gereformeerd leven in nederland

23 januari 2020

Op weg naar een nieuwe toekomst

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Bidden – helpt dat voor een goed verloop van de dag?[1]
Iemand schrijft: “Bidden wordt vaak gezien als een noodzakelijk kwaad, maar niet als iets dat echt helpt. Wanneer maak je bijvoorbeeld mee dat iemand echt wordt genezen, als antwoord op je gebed? Daarom zakt onze gebedsanimo regelmatig af. Luistert God wel echt naar ons? En wat doet Hij dan met ons gebed? Waar is het gebed eigenlijk voor?”[2].

In Mattheüs 6 geeft de Here gebedsonderwijs: “Bidt​ u dan zo: Onze Vader, Die in de hemelen zijt”[3].

Onze Vader – die aanspraak gaat terug op teksten als Deuteronomium 32 waar Mozes zegt: “Is Hij niet uw Vader, Die u verworven heeft, Die u gemaakt heeft en u stand heeft doen houden?”[4].
Laten wij elkaar ook wijzen op Jesaja 64 waar de profeet bidt: “Maar nu, HEERE, U bent onze Vader! Wij zijn het leem en U bent onze ​Pottenbakker: wij zijn allen het werk van Uw handen”[5].
En op Maleachi 2: “Hebben wij niet allen één Vader? Heeft niet één God ons geschapen? Waarom handelen wij dan trouweloos, eenieder tegen zijn broeder, door het ​verbond​ met onze vaderen te ​ontheiligen?”[6].

Wie bovenstaande teksten beziet, merkt dat er steeds een relatie is met de schepping. God heeft ons geschapen. Alleen daarom al is bidden vandaag de dag iets bijzonders. Immers, velen hebben de mond vol over de evolutie, over een ontwikkeling gedurende vele miljoenen jaren, over geleidelijke veranderingen.
Onze Vader – met die aanspraak aanbidden wij de Schepper van hemel en aarde.

Bidden is niet in de eerste plaats: help, wij hebben dit of dat nodig. Bidden is niet een aan God geadresseerde vraag om hogere assistentie in de wereld. Nee, wij eren God als de Maker van heel de kosmos.
En juist relatief kleine, van zichzelf hulpeloze mensen mogen Hem eren. Op de keper beschouwd is dat een wonder!

Laten wij ons niet vergissen: massa’s mensen weten nog steeds wat bidden is.
Wilt u een voorbeeld?
Op de website van het Algemeen Dagblad staat een op 3 januari 2020 gedateerd bericht dat over bidden gaat. Citaat: “De verenigde kerken in Zwolle roepen inwoners van Zwolle op tot gebed tegen het kwaad in de stad. Mink de Vries, voorzitter van de verenigde kerken van Zwolle, stelt dat na de vijfde schietpartij in honderd dagen de huidige situatie vraagt om extra gebed. Bij de vijf schietpartijen vielen twee gewonden en één dode.
‘Het lijkt alsof Zwolle op dit moment door het kwaad geregeerd wordt. Daarom kan het geen kwaad om de hulp van beschermheer en Gods engel Michaël te vragen. Michaël is de bestrijder en overwinnaar van het kwaad’, aldus De Vries.
De voorzitter wil tijdens De Week van Gebed, die plaatsvindt van 19 tot 26 januari, de gebeden bundelen om het college van burgemeester en wethouders te steunen in de aanpak van het vuurwapenbezit. ‘Het thema is buitengewoon. Dat is positief uit te leggen: we mogen weten en geloven dat we veilig in Gods handen zijn. Tegelijk komt hoop, veiligheid en vertrouwen niet uit de hemel vallen, daar kunnen en mogen wij wat voor doen’.
De Vries roept ook niet-kerkelijke Zwollenaren op tot gebed. ‘De mensen in Zwolle, kerkelijk of niet, vraag ik als coördinator van de Week van Gebed om te bidden voor de burgemeester en college, familie van de slachtoffers en daders, en voor de daders en betrokkenen zelf. Dat de rust, gastvrijheid en veiligheid mogen terugkeren’”[7].
Zeer velen gaan nog naar God toe.

Kerkmensen moeten goed bedenken dat bidden niet simpelweg een aardse activiteit is.
Als wij bidden gaat, om te zeggen, de deur van de hemel een ogenblik open.
Leest u maar mee in Hebreeën 10: “Omdat wij nu, broeders, vrijmoedigheid hebben om in te gaan in het ​heiligdom​ door het bloed van ​Jezus, langs een nieuwe en levende weg, die Hij voor ons heeft ingewijd door het voorhangsel, dat is door Zijn vlees, en omdat wij een grote ​Priester​ hebben over het huis van God, laten wij tot Hem naderen met een waarachtig ​hart, in volle zekerheid van het geloof”[8].
Gelovig bidden is: voor de troon van de Here in de hemel gaan staan.
Gelovig bidden is: een verlangende blik werpen in ons tweede vaderland. Zie Hebreeën 11: de geloofsgetuigen “hebben de vervulling van de beloften niet verkregen, maar hebben die vanuit de verte gezien en geloofd en begroet, en zij hebben beleden dat zij ​vreemdelingen​ en bijwoners op de aarde waren. Want wie zulke dingen zeggen, laten duidelijk blijken dat zij een vaderland zoeken. En als zij aan het vaderland gedacht hadden vanwaaruit zij weggegaan waren, zouden zij gelegenheid gehad hebben om terug te keren. Maar nu verlangen zij naar een beter, dat is naar een hemels vaderland. Daarom schaamt God Zich niet voor hen om hun God genoemd te worden. Want Hij had voor hen een stad gereedgemaakt”[9].

Bidden – helpt dat voor een goed verloop van de dag?
Meestal lijkt het er niet op.
Maar dat is gezichtsbedrog. Voor kerkmensen althans. Want zij maken dagelijks contact met de Heer van hemel en aarde. Met de Man die Machthebber is in de hemel en op de aarde; ook in hun tweede vaderland dus.
Tijdens en na ieder gebed mogen zij zich realiseren: wij gaan een nieuwe toekomst tegemoet!

Noten:
[1] Dit onderwerp is onder meer gekozen omdat de vrouwenvereniging ‘Bouwen en Bewaren’ van De Gereformeerde Kerk Groningen vanavond, donderdag 23 januari 2020, een eerste bespreking wijdt aan het Onze Vader. Van voornoemde vereniging is mijn vrouw lid. Met het schrijven van dit artikel hielp ik mijn echtgenote bij de voorbereiding op die avond.
Bij de bespreking gebruikt men: ds. B. van Zuijlekom, ‘De aanspraak – Onze Vader, die in de hemelen is”. – Hoofdstuk 1 (pagina 10-13) in: ds. H.J. Boiten (redactie), “Het Onze Vader – het voornaamste van de dankbaarheid; bijbelstudie in schetsen I”. – Groningen: Bond van Mannenverenigingen op Gereformeerde Grondslag in samenwerking met Scholma Druk te Bedum [1990]. Dat hoofdstuk benutte schrijver dezes ook bij het schrijven van dit artikel.
[2] Geciteerd van http://www.gelovenisleven.nl/biddenhelpt.htm ; geraadpleegd op donderdag 16 januari 2020.
[3] Mattheüs 6:9 a.
[4] Deuteronomium 32:6 b.
[5] Jesaja 64:8.
[6] Maleachi 2:10.
[7] Geciteerd van https://www.ad.nl/zwolle/zwolse-kerken-roepen-op-tot-extra-gebed-tegen-vuurwapenbezit~a98cd5b2/ ; geraadpleegd op donderdag 16 januari 2020.
[8] Hebreeën 10:19-22 a.
[9] Hebreeën 11:13 b-16.

17 december 2019

Verwijt en stimulans

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

De profetie van Jesaja gaat onder meer over hypocrieten. Dus: over mensen die zeggen dat ze in God geloven, maar zich in de praktijk weinig of niets van hem aantrekken.

De Here zegt: ‘Ik heb u van te voren gezegd wat Ik van plan was. Nu is het gebeurd. Waarom geeft u niet gewoon toe dat Ik ingegrepen heb?’
De Here zegt nog meer: ‘Vanaf zullen er andere dingen gebeuren. Dingen waarvan u niet van tevoren hoorde’.

De Here heeft Zijn volk Zelf gezuiverd. Hij deed dat omdat Hij zijn eigen eer hoog wilde houden.
Is dat egocentrisch van God?
Nee.
Zeker niet.
De God van hemel en aarde is de hoogste Machthebber van de kosmos. Hij moet geëerd worden. Hij heeft immers alles in de hand? Hij bestuurt immers de ganse wereld? Desnoods houdt Hij, bij gebrek aan eerbetoon van mensen, Zijn eigen eer hoog!

Waarom is dat vanzelfsprekend?
In Jesaja 48 kunnen wij lezen: “Luister naar Mij, ​Jakob, Israël, Mijn geroepene: Ik ben Dezelfde, Ik ben de Eerste, ook ben Ik de Laatste. Ook heeft Mijn hand de aarde gegrondvest, en Mijn rechterhand heeft de hemel uitgespannen. Roep Ik ze, dan staan ze er tezamen”[1].
Een product zal nooit tegen zijn maker: wat ben jij toch een kluns; je had beter dit of dat kunnen doen.
Maar mensen, die – in tegenstelling tot dat product van hierboven – veel denkvermogen hebben, zeggen ijskoud: die Maker van ons negeren we gewoon; wij kunnen onszelf prima redden.
Dat is te dom voor woorden!
Dat is om verbijsterd en sprakeloos van te worden!

De Here zegt: ‘Ik leid u aan Mijn Vaderhand naar de toekomst toe. Had maar naar mij geluisterd. Dan was uw welvaart en uw welzijn gegarandeerd geweest’.
Dat is een verwijt en een stimulans tegelijk!

Jesaja 48 proclameert dus onder meer:
* Een waarschuwing tegen ongeloof;
* De gedachte dat de God van het verbond zuinig is op Zijn heilige naam;
* De geloofswetenschap dat Jahweh niet slechts hemel en aarde schiep, maar ook alles regeert wat daarin geschiedt;
* Het feit dat God vrede wil[2].

Is die boodschap vandaag nog wel actueel?
Jawel.
In onze tijd zien we veel wispelturigheid in de wereld. Regeringen zijn vaak instabiel. In Engeland gingen ze in de afgelopen week voor de derde keer in vijf jaar naar de stembus. In Israël gaan ze begin volgend jaar waarschijnlijk voor de derde keer binnen een jaar naar het stemlokaal.
Natuurlijk kunnen we eenvoudigweg zeggen: de oorzaak ligt in politiek onvermogen. Of misschien: de geopolitiek – zeg maar even: het beleid in de buitenlanden – faalt met hinderlijke regelmaat.
Maar in de kerk moeten we eerst en vooral opmerken: de oorzaak van de instabiliteit in de wereld is gelegen in het negeren van het Evangelie: de Heiland biedt redding!

Wederom is de vraag: is die boodschap van Jesaja nog wel actueel? Jazeker.
En: is Oudtestamentische geschiedenis alleen iets van en over voorbije tijden? Welnee.
De Heiland zegt Zelf in Mattheüs 11: “Kom naar Mij toe, allen die vermoeid en belast zijn, en Ik zal u rust geven. Neem Mijn ​juk​ op u, en leer van Mij dat Ik zachtmoedig ben en nederig van ​hart; en u zult rust vinden voor uw ziel; want Mijn ​juk​ is zacht en Mijn last is licht”[3].

Negeer uw Schepper nooit! Die belangrijke Boodschap uit Jesaja 48 moet vandaag vol in de schijnwerpers staan.
Men schrijft het zonder omwegen op: “De evolutietheorie is de meest aannemelijke theorie over het ontstaan van het leven. Daarentegen is het Bijbelse scheppingsverhaal een religieuze mythe”.
En:
“Ieder mens mag van mij denken en geloven wat hij of zij wil. En ik wil niemand het recht ontnemen de zingevende elementen in het Genesis-verhaal links te laten liggen en heel creatief allerlei zingevende elementen uit de evolutietheorie te destilleren. Ik vraag me echter af of wetenschappelijke theorieën wel bedoeld zijn om mensen te inspireren. Kunnen we niet in meerdere dimensies tegelijk naar de werkelijkheid kijken: zowel op een wetenschappelijke als een verbeeldende -religieuze- manier?”[4].
Het scheppingsverhaal is een mythe, zegt men in de wereld.
Bekijk de werkelijkheid van verschillende kanten, zegt men in de wereld.
Maar intussen wordt Gods Woord aan de kant geschoven!

De God van Israël zegt: “De dingen van vroeger heb Ik van oudsher verkondigd, uit Mijn mond zijn ze voortgekomen en Ik heb ze doen horen. Plotseling heb Ik ze gedaan en ze zijn gekomen”[5].
Laten wij, in de kerk, het verwijt in en de stimulans van Jesaja 48 nimmer vergeten!

Noten:
[1] Jesaja 48:12 en 13.
[2] Zie hierover ook: dominee C. Vonk, “De voorzeide leer”, deel 1 Ha: “Jesaja”. – Amsterdam: Buijten & Schipperheijn, tweede druk, 1988. – p. 205, 206 en 207.
[3] Mattheüs 11:28, 29 en 30.
[4] Geciteerd van https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/strijd-tussen-evolutie-en-schepping-is-zinloos~be684fbc/ ; geraadpleegd op donderdag 12 december 2019.
[5] Jesaja 48:3.

8 november 2019

Openbaring 3 en de (her)schepping

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

“Dit zegt de ​Amen, de getrouwe en waarachtige Getuige, het begin van Gods schepping”.
Dat is in Openbaring 3 de opening van een brief aan de gemeente in Laodicea[1].

Daar gebeurt iets opvallends.
De geschiedenis van de schepping staat in het begin van de Bijbel, in het boek Genesis.
Maar in het laatste Bijbelboek – de Openbaring van Johannes – wordt teruggegrepen op die schepping van Genesis 1 tot en met 3. En er wordt bij gezegd: vóórdat de wereld geschapen werd was Jezus Christus er al. De Heiland der wereld was, om zo te zeggen, volop in beweging. Aan activiteit geen gebrek!

De kerk van Laodicea staat bekend om haar lauwheid. De kerk is, meent zijzelf, geestelijk rijk. Intussen is de Heiland uit beeld. De Here God maakt zichtbaar wat er van de kerk geworden is. En Hij toont Wie Hij is gebleven.
Hij is de Amen – dat betekent: Hij heeft het laatste Woord.
Hij proclameert de rechten die God in de wereld heeft.
Onze Here Jezus Christus verandert nooit. Permanent toont Hij hoe de nieuwe schepping er uit moet zien. Om met Colossenzen 1 te spreken: “Want het heeft de Vader behaagd dat in Hem heel de volheid wonen zou, en dat Hij door Hem alle dingen met Zichzelf verzoenen zou, door ​vrede​ te maken door het bloed van Zijn ​kruis, ja door Hem, zowel de dingen die op de aarde zijn als de dingen die in de hemelen zijn”[2].

Over Laodicea valt heel wat te zeggen. Net als over de andere zes gemeenten die in Openbaring 2 en 3 een brief krijgen. Maar terecht merkt iemand op: “Eigenlijk gaan deze zeven proclamaties niet in de eerste plaats over hoe verkeerd die gemeenten het allemaal doen. Maar ze gaan eigenlijk over Jezus. Over wat Hij wil doen voor zijn gemeente.
Jezus waakt over zijn gemeente. Daarom stelt Hij ons soms onder kritiek, roept ons op om ons te bekeren. Want Hij heeft zijn gemeente lief.
Wie een oor heeft, die hore, wat de Geest tot de gemeenten zegt”[3].

Jezus Christus, onze Heiland, staat centraal. Hij is “het begin van de schepping”. Hij is de Oprichter en de Inrichter van de aarde. Hij is de Schepper van kleine en grote mensen, van kleine en grote dieren, van bloemen, planten… Hij heeft alle mogelijkheden om Hem optimaal te dienen in de schepping gelegd. Het is aan de mens om die te vinden. Dat gaat niet makkelijk. De ontwikkelingen gaan soms buitengewoon traag. Geen wonder – de zonde heeft ons in de slavernij gebracht[4].
De mens moet opnieuw geboren worden om dienst te kunnen verrichten in optima forma. Jezus Christus is het begin van de schepping.
En Hij maakt een nieuwe start. Een geheel nieuw begin. Hij roept ons allen op om ons naar Hem toe te keren!

Dat nieuwe begin bewerkstelligt onze Heiland Zelf.
Paulus schrijft daar in 2 Corinthiërs 5 over: “En Hij is voor allen gestorven, opdat zij die leven, niet meer voor zichzelf zouden leven, maar voor Hem Die voor hen gestorven en ​opgewekt​ is. Zo kennen wij vanaf nu niemand naar het vlees; en al hebben wij ​Christus​ naar het vlees gekend, dan kennen wij Hem nu zo niet meer. Daarom, als iemand in ​Christus​ is, is hij een nieuwe schepping: het oude is voorbijgegaan, zie, alles is nieuw geworden”[5].
En in hoofdstuk 6 van de brief aan de Galaten noteert hij: “In ​Christus​ Jezus heeft niet het ​besneden​ zijn enige kracht, en ook niet het onbesneden zijn, maar wel dat we een nieuwe schepping zijn”[6].

In de evolutie ontwikkelt men voortdurend. Maar Jezus Christus begint helemaal opnieuw.
In de evolutie overleeft de sterkste, zeggen ze. Maar de Heiland van de kerk doet dat precies andersom. Dat wijst Paulus aan in 2 Corinthiërs 12: “Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn ​genade​ is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van ​Christus​ in mij komt wonen”[7]. Jezus Christus heeft juist het oog op het kwetsbaarste. De breekbare mens – die heeft Zijn aandacht.

In Openbaring 21 kunnen wij lezen: “En ik zag een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, want de eerste hemel en de eerste aarde waren voorbijgegaan. En de zee was er niet meer”[8].
En:
“…de eerste dingen zijn voorbijgegaan. En Hij Die op de troon zit, zei: Zie, Ik maak alle dingen nieuw. En Hij zei tegen mij: Schrijf, want deze woorden zijn waarachtig en betrouwbaar. En Hij zei tegen mij: Het is geschied. Ik ben de Alfa en de Omega, het Begin en het Einde”[9].
Dus:
* het moment van het begin van de schepping is exact bepaald
* onze goede God kent ook het precieze ogenblik van het einde.
Hoezo evolutie?
Iemand noteert hierbij: “In Openbaring 21 lezen we over een nieuwe hemel en een nieuwe aarde die God zal maken. Zal God daar honderden miljoenen jaren voor nodig hebben? Zeker niet! Zoals Hij ooit sprak en het was er, op dezelfde dag, zoals de Bijbel zegt, zo zal Hij op een dag ook spreken en zal de nieuwe hemel en de nieuwe aarde er zijn. Dan zal Hij opnieuw kunnen zeggen, evenals in Genesis 1:31: ‘En zie, het is zeer goed’. Wat zal het heerlijk zijn om daar voor altijd te mogen zijn, in de directe nabijheid van de Heere Jezus, om voor altijd Hem te mogen loven en prijzen”[10].
Waarvan akte!

Noten:
[1] Openbaring 3:14.
[2] Colossenzen 1:19 en 20.
[3] Geciteerd van http://home.solcon.nl/voorde/Preken/Openbaring%203_14-22.html ; geraadpleegd op zaterdag 2 november 2019.
[4] De term ‘slavernij van de zonde’ vinden wij in artikel 24 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.
[5] 2 Corinthiërs 5:15, 16 en 17.
[6] Galaten 6:15.
[7] 2 Corinthiërs 12:9.
[8] Openbaring 21:1.
[9] Openbaring 21:4, 5 en 6.
[10] Geciteerd van https://www.dirkvangenderen.nl/2015/10/09/strijd-om-de-schepping/ ; geraadpleegd op zaterdag 2 november 2019.

5 november 2019

De eenvoud van het ware Woord

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Ten diepste zijn mensen heel eigenwijs. Zondig, vooral. Want zij ontkennen massaal Gods scheppingskracht. Paulus legt daar de vinger bij in Romeinen 1: “Want de dingen van Hem die onzichtbaar zijn, worden sinds de schepping van de wereld uit Zijn werken gekend en doorzien, namelijk én Zijn eeuwige kracht én Zijn Goddelijkheid, zodat zij niet te verontschuldigen zijn”[1].
Wie goed kijkt, kan het maar moeilijk ontkennen: het creëren van de schepping gaat mensen boven de pet. De Enige die de schepping kan maken en breken is God.

Romeinen 1 is een hoofdstuk waarin de scherpe tegenstelling tussen geloof en ongeloof in het licht wordt gezet.
De apostel Paulus schrijft: “Want ik schaam mij niet voor het ​Evangelie​ van ​Christus, want het is een kracht van God tot zaligheid voor ieder die gelooft, eerst voor de ​Jood, en ook voor de Griek. Want de ​gerechtigheid​ van God wordt daarin geopenbaard uit geloof tot geloof, zoals geschreven is: Maar de rechtvaardige zal uit het geloof leven”[2].

De Goddelijke scheppingskracht wordt door massa’s mensen zo snel mogelijk weggemoffeld.

Nu het hier om gaat is het goed een ogenblik aandacht te vragen voor de christelijke apologeet en filosoof William Paley (1743-1805)[3].
Eens vergeleek hij een steen met een horloge. Hij concludeerde “dat het horloge een maker moet hebben gehad, dat er op zeker moment en op een of andere plaats een ontwerper was -of meerdere-, die het gemaakt en ontworpen heeft voor het doel waar het uiteindelijk ook aan beantwoord. De ontwerpers begrepen de constructie en bedachten haar functie”.
Een horloge zit enorm ingewikkeld in elkaar. Dat kan niet door toeval ontstaan zijn. Daar móet wel een Ontwerper mee bezig geweest zijn.
En Richard Dawkins, een vooraanstaand evolutiebioloog, zegt: “We hebben gezien dat alle levende dingen te onwaarschijnlijk en te mooi ‘ontworpen’ zijn om zomaar vanzelf te zijn ontstaan door toeval”[4].

Ergens anders staat geschreven: “Het DNA van de mens bestaat uit miljarden karakter tekens met informatie. Wetenschappers noemen het ‘the book of life’. We weten dat informatie niet uit het niets kan ontstaan. Het zou gek zijn als we zouden zeggen dat een boek zichzelf zou hebben geschreven. Net als een software programma tot stand komt door een programmeur, geloven wij dat er iemand achter de complexe code zit, ons DNA”.
En:
“De natuur zit ontzettend knap en complex in elkaar. Er bestaan dieren die nu niet zouden kunnen leven als ze bepaalde functies of lichaamsdelen niet altijd hadden gehad – zie bijvoorbeeld de bombardeerkever”.
En:
“Hoe komt het dat we onderscheid kunnen maken tussen goede en kwade keuzes? Waarom vinden we het erg als twee auto’s op elkaar inrijden als we volgens evolutietheorie slechts bacteriën/atomen zijn die een chemische reactie laten plaatsvinden? Waarom vinden we moord erg? Je geweten spreekt je aan wanneer dit plaatsvindt en juist dat is iets wat de evolutietheorie nooit heeft kunnen verklaren. Waar komt je geweten vandaan?”[5].

Meer dan duizend wetenschappers verklaarden op een officiële website: “We are skeptical of claims for the ability of random mutation and natural selection to account for the complexity of life. Careful examination of the evidence for Darwinian theory should be encouraged”[6]. Hetgeen, in het Nederlands overgezet zijnde, wil zeggen: wij staan sceptisch tegenover claims voor het vermogen van willekeurige mutatie en natuurlijke selectie om de complexiteit van het leven te verklaren; zorgvuldig onderzoek van het bewijsmateriaal voor de theorieën van Darwin dient te worden aangemoedigd.

Het dient ronduit gezegd te worden: de Creator moet de eer krijgen die Hem toekomt!

Laten we nog een ogenblik bij Romeinen 1 verwijlen. Daar staat: “Want de dingen van Hem die onzichtbaar zijn, worden sinds de schepping van de wereld uit Zijn werken gekend en doorzien”.
Een exegeet tekent daarbij het volgende aan.
“De eeuwige kracht en goddelijkheid van God, worden uit zijn werken met het verstand doorzien. Deze laatste twee woorden zijn de vertaling van twee Griekse werkwoorden:
Verstand: in het Grieks kathorao. Te vertalen als: naar beneden kijken, van boven bekijken, inzien, peilen, doorzien.
Doorzien: in het Grieks noeo. Te vertalen als: in de geest bemerken, bespeuren, begrijpen, inzien.
Een mens kan God, die eeuwig is, niet met het verstand doorgronden. Daarom heeft God Zich geopenbaard in Zijn Woord de Bijbel. Door te aanvaarden dat de Bijbel het getuigenis van de Waarheid is, zal men ontdekken wie God is”[7].

Via combinatie en deductie ontwikkelen intelligente mensen allerlei theorieën over van alles en nog wat. Alleen maar: als het gaat over de schepping wil men met eigen ogen zien dat God alles geschapen heeft; zolang men dat niet ziet gelooft men Gods Woord niet.
D. Holwerda schrijft: “De mens kan zich met behulp van die zichtbare schepselen toch wel een gedachte vormen van Gods macht en verhevenheid. Maar de zondeval is gekomen: de mens zocht openbaring waar ze hem verboden was en draaide Gods ware openbaring de rug toe. Nu krijgt hij dwaasheid voor wijsheid.
Kenmerkend voor de afval van God is steeds weer: de zichtbare uitbeelding van den Schepper. Bij alle heidenen zien we dat. Vandaar dat God tegen die zonde zo speciaal waarschuwt en het Zijn volk inprent: Ik openbaarde mij aan uw hart via uw oor, maar niet aan uw oog”[8][9].

Romeinen 1 dringt er bij ons op aan: mensen, houdt het geloof vast! En misschien zeggen wij dan: dat is te eenvoudig. Misschien zeggen wij dan: wetenschappelijk onderzoek van de evolutietheorie is een uitdaging; en wellicht klopt die theorie toch wel…
Laten wij ons niet vergissen!
Laten wij het maar bij de eenvoud van het ware Woord houden: “Want ik schaam mij niet voor het ​Evangelie​ van ​Christus, want het is een kracht van God tot zaligheid voor ieder die gelooft[10].

Noten:
[1] Romeinen 1:20.
[2] Romeinen 1:16 en 17.
[3] Zie voor meer informatie over William Paley https://nl.wikipedia.org/wiki/William_Paley ; geraadpleegd op maandag 28 oktober 2019.
[4] Geciteerd van https://answersingenesis.org/nl/antwoorden/bestaat-god-echt/ ; geraadpleegd op maandag 28 oktober 2019.
[5] Geciteerd van https://www.huisvangod.nu/preken/schepping-vs-evolutie/ ; geraadpleegd op dinsdag 29 oktober 2019.
[6] Geciteerd van https://dissentfromdarwin.org/; geraadpleegd op dinsdag 29 oktober 2019.
[7] Geciteerd van http://www.delevensschool.org/nl/romeinen-120-verstand-doorzien/ ; geraadpleegd op dinsdag 29 oktober 2019.
[8] D. Holwerda, “O Diepte des Rijkdoms; schetsen Schriftstudie op Romeinen”. – Utrecht: Nederlandsche Bond van (vrijgem.) J.V. op G.G., Bond van Gereformeerde M.V. in Nederland, 1949. – p. 12.
[9]
D. Holwerda (1920-2011) was lange tijd hoogleraar Grieks en Latijn aan de Rijksuniversiteit Groningen.
[10] Romeinen 1:16 a.

11 oktober 2019

Boerenprotest

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Dinsdag 1 oktober 2019 – op het Malieveld wordt geprotesteerd door zo’n tienduizend boze boeren. Hun probleem: er is te weinig erkenning voor het werk van agrariërs. Iemand zegt: “‘Je wilt voor de voedselvoorziening toch niet afhankelijk worden van het buitenland? Wij boeren op zo’n hoog niveau hier’. Voor haar is deze dag geslaagd als er ten minste meer erkenning voor het boerenbedrijf komt. ‘En werkbare regels, volgens beleid dat gericht is op de langere termijn’”[1].

Erkenning voor het werk van onze boeren: dat is een goede zaak.
En wij kunnen zeer waarschijnlijk best begrip opbrengen voor die melkveehouder die zegt: “‘In Nederland worden we neergezet als milieucriminelen en dierenmishandelaars. Laatst stond ik op mijn land met koeien. Het was een zonnige dag. Ik ben vliegtuigstrepen gaan tellen. Het waren er 35. Wie is dan de grote vervuiler?”.

Maar er gaat nog iets boven dat alles uit. Boven dat alles troont Iemand.
De God van hemel en aarde moet erkend worden als de Schepper van alles wat bestaat.
De dichter van Psalm 33 zegt:
“Door het Woord van de HEERE is de hemel gemaakt,
door de Geest van Zijn mond heel hun legermacht”[2].
Dat moeten wij inzien.
Dat moeten wij accepteren.

Want dan gaan agrariërs en beleidsmakers zien voor Wie zij het doen.
Dat boeren gerespecteerd moeten worden is een waarheid als een koe. Maar Paulus schrijft in Romeinen 13 ook: “Ieder mens moet zich onderwerpen aan de gezagsdragers die over hem gesteld zijn, want er is geen gezag dan van God, en de gezagsdragers die er zijn, zijn door God ingesteld”.
Agrariërs en regeerders functioneren allen onder het barmhartige gezag van de goede God. Als wij dat beseffen komen de verhoudingen meteen wat anders te liggen.

Psalm 33 is eerst en vooral een lied voor de kerk. Leest u de inzet van dit lied maar:
“Zing vrolijk in de HEERE, rechtvaardigen!
Een lofzang past de oprechten”[3].
Maak maar vrolijke muziek voor God!, roept de dichter uit.
Er is een goede reden om blij te zijn. Want de Here is trouw. Hij is rechtvaardig. Hij gaat vol liefde met al Zijn schepselen om. De hemelse God doet, dag aan dag, de organisatie en de planning van heel de schepping. Hij heeft de zaak in de hand!

Dat moet de kerk in de wereld proclameren. De kerk moet het in de wereld blijven zeggen: wij leven en werken allemaal onder de Regeerder van deze aarde. De kerk moet laten zien hoe de verhoudingen werkelijk liggen: de burgers krioelen, de volken woelen – maar God in de hemel troont daarboven!

Het is van belang om het bovenstaande goed tot ons door te laten dringen.
Men kan best begrip opbrengen voor het boerenprotest.
De regelgeving voor de agrarische wereld is niet bepaald eenduidig. Milieuregels veranderen met de snelheid van het licht, en worden in rap tempo strenger. Voorbeeld: fosfaatrechten zijn hier en daar een immens zwaar blok aan het been[4].
Als vanuit D66 eensklaps wordt geroepen dat de veestapel gehalveerd moet worden, is dat wel erg kort door de bocht; en bovendien is het een trap tegen allerlei benen die tóch al zeer deden. Hier geldt: de toon maakt de muziek.
Maar het is evenzeer waar dat duizenden boeren met hun trekker de snelwegen op gingen en aldus een verkeerschaos veroorzaakten. Men kan zeggen: het betreft een protest, en dan gaat dat zo. Intussen is dat gewoon verboden. Punt.
Wie allerlei dilemma’s wil ontstijgen, moet zich realiseren dat boeren, burgers en buitenlui in dienst staan van de hemelse Heer!

Hoe moet het nu verder? Het is een vraag die velen bezighoudt: levert dat boerenprotest nog iets concreets op?
De dichter van Psalm 33 gaat in gebed:
“Laat Uw goedertierenheid over ons zijn, HEERE,
zoals wij op U hopen”[5].
De kerk krijgt hier les in bidden. We mogen en moeten in gebed naar onze goede God toegaan. En bij Zijn troon mogen wij om hulp vragen: ‘wij hebben voor al onze problemen geen passende oplossing, maar U bent almachtig; help ons toch!’
Die bede om hulp mogen wij allen opzenden tot God. Dat is een bede om hulp voor boeren. Maar het is – als het goed is – ook een gebed om hulp voor regeerders en andere beslissers.

Noten:
[1] Geciteerd uit: “Boze boeren eisen dat er een einde komt aan de ‘Haagse fratsen’”. In: Nederlands Dagblad, woensdag 2 oktober 2019, p. 4 en 5.
[2] Psalm 33:6.
[3] Psalm 33:1.
[4] Zie hierover https://www.boerderij.nl/Boerenleven/Artikelen/2018/5/Wat-zijn-de-dilemmas-van-boeren-286033E/ ; geraadpleegd op woensdag 2 oktober 2019.
[5] Psalm 33:22.

24 juli 2019

Permanent in verwachting

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

Men hoort het oude broeders en zusters vaak zeggen: ‘Ik heb het hier op aarde wel een beetje gehád. Doe maar niet teveel meer aan reanimeren. Als de Here mij komt halen is het goed’.
Het is goed te begrijpen dat die ouderen dat zeggen. Een gekortwiekt leven is niet leuk.
En zegt u nu zelf: als uw kinderen en kleinkinderen het goed hebben, dan lijkt uw rol niet zelden zo’n beetje uitgespeeld.

Jonge mensen daarentegen zeggen en doen heel andere dingen.
Kerkgrenzen zeggen hen niet veel.
Een relatie aanknopen met een ongelovige jongen… tja, dat zullen je ouders niet fijn vinden. Maar ach, misschien komt er wat goeds van; je weet nooit.

Welnu, oude mensen én jonge mensen lezen in 2 Petrus 3: “Maar wij verwachten, overeenkomstig Zijn belofte, nieuwe hemelen en een nieuwe aarde, waar ​gerechtigheid​ woont. Daarom, geliefden, terwijl u deze dingen verwacht, beijver u om onbevlekt en smetteloos door Hem bevonden te worden in vrede”[1].

Het gaat erom de juiste keuzes te maken.
Keuzes waardoor wij dicht bij de Heiland blijven, zodat wij achter Hem aan kunnen blijven gaan.
Het gaat erom Gods Woord te eerbiedigen, en te doen wat Hij van ons vraagt.
Als wij dat doen mogen wij erbij denken: er komt een nieuwe hemel en een nieuwe aarde, waar niets meer scheef of kapot is.

Laten wij elkaar, mede in verband met het bovenstaande, eerst een vraag stellen.
Kunnen wij op basis van 1 Petrus 3 zeggen: ‘nu ja, alles wordt nieuw en dus is het zorgvuldig omgaan met de schepping niet zo belangrijk?’.

Laten we dat maar niet doen.
Wij moeten de door God geschapen aarde als bekwame rentmeesters beheren. Aldus bereiden wij ons voor op een nieuw begin in de hemel. Al doende willen wij God prijzen. Wij loven Hem. Zijn schepping is een prachtig werk. En het is een hele eer dat wij met en voor die schepping mogen werken.
Dat betekent dus niet dat wij de aarde in de eerste plaats voor onze kinderen moeten bewaren. Want in dat geval kijken wij eerst en vooral om ons heen. Gelovige christenen kijken in de eerste plaats omhoog. Want zij weten: daar moet het vandaan komen. Preciezer: daar zal de Heiland vandaan komen.

Nogmaals – het gaat om Gods eer.
Wij zingen de lof van de Heiland.
Wij gaan zorgvuldig om met alles wat Hij geeft. Nu al.
Zo maken wij ons gereed voor een nieuw leven. Na dit aardse leven zetten we geen punt, maar een komma – het leven gaat verder[2].
Ons aardse leven is, om zo te zeggen, een generale repetitie voor het hemelse leven.

Hierboven gaat het over gelovige ouderen.
Zij zeggen: ‘Als de Here mij komt halen is het goed’.
Dat is een geloofsbelijdenis die er wezen mag!
Maar diezelfde ouderen mogen ook weten: zolang wij nog op aarde zijn, mogen wij onszelf en andere kinderen van God voorbereiden op een heerlijk nieuw begin.
Mensen, het zal magnifiek wezen!
Luisterrijk!
Wij komen in een glorieuze, ja zalige dimensie terecht!

Hierboven gaat het over jongeren.
Zij zeggen: ‘Praat niet over kerkgrenzen. Geloof maar gewoon in Jezus. Dat is genoeg’.
Zij zeggen ook: ‘Het maakt niet uit of mijn partner uit dezelfde kerk komt als ik. Dat is totaal niet belangrijk. En als hij of zij niet gelooft… nou ja, het zij zo. Als hij of zij maar lief is’.
Echter – wie een bekwame rentmeester wil zijn die God op deze aarde vertegenwoordigt, redeneert een stuk zorgvuldiger.
Zo’n rentmeester gaat naar de kerk – ja, met lidwoord. Daar is er maar één van.
Zo’n rentmeester zoekt een partner die zich ook op het tweede leven voorbereid; het hemelse leven dus.

Misschien zeggen sommigen wel: ach, dat hele verhaal zegt ons niet zoveel. En: van die nieuwe en die nieuwe aarde merken we nog niets. En: wij moeten ons maar een beetje zien te redden, voorlopig.
Aan zulke mensen mogen wij vragen: zou het toevallig zijn dat in 2 Petrus 3 ook staat: “beschouw het geduld van onze Heere als zaligheid”?[3]

Het antwoord is: nee, dat is zeker niet toevallig.
De God van hemel en aarde geeft ons nog altijd gelegenheid om ons naar Hem toe te keren, en ons te prepareren op een nieuw begin. En daarvoor geldt: elke dag is er weer een nieuwe kans.
Gelovige mensen zijn, om het zo eens te zeggen, permanent in verwachting. Nee, die beeldspraak is niet origineel. De apostel Paulus gebruikte ‘m ook al. In 1 Thessalonicenzen 5 namelijk: “Want u weet zelf heel goed dat de dag van de Heere komt als een ​dief​ in de nacht. Want wanneer zij zullen zeggen: Er is ​vrede​ en ​veiligheid, dan zal een onverwacht verderf hun overkomen, zoals de barensweeën een zwangere vrouw, en zij zullen het beslist niet ontvluchten”[4].

Gelovigen mogen het zonder terughoudendheid belijden: wij zetten aan het einde van ons aardse leven geen punt, maar een komma. Oftewel – het mooiste komt nog.
Daarom is de aansporing van Petrus in het laatste vers van 2 Petrus 3 nog altijd actueel: “Maar groei in de ​genade​ en kennis van onze Heere en Zaligmaker Jezus ​Christus. Hem zij de heerlijkheid, zowel nu als in de dag van de eeuwigheid. ​Amen”[5].

Noten:
[1] 2 Petrus 3:13 en 14.
[2] De uitdrukking ‘We zetten in ons aardse leven geen punt, maar een komma’ is afkomstig van mijn onvolprezen echtgenote, Arianne de Roos-Wieles.
[3] 2 Petrus 3:15.
[4] 1 Thessalonicenzen 5:2 en 3.
[5] 2 Petrus 3:18.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.