulawesi – eind september
* eind oktober stort een vliegtuig neer, dertien minuten nadat het uit Jakarta vertrokken is
* de tsunami in de straat van Soenda, op zaterdag 22 december jongstleden[6].

Wie de krant leest en de journaals bekijkt, kan zomaar denken: deze wereld gaat kapot; helemaal kapot!

In die wereld mogen Gods kinderen het echter blijven zeggen: de dingen die we gebruiken worden geheiligd door Gods Woord en door gebed.
Altijd moeten we, met de Bijbel in de hand, blijven uitzoeken hoe we de God van hemel en aarde het beste kunnen eren met de gaven die Hij ons geeft.
We mogen bij de troon van God komen. We mogen bidden om matigheid bij het werken op aarde; een ‘alles moet op’-mentaliteit past niet bij een christelijk leven. We mogen bidden om nuchterheid bij de keuze van ons voedsel. We mogen bidden om moed voor de toekomst; angst is, zoals bekend, een slechte raadgever. We mogen bidden om een hart dat zacht blijft, en toegankelijk is voor de noden van onze medemensen. We mogen bidden om kracht teneinde de God gestelde grenzen in ons aardse leven te blijven eerbiedigen.

Laten wij maar zonder omwegen constateren dat wij, ook in het bijna afgelopen jaar, alle gelegenheid hebben gehad om onze God te dienen. Dat kostte ons vaak moeite – vanwege gezondheidsproblemen of om allerlei andere redenen. Met vallen en opstaan hebben wij onze dienst verricht.
Constateert u op dit punt veel tekortkomingen? Dat hoeft niemand te verbazen. Zeker is wel dat we, Deo Volente, in het jaar 2019 een nieuwe kans krijgen.

Laten wij maar blijven Bijbellezen.
Laten wij maar blijven bidden.
Dan zijn wij al een heel eind op ’t goede pad.

Noten:
[1] 1 Timotheüs 4:4 en 5.
[2] 1 Johannes 2:18.
[3] 2 Johannes 1:7.
[4] 1 Timotheüs 4:2.
[5] 1 Timotheüs 4:3.
[6] Zie hierover ook https://nos.nl/artikel/2264910-ik-zag-golven-van-asfalt-het-hele-land-stroomde-als-een-rivier.html ; geraadpleegd op maandag 24 december 2018.

17 augustus 2018

’t Wonder van Zijn gaven

“Geef ons heden ons dagelijks brood.
Dat wil zeggen: Wil ons zó verzorgen met alles wat wij voor ons lichaam nodig hebben, dat wij daardoor erkennen dat U de enige oorsprong van al het goede bent en dat onze zorg en inspanning en ook uw gaven ons niet baten zonder uw zegen. Leer ons daardoor ook ons vertrouwen niet langer op enig schepsel, maar op U alleen te stellen”.

Voor Gereformeerden in Nederland zijn dit bekende woorden uit de Heidelbergse Catechismus[1].
Misschien zijn ze zelfs zo bekend dat ze enigszins langs ons heen gaan.

Als het over deze woorden gaat, nodigt de Catechismus ons met nadruk en van harte uit om om ons heen te kijken.
Er is geen enkel schepsel te vertrouwen, suggereert dat oude leerboekje. Kijk maar ês rond in Gods wereld, lijken de schrijvers te zeggen. En dan zult u ’t zien: onbetrouwbaarheid is het overheersende kenmerk van de natuur en de cultuur op deze aarde.

Laten wij de wereld van vandaag een ogenblik bezien.

Dan zien we de grote droogte en de warmte in ons land.
Op donderdag 2 augustus jongstleden meldde de NOS: “Sinds vanmiddag hebben we in Nederland officieel te maken met ‘feitelijke watertekorten’, heeft de Landelijke Coördinatiecommissie Waterverdeling gezegd. De natuur en de waterkwaliteit staan nu door de droogte onder druk, want we zijn vandaag overgegaan naar de zogenoemde fase 2 uit het Landelijk Draaiboek Waterverdeling en Droogte. Maar wat betekent dat?
(…)
Bij fase 2, waar we nu in zitten, wordt het wat spannender. Dan is er ‘sprake van een feitelijk watertekort’, staat in het draaiboek. Landelijk gezien moeten er nu keuzes worden gemaakt over de waterverdeling tussen sectoren als scheepvaart, landbouw, natuur, industrie, waterrecreatie en binnenvisserij. De drinkwatervoorziening loopt nog geen gevaar.
Bij fase 3 is er ‘sprake van een (dreigende) landelijke crisis’. Dit gebeurt eens in de 10 á 20 jaar, in 1976 en 2003 bijvoorbeeld. Dan moeten ‘uitzonderlijke maatregelen worden getroffen’”[2].

In de wereld zien we – bijvoorbeeld – de onrust en de armoede in Zimbabwe. Vanwege de recente verkiezingen; daarin zou gefraudeerd zijn. Vanwege de armoede waaronder het land al jaren kreunt[3].

En dan hebben we het nog niet gehad over ons eigen leven.
Er kan zoveel spanning zijn. Door tegenvallers en teleurstellingen. Door onbegrip en onvrede. Door de manier waarop mensen elkaar soms misbruiken.
Er zijn massa’s mensen die daar lichamelijk en geestelijk last van hebben.

Die drie dingen hierboven
* droogte in Nederland
* misstanden in Zimbabwe
* moeilijkheden en verdriet in ons eigen leven
maken volkomen duidelijk dat we verzorging nodig hebben. Verzorging, door God Zelf. Als de schepping zelfverzorgend moet zijn, is een roemloos einde nabij!

Gelet op het bovenstaande wil ik vandaag wijzen op woorden uit Jacobus 1: “Elke goede gave en elk volmaakt geschenk is van boven en daalt neer van de Vader der lichten, bij Wie er geen verandering is, of schaduw van omkeer. Overeenkomstig Zijn wil heeft Hij ons gebaard door het Woord van de waarheid, opdat wij in zeker opzicht eerstelingen van Zijn schepselen zouden zijn”[4].

Een goede gave en een volmaakt geschenk: iets anders kan God niet geven.
Wij moeten, als het over die gave en dat geschenk gaat, niet blijven staan bij aardse dingen. Want een paar verzen daarvóór schrijft Jacobus: “Zalig is de man die verzoeking verdraagt, want als hij beproefd gebleken is, zal hij de ​kroon​ van het leven ontvangen, die de Heere beloofd heeft aan hen die Hem ​liefhebben”[5]. Dat betekent: wie – ondanks alle moeilijkheden in het leven – standvastig blijft geloven, zal zien dat God Zich aan Zijn beloften houdt.
We moeten die goede gave en dat volmaakte geschenk vooral niet uit het tekstverband halen!

De kroon van het leven: bij de Grieken is dat de krans die de overwinnaar ontvangt.
In de Bijbel wordt daar wel vaker over geschreven.
Paulus noteert in 2 Timotheüs 4: “Ik heb de goede strijd gestreden. Ik heb de loop tot een einde gebracht. Ik heb het geloof behouden. Verder is voor mij weggelegd de krans van de ​rechtvaardigheid​ die de Heere, de rechtvaardige Rechter, mij op die dag geven zal. En niet alleen mij, maar ook allen die Zijn verschijning hebben liefgehad”[6].
In 1 Petrus 5 staat: “En als de Opperherder verschijnt, zult u de onverwelkbare krans van de heerlijkheid verkrijgen”[7].
In Openbaring 2 moet Johannes aan de gemeente in Smyrna – het huidige Izmir in Turkije – schrijven: “Wees niet bevreesd voor wat u lijden zult. Zie, de ​duivel​ zal sommigen van u in de ​gevangenis​ werpen, opdat u verzocht wordt. En u zult een verdrukking hebben van tien dagen. Wees trouw tot in de dood, en Ik zal u de ​kroon​ van het leven geven”[8].

Wat leren wij hieruit?
God leert ons om over de ellende van de wereld heen te kijken.
Er is meer dan droogte.
Er is meer dan Zimbabwe.
Er is meer dan de moeilijkheden in ons persoonlijke bestaan.
Verkijk u er niet op!
Maar richt u op God!

Jacobus heeft het over de Vader der lichten.
Dat betekent: Hij is de Schepper van zon, maan en sterren – ja, van heel het firmament.
Oftewel: het hemelgewelf is Zijn creatie.
En Hij is nog altijd druk bezig met het onderhoud en de verzorging van het geschapene.
De dichter van Psalm 104 zegt daarover:
“Zij allen wachten op U,
dat U hun voedsel geeft op zijn tijd.
Geeft U het hun, zij verzamelen het,
doet U Uw hand open, zij worden met het goede verzadigd.
Verbergt U Uw aangezicht, zij worden door schrik overmand,
neemt U hun adem weg, zij geven de geest
en keren terug tot hun stof.
Zendt U Uw Geest uit, dan worden zij geschapen
en vernieuwt U het gelaat van de aardbodem”[9].
Dat verandert niet zomaar.
De Here voert, onderweg naar de toekomst, Zijn plan uit!

De kern van dat plan is: redding voor wie geloven.
Vergeving van de zonden die ons op deze aarde zoveel parten kunnen spelen.
Eeuwig leven voor wie gelooft in de beloften die God gegeven heeft.
Dat betekent: een nieuw begin.
Dat betekent: re-creatie, wedergeboorte.

Kinderen van God zijn in zeker opzicht eerstelingen onder zijn schepselen.
Een uitlegger noteert daarover: “Zoals Jezus Christus de Eersteling is van de ontslapenen (…) en de Heilige Geest de Eersteling onder Gods gaven, zo vormt de gemeente van Christus het begin van de grote oogst, de nieuwe schepping”.
Kortom: het begin is er.
En dat is veelbelovend!
Met het oog op de toekomst mogen wij blijven bidden: geef ons heden ons dagelijks brood.

Het staat met grote koppen in de krant:
* droogte in Nederland
* misstanden in Zimbabwe.
En als we dat allemaal gehad hebben, zijn er ook nog de moeilijkheden en het verdriet in ons eigen leven.
Wat kunnen we het druk hebben met al die dingen om ons heen.

Maar we mogen het blijven zeggen: het begin is er; ja, dat is veelbelovend!

Laten wij daarom de lof van Psalm 107 maar overnemen:
“Loof nu de HEER verblijd
om ’t wonder van zijn gaven,
die brood in nood bereidt,
de dorstigen wil laven”[10].

Noten:
[1] Heidelbergse Catechismus – Zondag 50, antwoord 125.
[2] https://nos.nl/artikel/2244323-een-watertekort-in-nederland-dit-betekent-het.html ; geraadpleegd op vrijdag 3 augustus 2018.
[3] Zie hierover bijvoorbeeld https://nl.wikipedia.org/wiki/Zimbabwe ; geraadpleegd op vrijdag 3 augustus 2018.
[4] Jacobus 1:17 en 18.
[5] Jacobus 1:12.
[6] 2 Timotheüs 4:8.
[7] 1 Petrus 5:4.
[8] Openbaring 2:10.
[9] Psalm 104:27-30.
[10] Psalm 107:3 (berijmd; Gereformeerd Kerkboek-1986).

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.