gereformeerd leven in nederland

15 juni 2018

Stevig Evangelie

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Laat de kerk ontspannen onderzoek doen naar de groter wordende plaats van religie en spiritualiteit buiten de kerkmuren. De kerk moet haar eigen vormen en opvattingen niet krampachtig aanpassen, maar blijven geloven in de eeuwenoude tradities.

Aldus mevrouw dominee Epema[1].
De dominee is gepromoveerd op de theorieën van een Canadese filosoof.
Die filosoof heet Charles Taylor.

Die Canadese geleerde zegt: er zijn twee tegenpolen:
* klassiek geloof in God
* modern atheïsme.

Maar er is meer.
Een geleerde theoloog legde de denkbeelden van Taylor nader uit: “Wie gelooft, is zich altijd bewust van de mogelijkheid om niet te geloven en wordt daardoor beïnvloed. Wie atheïst is, kan zich niet werkelijk onttrekken aan de optie dat je ook zou kunnen geloven. In dat spanningsveld ontstaat een waaier aan mengvormen tussen klassiek godsgeloof en modern atheïsme. Tegelijk worden die twee polen in hun zuivere vorm zwakker”[2].

Er is één troost: de gerichtheid op het hogere is een menselijke eigenschap, zegt meneer Taylor. Dus: mensen zullen altijd omhoog blijven kijken.

Nu kun je natuurlijk omhoog kijken.
Maar de vraag is natuurlijk: wat verwacht je dan eigenlijk?
Wat geloof je eigenlijk?
En van wie/Wie verwacht je het?
Kortom: wat stelt het geloof inhoudelijk nog voor?
Dominee Epema zegt: “Mijn punt is dat er momenteel door kerken veel energie wordt gestoken in aantrekkelijke vormen en een aansprekende presentatie, terwijl er te weinig gebeurt met de vraag wat de transformaties die Taylor beschrijft, betekenen voor de inhoud van het geloof. Het gesprek over de inhoud zou in de kerk meer gevoerd moeten worden, ook met mensen buiten de kerkmuren. Volgens mij is het mooie van deze tijd dat mensen openstaan voor dit gesprek”.

Dus:
* bijna iedereen doet verwoede pogingen om de kerk aantrekkelijk te maken
* heel weinig mensen praten vandaag over de inhoud van hun geloof.

Als ik dit alles lees, kom ik uit bij Colossenzen 4.
Daar schrijft de apostel Paulus onder meer dit: “Wandel met wijsheid bij hen die buiten zijn, en buit de geschikte tijd uit. Laat uw woord altijd aangenaam zijn, met zout smakelijk gemaakt, opdat u weet hoe u iedereen moet antwoorden”[3].

De brief is gericht aan christenen in Colosse, een stad in Turkije, ongeveer honderdzestig kilometer ten oosten van Efeze.
Paulus kent die christenen alleen maar van horen zeggen. Hij is er zelf niet geweest.

Paulus maakt zich zorgen over opvattingen die in de gemeente in Colosse worden verkondigd.
Daarom legt hij in het eerste deel het Evangelie van Jezus Christus en onze verlossing nog eens uit.
Hij is onze Schepper. Hij heeft een gemeente in Colosse. Een gemeente van mensen die verlost zijn van schuld. De zonde is in de kerk geen overheersende factor meer. En Paulus waarschuwt: laat niemand u van dat Evangelie af brengen! De christenen in Colosse, de Colossenzen moeten zich niet laten ompraten door allerlei filosofen en geleerd klinkende mensen die het beter lijken te weten.

Maar het is wel belangrijk om wijs en vriendelijk om te gaan met mensen die geen lid van de kerk zijn.
Wat de Colossenzen zeggen, moet welgevallig zijn. Het Evangelie mag op een prettige wijze worden ‘opgediend’. Opgepast dus voor lompheid. En voor tactloos gepraat. En voor onbehouwen gedoe. Dat past niet in de kerk.
De gesproken woorden moeten met zout smakelijk gemaakt worden. Dat betekent: geef God de belangrijkste plaats in uw leven. Leg maar uit dat het leven pas echt op smaak wordt gebracht met de troost van het Evangelie, zoals dat in de Bijbel staat.

Het is goed om te weten wat de diepste drijfveren zijn van de mensen om ons heen. Ook zij hebben hun principes en motieven.

Als u die kent, kunt u duidelijk aangeven wat de verschillen liggen.
Als u die kent, kunt u laten zien dat u bij de keuzes die u maakt wordt aangestuurd door de Heilige Geest van God. Door Zijn kracht slaagt u er steeds beter in om uw zondige aarde naar de achtergrond te duwen.

Dat levert stevigheid op.
Denkt u maar aan een omvangrijke boom. Een plataan bijvoorbeeld. Zo’n boom met een hele brede kruin, van een metertje of acht[4].
Paulus denkt blijkbaar ook aan zo’n boom. Want hij schrijft: “Zoals u dan ​Christus​ ​Jezus, de Heere, hebt aangenomen, wandel in Hem, geworteld en opgebouwd in Hem, en bevestigd in het geloof, zoals u onderwezen bent; wees daarin overvloedig, met dankzegging”[5].
Kortom:
wie goed geworteld is, waait niet bij de eerste windvlaag om;
wie stevig staat is niet meteen bang als het in of rond de kerk stormt.

Die Canadese filosoof, de heer Charles Taylor, constateert dat er een waaier aan mengvormen tussen klassiek godsgeloof en modern atheïsme is.
Dat klinkt heel sjiek.
Maar in feite is er maar één vraag die er toe doet: bent u voor of tegen Christus?
Paulus schrijft in Colossenzen 4: “Bid​ meteen ook voor ons dat God voor ons de deur van het Woord opent, om van het geheimenis van ​Christus​ te spreken”[6].
Paulus schrijft dus over één deur. Niet over twee of drie.
Paulus over het geheimenis van Christus. Daar is er echt maar één van.
Het is derhalve niet zo dat Christus via vele ongedachte wegen te bereiken is!

Wie met buitenstaanders spreekt, hoeft niet bang te zijn dat hij er meteen minder Gereformeerd om wordt.
En wie door de Heilige Geest wordt aangestuurd, zal in een dergelijk gesprek ook zeker wel de goede woorden vinden.

Maar Paulus schrijft in Colossenzen 4 wel: wees overvloedig, met dankzegging. Met andere woorden: breng de Here dank voor de mogelijkheden die Hij geeft, en houdt steeds contact met Hem.
Laten wij dat gebed nooit vergeten!

Noten:
[1] “Laat kerk over inhoud in gesprek gaan”. In: Reformatorisch Dagblad, donderdag 31 mei 2018, p. 12.
[2] Ad de Bruijne, “Zinnig rechtzinnig” – column. In: Nederlands Dagblad, zaterdag 10 maart 2018, p. 17.
[3] Colossenzen 4:5 en 6.
[4] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Plataan ; geraadpleegd op maandag 4 juni 2018.
[5] Colossenzen 4:6 en 7.
[6] Colossenzen 4:3.

14 juni 2018

Hulp bij spiritueel tekort

“Hulp van buiten is nodig om spiritueel tekort GKV aan te vullen”.
Dat zegt dominee Maarten van Loon over ‘zijn’ kerken, de Gereformeerde kerken (vrijgemaakt).

In het Nederlands Dagblad stond er laatst een stukje over.

Geloven is in de GKv “een set waarheden” geworden.
Geloven is momenteel alleen maar een kwestie van het hoofd.
Veel gemeenteleden voelen dat aan. Zij gaan vervolgens spiritueel bijtanken. Het maakt niet zoveel uit waar dat bijtanken gebeurt.

Dominee Van Loon schrijft: “Persoonlijk denk ik dat er hulp van buiten nodig is als we als GKv stappen willen maken in het aanvullen van ons spirituele tekort. (…) Het gaat namelijk niet om een trucje dat je moet leren, maar om een verdieping en verbreding van je eigen spiritualiteit, het aanboren van lagen die er wel zijn, maar die nog niet benut worden”[1].

Een kerk die hulp van buiten nodig heeft… ik heb daar even tegen aan zitten kijken.

De kerk heeft namelijk eerst en vooral hulp van boven nodig.

Nu ik dat constateer, wijs ik meteen op de toespraak die Mozes voor Israël houdt, vlak voordat hij sterven gaat.
De laatste zinnen van die toespraak zijn: “Welzalig bent u, Israël! Wie is zoals u? U bent een volk dat door de HEERE verlost is. Hij is een ​schild​ en een hulp voor u, Hij is uw majesteitelijke ​zwaard; daarom zullen uw vijanden zich geveinsd aan u onderwerpen, en ú zult hun hoogten betreden!”[2].

Veertig jaar lang heeft Mozes het volk geleid, uit Egypte tot vlak voor het beloofde land Kanaän.

Mozes prijst de Israëlieten gelukkig.
De kerk van het Oude Testament is uniek. Want God staat aan hun kant.
Hij voert uiteindelijk de gevechten voor Zijn volk. Hij is de grote Beschermer. Hij helpt waar dat nodig is, op ieder gewenst moment van dag of nacht. Israëlieten hoeven niet in training te gaan om strijdkracht te ontwikkelen. Want de overwinning komt van God!
Dat maakt vijanden bang. Gespeeld-nederig komen zij bij Israël. En het volk van God kan zonder veel moeite verder trekken. Desnoods dwars óver de hoogten die door de vijandelijke volken opgeworpen zijn om hun afgoden te dienen. Zo laten de Israëlieten zien: afgoden zijn niets waard; je moet het van God hebben.

In Deuteronomium 33 is dat geen overbodige boodschap.
Een relatief klein volk dat Kanaän compleet gaat ‘overnemen’ – dat is op z’n zachtst gezegd nogal ambitieus, zou je zeggen.
Maar Mozes zegt: als je God aan je zijde hebt, dan kan het lukken. En wanneer lukt dat dan? Als het in Zijn plan past.
Het innemen van het land Kanaän gaat lukken, omdat dat het welzijn van de Oudtestamentische kerk bevordert. Het gaat lukken, omdat het een grote stap is in de richting van de heerlijke toekomst die God voor Zijn volk creëert.

Dat wil niet zeggen dat er geen momenten zullen komen waarop het volk in grote nood komt. Er zullen ogenblikken zijn waarop het volk wanhopig naar boven blikt: God is er toch nog wel? Hij heeft Zijn hulp toch gegarandeerd? – nou, waar blijft Hij dan?

Nee, Mozes’ laatste oproep, zo vlak voor zijn sterven, is zeker niet overbodig.

Nu kunnen wij zeggen: luister eens, beste schrijver – dat is Deuteronomium 33. Maar wat heeft dat met 2018 te maken?

We hebben vandaag te maken met de Nieuwtestamentische kerk.
Die kerk moet de wil van God doen.
Die kerk moet het Evangelie verkondigen. De blijde Boodschap: er is redding door Jezus Christus!

Maar wat zeggen veel kerkmensen?
Die boodschap is wel goed, maar die past niet meer zo goed in de eenentwintigste eeuw. Je kúnt er op werkdagen zo weinig mee. We hébben er in het gewone leven zo weinig aan.
En nou ja, eigenlijk gaat het best wel goed zo. We kunnen onszelf best redden. We hebben de zaakjes netjes geregeld. Dus – wie doet ons wat?

Dat is het probleem in de Gereformeerde kerken (vrijgemaakt). En niet alleen daar.

Eigenlijk is dit een punt dat bij ons allemaal speelt: als we de boel nou keurig regelen, dan houden we de kerk wel overeind.

Maar de kwestie ligt anders.

Als je God aan je zijde hebt, dan gaat het kerkelijk leven bloeien. En wanneer bloeit dat dan? Als het in Zijn plan past.
De kerk krijgt Gods zegen, als zij met Zijn Woord leeft. Niet alleen op zondag; maar ook op dinsdag tot en met zaterdag. Zo’n leven bevordert het welzijn van de Nieuwtestamentische kerk. Zo zet de kerk iedere dag een grote stap in de richting van de heerlijke toekomst die God voor Zijn volk creëert.

Wanneer zijn onze gebeden het meest dringend?
Antwoord: als de nood hoog is. Als je heftige pijn voelt. Als je het idee hebt, dat de duivel je te pakken heeft. Als de toekomst dichtgetimmerd is. Als het leven totaal klem zit.

Daar
zit het probleem van veel christenen, Gereformeerd-vrijgemaakten inbegrepen.
Want zij hebben niet het idee dat de nood hoog is. Want och, het hobbelt nog prettig door. Nietwaar?
Laten we met z’n allen beseffen dat de nood hoog is. Als God niet machtig ingrijpt, dan gaan we ’t niet redden!

En als we dan bidden, moeten we niet denken dat de oplossing ons binnen een halfuurtje wordt aangeboden op ’t deftigste bonbonschaaltje dat er momenteel te koop is.
Soms moet je jaren wachten tot er perspectief komt.
Want God test Zijn volk nog wel eens: vertrouwt u echt op Mij, of doet u ’t toch liever zelf?

Deuteronomium 33 staat nog altijd in onze Bijbels: “Welzalig bent u, Israël! Wie is zoals u? U bent een volk dat door de HEERE verlost is. Hij is een ​schild​ en een hulp voor u”.
Nee, dat merken wij niet altijd.
Onze God is niet voortdurend aanwezig met megafoon en zwaailicht.
Maar Hij is altijd present. In alle rust. In alle stilte, soms.

En soms beseffen we pas achteraf: God heeft ingegrepen. Oftewel: wat er nu gebeurd is, dat moet wel van God komen. Dan realiseren we ons: dit heeft de hemelse God zo bestuurd.

In God geloven…
Bij God horen…
Kind van God zijn…
uiteindelijk is dat de grootste troost die er in dit leven is.

Laten we ons maar gewoon aan Psalm 2 houden:
“Vreest God den HEER en dient Hem naar zijn eis,
verheugt u bevend, zoekt bij Hem uw vrede.
Kust toch de zoon, opdat gij niet te gronde
gaat op uw weg. Te licht wordt hij getart
en kan zijn gramschap tegen u ontbranden.
maar zalig zijn die schuilen aan zijn hart”[3].

Zalig zijn die schuilen aan zijn hart.
Die schuilplaats biedt eeuwige bescherming!

Noten:
[1] GKv ‘heeft hulp van buiten nodig’. In: Nederlands Dagblad, maandag 28 mei 2018, p. 2 (rubriek Blogs en bladen).
[2] Deuteronomium 33:29.
[3] Dit is het laatste deel van Psalm 2:4; berijmd – Gereformeerd Kerkboek-1986.

26 juni 2017

Oplossend vermogen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , ,

Massa’s mensen zijn vandaag de dag op zoek naar de waarheid. Zij beijveren zich om, ware dat mogelijk, waarheid en werkelijkheid in elkaar te laten overvloeien.

Eén van die mensen is Robert Bridgeman. Deze man heet eigenlijk Robert Jan Bruggeman, maar hij noemt zichzelf de laatste jaren Robert Bridgeman.
Op zijn website schrijft hij: “Graag neem ik je mee in de oneindige mogelijkheden en bouwstenen van innerlijke transformatie. Het biedt je ontwikkeling op je pad naar spirituele groei. Hoe zich dat voor jou manifesteert is afhankelijk van je eigen behoeften en waar je je bevindt op je pad”[1].

Bridgeman heeft zelf een lange zoektocht achter de rug. Hij probeerde wel drieëndertig religies en levensovertuigingen uit.
Een paar jaar geleden schreef hij een boek. Dat heet ‘Start vandaag met lichter leven’[2].
Daarin beschrijft hij dat hij ontdekte dat er een vergeten realiteit van eenheid, energie, liefde en reïncarnatie bestaat. Hij legt uit wat dat voor de lezer betekent. Ook zet hij uiteen hoe je gelukkiger kunt zijn.
Leven zonder spijt en zorgen. Zonder angst. Zonder blokkades. Met een open hart, vol dankbaarheid, vol inspiratie[3].
Robert Bridgeman heeft, na al zijn speurwerk, een eigen methode ontwikkeld: de Bridgeman-methode.
In die methode wordt onderwijs gegeven van kwaliteit in werk en leven, in mindfulness en in meditatie, in kracht en in prestatietraining[4].

Kwaliteit van werk en leven. Hoe staat u in het leven? Wat is uw functie in de wereld? Welke taak heeft u?
Daar heeft Petrus het ook over. In 2 Petrus 3 schrijft hij: “De Heere vertraagt de belofte niet (zoals sommigen dat als traagheid beschouwen), maar Hij heeft geduld met ons en wil niet dat enigen verloren gaan, maar dat allen tot bekering komen.
Maar de dag van de Heere zal komen als een ​dief​ in de nacht. Dan zullen de hemelen met gedruis voorbijgaan en de elementen brandend vergaan, en de aarde en de werken daarop zullen verbranden.
Als deze dingen dus allemaal vergaan, hoedanig behoort u dan te zijn in ​heilige​ levenswandel en in godsvrucht;
u, die de komst van de dag van God verwacht en daarnaar verlangt…”[5].

Wat is dus onze hoedanigheid?
Waar zit de kwaliteit van ons leven in?
Antwoord: in een heilige levenswandel, en in godsvrucht.

In het Grieks staat in 2 Petrus 3 het woord luomenon: ‘oplossen’ betekent dat.
De dingen zullen oplossen.
Alleen al in dat woord zit, als u het mij vraagt, een grote troost.
Oplossen: de dingen zullen verdwijnen.
Oplossen, dat betekent onder meer ook: er komt een alleszins bevredigend einde aan.

Wie Gods Woord open doet, ontdekt al snel dat het niet afhangt van eigen meditatiemethodieken. En ook niet van eigen kwaliteit en kracht.
En dat is maar goed ook.
Terreuraanslagen, zoals bijvoorbeeld in Manchester en Londen, kunnen ons schokken[6].
In Nederland worden tieners vermoord. Twee meisjes van veertien kwamen een week of drie geleden om het leven[7].
In zulke situaties kunt u de angst niet wegpraten. U denkt zomaar: morgen is het mijn zoon, mijn dochter…
Er kunnen zomaar blokkades wezen: omstandigheden waarin God mijlenver weg lijkt.
Kracht? Soms zakt u de moed in de schoenen.
Meditatie? U kunt mediteren, en voor u uitkijken, maar daar worden heel veel dingen uiteindelijk niet anders van. Als u uitgemediteerd bent, ligt het verdriet weer als een groot struikelblok voor u.
Welnu 2 Petrus 3 zegt: al die ellende gaat niet eeuwig door!

Integendeel.
Naarmate Gods kinderen heiliger leven, zullen zij Zijn komst bespoedigen. De Here Jezus zal sneller terugkomen.
In Handelingen 3 heeft Petrus dat, vlak na de uitstorting van Gods Heilige Geest, al in de tempel verkondigd: “Kom dus tot inkeer en bekeer u, opdat uw ​zonden​ uitgewist worden en er tijden van verkwikking zullen komen van het aangezicht van de Heere,
en Hij ​Jezus​ ​Christus​ zal zenden, Die tevoren aan u verkondigd is.
Hem moet de hemel ontvangen tot de tijden waarin alle dingen worden hersteld, waarover God gesproken heeft bij monde van al Zijn ​heilige​ profeten door de eeuwen heen”[8].
Mensen die zich naar God toekeren, en naar Hem luisteren, bespoedigen Zijn terugkomst.
Hun manier van leven is een instrument in Gods hand!
De Verbondsgod heeft een geweldig oplossend vermogen!

Bridgeman heeft het over afhankelijkheid van behoeften en over de plek waar je je op je pad bevindt.
Maar de hoofdvraag is: waar loopt het op uit? Het antwoord op die vraag staat in Gods Woord.
De Here leidt Zijn kinderen, de mensen die Hij innig liefheeft, naar Zijn toekomst.
‘Kom maar mee’, zegt Hij. Misschien heeft uw leven een donkere kant. Misschien draagt u verdriet met u mee. Dat alles lost u niet op door het managen van uw eigen energie.
Door Zijn kracht komt u vooruit in het leven.
Er komt een nieuwe toekomst aan.
De hemelen zullen met groot kabaal – lawaai en gesis – voorbijgaan.
Oude dingen zullen in een groot vuur worden vernietigd. Een uitslaande brand zal het wezen, in heel de wereld[9].
De wereld begint, om zo te zeggen, op een magnifieke wijze opnieuw. En Gods kinderen weten: wij zijn burgers van dat nieuwe Koninkrijk!

Lichter leven?
Ach, misschien komt dat er op deze aarde helemaal niet van.
Geen nood.
Kinderen van God leven heel bewust. Want zij beseffen: alles wordt beter, en ons leven wordt één stuk luisterrijke glorie.
Nee, op eigen kracht vinden zij niet alle antwoorden.
Met meditatie komen zij niet in de hemel.
Want hun Heiland brengt hen er naartoe!

Noten:
[1] Geciteerd van http://robertbridgeman.nl/ ; geraadpleegd op dinsdag 6 juni 2017.
[2] De gegevens van dat boek zijn: Robert Bridgeman, “Start vandaag met lichter leven: handboek voor een bewust leven”.  – VBK Media (Uitgeverij Ankh-Hermes), 2014. – 288 p.
[3] Zie ook de recensie op http://www.tvc.nl/nl/nieuws/recensies-tijdschrift-voor-coaching-juli-2014-deel-1 ; geraadpleegd op dinsdag 6 juni 2017.
[4] Geciteerd van http://bridgemanmethode.nl/bridgeman-methode ; geraadpleegd op dinsdag 6 juni 2017.
[5] 2 Petrus 3:9-12 a.
[6] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Aanslag_in_Londen_van_maart_2017https://nl.wikipedia.org/wiki/Aanslag_in_Manchester_op_22_mei_2017 en https://nl.wikipedia.org/wiki/Aanslag_in_Londen_op_3_juni_2017 . Geraadpleegd op dinsdag 6 juni 2017.
[7] Zie hierover bijvoorbeeld https://www.rd.nl/opinie/commentaar/lessen-uit-londen-bunschoten-en-hoevelaken-maar-nu-past-zwijgen-1.1406314 ; geraadpleegd op dinsdag 6 juni 2017.
[8] Handelingen 3:19, 20 en 21.
[9] Zie hierover de webversie van de Studiebijbel; commentaar bij 2 Petrus 3:10.

2 maart 2017

Veilige vesting

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , , , ,

Psalm 46 is een psalm waar eerst en vooral vertrouwen uit spreekt[1].
Bij God kun je terecht, belijdt de dichter.
Met Hem kom je verder.

Dat noteer ik vandaag met dankbaarheid. Nederland is een land waar wantrouwen boven de markt hangt. Men treedt elkander tegemoet met gepaste gereserveerdheid. Stel je toch voor dat je benadeeld wordt!
Dat blijkt in het klein, in het huwelijksleven.
Dat blijkt in de bureaucratie van de overheid.
U ziet het terug in de politiek.
Het blijkt in het zakenleven.
Het is, kortom, uitkijken geblazen.
Maar in het leven van de ware christen is de door God gegeven vrede een constant gegeven. Die vinden we, als het goed is, altijd in ons leven terug. Mensen die met God wandelen zijn zeker van een schuilplaats.

Toch garandeert Psalm 46 ons niet enkel vredige tafereeltjes.
“Kom, zie de daden van de HEERE,
Die verwoestingen op de aarde aanricht”[2].
Verbijsterend is het, staat in de Nieuwe Bijbelvertaling-2004. De editie-2012 van de Willibrordvertaling heeft het over schokkende dingen. Hij kan oorlogen aanrichten, zegt de herziene editie van de Groot Nieuws Bijbel uit 1996.
Een kind van God moet er terdege rekening mee houden dat God werkelijk adembenemende dingen op aarde doet. Die gebeurtenissen zullen diepe sporen nalaten!

Hoe dat zij, het refrein van deze hymne resoneert hopelijk in ons leven:
“De HEERE van de legermachten is met ons;
de God van Jakob is voor ons een veilige vesting”[3].

Ik zag ergens een mooie indeling van dit Schriftgedeelte. De hoofdzaken daarvan geef ik u door.
Thema: de macht van de Messias wordt geopenbaard.
1. Zijn afdoende bescherming
2. Zijn blijvende aanwezigheid
3. Zijn opperheerschappij erkend[4].

Wat is de oorsprong van de zesenveertigste psalm?
Dat kunnen we niet met zekerheid zeggen.
Er zijn mensen die denken aan de bevrijding van Jeruzalem uit de macht van Sanherib, gedurende de regering van Hizkia. Dat was, als ik het goed weet, in 701 voor Christus. Daarover lezen we in 2 Koningen 18 en 19 en bijvoorbeeld ook in Jesaja 36 en volgende.
Er zijn echter ook exegeten die een andere datering bepleiten.

Het lijkt me dat we nogal wat duidelijker kunnen zijn over het doel van de psalm.
* de kerk moet te midden van allerlei rampen en problemen op God blijven vertrouwen
* de kerk biedt troost; Gods kinderen hebben gezien dat God er in het verleden was, en ze hebben de zekerheid dat Hij hen zal blijven leiden
* de kerk luistert naar haar verheven Heer en zoekt een schuilplaats bij Hem.

Het is wel bekend dat de kerkreformator Maarten Luther (1483-1546) een eigen berijming van deze psalm gemaakt heeft[5].
In zijn tijd rukten de Turken uit het door Osman I gestichte Ottomaanse rijk in Europa op. Luther leefde in Wittenberg. De Turken stonden voor Wenen, zo’n zeshonderd kilometer verderop. Het schijnt zelfs dat Luther veronderstelde dat de eindtijd aangebroken was. In Zuid-Europa veroverden de Turken het ene na het andere land. Het was in die tijd een bekend spreekwoord: geen gras wil meer groeien, waar een Osmaans paard zijn voeten heeft gezet. Tot overmaat van ramp was de christelijke wereld in die tijd verdeeld in een protestants en een rooms-katholiek deel. En wat moest een verdeelde christenheid tegen al die Turken beginnen?
Ook in zijn persoonlijke leven had Luther het verre van gemakkelijk. Vaak was hij zeer neerslachtig. Hij had last van depressies, zouden we vandaag zeggen.
Psalm 46 hielp hem over al zijn moeilijkheden en depressies heen.

De geschiedenis rond Maarten Luther maakt het niet al te moeilijk om te zien hoe actueel Psalm 46 is.
Immers, vandaag de dag heeft de Westerse wereld te maken met de invloed van de Islam. Er moet gedialogiseerd worden, zegt men. Sommigen zijn zelfs beducht voor een islamisering van Nederland. In al die drukte moet de blijde Boodschap blijven klinken.
Maar daarmee is niet alles gezegd.
Want spiritualiteit is in deze tijd bijna een modewoord geworden. De halve wereld lijkt te geloven dat er wel iets is. Velen beijveren zich om religie, heiligheid en mystiek bij elkaar te brengen. En wat dacht u van een spiritualiteitsmeting? Vele jaren geleden werd al een spiritualiteitsthermometer ontwikkeld[6].
Het hoeft geen betoog: ook vandaag moet erop worden gewezen dat we slechts gerechtvaardigd worden door het geloof in Jezus Christus.
Bekeer u, zei Maarten Luther in zijn tijd. De kerk is gehouden om ook nu die boodschap uit te dragen.
Serene rust en doffe onverschilligheid zijn uit den boze. In Psalm 46 wordt aangewezen hoe de Here God zich intensief met aardse strijd bemoeit. Waarom zouden wíj dan niet actief mogen zijn? We hoeven niet rustig in een hoekje te gaan zitten wachten, om te zien wat er gebeuren gaat.
Laten we alert blijven en met het Evangelie in de hand tonen dat de God van Jakob ook onze burcht is.

Met die burcht is iets bijzonders aan de hand.
Want die burcht wijst ons op een heerlijke toekomst met God.

Ik citeer een vers uit Psalm 46:
“De beekjes van de rivier verblijden de stad van God,
het heiligdom, de woningen van de Allerhoogste”[7].
Dat motief kennen we.
Graag herinner ik u aan de tempelbeek in Ezechiël 47: “En langs de beek, langs de oever ervan, zullen aan deze kant en aan de andere kant allerlei vruchtbomen opkomen, waarvan het blad niet zal verwelken en waarvan de vrucht niet zal opraken. Elke maand zullen ze nieuwe vruchten voortbrengen, want het water ervoor stroomt uit het heiligdom. De vrucht ervan zal tot voedsel dienen en het blad ervan tot genezing”[8].
We kennen het thema ook uit Openbaring 22. Uit dat hoofdstuk citeer ik de beginverzen: “En hij liet mij een zuivere rivier zien, van het water des levens, helder als kristal, die uit de troon van God en van het Lam kwam.
In het midden van haar straat en aan de ene en de andere zijde van de rivier bevond zich de Boom des levens, die twaalf vruchten voortbrengt – van maand tot maand geeft Hij Zijn vrucht. En de bladeren van de boom zijn tot genezing van de heidenvolken”[9].

Ezechiël sluit zijn visioen af met de paradijszegen. De paradijsvloek zal worden opgeheven.
Openbaring 22 opent het perspectief op die toekomst. Daar, in Openbaring 22, is geen tempel meer. Het water van het leven ontspringt bij de troon van God en het Lam.
Met het oog daarop zingt de kerk ook in 2017:
“Een brede stroom verheugt Gods woning,
de stad van d’ allerhoogste Koning”[10].
De God van het verbond is het centrum van ons bestaan.
Gods vesting is voor Zijn kinderen veilig gebied!

Noten:
[1] Dit artikel is een bewerking van een stuk dat ik eerder schreef. Dat stuk is gedateerd op vrijdag 29 februari 2008.
[2] Psalm 46:9.
[3] Psalm 46:8 en 12.
[4] Zie http://bijbelarchief.nl/default.asp?id=372 ; geraadpleegd op dinsdag 14 februari 2017.
[5] In het onderstaande gebruik ik onder meer: Ds. Tj. Boersma, “Het Evangelie opnieuw ontdekt – de betekenis van Luther voor de reformatie van de kerk”. – Groningen: Uitgeverij De Vuurbaak, © 1983. – p. 115 en volgende.
[6] Zie daarvoor het uit oktober 2003 daterende rapport “Spiritualiteit in Nederland”. – Nijmegen: KASKI: onderzoek en advies over religie en samenleving. Te vinden op http://www.ru.nl/publish/pages/542875/rapport505.pdf ; geraadpleegd op dinsdag 14 februari 2017.
[7] Psalm 46:5.
[8] Ezechiël 47:12.
[9] Openbaring 22:1 en 2.
[10] Psalm 46:2 (berijmd; Gereformeerd Kerkboek).

24 maart 2016

Schimmige spiritualiteit?

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , ,

“Nog steeds zijn mensen op zoek”, kopt het Nederlands Dagblad op vrijdag 18 maart 2016[1]. Een cultuurtheoloog van Rooms-katholieke huize schrijft in een opinieartikel: “Het rapport God in Nederland doet nogal wat stof opwaaien, zeker onder gelovigen, aan beide zijden van de Reformatie. God lijkt niet alleen vertrokken uit Jorwerd, zoals schrijver Geert Mak al eens suggereerde, maar ook uit Nederland.
Het zijn getallen waar je als gelovige droevig van kunt worden: weer minder mensen naar de kerk, weer minder mensen die in God geloven. En zelfs onze zweverige buren, de ‘ongebonden spirituelen’, vliegen langzaam definitief het religieuze kamp uit.
De vraag bij al deze cijfers en getallen is: wat betekent dit?”
De conclusie van de godgeleerde luidt:
“De mens zal zich (…) altijd blijven afvragen: Wie ben ik? Waar kom ik vandaan? Waar ga ik naartoe?
En zolang die vragen – bewust of onbewust, expliciet of impliciet – gesteld worden, is spiritualiteit, is God nooit ver weg.
De confessie, de set van geloofsregels, heeft het voorlopig verloren. Maar de praxis, de feitelijke zoektocht naar zin in het bestaan blijft.
Is Nederland nog ‘in de Heer’? Misschien wel meer dan het zelf weet”[2].

Nu maakt het woord ‘spiritualiteit’ mij niet zelden enigermate behoedzaam. Telkens wanneer ik dat woord hoor, bekruipt mij het hinderlijke gevoel dat wij tezamen iets niet helemaal goed hebben gedaan.
Immers – als we allemaal al heel erg spiritueel waren hoefde men er niet voortdurend over te praten. Als alles al koek en ei was, hoefden wij niet verder discussiëren.
Maar ach, met de regelmaat van de klok kom ik het woord in de krant tegen.

Reeds lang bestaat er een Maand van de Spiritualiteit[3].
Met een enorme gedrevenheid spreekt men, met name in die periode, over contacten met het bovenaardse. Duizenden mensen zijn op allerlei manieren ijverig op zoek naar echt contact met God.

‘Spiritualiteit’ is, als ik het goed weet, een woord dat van oorsprong uit Rooms-Katholieke kringen stamt. Tegenwoordig wordt het ook vaak in protestantse en Gereformeerde kringen gebruikt.
Het lijkt er op dat sommigen het een aantrekkelijk woord vinden omdat het zo lekker vaag is. Je kunt er van alles onder vangen. En – mogelijkerwijs nog belangrijker! -: je kunt erin samenvatten wat je zelf beoogt. Je kunt laten zien wat je eigen drijfveren zijn.

In feite is Gereformeerd geestelijk leven gewoon dit: wij laten ons in heel ons leven leiden door de Heilige Geest.
Dat wil zeggen dat wij leven terwijl de Heilige Geest in ons hart werkt. We laten ons leiden door Hem. En het betekent dus niet per se dat wij de hele dag bezig zijn met het bestuderen van theologische vraagstukken. Het wil ook niet zeggen dat wij een filosofische levensinstelling hebben. Het hoeft ook niet per definitie te betekenen dat wij een levendige persoonlijkheid zijn.

In Romeinen 8 staat er een mooie omschrijving van. Ik citeer: “En indien de Geest van Hem, die Jezus uit de doden heeft opgewekt, in u woont, dan zal Hij, die Christus Jezus uit de doden opgewekt heeft, ook uw sterfelijke lichamen levend maken door zijn Geest, die in u woont”[4].
Laat ik die Schriftwoorden aanvullen met een passage uit Galaten 2: “Met Christus ben ik gekruisigd, en toch leef ik, dat is, niet meer mijn ik, maar Christus leeft in mij. En voor zover ik nu nog in het vlees leef, leef ik door het geloof in de Zoon van God, die mij heeft liefgehad en Zich voor mij heeft overgegeven”[5].

Met al dat gepraat over spiritualiteit zouden we haast gaan denken dat Gereformeerde mensen vroeger weinig Geestelijks hadden.
Welnu, dat moeten we ons niet wijs laten maken. Daar zijn tenminste een vijftal redenen voor.

1.
Er was vroomheid. Dat betekende eertijds dat de mensen hun plaats kenden tegenover God. Het was geen systeem. En er waren, voor zover ik weet, geen regels voor.
2.
Men wandelde met God. Dat is een term die op deze internetpagina nog vaak voorbij komt. Ik betreur het dat we die uitdrukking zo weinig meer horen. Het is ook een heel Schriftuurlijk woord. Over Henoch staat in Genesis 5 dat hij met God wandelde[6]. En in Genesis 17 zegt God tegen Abram: “Ik ben God, de Almachtige, wandel voor mijn aangezicht, en wees onberispelijk;Ik zal mijn verbond tussen Mij en u stellen…”[7]. Wandelen met God doen we dus op de weg van het verbond. Wandelen met God staat in het kader van de toekomst die Hij ons beloofd heeft.
3.
Nu noem ik het woord Godsvrucht. Daarmee duidde men eertijds aan dat men van God vervuld wilde zijn. Het woord vormde ook een afgrenzing tegen de wereld. Met Godsvrucht wisten talloze mensen de secularisatie vér van zich af te houden. Met de Godsvrucht voorkwam men dat de God van hemel en aarde uit het leven verdrongen werd.
4.
Ik attendeer u op het woord bevinding. In de tijd van de Afscheiding was er veel aandacht voor de bevindelijke kant van het geloof. Toen de Afgescheidenen zich in 1892 verenigden met de Dolerenden ging een heel aantal mensen niet mee. De achtergeblevenen formeerden zich in de Christelijke Gereformeerde Kerk. Het is opvallend dat men in de rechterflank van de CGK nog zoveel bevindelijken vinden kan!
5.
Tenslotte is er nog de gemeenschap met God. Dat is natuurlijk een zeer intieme relatie. Van ons wordt verwacht dat we ons hele leven, in al zijn facetten, aan de Here zullen geven. Hij vraagt van ons wélbewuste eredienst.

Wat zal ik verder van deze dingen zeggen?

Nederland is op zoek.
Die cultuurtheoloog van hierboven noteerde in het Nederlands Dagblad: “Mijn idee is dat de gemiddelde Nederlander nog steeds net zo spiritueel is als hij of zij altijd geweest is, maar is vergeten dat dit zo heet. Het woord ‘spiritualiteit’ is besmet geraakt, ouderwets geworden, irrelevant bevonden. Het is voor vele mensen een zombiewoord. Je weet eigenlijk niet eens wat het betekent, maar het riekt naar oude mensen, musea en rare mensen op zondagochtend”.
Welnu – laten Gereformeerde mensen van 2016 vooral blijven beseffen dat de dienst aan hun God nooit bedaagd of ouderwets is!

Want immers, onze Here zorgt Hoogstpersoonlijk voor een ‘nieuwe eeuw’.
Daarmee vertel ik warempel geen nieuws.
Een Oudtestamentische profeet als Jesaja sprak er al over. Natuurlijk deed hij dat in Oudtestamentisch idioom. Maar het staat toch werkelijk in hoofdstuk 66: “Want zoals de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, die Ik maken zal, voor mijn aangezicht zullen blijven bestaan, luidt het woord des HEREN, zo zal uw nageslacht en uw naam blijven bestaan. En het zal geschieden van nieuwe maan tot nieuwe maan en van sabbat tot sabbat, dat al wat leeft zal komen om zich voor mijn aangezicht neer te buigen, zegt de HERE”[8].

Spiritualiteit?
Er is op dit gebied weinig nieuws onder de zon.
En Jesaja bewijst het ons eens te meer: ons dienen van God is een initiatief van Hemzelf.
Laten we dat woord ‘spiritualiteit’ in de Gereformeerde wereld maar niet al te vaak gebruiken. En als we dat wel doen, laat het dan duidelijk zijn: de Here vraagt van ons geen vage actie die we zelf bedacht hebben.
De Here vraagt van ons een reactie op Zijn verbondsbeloften. Hij vraagt van ons: leef naar Mijn wetten, opdat het u wèl ga.
Meer vraagt Hij niet. Ook niet minder, trouwens.

Noten:
[1] Dit artikel is een bewerking van een stuk dat ik eerder schreef. Dat stuk is gedateerd op maandag 19 maart 2007.
[2] Frank Bosman, “Nog steeds zijn mensen op zoek”. In: Nederlands Dagblad, vrijdag 18 maart 2016, p. 11.
[3] Dit jaar vond die plaats tussen 15 januari en 14 februari 2016. Zie ook http://www.maandvandespiritualiteit.nl/ . Geraadpleegd op vrijdag 18 maart 2016.
[4] Romeinen 8:11.
[5] Galaten 2:20.
[6] Genesis 5:24: “En Henoch wandelde met God, en hij was niet meer, want God had hem opgenomen”.
[7] Genesis 17:1 en 2.
[8] Jesaja 66:22 en 23.

28 oktober 2014

Spirituele plek?

Wat is de meest spirituele plek van Nederland?
In de Rooms-katholieke kerk weten ze het wel.
“Nadat bezoekers van de site RKK.nl twee weken konden stemmen op een shortlist van vijf plekken (het Clemenskerkje van Brunssum, OLV ter Nood in Heiloo, Bezinningscentrum Emmaus te Helvoirt, het Openluchttheater van Hertme en Het Kloosterwiel bij de Kapucijnen in Velp), kwam Brunssum met 31 procent van de stemmen als winnaar uit de bus.
De afgelopen zomer vroeg RKK Kruispunt Radio de luisteraars om hun ‘meest spirituele plek van Nederland’ te nomineren. In de maanden juni, juli en augustus stuurden meer dan veertig mensen hun ‘meest spirituele plek’ in. Plekken variërend van een stuk strand tot een kapel, van een begraafplaats tot een duinvallei.
In totaal hebben zo’n 10.000 mensen aan de verkiezing meegedaan. Voor het Clemenskerkje is deze verkiezing een bekroning op een lange periode van restauratiewerkzaamheden en verbouwingen”[1].

Het moet gezegd: het kerkje ziet er mooi uit[2].
En blijkbaar nodigt dat gebouw alle passanten uit om open te staan voor alles wat met religie en metafysica te maken heeft.

Wat is voor Gereformeerde mensen de meest spirituele plek van Nederland?
Als u het mij vraagt is dat geen gebouw. In Zondag 21 van de Heidelbergse Catechismus belijden wij namelijk “dat de Zoon van God uit het hele menselijke geslacht Zich een gemeente, die tot het eeuwige leven uitverkoren is, van het begin van de wereld tot aan het einde vergadert, beschermt en onderhoudt. Hij doet dit door zijn Geest en Woord in eenheid van het ware geloof. En ik geloof dat ik van deze gemeente een levend lid ben en eeuwig zal blijven”[3].
Dat vergaderwerk gebeurt door zijn Geest en Woord.
Het evangelie is – om met Romeinen 1 te spreken – “een kracht Gods tot behoud voor een ieder die gelooft, eerst voor de Jood, maar ook voor de Griek”[4]. En voor Nederlanders. Voor Canadezen of Amerikanen. En voor Aziaten en Afrikanen.
Dat evangelie moet gepredikt worden, leren we in Romeinen 10: “Hoe zullen zij dan Hem aanroepen, in wie zij niet geloofd hebben? Hoe geloven in Hem, van wie zij niet gehoord hebben? Hoe horen zonder prediker? En hoe zal men prediken zonder gezonden te zijn? Gelijk geschreven staat: Hoe liefelijk zijn de voeten van hen, die een goede boodschap brengen”[5].
De hemelse God maakt zijn gemeente Hoogstpersoonlijk schoon. Brandschoon. Christus heeft Zich voor Zijn gemeente overgegeven “om haar te heiligen, haar reinigende door het waterbad met het woord”[6].
De meest spirituele plek van Nederland? Op de keper beschouwd is dat de plek waar heel het evangelie klinkt. Daar waar de Logos, het Woord, spreekt. Daar waar de Spiritus Sanctus, de Heilige Geest, Zijn werk doet.

In de kerk moet heel het evangelie open gaan.
In de kerk gaat de Heilige Geest op alle terreinen van het leven aan het werk.

Het is zeer bedenkelijk als er op het kerkplein stevig wordt gediscussieerd over het gezag van de Heilige Schrift. Gods Woord heeft gezag; dat gezag moet worden erkend.
In dit verband denk ik aan ontwikkelingen in het kerkverband van de Gereformeerde Kerken (vrijgemaakt).
Op de internetpagina gereformeerdekerkblijven.nl staat te lezen: “De besluitvorming van de GS Ede heeft bepaald niet de in het Appel gevraagde duidelijkheid verschaft, nl. dat er bij al deze ontwikkelingen geen sprake zou zijn van een breuk met ons kerkelijk verleden als het gaat om gehoor willen geven ‘aan de eis van de Heilige Schriften om te onderscheiden tussen wat kerk mag heten en wat niet’. Zeker in de besluitvorming met betrekking tot de NGK tekent zich die breuk juist wel af”[7].
Waarom tekent die breuk zich af?
Ten diepste gebeurt dat omdat menselijke redeneringen voorrang krijgen op het Woord van God.
Het evangelie is een kracht van God. Niet van mensen dus.
In de kerk moet Christus worden gepredikt. Bij de blijde Boodschap over Zijn reddingswerk horen menselijke meningen altijd op een tweede, derde of vierde plaats te staan; maar in de GKv wekt men de indruk dat menselijke opinies een veel hogere plaats op de prioriteitenlijst krijgen.
In de kerk wordt, om zo te zeggen, schoonmaakwerk gedaan. Er worden mensen gereinigd. In de GKv lijkt het steeds vaker zo te zijn dat men bij de wasbeurt tegenstribbelt.

Nu noteer ik het nog eens: de meest spirituele plek van Nederland? dat is de plek waar heel het evangelie klinkt!
Op die plek staat het Woord centraal.
Op die plek werkt de Heilige Geest.
Het is mooi als mensen daar ook iets van ervaren. Maar dat is een bijkomstigheid. En bovendien wordt die emotie vanuit de hemel gegeven.

Intussen begrijpt u het al wel: Gereformeerden kunnen beter niet over spirituele plekken gaan praten. Dat geeft maar verwarring.
Massa’s mensen spreken op talloze spirituele plaatsen over hun eigen gevoel. Over hun eigen verleden. Over hun eigen idee. En dat is nu precies waar het in de kerk niet om gaat.
Gereformeerden zeggen: de kerk is geen gebouw.
Gereformeerden zeggen: de kerk is een gemeente.
Gereformeerden zeggen: de kerkdienst is een uiterst belangrijke werkplaats van Gods Heilige Geest.
Gereformeerden zeggen: in de kerk worden we klaar gemaakt om onze plaats in de hemel in te nemen.
Gereformeerden zeggen: in de hemel zal God alles in allen zijn.
Gereformeerden weten: die ervaring verschilt hemelsbreed van aardse spiritualiteit.

Noten:
[1] Zie http://kerknieuws.nl/nieuws.asp?oId=27976 .
[2] Zie bijvoorbeeld http://nl.wikipedia.org/wiki/Sint-Clemenskerk_(Brunssum) .
[3] Heidelbergse Catechismus – Zondag 21, antwoord 54.
[4] Romeinen 1:16.
[5] Romeinen 10:14 en 15.
[6] Efeziërs 5:26.
[7] Zie http://www.gereformeerdekerkblijven.nl/wp/?page_id=6 .

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.