gereformeerd leven in nederland

28 maart 2019

Uit de bocht

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Reinier Sonneveld schreef een spraakmakend boek. ‘Het vergeten Evangelie’ heet het. Dat boek, dat in september 2018 verscheen, is zonder twijfel heel meeslepend geschreven[1][2].

Wat is de kern van dat boek?
Dick Schinkelshoek schreef in het Nederlands Dagblad nuchter: “Het enige dat hier gebeurt, is dat een absoluut gestelde kijk op de verzoening (namelijk dat Jezus de goddelijke straf droeg) voor een ándere absoluut gestelde visie op verzoening (dat Jezus overwinnaar is) wordt ingeruild”[3].

Christus Victor – Christus is Overwinnaar. Dat is het Evangelie, zegt Sonneveld.

De publicatie werd door velen heel positief gerecenseerd. Iemand schreef bijvoorbeeld: “Reinier Sonneveld laat op een heel verfrissende manier zien hoe Jezus volgens de evangeliën de mensheid redt. Wat theologen vaak voorstellen als een ingewikkeld probleem, ontrafelt hij op toegankelijke en overtuigende manier… Prijzenswaardig is ook Sonnevelds stijl: hij schrijft creatief, met een overdaad aan vaak goed gevonden metaforen”[4].

Dat klinkt allemaal prachtig.
De wereld ziet er, in eerste instantie althans, reuze zonnig uit.
Maar als we wat beter kijken schuiven er toch wat wolken voor de zon.

Laten we eerst even kijken naar de Nederlandse Geloofsbelijdenis. Ik citeer: “De godheid hield niet op in Hem te zijn, evenals zij in Hem was toen Hij een klein kind was, hoewel zij zich voor korte tijd niet openbaarde. Daarom belijden wij dat Hij echt God en echt mens is: echt God om door zijn kracht de dood te overwinnen, echt mens om voor ons te kunnen sterven vanwege de zwakheid van zijn vlees”[5].
En:
“Wij geloven dat Jezus Christus een eeuwig Hogepriester is naar de orde van Melchisedek, wat God met een eed heeft bevestigd. Hij heeft Zichzelf in onze plaats voor zijn Vader gesteld, om door volkomen voldoening diens toorn te stillen. Daartoe heeft Hij Zichzelf aan het kruis geofferd en zijn kostbaar bloed vergoten, om ons te reinigen van onze zonden, zoals de profeten hadden voorzegd[6].

In die citaten hierboven zijn enkele woorden cursief weergegeven.
In de Nederlandse Geloofsbelijdenis komen twee zaken terug:
* Jezus heeft de Goddelijke straf gedragen.
* Christus is Overwinnaar.
De Nederlandse Geloofsbelijdenis zet die zaken onder elkaar. Er wordt helemaal niets ingeruild. De straf staat niet los van de overwinning.

Sonneveld is wel eens vaker wat onzorgvuldig.
Doctor G.A. van den Brink – predikant in de Hersteld Hervormde Kerk Rotterdam-Kralingse Veer – schrijft in een recensie: “Op grond van Irenaeus’ begrip ”recapitulatio” stelt Sonneveld dat in Jezus alle mensen begrepen zijn: „Hij leefde een leven dat volkomen verbonden was met God en op de een of andere manier is dat nu voor alle andere mensen beschikbaar. (…) Jezus is een pars pro toto, een deel dat staat voor het geheel. (…) Jezus is de ‘nieuwe Adam’, die zoals de eerste Adam de hele mensheid in een val meesleurde, nu de hele mensheid omhoog meesleept” (…).
Laat duidelijk zijn dat de boodschap dat Jezus Overwinnaar is over de kwade machten terecht en belangrijk is. Maar het beroep op Irenaeus is misleidend. Ik kan zo zes verschilpunten noemen. Irenaeus legde alle nadruk op de godheid van Christus: het is Gód die in Hem werkzaam is en de strijd wint. Sonneveld daarentegen ziet Jezus slechts als de ideale mens die de strijd voert. Irenaeus beleed dat God mens is geworden, maar Sonneveld stelt slechts dat God zich verbond met die ene mens (…). Irenaeus hield Christus’ dood en opstanding dicht bijeen (geen overwinning zonder opstanding) maar Sonneveld zwijgt over de betekenis van Jezus’ herrijzenis. Voor Irenaeus was de duivel een reële werkelijkheid; voor Sonneveld slechts een metafoor (…). Irenaeus bedoelde met de zogeheten ‘recapitulatio’ dat Christus het ordenende en verklarende principe van de gehele wereldgeschiedenis is. Sonneveld vat het echter op als vertegenwoordiging: Jezus vertegenwoordigt alle mensen. Irenaeus geloofde dat alleen diegenen die geloven en zich bekeren in Christus’ redding begrepen zijn en dat daarom de meeste mensen verloren gaan. Maar Sonneveld flirt met de alverzoening (…).
Elke student die op het tentamen de opvatting van Irenaeus weergeeft zoals Sonneveld doet, zou subiet zakken. Wie eerst Irenaeus leest en daarna Sonneveld, komt in een compleet andere wereld. Het evangelie dat Sonneveld presenteert, is niet vergeten geraakt, maar heeft vroeger nooit bestaan – zeker niet bij Irenaeus”[7].

Het staat buiten kijf: Reinier Sonneveld kan boeiend schrijven.
Het is al jaren geleden dat een bundel door hem geschreven meditaties verscheen; ‘Jutten’ heet die publicatie[8].
In De Waarheidsvriend schreef iemand indertijd: “Hij vergelijkt bijbelgedeelten en -teksten met wat hij aantreft in moderne literatuur. Hij speelt in op de film, de boodschappen van de media en het amusement. Hij kan gewichtige zaken goed relativeren. Daardoor heeft hij een heel nuchtere kijk op bijbelwoorden. Even zijn ze ontdaan van een voorspelbare uitleg. De Schrift spreekt heel helder en heeft een eigentijds geluid, zo blijkt. Het taalgebruik is afgestemd op mensen van deze tijd”[9].

Gelet op het bovenstaande kunnen we er, anno 2019, echter niet omheen: Reinier Sonneveld is een theoloog die, om het maar zachtzinnig te zeggen, behoedzaam tegemoet moet worden getreden.
Het Evangelie wordt niet vergeten. Maar Reinier Sonneveld vliegt, met de Bijbel onder zijn arm, ook wel eens uit de bocht. Daar loop je op z’n minst schaafwonden van op. En voordat je ’t weet wordt er ook iets van de Bijbel afgeschaafd.

Noten:
[1] De gegevens van dit boek zijn: Reinier Sonneveld, “Het vergeten Evangelie; het geheim van Jezus verandert alles” . – Drukkerij en Uitgeversmaatschappij Buijten & Schipperheijn, 2018. – 288 p.
[2] Meer informatie over de persoon van Reinier Sonneveld is onder meer te vinden op https://reiniersonneveld.nl/bio/ en op https://nl.wikipedia.org/wiki/Reinier_Sonneveld ; geraadpleegd op dinsdag 26 maart 2019.
[3] Dick Schinkelshoek, “Wil je aandacht? Schrijf over de verzoening”. In: Gulliver, bijlage bij het Nederlands Dagblad, vrijdag 15 maart 2019, p. 11 (rubriek: Geloof in de wereld).
[4] Geciteerd van https://reiniersonneveld.nl/2018/twee-recensies-over-het-vergeten-evangelie/ ; geraadpleegd op dinsdag 26 maart 2019.
[5] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 19.
[6] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 21.
[7] G.A. van den Brink, “Flirten met de alverzoening”. In: Kruispunt, bijlage bij het Reformatorisch Dagblad, donderdag 28 februari 2019, p. 14.
[8] De gegevens van dat boek zijn: Reinier Sonneveld, “Jutten; over de verrassingen van God” . – Drukkerij en Uitgeversmaatschappij Buijten & Schipperheijn, 2005. – 206 p.
[9] F. van Roest, “Boekbespreking”. In: De Waarheidsvriend – officieel orgaan van de Gereformeerde Bond – , 24 november 2005, p. 704.

18 januari 2019

Heb goede moed, dochter!

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

In de Bijbel komen nogal wat zieke mensen voor. Hun situatie is niet zelden uitzichtloos. Als mens zou je zeggen: het is warempel geen wonder dat die mensen er geen gat meer in zien.

Neem nou de situatie van de vrouw in Lucas 8.
“En een vrouw die al twaalf jaar bloedvloeiingen had en die al haar bezit aan dokters uitgegeven had, maar door niemand genezen had kunnen worden, kwam van achteren naar Hem toe en raakte de ​zoom​ van Zijn ​bovenkleed​ aan; en onmiddellijk hield het vloeien van haar bloed op”[1].

Die vrouw heeft zich ongetwijfeld miserabel gevoeld. En treurig bovendien.
Wat voor bloedingen heeft zij gehad? In de baarmoeder misschien? Hoe dan ook – er is geen arts die haar kan genezen.
Al het geld is aan het consulteren van geneesheren op gegaan. Nu is de portemonnee leeg.
Jezus Christus, de Heiland, is het laatste redmiddel.
Iemand noteert in een commentaar: “In alle stilte dringt ze zich te midden van de rumoerige menigte naar voren zodat ze dicht achter Jezus komt. Vanaf die plaats raakt ze de onderkant van Zijn kleed aan, naar we mogen aannemen één van de vier gedenkkwasten die de joodse mannen onderaan hun mantel plachten te dragen, overeenkomstig de voorschriften van de wet (…). Zij doet dit met de verwachting genezen te worden (…). Meer mensen ontvingen op deze wijze genezing (…). Dat deze vrouw Jezus van achteren aanraakt, geeft aan dat ze niet wil dat Hij het zou merken”[2].
Dat zou ook logisch geweest zijn. Te midden van een grote massa mensen raak je altijd wel iemand aan.
Maar Jezus merkt wel degelijk dat er kracht van Hem uitgaat. Genezende kracht. Want de bloedvloeiingen houden meteen op.
Uiteindelijk moet de vrouw zich wel bekend maken. En dan zegt Jezus: “Heb goede moed, dochter, uw geloof heeft u behouden; ga heen in ​vrede!”[3].

“Heb goede moed, dochter”, zegt Jezus.
Met andere woorden: Ik ben je Vader.
Daarom is je situatie niet hopeloos. Het leven is niet uitzichtloos.
Misschien is het leven helemaal kapot. Misschien voel je je totaal geïsoleerd. Maar ook dan geldt: Vader is aanwezig. Ook dan geldt: Vader weet wel dat je er bent.

Jezus geneest de vrouw, volledig en definitief.
Wat een wonder is dat!
Voor de vrouw in kwestie gaat de toekomst open.
“Uw geloof heeft u behouden”, zegt Jezus.
En ook vandaag geldt: komt vermoeiden, kom tot Jezus. Daar wordt het leven weer heel. Met Hem kun je de toekomst weer aan!

De genezing van die vrouw blijkt overigens slechts een intermezzo. Een betekenisvol tussenspel, dat wel.
Het verhaal in dit Schriftgedeelte begint namelijk met het dochtertje van Jaïrus. Jaïrus is een leidinggevende in de synagoge. Een vooraanstaand man dus!
Jaïrus’ dochter is ongeveer twaalf jaar.
De vrouw met bloedvloeiingen is dus, bij benadering, net zo lang ziek als Jaïrus’ dochter op aarde leeft.
In een oud boekje schrijft een exegeet: “… de Heere Jezus heeft hem [Jaïrus] iets willen leeren door het gebeuren met deze vrouw. Hebt ge wel gemerkt, Jaïrus, — zoo wil Hij zeggen — dat deze vrouw even lang ziek is geweest, als uw dochtertje oud is?
Maar zij heeft al die twaalf jaren gezucht onder de schuld en smet van haar zonde en onreinheid. Ze heeft daar al haar geld voor uitgegeven, omdat ze van die onreinheid afwilde. En eindelijk is zij genezen, omdat ze in Gods Woord geloofd heeft en Mij als Verlosser heeft aangegrepen.
Maar gij, Jairus? Zoolang uw dochtertje leefde, hebt gij u nooit bezorgd gemaakt om haar zonden. Maar nu, nu ze dreigt te sterven en om haar zonden dreigt verloren te gaan, nu komt ge pas bij Mij. En dan nog vraagt ge alleen maar vergeving van zonden, zooals een profeet die in den naam des Heeren geven kan. Maar Ik ben meer dan een profeet en Ik kan meer dan alleen de zonden vergeven. Ik kan ook de zonden verzoenen en neem den vloek der zonden op Mij. Dat hebt ge thans aan deze vrouw mogen zien, wier onreinheid Ik heb weggenomen, zoodat zij gered is en genezen”[4].

De vraag is: waar maken we ons druk over in het roezemoezige leven van 2019?
Het leven bruist.
Er is van alles te doen.
De agenda’s slaan, om zo te zeggen, blauw uit van de activiteiten.
En zegt u nou zelf – we willen ’t allemaal goed doen in het leven. Wij willen ons best doen. Wij willen een goed voorbeeld zijn voor de mensen om ons heen, en voor de generaties na ons.
Maar wat is nu de belangrijkste boodschap die we willen overbrengen?
Hopelijk is het deze:
“Christus droeg de vloek voor mij,
Christus is voor mij gestorven,
heeft gena voor mij verworven:
‘k ben van dood en zonde vrij!”[5].

In 1985 besteedde de indertijd bekende scribent W.P. Balkenende (1927-2001) in de rubriek ‘Voor de zieken’ van het Nederlands Dagblad aandacht aan de vrouw met bloedvloeiingen.
Zijn stimulerende boodschap is het waard nog eens gememoreerd te worden. Ik citeer: “Offer en Offeraar is Hij, dus zal Hij straks aan het kruis willen hangen tot een volkomen verzoening van alle zonden.
Terug, de samenleving in, en wees er maar welgemoed onder – wat een boodschap voor deze vrouw.
Wat een boodschap voor gezonde mensen, maar ook voor anderen die zulke gezondheid moeten missen of andere obstakels in het leven kennen. Sluit uzelf niet op, noch in Christus’ gemeente noch in de openbare samenleving. Wees welgemoed daarbij want het lijden in deze tegenwoordige tijd verbleekt onder de rijkdom van het Koninkrijk der hemelen”[6].

Wie zich aansluit bij de militia Christi, het leger van Jezus Christus, kan blijmoedig aan het werk gaan.
Het bloed van de Heiland heeft gevloeid. Zo heeft Hij voor onze zonden betaald. Nu is voor ons de weg naar de hemel opengesteld.
De toekomst ligt open. En het uitzicht is adembenemend!

Noten:
[1] Lucas 8:43 en 44.
[2] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Lucas 8:44.
[3] Lucas 8:48.
[4] P. Visser, “Paraphrase van het Evangelie naar de beschrijving van Lucas”. – Franeker: T. Wever, 1949. – 221 p. Citaat van p. 68 en 69.
[5] Dit zijn regels uit Gezang 16 – Gereformeerd Kerkboek-1986.
[6] W.P. Balkenende, “In de samenleving blijven, wees welgemoed”. In: Nederlands Dagblad, maandag 7 oktober 1985, p. 2; rubriek: Voor de zieken.

2 januari 2019

God doet onze zonden teniet

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

“Wie is een God als U, Die de ongerechtigheid ​vergeeft, Die voorbijgaat aan de ​overtreding van het overblijfsel van Zijn eigendom? Hij zal niet voor eeuwig vasthouden aan Zijn toorn, want Hij vindt vreugde in goedertierenheid. Hij zal Zich weer over ons ontfermen, Hij zal onze ongerechtigheden vertrappen, ja, U zult al hun ​zonden​ werpen in de diepten van de zee”[1].

Met die Schriftwoorden gaan we, op deze internetpagina althans, het jaar 2019 in.
Al onze zonden worden weggedaan.
Ze worden vertrapt en weggegooid in de diepten van de zee.
De Here maakt ons werk goed. Tekortkomingen? – Hij vult ze aan. Kleinzieligheid? – Hij maakt het werk prachtig. Ons werk wordt geheiligd. Onze God doortrekt ons werk met hemelse volmaaktheid; al onze zondige ballast wordt gedumpt.
Laten we daar maar aan denken als wij in kerk en maatschappij onze klussen doen!

Micha – die naam betekent: Wie is als de Heere?
De profeet komt uit Moreseth-Gad, een stad die zo’n 35 kilometer ten zuidwesten van Jeruzalem ligt[2].
Micha profeteert ergens in de periode 756 tot 697 voor Christus. In krachtige taal stelt hij de zonden van de priesters en vervolgens ook van heel het volk aan de kaak[3].
Micha heeft gezien hoe Samaria in handen van heidenen is gekomen. En hij weet het – met Jeruzalem zal datzelfde gebeuren[4].

De profetie van Micha kan globaal als volgt worden ingedeeld:
“* Hoofdstuk 1, waarin God zijn oordeel afkondigt over de twee steden Samaria en Jeruzalem vanwege hun afgoderij;
* Hoofdstuk 2-3, vooral gericht aan de prinsen en leidinggevenden van het volk;
* Hoofdstuk 4, over de toekomstige grootheid van het nieuwe Jeruzalem;
* Hoofdstuk 5, de profetie over de messias en zijn rijk;
* Hoofdstuk 6-7, waarin God wordt voorgesteld als hebbend een geschil met zijn volk en eindigend met een lied op de bevrijding die God voor zijn volk zal bewerken”[5].

Micha 7 laat zien waar een decadente, goddeloze maatschappij na verloop van tijd terecht komt. “Een goedertieren mens is verdwenen uit het land en een oprechte onder de mensen is er niet. Zij loeren allen op ​bloed, zij jagen op elkaar met een net”[6].
In die maatschappij is er voor een kind van God echter troost. “Zelf zal ik echter uitzien naar de HEERE, ik zal wachten op de God van mijn heil. Mijn God zal mij horen”[7].
En omdat de Here God luistert, is er ook alle reden om hoopvol te bidden. Bijvoorbeeld met de woorden waarmee dit artikel begint.
Wie het bovenstaande samenvatten wil, zou aan de bekende drieslag ellende – verlossing – dankbaarheid kunnen denken.
Ellende: namelijk vanwege de goddeloosheid in de omgeving.
Verlossing: de Here luistert naar de klachten van Zijn kinderen, en Hij vergeeft hun zonden.
Dankbaarheid: want Gods kind ontvangt de geloofskennis dat God hem barmhartig is[8].

Micha 7 leert ons dat, wanneer er vrede moet komen tussen God en mensen, de actie van God moet uitgaan!
Jazeker, de gelovige mens doet zijn best om naar God toe te komen. Maar altijd weer zijn er in de wereld allerlei meer of minder interessante dingen die hen ertoe willen verleiden om de hoofdweg naar Gods toekomst te verlaten en een zijpad in te slaan.

Natuurlijk – in de wereld komt men tot grote dingen. En in de wereld is het best gezellig. En ja, in de wereld zijn heus nog veel sociale mensen. En het ziet er reuze aantrekkelijk uit.
Maar dan… opeens… zien we hoe het ego van de mensen vooraan komt te staan.
‘Ik ben nu vrij. Mijn dagtaak zit erop. Van mij moet je niets meer verwachten’.
‘Heb je nog wel tijd voor jezelf?’. Stel je voor dat je jezelf teveel opoffert…
Voor wij ‘t weten grenzen wij ons leven af. Wij sluiten onze harten voor mensen, materialen en gebeurtenissen om ons heen.
Het jaar 2019 is ongetwijfeld met heel veel goede voornemens begonnen. En iedereen weet: van al dat moois komt, in het algemeen genomen, niet zo daverend veel terecht.
Maar de Here belooft: ik doe al die zonden weg. Ik gooi ze Hoogstpersoonlijk in het diepst van de zee. Stelt u zich de Marianentrog maar voor; met z’n elf kilometer voor zover bekend de diepste plek in de oceaan – en dan nog veel dieper[9].

Het Bijbelboek Micha wordt vandaag de dag vaak geassocieerd met gerechtigheid voor mens en natuur. Als het een beetje wil noemt men daarbij ook die bekende tekst uit Micha 6: “Hij heeft u, mens, bekendgemaakt wat goed is. En wat vraagt de HEERE van u anders dan recht te doen, goedertierenheid lief te hebben en ootmoedig te wandelen met uw God”[10].
Van de gerechtigheid voor mens en natuur moet men niet al te veel kwaads zeggen.
Maar Micha 7 geeft ons een training in het focussen. Concentreer u op het feit dat God onze zonden teniet doet. Teniet doen – dat is een oude term die betekent: ze bestaan niet meer.
God stuurde Zijn Zoon naar de aarde. Hij verzoende onze zonden. Verzoening door voldoening – voor gelovige kerkmensen moet dat de kern van het bestaan blijven.
Van daaruit kunnen wij met goede moed 2019 binnentreden!

Noten:
[1] Micha 7:18 en 19.
[2] Zie https://www.debijbel.nl/kennis-achtergronden/bijbelse-personen/2817/micha-uit-moreset ; geraadpleegd op donderdag 27 december 2018.
[3] Zie hiervoor ook http://christipedia.nl/Artikelen/M/Micha; geraadpleegd op donderdag 27 december 2018.
[4] Zie https://www.opkijken.nl/wp-content/uploads/2017/03/Micha-718-19-v2.pdf ; geraadpleegd op donderdag 27 december 2018. Dit betreft een preek van de Gereformeerd-vrijgemaakte predikant A. van Groos (1962-2014).
[5] Geciteerd van https://nl.wikipedia.org/wiki/Micha_(boek) ; geraadpleegd op donderdag 27 december 2018.
[6] Micha 7:2.
[7] Micha 7:7.
[8] Deze alinea is een bewerkt citaat uit mijn artikel ‘Micha 7: de onzichtbare kloof’, hier gepubliceerd op woensdag 19 februari 2014. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2014/02/19/micha-7-de-onzichtbare-kloof/ .
[9] Zie https://nl.wikipedia.org/wiki/Marianentrog ; geraadpleegd op donderdag 27 december 2018.
[10] Micha 6:8.

9 augustus 2018

Achter het voorhangsel

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

Gereformeerden hebben hoop op de toekomst. Dat is geen hoop van het type: we hopen maar dat die toekomst komt, maar wij weten niets zeker. De God van hemel en aarde geeft geweldige garanties. Daarom hebben Gereformeerden zekerheid.

In Hebreeën 6 wordt die zekerheid als volgt verwoord.
“Deze hoop hebben wij als een ​anker​ voor de ziel, dat vast en onwrikbaar is en reikt tot in het binnenste heiligdom, achter het voorhangsel. Daar is de Voorloper voor ons binnengegaan, namelijk ​Jezus, Die naar de ordening van Melchizedek ​Hogepriester​ geworden is tot in eeuwigheid”[1].

Achter het voorhangsel – die term brengt ons eerst naar Leviticus 16.
En naar de grote Verzoendag.
Eenmaal per jaar is er de dag dat het volk verzoend wordt voor God. Eenmaal per jaar gaat de Hogepriester in de tent van ontmoeting het Heilige der Heiligen binnen.
Even gaat dat prachtige gordijn, het voorhangsel, opzij. De Hogepriester mag verzoening doen. Voor heel het volk. Het wordt weer goed tussen God en Zijn kinderen!

In Leviticus 16 staat het zo: “Dit is voor u tot een eeuwige verordening: u moet in de zevende maand, op de tiende dag van de maand, uzelf verootmoedigen en geen enkel werk doen, de ingezetene niet, en de ​vreemdeling​ die in uw midden verblijft, evenmin. Want op deze dag wordt voor u ​verzoening​ gedaan om u te ​reinigen. Van al uw ​zonden​ wordt u voor het aangezicht van de HEERE gereinigd. Het is voor u ​sabbat, een dag van volledige rust, opdat u uzelf verootmoedigt. Dit is een eeuwige verordening. En de ​priester​ die men ​gezalfd​ en gewijd heeft om in de plaats van zijn vader als ​priester​ te dienen, moet de ​verzoening​ doen, als hij de ​linnen​ kleren, de ​heilige​ kleren, heeft aangetrokken. Zo moet hij het ​heilige​ ​heiligdom​ verzoenen. De tent van ontmoeting en het ​altaar​ moet hij verzoenen en hij moet voor de ​priesters​ en voor heel het volk van de ​gemeente​ ​verzoening​ doen. Dit is voor u tot een eeuwige verordening om voor de Israëlieten eenmaal per jaar ​verzoening​ te doen voor al hun ​zonden. En men deed zoals de HEERE ​Mozes​ geboden had”[2].

Achter het voorhangsel komen – dat is heel bijzonder.
Achter het voorhangsel komen – dat wil zeggen dat de zonden vergeven worden!
Gods kinderen worden schoon!
Vuilheid en zonden worden weggedaan!
Dat is de boodschap van Leviticus 16.

Achter het voorhangsel – die term staat dus ook in Hebreeën 6.
Een uitlegger noteert daarbij: “Zoals de hogepriester ieder jaar binnenging in het heilige der heiligen, achter ‘het voorhangsel’, zo mag de gelovige steeds zijn hoop blijven vestigen op Jezus Christus, die eens voor altijd het ware heilige der heiligen, nl. de hemel (…) is binnengegaan (…). Eis-erchomenen (binnengaande) is een praesensvorm, die aangeeft dat de hoop voortdurend binnengaat, zich voortdurend richt op Jezus Christus”[3].

Jezus Christus ging voor ons uit.
Hij heet Zijn kinderen te Zijner tijd van harte welkom in de hemel.
Onze Hogepriester staat paraat!
Maar die Hogepriester is ook Koning. Net als Melchizédek, in het Oude Testament. Wij komen Hem tegen in Genesis 14:18: “En Melchizédek, de ​koning​ van Salem, bracht brood en ​wijn; hij was een ​priester​ van God, de Allerhoogste”[4].
Melchizédek liet al iets zien van Jezus Christus: Offer-brenger en Koning tegelijk!

Jezus Christus bracht eenmalig het offer tot verzoening van onze zonden.
Na Zijn lijden, sterven en opstanding betrad Hij koninklijk de hemel. Daar zet Hij Zijn regeerwerk voort.
En nogmaals: Hij heet Zijn kinderen te Zijner tijd van harte welkom in de hemel!

Dat geeft het leven perspectief.
Die geloofskennis opent de deur naar de toekomst.

Heel wat filosofen maken zich over die toekomst niet zo druk. En soms negeren zij die toekomst gewoon.
Als voorbeeld noem ik de Duitse wijsgeer Martin Heidegger (1889-1976)[5].

Eén van de belangrijkste vragen waar Heidegger zich mee bezig hield was: wat is de zin van het bestaan, en hoe krijg je daar zicht op? ‘Dasein’ noemde hij dat.
Mensen staan in de wereld. Zij gaan met elkaar om.
De zin van het bestaan is: de tijd.
Mensen zijn in een bepaalde omgeving geworpen. Heidegger noemt dat: geworpenheid.
Mensen geven vorm aan hun eigen leven. Heidegger noemt dat: ontwerp.
Geworpenheid en ontwerp komen samen in het heden. In het leven van vandaag dus. Je maakt keuzes. Je doet dingen op jouw manier. Heidegger noemt dat: articulatie.

En waar doe je het dan allemaal voor?
Heidegger zegt: de authentieke mens realiseert zich dat het naar de dood toe gaat. Sein-zum-Tode noemt hij dat.

Iemand schreef: “De filosoof Martin Heidegger zegt: het leven is een ballenbak. Zo eentje bij de Ikea. Ik zit in zo’n ballenbak en jij ook, maar niet per se samen. In de kern zit jij er alleen en ik ook. Het is krankzinnige situatie. Je ouders zijn gaan shoppen maar zijn vergeten(?) je weer op te halen. Het personeel is naar huis en andere kinderen ook. Net was je nog fijn aan het spelen en nu gapen de felgekleurde ballen je aan. Wat is dit?
Het leven is zo’n ballenbak. Je weet niet precies hoe het kan dat je hier bent (ja tuurlijk, via je ouders, maar die hebben je niet eerst toestemming gevraagd). Niemand weet precies wat-ie moet doen en wat goed is. En niemand weet hoe het na het leven verder gaat. Kortom: krankzinnig, bizar, angstaanjagend.
Heidegger zegt: en daar begint de filosofie. Bij de erkenning dat het leven krankzinnig is – en dan bij de vraag hoe je daar precies mee moet omgaan”[6].

Ergens las ik: “Door te zeggen: ‘Men sterft’, probeert de enkeling te vergeten dat hij zelf moet sterven, dat zijn eigen dood onverbiddelijk op hem afkomt. Pas de schaduw van de eigen dood die over ons bestaan valt, maakt dit bestaan belangrijk.
De boodschap van Heidegger is: trouw zijn jegens het eigen ik, echtheid, vastbeslotenheid, zichzelf zijn”[7].

Martin Heidegger is een voorbeeld van een filosoof die zegt: het leven moet hier op aarde geleefd worden, en daarna is het uit.
En dat is een levensfilosofie die, als het puntje bij het paaltje komt, door massa’s wereldburgers gedeeld wordt.
Echtheid, zichzelf zijn – daar hebben velen immers de mond vol van.

Wij zouden kunnen zeggen: Martin Heidegger heeft met zijn wijsbegeerte zijn tienduizenden verslagen.
Al zijn volgelingen wandelen als eenlingen door de wereld, richting een zwaar gordijn. Dat gordijn heeft overigens een schitterend design; men moet het aardse leven een beetje aankleden, nietwaar? Maar achter dat gordijn… is niets. Diepe duisternis. Leegte. Een eindeloos vacuüm.

Welnu, daartegenover staat Hebreeën 6.
Wij moeten weten: onze Voorloper is ons voorgegaan.
Wij mogen belijden: te Zijner tijd zullen wij, om zo te zeggen, achter het hemelse voorhangsel kijken.
Wij hebben de zekerheid dat wij dan een leven vol geluk en vrede zullen leiden. De Here Jezus Christus, onze Heiland, zal Zijn trouwe kinderen aldaar van harte welkom heten!

Noten:
[1] Hebreeën 6:19 en 20.
[2] Leviticus 16:29-34.
[3] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Hebreeën 6:19 en 20.
[4] Genesis 14:18.
[5] Zie voor algemene informatie over hem https://nl.wikipedia.org/wiki/Martin_Heidegger ; geraadpleegd op donderdag 26 juli 2018.
[6] Geciteerd van https://www.gerkotempelman.nl/filosofen/heidegger/ ; geraadpleegd op donderdag 26 juli 2018.
[7] Geciteerd van https://mens-en-samenleving.infonu.nl/filosofie/35035-martin-heidegger-vertegenwoordiger-van-het-existentialisme.html ; geraadpleegd op donderdag 26 juli 2018.

31 maart 2017

Vergadering van verontrusten

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , , , ,

Aan koffietafels en tijdens verenigingsavonden wordt in de Gereformeerde wereld van de eenentwintigste eeuw niet zelden geredekaveld over ‘verontrusten’.
Een ietwat argeloos kerkmens zou kunnen denken dat dat alleen iets van deze tijd is. Ei neen! Niets is minder waar!

Ook in 1972 spreekt men er al van.
In maart van dat jaar staat in een editie van het Nederlands Dagblad een krantenkop: “Verontrusten waren in Groningen bijeen”[1].

Men meldt: “In Groningen werd een landelijke bijeenkomst voor verontrusten gehouden, belegd door de persvereniging ‘Waarheid en Eenheid’ en de Vereniging van Verontrusten in de Geref. Kerken ‘Schrift en Belijdenis’” [moet waarschijnlijk zijn: Schrift en Getuigenis, BdR].

Hier zijn de toenmalige Gereformeerde kerken (synodaal) bedoeld. Dus: de kerkmensen die in 1944 niet met de Vrijmaking waren meegegaan, en hun nazaten. Dit weekblad voor het gereformeerde leven verschijnt, als ik het goed weet, in de periode juli 1948 tot december 1996[2].

Waar spreekt men over tijdens die landelijke bijeenkomst?
Over de reformatorische belijdenis van de verzoening. Dr. E. Masselink houdt een referaat.

Die dominee Evert Masselink (1906-1993) is, wat mij betreft, een nogal bijzondere figuur. Hij wordt bekend door het protest dat hij aantekent tegen het onrecht dat professor dr. K. Schilder indertijd aangedaan is toen hij geschorst werd. Dr. Masselink schrijft tot het laatst van zijn leven over allerlei actuele ontwikkelingen in de kerken. Hij is zeer verontrust over de koers van zijn eigen kerkverband.
Juist daarom vind ik Masselink een bijzondere man. Want dat kan dus, uw ganse aardse leven verontrust zijn. Het is goed mogelijk dat men het in de grond van de zaak eens is met mensen die gewoon Gereformeerd willen blijven, maar dat men zich vervolgens niet bij die Gereformeerden aansluit. Bijvoorbeeld vanwege allerlei nuanceringen. Of bijvoorbeeld vanwege beweegredenen in het sociale vlak.
In dergelijke situaties zit er weinig anders op dan ach en wee te roepen. En natuurlijk kan men uitleggen hoe het wel moet. Maar dat gebeurt dan wel aan de zijlijn. Dat gebeurt in een sfeer waarin mensen zoetjes aan bij God weglopen. Voorzichtiglijk, maar toch.
Wat is mijn conclusie in deze?
Gereformeerd-zijn vereist enige courage. Een zekere dapperheid. Natuurlijk, zachtmoedigheid is een groot goed. Trouw is belangrijk. Maar als de Here roept, kan men niet net doen alsof men niets hoort!

Wat zegt doctor Masselink?
Hij spreekt dus over de belijdenis betreffende de verzoening.
“”Het lijkt niet zo actueel om vandaag over dit onderwerp te spreken” (…) De belijdenis is reeds 400 jaar oud. Elke generatie heeft zijn eigen taak en in elke generatie klinkt het Woord van de Heiland, dat nooit verandert in een wereld, die steeds weer verandert. Het evangelie gaat over alle generaties, maar de zonde ook. Waar valt dan de beslissing? Bij een schot? (…) Bij een persoon? (Hitler). De beslissing valt bij het volk van God, in elk leven waar geloof is. In de tijd van de reformatie heerste de theologische opvatting over natuur en genade; de natuur was verzwakt, moest gewijd worden en de kerk deelt de genade uit aan de verziekte natuur.
Luther vond daarin geen vrede en kwam tot de ontdekking, dat je niet om de bijbel heen kunt. De verhouding is zonde-genade en de genade van Christus is genoeg; zonder kerkbemiddeling, geen werken der wet, maar het geloof alleen.
God is bezig de wereld met zichzelf te verzoenen. Er is maar één die ons ons schuldbesef kan bijbrengen. De Zoon des Mensen is in de wereld gekomen om te dienen, niet om gediend te worden en op die genade zei Luther ‘ja’”.

Ook in 2017 hebben kerkmensen de taak om het Woord van de Heiland na te spreken.
Daar moeten wij niets van af doen. Die neiging hebben wij allen wel. We zeggen dingen liever niet omdat ze in onze wereld niet goed klinken.
Het is niet tof om te zeggen dat de Roomse mis een afgoderij is. Een vervloekte afgoderij, nog wel[3].
Het wordt niet met vreugde ontvangen als u belijdt: “God heeft uitverkoren niet omdat Hij tevoren in de mens geloof, gehoorzaamheid van het geloof, heiligheid of een andere goede eigenschap of aanleg zag, die als oorzaak of voorwaarde in de mens, die uitverkoren zou worden, aanwezig moest zijn. Integendeel, Hij heeft uitverkoren opdat Hij geloof, gehoorzaamheid van het geloof, heiligheid enzovoort zou bewerken”[4]. Wie hardop zegt dat de mens in de grond der zaak door de zonde bedorven is, wordt uitgelachen en weggehoond.
Het is niet in de mode om vast te stellen dat wij “geen enkel ander middel hoeven te zoeken of uit te denken om ons met God te verzoenen naast dit ene, eens voor altijd gebrachte offer, dat de gelovigen voor eeuwig tot volmaaktheid brengt”[5].
Wij worden er, als wij Gods Woord zuiver en onverkort naspreken, niet populairder op in deze wereld.

Dominee Masselink herinnert in zijn referaat aan de leer van dr. H. Wiersinga.
Wiersinga meent “dat het niet in Gods programma stond en dat het de menselijke werking was die Hem de vloek van het kruis aandeed en niet God”.
Er staat in het ND-verslag bij:
“Dr. W. wijst ook veel stukken van de catechismus en artikel 20 en 21 NGB af. Hij ontkent de waarde van de verzoening van Christus en hierbij doet hij dus tekort aan het evangelie voor zondaren.
Er is hier een hele trend gaande die het evangelie in het hart raakt. Het gaat niet om mensen, maar om het Woord van God, dat is de Reformatorische belijdenis van de verzoening”.

Hoe is de situatie in onze tijd?
De verzoeningsleer staat in het onderwijs van de Gereformeerd-vrijgemaakte Theologische Universiteit Kampen onder druk. Deze zaak blijkt – hoe droevig dat ook is – opnieuw actueel te zijn geworden[6]!

Doctor Masselink heeft blijkens het verslag in het Nederlands Dagblad gezegd: “Het gaat niet om mensen, maar om het Woord van God”.
Inderdaad: dat is van eminent belang. Ook in de eenentwintigste eeuw. Wie dat Woord onverkort handhaaft, vindt zijn rust weer terug.

En ik noteer het tenslotte nog eens met nadruk: laten wij niet gedurende heel ons aardse leven verontrust blijven!

Noten:
[1] “Verontrusten waren in Groningen bijeen”. In: Nederlands Dagblad, woensdag 15 maart 1972, p. 2.
[2] Zie http://www.hdc.vu.nl/nl/Images/Waarheid_en_Eenheid_tcm215-132976.pdf ; geraadpleegd op dinsdag 28 februari 2017.
[3] Heidelbergse Catechismus – Zondag 30, antwoord 80.
[4] Dordtse Leerregels, hoofdstuk I, artikel 9.
[5] Nederlandse Geloofsbelijdenis, artikel 21.
[6] Hierover schreef ik op deze plaats reeds vaker. U kunt de betreffende artikelen vinden via https://bderoos.wordpress.com/tag/j-m-burger/ .

24 november 2016

Verzoening: een geloofszaak

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 08:00
Tags: , , , , ,

Verzoening door voldoening: dat is het kernpunt van het Evangelie dat de kerk verkondigt. Gisteren schreef ik daar op deze internetpagina reeds over. Ik nam toen mijn uitgangspunt in artikel 21 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis[1].

Toen ik voornoemd N.G.B.-artikel laatst las, viel mij op hoeveel Schriftteksten er in de lopende tekst van dat artikel staan. Ook in andere paragrafen staat wel Schriftbewijs in de ‘gewone’ tekst. Maar in artikel 21 gebeurt dat nogal overvloedig.
Het is alsof de schrijver van de Nederlandse Geloofsbelijdenis het er bij ons in wil timmeren: kijk, het staat werkelijk in de Bijbel!
Lees het maar!
Gebruik die gegevens toch!
Toe dan!

Laat ik, gelet op het voorgaande, vandaag enkele Schriftgedeelten naar voren halen die in de tekst van dat belijdenisartikel genoemd worden.

Psalm 69:
“Talrijker dan de haren van mijn hoofd
zijn zij die mij zonder oorzaak haten”[2].
David maakt een tijd door waarin hij veel te lijden heeft. God lijkt wel ver weg, want Hij grijpt niet in. Maar ook in deze omstandigheden blijft dichter David trouw aan God.
Daarin is David een voor-beeld; een ‘afbeelding’ van de manier waarop Christus geleden heeft. Psalm 69 wijst vooruit naar het werk van de Heiland.

Mattheüs 27:
“Omstreeks het negende uur riep Jezus met luider stem, zeggende: Eli, Eli, lama sabachtani? Dat is: Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten?”[3].
Christus roept dat terwijl hij bij het volle bewustzijn is.
Hij haalt de beginregels van Psalm 22 aan:
“Mijn God, mijn God, waarom hebt Gij mij verlaten,
verre zijnde van mijn verlossing,
bij de woorden van mijn jammerklacht?
Mijn God, ik roep des daags, en Gij antwoordt niet,
en des nachts, en ik kom niet tot stilte”[4].
Door dat citaat laat Jezus zien dat Hij de geschiedenis van deze wereld in de hand heeft. Hij voert Zijn plan uit, en er is niemand die dat tegenhouden kan.
Hij toont meteen ook onomstotelijk aan dat Oude en Nieuwe Testament één zijn. Er zit lijn in. En het is de Heiland die die lijn uittekent. Hij trekt de lijn naar de toekomst door.
Op een pikdonker punt op Zijn lijdensweg laat de Redder van deze wereld dat Zijn wil om mensen te redden nog altijd ongebroken is.
Is dat, midden in dat duistere dal, niet een groot wonder?

Lucas 22:
“En Hij werd dodelijk beangst en bad des te vuriger. En zijn zweet werd als bloeddruppels, die op de aarde vielen”[5].
Persoonlijk heb ik al vaak tegen dat gegeven aan zitten kijken: hoe kan het dat zweetdruppels tot bloeddruppels transformeren? Niemand die dat precies weet.
Jezus zweet blijkbaar zo erg dat het zweet als druppels bloed op de grond lijkt te vallen. Een uitlegger schrijft: “het wil zeggen dat het zweet dat zich van Hem afscheidde in Zijn strijd zo gekleurd werd met bloed, dat het zuiver bloed leek”[6].
Christus’ lijden is zwaar. Nee, het dieptepunt is nog niet bereikt. Maar het wordt ons in ieder geval duidelijk dat Christus’ borgtochtelijk werk niet te vergelijken is met welke aardse catastrofe dan ook.
Christus’ lijden is uniek. Het is niet te vergelijken met wat wij lijden noemen.
Dat detail van dat zweet en dat bloed toont ons dat we het thema ‘verzoening door voldoening’ gewoon moeten geloven. Zelfs de knapste koppen der wetenschap hebben hier geen sluitende verklaring voor.

1 Corinthiërs 2:
“Want ik had niet besloten iets te weten onder u, dan Jezus Christus en die gekruisigd”[7].
Paulus is een geleerd man. Hij heeft, wat je noemt, een degelijke opleiding genoten bij de Schriftgeleerden.
Je zou kunnen zeggen dat juist hij bij uitstek geschikt zou wezen om een erudiet verhaal te houden over het lijden van Christus.
Maar in dit Schriftgedeelte is de filosofie ver weg. Alle wijsgeren staan op grote afstand.
De apostel Paulus wil maar zeggen dat hij op dit punt van het Evangelie geen speciale wijsheid nodig heeft.
Wederom geldt hier: meer dan geloof is bij het lezen niet nodig.

1 Petrus 3:
“Want ook Christus is eenmaal om de zonden gestorven als rechtvaardige voor onrechtvaardigen, opdat Hij u tot God zou brengen: Hij, die gedood is naar het vlees, maar levend gemaakt naar de geest”[8].
Het is goed om naar Gods geboden te leven. Daar wordt het leven mooi van. Zeker, er zullen altijd mensen zijn die onheuse beschuldigingen uiten. Wie echter vasthoudt aan Gods wetten en regels, wordt een gelukkig mens. Want er zit perspectief in zijn leven. Zo iemand kijkt verder dan deze aarde. Hij weet dat er in de hemel een plaats voor hem gereserveerd is.
Gods wet gaat ver boven aardse voorschriften uit.
Een gelovig mens weet waarom dat zo is. En de schrijver van 1 Petrus 3 zegt: beste lezers, leg dat maar gerust uit aan alle mensen om u heen. En bij die uitleg komt dan Christus’ lijden op de voorgrond te staan. Dat kan niet anders. En dat moet ook.
Artikel 21 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis stimuleert zo ook onze activiteit in het kader van zending en evangelisatie.

Er worden nog wel meer Schriftgedeelten genoemd in de lopende tekst van artikel 21 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis.
Maar het bovenstaande geeft, dunkt mij, een goede indruk van de boodschap die uit die Bijbelteksten spreekt.
De hoofdzaak van die boodschap is, wat mij betreft, als volgt samen te vatten: de verzoening door voldoening is een geloofszaak.

Noten:
[1] Zie mijn artikel “Verzoening door voldoening”; hier gepubliceerd op donderdag 24 november 2016. Te vinden op https://bderoos.wordpress.com/2016/11/24/verzoening-door-voldoening/ . Dit artikel kan worden beschouwd als een vervolg op die verhandeling.
[2] Psalm 69:5 (onberijmd).
[3] Mattheüs 27:46.
[4] Psalm 22:2 en 3 (onberijmd).
[5] Lucas 22:44.
[6] Zie http://www.oudesporen.nl/Download/OS0892.pdf ; geraadpleegd op maandag 14 november 2016.
[7] 1 Corinthiërs 2:2.
[8] 1 Petrus 3:18.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.