gereformeerd leven in nederland

15 januari 2020

Vertrouw maar op God!

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Efeziërs 1 is een volgeladen hoofdstuk[1].
Na de groet begint het meteen: “Gezegend zij de God en Vader van onze Heere ​Jezus​ ​Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke ​zegen​ in de hemelse gewesten in ​Christus, omdat Hij ons vóór de grondlegging van de wereld in Hem ​uitverkoren​ heeft, opdat wij ​heilig​ en smetteloos voor Hem zouden zijn in de ​liefde”[2].
Dat is wat je noemt een afgeladen zin![3]

De apostel Paulus geeft alle eer aan God. Hij zegent Zijn volk vanuit de hemel. Hij gaf ons Zijn Heilige Geest omdat wij bij de Heiland horen. Al vóórdat de wereld bestond koos Hij Zijn kinderen uit. Genadig en zorgvuldig. En in Hem zijn wij volmaakt.

Het is belangrijk om dat laatste vast te stellen. Van onszelf zijn we niet volmaakt. Goed beschouwd is ons doen en laten soms niet meer dan wat gefröbel. En ja, dat geldt ook voor onze kerkelijke activiteiten.

Ergens werd geschreven: “Efeze 1:3-14 is op te delen in drie delen:
1 het werk van God de Vader – vers 3-6
2 het werk van Christus – vers 7-12, en
3 het werk van de Heilige Geest – vers 13-14.
Martyn Lloyd-Jones vatte het zo samen: ‘de Vader plande, de Zoon voerde het uit, en de Heilige Geest paste het toe’”[4][5].

Over de uitverkiezing zeggen de Dordtse Leerregels onder meer: “God heeft uitverkoren niet omdat Hij tevoren in de mens geloof, gehoorzaamheid van het geloof, heiligheid of een andere goede eigenschap of aanleg zag, die als oorzaak of voorwaarde in de mens, die uitverkoren zou worden, aanwezig moest zijn. Integendeel, Hij heeft uitverkoren opdat Hij geloof, gehoorzaamheid van het geloof, heiligheid enzovoort zou bewerken. Deze uitverkiezing is dus de bron van al het goede, dat tot behoud leidt. Daaruit komen als vruchten het geloof, de heiligheid en de andere heilsgaven en tenslotte het eeuwige leven voort. De apostel getuigt immers: Hij heeft ons uitverkoren, (niet: omdat wij waren, maar:) opdat wij heilig en onberispelijk zouden zijn voor zijn aangezicht”[6].
En:
“Van hun eeuwige en onveranderlijke uitverkiezing tot behoud worden de uitverkorenen, ieder op zijn tijd, verzekerd, zij het niet bij iedereen even sterk en in gelijke mate. Die zekerheid ontvangen de uitverkorenen niet, wanneer zij de verborgenheden en diepten van God nieuwsgierig doorzoeken. Maar zij ontvangen haar, wanneer zij met een geestelijke blijdschap en heilige vreugde de onmiskenbare vruchten van de uitverkiezing, die Gods Woord aanwijst, bij zichzelf opmerken, zoals bijvoorbeeld het ware geloof in Christus, kinderlijk ontzag voor God, droefheid naar Gods wil over de zonde, honger en dorst naar de gerechtigheid.
Wanneer Gods kinderen nu de uitverkiezing ervaren en er zeker van zijn, ontlenen zij daaraan dagelijks meer reden om zich voor God te verootmoedigen, de diepte van zijn barmhartigheid te aanbidden, zichzelf te reinigen en Hem, die hen eerst zozeer heeft liefgehad, van hun kant vurig lief te hebben. Er is dan ook geen sprake van, dat zij door deze leer van de uitverkiezing en de overdenking ervan zouden verslappen in het onderhouden van Gods geboden, of in zondige zorgeloosheid zouden gaan leven. Dit gebeurt doorgaans naar Gods rechtvaardig oordeel met hen die op de wegen van de uitverkorenen niet willen gaan, terwijl zij zich lichtvaardig laten voorstaan op de genade van de uitverkiezing, of hun tijd verdoen met lichtzinnige praat daarover”[7].

Gods kinderen belijden dat in een wereld die bol staat van de moeilijke zaken.

De spanningen tussen de Verenigde Staten en Iran bijvoorbeeld. Met argusogen volgt de wereld wat er tussen die beide landen gebeurt. De zaken staan op scherp[8]!

Echter – ook dichterbij zijn er veel moeilijke kwesties. Het vertrouwen in de overheid wordt bij tijd en wijle ernstig geschaad.
Neem nu de MKZ-kwestie.
Een commentator van het Nederlands Dagblad schrijft: “De hoogste rechter heeft gesproken. De preventieve ruiming in 2002 van 60.000 dieren, in en om Kootwijkerbroek, was rechtmatig. Bijna twintig jaar na die fel omstreden ruiming, vanwege een uitbraak van het besmettelijke mond-en-klauwzeer (MKZ), stelt het College van Beroep voor het bedrijfsleven de overheid in het gelijk”.
En:
“In deze beladen MKZ-zaak zijn de emoties zo hoog opgelopen en zijn de wonden zo diep dat het te simpel is te stellen dat het nu over en uit is. Lau Jansen zei dat juridisch gezien er een streep door de zaak is gezet, maar dat ‘het rechtsgevoel in Kootwijkerbroek ernstig is aangetast’”[9].
En laten we maar eerlijk zijn: ons aller vertrouwen in overheden krijgt met zekere regelmaat een flinke knauw.
Het is in zo’n wereld niet verwonderlijk als wij ons af gaan vragen: wie is er heden ten dage nog te vertrouwen?

Het antwoord van Gereformeerde mensen is eenvoudig: wij kunnen op God aan!
De apostel Paulus schrijft over “de allesovertreffende grootheid van Zijn kracht aan ons die geloven, overeenkomstig de werking van de sterkte van Zijn macht, die Hij gewerkt heeft in ​Christus, toen Hij Hem uit de doden opwekte en aan Zijn rechterhand zette in de hemelse gewesten, ver boven alle overheid en macht en kracht en heerschappij en elke naam die genoemd wordt, niet alleen in deze wereld, maar ook in de komende”[10].

Laten wij bij dit alles vooral niet vergeten dat Jezus Christus, onze Heiland, het hoofd is van alles en iedereen – in heel de wereld. En ja, Hij resideert in de kerk: “En Hij heeft alle dingen aan Zijn voeten onderworpen en heeft Hem als hoofd over alle dingen gegeven aan de ​gemeente, die Zijn lichaam is en de vervulling van Hem Die alles in allen vervult”[11].
De kerk is een beschermde, een afgeschermde plaats.
Daar zijn we samen. We steunen elkaar daar. En we stimuleren elkaar daar. In de erediensten. En in allerlei activiteiten van verenigingen en commissies.
Laten wij dat maar blijven doen. Tot eer van God. En tot versterking van elkaar.

Noten:
[1] Dit Schriftgedeelte is onder meer gekozen omdat de vrouwenvereniging ‘Bouwen en Bewaren’ van De Gereformeerde Kerk Groningen afgelopen donderdag, 9 januari 2020, een avond wijdde aan Efeziërs 1. Van die vereniging is mijn vrouw lid. Met het schrijven van dit artikel hielp ik mijn echtgenote bij de voorbereiding op die avond.
[2] Efeziërs 1:3 en 4.
[3] Op dinsdag 9 juli 2019 publiceerde ik op deze plaats over deze verzen het artikel ‘Gezegend vanwege de uitverkiezing’. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2019/07/09/gezegend-vanwege-de-uitverkiezing/ .
[4] Geciteerd van https://calvarychapel.nl/sermons/is-identiteit-op-gebaseerd-efeziers-11-14/?player=video ; geraadpleegd op woensdag 8 januari 2020.
[5] David Martyn Lloyd-Jones (1899-1981) was een Britse protestantse predikant. Hij had grote invloed binnen de reformatorische vleugel van de evangelische beweging in Engeland. Hij was bijna dertig jaar lang predikant in Westminster Chapel in Londen. Lloyd-Jones was een fel tegenstander van de liberale theologie die opgang vond in veel kerken. Zie ook https://nl.wikipedia.org/wiki/Martyn_Lloyd-Jones ; geraadpleegd op woensdag 8 januari 2020.
[6] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 9.
[7] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikelen 12 en 13.
[8] Zie hierover onder meer https://nos.nl/artikel/2317726-iran-bestookt-amerikaanse-luchtmachtbases-in-irak-aantal-slachtoffers-onduidelijk.html ; geraadpleegd op woensdag 8 januari 2020.
[9] Geciteerd uit: ’60.000 geruimde dieren’, commentaar van Piet H. de Jong. In: Nederlands Dagblad, woensdag 8 januari 2020, p. 3.
[10] Efeziërs 1:19, 20 en 21.
[11] Efeziërs 1:22 en 23.

7 januari 2020

Rachab komt bij de kerk

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , , ,

De geschiedenis van Rachab, die we in Jozua 2 kunnen lezen, is heel bijzonder.
De internetencyclopedie Christipedia omschrijft de geschiedenis onder meer als volgt: “Ze had gehoord van de wonderen die God voor de bevrijding van Israël had gedaan, en zij getuigt van de schrik die op haar landgenoten was gevallen. In het geloof riskeerde ze haar leven door de spionnen te verbergen. Ze slaagde hierin en sloot een overeenkomst met de twee mannen, dat als zij hen zou niet verraden, haar leven en het leven van haar familie gespaard zou worden bij de inneming van de stad. Dit was slechts bindend voor de verspieders als Rachab de haren in haar huis bracht, onder het teken van de scharlaken koord, dat uit het venster zou hangen waaruit de verspieders waren neergelaten, daar het huis op de stadsmuur gebouwd was. Jozua zag erop toe dat de belofte werd nagekomen, en Rachab en haar familie werden behouden”[1].

Rachab is een hoer. Maar zij wordt wel genoemd in het geslachtsregister van Jezus Christus, zoals dat in Mattheüs 1 staat: “Salmon verwekte Boaz bij Rachab, Boaz verwekte Obed bij Ruth, Obed verwekte Isaï”[2].
Er staat een hoer in dat register!
Vandaag de dag zeggen we vaak: in de kerk moet orde heersen. En dat is waar. Maar laten we daarbij niet vergeten dat de Here soms een route wijst die wij kronkelwegen zouden noemen, of een obscuur paadje.
Het Evangelie is voor de hele wereld bedoeld! Mensen komen op de meest merkwaardige manieren bij de Here terecht. Kerkmensen hebben nogal eens de neiging om die merkwaardigheden met gefronste wenkbrauwen te bekijken: wat gebeurt daar nou weer?
Laten we ‘t echter nooit vergeten: God kiest soms een weg die wij niet bedacht hadden!

Waar moet onze focus liggen?
Antwoord: op het geloof. Dat behoort het brandpunt van ons leven te wezen!
Dat wordt wel heel duidelijk in Hebreeën 11. In dat hoofdstuk vinden we die lange rij van geloofsgetuigen. En jawel, daar staat Rachab ook tussen: “Door het geloof is Rachab, de hoer, niet omgekomen met de ongehoorzamen, omdat zij de verkenners met vrede had ontvangen”[3].
Hoe kan het toch dat Rachab dat gelooft? Er was immers geen enkel signaal dat de Israëlieten Kanaän zouden gaan bewonen. Het geloof is haar gegeven; dat kan niet anders!
Laten wij, in verband hiermee, elkaar op de Dordtse Leerregels wijzen.
Citaat: “Het geloof in Jezus Christus en ook het behoud door Hem is een genadegave van God, zoals geschreven is: Door genade zijt gij behouden, door het geloof, en dat niet uit uzelf: het is een gave van God -Efeziërs 2:8-. Evenzo: Aan u is de genade verleend in Christus te geloven -Philippenzen 1:29-.

God schenkt in dit leven aan sommigen het geloof, terwijl Hij het aan anderen onthoudt. Dit vloeit voort uit zijn eeuwig besluit. Want de Schrift zegt, dat al zijn werken Hem van eeuwigheid bekend zijn -Handelingen 15:18-, en dat Hij alles werkt naar de raad van zijn wil -Efeziërs 1:11-. Overeenkomstig dat besluit vermurwt Hij in zijn genade de harten van de uitverkorenen, hoe hard die ook zijn, en buigt Hij ze om te geloven. Maar volgens datzelfde besluit laat Hij hen die niet zijn uitverkoren, uit kracht van zijn rechtvaardig oordeel over aan eigen slechtheid en hardheid. Juist hier komt voor ons de ondoorgrondelijke, even barmhartige als rechtvaardige beslissing van God aan het licht, waarbij Hij onderscheid gemaakt heeft tussen mensen, die allen evenzeer verloren zondaren zijn. Dit is het besluit van de uitverkiezing en de verwerping, dat in het Woord van God geopenbaard is. Terwijl slechte, verdorven en onstandvastige mensen dit besluit verdraaien tot hun eigen verderf, ontvangen heiligen en godvrezenden daardoor een onuitsprekelijke troost”[4].
Rachab komt bij de kerk.
Dat is een wonder.
En het feit dat anno Domini 2020 nog mensen in de kerk zitten is ook een wonder. Het feit dat mensen zich bij de kerk melden is ronduit miraculeus. Maar het gebeurt – echt waar. De wonderen zijn de wereld nog niet uit. Ook niet in 2020.

Rachab bewijst dat geloven betekent dat je, bijna als vanzelf, aan het werk gaat. Niet om behouden te worden, want een toegangskaart voor de hemel kan men niet verdienen.
Maar wel om het geloof te versterken. Jacobus schrijft in zijn algemene brief: “Ziet u wel dat het geloof samenwerkte met zijn werken en dat door de werken het geloof volmaakt is geworden? En de Schrift is vervuld die zegt: En ​Abraham​ geloofde God, en het is hem tot ​gerechtigheid​ gerekend, en hij werd een vriend van God genoemd. U ziet dus nu dat een mens uit werken gerechtvaardigd wordt en niet alleen uit geloof. En is Rachab, de ​hoer, niet op dezelfde manier uit werken gerechtvaardigd, toen zij de boden heeft ontvangen en langs een andere weg heeft laten weggaan? Want zoals het lichaam zonder geest dood is, zo is ook het geloof zonder de werken dood”[5].
Door de werken, noteert een exegeet, “-die van de naastenliefde en van de gehoorzaamheid tegenover God- komt het tot zijn volle rijpheid en voltooiing, bereikt het zijn doel”[6].
In december 2013 noteerde schrijver dezes op deze website over Jacobus 2: “Jacobus schrijft over het belang van echt geloof.
Echt geloof richt zich op God. En daarnaast ook op alle medemensen. Let wel: op alle medemensen. Daarbij gaat het dus niet alleen om populaire wereldburgers. Het gaat niet alleen om vrienden en kennissen die, zoals dat heet, goed liggen in de groep.
Echt geloof is gefundeerd in dankbaarheid. Op allerlei manieren tonen wij dat in ons leven altijd de vreugde vonkt. Dat is blijdschap over onze redding. Dat is blijheid over Gods beloften ten aanzien van een heerlijk eeuwig leven”[7]. Dat staat vandaag nog recht overeind!

Ook in onze tijd geldt: in de kerk ligt nog veel werk.
Misschien gebeurt dat niet altijd op de manier die wij voor ogen hebben.
Maar God werkt door. Ook in 2020.

Noten:
[1] Geciteerd van https://christipedia.miraheze.org/wiki/Rachab ; geraadpleegd op dinsdag 31 december 2019.
[2] Mattheüs 1:5.
[3] Hebreeën 11:31.
[4] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 5 (laatste deel) en artikel 6.
[5] Jacobus 2:22-26.
[6] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Jacobus 2:22.
[7] Geciteerd uit mijn artikel ‘De daadkracht van Jacobus 2’, hier gepubliceerd op maandag 2 december 2013. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2013/12/02/de-daadkracht-van-jacobus-2/ .

13 december 2019

Eens gekozen blijft gekozen

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Gods kinderen zijn lid van de militia Christi. Daarom zijn zij zeker van de overwinning.
De kerk gaat triomfen vieren. Dankzij haar Heiland!

Trouwens – goed beschouwd zien we van die triomfen in Jesaja 39 niet zoveel.
Zeker – het ziet er prachtig uit.
De koning van Babel zendt gezanten met brieven en een geschenk aan Hizkia. De koning toont de delegatie welwillend al zijn schatten.
Wat gebeurt daar precies? Dat lezen wij in 2 Kronieken 32: “Maar het is zo, toen de afgezanten van de vorsten van ​Babel, die een boodschap aan hem gestuurd hadden om te vragen naar het wonderteken dat in het land gebeurd was, dat God hem verliet, om hem – dat is Hizkia – op de proef te stellen, om alles te weten wat er in zijn ​hart​ omging”[1]. En wat gaat er in des konings hart om? Blijkbaar voert het materialisme de boventoon.

Een christelijke encyclopedie vermeldt: “Hizkia was een zeer goede koning van het koninkrijk Juda -tweestammenrijk- in het laatste kwart van de achtste eeuw voor Christus; 725-697 voor Christus. Hij bestreed de afgoderij en herstelde de ware godsdienst. Tijdens zijn bewind werden de Assyriërs, die Jeruzalem hadden belegerd, door Gods ingrijpen vernietigend verslagen”[2].
Inderdaad – Hizkia is een kerkmens. Maar eerst en vooral: een mens. En dus is hij ook een beetje trots. Ach ja – je mag toch ook genieten van je eigen prestaties?

Het is belangrijk om te beseffen dat wij ook zomaar iets hoogmoedigs kunnen krijgen. Als de kerk enigszins groeit, zeggen we: wij doen blijkbaar iets goed: de prediking is prima, de sfeer is oké… Wij zullen echter moeten bedenken dat we afhankelijk zijn van de zegen van de Here. En ja, de zegen van de Here is er niet zelden ook als de kerk krimpt!

Kinderen van God zijn van den beginne diep geïnfecteerd met de zonde. Op deze aarde is dat een onherstelbare infectie.
Het is alleszins passend om op dit punt de Dordtse Leerregels te repeteren: “Gods macht waardoor Hij de ware gelovigen in de genade bevestigt en bewaart, is zo groot, dat zij niet door het vlees overwonnen kan worden. Toch werkt God bij de leiding van hun leven niet altijd zo in de bekeerden, dat zij in sommige gevallen door hun eigen schuld niet zouden kunnen afdwalen van de weg waarop zij genadig geleid worden; zij worden dan verleid door hun zondige begeerten en volgen die. Daarom moeten zij voortdurend waken en bidden, dat zij niet in verzoekingen geleid worden. Wanneer zij dit niet doen, bestaat niet alleen de mogelijkheid dat zij door het vlees, de wereld en de satan meegesleept worden en tot zware en afschuwelijke zonden gebracht worden, maar gebeurt het ook werkelijk dat zij daarin – en God laat dit rechtvaardig toe – soms worden meegesleept. Dit wordt ons duidelijk aangetoond in de Schrift, waar beschreven staat, hoe treurig David, Petrus en andere heiligen in zonde gevallen zijn”[3].
En: “Want God, die rijk is aan barmhartigheid, neemt naar het onveranderlijk voornemen van de uitverkiezing de Heilige Geest niet helemaal van de zijnen weg, zelfs niet wanneer zij zo treurig in zonde zijn gevallen. Hij laat hen ook niet zo diep vallen, dat zij de genade van de aanneming tot kinderen en de staat van de rechtvaardiging verliezen, of dat zij de zonde tot de dood of de zonde tegen de Heilige Geest bedrijven en helemaal door God verlaten, zich in de eeuwige ondergang storten”[4].

Wordt Hizkia niet gestraft?
Jazeker. Toch wel.
Want Jesaja zegt: “Zie, er komen dagen dat alles wat er in uw ​huis​ is en wat uw vaderen tot op deze dag hebben opgeslagen, naar ​Babel​ zal worden weggevoerd. Er zal niets overblijven, zegt de HEERE. Bovendien zullen zij een aantal van uw zonen meenemen, die uit u zullen voortkomen, die u verwekken zult; zij zullen hovelingen worden in het paleis van de ​koning​ van ​Babel”[5].
Hier geldt het woord uit de Heidelbergse Catechismus: “God is wel barmhartig, maar Hij is ook rechtvaardig. Daarom eist zijn gerechtigheid dat de zonde, die tegen de allerhoogste majesteit van God begaan is, ook met de zwaarste, dat is met de eeuwige straf aan lichaam en ziel gestraft wordt”[6].

In Jesaja 39 komt echter vooral de troost van de uitverkiezing naar ons toe.
Eens door God gekozen, blijft door God gekozen!
Nee, dat geeft geen vrijbrief om er maar vrolijk op los te leven. Maar het betekent wel dat zondige mensen weten: tot ons grote geluk raken wij helemaal nooit uit de invloedssfeer van de Here Jezus Christus. Uitverkorenen komen nooit helemaal los van hun Heiland!

Ja, de Verbondsgod is trouw.
En zeker in deze adventstijd mogen wij het blijmoedig memoreren: de Zoon van God, onze God, komt naar de aarde om voor onze zonden te betalen. Voor de zonden van Hizkia: die vrome koning die in Jesaja 39 eerloos uit de bocht vliegt. En ook voor de zonden van eenentwintigste-eeuwers die het zo vaak beter denken te weten.
Onze Heiland zal er uiteindelijk voor zorgen dat alle onrecht en zelfgenoegzaamheid de wereld uit gaat.
Om met Psalm 9 te spreken:
“De HERE troont in eeuwigheid
en oordeelt in gerechtigheid
Hij zal rechtvaardig vonnis spreken,
als rechter alle onrecht wreken”[7].

Noten:
[1] 2 Kronieken 32:31.
[2] Geciteerd van http://christipedia.nl/Artikelen/H/Hizkia ; geraadpleegd op dinsdag 10 december 2019.
[3] Dordtse Leerregels, hoofdstuk V, artikel 4.
[4] Dordtse Leerregels, hoofdstuk V, artikel 6.
[5] Jesaja 39:6 en 7.
[6] Heidelbergse Catechismus – Zondag 4, antwoord 11.
[7] Psalm 9:5; berijmd – Gereformeerd Kerkboek-1986.

22 november 2019

Triomf

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

De uitverkiezing?
Daarover is geen twijfel mogelijk!
Er is geen mens die daar tussen komt!

Wij hoeven er niet omheen te draaien: door God uitgekozen mensen hebben een bijzondere positie in de wereld. Dat blijkt onder meer in het laatste Bijbelboek, de Openbaring van Johannes. Leest u maar mee: “…maar het Lam – want Heere der heren is Hij en ​Koning​ der koningen – zal hen overwinnen, en zij die samen met Hem zijn, geroepenen, uitverkorenen en gelovigen”[1].
Eén ding is duidelijk: Babylon valt, Christus overwint.

Wij lezen in Openbaring 17 over tien hoorns. Dat zijn tien kroonprinsen met hun volksgenoten. Die tien kroonprinsen zijn nog geen koning. Maar binnenkort zullen zij wel koning worden. Zij vertegenwoordigen dan de koningen van de aarde. Al die koningen verzamelen zich – om met Openbaring 16 te spreken – voor de ​oorlog​ van de grote dag van de almachtige God[2].
Echter – vervolgens gebeurt er iets heel bijzonders. Die kroonprinsen worden dus koningen. Maar als zij dat eenmaal zijn, dragen zij hun macht over aan het beest. Zij leveren al hun macht in. Met z’n allen vormen ze één grote coalitie tegen de God van hemel en aarde!
Een exegeet schrijft: “Johannes typeert de vazallen van het beest met een term –mia gnoomè– die in de politieke wereld van zijn dagen vertrouwd was en aangeeft hoe voorheen concurrerende machten tot een gemeenschappelijk standpunt komen na veel wikken wegen als vooronderstelling van gemeenschappelijk handelen (…). Ze delen dezelfde vijandschap tegen Christus en de zijnen en dat geeft de doorslag”[3].
De haat van de wereld is compleet!
Christus wordt met die haat geconfronteerd. Zijn kerk krijgt met diezelfde felle tegenstand te maken. En nu keren de vijandschap en de weerzin zich tegen Gods Gezalfde.
Het is de stijl van Psalm 2:
“De koningen van de aarde stellen zich op
en de vorsten spannen samen
tegen de HEERE en tegen Zijn ​Gezalfde:
Laten wij Hun banden verscheuren
en Hun touwen van ons werpen!”[4].
En van Ezechiël 38: “U zult als een wolk optrekken tegen Mijn volk Israël om het land te bedekken. Het zal gebeuren in later tijd. Dan zal Ik u over Mijn land doen komen, zodat de heidenvolken Mij kennen, wanneer Ik door u, Gog, voor hun ogen ​geheiligd​ word”[5]. Aan het einde van de tijd zullen alle volken van de aarde begrijpen wie Gog is. Alle volken zullen het doorzien: God is veel machtiger dan Gog. Vergeleken bij God stelt Gog niets voor![6]

De Koning zal overwinnen, proclameert Openbaring 17.
In Openbaring 19 wordt dat levendig beschreven.
“En ik zag de hemel geopend, en zie, een wit paard, en Hij Die daarop zat, werd getrouw en waarachtig genoemd. En Hij oordeelt en voert ​oorlog​ in ​gerechtigheid. En Zijn ogen waren als een vuurvlam en op Zijn hoofd waren vele diademen. Hij had een Naam, die opgeschreven was, en die niemand kent dan Hijzelf. En Hij was bekleed met een in bloed gedoopt ​bovenkleed, en Zijn Naam luidt: Het Woord van God. En de legers in de hemel volgden Hem op witte paarden, gekleed in fijn ​linnen, wit en smetteloos. En uit Zijn mond kwam een scherp ​zwaard, opdat Hij daarmee de heidenvolken zou slaan. En Hij zal hen hoeden met een ijzeren staf”[7].
Even verder staat te lezen: “En ik zag het beest en de koningen van de aarde en hun legers bijeenverzameld om ​oorlog​ te voeren tegen Hem Die op het paard zat, en tegen Zijn ​leger. En het beest werd gegrepen, en met hem de valse ​profeet, die in zijn tegenwoordigheid de tekenen gedaan had, waardoor hij hen misleid had die het merkteken van het beest ontvangen hadden en die zijn beeld aanbeden hadden. Deze twee werden levend geworpen in de poel van vuur, die van zwavel brandt. En de overigen werden gedood met het ​zwaard​ van Hem Die op het paard zat, namelijk het ​zwaard dat uit Zijn mond kwam. En alle vogels werden verzadigd met hun vlees”[8].
Van heel die coalitie blijft geen snipper over!
De conclusie moet hard en duidelijk wezen: de restjes van die coalitie worden gedumpt in het dierenrijk, en aldaar vlot weggewerkt!

Wij leven in een tijd waarin allerlei negatieve berichten op onze bureaus worden geplaceerd.
Men zegt: er komt een recessie aan!
“De belangrijkste seinen voor de Nederlandse economie staan niet meer op groen, maar op oranje. Dat is de inschatting van elf Nederlandse economen. De NOS deed een rondgang voor de nieuwe economische podcast POEN. De meeste economen achten een kans op een recessie, waarbij de economie twee kwartalen -of meer- achter elkaar krimpt, steeds groter. Volgens sommigen komt die al in de loop van volgend jaar of aan het begin van 2021”[9].
Men zegt: de vergrijzing in ons land leidt tot vermindering van koopkracht.
“De vergrijzing hakt er de komende jaren flink in, blijkt uit een voorspelling van het Centraal Planbureau. Doordat Nederlanders gemiddeld ouder worden, zijn er minder mensen die het geld verdienen en worden werken en zorg en pensioen duurder.
De economische groei daalt daardoor in de komende jaren bij ongewijzigd beleid naar 1,1 procent, schrijft het Centraal Planbureau in zijn middellangetermijnvoorspelling voor 2022-2025. Nu groeit de economie nog met 1,8 procent, wat ook al wat lager is dan in de afgelopen jaren.
De koopkrachtgroei loopt in de jaren 2022-2025 terug naar nul: mensen kunnen dus gemiddeld niet meer kopen”. (…). “In de volgende kabinetsperiode neemt voor het eerst de bevolking in de leeftijdscategorie 15 tot 74 jaar af en stijgt het aantal ouderen. De collectieve zorgkosten nemen jaarlijks met 2,7 procent toe. Die stijgen naar 100 miljard euro in 2025, een kwart meer dan nu”[10].
Een ras-pessimist zou kunnen denken: hoe moet dit nu verder?

Wij worden overspoeld met nieuws.
Als het niet van de NOS is, dan is het wel van CNN. Of van de diverse kranten. Of van de zogeheten sociale media -die soms knap asociaal zijn!-. En voor wij ’t weten verkijken wij ons op de wereld. Wij vergapen ons aan de televisie. Met diep leedwezen luisteren wij naar vele, vele verhalen van mensen die allerlei moeilijkheden hebben. Wij schudden ons hoofd. En wij denken of zeggen: wij moeten iets aan al die misstanden doen.
Gods Woord leert ons echter ons vooral te concentreren op de strijd tussen het Lam en het beest.
En de kerk mag het blijven belijden: de triomf komt!

Noten:
[1] Openbaring 17:14.
[2] Zie Openbaring 16:14.
[3] Citaat uit: Dr. H.R. van de Kamp, “Openbaring – Profetie vanaf Patmos”. – Kampen: Kok, © 2000. – p. 392.
[4] Psalm 2:2 en 3.
[5] Ezechiël 38:16.
[6] Zie hierover de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Ezechiël 38:16.
[7] Openbaring 17:11-15 a.
[8] Openbaring 17:19, 20 en 21.
[9] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2310081-economen-zien-signalen-van-naderende-recessie-wellicht-eind-volgend-jaar.html ; geraadpleegd op dinsdag 19 november 2019.
[10] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2310961-cpb-koopkracht-groeit-na-2022-niet-meer-door-vergrijzing.html ; geraadpleegd op dinsdag 19 november 2019.

21 november 2019

Garanties voor de eeuwigheid

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

De uitverkiezing – dat vinden velen vandaag een behoorlijk zwaar onderwerp. Wie is er uitverkoren? Hoe weet je dat zeker? Kun je dat voelen? Dat zijn vragen die velen zwaar op het hart liggen.

Het is opvallend dat de apostel Paulus daar in Titus 1 niet moeilijk over doet. Onbekommerd schrijft hij het op: “Paulus, een dienstknecht van God en een ​apostel​ van ​Jezus​ ​Christus, overeenkomstig het geloof van de uitverkorenen van God en de kennis van de waarheid, die in overeenstemming met de godsvrucht is, in de hoop op het eeuwige leven, dat God, Die niet liegen kan, vóór de tijden der eeuwen beloofd heeft”[1].

Paulus is een gezant van Jezus Christus.
De Heiland is de kern van het geloof van door God uitgekozen mensen. Sterker nog: Hij is, ook voor de geadresseerde – Titus dus – het centrum van het leven.
Jezus Christus confronteert alle gelovige mensen met de werkelijkheid van het leven, en met de reddende waarheid van het Evangelie. De Godvrezendheid van die gelovigen is met die reddende waarheid in lijn.

De apostel is zeker van zijn zaak. Opvallend is dat! Paulus is door God uitgekozen. En Titus is uitgekozen. En er zijn veel meer uitverkorenen. Al die mensen hebben de zekerheid van het eeuwige leven.
Geen twijfel mogelijk!
Er is geen mens die daar tussen komt!
Anno 2019 zwerft niet zelden de weifeling door het zwerk. Hoe kan een mens nu zeker weten dat hij of zij werkelijk bij God hoort? Paulus schrijft hier impliciet: mensen, zit daar nu maar niet over in. Uitverkorenen hebben het geloof. Zij dragen de kennis van de waarheid altijd met zich mee. Het kan niet anders: die hoop moet al ons leed verzachten[2].

Vandaag de dag zijn er heel wat mensen die eigenlijk een hekel hebben aan veel zekerheden in de kerk. Men zegt bijvoorbeeld: ‘Haal je zekerheid niet uit uw standpunten. Standpunten zijn vaak tijdgebonden gebleken en kunnen medemensen buitensluiten of beschadigen’[3].
Maar in Titus 1 wordt, waar het over de uitverkiezing gaat, het de zekerheid van de kerk juist bevorderd. Laat de uitverkiezing vooral niet begeleiden door een bataljon vraagtekens!

Paulus schrijft in Titus 1 over de dwaalleraars: “Wijs hen daarom streng terecht, opdat zij gezond zullen zijn in het geloof, en zich niet zullen bezighouden met Joodse verzinsels en geboden van mensen die zich van de waarheid afkeren”[4]. Een commentator noteert daarbij dat wij moeten denken “aan allerlei speculatie over oudtestamentische geschiedenissen en fantasieën over personen die in het OT voorkomen. Allerlei menselijke verzinsels worden aan de Schrift toegevoegd en er uiteindelijk voor in de plaats gesteld”[5].

Gods uitverkorenen mogen God vragen om heiliging. Jezus vraagt daar in Johannes 17 ook om: “Heilig​ hen door Uw waarheid; Uw woord is de waarheid”[6]. Die heiliging komt klaarblijkelijk tot stand door het lezen ván en het gehoorzamen áán Gods Woord.
En dan gaan Gods kinderen elkaar als vanzelf opzoeken: “Jezus heeft daar ook om gebeden: “En Ik ​bid​ niet alleen voor dezen, maar ook voor hen die door hun woord in Mij zullen geloven, opdat zij allen één zullen zijn, zoals U, Vader, in Mij, en Ik in U, dat ook zij in Ons één zullen zijn, opdat de wereld zal geloven dat U Mij gezonden hebt”[7].

Als de uitverkorenen niet zo zeker zijn van het feit dat zij door God uitgekozen zijn, is het recept duidelijk: gelovig blijven Bijbellezen, gelovig blijven bidden!
Leest u maar mee in de Dordtse Leerregels: “Nu zijn er mensen die het levend geloof in Christus of het vertrouwen met hart en ziel, een goed geweten voor God, het leven in de kinderlijke gehoorzaamheid en het roemen in God door Christus nog niet zo sterk bij zichzelf opmerken. Toch gebruiken zij de middelen, waardoor God naar zijn belofte dit alles in ons bewerkt. Zij moeten zich niet laten ontmoedigen, wanneer zij over de verwerping horen spreken en evenmin zichzelf tot de verworpenen rekenen. Integendeel, zij moeten de middelen trouw blijven gebruiken, vurig verlangen naar de tijd van overvloediger genade en die eerbiedig en ootmoedig verwachten. Zij die ernstig verlangen zich tot God te bekeren, Hem alleen te behagen en uit het lichaam des doods verlost te worden, maar toch nog niet zo ver in het gelovig leven voor de Here kunnen komen, als zij wel wilden, behoren voor deze leer van de verwerping al helemaal niet bevreesd te worden. De barmhartige God heeft immers beloofd, dat Hij de walmende vlaspit niet zal uitdoven en het geknakte riet niet zal verbreken”[8].

Wij leven in een tijd waarin er veel moeilijke problemen aan de orde zijn. Stikstof, PFAS – alleen al het noemen van die termen bezorgt mensen die in de commerciële wereld actief zijn allerlei rillingen… Zelfs de minister-president van Nederland lijkt op weg naar enige slapeloze nachten: “Dit is in zijn complexiteit onvergelijkbaar met de vluchtelingencrisis uit 2015 en 2016”[9]. Er zijn maatregelen nodig die velen tegenstaan, en waarover nu reeds wordt verzucht: ‘We hopen dat de regeling snel weer anders wordt’.
Welnu – in Titus 1 zijn ten diepste zaken van een heel ander kaliber aan de orde. Want daar gaat het over eeuwig leven. Het leven van Gods kinderen eindigt nimmermeer. Dat is een belofte die al staat van vóór de tijden der eeuwen – zeg maar: lang vóórdat iemand over een jaartelling had nagedacht!
De uitverkiezing?
Daarover is geen twijfel mogelijk!
Er is geen mens die daar tussen komt!
Om tenslotte met de apostel Paulus in Romeinen 8 te spreken: “Wie zal beschuldigingen inbrengen tegen de uitverkorenen van God? God is het Die rechtvaardigt”[10]!

Noten:
[1] Titus 1:1 en 2 a.
[2] Deze woorden vinden wij terug in Gezang 37:2 – Gereformeerd Kerkboek-1986.
[3] Zie hiervoor bijvoorbeeld https://visie.eo.nl/2015/08/waarom-standpunten-nooit-zekerheden-zijn/ ; geraadpleegd op woensdag 13 november 2019.
[4] Titus 1:13 b en 14.
[5] Commentaar bij Titus 1:14, in de online versie van de Studiebijbel.
[6] Johannes 17:17.
[7] Johannes 17:20 en 21.
[8] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 16.
[9] Geciteerd van https://nos.nl/artikel/2310250-rutte-verlaging-maximumsnelheid-rotmaatregel-maar-er-speelt-een-groter-belang.html ; geraadpleegd op woensdag 13 november 2019.
[10] Romeinen 8:33.

20 november 2019

De uitverkiezing uitgelicht

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

“Zo hangt het dan niet af van hem die wil, ook niet van hem die hardloopt, maar van God Die Zich ontfermt”.
Hierboven staan woorden uit Romeinen 9[1].

O, Paulus zou de Joden zo graag het geloof in de Here Jezus Christus, de Heiland willen geven!
Van oude tijden af koos God Israël uit om Zijn volk te zijn.
Hij is te midden van de Israëlieten gaan wonen.
Jezus is, naar Zijn lichaam, in Israël geboren.

En er is meer aan de hand.
1.
Israël: dat is zogezegd de tweede naam van Jakob. Hij heeft die van God Zelf gekregen. Dat lezen wij in Genesis 35: “Uw naam is ​Jakob, maar uw naam zal voortaan niet meer ​Jakob​ luiden, maar ​Israël​ zal uw naam zijn; en Hij gaf hem de naam ​Israël”[2].
Echter – in zekere zin is niet iedereen die van Israël afstamt een Israëliet. En: niet iedereen die van Abraham afstamt is een Israëliet. Het gaat erom:
* vertrouwt u, net als Jakob/Israël deed, op Gods beloften?
* vertrouwt u, net als Abraham deed, op Gods beloften?
Iedereen die die vragen volmondig met ‘ja’ beantwoordt, die is een Israëliet in Bijbelse zin.
2.
De Here heeft aan Rebekka duidelijk gemaakt dat Hij Jakob uitkoos, en Ezau niet.
Is dat oneerlijk?
Nee.
Het is eenvoudig de keuze van God. Het heeft niks te maken met de keuze van Jakob, of de wil van Ezau. Het heeft niets te maken met religieuze aanleg. En ook niks met de levensstijl van de broers. Het is simpelweg Gods keus. Punt.

En natuurlijk hebben wij dan de neiging om te protesteren. Immers, als God zo machtig is om een aantal mensen te redden, waarom redt Hij dan niet iedereen?
Laten wij echter niet vergeten dat God alle mensen gemaakt heeft. Mensen zijn tot veel in staat, maar medemensen maken, met alles erop en eraan – nee, dat kunnen zij niet.
Mensen zijn niet intelligenter dan God.
Zij staan niet boven Hem.
Integendeel – God staat ver, heel ver, boven alle mensen.
Wij moeten Gods keuze eerbiedigen.
En Gods kinderen – de mensen die op de Goddelijke beloften vertrouwen – mogen weten: Hij heeft ons uitgekozen.
Dat geeft vreugde in het leven.
Daar worden wij blij van.
In de kerk proeft men niet zelden een zekere opgetogenheid. En dat is dus geen wonder!

Intussen zijn er heel wat mensen, ook vooraanstaande personen, die die uitverkiezing maar een moeilijk verhaal vinden.
Zo zei staatssecretaris Blokhuis niet zo lang geleden in het Nederlands Dagblad: “Mijn vader had moeite met hoe in de Dordtse Leerregels wordt gesproken over de uitverkiezing. Dat het God beháágd heeft dat wie niet geloven in de hel komen. Hij wilde daar als predikant zijn handtekening niet onder zetten. Dat werd hem niet in dank afgenomen.
Mijn vader was ervan overtuigd dat God zó genadig is dat alle mensen uiteindelijk bij God mogen horen. Dat onderwerp ligt gevoelig. Het woord alverzoening is een soort vloek in de kerk. Maar ik voel me daar vanuit de Bijbel heel senang bij”[3].
Dat laatste zal wel waar wezen.
Alleen maar: wie is Paul Blokhuis eigenlijk, dat hij God de schuld durft te geven van het feit dat de mens in zonde viel? Want dat is immers wat Blokhuis in de gauwigheid doet. Terwijl de schuld bij de mensen ligt.
Waarschijnlijk kan Blokhuis buitengewoon weinig beginnen met Zondag 3 van de Heidelbergse Catechismus: “Waaruit komt deze verdorven aard van de mens dan voort?
Antwoord:
Uit de val en de ongehoorzaamheid van onze eerste voorouders, Adam en Eva, in het paradijs; want daar werd onze natuur zo verdorven, dat wij allen in zonden ontvangen en geboren worden”[4].
Bovendien: wie poneert dat God ervoor zorgt dat iedereen in de hemel komt, maakt van de genadige God in een paar woorden een goeiige God. En zo presenteert de hemelse Heer zich in de Bijbel niet.
Paul Blokhuis is een invloedrijk politicus, maar hier raakt hij, wat schrijver dezes betreft, roemloos van de weg af.
Met de Nederlandse Geloofsbelijdenis spreken we uit: God is “rechtvaardig, doordat Hij de anderen laat in hun val en verderf, waarin zij zichzelf gestort hebben”[5].

Strikt genomen zouden, als de Verbondsgod niet ingegrepen had, alle mensen in het moeras van zonde en verval blijven steken.
Maar de God van alle genade greep in. Structureel en totaal. Om weer met Paulus in Romeinen 9 te spreken: “Hen heeft Hij ook geroepen, namelijk ons, niet alleen uit de ​Joden, maar ook uit de heidenen. Zoals Hij ook in Hosea zegt: Ik zal Niet-Mijn-volk noemen: Mijn volk, en de Niet-geliefde: Geliefde. En het zal zijn dat op de plaats waar tegen hen gezegd was: U bent Niet-Mijn-volk, daar zullen zij ​kinderen​ van de levende God genoemd worden”[6].
Ja – uitverkorenen hebben een erenaam: kinderen van de levende God!

Noten:
[1] Romeinen 9:16.
[2] Genesis 35:10.
[3] Geciteerd uit: “Voor iedereen een plek”. In: NDZeven, bijlage bij het Nederlands Dagblad, zaterdag 26 oktober 2019, p. 4-6.
[4] Heidelbergse Catechismus – Zondag 3, vraag en antwoord 7.
[5] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 16.
[6] Romeinen 9:24, 25 en 26.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.