gereformeerd leven in nederland

3 mei 2019

Goudzoekers

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

“De HEERE geeft immers wijsheid,
uit Zijn mond komen kennis en inzicht”.
Zo zegt de Spreukenleraar dat in hoofdstuk 2[1].

Die paar woorden klinken, in eerste instantie althans, wellicht als een cliché. De gelovige Bijbellezer is waarschijnlijk geneigd om te mompelen: ja, dat weet ik ook wel.

Maar er staat meer in Spreuken 2.
“Mijn zoon, als je mijn woorden aanneemt,
en mijn geboden bij je opbergt,
om je oor acht te doen slaan op de wijsheid,
als je je ​hart​ neigt naar het inzicht,
ja, als je roept om het verstand,
je stem laat klinken om inzicht,
als je het zoekt als zilver,
het naspeurt als verborgen schatten,
dan zul je de vreze des HEEREN begrijpen,
de kennis van God vinden”[2].

In het bovenstaande citaat zijn enkele woorden gecursiveerd.
Die gecursiveerde woorden maken het duidelijk: geloven is geen eindstation. Het is onjuist om in een stoel vermoeid naar de wereld te kijken en te lispelen: de wereld zoekt het maar uit.
Wandelen met God vraagt om een scherpe waarneming.
Leven met Hem betekent dat je op zoek moet gaan. Je moet, om het zo zeggen, een prima speurneus hebben.
Je moet keuzes maken – dit zoek ik, maar dat heb ik níet nodig.
Dominee F. van Deursen typeerde Spreuken 2 eens als volgt: de schatgraver naar wijsheid vindt ook levensinzicht en levensbescherming[3]. Zo’n schatgraver krijgt steeds beter door waar het in het leven om draait. Zo’n schatgraver doorziet waar het in het leven naar toe gaat.

Keuzes maken – dat is niet overal ter wereld vanzelfsprekend.

Voorbeeld: jongeren uit Eritrea zijn niet gewend om zelfstandig te kiezen. Zij denken niet zoveel na over toekomst, beroep of sport. Individuele ontwikkeling houdt hen niet zo bezig. Ontplooiing geschiedt veelal in de groep, in de familie[4].

Het leven is een zoektocht, zeggen de mensen. Dat zal best. Maar die zoektocht heeft voor kinderen van God wel een duidelijk doel: de toekomst met Hem.
Dat doel leert ons heldere keuzes maken.

Wat zijn de gevolgen van onze keuzes?
Het was de Joods-Amerikaanse schrijver Elie Wiesel – bekend van zijn boeken over de holocaust – die eens schreef: “Het tegenovergestelde van liefde is niet haat, maar onverschilligheid. En het tegenovergestelde van vrede is onverschilligheid jegens zowel vrede als oorlog”[5][6].
Een apathische houding getuigt van liefdeloosheid en genadeloosheid.
Welnu, Gods Woord roept ons op tot keuzes in geloof en vertrouwen.
Hij roept ons op om zelf op zoek te gaan naar de wijsheid. Hij stuurt ons aan het werk.
Open maar uw Bijbel, zegt Hij, en lees erin. Kijk vervolgens maar naar de wereld. Dan is het bepalen van uw positie een stuk makkelijker. Dan is er een ommekeer: onverschilligheid wordt sterke betrokkenheid. Apathie wordt door het ingrijpen van Hogerhand geloof in Gods beloften.
Zo worden Bijbellezers goudzoekers!

Laten wij bij dit alles vooral niet vergeten dat Spreuken 2 een lange lijn schetst.
“De vromen zullen immers de aarde bewonen,
en de oprechten zullen erop overblijven.
De goddelozen echter zullen van de aarde uitgeroeid worden,
trouwelozen zullen ervan weggerukt worden”[7].
Daar loopt het op uit. Die kant gaat het op.
Het is de boodschap die ook in het slot van Psalm 104 klinkt:
“De zondaars zullen van de aarde verdwijnen,
de goddelozen zullen er niet meer zijn.
Loof de HEERE, mijn ziel!
Halleluja!”[8].
De wijsheid van de Spreuken gaat levenslang mee. Het is geen filosofie die vandaag opgeld doet, en vanaf morgen ergens in een vitrine ligt te verstoffen in d’een of and’re museale tentoonstellingsruimte.

Het is anno Domini 2019 van enig belang om dat laatste ook in de lage landen aan de zee te blijven bedenken.
Wij zijn op weg naar de dodenherdenking en naar de bevrijdingsdag – op zaterdag 4 en zondag 5 mei. In deze dagen maken mensen zich druk over democratie. Wij moeten met elkaar in gesprek blijven, zeggen de mensen. En jazeker – da’s waar. Maar dan moeten wij niet blijven zwerven tussen de koetjes en de kalfjes. Wij moeten naar het niveau van Jacobus 1: “En als iemand van u in wijsheid tekortschiet, laat hij die dan vragen aan God, Die aan ieder overvloedig geeft en geen verwijten maakt, en ze zal hem gegeven worden. Maar laat hij er in geloof om vragen en daarbij niet twijfelen”[9].

Tegenwoordig zeggen velen bovendien: laten we debatteren, meningen uitwisselen, naar elkaar luisteren, kritisch oordelen en compromissen sluiten; daar worden we gelukkiger van.
Maar de zoektocht naar wijsheid in Gods Woord levert een veel mooier resultaat op – honderd procent zeker. Al lezend krijgen wij zicht op de eeuwigheid!
En trouwens, in Spreuken 8 zegt de Wijsheid – met een hóófdletter W! – zelf:
“Ik heb lief wie Mij ​liefhebben,
en wie Mij ernstig zoeken, zullen Mij vinden”[10].
Die boodschap geeft energie om de toekomst in te gaan.
Dat bericht geeft ons een wijde blik op de wereld.
Dan wordt de zoektocht naar wijsheid eensklaps een vrolijke voetreis naar de verheven heerlijkheid van de hemel!

Noten:
[1] Spreuken 2:6.
[2] Spreuken 2:1-5.
[3] F. van Deursen, “De voorzeide leer”, deel 1 l:  “Spreuken”. – Barendrecht: Liebeek & Hooijmeijer, 1979, p. 107.
[4] Dat pikte ik op uit een scriptie van Jente Hogendorp. Jente is vierdejaars student Social Work van NHLStenden te Leeuwarden.
[5] Geciteerd van https://www.4en5mei.nl/herdenken-en-vieren/jaarthema/jaarthema-2019/jaarthematekst-2019 ; geraadpleegd op woensdag 1 mei 2019.
[6] Zie voor meer informatie over Elie Wiesel https://nl.wikipedia.org/wiki/Elie_Wiesel ; geraadpleegd op woensdag 1 mei 2019.
[7] Spreuken 2:21 en 22.
[8] Psalm 104:35.
[9] Jacobus 1:5 en 6 a.
[10] Spreuken 8:17.

29 maart 2019

Op zoek naar de wijsheid

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , , ,

“De uil van Minerva spreidt zijn vleugels bij het vallen van de avond”.
Aldus sprak de heer Baudet van het Forum voor Democratie.
Het was de openingszin van zijn speech op de avond van de verkiezingsdag voor Provinciale Staten en de Eerste Kamer; op 20 maart jongstleden.

Minerva is de Romeinse godin van het verstand, van de vindingrijkheid, van de wijsheid. Dat laatste leidde er indertijd toe dat de uil het symbool van Minerva werd.
Welnu, suggereert Baudet, die uil is nu weer opgestegen.
Het gaat, zo wordt impliciet verkondigd, om het voortbestaan van de westerse beschaving. Met veel theater manifesteert de partijleider van het Forum voor Democratie zich als de redder van die beschaving.
Baudet pakt de boel aan!
Baudet gaat er wat aan doen![1]

Dat spreekt aan. De hoop in de samenleving flakkert op. Is deze man, die zowat in elke zin laat blijken hoe erudiet hij is, de redder van de Westerse samenleving? Brengt de heer Baudet de maatschappij weer terug op het niveau waar zij thuishoort?

Als we die vraag beantwoorden is het nuttig kennis te nemen van een metafoor van de Duitse filosoof Georg Wilhelm Friedrich Hegel (1770-1831). Hij noteerde eens: “Die Eule der Minerva beginnt erst mit der einbrechenden Dämmerung ihren Flug”; de uil van Minerva begint pas bij het aanbreken van de avondschemering haar vlucht. Hegel bedoelde: men kan pas inzichtelijke kennis van een gebeurtenis krijgen als die geschiedenis is geworden[2].
Alleen al de beeldspraak van Hegel geeft ons alle reden om de heer Baudet en de zijnen niet al te snel op het schild te heffen.

Trouwens, al sinds mensenheugenis zoeken mensen naar wijsheid.
Menselijke wijsheid kan van groot belang zijn. De ontwikkelingen worden dan op een goede manier gestuurd. Maar in feite hebben mensen slechts een zeer beperkt denkraam. Het overzicht dat mensen hebben is, als het erop aan komt, begrensd en bekrompen. En er is geen mens die alles weet.
En ja – Job kwam tot een conclusie die ligt in het verlengde van het bovenstaande. Uit hoofdstuk 28 citeer ik:
“De wijsheid dus, waar komt zij vandaan,
en waar is de plaats van het inzicht?
Zij is bedekt voor de ogen van alle levenden,
en voor de vogels in de lucht is zij verborgen”[3].

Paulus schrijft in 1 Corinthiërs 1 in dezelfde lijn: “Immers, de ​Joden​ vragen om een teken en de Grieken zoeken wijsheid; wij echter prediken ​Christus, de Gekruisigde, voor de ​Joden​ een struikelblok en voor de Grieken een dwaasheid. Maar voor hen die geroepen zijn, zowel ​Joden​ als Grieken, prediken wij ​Christus, de kracht van God en de wijsheid van God. Want het dwaze van God is wijzer dan de mensen en het zwakke van God is sterker dan de mensen”[4].

De Gereformeerd-vrijgemaakte predikant en hoogleraar K. Deddens (1924-2005) zei over 1 Corinthiërs 1 in een preek eens: de apostel Paulus wil het “van alle kanten laten zien aan de Corinthiërs dat de prediking van het kruis van de Here Jezus Christus de grootste kracht en de hoogste wijsheid van God is.
En hij voegt er dan meteen antithetisch aan toe, dat in heel de wereld van zijn dagen deze prediking van Christus’ kruis niet anders gezien wordt dan als zwakheid en dwaasheid.
De prediking van dat kruis, zegt de apostel, is voor de Joden een aanstoot en voor de Grieken een dwaasheid.
En hij wil dat met nadruk vooropstellen in zijn brief aan de hoogmoedige gemeente van Corinthe: de prediking van het kruis van de Christus ligt niet in de lijn van het menselijk zoeken.
Integendeel: het menselijk zoeken beweegt zich hoe langer hoe verder van het kruis van Christus af, omdat de Joden een teken begeren en de Grieken wijsheid zoeken.
Maar in die weg van het menselijk zoeken, door Joden en Grieken, wordt dan ook nooit het uitgangspunt en de oplossing gevonden, maar blijft het leven altijd weifelend zoeken.
Waar de hoogmoedige levenshouding niet gebroken is, daar zal ook nooit de hoogste wijsheid van het leven ontdekt worden, want alleen daar, waar de erkenning is dat Jezus Christus geworden is wijsheid van God, en dat God door de dwaasheid der prediking beschaamd heeft de wijsheid der wereld, alleen daar is het leven, en kan het leven opbloeien”[5].

Terug nu naar de heer Baudet.
Op 20 maart sprak hij: “Net als al die andere landen van onze boreale wereld, worden we kapotgemaakt door de mensen die ons juist zouden moeten beschermen. We worden ondermijnd door onze universiteiten, onze journalisten. Door de mensen die onze kunstsubsidies ontvangen en die onze gebouwen ontwerpen. En vooral worden we ondermijnd door onze bestuurders”[6].
De boreale wereld – dat betekent: de noordelijke wereld. Boreas is de Griekse god van de noordenwind – vandaar.
Maar dat woord ‘boreaal’ heeft, om zo te zeggen, een geschiedenis met een vuiltje.
Heinrich Himmler, een vooraanstaand oorlogsmisdadiger in de Tweede Wereldoorlog, was van mening dat het arische ras uit een mythische noordelijke provincie afkomstig was: Hyperborea[7].
Die term komt ook terug in het werk van de Franse extreemrechtse historicus Dominique Venner[8].
Het gebruik van het woord ‘boreaal’ getuigt niet bepaald van grote wijsheid!

Voor Gereformeerde mensen is het ondertussen wel duidelijk: bij de Heiland is oneindige wijsheid te vinden.
Laten we het Paulus in 1 Corinthiërs 1 maar nazeggen: “Maar uit Hem bent u in ​Christus​ ​Jezus, Die voor ons is geworden wijsheid van God en ​gerechtigheid, ​heiliging​ en verlossing, opdat het zal zijn zoals geschreven staat: Wie roemt, laat hij roemen in de Heere”[9].

Noten:
[1] Zie hierover ook https://www.telegraaf.nl/nieuws/3328038/dit-bedoelt-baudet-met-zijn-uil-van-minerva ; geraadpleegd op donderdag 28 maart 2019.
[2] Zie hierover https://nl.wikipedia.org/wiki/Georg_Wilhelm_Friedrich_Hegel ; geraadpleegd op donderdag 28 maart 2019.
[3] Job 28:20 en 21.
[4] 1 Corinthiërs 1:22-25.
[5] De betreffende preek is gedateerd op zondag 19 mei 1974, en heeft als tekst Prediker 10:8-11. Thema en verdeling van de preek luiden als volgt:
“De bescherming van de arbeid door de wijsheid
Wij zien achtereenvolgens:
1. de wijsheid verwerkt het lijden in de arbeid,
2. de wijsheid verlicht de strijd van de arbeid,
3. de wijsheid bezweert het kwaad bij de arbeid”.
[6] Geciteerd van https://www.trouw.nl/democratie/de-uil-van-minerva-en-de-boreale-wereld-wat-zei-baudet-nou-eigenlijk-~ac79ea83/ ; geraadpleegd op donderdag 28 maart 2019.
[7] Zie over Heinrich Himmler https://nl.wikipedia.org/wiki/Heinrich_Himmler ; geraadpleegd op donderdag 28 maart 2019.
[8] Zie over Dominique Venner https://nl.wikipedia.org/wiki/Dominique_Venner ; geraadpleegd op donderdag 28 maart 2019.
[9] 1 Corinthiërs 1:30 en 31.

8 maart 2019

Wijs op weg naar de toekomst

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: ,

Als David in Psalm 51 dicht:
“Zie, U vindt vreugde in waarheid in het binnenste,
in het verborgene maakt U mij wijsheid bekend”.
raakt hij de kern van de zaak[1].
Het gaat niet om de buitenkant van het leven. Het gaat niet om vrome woorden. Zelfs niet om keurige kerkelijke formuleringen.

Een exegeet schrijft: “Het gaat om de waarheid van binnen, juist daar waar de zonde begint en groeit. Als de waarheid diep in het hart van de mens aanwezig is, zal de zonde veel minder kans krijgen”[2].

U moet weten: dat woord ‘waarheid’ kan men ook weergeven met ‘trouw’ of ‘betrouwbaarheid’.
De waarheid van Psalm 51 is dus geen eendagsvlieg. Die waarheid heeft alles te maken met standvastigheid.

Die onverzettelijkheid heeft David in de tijd vóórdat Psalm 51 gecomponeerd werd niet laten zien.
Er staat immers bij: “Een psalm van ​David, voor de koorleider; toen de ​profeet​ Nathan bij hem was gekomen, nadat hij bij ​Bathseba​ was gekomen”[3].
Jawel, David heeft zijn macht misbruikt om Bathseba te krijgen. Populair gezegd: David heeft een tamelijk vuil spelletje gespeeld. De militair Uria, de echtgenoot van Bathseba, werd op last van David op een gevaarlijke plek in de frontlinie gezet. Daar zou Uria vast en zeker de dood vinden… En inderdaad, dat gebeurde ook. Dit is een tamelijk vies voorbeeld van de machthebber die iemand ‘wegwerkt’.
Kortom – David heeft God even aan de kant gezet, begerig als hij was. Nee, superstandvastig kun je David niet noemen.

Maar één ding weet David zeker: de Here God maakt wijsheid bekend. De Here God wijst de weg. En ja, soms is dat de weg terug; zoals in deze situatie.

Psalm 51 biedt troost.
Mensen zitten vol zonden. Het leven is bevlekt. Nee, dat is niet meteen zichtbaar. Het is ook niet zo dat alles is opgelost als de kleren in de wasmachine gaan, om aldus gereinigd te worden. Nee, de mensen zelf zijn vuil. Zondig, tot in de vezels van hun bestaan.
Maar de Here maakt permanent
volhardend en trouw Zijn wijsheid bekend!

Die wijsheid wordt ook in stilte geproclameerd in de wereld van 2019.

Niet zo lang geleden stond in de krant: “Na veertig dagen zonder alcohol voel je je fitter en drink je structureel minder. Veertig dagen zonder suiker maakt energieker (en kilo’s lichter). Wie veertig dagen geen vlees eet, krijgt minder calorieën binnen en heeft minder kans op hart- en vaatziekten. En wie veertig dagen matigt met social media, krijgt ‘hergeprogrammeerde’ hersenen.
Met het begin van de lijdenstijd of het toeleven naar Goede Vrijdag heeft het niets te maken, maar de veertigdagentijd, die woensdag begint, wordt ook buiten de christelijke wereld aangegrepen voor een vastenperiode. Van oudsher is vasten tijdens de lijdenstijd – van aswoensdag tot stille zaterdag – een rooms-katholieke traditie, die de afgelopen jaren steeds meer omarmd is door protestanten; een periode bedoeld om ruimte te creëren voor God en de naaste.
Nu vinden de veertig dagen van matiging of onthouding hun weg buiten de christelijke traditie. Op de website 40dagenzondersuiker.nl geen spoor van religieuze overwegingen, wel een veertigdagentraject om van het zoet – ongezond en verslavend – af te komen”[4].
Maar –
de wijsheidsproclamatie van Psalm 51 duurt heel wat langer dan veertig dagen!

Veertig dagen matigen – dat is helemaal niet verkeerd.
Maar laten we niet net doen alsof je in veertig dagen tot heilige boontjes getransformeerd kunt worden.
David zegt:
“Schep mij een ​rein​ ​hart, o God,
en vernieuw in mijn binnenste een standvastige geest”[5].
Door de Heilige Geest gedreven geeft David aan wat er met hem, en met heel de mensheid moet gebeuren: er moet een herschepping plaatsvinden. De God van hemel en aarde moet, om zo te zeggen, het leven opnieuw laten beginnen.

David zegt:
“Verwerp mij niet van voor Uw aangezicht
en neem Uw ​Heilige​ Geest​ niet van mij weg”[6].
Die Heilige Geest is de leverancier van echte wijsheid.
Een deskundige merkt op: “Het vraagt tijd om nieuwe gewoontes in denken en doen te ‘installeren’ in ons brein. Een gedragspatroon moet inslijten, als een nieuw pad. De ervaring leert dat ongeveer veertig dagen elke dag oefenen met nieuw gedrag voldoende is om een nieuw voorkeurspatroon in de hersenen aan te leggen”[7].
Dat klinkt hoopvol. Als je ’t nieuwe toekomstperspectief ruim een maand in zicht houdt, dan kom je er wel. Maar dat valt tegen. Want steeds weer raken goede gewoontes in verval. Steeds weer is onze godsvrucht onderhevig aan beschadiging en inzinking.
Overigens – het is tekenend dat er ieder jaar weer een veertigdagentijd is. Mensen zijn blijkbaar reuze hardleers!
Bovendien – als mensen een poosje niet naar de kerk gaan, zullen zij als vanzelf hun eigen koers volgen. De echte wijsheid sijpelt weg, als een onzichtbaar stroompje waar niemand meer op let.

“Zie, U vindt vreugde in waarheid in het binnenste,
in het verborgene maakt U mij wijsheid bekend”.
Dat zingt David in Psalm 51.
Het is niet vreemd als we ons afvragen: hoe gaat dat precies? Of ook: welke processen komen er in ons innerlijk leven op gang?
Er is niemand die dat precies zeggen kan.
Antwoorden op die vraag kunnen wij niet geven. Maar God kan dat wel. Om met de apostel Paulus te spreken: “Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem ​liefhebben”[8].

De Here geeft wijsheid aan Zijn kinderen.
Wijsheid om te zien waar het om gaat.
Wijsheid om door de daverende drukte van deze wereld héén te kijken.
Wijsheid om terug te gaan naar de kern van het leven.
Wijsheid die langer houdbaar is dan veertig dagen
Wijsheid die ons gereedmaakt voor de eeuwigheid!

Noten:
[1] Psalm 51:8.
[2] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Psalm 51:3-8.
[3] Psalm 51:1 en 2.
[4] “40 dagen matigen, gelovig of niet”. In: Nederlands Dagblad, dinsdag 5 maart 2019, p. 7.
[5] Psalm 51:12.
[6] Psalm 51:13.
[7] “40 dagen matigen, gelovig of niet”. Zie verder noot 4.
[8] 1 Corinthiërs 2:9.

16 januari 2019

Wijs advies

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , ,

Zorgt samenwerking ervoor dat je verder komt in het leven? Bereiken teambuilders meer dan solisten?
Soms lijkt dat er niet op. Je kunt beter jouw eigen boontjes doppen. Dan ben je ’t snelst van je probleem af.

In Spreuken 13 wijst Gods Woord een andere richting. Leest u maar mee:
“Overmoed geeft alleen maar ruzie,
maar bij wie zich raad laten geven, is wijsheid”[1].
Overigens is Spreuken 13, gezien in het licht van heel de Heilige Schrift, meer dan een brokje wijsgerigheid. Dat zal hieronder alras blijken.

Dit hoofdstuk handelt onder meer over het belang van straf. Een vrije opvoeding keert zich na verloop van een aantal jaren tégen je.
Wie grenspalen aangewezen krijgt, leert zichzelf te beheersen. Zo iemand reageert niet op iedere hype. Zijn manier van spreken wordt gekenmerkt door een zekere bedachtzaamheid.
Een goede opvoeding levert bovendien mentale flexibiliteit op. Je wordt erop getraind om niet te snel in een stoel achterover te hangen. Je realiseert je dat er in kerk en maatschappij veel te doen is, en dat jij daarin ook verantwoordelijkheid ontvangen hebt.
Gods wetten en regels vormen daarbij een vast uitgangspunt. Ze zorgen ervoor dat je je normen en waarden niet voortdurend aanpast aan de omstandigheden des levens dan wel de tijd waarin wij leven[2].
Kortom – voor wie leeft binnen het kader van Gods wet wordt het bepalen van een levenskoers aanzienlijk makkelijker.

Nogmaals citeer ik Spreuken 13:
“Overmoed geeft alleen maar ruzie,
maar bij wie zich raad laten geven, is wijsheid”.

In het vers dat daaraan vooraf gaat wordt geconstateerd:
“Het licht van rechtvaardigen verblijdt,
maar de ​lamp​ van goddelozen wordt uitgedoofd”[3].
Dat licht is het Woord van God. Denkt u maar aan Psalm 119:
“Uw woord is een ​lamp​ voor mijn voet
en een licht op mijn pad”[4].
Het licht van goddelozen is, daarbij vergeleken, zwak. Het levert een donkere omgeving op.
Het is – om zo te zeggen – het verschil tussen Gods licht en kunstlicht.

Licht van God / kunstlicht
– dat verschil in belichting kenmerkt de houding van mensen.

Dat zien we ook in het vervolg van Spreuken 13:
“Wie het woord veracht, zal te gronde gericht worden,
maar wie het gebod vreest, hem zal dat vergolden worden”[5].
En:
“Goed​ verstand geeft ​gunst,
maar de weg van de trouwelozen is onbegaanbaar”[6].

Spreuken 13 krijgt meer diepgang als wij het Nieuwe Testament erbij opendoen.

Jezus spreekt in Mattheüs 6 over dat verschil tussen het licht van God en het kunstlicht.
Hij doet dat als volgt.
“De ​lamp​ van het lichaam is het oog; als dan uw oog oprecht is, zal heel uw lichaam verlicht zijn; maar als uw oog kwaadaardig is, zal heel uw lichaam duister zijn. Als het licht dat in u is, duisternis is, hoe groot is dan de duisternis zelf!”[7].
Dat licht in het oog is daar figuurlijk bedoeld. Een uitlegger schrijft: “Een gezond oog spreekt hier over een heldere en zuivere gezindheid. Deze verlicht het hele lichaam, dat wil zeggen: het hele menselijk gedrag”[8].

In Johannes 8 zegt Jezus over Zichzelf: “Ik ben het Licht der wereld; wie Mij volgt, zal beslist niet in de duisternis wandelen, maar zal het licht van het leven hebben”[9].
Wie met de Heiland door de wereld wandelt, wordt overkoepeld door een licht dat nimmer doven zal.

Het bovenstaande ziet er solide uit, vindt u ook niet?
Ondertussen is het natuurlijk een feit dat ook niet-christenen zich best netjes kunnen gedragen. Mensen die aan God noch gebod doen, zijn soms enorm sociaal. En behulpzaam. En trouw bovendien. Laten wij eerlijk zijn – er zijn situaties waarin u meer hebt aan uw ongelovige buurman, dan aan het kerklid van drie huizen verderop.
En nee, mensen die de God van hemel en aarde niet eerbiedigen, zijn niet allemaal per definitie eigenwijs. Er zijn ook seculier levende mannen en vrouwen die een goed advies maar wat graag aannemen.

Waarom moeten wij toch naar het licht der wereld gaan? Waarom moeten wij de wijsheid van God prefereren boven de wijsheid van mensen die – zoals dat in de volksmond heet – nergens aan doen?
De apostel Paulus legt het in 1 Corinthiërs 2 uit: “En wij spreken wijsheid onder de geestelijk volwassenen, maar een wijsheid niet van deze wereld, en ook niet van de leiders van deze wereld, die tenietgedaan worden. Wij spreken echter de wijsheid van God, als een geheimenis; een wijsheid die verborgen was en die God vóór alle eeuwen voorbestemd heeft tot onze heerlijkheid; een wijsheid die niemand van de leiders van deze wereld gekend heeft. Immers, als zij die gekend hadden, zouden zij de Heere der heerlijkheid niet gekruisigd hebben. Maar het is zoals geschreven staat: Wat geen oog heeft gezien en geen oor heeft gehoord en in geen mensenhart is opgekomen, dat is wat God bereid heeft voor hen die Hem ​liefhebben. Aan ons echter heeft God het geopenbaard door Zijn Geest”[10].
De wijsheid van God komt uit een andere wereld.
Die wijsheid heeft, om zo te zeggen, een totaal andere dimensie. Die is zo onmetelijk groot – mensen kunnen daar niet bij.
Die wijsheid moet ons aangereikt worden. En dat gebeurt ook. De Heilige Geest heeft als één der hoofdtaken: mensen scholing geven in de wijsheid van God.
Die wijsheid geeft Gods kinderen zicht op de hemel. Op hun toekomstige woonplaats dus.

De kernvraag is: waar haalt u de wijsheid vandaan?
U kunt die wijsheid natuurlijk uit uzelf halen. Wellicht heeft u een schat aan levenservaring. Misschien hebt u uw karakter mee, en bent u enigszins filosofisch ingesteld. En ja, het helpt uiteraard ook als u nogal flegmatiek bent.
Maar niet voor niets schrijft de apostel Paulus in Colossenzen 2 over “God, en van de Vader en van ​Christus, in Wie al de schatten van de wijsheid en van de kennis verborgen zijn”[11].
Dat is nog eens wat anders dan ons brokje aardse wijsheid!
Dat is nog eens wat anders dan ons soms ernstig tekort schietende intellect!
Dat is nog eens wat anders dan de beperkte kundigheid van deze wereld!
Gelovige kerkmensen zijn op weg naar een hemels kennisniveau.
Daarom is een advies dat een bekend gezang geeft zeer ter zake:
“Jezus is mijn toeverlaat.
Hij, mijn Heiland, is het leven.
Ik zal aan Gods wijze raad
mij blijmoedig overgeven”[12].

Terug nu naar het Bijbelboek Spreuken.

Over dat Bijbelboek noteerde iemand eens: “De kern van de wijsheid is het dienen van God. Ontzag – eerbied, respect – hebben voor God, daar draait het om. Maar het gaat daarbij niet alleen om mooie woorden. Vaak gaan de spreuken namelijk over heel praktische dingen. Je leest bijvoorbeeld over de omgang tussen mensen en over goede manieren. Sommige spreuken gaan over eerlijkheid en betrouwbaarheid in het zakendoen. Steeds hoor je dat bescheidenheid, geduld en zorgvuldig gedrag belangrijk zijn”[13].

Alles begint bij God. En bij de door de Heilige Geest gegeven wijsheid
.
Die wijsheid is – als het goed is – bepalend voor de manier waarop Gods kinderen met hun medemensen omgaan.
Van daaruit komen uw en mijn leven op een goede koers te liggen. Zo gaan wij op weg naar de hemel, de woonplaats van God.

Wie zich door God raad laat geven komt verder in het leven.
Als Gods wetten en regels in ons leven het vaste startpunt zijn komt al ons doen en laten in een hemels perspectief te staan!

Noten:
[1] Spreuken 13:10.
[2] Zie voor het bovenstaande Spreuken 13:1-9.
[3] Spreuken 13:9.
[4] Psalm 119:105.
[5] Spreuken 13:13.
[6] Spreuken 13:15.
[7] Mattheüs 6:22 en 23.
[8] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij Mattheüs 6:22.
[9] Johannes 8:12.
[10] 1 Corinthiërs 2:6-10.
[11] Colossenzen 2:2 b en 3.
[12] Dit zijn woorden uit Gezang 22:1 – Gereformeerd Kerkboek-1986.
[13] Geciteerd van https://bijbel.eo.nl/inleiding-bijbelboeken/inleiding-op-spreuken ; geraadpleegd op vrijdag 11 januari 2019.

5 december 2018

Wijsheid van boven

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

“Maar de wijsheid die van boven is, is ten eerste ​rein, vervolgens vreedzaam, welwillend, voor rede vatbaar, vol ​barmhartigheid​ en goede vruchten, onpartijdig en ongeveinsd”.
Weet u wie dat schreef?
Dat was Jacobus, de broer van Jezus. U vindt de woorden van hierboven in hoofdstuk 3 van Jacobus’ brief[1].

Er is wijsheid die in de wereld opgeld doet.
En wijsheid die van boven komt. Die is dus van God afkomstig. Daarover schrijft Jacobus dus.

Jacobus heeft het over wijsheid van boven.
Dat wil niet zeggen dat die van boven neerdalende wijsheid ergens boven de wereld blijft zweven. Want die moet je inzetten in het concrete leven van alledag. Jacobus schrijft in hoofdstuk ook: “Wie is wijs en verstandig onder u? Laat hij uit zijn goede levenswandel zijn werken laten zien, in zachtmoedige wijsheid”[2].
Wijsheid zie je niet alleen op zondag in de kerk. Maar ook – bijvoorbeeld – op woensdag op kantoor. Ook als u twee, drie schermen open hebt staan om een massa gegevens in de computer te zetten. Een christen doet zijn werk trouw. Zorgvuldig. Met oog voor mensen en dingen om hem heen. Wijsheid is een zaak van zondag, maandag, dinsdag en zo verder!

De wijsheid is rein. Het is wijsheid waar geen verborgen agenda bijhoort. Het is wijsheid zonder bijbedoelingen.

De wijsheid is vreedzaam. De gebruiker ervan is permanent op zoek naar vrede. Hij vermijdt, als het enigszins kan, ruzie. Hij benut zijn vechttechnieken liever niet.

Een exegeet schrijft: de wijsheid “is ‘vriendelijk’, oftewel mild en meegaand. Zij staat niet op haar recht, maar schikt zich. Zij is ‘gezeggelijk’ ; zij laat zich door de waarheid overtuigen. Ook is zij ‘vol ontferming’, vol van die barmhartigheid die kenmerkend is voor de ‘zuivere en onbevlekte godsdienst’; zodoende is zij ‘vol van goede vruchten’. En zij is ‘onpartijdig’, zij maakt geen onderscheid, wat heel wezenlijk is, omdat de aardse wijsheid tot partijschap leidt. Tenslotte is zij ‘ongeveinsd’, zij is niet hypocriet; men kan op haar en haar woorden staat maken”[3].

Men praat tegenwoordig wel over mediawijsheid: goed en verantwoord met media omgaan. Christelijke mediawijsheid geeft antwoord op de vraag: past de manier van doen op de wijsheid van boven?
Dat is een vraag die voor jong en oud altijd actueel is!

Er zijn heel wat ouderen die in hun lange leven veel levenswijsheid hebben opgedaan. Oudere werknemers betekenen, zo las ik ergens, veel als het gaat om “wijsheid, ervaring, collegialiteit, inspiratie, samenbinding”[4]. Natuurlijk is dat waar. Toch gaat het daar om wat anders dan Schriftuurlijke wijsheid.
Want Schriftuurlijke kennis, Schriftuurlijk inzicht is – om met 1 Corinthiërs 2 te spreken – wijsheid in kracht van God[5].
Over de dingen van God praten wij “niet met woorden die de menselijke wijsheid ons leert, maar met woorden die de ​Heilige​ Geest​ ons leert”[6].

“Zijn er nog echte filosofen vandaag, universele minnaars van de wijsheid die over alles tegelijk nadenken?”, vroeg de Vlaamse filosoof Maarten Boudry eens[7][8]. Dat wordt moeilijk. Dat begrijpt u wel.
Intussen is het wel zo dat christenen weten dat wijsheid van boven over heel het leven gaat. Jacobus schrijft: “En de vrucht van de ​gerechtigheid​ wordt in ​vrede​ gezaaid voor hen die ​vrede​ stichten”[9].
Die woorden raken heel het leven, inderdaad. Ook aan de hemelse toekomst namelijk. Denkt u maar aan Jesaja 32: “Totdat over ons uitgegoten wordt de Geest uit de hoogte. Dan zal de woestijn tot een vruchtbaar veld worden en het vruchtbare veld zal als een woud beschouwd worden. Het recht zal wonen in de woestijn en de ​gerechtigheid​ zal verblijven op het vruchtbare veld. De vrucht van de ​gerechtigheid​ zal ​vrede​ zijn, en de uitwerking van de ​gerechtigheid: rust en ​veiligheid​ tot in eeuwigheid”[10].
Wijsheid van boven heeft geen houdbaarheidsdatum. Want zulke wijsheid blijft altijd bestaan.

Je hoort het wel eens zeggen: met de kennis van nu weten we dat dit of dat een vergissing was.
De Schriftuurlijke kennis is geen misvatting.
Ach ja, het is nog maar een begin. Maar wel een goed begin. Want ook anno Domini 2018 belijden Gods kinderen volhardend dat “onze Here Jezus Christus ons door God geschonken is tot wijsheid, rechtvaardigheid, heiliging en tot een volkomen verlossing”[11].

Voor Gods kinderen geldt ook vandaag dat woord uit 1 Johannes 3: “Zie, hoe groot is de ​liefde​ die de Vader ons gegeven heeft: dat wij ​kinderen​ van God worden genoemd. Daarom kent de wereld ons niet, omdat zij Hem niet kent. Geliefden, nu zijn wij ​kinderen​ van God, en het is nog niet geopenbaard wat wij zullen zijn. Maar wij weten dat, als Hij geopenbaard zal worden, wij Hem gelijk zullen zijn; want wij zullen Hem zien zoals Hij is. En ieder die deze hoop op Hem heeft, reinigt zich, zoals Hij ​rein​ is”[12].

Met die wijsheid kunnen wij op gaan naar de toekomst!

Noten:
[1] Jacobus 3:17.
[2] Jacobus 3:13.
[3] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel, commentaar bij Jacobus 3:17. In het citaat worden zeven Griekse woorden gebruikt. Deze laat ik vanwege het leesgemak weg.
[4] Jan Schreuders, “Zorg voor oudere werknemer”, column in: Reformatorisch Dagblad, donderdag 28 november, p. 17.
[5] 1 Corinthiërs 2:4 en 5: “En mijn spreken en mijn prediking bestonden niet in overtuigende woorden van menselijke wijsheid, maar in het betonen van geest en kracht, opdat uw geloof niet zou bestaan in wijsheid van mensen, maar in kracht van God”.
[6] 1 Corinthiërs 2:13.
[7] Geciteerd van https://www.filosofie.nl/maarten-boudry.html ; geraadpleegd op vrijdag 30 november 2018.
[8] Zie voor meer informatie over deze filosoof https://nl.wikipedia.org/wiki/Maarten_Boudry ; geraadpleegd op vrijdag 30 november 2018.
[9] Jacobus 3:18.
[10] Jesaja 32:15, 16 en 17.
[11] Heidelbergse Catechismus – Zondag 6, antwoord 18.
[12] 1 Johannes 3:1, 2 en 3.

28 juni 2018

De wijsheid van het Evangelie

Filed under: Uncategorized — B. de Roos @ 07:00
Tags: , , ,

In het Bijbelboek 1 Corinthiërs draait het vaak om wijsheid[1].

Dat betreft geen wijsheid van woorden. Nee, het is Evangelie[2].
Het is dus de blijde Boodschap over Jezus Christus, die voor alle zonden betaald heeft. De blijde Boodschap: u heeft toegang tot de hemel als u gelooft dat de Here Jezus u van de angst en de pijn van de hel verlost heeft[3].
De wijsheid van God zie je door Zijn daden. Onze Heiland ging over tot actie, en dat is onze redding geweest.

Paulus schrijft: “Want er staat geschreven: Ik zal de wijsheid van de wijzen verloren doen gaan en het verstand van de verstandigen zal Ik tenietdoen”[4].
De vraag is natuurlijk waar dat dan staat.
We vinden het terug in Jesaja 29: “…daarom, zie, ga Ik verder met wonderlijk te handelen met dit volk, wonderlijk en wonderbaar; want de wijsheid van zijn wijzen zal vergaan en het verstand van zijn verstandigen zal zich verbergen”[5].
In Jesaja 29 wordt een oordeel over Gods volk uitgesproken. Het citaat komt uit een stuk waarin het over Juda gaat. De mensen uit Juda willen God niet zien. En zij willen ook niet luisteren. Godsdienst is een lege vorm geworden. Het is er nog wel, maar het stelt weinig meer voor. Alles gaat keurig volgens de patronen, maar het hart is er niet bij.
De Here zegt: er zullen dingen gebeuren die zelfs voor wijzen en geleerden volstrekt onnavolgbaar zijn!
Met andere woorden: je kunt tijdens studieavonden van een Bijbelstudievereniging nóg zo hard studeren; het is honderd procent zeker dat je er met je verstand nooit helemaal bij kunt!

Het gaat in de kerk niet in de eerste plaats om kennis of wetenschap. In de kerk moet het Woord van God gepreekt worden. Zuiver. Niet met een grote woordenvloed, maar to the point. En vervolgens moeten wij eenvoudigweg geloven[6]. Dat geloof moeten we versterken, bijvoorbeeld tijdens studieavonden.

Christus is de wijsheid van God. In Persoon[7]. Onze Heiland is wijsheid en kracht in één.
Bij mensen is dat nogal eens anders. Krachtpatsers zijn meestal geen professor, en andersom.
Maar Jezus Christus is alles in Eén. Totaal ideaal!

Paulus schrijft in 1 Corinthiërs 1 ook nog: “Uit Hem bent u in ​Christus​ ​Jezus, Die voor ons is geworden wijsheid van God en ​gerechtigheid, ​heiliging​ en verlossing”[8].
Dat is een hele mond vol.
Wat staat daar eigenlijk?
1.
God is een rots. Hij staat voor recht, alles wat Hij doet is perfect[9]. Gerechtigheid is, om zo te zeggen, een wezenskenmerk van Hem. Nee, die gerechtigheid zit niet in ons. Maar omdat Jezus Christus en Zijn Geest zo onverbrekelijk aan ons verbonden zijn, wordt die gerechtigheid toch een deel van ons. Onbegrijpelijk, ongelooflijk maar waar!
2.
Zo wordt ook heiliging een deel van ons.
Dat blijkt ook uit Colossenzen 1: “En Hij heeft u, die voorheen vervreemd was en vijandig gezind, zoals bleek uit uw slechte daden, nu ook verzoend, in het lichaam van Zijn vlees, door de dood, om u ​heilig​ en smetteloos en onberispelijk voor Zich te plaatsen, als u tenminste in het geloof blijft”[10]. Heilig​ en smetteloos en onberispelijk voor God – wie eerlijk naar zichzelf kijkt, die weet: dat wordt nooit wat. Maar we moeten ook niet naar onszelf kijken. We moeten onze blik op de Heiland richten.
Heiliging is niet in de eerste plaats een activiteit van ons; het betekent dat God in ons leven druk aan het werk is!
3.
De Redder van het leven verlost ons uit dit aardse leven.
Hij tilt ons boven aardse janboel, wanordelijkheid en zwijnenstal uit.

Wie zich voorneemt een sluitende definitie van de door God gegeven wijsheid te geven, krijgt het moeilijk. Wanneer is de omschrijving perfect? Wanneer omvat de omschrijving echt alles?
Een goede definitie is eigenlijk niet te geven.
Maar dat is feitelijk geen wonder. Want die wijsheid is volgens 1 Corinthiërs 2 een musterion. U herkent ongetwijfeld het Nederlandse woord ‘mysterie’.
De apostel Paulus schrijft: “Wij spreken echter de wijsheid van God, als een geheimenis; een wijsheid die verborgen was en die God vóór alle eeuwen voorbestemd heeft tot onze heerlijkheid”[11].
Een uitlegger noteert daarbij: “De goddelijke wijsheid was door God “vóór de eeuwigheden voorbeschikt tot onze heerlijkheid. God heeft Zich dit plan dus reeds voor de schepping van de wereld voorgenomen (…), sterker nog: de schepping van de wereld maakt er deel van uit. Zijn heilsplan heeft als doel (…) ‘de heerlijkheid’ van de gelovigen, de heerlijkheid die zij bij de wederkomst van de Here Jezus zullen ontvangen”[12].

Om de Goddelijke wijsheid te kunnen accepteren hebben wij Gods Heilige Geest nodig.
Wij krijgen onderwijs van de Heilige Geest. Dat onderwijs gaat over de geschenken van God.
In 1 Corinthiërs 2 staat daarover: “Van die dingen spreken wij ook, niet met woorden die de menselijke wijsheid ons leert, maar met woorden die de ​Heilige​ Geest​ ons leert, om geestelijke dingen met geestelijke dingen te vergelijken”.
In de kerk mogen we dus gerust zeggen: hier krijgen we speciaal onderwijs. De Heilige Geest is onze Leraar.

Paulus kent zijn Bijbel. Want hij schrijft: “de wijsheid van deze wereld is dwaasheid bij God, want er staat geschreven: Hij vangt de wijzen in hun sluwheid”[13].
Dat staat inderdaad geschreven. In Job 5 namelijk[14].
Mensen kunnen heel slimme plannen bedenken. Maar de hemelse God bepaalt uiteindelijk wat er wel en wat er niet gebeurt!

Uit het voorgaande wordt duidelijk dat één gelovige nooit op z’n eentje Gods oneindige wijsheid kan laten zien. We hebben elkaar nodig.
Daarom citeer ik tot slot van dit artikel enkele woorden uit 1 Corinthiërs 12: “Aan ieder echter wordt de openbaring van de Geest gegeven tot wat nuttig is voor de ander. Want aan de één wordt door de Geest een woord van wijsheid gegeven en aan de ander een woord van kennis, door dezelfde Geest”[15].

Noten:
[1] In dit artikel neem ik mijn uitgangspunt in het Bijbelboek 1 Corinthiërs. Die keuze is mede ingegeven door het feit dat ik op woensdag 12 september 2018 tijdens een vergadering van de mannenvereniging Augustinus van De Gereformeerde Kerk Groningen een korte inleiding hoop te houden over schets 1 van: Ds. G. van Rongen, “Jaagt de liefde na – schetsen over de eerste brief van de apostel Paulus aan de gemeente te Korinthe”. – Nederlandse Bond van Gereformeerde Jeugdverenigingen, [ca. 1984]. – pagina 5-14.
[2] 1 Corinthiërs 1:17: “Want ​Christus​ heeft mij niet gezonden om te ​dopen, maar om het ​Evangelie​ te verkondigen, niet met wijsheid van woorden, opdat het ​kruis​ van ​Christus​ zijn inhoud niet verliest”.
[3] Heidelbergse Catechismus – Zondag 16, antwoord 44: ik mag er “in mijn felste aanvechtingen zeker van zijn en er rijke troost uit putten, dat mijn Here Jezus Christus mij van de angst en pijn van de hel verlost heeft”.
[4] 1 Corinthiërs 1:19.
[5] Jesaja 29:14.
[6] 1 Corinthiërs 1:21: “Want omdat, in de wijsheid van God, de wereld door haar wijsheid God niet heeft leren kennen, heeft het God behaagd door de dwaasheid van de prediking zalig te maken hen die geloven”.
[7] 1 Corinthiërs 1:24: “Maar voor hen die geroepen zijn, zowel ​Joden​ als Grieken, prediken wij ​Christus, de kracht van God en de wijsheid van God”.
[8] 1 Corinthiërs 1:30.
[9] Zie hierover ook https://beam.eo.nl/artikel/2016/10/wat-zegt-de-bijbel-over-gerechtigheid/ ; geraadpleegd op zaterdag 16 juni 2018.
[10] Colossenzen 1:21, 22 en 23 a.
[11] 1 Corinthiërs 2:7.
[12] Geciteerd uit de onlineversie van de Studiebijbel; commentaar bij 1 Corinthiërs 2:7.
[13] 1 Corinthiërs 3:19.
[14] Job 5:12 en 13.
[15] 1 Corinthiërs 12:7 en 8.

Volgende pagina »

Blog op WordPress.com.